Regeling van de Minister van Justitie, houdende regels betreffende scholing op initiatief van de ambtenaar waarbij de dienst is gebaat

Scholingsfaciliteitenregeling Ministerie van Justitie 2001

De Minister van Justitie;

Besluit:

Artikel

1

Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
betrokkene:

de ambtenaar in de zin van het Algemeen Rijksambtenarenreglement werkzaam bij het Ministerie van Justitie;

b.
scholing:

een opleiding, cursus of studie die de betrokkene op eigen initiatief gaat volgen en waarbij de dienst is gebaat;

c.
scholingsfaciliteiten:

scholingsverlof als bedoeld in artikel 3 van dit besluit of een tegemoetkoming in de scholingskosten als bedoeld in artikel 4 van dit besluit;

d.
bevoegd gezag:

de Minister van Justitie;

e.
ontslag:

elke volledige beëindiging van de aanstelling van betrokkene bij het Ministerie van Justitie, anders dan door overlijden van betrokkene.

Artikel

2

Algemene voorwaarden

Artikel

3

Scholingsverlof

Artikel

4

Tegemoetkoming in scholingskosten

Artikel

5

Terugbetaling tegemoetkoming scholingskosten

Artikel

6

Hardheidsclausule

In bijzondere gevallen kan het bevoegd gezag afwijken van het bepaalde in deze regeling.

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

7

Het Besluit van 28 april 1997, kenmerk 619776/97/DP&O wordt ingetrokken.

Artikel

8

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

9

Deze regeling wordt aangehaald als: Scholingsfaciliteitenregeling Ministerie van Justitie 2001.

Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Deze regeling wordt verder als Bijlage 8.5 opgenomen in het Handboek Algemeen Personeelsbeleid.

Den Haag
De Minister van Justitie,
Namens deze,
De plv. secretaris-generaal, M.M.Frequin