Regeling Basissubsidies voor beeldende kunstenaars en vrije vormgevers

Regeling Basissubsidies

Hoofdstuk

I

Definities

Artikel

1

In dit reglement wordt verstaan onder:

  • a.

    Het Fonds: de Stichting Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst.

  • b.

    Het bestuur: het bestuur van de Stichting Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst, als bedoeld in artikel 5 e.v. van de statuten.

  • c.

    De Minister: de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen.

  • d.

    Commissie: Commissie Basissubsidies als bedoeld in het huishoudelijk reglement, in artikel 45 e.v.

  • e.

    Werkgroep: een werkgroep als bedoeld in het huishoudelijk reglement, artikel 45 tweede lid.

  • f.

    Bevoegd adviesorgaan:commissie of werkgroep.

  • g.

    Statuten: de Statuten van de Stichting Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst.

  • h.

    Productiesubsidie: een bijdrage voor een periode van minimaal twee jaar aan de beroepskosten van een beeldend kunstenaar of een vrije vormgever als tegemoetkoming in de kosten, die in verband met de beroepsuitoefening moeten worden gemaakt.

  • i.

    Basisstipendium: een bijdrage voor een periode van minimaal twee jaar bestaande uit een component voor een tegemoetkoming in de kosten van levensonderhoud en een component voor een tegemoetkoming in de kosten, die in verband met de beroepsuitoefening moeten worden gemaakt. Deze laatste component komt in categorie en hoogte overeen met de productiesubsidie.

  • j.

    Basissubsidies: basisstipendia en productiesubsidies.

  • k.

    Periode: de tijd waarvoor op basis van een toekenning een of meerdere verstrekkingen, al dan niet aansluitend, plaatsvinden.

  • l.

    Toekenning: een beslissing van het bestuur, gehoord de commissie, waarbij voor de aanvrager het recht ontstaat om, onder in deze regeling aangegeven voorwaarden, door middel van verstrekkingen gebruik te maken van een basissubsidie.

  • m.

    Verstrekking: een op schriftelijk verzoek van de aanvrager uitbetaald deel van een basissubsidie.

  • n.

    Restantbedrag: het bedrag dat nog resteert van het toegekende basissubsidie, na aftrek van reeds opgenomen verstrekkingen.

  • o.

    kunstenaar: een beeldend kunstenaar of vrije vormgever die professioneel werkzaam is op het gebied van de beeldende kunsten of toepassingen, waaronder verstaan wordt:

    • -

      teken-, schilder- en grafische kunsten;

    • -

      beeldhouwkunst;

    • -

      kunst in de openbare ruimte;

    • -

      vrije vormgeving;

    • -

      performances;

    • -

      video-, geluids- en computerkunst;

    • -

      fotografie;

    • -

      nieuwe vormen van beeldende kunst.

Hoofdstuk

II

Doel

Artikel

2

Hoofdstuk

III

Werkingssfeer

Artikel

3

Hoofdstuk

IV

De Basissubsidie

Artikel

4

Artikel

5

Toekenning

Artikel

6

Verstrekking

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

Artikel

10

Een basissubsidie kan niet worden toegekend aan rechtspersonen, aan leden van het bestuur, noch aan leden en plaatsvervangend leden van de commissie.

Artikel

11

Basissubsidies kunnen slechts worden toegekend, voorzover de daartoe bestemde middelen van het Fonds toereikend zijn.

Hoofdstuk

V

Aanvraagprocedure

Artikel

12

Het bestuur maakt ten minste eenmaal per jaar informatie openbaar over de mogelijkheden voor kunstenaars tot het verkrijgen van een basissubsidie.

Artikel

13

Hoofdstuk

VI

Formele toetsing

Artikel

14

Hoofdstuk

VII

Inhoudelijke toetsing

Artikel

15

Het bestuur legt een aanvraag voor toekenning van een basissubsidie, waaronder tevens begrepen kunnen zijn formulieren als bedoeld in artikel 7, eerste lid, zo spoedig mogelijk ter advisering voor aan een werkgroep. Het bestuur stelt daarbij een termijn vast waarin de werkgroep haar oordeel over de ingediende aanvraag schriftelijk aan het bestuur ter kennis dient te brengen. Deze termijn zal niet langer zijn dan drie maanden.

Artikel

16

Hoofdstuk

VIII

Beslissing

Artikel

17

Hoofdstuk

IX

Bezwaar

Artikel

18

Tegen een beslissing op grond van artikel 7, 8, 14, 17 of artikel 19 is bezwaar mogelijk op grond van artikel 74 van het huishoudelijk reglement.

Hoofdstuk

X

Verslaglegging en financiële verantwoording

Artikel

19

Hoofdstuk

XI

Slot- en overgangsbepalingen

Artikel

20

Het bestuur kan aan de Sociale Diensten een opgave doen van gegevens van de aanvrager.

Artikel

21

Indien achteraf blijkt dat een aanvrager niet voldoet aan één van de voorschriften van deze regeling, kan het bestuur de toekenning intrekken en eventueel reeds uitbetaalde verstrekkingen terugvorderen.

Artikel

22

Aan de verstrekking van een basissubsidie kan het bestuur nadere voorschriften verbinden.

Artikel

23

In gevallen waarin de wet, de statuten of deze regeling niet voorzien, beslist het bestuur.

Artikel

24

Het bestuur kan, gehoord de werkgroep, om zwaarwichtige redenen van deze regeling afwijken.

Artikel

25

Artikel

26

Indien deze regeling wordt ingetrokken behoudt de kunstenaar het recht op verstrekkingen voor zover dat voortvloeit uit een aan de intrekking voorafgaande toekenning, daaronder begrepen een toekenning als bedoeld in de artikelen 7 en 8. Het recht vervalt echter vier jaren na de toekenning, waarop dat recht gebaseerd was.

Artikel

27

Deze regeling kan worden aangehaald als de Regeling Basissubsidies en treedt op 14 mei 2001 in werking.

Deze regeling zal worden gepubliceerd in de Staatscourant.