Vaststelling selectielijst handelingen Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de onder hem ressorterende actoren op het beleidsterrein sociale voorzieningen over de periode 1940-1996
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
De volgende lijsten worden ingetrokken, voor zover ze betrekking hebben op het beleidsterrein sociale voorzieningen:
- `Lijst van voor vernietiging in aanmerking komende archiefbescheiden van de onder het departement van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ressorterende Rijksconsulentschappen voor Sociale Voorzieningen' (vastgesteld bij beschikking van de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, nr. MMA/Ar 6261 en nr. CA/KAZ 375223 d.d. 14 april 1983, laatstelijk gewijzigd bij beschikking van de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, nr. A93.1139.FCJK/NF en nr. CDAZ/93/2514 d.d. 17 december 1993 (gepubliceerd in de Staatscourant nr. 58 d.d. 23 maart 1994));
- `Lijst van te vernietigen archiefbescheiden van het onder het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid ressorterende Directoraat-Generaal Sociale Zekerheid' (vastgesteld bij beschikking van de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, nr. A93.1138.FCJK/NF en nr. CDAZ/93/2502 d.d. 17 december 1993 (gepubliceerd in de Staatscourant nr. 72 d.d. 14 april 1994)).
Artikel
3
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende selectielijst en toelichting in de Staatscourant zal worden geplaatst.
Den Haag
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, namens deze, De Algemene Rijksarchivaris, M.W. vanBovenDe Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, namens deze, De plv. Secretaris-Generaal, P.W.A.Veld
Het PIVOT-rapport 'Sociale Voorzieningen. Een institutioneel onderzoek op het beleidsterrein sociale zekerheid ten aanzien van de sociale voorzieningen, 1940-1996' vormt de grondslag voor dit basisselectiedocument. Het rapport beschrijft de handelingen van de rijksoverheid op het deelterrein sociale voorzieningen van het beleidsterrein sociale zekerheid en geeft een overzicht van de actoren die zich op dit (deel)beleidsterrein bewegen.
In het tweede deel van het institutioneel onderzoek sociale zekerheid ('Verstrekkende zekerheid. Een institutioneel onderzoek op het beleidsterrein sociale zekerheid ten aanzien van de sociale verzekeringen, 1940-1997') worden de handelingen en actoren opgenomen die het deelterrein sociale verzekeringen vormen.
Met het rapport institutioneel onderzoek (RIO) implementeren de Algemene Rijksarchivaris, voor deze de projectleider PIVOT, en de vertegenwoordigers van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de afspraken die bij convenant van 21 januari 1992 tussen de Algemene Rijksarchivaris en de Secretaris-Generaal van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zijn gemaakt. De eerste stap van de implementatie is de waardering voor de neerslag van de handelingen, op basis waarvan bepaald kan worden welke neerslag voor permanente bewaring in het Algemeen Rijksarchief in aanmerking komt, en welke neerslag op termijn vernietigd kan worden. Deze eerste stap is in het basisselectiedocument (BSD) vastgelegd.
Het BSD is de verantwoording van het bewaar- en vernietigingsbeleid van archiefbescheiden door de organisatie, alsmede het wettelijk voorgeschreven instrument voor de selectie in de rijks- en provinciale archieven. In het BSD is aan iedere handeling een waardering gegeven voor bewaring of vernietiging van de bescheiden die betrekking hebben op die handeling. Alvorens de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen het BSD vaststelt, hoort deze de Raad voor Cultuur. Na vaststelling van het BSD kan de procedure voor enerzijds de overbrenging van de bescheiden naar het Algemeen Rijksarchief en anderzijds de vernietiging van de bescheiden worden uitgevoerd.
Het BSD bestaat uit een korte beschrijving van het beleidsterrein en de actoren, een verantwoording van de doelstelling van de selectie en de gehanteerde selectiecriteria en de lijst van gewaardeerde handelingen, voorafgegaan door een toelichting op de lijst.
Op deze plaats dient nog opgemerkt te worden dat voor archiefbescheiden op het beleidsterrein sociale voorzieningen reeds twee vernietigingslijsten bestonden, te weten de 'Lijst van te vernietigen archiefbescheiden van het Directoraat-Generaal Sociale Zekerheid van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid' (Stcrt. 1994, 72) en de 'Vernietigingslijst archiefbescheiden Rijksconsulentschappen voor Sociale Voorzieningen' (Stcrt. 1983, 156). Aan de hand van deze lijsten en op grond van incidentele machtigingen bij de bewerking / inventarisatie van archiefbestanden zijn in het verleden al archiefbescheiden vernietigd.
2
Hoofdlijnen van het handelen op het beleidsterrein sociale zekerheid
Het onderwerp van dit basisselectiedocument vormt een deel van het beleidsterrein sociale zekerheid. Dit beleidsterrein heeft betrekking op de overheidstaken in het kader van het recht op het gebied van de publieke sociale zekerheid, met als doel het bieden van inkomensbescherming. Hiermee wordt een belangrijke rechtsplicht van de overheid “het bieden van financiële bestaanszekerheid aan een ieder” vormgegeven. In 1983 is deze overheidstaak geformaliseerd in art. 20 lid 2 en 3 van de Grondwet.
De doelstelling, zoals hierboven omschreven wordt langs verschillende wegen gerealiseerd, enerzijds lenigt de overheid - door het verstrekken en aanvullen van inkomens - (directe) financiële nood. Anderzijds tracht de overheid door middel van het ontwikkelen van beleid gericht op het voorkomen van het verlies van inkomen (preventie) en het reïntegreren van arbeidsongeschikten en werklozen in het arbeidsproces, het beroep wat gedaan wordt op het stelsel van inkomensbescherming terug te dringen.
Van oudsher wordt in de sociale zekerheid op grond van het verschil in de mate van overheidsbemoeienis en de financieringsbron, een onderscheid gemaakt tussen sociale verzekeringen en sociale voorzieningen. Sociale verzekeringen (inkomensdervingsregelingen) verzekeren de financiële gevolgen wanneer men als gevolg van ziekte, ouderdom of arbeidsongeschiktheid niet (meer) aan het arbeidsproces deelneemt en worden bekostigd uit premiebijdragen van werkgevers, werknemers en ingezetenen. Sociale voorzieningen (minimumbehoefteregelingen) zijn bedoeld om wanneer in een bepaalde situatie de middelen van bestaan onvoldoende zijn, het inkomensniveau aan te vullen tot het 'sociaal minimum'. 1Regelingen die vergoedingen verstrekken voor specifieke kosten zoals de Wet voorzieningen gehandicapten en de Algemene Kinderbijslagwet kunnen niet behulp van deze definities worden omschreven. De Wvg maakt onderdeel uit van de sociale voorzieningen, de AKW valt onder de sociale verzekeringen (zie het desbetreffende bsd). Deze voorzieningen worden betaald uit de 'algemene middelen' (opbrengsten van de verschillende belastingen). Laatstgenoemd onderdeel komt aan de orde in het nu voorliggende BSD Sociale Voorzieningen. De sociale verzekeringen zullen in een apart BSD worden behandeld.
Het deelbeleidsterrein sociale voorzieningen valt uiteen in drie onderdelen.
Het eerste onderdeel is het zorgdragen voor (de instandhouding) van inkomensvoorzieningen zoals de Abw, de IOAW en IOAZ. Deze regelingen worden beschouwd als het sluitstuk van de sociale zekerheid en zijn bedoeld om inkomen te verschaffen wanneer er geen 'voorliggende voorziening' zoals een sociale verzekering, voorhanden is. De toetsingscriteria voor opname in genoemde regelingen verschillen onderling.
Een tweede groep zijn de additionele arbeidsvoorzieningen; hieronder wordt verstaan het treffen van voorzieningen die gericht zijn op het ondersteunen van mensen die moeite hebben met een zelfstandige toetreding tot de arbeidsmarkt. Op deze manier wordt getracht mensen voor te bereiden op die toetreding of direct in staat te stellen zelf een inkomen te verwerven. Hiertoe zijn regelingen in het leven geroepen als (in het verleden) de Beeldende Kunstenaars Regeling, loongarantieregelingen en in de jaren '90 de Rijksbijdrageregeling banenpools en de zogenaamde 'Melkertbanen'. Voor personen die tot werken in staat zijn, maar als gevolg van een handicap of andere specifieke persoonlijke factoren geen werk kunnen vinden, is aparte wetgeving ontwikkeld, de Wet sociale werkvoorziening. De arbeid die bij een werkvoorzieningsschap wordt gedaan is gericht op behoud, herstel of bevordering van de arbeidsongeschiktheid.
Tenslotte zijn er sociale voorzieningen ontwikkeld, die bestemd zijn voor bepaalde groepen. In 1939 nam de minister van Sociale Zaken de sociaal-culturele zorg op zich voor arbeiders in woonoorden. Deze arbeiders werden daar gehuisvest wegens de grote woon-werk-afstand. Ook ten aanzien van varenden had de minister deze taak.
In 1994 trad de Wet voorzieningen gehandicapten in werking. In deze wet is geregeld dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor de verstrekking van woon- en vervoersvoorzieningen, waaronder rolstoelen. Gemeenten voeren deze taak uit op grond van een, door hen zelf uit te vaardigen verordening. De taak van de betrokken ministers (van VWS, VROM en SZW) in deze is beperkt, al hebben zij wel de mogelijkheid bepaalde zaken nader te regelen.
3
Actoren
Een actor is een overheidsorgaan, een particuliere instelling of een persoon die een rol speelt op een beleidsterrein. In het kader van het institutioneel onderzoek zijn met name die actoren van belang die overheidsorgaan zijn en handelingen verrichten op het terrein van de sociale voorzieningen. In het BSD zijn alleen handelingen opgenomen van landelijke en provinciale overheids-actoren. Belangrijkste actor op het beleidsterrein van de sociale voorzieningen is de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De ontwikkeling van beleid op dit terrein is zijn voornaamste verantwoordelijkheid. Ministers van andere departementen zijn soms zijdelings betrokken bij de sociale voorzieningen. Tot 1982 waren de bijstandsaangelegenheden in eerste instantie de verantwoordelijkheid van de minister van (Cultuur, Recreatie en) Maatschappelijk Werk, de minister van Sociale Zaken was voor een aantal aspecten wel medeverantwoordelijk. Toen het departement als gevolg van een reor-ganisatie werd omgevormd tot het ministerie van Welzijn, Volkgezondheid en Cultuur, kreeg de minister van Sociale Zaken opnieuw de volledige verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de Bijstandswet en aanverwante regelingen.
De aangelegenheden ingevolge de armenzorg (Armenwet) vielen onder de verantwoordelijkheid van de minister van Binnenlandse Zaken tot 1952, toen het ministerie van Maatschappelijk Werk werd ingesteld.
De meeste regelingen worden in medebewind uitgevoerd door de gemeente, maar ook de gedeputeerde staten van een provincie spelen hierin soms een rol. 2 Handelingen van gemeentelijke en provinciale organen vallen buiten het kader van dit onderzoek.
De minister wordt bij de uitvoering van zijn taak van advies gediend door een aantal adviesorganen, een belangrijk orgaan was het College Algemene Bijstandwet. Andere belangrijke adviezen worden gegeven door de adviescommissies van de Sociaal-Economische Raad. Daarnaast zijn er nog commissies die een adviestaak hebben ten aanzien van een sociale voorziening voor een specifieke groep (bijv. de Centrale Commissie Zelfstandigen en de Sociale Commissie voor Binnenschippers) en adviescommissies en werkgroepen die ad hoc zijn ingesteld (bijv. de Staatscommissies tot vervanging van de Armenwet en de Werkgroep Beeldende Kunstenaarsregeling). Niet-overheidsorganen zoals de Vereniging van Nederlandse Gemeenten houden zich ook bezig met de advisering van de minister, maar handelingen van deze organen vallen buiten het kader van dit onderzoek.
een orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, en
b.
een ander persoon of college met openbaar gezag bekleed.
Het begrip archiefbescheiden betreft alle neerslag van de omschreven handelingen, of het nu papier of een machine-leesbaar gegevensbestand (MLG) betreft, of het zich nu in een archief, bibliotheek, op een afdeling automatisering of bij beleidsambtenaren bevindt.
De hoofddoelstelling van de selectie is een onderscheid te maken tussen enerzijds archiefbescheiden die in aanmerking komen voor bewaring en overbrenging naar het Algemeen Rijksarchief of een Rijksarchief in de provincie en anderzijds archiefbescheiden die (op termijn) voor vernietiging in aanmerking komen. De beslissing of neerslag van een handeling wel of niet voor bewaring in aanmerking komt, wordt genomen tegen de achtergrond van de selectiedoelstelling van de Rijksarchiefdienst/PIVOT, zoals de minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur die bij de behandeling van de nieuwe archiefwet in de Tweede Kamer (13 april 1994) heeft gemeld en die luidt: 'het mogelijk maken van de reconstructie van het overheidshandelen op hoofdlijnen'. Door het Convent van Rijksarchivarissen is deze doelstelling vertaald als: 'het selecteren van handelingen van de overheid om bronnen voor de kennis van de Nederlandse samenleving en cultuur veilig te stellen voor blijvende bewaring'.
In dit BSD wordt deze selectiedoelstelling uitgewerkt binnen het (deel)beleidsterrein sociale voorzieningen. Dit beleidsterrein vormt samen met het deelterrein sociale verzekeringen het beleidsterrein sociale zekerheid.
De handelingen van de verschillende organen worden geselecteerd op hun bijdrage aan de realisering van de selectiedoelstelling. Bij de selectie is dus de vraag aan de orde welke gegevensbestanden, behorende bij welke handeling, berustende bij welke actor, bewaard dienen te worden ten einde het handelen van de rijksoverheid met betrekking tot de sociale voorzieningen op hoofdlijnen te kunnen reconstrueren.
4.2
Selectiecriteria
Bij de selectie van handelingen is door PIVOT een aantal criteria onderscheiden dat op elk beleidsterrein of onderdeel van een terrein van toepassing is. Daarnaast is het mogelijk dat er specifieke criteria geformuleerd worden voor het desbetreffende beleidsterrein. De criteria, die in deze selectielijst zijn toegepast, worden in het onderstaande schema weergegeven. Voor het beleidsterrein sociale voorzieningen is het formuleren van specifieke criteria niet nodig gebleken.
De selectiecriteria zijn positief geformuleerd, dat wil zeggen dat zij aangegeven van welke handelingen de neerslag na het verstrijken van de wettelijk overbrengingstermijn van 20 jaar naar een Rijksarchief dient te worden overgebracht. Handelingen die aan één van de criteria voldoen, zijn met een B gewaardeerd met vermelding van het desbetreffende criterium. Handelingen die niet aan één van de criteria voldoen zijn met een V gewaardeerd, met vermelding van de minimale termijn, dat de archiefbescheiden door het orgaan, dat met de zorg ervoor belast is, bewaard moeten worden. De documentaire neerslag die uit deze handelingen voortvloeit is niet noodzakelijk voor de reconstructie van het overheidsbeleid op hoofdlijnen. De V staat voor vernietigen; de neerslag van de met een V gewaardeerde handelingen kan na de voorgeschreven termijn vernietigd worden.
Selectiecriteria
Handelingen die worden gewaardeerd met B(ewaren)
Selectiecriterium: 1. Handelingen die betrekking hebben op beleidsvoorbereiding, - bepaling en -evaluatie
a. Beleidsbepaling komt tot stand via parlementaire behandeling
bToelichting:. Hieronder worden tevens begrepen handelingen gericht op politieke besluitvorming of waarbij een belangenafweging plaatsvindt
c. Hieronder worden ook begrepen handelingen gericht op het sluiten van internationale verdragen en uitvoeringsregelingen
Neerslag (van processen): beleidsnota's aan de Tweede Kamer, voorbereiding van wetgeving, archieven van besluitvormende organisatie-onderdelen, neerslag van processen m.b.t. het sluiten van internationale verdragen en overeenkomsten
Selectiecriterium: 2. Handelingen gericht op externe verantwoording of verslaglegging
Toelichting: Verslaglegging naar andere actoren over het gevoerde beleid
Neerslag (van processen): Jaarverslagen, voorbereiding van antwoorden op kamervragen, neerslag van voorbereiding van rapportage aan Tweede Kamer, etc.
Selectiecriterium: 3. Adviezen gericht op de hoofdlijnen van het beleid
Toelichting: Adviezen die gebruikt kunnen worden bij beleidsvoorbereiding, -bepaling of -evaluatie
Neerslag (van processen): Adviezen en rapportage van commissies en overlegorganen
Selectiecriterium: 4. Handelingen gericht op het stellen van regels direct gerelateerd aan de hoofdlijnen van het beleid
Toelichting: Hieronder ook begrepen pseudo-wetgeving
Neerslag (van processen): Ministeriële regelingen en interne voorschriften. Hieronder wordt ook begrepen pseudo-wetgeving middels aanschrijvingen of resoluties
Selectiecriterium: 5. Handelingen gericht op de (her)inrichting van de beleidsorganisatie, belast met primaire bedrijfsprocessen
Neerslag (van processen): Reorganisatieprocessen, instelling en opheffing van beleidsorganen, directies en commissies, bijv. de Rijksconsulenten of het College ABW
Selectiecriterium: 6. Uitvoerende handelingen die onmisbaar zijn voor de reconstructie van het overheidshandelen op hoofdlijnen
Toelichting: a. Hieronder worden begrepen handelingen die bepalend zijn voor de wijze waarop de uitvoering plaatsvindt en die direct zijn gerelateerd aan de hoofdlijnen van het overheidshandelen
b. Hieronder worden ook begrepen precedenten of producten t.o.v. de omgeving die tot stand zijn gekomen in afwijking van gereglementeerde en voorgeschreven criteria of in bepaalde mate voorbeeldgevend zijn voor de uitvoering van de handeling
Neerslag (van processen): Het 'beleidsarchief' van uitvoerende organisatie-eenheden
Beschikkingen die van invloed zijn op de toekomstige uitvoering van handelingen
Selectiecriterium: 7. Uitvoerende handelingen die het algemeen democratisch functioneren mogelijk maken
Toelichting: Hieronder worden begrepen de handelingen van Hoge Colleges van Staat, het beantwoorden van kamervragen
Neerslag (van processen): Kroonbeschikkingen en adviezen van de Raad van State, de Algemene Rekenkamer e.d.
Selectiecriterium: 8. Uitvoerende handelingen die onttrokken zijn aan democratische controle en direct zijn gerelateerd aan hoofdlijnen van het beleid
Toelichting: Hieronder worden onder meer begrepen handelingen waarop de WOB niet van toepassing is
Selectiecriterium: 9. Uitvoerende handelingen die direct zijn gerelateerd aan of direct voortvloeiende uit voor Nederland bijzondere tijdsomstandigheden en incidenten
Toelichting: Hierbij moet worden gedacht aan handelingen verricht in het kader van de Tweede Wereldoorlog, de politionele acties, de watersnoodramp van 1953, de gijzelingsacties e.d.
5
Selectielijst
In de selectielijst zijn de handelingen uit het rapport 'Verstrekkende zekerheid' geordend per actor, te beginnen bij de minister van Sociale Zaken, de voornaamste actor op dit beleidsterrein. Vanwege de ordening per actor zijn handelingen die volgens het rapport door meer dan één actor worden uitgevoerd in dit BSD meer keren opgenomen. Het BSD bevat dus meer items dan het rapport. De overige actoren zijn geordend aan de hand van hoofdstuk II van het RIO 'Verstrekkende zekerheid'.
De gegevensblokken van het RIO zijn in het BSD overgenomen, ook de nummering van het RIO is in het BSD gehandhaafd. Deze doorlopende nummering in het RIO wordt dus een verspringende nummering in het BSD, vanwege de andere wijze van ordenen (nl. per actor). Handelingen die in het BSD bij verschillende actoren voorkomen hebben aan hun nummer een letter toegevoegd gekregen (bijv. 20 a), zo wordt duidelijk dat deze handeling ook door een andere actor wordt uitgevoerd. Het uitgangspunt is steeds geweest dat er een directe relatie moet worden gehandhaafd tussen het RIO en het BSD.
In de gegevensblokken is het onderdeel 'actor' weggelaten, dit is terug te vinden in de kop van de pagina. Bij de actoren is de (sub)indeling van het RIO overgenomen om enige ordening in de handelingen aan te brengen. De naam van de actor is dezelfde als die in het RIO, zie verder hoofdstuk 2 van het RIO.
Van de opmerkingen bij gegevensblokken in het RIO zijn alleen die overgenomen die toelichting geven op het product of informatie geven die relevant is voor de selectiebeslissing.
Bij het product wordt steeds het eindproduct van een handeling genoemd, waarbij als bekend wordt verondersteld dat de neerslag van het gehele proces dat geleid heeft tot dat eindproduct bewaard dient te blijven of voor vernietiging in aanmerking komt. Ook in gevallen waarbij geen eindproduct tot stand is gekomen, wordt de neerslag van de voorbereiding daartoe tot de handeling gerekend en dient deze overeenkomstig deze lijst bewaard of vernietigd te worden.
Door middel van de plaatsing van de letters B en V wordt een waardering gegeven voor het 'Bewaren' of 'Vernietigen' van de neerslag van die handeling. Bij de handelingen die met een B gewaardeerd zijn, wordt het selectiecriterium uit het schema van § 4.2 genoemd dat tot dat voorstel geleid heeft.
Bij handelingen die met een V gewaardeerd zijn, wordt de termijn gegeven, waarna vernietiging kan plaatsvinden. Deze termijnen zijn ingevuld op grond van informatie uit bestaande vernietigingslijsten 3Met name de 'Lijst van te vernietigen archiefbescheiden van het Directoraat-Generaal Sociale Zekerheid van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid' (Stcrt. 1994, 72), de 'Vernietigingslijst archiefbescheiden Rijksconsulentschappen voor Sociale Voorzieningen' (Stcrt. 1983, 156). en gesprekken met vertegenwoordigers van het juridische en administratieve belang bij de verschillende zorgdragers.
Bij handelingen die met een V gewaardeerd zijn, is de periode waarvoor deze selectielijst geldt gesteld op 1945-1996. Door middel van haakjes kan worden aangegeven dat een handeling ook in de voorafgaande periode werd uitgevoerd, bijvoorbeeld: periode: (1940) 1945 - 1963
De archiefbescheiden die betrekking hebben op de periode 1940-1945 worden op een andere wijze behandeld. Deze komen in eerste instantie voor bewaring in aanmerking op grond van algemeen selectiecriterium 9, als zijnde de neerslag van uitvoerende handelingen die direct gerelateerd zijn aan bijzondere omstandigheden i.c. de Tweede Wereldoorlog. Zij worden derhalve overgebracht naar de Rijksarchiefdienst. De Rijksarchiefdienst kan na nader onderzoek de archiefbescheiden die niet voldoen aan criterium 9 (die dus geen directe relatie hebben met de bijzondere omstandigheden van de Tweede Wereldoorlog) nà machtiging van de oorspronkelijke zorgdrager op grond van artikel 6 van de Archiefwet 1995 alsnog vernietigen. 4Het betreft de handelingen onder nrs. 11a, 12a en c, 16a en b, 24a, 25a, 27a, 39a, 64, 235, 279, 281, 343, 427a en b, 450-452, 483a, 485a, 499, 505a, 517a en b. De handelingen van de minister van Binnenlandse Zaken met betrekking tot de uitvoering van de Armenwet 1912 (nrs. 45a-69a) worden buiten beschouwing gelaten, omdat de archiefbescheiden daaromtrent reeds bewerkt en overgebracht zijn (Archief van de afdeling Armwezen van het Ministerie van Binnenlandse Zaken (1866-) 1918 - 1947 (-1966); CAS-inventarisnr. 12, 1985).
De in de lijst genoemde termijnen worden voor wat de zaaksgewijs geordende archiefbescheiden betreft, geacht in te gaan op de eerste dag na beëindiging van de zaak waartoe de bescheiden behoren. In het geval dat tegen een beslissing beroep wordt aangetekend, wordt de zaak geacht geëindigd te zijn op het moment dat de (hoger) beroepszaak is geëindigd.
De lijst heeft geen betrekking op archiefbescheiden inzake de interne-beheer-taken van de actoren. De actoren dienen daarvoor een aparte lijst te maken. 5Voor de ministeries geldt o.a. het BSD Rijksbegroting; andere BSD's zijn nog in voorbereiding. Het ministerie van SZW hanteert voor selectie van archieven inzake de interne-beheer-taken de Lijst van voor vernietiging in aanmerking komende stukken behorende tot de archieven van het Ministerie van Sociale Zaken en Volksgezondheid, vastgesteld bij beschikking van de ministers van Sociale Zaken en Volksgezondheid en Cultuur Recreatie en Maatschappelijk Werk van 16 januari 1967, kenmerken KAZ nr. 185111 en OKN nr. 134762.
Activiteiten van ambtelijke commissies of overlegverbanden, ingesteld ter uitvoering van enige handeling, worden geacht onder die handeling te zijn begrepen.
In deze lijst zijn de handelingen van het Regionaal Bestuur voor de Arbeidsvoorziening, de directeur van het Regionaal Bestuur voor de Arbeidsvoorziening en het Centraal Bestuur voor de Arbeidsvoorziening niet opgenomen. Door deze actoren wordt voor de periode 1991-1997 een eigen selectielijst ingediend. De handelingen van de Arbeidsvoorzieningsorganisatie zoals die functioneerde voor 1991 zijn wel opgenomen.
Op 31 augustus 1998 is het geactualiseerde ontwerp-BSD door de Secretaris-Generaal aan de Staatssecretaris van OCenW aangeboden, waarna deze het ter advisering heeft ingediend bij de Raad voor Cultuur (RvC). Van het gevoerde driehoeksoverleg over de waarderingen van de handelingen is een verslag gemaakt, dat tegelijk met het ontwerp-BSD naar de RvC is verstuurd. Vanaf 2 december 1998 lag de selectielijst gedurende acht weken ter publieke inzage bij de informatiebalie in de studiezaal van het Algemeen Rijksarchief evenals in de bibliotheken van het Ministerie van OCenW, het Ministerie van SZW en de rijksarchieven in de provincie, hetgeen was aangekondigd in de Staatscourant nr. 230 van 1 december 1998.
Tijdens het driehoeksoverleg was namens het Koninklijk Nederlands Historisch Genootschap ook een deskundige op het beleidsterrein aanwezig. Van andere (historische) organisaties of individuele burgers is geen commentaar ontvangen.
In de vergadering d.d. 16 februari 2000 van de Bijzondere Commissie Archieven van de RvC is het ontwerp-BSD behandeld, waarbij ook het verslag van het driehoeksoverleg bij de voorbereiding van het advies is meegenomen.
Op 25 mei 2000 bracht de RvC advies uit (kenmerk arc-99-206/5), hetwelk geen aanleiding heeft gegeven tot wijziging van de selectielijst.
5.1
Overheidsorgananen
Actor: De Minister van Sociale Zaken
1
Algemene handelingen
(16) a
handeling: Het (bij K.b.) benoemen van de leden, plaatsvervangende leden, secretaris en adjunct-secretaris van (landelijke) adviescommissies.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 82 tweede tot en met zesde lid (b.w. Stb. 1963, 284); Instellingsbeschikkingen; Rijksgroepsregelingen; Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 zesde en achtste lid; gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 11a en 72 vierde en vijfde lid (b.w. Stb. 1987, 631); Beeldende Kunstenaarsregelingen; Statuten van de Stichting Zeemanswelzijn art. 4; e.a.
periode: (1940) 1945 - 1987
product: beschikking / Koninklijk besluit
opmerking: In de meeste gevallen worden de leden van de commissies bij ministerieel besluit benoemd, in een klein aantal gevallen bij K.b. (bijv. de leden van de Algemene Armencommissie en de voorzitter van het College Algemene Bijstandswet).
waardering: v 10 jaar na ontslag
(17) a
handeling: Het toevoegen van ambtelijke adviseurs aan het College Algemene Bijstandswet en landelijke adviescommissies.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 zevende lid; gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 72 vijfde lid (b.w. Stb. 1987, 631); Besluit bijstandsverlening woonwagenbewoners (Stb. 1974, 359) art. 21 derde lid (b.w. Stb. 1987, 443)
periode: 1970 - 1987
product: beschikking
waardering: v 10 jaar na ontslag
(18) a
handeling: Het (bij K.b.) vaststellen van regels voor de samenstelling, werkwijze en bevoegdheden van (landelijke) adviescommissies.
grondslag: o.a. Besluit tot uitvoering van art. 82 der Armenwet (Stb. 1912, 265) art. 5 (b.w. Stb. 1963, 284); Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 twaalfde lid; gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 11a vijfde lid en 74a (b.w. Stb. 1987, 631); Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 28 vierde lid (b.w. Stb. 1986, 544); Besluit bijstandsverlening woonwagenbewoners (Stb. 1974, 359) art. 20 zesde lid (b.w. Stb. 1981, 830) en 21 zesde lid (b.w. Stb. 1987, 443)
periode: 1940 - 1987
product: ministeriële regeling / Koninklijk besluit, onder andere:
Beschikking werkwijze en samenstelling Commissie van Advies inzake bijstandsverlening aan woonwagenbewoners (Stcrt. 1974, 134)
Beschikking werkwijze en samenstelling Commissie van Advies inzake
bijstandsverlening bij aankoop van woonwagens (Stcrt. 1974, 134)
waardering b (5)
(20) a
handeling: Het verzoeken aan het College Algemene Bijstandswet of vaste adviescommissies om een commissie in te stellen voor de behandeling van bepaalde onderwerpen.
grondslag: o.a. Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 dertiende lid
periode: 1970 - 1972
product: verzoek
waardering: v 5 jaar
(21)
handeling: Het verzoeken aan de Sociaal-Economische Raad een vaste commissie ter advisering omtrent een bepaalde sociale voorziening in te stellen.
grondslag: Wet op de Bedrijfsorganisatie (Stb. 1950, K22) art. 43
periode: 1950 -
product: verzoek
waardering: b (5)
3
Bijstand en aanverwante regelingen
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
3.1.2
Totstandkoming van het beleid, beleidsbepaling en -evaluatie
(74) b
handeling: Het stellen van regels voor de herziening van de hoogte van de bijstand in verband met de harmonisatie van de bijstandsverlening in de gemeenten.
grondslag: Wet, houdende nadere regels van tijdelijke aard ten aanzien van de bijstand in de algemene noodzakelijke kosten van bestaan (Stb. 1971, 310) art. 2
Vaststelling bedragen Rijksgroepsregelingen (Stcrt. 1973, 88) art. VI
waardering: b (4)
(75) b
handeling: Het bij amvb regels van de toekenning van de vakantie-uitkering als onderdeel van de bijstand.
grondslag: Wet, houdende nadere regels van tijdelijke aard ten aanzien van de bijstand in de algemene noodzakelijke kosten van bestaan (Stb. 1971, 310) art. 1 eerste lid onder c
periode: 1971 - 1974
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
- K.b., houdende toekenning van een vakantie-uitkering aan niet in inrichtingen verblijvende personen (Stb. 1971, 436)
opmerking: In 1974 werd de vakantie-uitkering een onderdeel van de landelijke normering en dus opgenomen in het B.l.n., onder art. 15.
waardering: b (4)
(79) b
handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de omvang van de buitengewone uitgaven.
grondslag: Bijstandsbesluit landelijke draagkrachtcriteria (Stb. 1980, 87) art. 15 tweede lid (b.w. Stb. 1991, 337)
handeling: Het herzien van het bedrag aan bijstand waarboven hypotheekkrediet kan worden verleend.
grondslag: Bijstandsbesluit krediethypotheek (Stb. 1983, 602) art. 9 eerste lid (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1983 - 1995
product: ministerieel besluit
waardering: v 5 jaar
(109) b
handeling: Het ter kennis brengen van de Staten-Generaal van het tweejaarlijkse verslag van het College Algemene Bijstandswet.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 elfde lid
periode: 1970 - 1987
product:
waardering: b (2)
3.1.3
Groepsregelingen
3.1.3.2
Handelingen geldend voor verschillende groepsregelingen
(115) b
handeling: Het bepalen wat moet worden verstaan onder inkomsten (en verwervingskosten) en bepalen of die van invloed zijn op de uitkering.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1964, 553) zoals gewijzigd (Stb. 1970, 476) art. 14 (b.w. Stb. 1974, 419); Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 13 (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 13 (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 3 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544); Tijdelijke Rijksgroepsregeling Mindervaliden (Stb. 1965, 444) art. 15 zesde lid en 16; gewijzigd (Stb. 1970, 475) art. 15 vierde lid en 16 (b.w. Stb. 1974, 419) e.a.
periode: 1983 - 1987
product: ministeriële regeling, onder andere:
Regeling inkomen bij toepassing van Rijksgroepsregelingen (Stcrt. 1970, 245)
opmerking: De regeling is tot stand gekomen gehoord de Centrale Commissie Zelfstandigen.
waardering: b (4)
(116) b
handeling: Het vaststellen van regels voor de verrekening van heffingen bij de vaststelling van de uitkering volgens een rijksgroepsregeling.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1964, 553) art. 17 (b.w. Stb. 1974, 419); Tijdelijke Rijksgroepsregeling Mindervaliden (Stb. 1965, 444) art. 18 tweede lid (b.w. Stb. 1974, 419) e.a.
periode: 1965 - 1974
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(118) b
handeling: Het stellen van nadere regels ter bepaling van de gevallen waarin de aanvrager als kostwinner wordt aangemerkt.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1964, 553) art. 2 tweede lid (b.w. Stb. 1984, 626); Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 4 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1965 - 1986
product: ministeriële regeling
opmerking: Voor de vaststelling van de regeling diende de Centrale Commissie Zelfstandigen gehoord te worden.
waardering: b (4)
3.1.3.3
Langdurig werklozen
(123)
handeling: Het stellen van regels inzake de aard en de vergoeding van scholing die ten behoeve van de arbeidsinschakeling noodzakelijk is.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1984, 626) art. 8 tweede lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1984 - 1991
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(127)
handeling: Het stellen van nadere regels inzake het door de gemeente weigeren of verlagen van bijstandsuitkering ingevolge de Rww.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1984, 626) art. 14 derde lid (b.w. Stb. 1992, 377)
periode: 1984 - 1992
product: ministeriële regeling / circulaire, onder andere:
Handleiding voor toepassing van administratieve sancties in de Rww, van 16 juli 1987, nr. 6417
waardering: b (4)
(129)
handeling: Het stellen van nadere regels inzake de informatieplicht van het arbeidsvoorzieningsorganisatie aan burgemeester en wethouders omtrent het gedrag van werkloze werknemers.
handeling: Het voor de toepassing van de Rww gelijkstellen van personen met een buitenlandse nationaliteit met personen met een Nederlandse nationaliteit.
handeling: Het regelen van gevallen waarin de netto-inkomsten van de werknemer, zijn echtgenoot en minderjarige kinderen bij het vaststellen van de uitkering niet buiten beschouwing worden gelaten.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1964, 553) zoals gewijzigd (Stb. 1970, 476) art. 13 (b.w. Stb. 1974, 419)
periode: 1970 - 1974
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(132)
handeling: Het verlengen van de uitkeringsduur wanneer de werknemer langer dan 52 weken arbeidsongeschikt is.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1964, 553) art. 19 tweede lid
periode: 1964 - 1984
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
3.1.3.4
Zelfstandigen
(135) b
handeling: Het stellen van regels voor de informatieverstrekking door burgemeester en wethouders aan de Plaatselijke Commissie Zelfstandigen.
grondslag: Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5), zoals gewijzigd (Stb. 1969, 614) art. 31 vierde lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1969 - 1986
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na vervanging
(136) b
handeling: Het stellen van regels voor de toekenning van vacatiegelden door burgemeester en wethouders aan leden van Plaatselijke Commissies Zelfstandigen.
Besluit van de ministers van Sociale Zaken en van Maatschappelijk Werk van 19 januari 1965, nr. 76991 (Stcrt. 1965, 36)
waardering: v 5 jaar na vervanging
(137) b
handeling: Het stellen van regels voor het bepalen wanneer iemand als zelfstandige in de zin van de rijksgroepsregelingen kan worden aangemerkt.
grondslag: Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 2 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544); Rijksgroepsregeling oudere zelfstandigen (Stb. 1977, 526) art. 1 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1965 - 1986
product: ministeriële regeling
opmerking: Voor de vaststelling van de regeling diende de Centrale Commissie Zelfstandigen gehoord te worden.
waardering: b (4)
(138) b
handeling: Het, in overeenstemming met een betrokken minister en de Centrale Commissie Zelfstandigen, bepalen welke maatregels ter sanering van een bedrijfstak de Rijksgroepsregeling oudere zelfstandigen voor die bedrijfstak niet toepasbaar maken.
handeling: Het vaststellen van regels voor het afwijken van de wettelijke uitkeringsperiode van een zelfstandige.
grondslag: Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 26 derde lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1965 - 1986
product: ministeriële regeling, onder andere:
Besluit ter uitvoering van artikel 26 derde lid van de Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stcrt. 1975, 34)
waardering: b (4)
(141) b
handeling: Het stellen van regels voor de gevallen waarin de minister de Centrale Commissie niet hoeft te horen voor de bijstandsverlening aan zelfstandigen boven een bepaald bedrag.
grondslag: Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5), zoals gewijzigd (Stb. 1969, 614) art. 33 derde lid; gewijzigd (Stb. 1973, 506) art. 33 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1969 - 1986
product: ministeriële regeling, onder andere:
Besluit verstrekking bedrijfskapitaal aan zelfstandigen (Stcrt. 1970, 40)
Besluit verstrekking bedrijfskapitaal aan zelfstandigen (Stcrt. 1974, 3)
waardering: v 5 jaar na vervanging
(143) b
handeling: Het stellen van regels voor het verlenen van bijstand aan oudere zelfstandigen indien het inkomen uit het bedrijf of beroep beneden het in de rijksgroepsregeling gestelde minimum is gedaald.
grondslag: Rijksgroepsregeling oudere zelfstandigen (Stb. 1977, 526) art. 4 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1983- 1986
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(145) b
handeling: Het besluiten in bijzondere gevallen andere waarborgen voor de bestemming van een oudedagsvoorziening te aanvaarden dan de in de rijksgroepsregeling genoemde.
grondslag: Rijksgroepsregeling vrijlating oudedagsvoorziening bijzondere groepen (Stb. 1974, 825) art. 6 derde lid (b.w. 1987, 281)
periode: 1983 - 1987
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(146) b
handeling: Het herzien van de hoogte van het vrij te laten vermogen van een oudere gewezen zelfstandige of werkloze werknemer bij de middelentoets voor bijstandsverlening.
grondslag: Rijksgroepsregeling vrijlating oudedagsvoorziening bijzondere groepen (Stb. 1974, 825) art. 5 derde lid (b.w. 1987, 281)
periode: 1983 - 1987
product: ministeriële regeling
opmerking: De bijna jaarlijkse herziening werd in de Staatscourant gepubliceerd
waardering: v 5 jaar na vervanging.
3.1.3.5
Gehandicapten
(151) b
handeling: Het stellen van regels inzake gevallen waarin geen bijstand verleend wordt voor voorzieningen, die dienen tot het verkrijgen of behouden van arbeid aan gehandicapten, of inzake categorieën waarvoor van de bestaande regels afgeweken kan worden.
grondslag: Tijdelijke Rijksgroepsregeling Arbeidsinschakeling Gehandicapten (Stb. 1965, 6) art. 6 tweede lid (b.w. Stb. 1965, 444)
periode: 1965
product: ministeriële regeling
waardering: b (1)
3.1.3.6
Gerepatrieerden en Ambonezen
(154) b
handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het maximumbedrag en de voorwaarden voor het verstrekken van een lening voor de woninginrichting van een toegewezen ongemeubileerde woongelegenheid.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 21 tweede lid (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 19 tweede lid (b.w. Stb. 1987, 148)
periode: 1965 - 1987
product: ministeriële regeling, onder andere:
Regeling buiten invordering stellen van leenbijstand verleend op grond van Rijksgroepsregelingen (Stcrt. 1984, 6)
waardering: b (4)
(155) b
handeling: Het besluiten dat bepaalde wijzigingen in de hoogte van uitkeringen op grond van de AOW en AWW niet doorwerken in een uitkering op grond van de Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden en de Rijksgroepsregeling Ambonezen.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550), zoals gewijzigd (Stb. 1969, 393) art. 12 vierde lid (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551), zoals gewijzigd (Stb. 1969, 393) art. 12 vierde lid (b.w. Stb. 1987, 148)
handeling: Het herzien van het maximum-inkomen dat gehanteerd wordt voor de vaststelling van de periodieke uitkering op grond van de Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden en de Rijksgroepsregeling Ambonezen.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 4 derde lid (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 4 derde lid (b.w. Stb. 1987, 148)
periode: 1965 - 1987
product: ministeriële beschikking, onder andere:
Beschikking vaststelling maximum uitkeringsbedragen (Stcrt. 1971, 37) (sindsdien halfjaarlijks gewijzigd)
3.1.3.7
Militairen
(157)
handeling: Het, eventueel in overleg met de ministers van Financiën, Economische Zaken en eventuele vakministers, (bij amvb) vaststellen van regels voor de verlening van uitkeringen aan (gedemobiliseerde) militairen en oorlogsvrijwilligers door gemeenten.
grondslag:
periode: 1940 - 1972
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling, onder andere:
Besluit Demobilisatievoorzieningen 1948 (Stb. 1948, I 57)
Militaire Overbruggingsregeling 1950 (Stb. 1950, K 631) met de bijbehorende uitvoeringsregelingen (Demobilisatie- of Overbruggingsbeschikkingen genoemd)
Beschikking van de minister van Defensie van 3 juni 1961, nr. P 119.798 A (Militaire Ziekengeldregeling 1961)
Militaire Ziekengeldregeling (Stcrt. 1966, 157)
waardering: b (1)
waardering: v 5 jaar na vervanging
3.1.3.8
Thuisloze personen
(159) b
handeling: Het vaststellen van regels met betrekking tot de uitkeringsbedragen voor thuisloze personen en de daarop in mindering te brengen inkomsten van de uitkeringsgerechtigde.
grondslag: Rijksgroepsregeling thuisloze personen (Stb. 1971, 276) art. 4 tweede lid en 5 derde lid (b.w. Stb. 1984, 635)
periode: 1971-1984
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking voorziening in kosten van persoonlijke uitgaven (Stcrt. 1971, 96)
waardering: b (4)
3.1.4
Uitvoering
(165) b
handeling: Het bij amvb kunnen vaststellen vanaf welk inwonertal van een gemeente burgemeester en wethouders bevoegd zijn om bepaalde beslissingen inzake bijstandsverlening te mandateren aan gemeenteambtenaren.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 29a eerste lid; gewijzigd (Stb. 1991, 394)
periode: 1983 - 1991
product: algemene maatregel van bestuur
opmerking: Een dergelijk amvb is niet tot stand gekomen.
waardering: v 5 jaar
(166) b
handeling: Het vaststellen van regels voor de uitvoering van bepaalde rijksgroepsregelingen.
handeling: Het voor toepassing van de Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden gelijkstellen van personen die voor 1 april 1964 een verblijfsvergunning hebben aangevraagd met Nederlanders.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 1 derde lid (b.w. Stb. 1987, 148)
periode: 1983 - 1987
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(183) b
handeling: Het overnemen van een vordering van de kosten voor bijstand op een persoon van een gemeente.
grondslag: Administratieve Regels Bijstand 1965 (Beschikking van de minister van Maatschappelijk Werk, U 22 600, afd. F.Z.C. en directie M.V.) art. 2.6; Administratieve regels bijstand 1977 (Stcrt. 1976, 209) art. 28-29 (b.w. Stcrt. 1987, 188)
periode: 1983 - 1987
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(186) b
handeling: Het geven van toestemming aan gemeenten om de administratie omtrent de bijstandsverlening afwijkend van de gestelde regels te voeren.
handeling: Het (bij amvb) vaststellen van een regeling voor de vergoeding van kosten van gemeenten ter zake van bijzondere controle ter opsporing van misbruik en fraude.
grondslag: Gemeentewet (Stb. 1983, 649) art. 237b
bron: Notitie 'Bezuinigingsmaatregels sociale zekerheid door middel van de bestrijding van misbruik en oneigenlijk gebruik voor de kabinetsperiode 1987-1990' (Kamerstukken II, 1986-1987, 17 050, nr. 65)
periode: 1986 - 1994
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling, onder andere:
handeling: Het verlenen van vrijstelling voor het in mindering brengen van inkomsten op de uitkering aan een uitkeringsgerechtigde.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 13 eerste lid (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 13 eerste lid (b.w. Stb. 1987, 148)
periode: 1965 - 1987
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
3.1.6
Financiering
(214)
handeling: Het treffen van maatregels om te komen tot lagere bijstandsuitgaven.
handeling: Het verlenen van subsidies aan werkinrichtingen of instellingen met het oog op de bevordering van de deelname van gehandicapten aan het arbeidsproces.
grondslag: o.a. Circulaire van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 18 augustus 1952, nr. C. 9590, afd. S.B. en C.A.
periode: 1952 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na vaststelling De vaststelling van het subsidiebeleid wordt gerekend tot de handeling het vaststellen van beleid (zie nr. 1)
3.1.6.3
Indirect gefinancierde instellingen
(221) b
handeling: Het bij amvb vaststellen van regels ten aanzien van de begripsbepaling van maatschappelijke en medische dienstverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 1a derde lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1983 - 1991
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, vaststellen van voorschriften voor de toelating van een instelling of een persoon voor maatschappelijke of medische dienstverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10c eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1991, 337)
Opmerking: Voor het vaststellen van de algemene voorschriften (Stcrt. 1981, 101) was door de staatssecretaris van CRM overeenstemming bereikt met de staatssecretarissen van Justitie, Volksgezondheid en Milieuhygiëne en van Onderwijs en Wetenschappen.
waardering: b (4)
(223) b
handeling: Het bij amvb aanwijzen van categorieën van maatschappelijke of medische dienstverlening, die geen toelating behoeven aan te vragen voor vergoeding van de kosten van hun dienstverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 1a vierde lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1983 - 1991
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Besluit houdende aanwijzing van categorieën van maatschappelijke of medische dienstverlening waarop artikel 1a eerste lid van de Algemene Bijstandswet niet van toepassing is (Stb. 1979, 44)
waardering: b (4)
(224) b
handeling: Het vaststellen van regels voor de procedure van (voorlopige) toelating van een instelling of persoon voor maatschappelijk of medische dienstverlening.
grondslag: Wet van 6 september 1978 (Stb. 490), houdende wijziging van de Algemene Bijstandswet, art. II achtste lid; Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10b negende lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1983 - 1991
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking betreffende regels voor instellingen die om toelating verzoeken (Stcrt. 1979, 139)
Procedure-regels indiening verzoeken om toelating als indirect gefinancierde instelling (Stcrt. 1980, 89)
waardering: b (4)
(225) b
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, toelaten van een instelling of persoon voor maatschappelijke of medische dienstverlening tot de instellingen waarvan de kosten voor dienstverlening in de bijstand vergoed kunnen worden.
grondslag: Wet van 6 september 1978 (Stb. 490), houdende wijziging van de Algemene Bijstandswet, art. II vierde lid; Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10a eerste en derde tot en met zesde lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1983 - 1991
product: beschikking
opmerking: In 1979 en 1980 werden in de Nederlandse Staatscourant lijsten gepubliceerd van voorlopig toegelaten instellingen:
Lijst van de voorlopig tot de indirecte financiering toegelaten instellingen (Stcrt. 1979, 134)
Herziene lijst van de voorlopig tot de indirecte financiering toegelaten instellingen (Stcrt. 1979, 249)
Aanvulling herziene lijst van de voorlopig tot de indirecte financiering toegelaten instellingen (Stcrt. 1980, 85)
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(226) b
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, groepsgewijs toelaten van instellingen voor maatschappelijke dienstverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10a tweede, derde en zesde lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1983 - 1985
product: beschikking, onder andere:
Groepsgewijze toelating inrichtingen i.v.m. Algemene Bijstandswet ten aanzien van inrichtingen als bedoeld in de Wet op de bejaardenoorden (Stcrt. 1979, 55)
Groepsgewijze toelating inrichtingen i.v.m. Algemene Bijstandswet ten aanzien van inrichtingen en tehuizen die goedgekeurd zijn overeenkomstig artikel 5 van de Beginselenwet voor de kinderbescherming (Stcrt. 1979, 55)
Groepsgewijze toelating inrichtingen i.v.m. Algemene Bijstandswet ten aanzien van inrichtingen als bedoeld in de Rijksregeling inrichtingen thuisloze personen (Stcrt. 1979, 55)
Groepsgewijze toelating inrichtingen i.v.m. Algemene Bijstandswet ten aanzien van pleegouders (Stcrt. 1979, 242)
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(227) b
handeling: Het vaststellen van regels ten aanzien van bijstandsverlening door burgemeester en wethouders voor maatschappelijke en medische dienstverlening door instellingen of personen die niet toegelaten zijn.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 1b tweede lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1983 - 1991
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking ter uitvoering van artikel 1b, lid 2, van de Algemene Bijstandswet (Stcrt. 1982, 79)
waardering: b (4)
(228) b
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, goedkeuren van de tarieven die toegelaten instellingen of personen berekenen voor de dienstverlening.
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, goedkeuren van bepaalde wijzigingen in de beheersvorm, doelstelling, organisatiestructuur of werkwijze van een toegelaten instelling
grondslag: Besluit algemene voorschriften indirect gefinancierde instellingen Algemene Bijstandswet (Stcrt. 1981, 101) art. 16 tweede lid (b.w. 1991, 337)
periode: 1983 - 1991
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(230) b
handeling: Het beoordelen van de jaarrekening en het jaarverslag van toegelaten instellingen of personen.
grondslag: Besluit algemene voorschriften indirect gefinancierde instellingen Algemene Bijstandswet (Stcrt. 1981, 101) art. 18 en 20 derde lid (b.w. 1991, 337)
periode: 1983 - 1991
product: rapport
waardering: v 5 jaar
(231) b
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, verlenen van ontheffing van een of meer voorschriften van de algemene voorschriften.
handeling: Het, in overeenstemming met de ministers die het mede aangaat, opstellen van een programma inzake voornemens ten aanzien van toegelaten instellingen en personen en te treffen financiële regelingen en het verslag doen over de voortgang van de werkzaamheden ingevolge het programma aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10e (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1983 - 1991
product: programma en verslag
waardering: b (2)
3.1.7
Rechtsbescherming
(234) b
handeling: Het beslissen op beroepschriften inzake de bijstandsverlening aan individuele personen.
grondslag: Sociaal-economische hulpverlening aan kleine zelfstandigen, circulaire van 18 augustus 1943, no. 1-1199 sub X; Regeling Sociaal-Economische Hulpverlening voor Zelfstandigen van 23 juli 1948, nr. S.B.C 7991 sub V; Zelfstandigenregeling 1955 (Stcrt. 1955, 183) art. 31; Uitkeringsregeling Ambonezen (Stcrt. 1956, 78) art. 14; Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stcrt. 1960, 237) art. 35; Gehandicaptenregeling 1958 (Stcrt. 1958, 247) art. 6 tweede lid e.a.
periode: 1943 - 1964
product: beschikking
Opmerking 1: De minister van Economische Zaken was betrokken bij beroepszaken ingevolge de zelfstandigenregelingen. Tot 1948 deed hij de beroepszaken af die bij zijn departement waren ingediend,na die tijd werd de beslissing door de minister van Sociale Zaken genomen in overleg met de minister van EZ.
Opmerking 2: De beroepszaken ingevolge de groepsregelingen voor Ambonezen hadden betrekking op beslissingen van het Commissariaat voor de Ambonezenzorg.
waardering: b (9)
(237) b
handeling: Het voorbereiden van Koninklijke besluiten inzake Kroonberoepen vanwege beslissingen genomen ten aanzien van individuele aanvragen van een bijstandsuitkering.
handeling: Het vaststellen van regelingen ten aanzien van de uitvoering van steunverlening aan werkloze werknemers door de gemeente.
grondslag: Buitengewoon Besluit Werkloozenzorg (Stb. 1944, E79) art. 3 derde lid, art. 4 eerste, derde, vierde en vijfde lid, art. 5 eerste lid
periode: 1944 - 1964
product: ministeriële regeling, onder andere:
Overbruggingsregeling 1945
Sociale Bijstandsregeling voor Langdurig Werklozen, 1947
Sociale Voorziening voor Werkloze Werknemers, 1952
waardering b (4)
(245)
handeling: Het aanwijzen van een sociale werkvoorzieningsregeling op grond waarvan arbeid in dienstbetrekking kan worden verricht zoals bedoeld in art. 2 WWV.
grondslag: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 396) art. 3 (b.w. Stb. 1981, 132)
opmerking: Sedert 1 april 1981 (Wet van 26 maart 1981, Stb. 132) valt deze categorie van werknemers onder de Wet werkloosheidsvoorziening.
waardering: b (4)
3.2.3
Adviesorganen
3.2.4
Uitvoering
(256)
handeling: Het gelijkstellen van personen die niet in Nederland hun woonplaats hebben met personen die zijn opgenomen in het bevolkingsregister, voor de toepassing van de Sociale Voorziening voor werklozen
grondslag: Sociale Voorziening nr. 8347, 30 juni 1952 art. 9
periode: 1952 - 1965
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(267)
handeling: Het treffen van een voorziening ten behoeve van de werknemer wanneer de Arbeidsvoorzieningsorganisatie weigert een verklaring af te geven bij werkaanvaarding tegen een lager loon.
grondslag: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) zoals gewijzigd (Stb. 1974, 66) art. 30 g eerste lid (b.w. Stb. 1986, 567)
periode: 1974 - 1987
product: beschikking
opmerking: Het betreft hier individuele gevallen. Voor het nemen van de beslissing hoort de minister de Commissie van Bijstand en Advies van de Raad voor de Arbeidsmarkt. De functie van deze regeling is na de stelselherziening overgenomen door de Premieregeling aanvaarding lager loon (zie i.o. Arbeidsvoorzieningsbeleid)
waardering: v 5 jaar
(269)
handeling: Het bij of krachtens amvb stellen van nadere uitvoeringsregels in het kader van toekenning loonsuppletie bij werkaanvaarding tegen een lager loon.
grondslag: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) zoals gewijzigd (Stb. 1974, 66) art. 30 c vierde lid, art. 30g tweede lid (b.w. Stb. 1986, 567)
periode: 1974 - 1987
product: amvb
opmerking: Voor het vaststellen van de maatregel dienen de Adviescommissie Werkloosheidsvoorziening en Commissie van Bijstand en Advies van de Raad voor de Arbeidsmarkt te worden gehoord. Per 1 september 1987 (tot 1 januari 1991) is de functie van dit hoofdstuk overgenomen door de Premieregeling aanvaarding lager loon (Stcrt 1987, 169) ingetrokken bij besluit (Stcrt. 1990, 251) (zie i.o. Arbeidsvoorzieningsbeleid)
waardering: b (4)
(270)
handeling: Het toekennen van vergoedingen t.b.v. voorzieningen ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid, aan andere rechtspersonen dan gemeenten.
grondslag: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 508) art. 36a (b.w. Stb. 1993, 682)
periode: 1988 - 1993
product: besluit
waardering: v 5 jaar na vaststelling
(271)
handeling: Het bij of krachtens amvb stellen van nadere regels ten aanzien voorzieningen ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid.
grondslag: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) zoals gewijzigd (Stb. 508, 1988) art. 36 vierde lid (b.w. Stb. 1993, 682)
periode: 1988 - 1993
product: algemene maatregel van bestuur
waardering: b (4)
3.2.5
Toezicht
(272)
handeling: Het beslissen op een verzoek van de gemeente tot toekenning van een uitkering aan werkloze werknemers van 65 jaar en ouder.
grondslag: Sociale Voorziening no. 3171, 1955 art. 54 tweede lid
periode: 1955 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(273)
handeling: Het op verzoek van de gemeente verlenen van goedkeuring om af te wijken van de artikelen met betrekking tot inschrijving bij het arbeidsbureau en scholing.
grondslag: Sociale Voorziening nr. 8347, 1952 art. 56
periode: 1952 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(274)
handeling: Het beslissen over de verlening van bijzondere sociale bijstand aan een individueel geval wanneer de Rijksconsulent en het gemeentebestuur geen overeenstemming kunnen bereiken
handeling: Het beslissen op een verzoek van de gemeente tot toekenning van een vergoeding voor verzekeringsverplichtingen aan werkloze werknemers.
grondslag: Sociale Voorziening nr. 8347, 1952 art. 53 derde lid gewijzigd bij no. 3171, 1955 art. 53 zesde lid
periode: 1952 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(276)
handeling: Het beslissen in geschillen wanneer de plaatselijke contact commissie en het gemeentebestuur niet tot overeenstemming kunnen komen over een bepaald geval.
grondslag: Sociale Voorziening nr. 8347, 1952 art. 15 zesde lid
periode: 1952 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(277)
handeling: Het beslissen op een verzoek van het gemeentebestuur om een werkloze werknemer die niet onder een van de categorieën van art. 19 WWV valt een uitkering te verstrekken.
grondslag: Sociale Voorziening nr. 8347, 30 juni 1952 art. 19a
periode: 1952 - 1964
product: besluit
waardering: v 5 jaar
(279)
handeling: Het geven van goedkeuring aan de gemeente inzake het aantal controleurs voor de controle van uitkeringsgerechtigde werkloze werknemers en de hoogte van hun beloning.
grondslag: Buitengewoon Besluit Werkloozenzorg (Stb. 1944, E79) art. 6 tweede lid
periode: (1944) 1945 - 1964
product:
waardering: v 5 jaar
(280)
handeling: Het geven van toestemming voor het opnemen van een vrouwelijke werkneemster in de Overbruggingsregeling.
grondslag: Overbruggingsregeling afd. S.B. nr. 12547, 24 juli 1947 art. B lid a
periode: 1947 - 1952
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
3.2.6
Financiering
3.3
IOAW en IOAZ
3.3.2
Totstandkoming van het beleid
3.3.3
Uitvoering
(300)
handeling: Het bij amvb kunnen vaststellen vanaf welk inwonertal van een gemeente burgemeester en wethouders bevoegd zijn om bepaalde beslissingen ingevolge de IOAW en IOAZ te mandateren aan gemeenteambtenaren.
grondslag: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Stb. 1986, 565) art. 32 eerste lid; Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Stb. 1987, 281) art. 32 eerste lid
periode: 1987 - 1991
product: algemene maatregel van bestuur
opmerking: Een dergelijk amvb is niet tot stand gekomen. Bij de wetswijziging van 22 mei 1991 (Stb. 394) werd aan de gemeentebesturen meer beleidsvrijheid toegekend, waaronder de vrijheid om het nemen van bepaalde beslissingen in bijstandszaken te mandateren aan ambtenaren.
waardering: v 5 jaar na vervanging
3.3.4
Financiering
3.3.5
Rechtsbescherming
(315)
handeling: Het voorbereiden van Koninklijke besluiten inzake beroepen bij de Kroon tegen beslissingen genomen ten aanzien van aanvragen van een sociale- voorzieningsuitkering in individuele gevallen ingevolge de IOAW en IOAZ.
grondslag: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Stb. 1986, 565) art. 45-46 (b.w. Stb. 1993, 690); Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Stb. 1987, 281) art. 45-46 (b.w. Stb. 1993, 690)
periode: 1987 - 1994
product: Koninklijk besluit
waardering: v 5 jaar
3.4
Eenmalige uitkeringen
(317)
handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de vaststelling van het netto-inkomen en -uitkeringen, het tijdvak waarin deze genoten zijn en bepaling van het minimumniveau voor het recht op een eenmalige uitkering.
grondslag: Wet van 23 september 1981 (Stb. 1981, 624) art. 4 derde lid en 20; Wet van 7 oktober 1982 (Stb. 1982, 568) art. 4 derde lid en 24; Wet van 28 september 1983 (Stb. 1983, 542) art. 4 derde lid en 24; Wet van 5 oktober 1984 (Stb. 1984, 446) art. 5 vijfde lid en 25; Wet van 3 juli 1985 (Stb. 1985, 417) art. 5 vijfde lid en 26; Wet van 3 juli 1986 (Stb. 1986, 376) art. 5 vijfde lid en 26; Wet van 26 november 1987 (Stb. 1987, 537) art. 5 vijfde lid (en 26)
periode: 1981 - 1987
product: ministeriële regeling, onder andere:
Inkomensbeschikking eenmalige uitkering 1981 voor gehuwden en ongehuwden met ten minste één kind (Stcrt. 1981, 246)
Inkomensbesluit uitkering 1984 aan de echte minima (Stcrt. 1984, 211)
Inkomensbesluit uitkering 1985 aan de echte minima (Stcrt. 1985, 179)
Uitvoeringsbesluit uitkering 1986 aan echte minima (Stcrt. 1986, 181)
Inkomensbesluit uitkering 1987 aan echte minima (Stcrt. 1987, 247)
waardering: b (4)
(318)
handeling: Het stellen van regels voor de toepassing van de 'inkomensbesluiten eenmalige uitkering'.
grondslag: Inkomensbeschikking eenmalige uitkering 1981 voor gehuwden en ongehuwden met ten minste één kind (Stcrt. 1981, 246) art. 13; Inkomensbeschikking eenmalige uitkering 1982 (Stcrt. 1982, 247) art. 13; Inkomensbeschikking eenmalige uitkering 1983 (Stcrt. 1984, 2) art. 13; Inkomensbesluit uitkering 1984 aan de echte minima (Stcrt. 1984, 211) art. 12; Inkomensbesluit uitkering 1985 aan de echte minima (Stcrt. 1985, 179) art. 12; Uitvoeringsbesluit uitkering 1986 aan echte minima (Stcrt. 1986, 181) art. 14; Inkomensbesluit uitkering 1987 aan echte minima (Stcrt. 1987, 247) art. 13
periode: 1981 - 1988
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(322)
handeling: Het aanwijzen van de ambtenaar die belast is met de terugvordering van ten onrechte uitbetaalde eenmalige uitkeringen.
grondslag: Wet van 23 september 1981 (Stb. 1981, 624) art. 13 eerste lid; Wet van 7 oktober 1982 (Stb. 1982, 568) art. 16 eerste lid; Wet van 28 september 1983 (Stb. 1983, 542) art. 16 eerste lid; Wet van 5 oktober 1984 (Stb. 1984, 446) art. 17 eerste lid
periode: 1981 - 1985
product: ministeriële regeling, onder andere:
Besluit aanwijzing ambtenaar belast met de terugvordering van eenmalige uitkeringen (Stcrt. 1985, 120)
waardering: v 5 jaar na vervanging
(332)
handeling: Het stellen van regels voor de uitvoering van de Wet eenmalige toelage 1990.
Sociale werkvoorzieningsregeling voor werkloze hoofdarbeiders, dd. 2 mei 1947
Sociale werkvoorzieningsregeling voor hoofdarbeiders (Stcrt. 1953, 32)
Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders, dd. 21 december 1949, herzien (Stcrt. 1952, 130)
Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248)
waardering: b (4)
(343)
handeling: Het indelen van de gemeenten in klassen op grond waarvan de hoogte van uitkeringen onder meer ingevolge de Loonregeling tewerkstelling hoofdarbeider wordt bepaald.
grondslag: Loonregeling tewerkstelling hoofdarbeiders, doss. 66-0 no. 10 Afd. W 6 september 1943; Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 61
periode: (1943) 1945 - 1969
product: beschikking, onder andere:
Beschikking van het College van Rijksbemiddelaars (Stcrt. 1959, 106)
waardering: v 5 jaar na vervanging
(344)
handeling: Het stellen van nadere regels ten aanzien van plaatselijke sociale werkvoorzieningscommissie inzake instelling en taken, vacatiegelden en reis- en verblijfkosten van leden, aanwijzing van centrale organisaties en het verstrekken van inlichtingen door het gemeentebestuur.
grondslag: Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 4 tweede lid; gewijzigd (Stb. 1981, 363) art. 4 zevende lid, art. 5 eerste lid, art. 6 eerste lid (b.w. Stb. 1988, 440)
periode: 1969 - 1988
product: ministeriële regeling, onder andere:
Besluit houdende nadere regels betreffende de uitvoering van de Wet Sociale Werkvoorziening (Stcrt. 1968, 250)
waardering: v 5 jaar
(345)
handeling: Het bij amvb of ministeriële regeling stellen van regels inzake het aantal dienstbetrekkingen dat door het gemeentebestuur tot stand wordt gebracht.
grondslag: Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 7 derde tot en met zesde lid (b.w. Stb. 1988, 440)
periode: 1969 - 1988
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
handeling: Het goedkeuren van de indeling door het gemeentebestuur van een taak in een functieclassificatiesysteem.
grondslag: Sociale werkvoorzieningsregeling voor hoofdarbeiders (Stcrt.1953, 32) art. 12 tweede lid
periode: 1953 - 1968
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar
(351)
handeling: Het goedkeuren van tarieven die gebruikt worden bij de berekening van het loon.
grondslag: Sociale werkvoorzieningsregeling voor hoofdarbeiders (Stcrt. 1953, 32) art. 14
periode: 1953 - 1968
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar
(352)
handeling: Het verlenen van toestemming aan het gemeentebestuur voor de verstrekking van een toeslag in bepaalde gevallen cq om af te wijken van geldende bepalingen opgenomen in regelingen ten aanzien van de uitvoering van de sociale werkvoorziening
grondslag: Sociale werkvoorzieningsregeling voor hoofdarbeiders (Stcrt.1953, 32) art. 4 tweede lid, 15, 18 tweede lid, 19, 20 en 28; Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders van 21 december 1949 art. VII derde lid; Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1952, 130) art. 7 tweede lid, art. 21 en 25; Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 54 eerste lid, 80 tweede lid, 96; Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) zoals gewijzigd (Stb. 1986, 299) art. 30 tweede lid (b.w. Stb. 1988, 440); Besluit organisatie sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 512) art. 3 tweede lid (b.w. Stb. 1988, 663)
periode: 1952 - 1988
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(354)
handeling: Het stellen van nadere regels ter uitvoering van het Besluit vrijwillig vervroegde uittreding sociale werkvoorziening.
grondslag: Besluit vrijwillig vervroegde uittreding sociale werkvoorziening (Stb. 1981, 472) art. 2 derde lid, art. 13 (b.w. Stb. 1994, 579)
periode: 1981 - 1994
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(359)
handeling: Het aanwijzen van bescheiden die de werknemer bij vestiging in het buitenland, bij het uitbetalen van een bijzondere spaarrekening dient te overleggen.
handeling: Het toestaan dat bij overlijden van een rekeninghouder het tegoed wordt aangewend tot verruiming of vestiging van aanspraken bij een andere oudedagsvoorziening ten gunste van werknemers of houders van rekeningen.
grondslag: Besluit arbeidsvoorwaarden sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 518) zoals gewijzigd (Stb. 1969, 439) art. 9e (b.w. Stb. 1991, 765)
periode: 1969 - 1991
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(362)
handeling: Het aanwijzen van een kredietinstelling waar het gemeentebestuur een rekening kan openen ten behoeve van de oudedagsvoorziening van werknemers.
grondslag: Besluit arbeidsvoorwaarden sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 518) art. 9b tweede lid (b.w. Stb. 1990. 343)
periode: 1969 - 1990
product: aanwijzing
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(363)
handeling: Het overeenkomen van voorwaarden met kredietinstellingen in het kader van de overdracht van spaartegoeden van kredietinstellingen aan het pensioenfonds.
grondslag: Besluit arbeidsvoorwaarden sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 518) zoals gewijzigd (Stb. 1990, 343) art II
periode: 1990 - 1991
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na vervanging
(378)
handeling: Het stellen van regels m.b.t. het opleggen door het gemeentebestuur van disciplinaire maatregels aan werknemers.
handeling: Het geven van toestemming aan het gemeentebestuur voor tewerkstelling van werknemers, het verlengen van de periode van de tewerkstelling en de totstandbrenging van een object.
grondslag: Gewijzigde regeling inzake werkverruiming werkzoekende hoofdarbeiders april 1947 art. C tweede, derde en zesde lid, art. E eerste lid; Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders van 21 december 1949 art. IV tweede lid; gewijzigd bij (Stcrt. 1952, 130) art. 11 tweede lid
periode: 1947 - 1963
product: beschikking
waardering: b (6)
(382)
handeling: Het besluiten om de uitvoering van een object en/of een sociale werkvoorzieningsregeling aan een rechtspersoon of natuurlijke persoon te delegeren of het geven van toestemming aan het gemeentebestuur om hiertoe te besluiten.
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1952, 30) art. 7 tweede lid; Sociale werkvoorzieningsregeling voor hoofdarbeiders (Stcrt. 1953, 32) art. 5 tweede en derde lid; Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 5 eerste lid
periode: 1952 -1968
product: beschikking
waardering: b (6)
(383)
handeling: Het stellen van nadere regels inzake het voeren van de administratie door het gemeentebestuur.
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 86 tweede lid
periode: 1963 - 1968
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na vervanging
(384)
handeling: Het beslissen op een verzoek tot goedkeuring van de gemeente inzake toepassing van de GSW-regeling in een sociale werkplaats.
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 2 tweede lid
periode: 1963 - 1969
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(385)
handeling: Het stellen van voorwaarden voor plaatsing van werknemers bij een werkvoorzieningsschap
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 21 tweede lid
periode: 1963 - 1969
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na vervanging
(386)
handeling: Het stellen van nadere regels inzake het uitvoeringsplan van een werkobject
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 43 eerste lid
periode: 1963 - 1969
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na vervanging
(387)
handeling: Het ontheffen van gemeentebesturen van de plicht om bij het tot stand brengen van een gemeenschappelijke regeling, vooraf te overleggen met de betrokken commissie.
grondslag: Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 8 eerste lid (b.w. Stb.1988, 440)
periode: 1969 - 1988
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(388)
handeling: Het vaststellen van het normaantal werknemers op grond waarvan het aantal aanstellingsuren van de bedrijfsarts bij een werkvoorzieningsschap worden bepaald.
grondslag: Besluit organisatie sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 512) art. 8 derde lid (b.w. Stb. 1988, 663)
periode: 1969 - 1988
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(393)
handeling: Het bij of krachtens amvb gelijkstellen van een groep personen die niet in Nederland hun woonplaats hebben met personen die zijn opgenomen in het bevolkingsregister.
grondslag: Wet sociale werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 47 eerste lid (b.w. Stb. 1986, 299)
periode: 1969 - 1986
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
handeling: Het bij of krachtens amvb bepalen over welke uitgaven de gemeente advies moet vragen bij de rijksconsulent.
grondslag: Wet sociale werkvoorziening (Stb.1967, 687) zoals gewijzigd (Stb. 1981, 765) art. 42b tweede lid (b.w. Stb. 1988, 440)
periode: 1982 - 1989
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere
Besluit vaststelling saldo exploitatierekening werkverbanden der sociale werkvoorziening en advies over belangrijke uitgaven (Stb. 1981, 765)
waardering: b (4)
4.1.6
Financiering
(406)
handeling: Het stellen van regels bij de berekening van de subsidie ten aanzien van de hoogte van het percentage van de salariskosten voor leidinggevende personen
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 91 zesde lid
periode: 1963 - 1969
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar
(407)
handeling: Het vaststellen van regels voor een door het gemeentebestuur te verstrekken vergoeding ten behoeve van kosten van de werknemer
grondslag: Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 27 eerste lid (b.w. Stb. 1986, 299); Besluit geldelijke tegemoetkomingen sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 514) art. 4 (b.w. Stb. 1991, 765)
periode: 1969 - 1991
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
handeling: Het stellen van nadere regelingen ter uitvoering van het Besluit vaststelling saldo exploitatierekening werkverbanden der sociale werkvoorziening en advies over belangrijke uitgaven.
grondslag: Besluit vaststelling saldo exploitatierekening werkverbanden der sociale werkvoorziening en advies over belangrijke uitgaven (Stb. 1981, 765) art. 5
periode: 1982 - 1989
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na vervanging
4.1.7
Rechtsbescherming
(414)
handeling: Het beslissen in een geschil tussen het gemeentebestuur en de plaatselijke commissie voor sociale werkvoorziening .
grondslag: Sociale werkvoorzieningsregeling voor hoofdarbeiders (Stcrt.1953, 32) art. 7 derde lid, art. 8 tweede lid; Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 14 tweede lid
periode: 1953 - 1968
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(415)
handeling: Het goedkeuren van gemeentelijke beslissingen inzake een klacht van een werknemer wanneer deze beslissing afwijkt van het advies van de plaatselijke commissie voor sociale werkvoorziening.
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 32 vierde lid
periode: 1963 - 1968
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(416)
handeling: Het beslissen op een beroep ingesteld door een werknemer inzake strafoplegging door het gemeentebestuur.
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 38 derde lid
periode: 1963 - 1968
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(420)
handeling: Het behandelen van een beroep ingesteld door het gemeentebestuur tegen een besluit genomen door de Rijksconsulent op grond van de Wet sociale werkvoorziening.
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 99; Wet sociale werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 39 eerste lid (b.w. Stb. 1988, 440)
periode: 1963 - 1988
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(421)
handeling: Het beslissen bij geschillen tussen het gemeentebestuur en een privaat-rechtelijke rechtspersoon over een besluit tot aanwijzing als werkverband van een organisatorische eenheid.
grondslag: Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 11 derde lid (b.w. Stb. 1988, 440)
periode: 1969 - 1988
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
4.2
Voorzieningen voor kunstenaars
4.2.2
Totstandkoming van het beleid
4.2.3
Uitvoering
(428)
handeling: Het beslissen, eventueel na advies van de minister van Cultuur, inzake verzoeken van gemeenten of kunstenaars om een deskundig oordeel over de artistieke kwaliteiten van ingezonden kunstwerken.
grondslag: Beeldende Kunstenaars Regeling 1949, art. VI.
periode: 1949 - 1952
product: beschikking
waardering: v 5 jaar N.B. De neerslag van deze handeling is reeds vernietigd op grond van oude vernietiginsglijsten of incidentele machtiging.
(430)
handeling: Het verlenen van goedkeuring inzake individuele uitzonderingen en bijzondere toekenningen met betrekking tot uitkeringen.
grondslag: Beeldende Kunstenaars Regeling 1952 (Stcrt. 1952, 130) art. 6-7, 15 onder b, 36; Beeldende Kunstenaars Regeling 1956 (Stcrt. 1956, 132) art. 5 tweede lid, 18 tweede lid, 27-28, 41; Beeldende Kunstenaars Regeling 1964 (Stcrt. 1964, 36) art. 3 tweede lid, 13 onder d, 49; Beeldende Kunstenaars Regeling 1971 (Stcrt. 1971, 250) art. 22 en, (sinds Stcrt. 1974, 178), art. 3 tweede lid
periode: 1949 - 1987
product: beschikking
opmerking: Hieronder moet verstaan worden het geven van toestemming tot opname in de BKR van kunstenaars die niet aan de gestelde voorwaarden voldoen, het verlengen van uitkeringen, het geven van toestemming voor bijzondere opdrachten (muurschilderingen, vaste objecten) enz.
Het verzoek voor dergelijke uitzonderingen werd door het gemeentebestuur ingediend bij de Rijksconsulent, die dit weer doorstuurde naar het Ministerie. In een aantal gevallen werd alvorens het verzoek toe te zeggen of af te wijzen de Centrale Commissie gehoord.
waardering: v 5 jaar N.B. De neerslag van deze handeling is reeds vernietigd op grond van oude vernietiginsglijsten of incidentele machtiging.
(436)
handeling: Het beslissen op door kunstenaars ingediende verzoeken om revisie van beslissingen door gemeentebesturen genomen.
handeling: Het, in overeenstemming met de minister van Cultuur, goedkeuren van de benoeming van voorgedragen leden in plaatselijke commissies voor sociale kunstopdrachten en het aanwijzen van ministeriële vertegenwoordigers daarin.
opmerking: Vanaf 1956 kon de goedkeuring stilzwijgend geschieden.
waardering: v 5 jaar
(440)
handeling: Het (vanaf 1964 stilzwijgend) goedkeuren van de samenwerking tussen gemeenten inzake de vorming van een commissie voor sociale kunstopdrachten
handeling: Het verlenen van toestemming aan gemeentebesturen om bij de verdeling van de kunstwerken af te wijken van de voorgeschreven verdelingsverhouding.
handeling: Het registreren van de kunstwerken die op grond van de BKR zijn aangekocht en de verdeling van die werken tussen het Ministerie en de gemeenten.
handeling: Het verlenen van toestemming aan gemeenten om aan kunstenaars opdrachten voor muurschilderingen en andere moeilijk verdeelbare kunstwerken te verstrekken.
handeling: Het stellen van regels voor het in bruikleen geven van aan het Rijk toebehorende kunstwerken, die aangekocht zijn ingevolge de BKR.
bron: Memo van dhr. Kooyman d.d. 13 november 1950 (archief Directie CSV)
periode: 1949 - 1964
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(447)
handeling: Het in bruikleen geven van aan het Rijk toebehorende kunstwerken die aangekocht zijn ingevolge de BKR.
bron: Nota van het hoofd van de afdeling Sociale Bijstand, d.d. 1 mei 1951, no. 5580 S.B. (archief Directie CSV)
periode: 1949 - 1964
product: bruikleen overeenkomst
opmerking: Deze handeling werd vanaf 1964 door de Dienst Verspreide Rijkscollecties verricht.
waardering: v 5 jaar na beëindiging van de overeenkomst
4.3
Loongarantieregelingen
(449)
handeling: Het voorbereiden en vaststellen van beleid inzake overheidsbemoeienis met en ondersteuning van havenarbeidsreserves en loongarantieregelingen voor havenarbeiders.
grondslag:
periode: 1940 - 1972
product: beleidsnota, beleidsplan
waardering: b (1)
(450)
handeling: Het goedkeuren van loongarantieregelingen ten behoeve van havenarbeiders en van wijzigingen daarin.
grondslag:
periode: (1940) 1945 - 1972
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(451)
handeling: Het verlenen van rijksbijdragen in de kosten voor loongarantieregelingen ten behoeve van de bestaanszekerheid van havenarbeiders.
bron: Rijksbegrotingen
periode: (1940) 1945 - 1972
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(452)
handeling: Het controleren van de toepassing van loongarantieregelingen ten behoeve van havenarbeiders.
grondslag:
periode: (1940) 1945 - 1972
product: controlerapport
waardering: v 5 jaar
4.4
Additionele arbeid
4.4.2
Totstandkoming van het beleid
4.4.3
Uitvoering
4.4.4
Financiering en toezicht
5
Sociale voorzieningen ten aanzien van bepaalde groepen
5.1
Sociaal-culturele zorg voor arbeiders in woonoorden
(478) a
handeling: Het instellen van Centrale en Regionale Commissies voor cultureel werk in arbeiderskampen en geven van regels ten aanzien van taak, organisatie en werkwijze.
grondslag:
periode: 1940 - 1973
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733 (instelling CCCA)
Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241)
Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27)
Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 27 september 1973 (Stcrt. 1973, 196)
opmerking: Het instellen van Regionale Commissies gebeurde tot 1957 door de CCCA. In de periode 1957-1969 door de minister, op voordracht van de CCCA.
waardering: b (5)
(479) a
handeling: Het benoemen van leden van de Centrale en Regionale Commissies voor cultureel werk in arbeiderskampen en toevoegen van een secretaris en adviserende leden.
grondslag: Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733, art. 3 en 5; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 11, 12, 14 en 19; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 7-9
periode: 1946 - 1973
product: beschikking
opmerking: Bij de benoeming en het ontslag der leden werd de CCCA/SCCW gehoord.
waardering: v 5 jaar na ontslag
(483) a
handeling: Het, gehoord de CCCA/SCCW, benoemen van personeel (o.a. cultureel werkers) bij de CCCA/SCCW en de Regionale Commissies voor de uitoefening van de taak.
bron: Brief van de minister van Sociale Zaken, d.d. 4 november 1938, nr. 19-2923
Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 21; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 11 en 12
periode: (1939) 1945 - 1973
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na ontslag
(485) a
handeling: Het vergoeden van de personele en materiële kosten van het sociaal-cultureel werk in arbeiderskampen.
bron: Rijksbegrotingen
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 22 en 31; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 14, 20-21
periode: (1939) 1945 - 1973
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(487) b
handeling: Het goedkeuren van de jaarlijkse begrotingen van de CCCA/SCCW en het geven van aanwijzingen voor de besteding van bepaalde begrotingsgelden.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 23-25; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 16
periode: 1946 - 1973
product: beschikking, aanwijzing
waardering: b (1)
(488) b
handeling: Het geven van aanwijzingen aan de CCCA/SCCW voor het opstellen van de jaarlijkse begroting.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 23; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken en van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 15
periode: 1946 - 1973
product: aanwijzing
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(489) b
handeling: Het vaststellen van beleid inzake sociaal-cultureel werk in arbeiderskampen.
grondslag:
periode: 1946 - 1990
product: beleidsnota, beleidsplan
waardering: b (1)
(494) e
handeling: Het organiseren van sociaal-culturele activiteiten voor arbeiders die in groepsverband in woonoorden of op andere plaatsen buiten hun woonplaats gehuisvest zijn.
bron: jaarverslagen
grondslag: Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 6; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 4
periode: 1946 - 1990
product:
opmerking: vanaf 1973 waren sociaal-cultureel werkers de daadwerkelijke uitvoerders van deze handeling.
waardering: v 3 jaar
(496)
handeling: Het stellen van financiële voorwaarden voor het organiseren van bepaalde activiteiten van sociaal-cultureel werk.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 14
periode: 1969 - 1990
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na vervanging
(498)
handeling: Het beslissen in gevallen wanneer de gedelegeerde van de minister meent dat een besluit van de CCCA/SCCW of een Regionale Commissie niet strookt met het algemeen ministerieel beleid.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 26-28; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 17
periode: 1946 - 1973
product: beschikking
waardering: b (6)
(499)
handeling: Het toekennen van subsidie aan kerken en instellingen voor de geestelijke verzorging van in kampen gehuisveste en daarmee gelijkgestelde arbeiders.
bron: Rijksbegrotingen
periode: (1940) 1945 - 1990
product: toekenningsbrief, beschikking
waardering: v 5 jaar na vaststelling De vaststelling van het subsidiebeleid wordt gerekend tot de handeling het vaststellen van beleid (zie nr. 489)
5.2
Sociaal-culturele zorg voor varenden
5.3
Voorzieningen voor gehandicapten (Wvg)
(512) a
handeling: Het uitbrengen van evaluatieverslagen aan de Staten-Generaal over de uitvoering van de Wet voorzieningen gehandicapten.
Een verstrekkende wet: evaluatie van de Wet voorzieningen gehandicapten, eerste meting, IPSO FACTO, SGBO, Den Haag, Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid 1995
waardering: b (2)
5.4
Bijstand in Natura
(514)
handeling: Het vaststellen van beleid inzake hulpverlening in natura aan minvermogenden.
bron: Staatsalmanakken
periode: 1940 - 1965
product: beleidsnota's
opmerking: In veel gevallen zal dit beleid samen met andere ministeries, zoals Binnenlandse Zaken, Financiën en Landbouw, vastgesteld zijn.
waardering: b (1)
(515)
handeling: Het zorgdragen voor uitvoeringsorganisaties voor hulpverlening in natura aan minvermogenden.
grondslag:
periode: 1940 - 1965
product: organisatiebesluit, contract, subsidie
waardering: b (5)
(516) a
handeling: Het geven van voorschriften voor de distributie van levensmiddelen.
grondslag:
periode: 1940 - 1965
product: voorschriften, circulaire
waardering: b (4)
(518)
handeling: Het vergoeden van (een deel van de) exploitatiekosten van instellingen voor massavoeding aan gemeenten.
grondslag:
periode: 1940 - 1950
product: beschikking
Opmerking: Het gaat hierbij o.a. om Centrale Keukens, maaltijden aan geëvacueerden en schoolvoeding.
waardering: b (9)
Actor: De Minister van Maatschappelijk Werk/ de Minister van Welzijn
1
Algemene handelingen
(1) b
handeling: Het voorbereiden, (mede-)vaststellen, coördineren en evalueren van het beleid betreffende de sociale voorzieningen.
handeling: Het leveren van bijdragen aan de totstandkoming van het nationale beleid van andere ministers, voor zover dit (mede) betrekking heeft op de sociale voorzieningen.
grondslag:
periode: 1952 -
product: inlichtingen, advies, nota
waardering: b (1)
(3) b
handeling: Het (doen) verrichten van onderzoek ten behoeve van de beleidsbepaling inzake sociale voorzieningen.
handeling: Het voeren van overleg met vakministers en vertegenwoordigers van uitvoeringsorganen (VNG en Divosa) over aangelegenheden betreffende de sociale voorzieningen.
grondslag:
periode: 1952 -
product: verslag, notulen, akkoord
waardering: b (1)
(7) b
handeling: Het voorbereiden van nieuwe wetgeving betreffende de sociale voorzieningen en van wijziging of herziening van bestaande wetgeving.
handeling: Het voorbereiden van het overleg met en informeren van de Staten-Generaal, voor zover het de sociale voorzieningen betreft.
grondslag:
periode: 1952 -
product: antwoord op kamervragen, brief aan de Staten-Generaal etc.
waardering: b (2)
(10) b
handeling: Het geven van inlichtingen aan (de Commissie van de Verzoekschriften van) de Staten-Generaal en aan de Ombudsman naar aanleiding van klachten van burgers.
grondslag:
periode: 1952 -
product: inlichtingen, verslag
waardering: b (7)
(11) b
handeling: Het informeren van belangstellenden over de organisatie (ministerie en uitvoerende diensten) en sociale voorzieningen in het algemeen.
handeling: Het instellen, wijzigen en opheffen van organisatie-eenheden op het beleidsterrein sociale voorzieningen.
grondslag:
periode: 1952 -
product: (organisatie)besluiten
waardering: b (5)
(15) c
handeling: Het (bij K.b.) instellen van landelijke commissies voor advisering over het beleid en wet - en regelgeving ten aanzien van sociale voorzieningen.
grondslag: o.a. (Rijks)Groepsregelingen; Sociale Voorziening nr. 8347, 30 juni 1952 gewijzigd bij no. 3171, 12 april 1955 art. 69 eerste lid
periode: 1952 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Instellingsbeschikking van de Centrale Coördinatie Commissie Sociale Voorzieningen, d.d. 12 september 1945, afd. H.O. nr. 535
Koninklijk besluit van 12 april 1947 (Stcrt. 1947, 75) inzake instelling Staatscommissie Vervanging Armenwet
Instellingsbeschikking Commissie voor Blindenvraagstukken (Stcrt. 1948, 85)
Instellingsbeschikking Centrale Revisie en Contact Instantie 1952
Instellingsbeschikking Centrale Commissie Blindenvoorziening (Stcrt. 1956, 194)
waardering: b (5)
(16) c
handeling: Het (bij K.b.) benoemen van de leden, plaatsvervangende leden, secretaris en adjunct-secretaris van (landelijke) adviescommissies.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 82 tweede tot en met zesde lid (b.w. Stb. 1963, 284); Instellingsbeschikkingen; Rijksgroepsregelingen; Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 zesde en achtste lid; gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 11a en 72 vierde en vijfde lid (b.w. Stb. 1987, 631)
periode: 1952 - 1983
product: beschikking / Koninklijk besluit
opmerking: In de meeste gevallen worden de leden van de commissies bij ministerieel besluit benoemd, in een klein aantal gevallen bij K.b. (bijv. de leden van de Algemene Armencommissie en de voorzitter van het College Algemene Bijstandswet).
waardering: v 10 jaar na ontslag
(17) b
handeling: het toevoegen van ambtelijke adviseurs aan het College Algemene Bijstandswet en landelijke adviescommissies.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 zevende lid; gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 72 vijfde lid (b.w. Stb. 1987, 631); Besluit bijstandsverlening woonwagenbewoners (Stb. 1974, 359) art. 21 derde lid (b.w. Stb. 1987, 443)
periode: 1970 - 1983
product: beschikking
waardering: v 10 jaar na ontslag
(18) c
handeling: Het (bij K.b.) vaststellen van regels voor de samenstelling, werkwijze en bevoegdheden van (landelijke) adviescommissies.
grondslag: o.a. Besluit tot uitvoering van art. 82 der Armenwet (Stb. 1912, 265) art. 5 (b.w. Stb. 1963, 284); Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 twaalfde lid; gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 11a vijfde lid en 74a (b.w. Stb. 1987, 631); Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 28 vierde lid (b.w. Stb. 1986, 544); Besluit bijstandsverlening woonwagenbewoners (Stb. 1974, 359) art. 20 zesde lid (b.w. Stb. 1981, 830) en 21 zesde lid (b.w. Stb. 1987, 443)
periode: 1952 - 1983
product: ministeriële regeling / Koninklijk besluit, onder andere:
Beschikking werkwijze en samenstelling Commissie van Advies inzake bijstandsverlening aan woonwagenbewoners (Stcrt. 1974, 134)
Beschikking werkwijze en samenstelling Commissie van Advies inzake bijstandsverlening bij aankoop van woonwagens (Stcrt. 1974, 134)
waardering b (5)
(20) b
handeling: Het verzoeken aan het College Algemene Bijstandswet of vaste adviescommissies om een commissie in te stellen voor de behandeling van bepaalde onderwerpen.
grondslag: o.a. Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 dertiende lid
periode: 1970 - 1972
product: verzoek
waardering: v 5 jaar
(23) b
handeling: Het instellen van ad hoc-commissies die advies moeten uitbrengen over aspecten van het beleid ten aanzien van de sociale voorzieningen.
grondslag:
periode: 1952 - 1983
product: instellingsbeschikkingen van verschillende ad hoc-commissies, onder andere:
waardering: v 5 jaar na beëindiging van deelname of opheffing
(25) b
handeling: Het deelnemen aan het bestuur van privaatrechtelijke instellingen op het gebied van de sociale voorzieningen.
grondslag:
periode: 1952 - 1983
product: bestuurs(lidmaatschaps)archief
opmerking: Hierbij kan gedacht worden aan de Stichting Voorzieningsfonds voor Kunstenaars.
waardering: v 5 jaar na beëindiging van deelname of opheffing
(26) b
handeling: Het oprichten van privaatrechtelijke instellingen op het gebied van de sociale voorzieningen
grondslag:
periode: 1952 - 1983
product: oprichtingsakte, statuten, verslaglegging naar de oprichters bv. jaarverslagen
waardering: b (5)
(27) b
handeling: Het verlenen van subsidies aan instellingen die een adviserende of uitvoerende taak hebben op het terrein van de sociale voorzieningen.
bron: Rijksbegrotingen
periode: 1952 -
product: beschikking, toekenningsbrief
opmerking: Hier bedoelde instellingen zijn onder andere Divosa, VNG, Stichting Voorzieningsfonds voor Kunstenaars (VvK), Landelijke Veranderingsorganisatie (LVO), Nederlandse Vereniging Sociale Zorg voor Mindervaliden (AVO), Stichting “Aanpassingen voor Gehandicapten”, Nationaal Orgaan Zwakzinnigenzorg.
waardering: v 5 jaar na vaststelling De vaststelling van et subsidiebeleid wordt gerekend tot de handeling het vaststellen van beleid (zie nr. 1)
(28) b
handeling: Het verlenen van subsidies aan (experimentele) projecten op het terrein van de sociale voorzieningen.
bron: Rijksbegrotingen
periode: 1952 - 1983
product: toekenningsbrief
opmerking: Het betreft hier subsidies die op grond van het subsidieartikel uit de Rijksbegroting verstrekt worden en geen grondslag hebben in een andere wet (zoals de Jeugdwerkgarantiewet of de Wet Werkloosheidsvoorziening). Bepaalde projecten worden gesubsidieerd om beleidsontwikkelingen te stimuleren.
waardering: b (6)
(29) b
handeling: Het (bij amvb) vaststellen van regels voor het door de gemeentebesturen verstrekken van gegevens ten behoeve van de statistiek betreffende de sociale voorzieningen.
Regeling frauderegistratie Abw, Ioaw en Ioaz (Stcrt. 1995, 192)
opmerking: Voor het vaststellen van een regeling diende de Centrale Commissie voor de Statistiek gehoord te worden. Bij de invoering van de Wet afschaffing adviesverplichtingen (Stb. 1995, 355) verviel deze verplichting.
waardering: b (4)
(33) b
handeling: Het (bij amvb) regelen van taken, bevoegdheden en ambtsgebieden van bijstandsconsulenten en rijksconsulenten.
grondslag: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) art. 38 tweede lid; Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 81b tweede lid (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1952 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling, onder andere:
Besluit 29 december 1964, nr, 76952/Va (Stcrt. 1965/5)
Besluit bijstandsconsulenten (Stb. 1974, 521)
opmerking: Met ingang van 1 oktober 1988 zijn de per provincie bestaande Rijksconsulentschappen sociale zekerheid geïntegreerd in vijf nieuwe Rijksconsulentschappen.Met ingang van 1 januari 1996 hebben de rijksconsulenten geen aparte wettelijke taken meer.
waardering: b (4)
(34) b
handeling: Het geven van instructies en richtlijnen aan rijksconsulenten en bijstandsconsulenten.
grondslag: onder andere: Besluit bijstandsconsulenten (Stb. 1974, 521) art. 6 (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1952 - 1983
product: ministeriële regeling / instructie / richtlijn, onder andere:
Rapport Financiële controle ABW 1978
Nota 'Uitgangspunten en normering toetsings- en maatregelenbeleid' (Kamerstukken II, 1991-1992, 22 300 XV, nr. 92)
waardering: b (4)
(39) b
handeling: Het controleren van de uitgaven door gemeenten voor de sociale voorzieningen op rechtmatigheid en doelmatigheid
handeling: Het signaleren van problemen bij gemeenten of uitvoerende instanties bij de toepassing van de wetgeving of de uitvoering van de sociale voorzieningen.
opmerking: Op grond van hun toezichtstaak worden door de ministers en de Rijksconsulenten problemen bij de uitvoerende instanties gesignaleerd, die leiden tot het maken van opmerkingen hunnerzijds. Indien de gemeente of instantie hieraan geen gehoor geeft kunnen maatregelen getroffen worden in de vorm van weigering van (een deel van) de rijksvergoeding, het geven van een aanwijzing of het voordragen van een gemeentelijk besluit voor vernietiging door de Kroon. Deze maatregelen worden als aparte handelingen beschreven
waardering: b (6)
(41) b
handeling: Het voordragen van gemeentelijke besluiten voor schorsing of vernietiging door de Kroon.
handeling: Het bij amvb vaststellen van regels voor
de in te dienen opgaven van aantallen bedeelden of verpleegden, inkomsten en uitgaven van instellingen van weldadigheid;
het verdelen van gelden over de verschillende plaatselijke instellingen van weldadigheid door armenraden of colleges van burgemeester en wethouders;
de bevoegdheden van besturen van de armenraden en de verkiezing en aanstelling van de leden daarvan.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1929, 326) art. 13 derde lid, 16 tweede lid, 23 eerste lid, 42 zesde lid, 45, 48 derde lid, 49 tweede lid, 50 eerste lid en 56 tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284, behalve art. 13 derde lid)
periode: 1952 -
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling, onder andere:
Besluit tot uitvoering van de artikelen 13, 16, 23, 48, 49, 50 en 56 der Armenwet (Stb. 1912, 264) zoals gewijzigd (Stb. 1929, 454)
opmerking: Bij ministeriële regeling werden modellen opgesteld voor door de instellingen van weldadigheid in te dienen lijsten van aantallen bedeelden of verpleegden, inkomsten en uitgaven.
waardering: b (5)
(43) b
handeling: Het vaststellen van (beleids)regels voor de uitvoering van bijstandsverlening aan bijzondere (groepen) behoeftigen door gemeenten en de bijdragen daarvoor van het Rijk.
grondslag:
periode: 1952 - 1965
product: ministeriële regeling, circulaires
opmerking: Door de minister van Binnenlandse Zaken, na 1952 van Maatschappelijk Werk werden onder andere kosten vergoed voor bijstandsverlening aan Nederlanders in het buitenland, armlastige vreemdelingen in Nederland, gerepatrieerden, werklozen en woonwagenbewoners.
waardering: b (4)
(44) b
handeling: Het jaarlijks uitbrengen van verslag aan de Staten-Generaal over de zorg van de regering voor de sociale voorzieningen.
handeling: Het bij K.b. beslissen dat ondersteuning aan een bepaalde arme door burgemeester en wethouders moet worden toegekend.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 32 eerste lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1952 - 1964
product: Koninklijk besluit
waardering: v 5 jaar
(46) b
handeling: Het bij of krachtens amvb vaststellen van voorschriften met betrekking tot plaatsing van armen, die psychiatrische behandeling en verpleging behoeven in daartoe aangewezen inrichtingen.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1935, 379) art. 39 vierde lid (b.w. Stb. 1955, 456); Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136) art. 8 (b.w. Stb. 1949, J 115); Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115) art. 8
periode: 1952 - 1955
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling, onder andere:
Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136)
Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115)
waardering: b (4)
(47) b
handeling: Het aanwijzen van inrichtingen in den zin van artikel 7 der wet tot regeling van het Staatstoezicht op krankzinnigen, die geschikt zijn voor de psychiatrische behandeling en verpleging van armen.
grondslag: Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136) art. 1 eerste en derde lid (b.w. Stb. 1949, J 115); Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115) art. 1 eerste en derde lid
periode: 1952 - 1955
product: lijst van inrichtingen
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(48) b
handeling: Het aanwijzen van deskundigen die een verklaring mogen afleggen over de geestelijke toestand van een bepaald persoon en de noodzaak tot opname in een gesticht als bedoeld in art. 7 der wet tot regeling van het Staatstoezicht op krankzinnigen.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1935, 379) art. 39 vierde lid (b.w. Stb. 1955, 456); Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136) art. 3 eerste en tweede lid; Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115) art. 3 eerste en tweede lid
periode: 1952 - 1955
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(49) b
handeling: Het stellen van regels voor de taak van de deskundigen die een verklaring als bedoeld in art. 39 derde lid van de Armenwet mogen afgeven.
grondslag: Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136) art. 3 derde lid; Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115) art. 3 derde lid
periode: 1952 - 1955
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na vervanging
(50) b
handeling: Het toekennen van vergoedingen aan deskundigen die een verklaring als bedoeld in art. 39 derde lid van de Armenwet mogen afgeven.
grondslag: Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136) art. 5; Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115) art. 5 tweede lid
periode: 1952 - 1955
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(51) b
handeling: Het bij K.b. beslissen dat de kosten voor bijstand voor een arme ten laste komen van de vorige verblijfplaats van de arme of van een in die gemeente gevestigde instelling van weldadigheid, indien de oude en nieuwe verblijfplaats in verschillende provincies liggen.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 40 tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284) en (Stb. 1935, 379) art. 39bis (b.w. Stb. 1955, 456)
periode: 1952 - 1964
product: Koninklijk besluit
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(52) b
handeling: Het voorschieten en terugvorderen van de kosten voor verpleging of verzorging in een inrichting van een arme in gevallen van onzekerheid door welk orgaan deze gedragen zouden moeten worden.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1955, 456) art. 30e en 39 vierde lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1955 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(53) b
handeling: Het verlenen van bijstand aan armlastige Nederlanders in het buitenland.
bron: Staatsalmanakken
periode: 1952 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar N.B. is reeds vernietigd op grond van oude vernietigingslijsten of incidentele machtiging. Voor beleidsbepaling zie nr. 1, voor circulaires etc zie nr. 43.
(54) b
handeling: Het verhalen van de kosten voor verpleging door het Rijk gemaakt en voor behoeftige Nederlanders in het buitenland.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1929, 326) art. 63 tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1952 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar N.B. is reeds vernietigd op grond van oude vernietigingslijsten of incidentele machtiging. Voor beleidsbepaling zie nr. 1, voor circulaires etc zie nr. 43.
2.4
Instellingen van weldadigheid
(56) b
handeling: Het bij K.b. goedkeuren van gemeentelijke en provinciale besluiten omtrent het regels van de bestemming van bezittingen van een op te heffen instelling van weldadigheid.
handeling: Het bij K.b. vaststellen van termijnen waarin door het bestuur van een instelling van weldadigheid een regeling getroffen moet worden voor het beheer of de bestemming van de bezittingen van de instelling.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 9 en 10 eerste lid (b.w. Stb. 1976, 229)
periode: 1952 - 1976
product: Koninklijk besluit
waardering: v 10 jaar
(58) b
handeling: Het bij K.b. goedkeuren van regelingen van Gedeputeerde staten voor het toezicht op het beheer van instellingen van weldadigheid, wanneer daar niet of niet voldoende in is voorzien.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1929, 326) art. 11a en 11b (b.w. Stb. 1976, 229)
periode: 1952 - 1976
product: Koninklijk besluit
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(59) b
handeling: Het bij K.b. vernietigen van beslissingen van Gedeputeerde staten in beroepszaken van besturen van instellingen van weldadigheid tegen de beslissingen van burgemeester en wethouders inzake de goedkeuring van de begroting en de rekening en verantwoording van een instelling.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 27 derde lid
periode: 1952 -
product: Koninklijk besluit
waardering v 5 jaar
(60) b
handeling: Het goedkeuren van bepaalde besluiten van armenraden of colleges van burgemeester en wethouders inzake de verdeling van gelden over de verschillende plaatselijke instellingen van weldadigheid.
grondslag: Besluit tot uitvoering van de artikelen 13, 16, 23, 48, 49, 50 en 56 der Armenwet (Stb. 1912, 264) art. 16-18 (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1952 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(61) b
handeling: Het stellen van voorschriften voor de begroting en de rekening van instellingen van weldadigheid en voor de verslagen van de controle op het geldelijk beheer en de boekhouding van die instellingen.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1950, K575) art. 20 quater vierde lid en 27 eerste lid
periode: 1952 -
product: ministeriële regeling
Opmerking: Voor het vaststellen van de regeling diende Gedeputeerde staten gehoord te worden.
waardering: v 5 jaar na vervanging
(62)
handeling: Het bij amvb vaststellen van regels inzake het toezicht van Gedeputeerde staten op het archiefbeheer bij instellingen van weldadigheid.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1962, 313; i.w. Stb. 1968, 201) art. 20octies derde lid
periode: 1968 -
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
- Besluit houdende vaststelling van de in het derde lid van artikel 20 octies van de Rompwet Instellingen van Weldadigheid bedoelde regels (Stb. 1979, 42)
waardering: v 5 jaar
2.5
Armenraden
(63) b
handeling: Het bij K.b. instellen van een armenraad in een gemeente of enkele gemeenten samen, het vaststellen van de grenzen van het ambtsgebied en het bepalen van het aantal bestuursleden, vertegenwoordigers en plaatsvervangende vertegenwoordigers van de raad.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1929, 326) art. 41, 42 tweede lid en 46 tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1952 - 1964
product: instellingsbeschikking
opmerking: Voor het nemen van het besluit diende de Algemene Armencommissie gehoord te worden.
waardering: b (5)
(65) b
handeling: Het bij K.b. schorsen van de werkzaamheden van een armenraad, verlengen en opheffen van de schorsing.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 53 tweede en derde lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1952 - 1964
product: Koninklijk besluit
waardering: b (7)
(66) b
handeling: Het bij K.b. benoemen van secretarissen van armenraden en vaststellen van de bezoldiging.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 51 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1952 - 1964
product: Koninklijk besluit
waardering v 5 jaar na ontslag
(67) b
handeling: Het (bij K.b.) goedkeuren van huishoudelijke reglementen en instructies voor de secretaris van een armenraad.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 51 derde lid en 52 eerste lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1952 - 1965
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(68) b
handeling: Het (bij amvb) vaststellen van voorschriften voor het jaarverslag, de begroting en de rekening van de armenraden.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 56 eerste lid, 62 (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1952 - 1964
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar
(69) b
handeling: Het bij K.b. vaststellen van het aandeel van de verschillende gemeenten in de kosten van de armenraad, wanneer deze voor een aantal gemeenten gezamenlijk is ingesteld en de gemeenten in verschillende provincies liggen.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 61 tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1952 - 1964
product: Koninklijk besluit
waardering: v 5 jaar
2.6
De algemene armencommissie
(70) b
handeling: Het bij amvb instellen van een Algemene Armencommissie en vaststellen van het werkterrein van die commissie
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 82 eerste lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1952 - 1964
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Besluit tot uitvoering van art. 82 der Armenwet (Stb. 1912, 265)
waardering: b (5)
3
Bijstand en aanverwante regelingen
3.1
Algemene bijstandwet en groepsregelingen
3.1.2
Totstandkoming van het beleid, beleidsbepaling en -evaluatie
(72) a
handeling: Het bij amvb vaststellen van regels ten aanzien van bijstandsverlening in de vorm van een geldlening onder verband van hypotheek.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 7a tweede lid (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1970 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
handeling: Het stellen van regels voor uitvoering van de verlening van krediethypotheken.
grondslag: Besluit krediethypotheek (Stb. 1971, 409) art. 1 derde lid (b.w. Stb. 1983, 602);
periode: 1971 - 1983
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(74) a
handeling: Het stellen van regels voor de herziening van de hoogte van de bijstand in verband met de harmonisatie van de bijstandsverlening in de gemeenten.
grondslag: Wet, houdende nadere regels van tijdelijke aard ten aanzien van de bijstand in de algemene noodzakelijke kosten van bestaan (Stb. 1971, 310) art. 2
Vaststelling bedragen Rijksgroepsregelingen (Stcrt. 1973, 88) art. VI
waardering: b (4)
(75) b
handeling: Het bij amvb regels van de toekenning van de vakantie-uitkering als onderdeel van de bijstand.
grondslag: Wet, houdende nadere regels van tijdelijke aard ten aanzien van de bijstand in de algemene noodzakelijke kosten van bestaan (Stb. 1971, 310) art. 1 eerste lid onder c
periode: 1971 - 1974
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
K.b., houdende toekenning van een vakantie-uitkering aan niet in inrichtingen verblijvende personen (Stb. 1971, 436)
Opmerking: In 1974 werd de vakantie-uitkering een onderdeel van de landelijke normering en dus opgenomen in het B.l.n., onder art. 15.
waardering: b (4)
(76) a
handeling: Het bij amvb vaststellen van nadere regels ten aanzien van de verlening van bijstand door de gemeenten.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 11 eerste lid (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1973 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
handeling: Het bij amvb vaststellen van regels betreffende de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder bijstand kan worden verleend in de vorm van een geldlening en de terugbetaling daarvan.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (1978, 127) art. 4a vierde lid (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1979 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur
waardering: b (1)
(79) a
handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de omvang van de buitengewone uitgaven.
grondslag: Bijstandsbesluit landelijke draagkrachtcriteria (Stb. 1980, 87) art. 15 tweede lid (b.w. Stb. 1991, 337)
handeling: Het bij amvb vaststellen van de minimumbedragen voor bepaalde noodzakelijke kosten van bestaan (in verband met de bijstandsverlening).
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284) art. 1 derde lid (b.w. Stb. 1972, 675)
periode: 1963 - 1972
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
K.b. van 21 december 1964 (Stb. 552) houdende vaststelling van een algemene maatregel van bestuur ter uitvoering van artikel 1 derde lid
waardering: b (4)
(92) a
handeling: Het bij amvb vaststellen van regels voor de vaststelling van de minimumbedragen voor de algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1979, 711) art. 1 derde lid
periode: 1980 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur
waardering: b (4)
(93) a
handeling: Het herzien van de normbedragen voor de bijstandsverlening in het B.l.n. en de daarbij behorende regelingen en de normbedragen voor uitkeringsgerechtigden in het buitenland.
grondslag: Bijstandsbesluit landelijke normering (Stb. 1974, 418) art. 19 en de op het B.l.n. gebaseerde regelingen (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1974 - 1983
product: ministeriële beschikkingen/besluiten
opmerking: Deze wijzigingen van de normbedragen zijn in de (Nederlandse) Staatscourant gepubliceerd. De vindplaatsen hiervan zijn hier niet verder uitgewerkt/opgenomen. Vanwege de normbedragen voor bijstandsverlening aan uitkeringsgerechtigden die buiten Nederland wonen worden afgestemd op de kosten van levensonderhoud in het desbetreffende land. De ambassades doen een voorstel voor de normbedragen, dat door de minister wordt goedgekeurd. Voor Indonesië geldt dat de normbedragen door de ambassade zelf worden vastgesteld (overeenkomstig het loon van de laagst betaalde ambtenaar van de ambassade).
waardering: v 5 jaar
(94) a
handeling: Het wijzigen van de normbedragen van de draagkrachtcriteria.
N.B. Tot 1963 werden de bijstandsregelingen voor zelfstandigen mede door minister van Economische Zaken ondertekend. De regeling uit 1943 kwam tot stand als regeling van de Secretaris-Generaal van het Departement van Sociale Zaken in overleg met die van het Departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart. Deze secretarissen-generaal worden hier verder beschouwd als voorgangers van de ministers van Sociale Zaken en Economische Zaken.
ten aanzien van gehandicapten
Circulaire van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 18 augustus 1952, nr. C. 9590, afd S.B. en M.O.
Circulaire van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 20 september 1955, nr. 9190, afdeling S.B. en C.A.
Circulaire van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 9 november 1955, nr. 8869, afdeling S.B. en C.A.
Voorziening voor Blinden (Stcrt. 1956, 84)
Circulaire van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 14 maart 1957, nr. 1014, afdeling S.B. en C.A.
Tijdelijk Bijstandsverlening aan Mindervaliden (Stcrt. 1962, 85)
handeling: Het bij amvb vaststellen dat de rijksgroepsregelingen ook geldt voor bepaalde Nederlanders die zich in het buitenland bevinden of voor bepaalde vreemdelingen die zich in Nederland bevinden.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 421) art. 82a eerste lid (b.w. Stb. 1995, 200) en 84 eerste lid (b.w. Stb. 1991, 65)
periode: 1970 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur
waardering: b (1)
(115) a
handeling: Het bepalen wat moet worden verstaan onder inkomsten (en verwervingskosten) en bepalen of die van invloed zijn op de uitkering.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1964, 553) zoals gewijzigd (Stb. 1970, 476) art. 14 (b.w. Stb. 1974, 419); Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 13 (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 13 (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 3 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544); Tijdelijke Rijksgroepsregeling Mindervaliden (Stb. 1965, 444) art. 15 zesde lid en 16; gewijzigd (Stb. 1970, 475) art. 15 vierde lid en 16 (b.w. Stb. 1974, 419) e.a.
periode: 1965 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Regeling inkomen bij toepassing van Rijksgroepsregelingen (Stcrt. 1970, 245)
opmerking: De regeling is tot stand gekomen gehoord de Centrale Commissie Zelfstandigen.
waardering: b (4)
(116) a
handeling: Het vaststellen van regels voor de verrekening van heffingen bij de vaststelling van de uitkering volgens een rijksgroepsregeling.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1964, 553) art. 17 (b.w. Stb. 1974, 419); Tijdelijke Rijksgroepsregeling Mindervaliden (Stb. 1965, 444) art. 18 tweede lid (b.w. Stb. 1974, 419) e.a.
periode: 1965 - 1974
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(117)
handeling: Het wijzigen van regels omtrent de vereiste toestemming van de minister bij de toekenning van een uitkering.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 24 tweede lid (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 22 tweede lid (b.w. Stb. 1987, 148); Tijdelijke Rijksgroepsregeling Mindervaliden (Stb. 1965, 444) art. 29 tweede en derde lid (b.w. Stb. 1974, 419) e.a.
periode: 1965 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking 'instemmingsrecht' (Stcrt. 1971, 236)
Beschikking instemmingsrecht (Stcrt. 1975,1)
waardering: b (4)
(118) a
handeling: Het stellen van nadere regels ter bepaling van de gevallen waarin de aanvrager als kostwinner wordt aangemerkt.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1964, 553) art. 2 tweede lid (b.w. Stb. 1984, 626); Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 4 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1965 - 1983
product: ministeriële regeling
opmerking: Voor de vaststelling van de regeling diende de Centrale Commissie Zelfstandigen gehoord te worden.
waardering: b (4)
(119) a
handeling: Het (tot 1968 bij amvb) herzien van de hoogte van de bijstandsuitkeringen en toeslagen die op grond van de verschillende rijksgroepsregelingen worden verleend.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1964, 553) art. 9 eerste lid; gewijzigd (Stb. 1966, 393); gewijzigd (Stb. 1968, 502) (b.w. Stb. 1974, 419); Tijdelijke Rijksgroepsregeling Mindervaliden (Stb. 1965, 444) art. 12 eerste lid; gewijzigd (Stb. 1968, 501) art. 12 (b.w. Stb. 1974, 419); Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 22; gewijzigd (Stb. 1969, 614) art. 22, 31 derde lid en 33 tweede lid; vernummerd (Stb. 1973, 506) art. 33 eerste lid (b.w. Stb. 1986, 544) e.a.
periode: 1965 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling
opmerking: De uitkeringen werden jaarlijks of halfjaarlijks aangepast. De besluiten werden in het Staatsblad of de Staatscourant gepubliceerd.
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
3.1.3.4
Zelfstandigen
(135) a
handeling: Het stellen van regels voor de informatieverstrekking door burgemeester en wethouders aan de Plaatselijke Commissie Zelfstandigen.
grondslag: Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5), zoals gewijzigd (Stb. 1969, 614) art. 31 vierde lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1969 - 1983
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na vervanging
(136) a
handeling: Het stellen van regels voor de toekenning van vacatiegelden door burgemeester en wethouders aan leden van Plaatselijke Commissies Zelfstandigen.
Besluit van de ministers van Sociale Zaken en van Maatschappelijk Werk van 19 januari 1965, nr. 76991 (Stcrt. 1965, 36)
waardering: v 5 jaar na vervanging
(137) a
handeling: Het stellen van regels voor het bepalen wanneer iemand als zelfstandige in de zin van de rijksgroepsregelingen kan worden aangemerkt.
grondslag: Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 2 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544); Rijksgroepsregeling oudere zelfstandigen (Stb. 1977, 526) art. 1 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1965 - 1983
product: ministeriële regeling
opmerking: Voor de vaststelling van de regeling diende de Centrale Commissie Zelfstandigen gehoord te worden.
waardering: b (4)
(138) a
handeling: Het, in overeenstemming met een betrokken minister en de Centrale Commissie Zelfstandigen, bepalen welke maatregels ter sanering van een bedrijfstak de Rijksgroepsregeling oudere zelfstandigen voor die bedrijfstak niet toepasbaar maken.
handeling: Het vaststellen van regels voor het afwijken van de wettelijke uitkeringsperiode van een zelfstandige.
grondslag: Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 26 derde lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1965 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Besluit ter uitvoering van artikel 26 derde lid van de Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stcrt. 1975, 34)
waardering: b (4)
(141) a
handeling: Het stellen van regels voor de gevallen waarin de minister de Centrale Commissie niet hoeft te horen voor de bijstandsverlening aan zelfstandigen boven een bepaald bedrag.
grondslag: Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5), zoals gewijzigd (Stb. 1969, 614) art. 33 derde lid; gewijzigd (Stb. 1973, 506) art. 33 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1969 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Besluit verstrekking bedrijfskapitaal aan zelfstandigen (Stcrt. 1970, 40)
Besluit verstrekking bedrijfskapitaal aan zelfstandigen (Stcrt. 1974, 3)
waardering: v 5 jaar na vervanging
(142) a
handeling: Het, gehoord de Centrale Commissie Zelfstandigen, vaststellen van regels voor de waardering van het vrij te laten vermogen voor het bedrijf of beroep van een zelfstandige.
grondslag: Rijksgroepsregeling oudere zelfstandigen (Stb. 1977, 526) art. 9 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1977 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Besluit nadere regels voor de vaststelling van voor het bedrijf of beroep bestemde vermogen (Stcrt. 1977, 190) (jaarlijkse wijzigingen gepubliceerd in de Staatscourant)
waardering: b (4)
(143) a
handeling: Het stellen van regels voor het verlenen van bijstand aan oudere zelfstandigen indien het inkomen uit het bedrijf of beroep beneden het in de rijksgroepsregeling gestelde minimum is gedaald.
grondslag: Rijksgroepsregeling oudere zelfstandigen (Stb. 1977, 526) art. 4 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 544)
periode: 1977 - 1983
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(145) a
handeling: Het besluiten in bijzondere gevallen andere waarborgen voor de bestemming van een oudedagsvoorziening te aanvaarden dan de in de rijksgroepsregeling genoemde.
grondslag: Rijksgroepsregeling vrijlating oudedagsvoorziening bijzondere groepen (Stb. 1974, 825) art. 6 derde lid (b.w. 1987, 281)
periode: 1974 - 1983
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(146) a
handeling: Het herzien van de hoogte van het vrij te laten vermogen van een oudere gewezen zelfstandige of werkloze werknemer bij de middelentoets voor bijstandsverlening.
grondslag: Rijksgroepsregeling vrijlating oudedagsvoorziening bijzondere groepen (Stb. 1974, 825) art. 5 derde lid (b.w. 1987, 281)
periode: 1974 - 1983
product: ministeriële regeling
opmerking: De bijna jaarlijkse herziening werd in de Staatscourant gepubliceerd.
waardering: v 5 jaar
(147) a
handeling: Het wijzigen van het rentepercentage voor rentedragende leningen die als bijstand aan zelfstandigen worden verleend.
grondslag: Rijksgroepsregeling ouder zelfstandigen (Stb. 1977, 562), zoals gewijzigd (Stb. 1979, 667) art. 19 derde lid
periode: 1979 - 1983
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar
3.1.3.5
Gehandicapten
(151) a
handeling: Het stellen van regels inzake gevallen waarin geen bijstand verleend wordt voor voorzieningen, die dienen tot het verkrijgen of behouden van arbeid aan gehandicapten, of inzake categorieën waarvoor van de bestaande regels afgeweken kan worden.
grondslag: Tijdelijke Rijksgroepsregeling Arbeidsinschakeling Gehandicapten (Stb. 1965, 6) art. 6 tweede lid (b.w. Stb. 1965, 444)
periode: 1965
product: ministeriële regeling
waardering: b (1)
(152)
handeling: Het bepalen dat de termijn mag worden overschreden, waarop de toepassing van de rijksgroepsregeling voor een uitkeringsgerechtigde gehandicapte zou eindigen.
handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het maximumbedrag en de voorwaarden voor het verstrekken van een lening voor de woninginrichting van een toegewezen ongemeubileerde woongelegenheid.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 21 tweede lid (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 19 tweede lid (b.w. Stb. 1987, 148)
periode: 1965 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Regeling buiten invordering stellen van leenbijstand verleend op grond van Rijksgroepsregelingen (Stcrt. 1984, 6)
waardering: b (4)
(155) a
handeling: Het besluiten dat bepaalde wijzigingen in de hoogte van uitkeringen op grond van de AOW en AWW niet doorwerken in een uitkering op grond van de Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden en de Rijksgroepsregeling Ambonezen.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550), zoals gewijzigd (Stb. 1969, 393) art. 12 vierde lid (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551), zoals gewijzigd (Stb. 1969, 393) art. 12 vierde lid (b.w. Stb. 1987, 148)
handeling: Het herzien van het maximum-inkomen dat gehanteerd wordt voor de vaststelling van de periodieke uitkering op grond van de Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden en de Rijksgroepsregeling Ambonezen.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 4 derde lid (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 4 derde lid (b.w. Stb. 1987, 148)
periode: 1965 - 1983
product: ministeriële beschikking, onder andere:
Beschikking vaststelling maximum uitkeringsbedragen (Stcrt. 1971, 37) (sindsdien halfjaarlijks gewijzigd)
waardering: v 5 jaar
3.1.3.8
Thuisloze personen
(159) a
handeling: Het vaststellen van regels met betrekking tot de uitkeringsbedragen voor thuisloze personen en de daarop in mindering te brengen inkomsten van de uitkeringsgerechtigde.
grondslag: Rijksgroepsregeling thuisloze personen (Stb. 1971, 276) art. 4 tweede lid en 5 derde lid (b.w. Stb. 1984, 635)
periode: 1971-1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking voorziening in kosten van persoonlijke uitgaven (Stcrt. 1971, 96)
waardering: b (4)
3.1.3.9
Woonwagenbewoners
(161)
handeling: Het vaststellen van het rentepercentage en nadere regels voor een geldlening ten behoeve van de aankoop van een woonwagen.
grondslag: Besluit bijstandsverlening woonwagenbewoners (Stb. 1974, 359) art. 12 tweede tot en met vierde lid (b.w. Stb. 1981, 830)
periode: 1974 - 1981
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking Vaststelling rentepercentage voor geldlening (Stcrt. 1974, 134)
waardering: b (4)
3.1.4
Uitvoering
(162) a
handeling: Het bij amvb kunnen aanwijzen van de gemeente die bijstand moet verlenen aan (groepen) personen die in een bepaald gebied verblijven.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 421) art. 19a (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1970 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Aanwijzingsbesluit bijstandsverlening ondernemers in de binnenvaart (Stb. 1976, 485)
waardering: b (4)
(163) a
handeling: Het stellen van regels voor de uitvoering van aanwijzingsbesluiten.
grondslag: Voorlopig Aanwijzingsbesluit bijstandsverlening woonwagenbewoners (Stb. 1971, 449) art. 4 (b.w. Stb. 1983, 699); Aanwijzingsbesluit bijstandsverlening ondernemers in de binnenvaart (Stb. 1976, 485) art. 4 (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1971 - 1983
product: ministeriële regeling
waardering: b (4)
(164) a
handeling: Het vaststellen van regels voor de indiening en behandeling van aanvragen om bijstand van Nederlanders die zich in het buitenland bevinden en onder een rijksgroepsregeling vallen.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 421) art. 82a tweede lid (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1970 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking behandeling bijstandsaanvragen vervolgingsslachtoffers in het buitenland (Stcrt. 1971, 231
waardering: b (4)
(165) a
handeling: Het bij amvb kunnen vaststellen vanaf welk inwonertal van een gemeente burgemeester en wethouders bevoegd zijn om bepaalde beslissingen inzake bijstandsverlening te mandateren aan gemeenteambtenaren.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 29a eerste lid
periode: 1970 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur
opmerking: Een dergelijk amvb is niet tot stand gekomen.
waardering: v 5 jaar na vervanging
(166) a
handeling: Het vaststellen van regels voor de uitvoering van bepaalde rijksgroepsregelingen.
grondslag: Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 41 (b.w. Stb. 1986, 544); Rijksgroepsregeling thuisloze personen (Stb. 1971, 276) art. 14 (b.w. Stb. 1984, 635); Rijksgroepsregeling vrijlating oudedagsvoorziening bijzondere groepen (Stb. 1974, 825) art. 8 (b.w. 1987, 281); Rijksgroepsregeling oudere zelfstandigen (Stb. 1977, 526) art. 18 eerste lid; gewijzigd (Stb. 1979, 667) art. 21 eerste lid
periode: 1971 - 1983
product: ministeriële regeling of circulaire
waardering: b (4)
(167) a
handeling: Het stellen van regels voor de uitvoering van vaststelling van de financiële draagkracht.
handeling: Het verlenen van bijstand aan Nederlanders in het buitenland.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284) art. 82 en 95, (sinds 1970 - Stb. 1970, 421) art. 82a en (sinds 1973 - Stb. 1972, 675) art. 82b (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1963 - 1983
product: beschikking
waardering: v 5 jaar N.B. is reeds vernietigd op grond van oude vernietigingslijsten of incidentele machtiging.
(172) a
handeling: Het verlenen van bijstand ten behoeve van verpleging of verzorging in het buitenland aan Nederlanders die drie jaren voordat zij in een inrichting terecht kwamen geen vaste of een buitenlandse verblijfplaats hadden.
grondslag: Algemene Bijstandswet, zoals gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 82b
periode: 1973 - 1983
product: beschikking
waardering: v 5 jaar N.B. is reeds vernietigd op grond van oude vernietigingslijsten of incidentele machtiging.
(176) a
handeling: Het voor toepassing van de Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden gelijkstellen van personen die voor 1 april 1964 een verblijfsvergunning hebben aangevraagd met Nederlanders.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 1 derde lid (b.w. Stb. 1987, 148)
periode: 1965 - 1983
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(178)
handeling: Het registreren van de door burgemeester en wethouders genomen beslissingen op aanvragen om bijstand van woonwagenbewoners.
grondslag: Rijksbijdrageregeling Woonwagenbewoners (Stcrt. 1965, 87) art. 5; Besluit bijstandsverlening woonwagenbewoners (Stb. 1974, 359) art. 1 eerste lid onder e en 4 (b.w. Stb. 1987, 443)
periode: 1955 - 1982
product: 'de centrale registratie'
waardering: b (6)
(179)
handeling: Het verstrekken van inlichtingen uit de centrale registratie van bijstandsaanvragen van woonwagenbewoners aan burgemeester en wethouders.
handeling: Het registreren van het kenmerk van de schouw van de woonwagen of het kentekennummer van het vervoermiddel waarvan voor de aanschaf bijstand is verleend.
product: registers (onderdeel van de 'centrale registratie')
waardering: b (6) zie nr. 178
(181)
handeling: Het buiten invordering stellen van kredieten die verstrekt zijn krachtens buiten werking getreden regelingen
grondslag: Administratieve Regels Bijstand 1965 (Beschikking van de minister van Maatschappelijk Werk, U 22 600, afd. F.Z.C. en directie M.V.) art. 2.5
periode: 1965 - 1970
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(182) a
handeling: Het terugvorderen of verhalen van de kosten voor bijstand op
personen, die bijstand rechtstreeks van het Rijk hebben ontvangen;
Nederlanders die in het buitenland wonen;
personen, waarvan de vordering door de minister is overgenomen van de gemeente.
handeling: Het overnemen van een vordering van de kosten voor bijstand op een persoon van een gemeente.
grondslag: Administratieve Regels Bijstand 1965 (Beschikking van de minister van Maatschappelijk Werk, U 22 600, afd. F.Z.C. en directie M.V.) art. 2.6; Administratieve regels bijstand 1977 (Stcrt. 1976, 209) art. 28-29 (b.w. Stcrt. 1987, 188)
periode: 1965 - 1983
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(185) a
handeling: Het, in overeenstemming met de minister van Binnenlandse Zaken, vaststellen van regels voor de inrichting van de administratie van de bijstandsverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284) art. 50 en (Stb. 1972, 675) art 81c (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1963 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Administratieve regels bijstand 1965 (beschikking van de minister van Maatschappelijk Werk van 8 april 1965, no. U 22 600, afd. F.Z.C. en directie M.V.)
handeling: Het vaststellen van regels (bij of krachtens amvb) voor de verstrekking van gegevens door de gemeentebesturen betreffende de uitvoering van de bijstandsverlening, anders dan ten behoeve van de statistiek.
grondslag: Besluit verzameling gegevens uitvoering Algemene Bijstandswet (Stb. 1971, 514) art. 5 tweede lid (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1971 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling, onder andere:
handeling: Het verzamelen van gegevens bij de gemeentebesturen betreffende de bijstandsverlening, anders dan ten behoeve van de statistiek.
grondslag: Besluit verzameling gegevens uitvoering Algemene Bijstandswet (Stb. 1971, 514) art. 5 eerste lid (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1971 - 1983
product: inlichtingen
waardering: v 5 jaar
3.1.5
Toezicht
(200) a
handeling: Het geven van toestemming aan gemeenten om bij de toekenning van een (bijzondere) uitkering af te mogen wijken van hetgeen in een groepsregeling bepaald is, omtrent de duur en hoogte van de uitkering.
grondslag: Sociaal-economische hulpverlening aan kleine zelfstandigen, circulaire van 18 augustus 1943, no. 1-1199 sub I en II; Zelfstandigenregeling 1955 (Stcrt. 1955, 183) art. 12, 14 en 40; Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 33 tweede lid; gewijzigd (Stb. 1973, 506) art. 33 eerste lid (b.w. Stb. 1986, 544); Bijstandsbesluit zelfstandigen (Stb. 1986, 544) art. 31 eerste lid (b.w. Stb. 1995, 200); Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 1 vierde lid en 24 tweede lid (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 1 tweede lid en 22 tweede lid (b.w. Stb. 1987, 148); Gehandicaptenregeling 1958 (Stcrt. 1958, 247) art. 6 derde lid; Tijdelijke Rijksgroepsregeling Mindervaliden (Stb. 1964, 554) art. 17 tweede lid (b.w. Stb. 1965, 444)
periode: 1952 - 1983
product: beschikking
opmerking: Betrof de aanvrager van bijstand een zelfstandige dan werd tot 1986 werd hierbij de Centrale Commissie Zelfstandigen gehoord. Na die tijd was de mening van de Plaatselijke Commissie Zelfstandigen bepalend of er toestemming gevraagd diende te worden. Was dit het geval dan werd aan een betrokken minister tevens om advies gevraagd.
waardering: b (5)
(204) a
handeling: Het verlenen van vrijstelling voor het in mindering brengen van inkomsten op de uitkering aan een uitkeringsgerechtigde.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 13 eerste lid (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 13 eerste lid (b.w. Stb. 1987, 148)
periode: 1965 - 1983
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(205)
handeling: Het uitoefenen van controle op de uitvoering van de Rijksgroepsregeling Ambonezen.
handeling: Het geven van (algemene) aanwijzingen aan een gemeente over de uitvoering van de bijstandswetgeving.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb.1972, 675) art. 81d eerste lid (b.w. Stb. 1995, 200)
periode: 1973 - 1983
product: beschikkingen, onder meer:
Aanwijzing inzake toepassing van het BLN (Stcrt. 1977, 197)
Aanwijzing inzake een overgangsregeling in de ABW wegens wijziging van de AKW (Stcrt. 1980, 54)
Aanwijzing inzake de bijstandsverlening aan woonwagenbewoners voor de plaatsing van een voorportaal aan de door hen bewoonde woonwagens (Stcrt. 1980, 236)
Aanwijzing inzake bijstandsverlening in taxikosten (Stcrt. 1981, 37)
Aanwijzing inzake een toeslag ten behoeve van kinderen van 12 tot en met 15 jaar die voortgezet onderwijs volgen (Stcrt. 1981, 142)
Opmerking: De hier genoemde beschikkingen zijn in de Nederlandse Staatscourant gepubliceerde aanwijzingen, waarvan de minister het wenselijk achtte ze vanwege hun algemene strekking algemeen bekend te maken.
waardering: b (6)
3.1.6
Financiering
(210) a
handeling: Het (bij amvb) vaststellen van regels ten aanzien van de bekostiging van de uitvoering van de bijstandsverlening.
grondslag: Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stb. 1964, 550) art. 25 (b.w. Stb. 1987, 148); Rijksgroepsregeling Ambonezen (Stb. 1964, 551) art. 23 (b.w. Stb. 1987, 148); Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 421) art. 49 tweede lid (b.w. Stb. 1995, 200) e.a.
handeling: Het vergoeden van (een deel van) kosten voor uitkeringen en uitvoering ingevolge de bijstandswetgeving (inclusief groepsregelingen) aan gemeenten.
grondslag: Sociaal-economische hulpverlening aan kleine zelfstandigen, circulaire van 18 augustus 1943, no. 1-1199 afd. S.; Gehandicaptenregeling 1958 (Stcrt. 1958, 247) art.13; Militaire Overbruggingsbeschikking 1950 nr. 1 art. 15 en 17 en nr. 2 art. 3; Rijksbijdrageregeling Woonwagenbewoners (R.B.W.) (Stcrt. 1965, 87) art. 2-7; Rijksbijdrageregeling Vreemdelingen (R.B.V.) (Stcrt. 1965, 130) art. 2-4; Rijksbijdrageregeling Teruggekeerde Nederlanders (R.B.N.) (Stcrt. 1965, 130) art. 2-4; Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284) art. 48-50; gewijzigd (1972, 675) art. 47a-50 (b.w. Stb. 1995, 200) e.a.
periode: 1952 - 1983
product: beschikking
opmerking: Onder deze handeling valt ook 'het verlenen van voorschotten' en het vergoeden van bedrijfstechnisch onderzoek door derden. Op grond van artikel 47a ABW / 136 nAbw kan de minister besluiten (een deel van de) kosten niet te vergoeden als (toezichts)maatregel. De uitvoering van de maatregel kan geschieden via invordering of verrekening met de vergoeding van het volgende jaar.
waardering: v 5 jaar
(220) a
handeling: Het verlenen van subsidies aan werkinrichtingen of instellingen met het oog op de bevordering van de deelname van gehandicapten aan het arbeidsproces.
grondslag: o.a. Circulaire van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 18 augustus 1952, nr. C. 9590, afd. S.B. en C.A.
periode: 1952 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na vaststelling De vaststelling van et subsidiebeleid wordt gerekend tot de handeling het vaststellen van beleid (zie nr. 1)
3.1.6.3
Indirect gefinancierde instellingen
(221) a
handeling: Het bij amvb vaststellen van regels ten aanzien van de begripsbepaling van maatschappelijke en medische dienstverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 1a derde lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1979 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, vaststellen van voorschriften voor de toelating van een instelling of een persoon voor maatschappelijke of medische dienstverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10c eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1991, 337)
opmerking: Voor het vaststellen van de algemene voorschriften (Stcrt. 1981, 101) was door de staatssecretaris van CRM overeenstemming bereikt met de staatssecretarissen van Justitie, Volksgezondheid en Milieuhygiëne en van Onderwijs en Wetenschappen.
waardering: b (4)
(223) a
handeling: Het bij amvb aanwijzen van categorieën van maatschappelijke of medische dienstverlening, die geen toelating behoeven aan te vragen voor vergoeding van de kosten van hun dienstverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 1a vierde lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1979 - 1983
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Besluit houdende aanwijzing van categorieën van maatschappelijke of medische dienstverlening waarop artikel 1a eerste lid van de Algemene Bijstandswet niet van toepassing is (Stb. 1979, 44)
waardering: b (4)
(224) a
handeling: Het vaststellen van regels voor de procedure van (voorlopige) toelating van een instelling of persoon voor maatschappelijk of medische dienstverlening.
grondslag: Wet van 6 september 1978 (Stb. 490), houdende wijziging van de Algemene Bijstandswet, art. II achtste lid; Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10b negende lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1979 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking betreffende regels voor instellingen die om toelating verzoeken (Stcrt. 1979, 139)
Procedure-regels indiening verzoeken om toelating als indirect gefinancierde instelling (Stcrt. 1980, 89)
waardering: b (4)
(225) a
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, toelaten van een instelling of persoon voor maatschappelijke of medische dienstverlening tot de instellingen waarvan de kosten voor dienstverlening in de bijstand vergoed kunnen worden.
grondslag: Wet van 6 september 1978 (Stb. 490), houdende wijziging van de Algemene Bijstandswet, art. II vierde lid; Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10a eerste en derde tot en met zesde lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1979 - 1983
product: beschikking
opmerking: In 1979 en 1980 werden in de Nederlandse Staatscourant lijsten gepubliceerd van voorlopig toegelaten instellingen:
Lijst van de voorlopig tot de indirecte financiering toegelaten instellingen (Stcrt. 1979, 134)
Herziene lijst van de voorlopig tot de indirecte financiering toegelaten instellingen (Stcrt. 1979, 249)
Aanvulling herziene lijst van de voorlopig tot de indirecte financiering toegelaten instellingen (Stcrt. 1980, 85)
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(226) a
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, groepsgewijs toelaten van instellingen voor maatschappelijke dienstverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10a tweede, derde en zesde lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1979 - 1983
product: beschikking, onder andere:
Groepsgewijze toelating inrichtingen i.v.m. Algemene Bijstandswet ten aanzien van inrichtingen als bedoeld in de Wet op de bejaardenoorden (Stcrt. 1979, 55)
Groepsgewijze toelating inrichtingen i.v.m. Algemene Bijstandswet ten aanzien van inrichtingen en tehuizen die goedgekeurd zijn overeenkomstig artikel 5 van de Beginselenwet voor de kinderbescherming (Stcrt. 1979, 55)
Groepsgewijze toelating inrichtingen i.v.m. Algemene Bijstandswet ten aanzien van inrichtingen als bedoeld in de Rijksregeling inrichtingen thuisloze personen (Stcrt. 1979, 55)
Groepsgewijze toelating inrichtingen i.v.m. Algemene Bijstandswet ten aanzien van pleegouders (Stcrt. 1979, 242)
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(227) a
handeling: Het vaststellen van regels ten aanzien van bijstandsverlening door burgemeester en wethouders voor maatschappelijke en medische dienstverlening door instellingen of personen die niet toegelaten zijn.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 1b tweede lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1979 - 1983
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking ter uitvoering van artikel 1b, lid 2, van de Algemene Bijstandswet (Stcrt. 1982, 79)
waardering: b (4)
(228) a
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, goedkeuren van de tarieven die toegelaten instellingen of personen berekenen voor de dienstverlening.
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, goedkeuren van bepaalde wijzigingen in de beheersvorm, doelstelling, organisatiestructuur of werkwijze van een toegelaten instelling
grondslag: Besluit algemene voorschriften indirect gefinancierde instellingen Algemene Bijstandswet (Stcrt. 1981, 101) art. 16 tweede lid (b.w. 1991, 337)
periode: 1981 - 1983
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(230) a
handeling: Het beoordelen van de jaarrekening en het jaarverslag van toegelaten instellingen of personen.
grondslag: Besluit algemene voorschriften indirect gefinancierde instellingen Algemene Bijstandswet (Stcrt. 1981, 101) art. 18 en 20 derde lid (b.w. 1991, 337)
periode: 1981 - 1983
product: rapport
waardering: v 5 jaar
(231) a
handeling: Het, in overeenstemming met de minister die het mede aangaat, verlenen van ontheffing van een of meer voorschriften van de algemene voorschriften.
handeling: Het, in overeenstemming met de ministers die het mede aangaat, opstellen van een programma inzake voornemens ten aanzien van toegelaten instellingen en personen en te treffen financiële regelingen en het verslag doen over de voortgang van de werkzaamheden ingevolge het programma aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10e (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1979 - 1983
product: programma en verslag
waardering: b (2)
3.1.7
Rechtsbescherming
(234) a
handeling: Het beslissen op beroepschriften inzake de bijstandsverlening aan individuele personen.
grondslag: Sociaal-economische hulpverlening aan kleine zelfstandigen, circulaire van 18 augustus 1943, no. 1-1199 sub X; Regeling Sociaal-Economische Hulpverlening voor Zelfstandigen van 23 juli 1948, nr. S.B.C 7991 sub V; Zelfstandigenregeling 1955 (Stcrt. 1955, 183) art. 31; Uitkeringsregeling Ambonezen (Stcrt. 1956, 78) art. 14; Rijksgroepsregeling Gerepatrieerden (Stcrt. 1960, 237) art. 35; Gehandicaptenregeling 1958 (Stcrt. 1958, 247) art. 6 tweede lid e.a.
periode: 1952 - 1964
product: beschikking
opmerking: De beroepszaken ingevolge de groepsregelingen voor Ambonezen hadden betrekking op beslissingen van het Commissariaat voor de Ambonezenzorg.
waardering: b (9)
(237) a
handeling: Het voorbereiden van Koninklijke besluiten inzake Kroonberoepen vanwege beslissingen genomen ten aanzien van individuele aanvragen van een bijstandsuitkering.
handeling: Het voorbereiden van Koninklijke besluiten met betrekking tot
geschillen in domiciliekwesties
geschillen omtrent de rijksvergoeding ingevolge de ABW.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284) art. 27 en 95 vierde lid; gewijzigd (Stb. 1993, 690) art. 25 (b.w. Stb. 1995, 200); Algemene bijstandswet (Stb. 1995, 199) art. 64 eerste lid
periode: 1963 - 1983
product: Koninklijke besluiten
waardering: v 5 jaar
5
Sociale voorzieningen ten aanzien van bepaalde groepen
5.3
Voorzieningen voor gehandicapten (Wvg)
(508) c
handeling: Het vaststellen van beleid ten aanzien van woon- en vervoersvoorzieningen voor gehandicapten.
grondslag:
periode: 1990 -
product: beleidsplan, beleidsnota
waardering: b (1)
(509) b
handeling: Het stellen van regels ten aanzien van de zorg van de gemeenten voor voorzieningen voor gehandicapten die in erkende inrichtingen verblijven en de bekostiging daarvan.
grondslag: Wet voorzieningen gehandicapten (Stb. 1993, 545) art. 2 derde lid
Opmerking: De Tijdelijke bijdrageregeling AWBZ-gemeenten is niet direct gebaseerd op art. 2 derde lid van de Wvg maar is een zelfstandige ministeriële regeling, die nauw aansluit bij de Regeling Sociaal vervoer AWBZ-instellingen en voorziet in de kostenvergoeding aan gemeenten voor de vervoersvoorzieningen voor gehandicapten die in erkende instellingen wonen.
waardering: b (4)
Actor: De Minister van Binnenlandse Zaken
1
Algemene handelingen
(1) c
handeling: Het voorbereiden, (mede-)vaststellen, coördineren en evalueren van beleid betreffende de sociale voorzieningen.
handeling: Het instellen, wijzigen en opheffen van organisatie-eenheden op het beleidsterrein sociale voorzieningen.
grondslag:
periode: 1940 - 1952
product: (organisatie)besluiten
waardering: b (5)
(15) b
handeling: Het (bij K.b.) instellen van landelijke commissies voor advisering over het beleid en wet - en regelgeving ten aanzien van sociale voorzieningen.
grondslag: o.a. (Rijks)Groepsregelingen; Sociale Voorziening nr. 8347, 30 juni 1952 gewijzigd bij no. 3171, 12 april 1955 art. 69 eerste lid
periode: 1940 - 1952
product: ministeriële regeling, onder andere:
Instellingsbeschikking van de Centrale Coördinatie Commissie Sociale Voorzieningen, d.d. 12 september 1945, afd. H.O. nr. 535
Koninklijk besluit van 12 april 1947 (Stcrt. 1947, 75) inzake instelling Staatscommissie Vervanging Armenwet
Instellingsbeschikking Commissie voor Blindenvraagstukken (Stcrt. 1948, 85)
waardering: b (5)
(16) b
handeling: Het (bij K.b.) benoemen van de leden, plaatsvervangende leden, secretaris en adjunct-secretaris van (landelijke) adviescommissies.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 82 tweede tot en met zesde lid (b.w. Stb. 1963, 284); Instellingsbeschikkingen
periode: (1940) 1945 - 1952
product: beschikking / Koninklijk besluit
opmerking: In de meeste gevallen worden de leden van de commissies bij ministerieel besluit benoemd, in een klein aantal gevallen bij K.b. (bijv. de leden van de Algemene Armencommissie).
waardering: v 10 jaar na ontslag
(18) b
handeling: Het (bij K.b.) vaststellen van regels voor de samenstelling, werkwijze en bevoegdheden van (landelijke) adviescommissies.
grondslag: o.a. Besluit tot uitvoering van art. 82 der Armenwet (Stb. 1912, 265) art. 5 (b.w. Stb. 1963, 284)
handeling: Het bij of krachtens amvb vaststellen van regels voor
de in te dienen opgaven van aantallen bedeelden of verpleegden, inkomsten en uitgaven van instellingen van weldadigheid;
het verdelen van gelden over de verschillende plaatselijke instellingen van weldadigheid door armenraden of colleges van burgemeester en wethouders;
de bevoegdheden van besturen van de armenraden en de verkiezing en aanstelling van de leden daarvan.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1929, 326) art. 13 derde lid, 16 tweede lid, 23 eerste lid, 42 zesde lid, 45, 48 derde lid, 49 tweede lid, 50 eerste lid en 56 tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284, behalve art. 13 derde lid)
periode: 1940 - 1952
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling, onder andere:
Besluit tot uitvoering van de artikelen 13, 16, 23, 48, 49, 50 en 56 der Armenwet (Stb. 1912, 264) zoals gewijzigd (Stb. 1929, 454)
Opmerking: Bij ministeriële regeling werden modellen opgesteld voor door de instellingen van weldadigheid in te dienen lijsten van aantallen bedeelden of verpleegden, inkomsten en uitgaven.
waardering: b (5)
(43) a
handeling: Het vaststellen van (beleids)regels voor de uitvoering van bijstandsverlening aan bijzondere (groepen) behoeftigen door gemeenten en de bijdragen daarvoor van het Rijk.
grondslag:
periode: 1940 - 1952
product: ministeriële regeling, circulaires
Opmerking: Door de minister van Binnenlandse Zaken, na 1952 van Maatschappelijk Werk werden onder andere kosten vergoed voor bijstandsverlening aan Nederlanders in het buitenland, armlastige vreemdelingen in Nederland, gerepatrieerden, werklozen en woonwagenbewoners.
waardering: b (4)
(44) a
handeling: Het jaarlijks uitbrengen van verslag aan de Staten-Generaal over de armenzorg
handeling: Het bij K.b. beslissen dat ondersteuning aan een bepaalde arme door burgemeester en wethouders moet worden toegekend.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 32 eerste lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: (1940) 1945 - 1952
product: Koninklijk besluit
waardering: v 5 jaar
(46) a
handeling: Het bij of krachtens amvb vaststellen van voorschriften met betrekking tot plaatsing van armen, die psychiatrische behandeling en verpleging behoeven in daartoe aangewezen inrichtingen.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1935, 379) art. 39 vierde lid (b.w. Stb. 1955, 456); Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136) art. 8 (b.w. Stb. 1949, J 115); Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115) art. 8
periode: 1940 - 1952
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling, onder andere:
Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136)
Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115)
waardering: b (4)
(47) a
handeling: Het aanwijzen van inrichtingen in den zin van artikel 7 der wet tot regeling van het Staatstoezicht op krankzinnigen, die geschikt zijn voor de psychiatrische behandeling en verpleging van armen.
grondslag: Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136) art. 1 eerste en derde lid (b.w. Stb. 1949, J 115); Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115) art. 1 eerste en derde lid
periode: (1940) 1945 - 1952
product: lijst van inrichtingen
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(48) a
handeling: Het aanwijzen van deskundigen die een verklaring mogen afleggen over de geestelijke toestand van een bepaald persoon en de noodzaak tot opname in een gesticht als bedoeld in art. 7 der wet tot regeling van het Staatstoezicht op krankzinnigen.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1935, 379) art. 39 vierde lid (b.w. Stb. 1955, 456); Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136) art. 3 eerste en tweede lid; Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115) art. 3 eerste en tweede lid
periode: (1940) 1945 - 1952
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(49) a
handeling: Het stellen van regels voor de taak van de deskundigen die een verklaring als bedoeld in art. 39 derde lid van de Armenwet mogen afgeven.
grondslag: Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136) art. 3 derde lid; Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115) art. 3 derde lid
periode: (1940) 1945 - 1952
product: ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na vervanging
(50) a
handeling: Het toekennen van vergoedingen aan deskundigen die een verklaring als bedoeld in art. 39 derde lid van de Armenwet mogen afgeven.
grondslag: Besluit tot vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, derde lid, van de Armenwet (Stb. 1930, 136) art. 5; Besluit houdende vernieuwde vaststelling van nadere voorschriften, als bedoeld in artikel 39, vierde lid der Armenwet (Stb. 1949, J 115) art. 5 tweede lid
periode: (1940) 1945 - 1952
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(51) a
handeling: Het bij K.b. beslissen dat de kosten voor bijstand voor een arme ten laste komen van de vorige verblijfplaats van de arme of van een in die gemeente gevestigde instelling van weldadigheid, indien de oude en nieuwe verblijfplaats in verschillende provincies liggen.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 40 tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284) en (Stb. 1935, 379) art. 39bis (b.w. Stb. 1955, 456)
periode: (1940) 1945 - 1952
product: Koninklijk besluit
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(53) a
handeling: Het verlenen van bijstand aan armlastige Nederlanders in het buitenland.
bron: Staatsalmanakken
periode: (1940) 1945 - 1952
product: beschikking
waardering: v 5 jaar N.B. is reeds vernietigd op grond van oude vernietigingslijsten of incidentele machtiging. Voor beleidsbepaling zie nr. 1, voor circulaires etc zie nr. 43.
(54) a
handeling: Het verhalen van de kosten voor verpleging door het Rijk gemaakt en voor behoeftige Nederlanders in het buitenland.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1929, 326) art. 63 tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: (1940) 1945 - 1952
product: beschikking
waardering: v 5 jaar N.B. is reeds vernietigd op grond van oude vernietigingslijsten of incidentele machtiging. Voor beleidsbepaling zie nr. 1, voor circulaires etc zie nr. 43.
(55)
handeling: Het controleren van de begrotingen en uitgaven van noodlijdende gemeenten op het gebied van de armenzorg.
grondslag:
periode: (1940) 1945 - 1952
product: verslag/rapport
waardering: v 5 jaar
opmerking: Deze handelinge werd uitgevoerd door de rijkscontoleur.
2.4
Instellingen van weldadigheid
(56) a
handeling: Het bij K.b. goedkeuren van gemeentelijke en provinciale besluiten omtrent het regels van de bestemming van bezittingen van een op te heffen instelling van weldadigheid.
handeling: Het bij K.b. vaststellen van termijnen waarin door het bestuur van een instelling van weldadigheid een regeling getroffen moet worden voor het beheer of de bestemming van de bezittingen van de instelling.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 9 en 10 eerste lid (b.w. Stb. 1976, 229)
periode: (1940) 1945 - 1952
product: Koninklijk besluit
waardering: v 10 jaar
(58) a
handeling: Het bij K.b. goedkeuren van regelingen van Gedeputeerde staten voor het toezicht op het beheer van instellingen van weldadigheid, wanneer daar niet of niet voldoende in is voorzien.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1929, 326) art. 11a en 11b (b.w. Stb. 1976, 229)
periode: (1940) 1945 - 1952
product: Koninklijk besluit
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(59) a
handeling: Het bij K.b. vernietigen van beslissingen van Gedeputeerde staten in beroepszaken van besturen van instellingen van weldadigheid tegen de beslissingen van burgemeester en wethouders inzake de goedkeuring van de begroting en de rekening en verantwoording van een instelling.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 27 derde lid
periode: (1940) 1945 - 1952
product: Koninklijk besluit
waardering: v 5 jaar
(60) a
handeling: Het goedkeuren van bepaalde besluiten van armenraden of colleges van burgemeester en wethouders inzake de verdeling van gelden over de verschillende plaatselijke instellingen van weldadigheid.
grondslag: Besluit tot uitvoering van de artikelen 13, 16, 23, 48, 49, 50 en 56 der Armenwet (Stb. 1912, 264) art. 16-18 (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: (1940) 1945 - 1952
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(61) a
handeling: Het stellen van voorschriften voor de begroting en de rekening van instellingen van weldadigheid en voor de verslagen van de controle op het geldelijk beheer en de boekhouding van die instellingen.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1950, K575) art. 20 quater vierde lid en 27 eerste lid
periode: 1950 - 1952
product: ministeriële regeling
opmerking: Voor het vaststellen van de regeling diende Gedeputeerde staten gehoord te worden.
waardering: v 5 jaar na vervanging
2.5
Armenraden
(63) a
handeling: Het bij K.b. instellen van een armenraad in een gemeente of enkele gemeenten samen, het vaststellen van de grenzen van het ambtsgebied en het bepalen van het aantal bestuursleden, vertegenwoordigers en plaatsvervangende vertegenwoordigers van de raad.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1929, 326) art. 41, 42 tweede lid en 46 tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1940 - 1952
product: instellingsbeschikking
opmerking: Voor het nemen van het besluit diende de Algemene Armencommissie gehoord te worden.
waardering: b (5)
(65) a
handeling: Het bij K.b. schorsen van de werkzaamheden van een armenraad, verlengen en opheffen van de schorsing.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 53 tweede en derde lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1940 - 1952
product: Koninklijk besluit
waardering: b (7)
(66) a
handeling: Het bij K.b. benoemen van secretarissen van armenraden en vaststellen van de bezoldiging.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 51 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: (1940) 1945 - 1952
product: Koninklijk besluit
waardering v 5 jaar na ontslag
(67) a
handeling: Het (bij K.b.) goedkeuren van huishoudelijke reglementen en instructies voor de secretaris van een armenraad.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 51 derde lid en 52 eerste lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: (1940) 1945 - 1952
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(68) a
handeling: Het (bij amvb) vaststellen van voorschriften voor het jaarverslag, de begroting en de rekening van de armenraden.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 56 eerste lid, 62 (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: (1940) 1945 - 1952
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(69) a
handeling: Het bij K.b. vaststellen van het aandeel van de verschillende gemeenten in de kosten van de armenraad, wanneer deze voor een aantal gemeenten gezamenlijk is ingesteld en de gemeenten in verschillende provincies liggen.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 61 tweede lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: (1940) 1945 - 1952
product: Koninklijk besluit
waardering: v 5 jaar
2.6
De algemene armencommissie
(70) a
handeling: Het bij amvb instellen van een Algemene Armencommissie en vaststellen van het werkterrein van die commissie
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 82 eerste lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1940 - 1952
product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Besluit tot uitvoering van art. 82 der Armenwet (Stb. 1912, 265)
waardering: b (5)
3.3
Ioaw en Ioaz
(286) b
handeling: Het bij amvb regels stellen voor de toepassing van de IOAW op personen aan wie door het Rijk terzake van zijn arbeidsverhouding invaliditeitspensioen is geregeld.
grondslag: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Stb. 1986, 565) art. 2 derde tot en met vijfde lid
periode: 1986 -
product: algemene maatregel van bestuur
waardering: b (4)
4.4
Additionele arbeid
(471)
handeling: Het verwerken van door de gemeente verstrekte statistische gegevens omtrent het aantal gerealiseerde arbeidsplaatsen.
grondslag: Regeling extra werkgelegenheid voor langdurig werklozen 1995 (Stcrt. 1995, 13) art. 10 eerste lid
periode: 1995 -
product: overzichten etc.
waardering: b (2)
(472) b
handeling: Het vergoeden van (een deel van) de kosten voor additionele werkgelegenheidsregelingen en experimenten gericht op de uitvoering van deze regelingen aan de gemeente en andere publiek- en privaatrechtelijke rechtspersonen
grondslag: Regeling extra werkgelegenheid voor langdurig werklozen 1995 (Stcrt. 1995, 13) art. 5 tweede en derde lid; Subsidieregeling experimenten activering van uitkeringsgelden (Stcrt. 1995, 13) art. 2; Tijdelijke subsidieregeling bevordering uitstroom banenpools en Jeugdwerkgarantiewet (Stcrt. 1995, 250) art. 2 eerste lid
periode: 1987 -
product: beschikking
Opmerking: Onder deze handeling valt ook het verlenen van voorschotten het onder nadere voorwaarden besluiten tot een verhoging van de vergoeding en het toekennen van incidentele vergoedingen. Op grond van art. 8 TVGWJ, art.20 eerste JWG art. 6 Rijksbijdrageregeling banenpools en art. 10 Subsidie regeling experimenten activering van uitkeringsgelden kan de minister besluiten (een deel van) de kosten niet te vergoeden als toezichtsmaatregel. De uitvoering van de maatregel kan geschieden via invordering of verrekening met de vergoeding van het volgende jaar.Op grond van art. 5 eerste en tweede lid van de Regeling extra werkgelegenheid voor langdurig werklozen stelt de minister van Binnenlandse zaken de bijdragen slechts ter beschikking na ontvangst van een bereidverklaring van de gemeente, art. 12 van de regeling bepaalt dat genoemde minister kan besluiten tot gehele of gedeeltelijke terugvordering van de bijdrage.
waardering: v 5 jaar
(474) b
handeling: Het vaststellen van regels voor het declareren van de rijksvergoeding (ondermeer bevoorschotting) ingevolge de additionele werkgelegenheidsregelingen en experimenten gericht op de uitvoering van deze regelingen en het verstrekken van gegevens welke op deze uitgaven betrekking hebben
grondslag: Jeugdwerkgarantiewet (Stb. 1991, 250) art. 19 eerste tot en met het vierde lid, art. 33 tweede lid; Rijksbijdrageregeling banenpools (Stcrt. 1990, 169) art. 7 vijfde en zesde lid; Regeling extra werkgelegenheid voor langdurig werklozen 1995 (Stcrt. 1995, 13) art.11 derde lid, gewijzigd (Stcrt. 1995, 244) vierde lid
periode: 1990 -
product: ministeriële regeling, onder andere
Besluit verantwoording en vergoeding kosten JWG (Stcrt. 1991, 157)
Controle- en rapportageprotocol Rijksbijdrageregeling banenpools (Stcrt. 1995, 220)
Controleprotocol regeling extra werkgelegenheid voor langdurig werklozen 1995 (Stcrt. 1995, 120)
Financieel verslag regeling extra werkgelegenheid voor langdurig werklozen 1995 (Stcrt. 1995, 120)
waardering: b (4)
(476)
handeling: Het tot overeenstemming komen met de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over het vaststellen van regels voor de inrichting van de administratie van de uitvoering van de JWG
grondslag: Jeugdwerkgarantiewet (Stb. 1991, 250) art. 19 vijfde lid
periode: 1991 -
product: ministeriële regeling, onder andere:
Besluit verantwoording en vergoeding kosten JWG (Stcrt. 1991, 157)
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
Actor: De Minister van Economische Zaken
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
(234) c
handeling: Het beslissen inzake beroepschriften inzake de bijstandsverlening aan individuele personen.
grondslag: Sociaal-economische hulpverlening aan kleine zelfstandigen, circulaire van 18 augustus 1943, no. 1-1199 sub X; Regeling Sociaal-Economische Hulpverlening voor Zelfstandigen van 23 juli 1948, nr. S.B.C 7991 sub V; Zelfstandigenregeling 1955 (Stcrt. 1955, 183) art. 31
periode: 1943 - 1952
product: beschikking
opmerking: De minister van Economische Zaken was betrokken bij beroepszaken ingevolge de zelfstandigenregelingen.Tot 1948 deed hij de beroepszaken af die bij zijn departement waren ingediend,na die tijd werd de beslissing door de minister van Sociale Zaken genomen in overleg met de minister van EZ.
waardering: b (9)
3.4
Eenmalige uitkeringen
(328)
handeling: Het, in overeenstemming met de ministers van Landbouw en Sociale Zaken, vaststellen van regels voor de toekenning van een eenmalige uitkering aan zelfstandigen.
bron: Kamerstukken II, 1982-1983, 17 416, nrs. 2 en 3
handeling: Het vaststellen van beleid inzake sociale voorzieningen voor opvarenden van zee- en binnenschepen.
periode: 1940 -
product: beleidsnota en -plan
waardering: b (1)
(501)
handeling: Het vaststellen van regelingen voor de verlening van subsidie aan instellingen en organen in de kosten verbonden aan stimulering, cordinatie en uitvoering van sociale en sociaal-culturele activiteiten voor opvarenden van zee- en binnenschepen.
handeling: Het verlenen van subsidies aan instellingen op het gebied van de sociale voorzieningen voor zeevarenden.
grondslag: Rijksbegroting
periode: 1996 -
product: beschikking
opmerking: Sinds de oprichting van de Stichting Zeemanswelzijn Nederland, verleent de overheid een rijksbijdrage aan deze stichting die vervolgens uit haar fonds afzonderlijke instellingen subsidieert.
waardering: v 5 jaar na vaststelling De vaststelling van het subsidiebeleid wordt gerekend tot de handeling het vaststellen van beleid (zie nr. 500)
(506) b
handeling: Het verstrekken van subsidie aan instellingen en organen in de kosten verbonden aan stimulering, coördinatie en uitvoering van sociale en sociaal-culturele activiteiten voor opvarenden van binnenschepen.
opmerking Één van de subsidievoorwaarden is het toesturen van statuten (en wijzigingen daarvan) en jaarverslagen aan de minister. Bij verstrekking van onjuiste gegevens of wanneer uitgaven niet verantwoord kunnen worden kan de minister besluiten tot gehele of gedeeltelijke terugvordering van de subsidie. Van de voorwaarden van de subsidieregelingen kan de minister ontheffing verlenen.
waardering: v 5 jaar na vaststelling De vaststelling van het subsidiebeleid wordt gerekend tot de handeling het vaststellen van beleid (zie nr. 500)
Actor: De Minister van Cultuur
4.2
Voorzieningen voor kunstenaars
(422) b
handeling: Het vaststellen van beleid inzake de verlening van bijstand aan (beeldende) kunstenaars.
grondslag:
periode: 1940 -
product: beleidsnota en -plan
waardering: b (1)
(423) b
handeling: Het vaststellen van regelingen inzake verlening van bijstand aan (beeldende) kunstenaars.
grondslag:
periode: 1940 -
product: ministeriële regeling, onder andere:
Regeling voor Sociale Bijstand aan Beeldende Kunstenaars van 31 maart 1949, nr. C 3018 S.B. (Beeldende Kunstenaars Regeling 1949)
Regeling voor Sociale Bijstand aan Beeldende Kunstenaars (Stcrt. 1952, 130) (Beeldende Kunstenaars Regeling 1952)
opmerking: De regelingen werden vanaf 1956 vastgesteld in overleg met de minister van Cultuur en na het horen van de Centrale commissie complementaire arbeidsvoorzieningen beeldende kunstenaars.
waardering: b (4)
(427) b
handeling: Het verlenen van toestemming voor de toelating van kunstenaarsverenigingen tot de Stichting 'Voorzieningsfonds voor Kunstenaars.
grondslag: Reglement van de Stichting 'Voorzieningsfonds voor Kunstenaars'
periode: (1940) 1945 -
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(429)
handeling: Het adviseren aan de minister van Sociale Zaken over de artistieke kwaliteiten van ingezonden kunstwerken voor de BKR.
grondslag: Beeldende Kunstenaars Regeling 1949, art. VI
periode: 1949 - 1952
product: advies
waardering: v 5 jaar N.B. De neerslag van deze handeling is reeds vernietigd op grond van oude vernietiginsglijsten of incidentele machtiging.
(439)
handeling: Het voeren van overleg met de minister van Sociale Zaken over de goedkeuring van de benoeming van voorgedragen leden in plaatselijke commissies voor sociale kunstopdrachten.
grondslag: Beeldende Kunstenaars Regeling 1949, art. III tweede lid; Beeldende Kunstenaars Regeling 1952 (Stcrt. 1952, 130) art. 10
periode: 1949 - 1956
product: advies
waardering: v 5 jaar
Actor: De Minister van Defensie
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
(157) a
handeling: Het, eventueel in overleg met de ministers van Financiën, Economische Zaken en eventuele vakministers, (bij amvb) vaststellen van regels voor de verlening van uitkeringen aan (gedemobiliseerde) militairen en oorlogsvrijwilligers door gemeenten.
grondslag:
periode: 1940 - 1972
product: algemene maatregel van bestuur / ministeriële regeling, onder andere:
Besluit Demobilisatievoorzieningen 1948 (Stb. 1948, I 57)
Militaire Overbruggingsregeling 1950 (Stb. 1950, K 631) met de bijbehorende uitvoeringsregelingen (Demobilisatie- of Overbruggingsbeschikkingen genoemd)
Beschikking van de minister van Defensie van 3 juni 1961, nr. P 119.798 A (Militaire Ziekengeldregeling 1961)
Militaire Ziekengeldregeling (Stcrt. 1966, 157)
waardering: b (4)
3.3
Ioaw en Ioaz
(286) d
handeling: Het bij amvb regels stellen voor de toepassing van de IOAW op personen aan wie door het Rijk terzake van zijn arbeidsverhouding invaliditeitspensioen is geregeld.
grondslag: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Stb. 1986, 565) art. 2 derde tot en met vijfde lid
periode: 1986 -
product: algemene maatregel van bestuur
waardering: b (4)
Actor: De Minister van Wederopbouw
5.1
Sociaal-culturele zorg voor arbeiders in woonoorden
(478) b
handeling: Het instellen van Centrale en Regionale Commissies voor cultureel werk in arbeiderskampen en geven van regels ten aanzien van taak, organisatie en werkwijze.
grondslag:
periode: 1945 - 1956
product: ministeriële regeling, onder andere:
Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733 (instelling CCCA)
opmerking: Het instellen van Regionale Commissies gebeurde tot 1957 door de CCCA.
waardering: b (5)
(479) b
handeling: Het benoemen van leden van de Centrale en Regionale Commissies voor cultureel werk in arbeiderskampen en toevoegen van een secretaris en adviserende leden.
grondslag: Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733, art. 3 en 5
periode: 1946 - 1956
product: beschikking
opmerking: Bij de benoeming en het ontslag der leden werd de CCCA/SCCW gehoord.
waardering: v 5 jaar na ontslag
(483) b
handeling: Het, gehoord de CCCA/SCCW, benoemen van personeel (o.a. cultureel werkers) bij de CCCA/SCCW en de Regionale Commissies voor de uitoefening van de taak.
bron: Brief van de minister van Sociale Zaken, d.d. 4 november 1938, nr. 19-2923
periode: 1945 - 1956
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na ontslag
(485) b
handeling: Het vergoeden van de personele en materiële kosten van het sociaal-cultureel werk in arbeiderskampen.
bron: Rijksbegrotingen
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 22 en 31; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 14, 20-21
periode: 1945 - 1956
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(487) a
handeling: Het goedkeuren van de jaarlijkse begrotingen van de CCCA/SCCW en het geven van aanwijzingen voor de besteding van bepaalde begrotingsgelden.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 23-25
periode: 1946 - 1956
product: beschikking, aanwijzing
waardering: b (1)
(488) a
handeling: Het geven van aanwijzingen aan de CCCA/SCCW voor het opstellen van de jaarlijkse begroting.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 23; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken en van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 15
periode: 1946 - 1956
product: aanwijzing
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(489) a
handeling: Het vaststellen van beleid inzake sociaal-cultureel werk in arbeiderskampen.
grondslag:
periode: 1945 - 1956
product: beleidsnota, beleidsplan
waardering: b (1)
Actor: De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer
3.4
Eenmalige uitkeringen
(338)
handeling: Het beschikken op bezwaar- en beroepschriften ingevolge de Regeling koopkrachtreparatie 1996 IHS-gerechtigden.
grondslag: Besluit van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 19 augustus 1996, nr. 3765C
periode: 1996 -
product: beschikking
waardering: v 10 jaar
5.3
Voorzieningen voor gehandicapten (Wvg)
(508) b
handeling: Het vaststellen van beleid ten aanzien van woon- en vervoersvoorzieningen voor gehandicapten.
grondslag:
periode: 1990 -
product: wet, onder andere:
Wet voorzieningen gehandicapten (Stb. 1993, 545)
waardering: b (1)
(510) b
handeling: Het vaststellen van regels met betrekking tot de financiële tegemoetkoming en de eigen bijdrage voor woon- en vervoersvoorzieningen voor gehandicapten.
grondslag: Wet voorzieningen gehandicapten (Stb. 1993, 545) art. 5 vierde lid en 6 derde lid
periode: 1994 -
product: ministeriële regeling, onder andere:
Regeling inzake financiële tegemoetkomingen en eigen bijdragen Wvg (Stcrt. 1993, 227)
Een verstrekkende wet: evaluatie van de Wet voorzieningen gehandicapten, eerste meting, IPSO FACTO, SGBO, Den Haag, Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, 1995
waardering: b (2)
Actor: De Minister van Onderwijs en Wetenschappen
3.3
Ioaw en Ioaz
(286) c
handeling: Het bij amvb regels stellen voor de toepassing van de IOAW op personen aan wie door het Rijk terzake van zijn arbeidsverhouding invaliditeitspensioen is geregeld.
grondslag: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Stb. 1986, 565) art. 2 derde tot en met vijfde lid
periode: 1986 -
product: algemene maatregel van bestuur
waardering: b (4)
Actor: De Minister (belast met de zorg voor bepaalde dienstverlening)
3.1.6.3
Indirect gefinancierde instellingen
(232)
handeling: Het toezien op de naleving van de voorschriften die gesteld zijn bij de toelating van een instelling of persoon voor maatschappelijke of medische dienstverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1978, 490) art. 10c derde lid (b.w. Stb. 1991, 337)
periode: 1979 - 1991
product:
waardering: v 5 jaar
Actor: De Rijksconsulenten sociale zekerheid
1
Algemene handelingen
(35) b
handeling: Het voeren van overleg over de uitoefening van de taken en bevoegdheden van de Rijksconsulenten.
grondslag:
periode: 1946 -
product: notulen
opmerking: De vergaderingen van de Rijksconsulenten en het Ministerie werden de Binnen- en Buitendienst Contactvergaderingen genoemd, meestal afgekort tot BBC-vergaderingen.
waardering: v 5 jaar
(36)
handeling: Het ten behoeve van de minister opstellen van jaarplannen en uitbrengen van verslag omtrent de werkzaamheden.
grondslag: onder andere: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) art. 37 tweede lid; Besluit bijstandsconsulenten (Stb. 1974, 521) art. 4 onder e
periode: 1945 -
product: verslagen, bloemlezingen, toelichtingen
waardering: b (6)
(37) b
handeling: Het geven van voorlichting en adviezen aan en voeren van overleg met instanties die bemoeienis hebben met de sociale voorzieningen over de richtige uitvoering van de sociale voorzieningen.
grondslag: onder andere: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) art. 37 tweede lid; Besluit bijstandsconsulenten (Stb. 1974, 521) art. 4
periode: 1946 - 1995
product: voorlichting, adviezen, overlegverslagen
opmerking: Een van de belangrijkste taken van Rijksconsulenten was de beleidsoverdracht aan gemeenten en andere instanties over de uitvoering van de sociale voorzieningen. Bij de reorganisatie van het Ministerie en de Rijksconsulentschappen is deze taak overgedragen aan andere onderdelen van het Ministerie of aan een instantie buiten het Ministerie, zoals DIVOSA of de Landelijke Veranderingsorganisatie.
waardering v 5 jaar
(38)
handeling: Het deelnemen aan gemeentelijke en intergemeentelijke commissies ter advisering van het beleid voor de sociale voorzieningen.
grondslag: onder andere: Zelfstandigenregelingen; Sociale Voorziening nr. 8347, 30 juni 1952 gewijzigd bij no. 3171, 12 april 1955 art. 15 tweede lid; Rijksgroepsregelingen voor werkloze werknemers; Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Stb. 1986, 565) art. 33 tweede lid; Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Stb. 1987, 281) art. 33 tweede lid
periode: 1945 -
product: notulen, vergaderstukken
opmerking: De rijksconsulent kan zich door een aangewezen persoon laten vertegenwoordigen.
waardering: v 5 jaar
(39)
handeling: Het controleren van de uitgaven door gemeenten voor de sociale voorzieningen op rechtmatigheid en doelmatigheid
handeling: Het signaleren van problemen bij gemeenten of uitvoerende instanties bij de toepassing van de wetgeving of de uitvoering van de sociale voorzieningen.
grondslag:
periode: 1945 -
product: opmerkingen, correspondentie
opmerking: Op grond van hun toezichtstaak worden door de ministers en de Rijksconsulenten problemen bij de uitvoerende instanties gesignaleerd, die leiden tot het maken van opmerkingen hunnerzijds. Indien de gemeente of instantie hieraan geen gehoor geeft kunnen maatregelen getroffen worden in de vorm van weigering van (een deel van) de rijksvergoeding, het geven van een aanwijzing of het voordragen van een gemeentelijk besluit voor vernietiging door de Kroon. Deze maatregelen worden als aparte handelingen beschreven
waardering: v 5 jaar
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
(203)
handeling: Het instemmen met de verlening van bijstand door een gemeentebestuur aan een gehandicapte ter bevordering van zijn deelname aan het arbeidsproces.
grondslag: Gehandicaptenregeling 1958 (Stcrt. 1958, 247) art. 6 tweede lid; Gehandicaptenregeling 1963 (Stcrt. 1963, 178) art. 6 tweede lid
periode: 1958 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(207)
handeling: Het uitbrengen van verslag aan de minister over het overleg met burgemeester en wethouders over een kwestie waarover de minister overweegt een aanwijzing te geven als bedoeld in art. 81d eerste lid van de Algemene Bijstandswet.
handeling: Het verlenen van toestemming aan gemeenten om bedrijfstechnisch of bedrijfseconomisch onderzoek ten behoeve van een beslissing in het kader van de IOAZ of het Bijstandsbesluit Zelfstandigen te laten uitvoeren door een niet wettelijk aangewezen instelling.
handeling: Het geven van goedkeuring aan de gemeente voor het in incidentele gevallen verlenen van een uitkering krachtens een werkloosheidsvoorzieningsregeling
grondslag: Sociale Voorziening nr. 8347, 30 juni 1952 art. 23 derde lid en 34 tweede lid,
periode: 1952-1964
product: besluit
waardering: v 5 jaar
4.1
Sociale werkvoorziening
(372)
handeling: Het stellen van regels inzake de werktijden en de duur van het buitengewoon verlof van een werknemer
grondslag: Besluit arbeidsvoorwaarden sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 518) art. 12 zesde tot en met achtste lid, art. 14 vierde lid (b.w. Stb. 1988, 663)
periode: 1968 - 1988
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na vervanging
(396)
handeling: Het plegen van overleg met een werkvoorzieningsschap inzake individuele gevallen.
grondslag: Sociale werkvoorzieningsregeling voor hoofdarbeiders (Stcrt. 1953, 32) art. 22 derde lid;
periode: 1953 - 1968
product: verslagen
waardering: v 5 jaar
(397)
handeling: Het krachtens een sociale werkvoorzieningsregeling goedkeuren van concept-besluiten van het gemeentebestuur.
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 24, 48, 54 eerste lid, 66, 67, 84; Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 27 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 299); Besluit geldelijke tegemoetkomingen sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 514) art. 3 eerste lid (b.w. Stb. 1991, 765)
periode: 1963 - 1991
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(398)
handeling: Het toestaan van afwijkingen in de uitvoering door een werkvoorzieningsschap van een amvb.
grondslag: Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 14 tweede lid (b.w. Stb. 1988, 440); Besluit organisatie sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 512) art. 19 tweede lid (b.w. Stb. 1988, 663)
periode: 1969 - 1988
product:
waardering: v 5 jaar
(399)
handeling: Het geven van toestemming aan het werkvoorzieningsschap om het houden van toezicht op een werknemer door een andere organisatie te laten uitvoeren of om de uitvoering van een werkobject buiten het werkvoorzieningsschap te laten plaatsvinden.
grondslag: Besluit organisatie sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 512) art. 4 eerste lid, 19 tweede lid (b.w. Stb. 1988, 663)
periode: 1969 - 1988
product: beschikking
waardering: v 5 jaar na geldigheidsduur
(401)
handeling: Het geven van advies bij uitgaven van het werkverband.
grondslag: Wet sociale werkvoorziening (Stb.1967, 687) zoals gewijzigd (1981, 765) art. 42b tweede lid
periode: 1982 - 1989
product: adviezen
waardering: v 5 jaar
4.2
Voorzieningen voor kunstenaars
(432)
handeling: Het goedkeuren van het besluit van een gemeentebestuur inzake het geven van een opdracht aan een beeldend kunstenaar tot het verrichten van bepaalde diensten en in bepaalde gevallen van de vaststelling van het honorarium hiervoor.
handeling: Het verlenen van toestemming aan gemeenten om aan kunstenaars opdrachten voor muurschilderingen en andere moeilijk verdeelbare kunstwerken te verstrekken.
Actor: De Stichting Coördinatie dienstverlening kleinbedrijf (S.C.D.K.)
3.4
Eenmalige uitkeringen
(330)
handeling: Het toekennen van eenmalige uitkeringen aan zelfstandigen, behalve aan degenen van wie het beroep of bedrijf tot de agrarische sector of de visserij behoort
Actor: De Rijksdienst der levensmiddelendistributie
5.4
Bijstand in Natura
(516) b
handeling: Het geven van voorschriften voor de distributie van levensmiddelen.
grondslag:
periode: 1940 - 1947
product: voorschriften, circulaire
waardering: b (4)
(517) a
handeling: Het verstrekken van levensmiddelen aan gemeenten voor distributie aan minvermogenden.
grondslag:
periode: (1940) 1945 - 1947
product:
waardering: v 5 jaar
Actor: Het Bureau Zeevisch te IJmuiden
5.4
Bijstand in Natura
(517) b
handeling: Het verstrekken van levensmiddelen aan gemeenten voor distributie aan minvermogenden.
grondslag:
periode: (1940) 1945 - 1953
product:
waardering: v 5 jaar
Actor: De Centrale Commissie voor Cultureel Werk i Arbeiderskampen (CCCA)
5.1
Sociaal-culturele zorg voor arbeiders in woonoorden
(480)
handeling: Het instellen van Provinciale en Regionale Commissies en geven van richtlijnen voor de taakuitoefening.
grondslag: Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733, art. 3; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 8
periode: 1946 - 1969
product: beschikking
opmerking: In de periode 1957-1969 werden de Regionale Commissies op voordracht van de CCCA door de minister ingesteld. De richtlijnen voor de taakuitoefening werden door de CCCA vastgesteld.
waardering: b (5)
(482) a
handeling: Het instellen van subcommissies voor de uitvoering van bepaalde taken en geven van richtlijnen voor de taakuitoefening.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 17
periode: 1946 - 1969
product: beschikking
opmerking: Het betreft een bijvoorbeeld de Centrale Advies Commissie voor het Bibliotheekwezen en de Centrale Keuze- en Adviescommissie of Programma-Commissie (m.b.t de film-, toneel- en cabaretvoorstellingen).
waardering: b (5)
(484) a
handeling: Het doen van voorstellen of uitbrengen van advies aan de minister voor de benoeming van commissieleden en personeel bij de CCCA/SCCW en de Regionale Commissies.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 21
periode: 1957 - 1969
product: voorstel, advies
waardering: v 3 jaar (na ontslag)
(486) a
handeling: Het opstellen van jaarlijks begrotingen voor het sociaal-cultureel werk in arbeiderskampen.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 23
periode: 1946 - 1969
product: begroting
waardering: b (1)
(491) a
handeling: Het uitbrengen van adviezen en rapporten aan de minister van Wederopbouw/ Sociale Zaken over alle onderwerpen betreffende de sociaal-culturele verzorging van werknemers in arbeiderskampen.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 7
periode: 1946 - 1969
product: advies, rapport
waardering: b (3)
(492) a
handeling: Het vaststellen van beleid inzake de uitvoering van het sociaal-cultureel werk in arbeiderskampen.
bron: jaarverslagen
periode: 1946 - 1969
product: besluiten, overlegverslagen
waardering: b (1)
(494) a
handeling: Het organiseren van sociaal-culturele activiteiten voor arbeiders die in groepsverband in woonoorden of op andere plaatsen buiten hun woonplaats gehuisvest zijn.
bron: jaarverslagen
grondslag: Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 6
periode: 1946 - 1969
product:
waardering: b (6) bewaard blijven de rapporten over de activiteiten; de stukken van financiële en organisatorische aard zijn reeds vernietigd op grond van de vernietigingslijst van 1994.
(495) a
handeling: Het uitgeven van een landelijk blad voor werknemers in arbeiderskampen.
bron: jaarverslagen
periode: 1956 - 1969
product: landelijk blad “Ons Orgaan”
waardering: b (6)
(497) a
handeling: Het opstellen van jaarverslagen.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 30
periode: 1946 - 1969
product: jaarverslag
waardering: b (2)
Actor: De Sociaal-Culturele Commissie voor Werknemerswoonoorden (SCCW)
5.1
Sociaal-culturele zorg voor arbeiders in woonoorden
(482) b
handeling: Het instellen van subcommissies voor de uitvoering van bepaalde taken en geven van richtlijnen voor de taakuitoefening.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 10
periode: 1969 - 1973
product: beschikking
opmerking: Het betreft een bijvoorbeeld de Centrale Advies Commissie voor het Bibliotheekwezen en de Centrale Keuze- en Adviescommissie of Programma-Commissie (m.b.t de film-, toneel- en cabaretvoorstellingen).
waardering: b (5)
(484) b
handeling: Het doen van voorstellen of uitbrengen van advies aan de minister voor de benoeming van commissieleden en personeel bij de CCCA/SCCW en de Regionale Commissies.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 12
periode: 1969 - 1973
product: voorstel, advies
waardering: v 3 jaar (na ontslag)
(486) b
handeling: Het opstellen van jaarlijks begrotingen voor het sociaal-cultureel werk in arbeiderskampen.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 15
periode: 1969 - 1973
product: begroting
waardering: b (1)
(491) b
handeling: Het uitbrengen van adviezen en rapporten aan de minister van Wederopbouw/ Sociale Zaken over alle onderwerpen betreffende de sociaal-culturele verzorging van werknemers in arbeiderskampen.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 5
periode: 1969 - 1973
product: advies, rapport
waardering: b (3)
(492) b
handeling: Het vaststellen van beleid inzake de uitvoering van het sociaal-cultureel werk in arbeiderskampen.
bron: jaarverslagen
periode: 1969 - 1973
product: besluiten, overlegverslagen
waardering: b (1)
(494) d
handeling: Het organiseren van sociaal-culturele activiteiten voor arbeiders die in groepsverband in woonoorden of op andere plaatsen buiten hun woonplaats gehuisvest zijn.
bron: jaarverslagen
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 4
periode: 1969 - 1990
product:
waardering: b (6) bewaard blijven de rapporten over de activiteiten; de stukken van financiële en organisatorische aard zijn reeds vernietigd op grond van de vernietigingslijst van 1994.
(495) b
handeling: Het uitgeven van een landelijk blad voor werknemers in arbeiderskampen.
bron: jaarverslagen
periode: 1969 - 1973
product: landelijk blad “Ons Orgaan”
waardering: b (6)
(497) b
handeling: Het opstellen van jaarverslagen.
grondslag: Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 19
periode: 1969 - 1973
product: jaarverslag
waardering: b (2)
Actor: De Regionale Commissie voor Cultureel Werk in Arbeiderskampen
5.1
Sociaal-culturele zorg voor arbeiders in woonoorden
(481) a
handeling: Het instellen van Plaatselijke Commissies en geven van richtlijnen voor de taakuitoefening.
grondslag: Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733, art. 4
periode: 1946 - 1957
product: richtlijnen
waardering: b (5)
(493) a
handeling: Het voeren van (gezamenlijk) overleg over de organisatie van het sociaal-cultureel werk in arbeiderskampen.
bron: jaarverslagen
periode: 1946 - 1969
product: verslag, notulen
waardering: b (1)
(494) b
handeling: Het organiseren van sociaal-culturele activiteiten voor arbeiders die in groepsverband in woonoorden of op andere plaatsen buiten hun woonplaats gehuisvest zijn.
bron: jaarverslagen
grondslag: Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 6; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 24 januari 1969 (Stcrt. 1969, 27) art. 4
periode: 1946 - 1969
product:
waardering: b (6) bewaard blijven de rapporten over de activiteiten; de stukken van financiële en organisatorische aard zijn reeds vernietigd op grond van de vernietigingslijst van 1994.
Actor: De Provinciale Commissie voor Cultureel Werk in Arbeiderskampen
5.1
Sociaal-culturele zorg voor arbeiders in woonoorden
(481) b
handeling: Het instellen van Plaatselijke Commissies en geven van richtlijnen voor de taakuitoefening.
grondslag: Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733, art. 4
periode: 1946 - 1957
product: richtlijnen
waardering: b (5)
(493) b
handeling: Het voeren van (gezamenlijk) overleg over de organisatie van het sociaal-cultureel werk in arbeiderskampen.
bron: jaarverslagen
periode: 1946 - 1957
product: verslag, notulen
waardering: b (1)
(494) c
handeling: Het organiseren van sociaal-culturele activiteiten voor arbeiders die in groepsverband in woonoorden of op andere plaatsen buiten hun woonplaats gehuisvest zijn.
bron: jaarverslagen
grondslag: Beschikking van de minister van Openbare Werken en Wederopbouw van 11 april 1946, no. 733; Beschikking van de staatssecretaris van Sociale Zaken van 5 december 1957 (Stcrt. 1957, 241) art. 6
periode: 1946 - 1957
product:
waardering: b (6) bewaard blijven de rapporten over de activiteiten; de stukken van financiële en organisatorische aard zijn reeds vernietigd op grond van de vernietigingslijst van 1994.
Actor: De Stichting Bedrijfspensioenfonds Sociale Werkvoorziening
4.1
Sociale werkvoorziening
(367)
handeling Het vaststellen van regels betreffende aanspraken op pensioen en op uitkeringen in verband met de aanvullende oudedagsvoorziening.
grondslag: Besluit arbeidsvoorwaarden sociale werkvoorziening (Stb. 1968, 518) zoals gewijzigd (Stb. 1989, 495) art. 9h tweede lid (b.w. Stb. 1991, 765); Besluit rechtspositie en arbeidsvoorwaarden sociale werkvoorziening (Stb. 1991, 765) art. 18 tweede lid; Wet sociale werkvoorziening (Stb. 1967, 687) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 649) art. 30 a eerste lid
periode: 1989 -
product: pensioenreglement
waardering: b (4)
Actor: De Stichting voor de aanvullende oudedagsvoorziening
4.1
Sociale werkvoorziening
(368)
handeling: Het vaststellen van regels betreffende aanspraken op uitkeringen in verband met de aanvullende oudedagsvoorziening
grondslag: Wet sociale werkvoorziening (Stb. 1967, 687) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 649) art. 30 a eerste lid; Besluit rechtspositie en arbeidsvoorwaarden sociale werkvoorziening (Stb. 1991, 765) art. 18a tweede lid
periode: 1992 -
product: regeling
waardering: b (4)
Actor: De Stichting Vrijwillig Vervroegde Uittreding Sociale Werkvoorziening
4.1
Sociale werkvoorziening
(369)
handeling Het vaststellen van regels betreffende aanspraken op uitkeringen in verband met vervroegde uittreding.
grondslag Wet sociale werkvoorziening (Stb. 1967, 687) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 649) art. 30 a eerste lid; Besluit rechtspositie en arbeidsvoorwaarden sociale werkvoorziening (Stb. 1991, 765) art. 18b tweede lid
periode 1992 -
product: regelingen
waardering: b (4)
Actor: De Sociale Verzekeringsbank
3.4
eenmalige uitkering
(334)
handeling: Het toekennen van eenmalige toelagen aan daartoe gerechtigden.
Actor: De Inspectie van de Dienst Uitvoering Werken
4.1
Sociale werkvoorziening
(381)
handeling: Het adviseren van de gemeente bij de uitvoering van werkobjecten.
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders, dd. 21 december 1949 art. II eerste lid gewijzigd (Stcrt. 1952, 130) art. 8
periode: 1950 - 1963
product: adviezen
Opmerking: De taken van de DUW werden in 1954 na een organisatiewijziging ondergebracht bij het directoraat-generaal voor de Arbeidsvoorziening (KB van 5 juli 1954, Stb. 305)
waardering: v 3 jaar
Actor: De Centrale Raad van Beroep en de Raden van Beroep
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
(239)
handeling: Het beslissen in beroepszaken betreffende bijstandsverlening van vreemdelingen zonder erkende verblijfsstatus.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1993, 690) art. 84 vijfde lid; Algemene bijstandswet (Stb. 1995, 199) art. 139 eerste lid
periode: 1994 -
product: beschikking
waardering: v zie vernietigingslijst van de Centrale Raad van Beroep (Stcrt. 1991, 64)
4.1
Sociale werkvoorziening
(419)
handeling: Het oordelen over een ingesteld beroep overeenkomstig de bepalingen van de Beroepswet.
grondslag: Wet sociale werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 34 derde lid (b.w. Stb. 1993, 650)
periode: 1969 - 1993
product:
waardering: v zie vernietigingslijst van de Centrale Raad van Beroep (Stcrt. 1991, 64)
Actor: De (Raad)adviseur in Bijstandszaken
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
(238)
handeling: Het adviseren van de Raad van State de bij de Kroon aanhangig gemaakte geschillen inzake uitvoering van de Algemene Bijstandswet.
grondslag:
periode: 1967 - 1976
product: advies
waardering: v 3 jaar
Actor: De Directeur-generaal van het Centraal Bureau voor de Statistiek
1
Algemene handelingen
(31)
handeling: Het vaststellen van statistieken betreffende de sociale voorzieningen.
opmerking: Sinds 1978 wordt jaarlijks de 'Statistiek van de algemene bijstand' gepubliceerd. Tevens verschijnen kwartaalstatistieken in het Statistisch bulletin.
waardering: b (6)
(32)
handeling: Het vaststellen van modellen en richtlijnen voor de wijze van verstrekken van gegevens betreffende de uitvoering van de IOAW en de IOAZ door burgemeester en wethouders ten behoeve van de statistiek.
grondslag: Beschikking betreffende het verzamelen van gegevens met betrekking tot de uitvoering van de Algemene Bijstandswet (Stcrt. 1977, 23) art. 2 eerste lid (b.w. Stcrt. 1987, 188); Besluit verantwoording en vergoeding uitkeringskosten ABW, IOAW en IOAZ (Stcrt. 1987, 188) art. 14 derde lid en 15; gewijzigd (Stcrt. 1990, 228) art. 14 vierde lid en 15; Regeling statistische gegevens Abw (Stcrt. 1995, 121) art. 2 en 3; Regeling statistische gegevens IOAW/IOAZ (Stcrt. 1995, 178) art. 3
periode: 1965 -
product: richtlijnen, onder andere:
'Richtlijnen voor de statistiek algemene bijstand per 1 januari 1978', van de hoofdafdeling sociaal-culturele statistieken van het CES, inmiddels gewijzigd
'Toelichting voor het invullen van het Fraudestatistiek-S formulier'
waardering: v 5 jaar na vervanging
Actor: De Arbeidsvoorzieningsorganisatie
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
(126)
handeling: Het, bij een verzoek om ontheffing van aan de bijstand verbonden voorwaarden, beoordelen of er voor een uitkeringsgerechtigde uitzicht bestaat op inschakeling in de arbeid
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1984, 626) art. 13 tweede lid
periode: 1984 - 1990
product: rapport
waardering: v 5 jaar
(128)
handeling: Het in kennis stellen van burgemeester en wethouders inzake gedragingen van de uitkeringsgerechtigde die wijzen op onvoldoende inzet voor de voorziening in het bestaan.
grondslag: Rijksgroepsregeling werkloze werknemers (Stb. 1984, 626) art. 15 tweede lid
periode: 1988 - 1990
product: inlichtingen
waardering: v 5 jaar
(173)
handeling: Het adviseren inzake de voorwaarden waaronder iemand, die bijstand heeft aangevraagd, ingeschakeld kan worden in de arbeid.
handeling: Het geven van advies aan een gemeentebestuur inzake de verlening van bijstand aan een gehandicapte ter bevordering van zijn deelname aan het arbeidsproces.
grondslag: Gehandicaptenregeling 1958 (Stcrt. 1958, 247) art. 6 eerste lid; Tijdelijke Rijksgroepsregeling Mindervaliden (Stb. 1965, 444) art. 25 eerste lid (b.w. Stb. 1977, 707) e.a.
periode: 1958 - 1977
product: advies
waardering: v 5 jaar
3.2
Wet werkloosheidsvoorziening
(265)
handeling: Het in kennis stellen van burgemeester en wethouders inzake gedragingen van de uitkeringsgerechtigde die wijzen op onvoldoende inzet voor de voorziening in het bestaan.
grondslag: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) zoals gewijzigd (Stb. 1984, 361) art. 22 eerste lid en 26 derde lid; Besluit houdende regels nadere regels betreffen het verschaffen van inlichtingen door de GAB's aan gemeenten (Stcrt. 1984, 177) eerste lid
periode: 1984 - 1990
product: rapport
waardering: v 5 jaar
(266)
handeling: Het vaststellen dat een werknemer in aanmerking komt voor loonsuppletie krachtens de WWV
grondslag: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) zoals gewijzigd (Stb. 1974, 66) art. 30 a eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1986, 567)
periode: 1974 - 1987
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
3.3
IOAW en IOAZ
(308)
handeling: Het in kennis stellen van burgemeester en wethouders inzake gedragingen van de uitkeringsgerechtigde die wijzen op onvoldoende inzet voor de voorziening in het bestaan.
handeling: Het vaststellen dat er voor een werkzoekende geen passende arbeid of scholing beschikbaar is.
grondslag: Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 17 eerste en tweede lid, art. 28 eerste lid (b.w. Stb. 1993, 649)
periode: 1969 - 1990
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(391)
handeling: Het voeren van overleg met het gemeentebestuur ter bepaling van het tijdstip van de beëindiging van een dienstbetrekking.
grondslag: Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 29 tweede lid (b.w. Stb. 1993, 649)
periode: 1969 - 1990
product: verslagen
waardering: v 5 jaar
Actor: De Commissie Organen van Overleg
4.1
Sociale werkvoorziening
(375)
handeling: Het bemiddelen tussen het gemeentebestuur en het orgaan c.q. centraal orgaan indien deze geen overeenstemming hebben kunnen bereiken over bepaalde onderwerpen.
grondslag: Besluit organen van overleg sociale werkvoorziening (Stb. 1977, 449) art. 37 eerste lid, vernummerd (Stb. 1986, 724) art. 43 eerste lid
periode: 1977 -
product:
waardering: b (6)
Actor: De Commissaris van Ambonezenzorg
3.1
Algemene bijstandswet en groepsregelingen
(175)
handeling: Het toekennen van bijstand aan Ambonezen die in een woonoord verblijf houden.
handeling: Het adviseren van de Kroon inzake het instellen en opheffen van armenraden en het bepalen van het aantal bestuursleden, vertegenwoordigers en plaatsvervangende vertegenwoordigers bij armenraden.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165), zoals gewijzigd (Stb. 1929, 326) art. 41 eerste en derde lid, 42 tweede lid, 46 tweede lid en 53 eerste lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: (1940) 1945 - 1964
product: adviezen
waardering: v 5 jaar
(71)
handeling: Het adviseren van autoriteiten en, desgevraagd, instellingen van weldadigheid over zaken omtrent de armenzorg.
grondslag: Armenwet 1912 (Stb. 1912, 165) art. 82 eerste lid (b.w. Stb. 1963, 284)
periode: 1940 - 1964
product: advies
waardering: b (3)
Actor: De Centrale Coördinatie Commissie Sociale Voorzieningen
1
Algemene handelingen
(5)
handeling: Het adviseren van de ministers van Binnenlandse Zaken/Maatschappelijk Werk en Sociale Zaken aangaande de coördinatie van de verschillende sociale hulpverlening, de afbakening van het werkterrein van verschillende instanties en verenigingen die zich met hulpverlening bezighouden en de coördinatie en afstemming van de verschillende uitkeringen.
grondslag: Instellingsbeschikking d.d. 12 september 1945, afd. H.O. nr. 535
periode: 1945-1953
product: advies
waardering: b (3)
Actor: Het College Algemene Bijstandswet (en andere vaste commissies)
1
Algemene handelingen
(19)
handeling: Het instellen van commissies voor de behandeling van bepaalde onderwerpen, op verzoek van de minister(s) of uit eigen beweging en het in overeenstemming met de minister(s) benoemen van de leden daarvan.
grondslag: o.a. Algemene Bijstandswet (Stb. 1964, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 dertiende lid; gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 74 derde lid (b.w. Stb. 1987, 631)
periode: 1970 - 1987
product: beschikking
waardering: b (5)
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
(106)
handeling: Het adviseren van de minister(s), desgevraagd of uit eigen beweging inzake algemene aspecten verbonden aan de uitvoering van de ABW, alsmede van andere onderwerpen in relatie tot bijstandsverlening.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284) art. 72 tweede lid, zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447); gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 73 eerste lid (b.w. Stb. 1987, 631)
periode: 1970 - 1987
product: adviezen
opmerking: Na de opheffing van het College Algemene Bijstand in 1987 werd deze handeling uitgevoerd door de Commissie Sociale Voorzieningen (SOVO) van de Sociaal-Economische Raad (Besluit SER van 27 mei 1988).
waardering: b (3)
(107)
handeling: Het adviseren inzake ontwerpen van wet en van algemene maatregels van bestuur betreffende of verband houdende met de verlening van bijstand.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 derde lid; gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 73 tweede lid (b.w. Stb. 1987, 631)
periode: 1970 - 1987
product: adviezen
waardering: b (3)
(108)
handeling: Het periodiek uitbrengen van verslag over de werkzaamheden.
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 72 elfde lid; gewijzigd (Stb. 1972, 675) art. 73 derde lid (b.w. Stb. 1987, 631)
Beschikking werkwijze en samenstelling Commissie van Advies inzake bijstandsverlening aan woonwagenbewoners (Stcrt. 1974, 134) e.a.
periode: 1970 - 1987
product: jaarverslag, kwartaalverslag
waardering: b (2)
Actor: De Centrale Revisie en Contact Instantie
3.2
Wet werkloosheidsvoorziening
(248)
handeling: Het adviseren wanneer er binnen een plaatselijke commissie geen overeenstemming is bereikt ten aanzien van de beoordeling van een revisie-kwestie.
grondslag: Sociale Voorziening nr. 8347, 1952 art. 68 eerste lid
periode: 1952 - 1964
product: beschikking
waardering: v 5 jaar
(249)
handeling: Het adviseren van de minister omtrent aan hem voorgelegde revisie-kwesties als mede vraagstukken op het terrein van de aanvullende voorzieningen voor werkloze werknemers.
grondslag: Sociale Voorziening nr. 8347, 1952 art. 70
periode: 1952 - 1964
product: advies
waardering: b (3)
(250)
handeling: Het adviseren van de minister over vraagstukken inzake aanvullende voorzieningen voor werkloze werknemers.
grondslag Sociale Voorziening nr. 8347, 30 juni 1952 art. 70
periode: 1952 - 1964
product: advies
waardering: b (3)
4.1
Sociale werkvoorziening
(341)
handeling: Het adviseren van de minister desgevraagd of uit eigen beweging inzake vraagstukken op het terrein van de gemeentelijke sociale werkvoorziening.
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1952, 130) art. 12; Sociale werkvoorzieningsregeling voor hoofdarbeiders (Stcrt. 1953, 32) art. 7 derde lid, art. 10
periode: 1952 - 1963
product: adviezen
waardering: b (3)
(380)
handeling: Het adviseren van de minister inzake de keuze en uitvoering van een object.
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1952, 130) art. 12; Sociale werkvoorzieningsregeling voor hoofdarbeiders (Stcrt. 1953, 32) art. 7 derde lid, art. 10
periode: 1952 - 1963
product: adviezen
waardering: v 5 jaar wordt bewaard bij de minister
(413)
handeling: Het adviseren van de minister inzake geschillen tussen het gemeentebestuur en de plaatselijke commissie voor sociale werkvoorziening hoofdarbeiders
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1952, 130) art. 12; Sociale werkvoorzieningsregeling voor hoofdarbeiders nr. B 1381, afdeling Sociale Bijstand en Complementaire Arbeidsvoorzieningen (Stcrt. 1953, 32) art. 7 derde lid, art. 10
periode: 1952 - 1963
product: adviezen
waardering: v 5 jaar
Actor: De Centrale Commissie voor de Statistiek
1
Algemene handelingen
(30)
handeling: Het adviseren inzake het vaststellen van regels ten aanzien van het verzamelen van statische gegevens betreffende de uitvoering van de IOAW en de IOAZ.
grondslag: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) art. 54; Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1970, 447) art. 84a eerste lid (b.w. Stb. 1995, 355); Algemene bijstandswet (Stb. 1995, 199) art. 133 (b.w. Stb. 1995, 355); Wet sociale werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 48 tweede lid; Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Stb. 1986, 565) art. 55 (b.w. Stb. 1995, 355); Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Stb. 1987, 281) art. 55 (b.w. Stb. 1995, 355)
periode: 1965 - 1995
product: advies
waardering: v 5 jaar
Actor: De Raad voor de Gemeentefinanciën
3.4
Eenmalige uitkeringen
(326)
handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken inzake de vaststelling van regels voor de vergoeding van kosten voor de eenmalige uitkeringen aan gemeenten.
grondslag: Wet van 7 oktober 1982 (Stb. 1982, 568) art. 21 tweede lid; Wet van 28 september 1983 (Stb. 1983, 542) art. 21 tweede lid; Wet van 5 oktober 1984 (Stb. 1984, 446) art. 22 tweede lid; Wet van 3 juli 1985 (Stb. 1985, 417) art. 23 tweede lid; Wet van 3 juli 1986 (Stb. 1986, 376) art. 23 tweede lid; Wet van 26 november 1987 (Stb. 1987, 537) art. 23 tweede lid
periode: 1982 -
product: advies
waardering: v 5 jaar
Actor: De Sociaal-Economische Raad
1
Algemene handelingen
(22)
handeling: Het instellen van een (vaste) commissie voor advisering over sociale voorzieningen
grondslag: Wet op de Bedrijfsorganisatie (Stb. 1950, K22) art. 43
periode: 1950 -
product: instellingsbeschikking
opmerking: De SER heeft op verzoek van de minister van Sociale Zaken in 1963 de Commissie Adviescommisie Werkloosheidsvoorziening ingesteld, sinds 1993 de Commissie Sociale Werkvoorziening geheten, en in 1988 de Commissie Sociale Voorziening. Deze commissies zullen naar verwachting binnenkort verdwijnen mede als gevolg van wetswijzigingen en wijzigingen in het adviesstelsel.
waardering: b (5)
Actor: De Adviescommissie Werkloosheidsvoorziening
3.2
Wet werkloosheidsvoorziening
(251)
handeling: Het adviseren van de minister, desgevraagd of uit eigen beweging over aspecten verbonden aan de uitvoering van de Wet Werkloosheidsvoorzieningen.
handeling: Het adviseren van de minister, desgevraagd of uit eigen beweging inzake (algemene) aspecten verbonden aan de uitvoering van de WSW
grondslag: Gemeentelijke sociale werkvoorzieningsregeling voor handarbeiders (Stcrt. 1963, 248) art. 2 tweede lid, 18; Wet Sociale Werkvoorziening (Stb. 1967, 687) art. 3 tweede lid (b.w. Stb. 1993, 649)
periode: 1964 - 1997
product: adviezen
opmerking: In de Memorie van Toelichting van de wetswijziging (Stb. 1993, 649) schrijft de staatssecretaris dat weliswaar de wettelijke grondslag komt te vervallen, maar dat over alle 'belangrijke beleidsuitgangspunten' aan de Commissie advies zal worden gevraagd.
waardering: b (3)
Actor: De Raad voor de Arbeidsmarkt (Commissie van bijstand en advies)
3.2
Wet werkloosheidsvoorziening
(268)
handeling: Het adviseren van de minister inzake het treffen van een voorziening in gevallen waarin de Arbeidsvoorzieningsorganisatie weigert een verklaring af te geven (onder andere in geval art. 30 g eerste lid).
grondslag: Wet Werkloosheidsvoorziening (Stb. 1964, 485) zoals gewijzigd (Stb. 1974, 66) art. 30 g eerste lid (b.w. Stb. 1986, 567)
periode: 1974 - 1987
product: advies
waardering: v 5 jaar
Actor: De Commissie Sociale Voorzieningen (SOVO)
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
(110)
handeling: Het desgevraagd of uit eigen beweging adviseren van de minister omtrent onderwerpen betreffende de Algemene Bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW).
grondslag: Algemene Bijstandswet (Stb. 1963, 284), zoals gewijzigd (Stb. 1987, 631) art. 72 (b.w. Stb. 1995, 200); Algemene bijstandswet (Stb. 1995, 199) art. 129 (b.w. Stb. 1997, 63)
periode: 1987 - 1997
product: adviezen
waardering: b (3)
Actor: De Centrale Commissie Zelfstandigen
3.1
Algemene bijstandswet en groepsregelingen
(134)
handeling: Het, op verzoek of uit eigen beweging, adviseren van de minister van Sociale Zaken over beleidsonderwerpen die samenhangen met de bijstandsverlening aan zelfstandigen.
handeling: Het desgevraagd adviseren van de ministers van Sociale Zaken en Maatschappelijk Werk inzake de bijstandsverlening aan individuele zelfstandigen wanneer de uitkering of lening het in de groepsregeling gestelde maximum te boven gaat.
grondslag: Zelfstandigenregeling 1955 (Stcrt. 1955, 183) art. 33; Rijksgroepsregeling zelfstandigen (Stb. 1965, 5) art. 33 tweede lid; gewijzigd (Stb. 1973, 506) art. 33 eerste lid (b.w. Stb. 1986, 544) e.a.
periode: 1955 - 1986
product: advies
waardering: v 5 jaar
(235)
handeling: Het adviseren van de ministers van Sociale Zaken en Maatschappelijk Werk inzake de bijstandsverlening aan individuele zelfstandigen:
- wanneer de aanvrager in beroep is gegaan tegen de beslissingen van het gemeentebestuur;
- wanneer in de Plaatselijke Commissie geen eenheid van mening bestond over eventuele bijstandsverlening;
grondslag: Sociaal-economische hulpverlening aan kleine zelfstandigen, circulaire van 18 augustus 1943, no. 1-1199 sub X; Zelfstandigenregeling 1955 (Stcrt. 1955, 183) art. 33 e.a.
periode: (1943) 1945 - 1965
product: advies
waardering: v 5 jaar
Actor: De Centrale Commissie Complementaire Arbeidsvoorziening Beeldende Kunstenaars
4.2
Voorzieningen voor kunstenaars
(424)
handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken, desgevraagd of uit eigen beweging, over het beleid inzake de BKR.
waardering: b (3) de neerslag van deze handeling maakt deel uit van de verslagen van de vergaderingen van de commissie, waarin ook adviezen ten aanzien van individuele kunstenaars aan de orde kwamen (zie nr. 431, 435 en 437).
(431)
handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken inzake het verlenen van toestemming aan gemeentebesturen om af te wijken van de voorschriften van de BKR.
grondslag: Beeldende Kunstenaars Regeling 1956 (Stcrt. 1956, 132) art. 33; Beeldende Kunstenaars Regeling 1964 (Stcrt. 1964, 36) art. 44 en 49 tweede lid; Beeldende Kunstenaars Regeling 1971 (Stcrt. 1971, 250) zoals gewijzigd (Stcrt. 1974, 178) art. 3 tweede lid
periode: 1956 - 1971
product: advies
waardering: b (6) de neerslag van deze handeling maakt deel uit van de verslagen van de vergaderingen van de commissie, waarin ook beleidsmatige zaken aan de orde kwamen (zie nr. 424).
(435)
handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken omtrent gevallen waarin het oordeel van het gemeentebestuur afwijkt van het advies van de plaatselijke commissie voor sociale kunstopdrachten of van de mening van de Rijksconsulent.
waardering: b (6) de neerslag van deze handeling maakt deel uit van de verslagen van de vergaderingen van de commissie, waarin ook beleidsmatige zaken aan de orde kwamen (zie nr. 424).
(437)
handeling: Het uitbrengen van advies op door kunstenaars ingediende verzoeken om revisie van beslissingen door gemeentebesturen genomen.
waardering: b (6) de neerslag van deze handeling maakt deel uit van de verslagen van de vergaderingen van de commissie, waarin ook beleidsmatige zaken aan de orde kwamen (zie nr. 424).
Actor: De Commissie “Zeemanswelvaren”
5.2
Sociaal-culturele zorg voor varenden
(502) a
handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken inzake de sociale voorzieningen voor zeelieden in de havens en aan boord.
grondslag: instellingsbeschikking
periode: 1946 - 1957
product: advies
waardering: b (3)
(503) a
handeling: Het instellen van subcommissies voor de uitvoering van bepaalde taken.
bron:
periode: 1946 - 1957
product: instellingsbeschikking van onder andere de Amsterdamse/Rotterdamse Commissie tot verbetering van verblijfsvoorwaarden van zeelieden in de haven
waardering: b (5)
Actor: De Sociale Commissie voor Zeelieden
5.2
Sociaal-culturele zorg voor varenden
(502) b
handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken inzake de sociale voorzieningen voor zeelieden in de havens en aan boord.
grondslag: instellingsbeschikking
periode: 1946 - 1957
product: advies
waardering: b (3)
(503) b
handeling: Het instellen van subcommissies voor de uitvoering van bepaalde taken.
bron:
periode: 1946 - 1957
product: instellingsbeschikking van onder andere de Amsterdamse/Rotterdamse Commissie tot verbetering van verblijfsvoorwaarden van zeelieden in de haven
waardering: b (5)
Actor: De Sociale Commissie voor Binnenschippers
5.2
Sociaal-culturele zorg voor varenden
(504)
handeling: Het uitbrengen van advies aan de minister van Sociale Zaken of aangewezen instanties over sociale en sociaal culturele voorzieningen voor opvarenden van binnenschepen gedurende hun verblijf aan de wal en over onderwerpen die betrekking hebben op ontspanning en ontwikkeling aan boord.
handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken inzake
de verlaging van de subsidie van en
de verlening van ontheffing van voorwaarden aan een orgaan of instelling, betrokken bij de zorg voor sociale en sociaal-culturele activiteiten voor opvarenden van binnenschepen.
handeling: Het adviseren van de minister van Sociale Zaken, desgevraagd of uit eigen beweging, over onderwerpen die met blinden te maken hebben.
grondslag: Instellingsbeschikking Commissie voor Blindenvraagstukken (Stcrt. 1948, 85) art. 5
periode: 1948 - 1956
product: advies
waardering: b (3)
Actor: De Centrale Commissie Blindenvoorziening
3.1
Algemene bijstandswet en groepsregelingen
(150)
handeling: Het adviseren van de ministers van Maatschappelijk Werk en van Sociale Zaken, desgevraagd of uit eigen beweging, over beleidsaangelegenheden betreffende de sociale voorziening voor blinden
grondslag: Voorziening voor Blinden (Stcrt. 1956, 84) art. 17 onder c
periode: 1956 - 1964
product: advies
waardering: b (3)
(202)
handeling: Het adviseren van de ministers van Maatschappelijk Werk en van Sociale Zaken over verzoeken van gemeenten om bij de toekenning van een uitkering aan een blinde af te mogen wijken van het in de regeling gestelde.
grondslag: Voorziening voor Blinden (Stcrt. 1956, 84) art. 15, 17 onder b en 21
periode: 1956 - 1964
product: advies
waardering: v 5 jaar
(236)
handeling: Het adviseren van de ministers van Maatschappelijk Werk en van Sociale Zaken over klachten of bezwaren van blinden of hun vertegenwoordigers, die samenhangen met de Voorziening voor Blinden.
grondslag: Voorziening voor Blinden (Stcrt. 1956, 84) art. 17 onder a
periode: 1956 - 1964
product: advies
waardering: v 5 jaar
Actor: De Commissie van Advies Bijstandsbeleid Woonwagenbewoners
3.1
Algemene bijstandswet en groepsregelingen
(160)
handeling: Het adviseren van de minister(s) over het beleid ten aanzien van bijstandsverlening aan woonwagenbewoners.
grondslag: Besluit bijstandsverlening woonwagenbewoners (Stb. 1974, 359) art. 21 tweede lid (b.w. Stb. 1987, 443)
periode: 1974 - 1987
product: adviezen
waardering: b (3)
Actor: De Commissie Bijstandsverlening Woonwagenbewoners
3.1
Algemene bijstandswet en groepsregelingen
(177)
handeling: Het adviseren van burgemeester en wethouders met betrekking tot de verlening van bijstand in de kosten van aankoop van woonwagen en auto's.
grondslag: Besluit bijstandsverlening woonwagenbewoners (Stb. 1974, 359) art. 20 tweede lid (b.w. Stb. 1981, 830)
periode: 1974 - 1981
product: adviezen
waardering: v 5 jaar
Actor: De Commissie van Bijstand
5.1
Sociaal-culturele zorg voor arbeiders in woonoorden
(490)
handeling: Het uitbrengen van advies aan de ministers van Sociale Zaken en van Wederopbouw over de geestelijke en culturele verzorging in de arbeiderskampen.
grondslag: Instellingsbeschikking Commissie van Bijstand
periode: 1939 - 1946
product: advies
waardering: b (3)
5.3
Adviescommissies en formeel ingestelde werkgroepen
Actor: De Staatscommissie tot vervanging van de Armenwet
1
Algemene handelingen
(6)
handeling: Het doen van onderzoek naar en het doen van voorstellen voor wetgeving inzake de sociale voorzieningen.
grondslag: Koninklijk besluit van 12 april 1947 (Stcrt. 1947, 75)
periode: 1947 - 1954
product: rapport, wetsvoorstel
waardering: b (1)
Actor: De Werkgroep Beeldende Kunstenaarsregeling
4.2
Voorzieningen voor kunstenaars
(425)
handeling: Het adviseren van de ministers over het al dan niet laten intrekken van de BKR en de bestemming van de kunstwerken in geval van voortbestaan van de regeling.
grondslag:
periode: 1964 - 1965
product: advies
waardering: b (3)
Actor: De Onderzoekscommissie Toepassing ABW (Commissie-Van der Zwan)
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
(193)
handeling: Het (doen) verrichten van onderzoek naar de ernst en omvang en achterliggende oorzaken van onterecht gebruik van de ABW en het doen van aanbevelingen aan de minister en staatssecretaris naar aanleiding van de bevindingen.
product: rapport Het recht op bijstand. Naar een beheerst proces bij de toekenning van bijstand
waardering: b (1)
Actor: De Regiegroep Gegevensuitwisseling Fraudebestrijding Algemene Bijstandswet
3.1
Algemene Bijstandswet en groepsregelingen
(196)
handeling: Het adviseren van en maken van inhoudelijke en procedurele afspraken met uitvoerende instanties over het uitwisselen van gegevens met het oog op de vermindering en voorkoming van fraude.