Vaststellingregeling bedragen Regeling toezichtskosten Wet toezicht effectenverkeer 1995 voor 2001

Artikel

2

Artikel

4

De bedragen bedoeld in artikel 5, derde lid, van de Regeling toezichtskosten worden als volgt vastgesteld:

  • a.

    voor kredietinstellingen die op grond van artikel 38 van de Wet toezicht kredietwezen 1992 in Nederland het bedrijf van kredietinstelling mogen uitoefenen wordt het percentage voorlopig vastgesteld op: 0,4525 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 4.719,31;

  • b.

    in afwijking van onderdeel a wordt voor kredietinstellingen die op grond van artikel 38 van de Wet toezicht kredietwezen 1992 in Nederland het bedrijf van kredietinstelling mogen uitoefenen en die onder adequaat toezicht staan van een toezichthoudende autoriteit in hun land van herkomst, het percentage voorlopig vastgesteld op: 0,22625 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 2.359,66;

  • c.

    voor andere kredietinstellingen en financiële instellingen wordt het percentage voorlopig vastgesteld op: 0,22625 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 2.359,66.

Artikel

5

De bedragen bedoeld in artikel 5, vierde lid, van de Regeling toezichtskosten worden als volgt vastgesteld:

  • a.

    voor niet in Nederland gevestigde effecteninstellingen met een vergunning als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de wet, wordt het percentage voorlopig vastgesteld op: 0,4525 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 4.719,31;

  • b.

    in afwijking van onderdeel a wordt voor niet in Nederland gevestigde effecteninstellingen met een vergunning als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de wet, en die onder adequaat toezicht staan van een toezichthoudende autoriteit in hun land van herkomst, het percentage vastgesteld op: 0,22625 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 2.359,66;

  • c.

    voor effecteninstellingen bedoeld in artikel 7, tweede lid, onder i of j van de wet, wordt het percentage vastgesteld op: 0,22625 en wordt het minimumbedrag vastgesteld op: € 2359,66.

Artikel

6

De bedragen bedoeld in artikel 5, zesde lid, van de Regeling toezichtskosten, worden als volgt vastgesteld voor de houders van een effectenbeurs aan wie een erkenning als bedoeld in artikel 22, eerste lid van de Wet toezicht effectenverkeer is verleend:

  • a.

    Euronext Amsterdam N.V., of haar rechtsopvolger, voor de door haar gehouden effectenbeurzen: € 1.840.532,56;

  • b.

    AEX-Agrarische Termijnmarkt NV, of haar rechtsopvolger, voor de door haar gehouden effectenbeurs: € 127.893,-;

  • c.

    voor de houders van een effectenbeurs aan wie voor 1 januari 2001 een ontheffing als bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de wet is verleend: € 16.989,53;

  • d.

    voor andere houders van een effectenbeurs wordt een bedrag in rekening gebracht op grond van een tarief van € 141,80 per uur.

Artikel

7

Het bedrag bedoeld in artikel 5, zevende lid, van de Regeling toezichtskosten wordt vastgesteld als volgt:

  • a.

    voor natuurlijke en rechtspersonen als bedoeld in artikel 12 van de Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995: € 165,18;

  • b.

    voor natuurlijke en rechtspersonen als bedoeld in artikel 14 van de Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995: € 566,32;

  • c.

    voor particuliere participatiemaatschappijen als bedoeld in artikel 15 van de Vrijstellingsregeling Wet toezicht effectenverkeer 1995: € 2.359,66.

Artikel

8

Het bedrag bedoeld in artikel 5, achtste lid, van de Regeling toezichtskosten, wordt vastgesteld als volgt:

  • a.

    voor beleggingsmaatschappijen met veranderlijk kapitaal, bedoeld in artikel 76a van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek: € 2.359,66;

  • b.

    voor andere dan de onder a genoemde uitgevende instellingen: € 4483,35.

Artikel

9

Het uurtarief bedoeld in artikel 9 van de Regeling toezichtskosten wordt vastgesteld op € 141,80.

Artikel

10

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 april 2001.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Financiën, G.Zalm