Regeling Regionaal Historisch Centrum 'Groninger Archieven'

Regeling Regionaal Historisch Centrum 'Groninger Archieven'

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen;
Handelende in overeenstemming met het gevoelen van de Raad van Ministers,

Besluit:

Artikel

1

Het Rijk neemt deel aan de gemeenschappelijke regeling waarbij een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam, genaamd `Groninger Archieven' wordt ingesteld en die als bijlage bij dit besluit is gevoegd.

Artikel

2

De uit de gemeenschappelijke regeling voortvloeiende kosten worden door de minister en het bestuur van de gemeenten gedragen volgens de verdeling Rijk f 5.000.000,-, gemeente Groningen f 3.150.000,-.

Artikel

3

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, F. van derPloeg

Regeling Regionaal Historisch Centrum 'Groninger Archieven'

28 maart 2001/DCE/01/1720

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, dr. F. van der Ploeg;

De raad en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Groningen;

Gelet op de artikelen 96 en 97 van de Wet gemeenschappelijke regelingen,

Besluiten:

tot het treffen van de navolgende gemeenschappelijke regeling tot de instelling van een openbaar lichaam dat de archiefbescheiden en collecties, die berusten in de gemeentelijke archiefbewaarplaats van de gemeente Groningen en in de rijksarchiefbewaarplaats in de provincie Groningen, beheert.

Hoofdstuk

I

Begripsbepalingen

Artikel

1

In deze gemeenschappelijke regeling wordt verstaan onder:

a.
de minister:

de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen;

b.
de gemeente:

de gemeente Groningen;

c.
archiefbescheiden:

archiefbescheiden als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de Archiefwet 1995.

Hoofdstuk

II

Instelling, doel en beleid van het openbaar lichaam Regionaal Historisch Centrum 'Groninger Archieven'

Artikel

2

Hoofdstuk

III

Het algemeen bestuur

Artikel

4

Artikel

5

Hoofdstuk

IV

De taken en bevoegdheden van het algemeen bestuur

Artikel

6

Artikel

7

Het algemeen bestuur verstrekt zo spoedig mogelijk schriftelijk aan de raad van de gemeente, aan het college van burgemeester en wethouders en aan de minister de door hen gevraagde inlichtingen.

Artikel

8

Artikel

9

De minister en de raad van de gemeente kunnen een door hen aangewezen lid van het algemeen bestuur dat hun vertrouwen niet meer geniet, ontslag verlenen.

Hoofdstuk

V

Het dagelijks bestuur

Artikel

10

Hoofdstuk

VI

De werkwijze van het dagelijks bestuur

Artikel

11

Het dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls als één of meer leden van het dagelijks bestuur dit nodig oordelen.

Artikel

12

Het dagelijks bestuur stelt regels voor zijn vergaderingen vast.

Hoofdstuk

VII

De taken en bevoegdheden van het dagelijks bestuur

Artikel

13

Het dagelijks bestuur is in ieder geval belast met:

  • a.

    de zorg voor de uitvoering van de aan het openbaar lichaam opgedragen bevoegdheden en taken, zoals genoemd in artikel 2, voorzover die niet zijn opgedragen aan het algemeen bestuur.

  • b.

    het voorbereiden, voorzover dit niet aan anderen is opgedragen van al hetgeen in het algemeen bestuur ter overweging moet worden gebracht;

  • c.

    het uitvoeren van de besluiten van het algemeen bestuur, voorzover dit niet aan anderen is opgedragen;

  • d.

    het beheer van de activa en passiva van het Regionaal Historisch Centrum `Groninger Archieven';

  • e.

    de zorg, voorzover deze van het dagelijks bestuur afhangt voor de controle op het geldelijk beheer en de boekhouding van het Regionaal Historisch Centrum `Groninger Archieven';

  • f.

    het nemen van alle conservatoire maatregelen zowel in als buiten rechte en het doen van alles wat nodig is ter voorkoming van verjaring van recht of bezit.

Artikel

14

(vervalt)

Hoofdstuk

VIII

De voorzitter

Artikel

15

Hoofdstuk

IX

Tegemoetkoming en vergoeding

Artikel

16

Hoofdstuk

X

Financiële bepalingen

Artikel

17

Artikel

18

Artikel

19

Artikel

20

Met betrekking tot wijzigingen van de begroting is artikel 19 voor zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel

21

Artikel

22

Artikel

23

Artikel

24

Na ontvangst van het financieel verslag en het jaarverslag stellen de minister en de raad van de gemeente de definitieve bijdragen vast. Zij delen dit mede aan het Regionaal Historisch Centrum `Groninger Archieven'.

Artikel

25

Artikel

26

De minister en de gemeente kunnen gezamenlijk nadere regels stellen over het financieel en materieel beheer, over de inrichting van de begroting, het financieel verslag, jaarverslag en aandachtspunten voor de accountantscontrole.

Hoofdstuk

XI

Het archief

Artikel

27

Hoofdstuk

XII

Informatieplicht/toezicht

Artikel

28

Artikel

29

Hoofdstuk

XIII

De directeur en het overige personeel

Artikel

30

Artikel

31

Artikel

32

Artikel

33

Het overige personeel wordt in dienst genomen, geschorst of ontslagen door het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur is bevoegd deze bevoegdheden aan de directeur te mandateren.

Artikel

34

De rechtspositieregeling van de gemeente, zoals deze thans luiden en in de toekomst na wijziging zullen luiden, is op het personeel van overeenkomstige toepassing.

Hoofdstuk

XIV

De provincie

Artikel

35

Hoofdstuk

XV

Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing

Artikel

36

Toetreding tot de regeling kan geschieden bij een daartoe strekkend gezamenlijk besluit van de raad van de gemeente, de minister en de toe te treden bestuursorganen of rechtspersoon.

Artikel

37

Artikel

38

Deze regeling kan worden gewijzigd bij besluit van de raad van de gemeente en de minister gezamenlijk.

Artikel

39

Deze regeling kan worden opgeheven bij besluit van de raad van de gemeente en de minister gezamenlijk. Het algemeen bestuur stelt een liquidatieplan op dat voorziet in de verplichting van de raad van de gemeente en de minister om alle rechten en plichten van het openbaar lichaam over de deelnemers te verdelen op een in het plan te bepalen wijze.

Hoofdstuk

XVI

Slotbepalingen

Artikel

40

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

41

Deze regeling kan worden aangehaald als: Regeling Regionaal Historisch Centrum `Groninger Archieven'.

Deze regeling zal met de toelichting door de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, F. van derPloeg
De raad van de gemeente Groningen,
de voorzitter,
de secretaris.
Burgemeester en wethouders van de gemeente Groningen,
de burgemeester,
de secretaris.