Tijdelijke regeling overgangsrecht inburgering nieuwkomers in verband met de inwerkingtreding van de Vreemdelingenwet 2000

De Minister voor Grote Steden- en Integratiebeleid,

Besluit:

Artikel

3

Voor de vreemdeling die met toepassing van artikel 115, eerste lid, juncto zesde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 van rechtswege wordt aangemerkt als houder van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 28 van laatstgenoemde wet, geldt:

Artikel

4

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 april 2001.

Artikel

5

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke regeling overgangsrecht inburgering nieuwkomers in verband met de inwerkingtreding van de Vreemdelingenwet 2000.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister voor Grote Steden- en Integratiebeleid, R.H.L.M. van Boxtel