Besluit van 23 maart 2001, houdende instelling van de Herinneringsmedaille Vredesoperaties alsmede intrekking van het Besluit Herinneringsmedaille VN-Vredesoperaties en het Besluit Herinneringsmedaille Multinationale Vredesoperaties

Besluit Herinneringsmedaille Vredesoperaties

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Defensie van 21 maart 2001, nr. C2001/222 gedaan in overeenstemming met Onze Ministers van Buitenlandse Zaken, van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • a.

    Onze Minister: Onze Minister van Defensie;

  • b.

    vredesoperatie: inzet of ter beschikking stellen van de krijgsmacht als bedoeld in artikel 100, eerste lid, van de Grondwet, ter handhaving of bevordering van de vrede;

  • c.

    herinneringsmedaille: medaille, bedoeld in artikel 2;

  • d.

    gesp: gesp, bedoeld in artikel 2;

  • e.

    versierselen: herinneringsmedaille dan wel gesp.

Artikel

2

Er wordt ingesteld een Herinneringsmedaille Vredesoperaties, waaraan een of meer gespen worden verbonden.

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

De versierselen kunnen door Onze Minister worden toegekend aan niet-Nederlanders.

Artikel

8

Artikel

9

De versierselen kunnen postuum worden toegekend.

Artikel

10

Artikel

11

De toekenning van de versierselen geschiedt:

  • a.

    aan militairen van de krijgsmacht door Onze Minister;

  • b.

    aan anderen door Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister die het aangaat.

Artikel

12

De kosten van de versierselen komen ten laste van het Rijk.

Artikel

13

Artikel

14

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 juni 2001.

Artikel

15

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit Herinneringsmedaille Vredesoperaties.

Onze Minister van Defensie is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst en waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Kanselier der Nederlandse Orden.

's-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Defensie, F. H. G. de Grave
De Minister van Buitenlandse Zaken, J. J. van Aartsen
De Minister van Justitie, A. H. Korthals
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, K. G. de Vries
De Minister van Justitie, A. H. Korthals