Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer houdende regels met betrekking tot subsidies aan gemeenten om hen te stimuleren tot het verminderen van milieudruk door het bevorderen van afvalpreventie en afvalscheiding van huishoudelijk afval en door het optimaliseren van vergunningverlening en handhaving met betrekking tot afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing 2001

Subsidieregeling aanpak milieudrukvermindering 2001

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Besluit:

Artikel

1

Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
samenwerkingsverband:

verband van twee of meer Nederlandse gemeenten, die aan de hand van een regeling, bedoeld in artikel 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, dan wel van een schriftelijke verklaring kunnen aantonen dat zij samenwerken bij het uitvoeren van projecten als bedoeld onder h, i, k, l, m en n;

b.
afvalpreventie:

het voorkomen of beperken van het ontstaan van afvalstoffen of het verminderen van de milieuschadelijkheid daarvan door interne nuttige toepassing of reductie aan de bron;

c.
afvalscheiding:

het scheiden en gescheiden houden van afvalstoffen en deze gescheiden afgeven;

d.
energiebesparing:

verbeteren van de energie-efficiency door het treffen van maatregelen binnen een inrichting;

e.
sorteeranalyse:

sorteeranalyse die is uitgevoerd conform de Richtlijn Sorteeranalyse van het Afval Overleg Orgaan;

f.
nulmeting:

inventarisatie van gegevens over scheiding en preventie van huishoudelijk afval, volgens de opgave in de bijlage;

g.
plan van aanpak huishoudelijk afval:

beschrijving van voorgenomen activiteiten, ter bereiking van het in artikel 2, onder a, beschreven doel, waarin in elk geval de volgende onderdelen zijn uitgewerkt en opgenomen:

  • 1°.

    maatregelen gericht op het optimaliseren van de scheiding van huishoudelijk afval;

  • 2°.

    maatregelen gericht op het optimaliseren van preventie van huishoudelijk afval;

  • 3°.

    communicatie-activiteiten met burgers ten behoeve van de scheiding en preventie van huishoudelijk afval;

  • 4°.

    monitoring;

h.
basisproject huishoudelijk afval:

een samenhangend geheel van activiteiten, inhoudend het uitvoeren van een nulmeting en, gebaseerd op de resultaten daarvan, het opstellen van een plan van aanpak huishoudelijk afval voor gescheiden inzameling en preventie van groente-, fruit- en tuinafval, papier en karton, glas, textiel, wit- en bruingoed en klein chemisch afval;

i.
plusproject huishoudelijk afval:

een samenhangend geheel van activiteiten, inhoudend het uitvoeren van een plan van aanpak huishoudelijk afval voor gescheiden inzameling en preventie van één of meer van de volgende afvalstromen: groente-, fruit- en tuinafval, papier en karton, glas, textiel, wit- en bruingoed en klein chemisch afval;

j.
beleidsplan inrichtingen:

beschrijving van voorgenomen activiteiten, ter bereiking van het in artikel 2, onder b, beschreven doel, waarin in elk geval de volgende onderdelen zijn uitgewerkt en opgenomen:

  • 1°.

    de samenstelling van het gemeentelijk inrichtingenbestand;

  • 2°.

    het niveau van vergunningverlening en handhaving en de aanwezige kennis en vaardigheden met betrekking tot afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing;

  • 3°.

    activiteiten gericht op het verhogen van dat niveau;

  • 4°.

    maatregelen om het plan te kunnen uitvoeren;

  • 5°.

    monitoring;

k.
beleidsproject inrichtingen:

samenhangend geheel van activiteiten, inhoudend het opstellen van een beleidsplan inrichtingen, gericht op het actualiseren van bestaand beleid of het opstellen van nieuw beleid;

kennisproject inrichtingen:

samenhangend geheel van activiteiten, gericht op het verkrijgen van kennis en vaardigheden op het gebied van vergunningverlening en handhaving betreffende afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing of op het vergroten van de toegankelijkheid tot kennis en vaardigheden;

uitvoeringsproject inrichtingen:

samenhangend geheel van activiteiten, gericht op:

  • - verbetering van vergunningverlening of handhaving op het gebied van afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing, of

  • - stimulering van categorieën van inrichtingen tot het nemen van maatregelen op het gebied van afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing, waarbij wijze en tijdstip waarop vergunningverlening of handhaving plaatsvindt, is aangegeven;

combinatieproject inrichtingen:

een project waarin een kennis- en een uitvoeringsproject inrichtingen zijn samengevoegd;

groep:

economische eenheid, waarin organisatorisch zijn verbonden:

  • 1°.

    een natuurlijke persoon of privaatrechtelijke rechtspersoon die direct of indirect:

    • meer dan de helft van het geplaatste kapitaal verschaft aan,

    • volledig aansprakelijk vennoot is van, of

    • overwegende zeggenschap heeft over een of meer rechtspersonen of vennootschappen, en

  • 2°.

    laatstbedoelde rechtspersonen of vennootschappen.

Artikel

2

Doel

Op grond van deze regeling wordt subsidie verleend aan gemeenten of samenwerkingsverbanden voor:

  • a.

    het nemen van maatregelen om het niveau van afvalpreventie en afvalscheiding van huishoudelijke afvalstoffen te verhogen om daarmee de milieudruk veroorzaakt door het verwijderen van deze afvalstoffen te verminderen;

  • b.

    het optimaliseren van vergunningverlening en handhaving met betrekking tot afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing om daarmee de milieudruk veroorzaakt door te verwijderen afvalstoffen en het energieverbruik binnen inrichtingen te verminderen.

Artikel

3

Doelgroepen

Artikel

4

Voorwaarden

Artikel

5

Beoordelingscriteria

Artikel

6

Weigeringsgronden

Artikel

7

Subsidiabele kosten

Artikel

8

Hoogte van de subsidie

Artikel

9

Verplichtingen van de subsieontvanger

De subsidieontvanger is verplicht:

  • a.

    een eindrapport op te stellen en aan Novem uit te brengen, waarin de werkwijze en de resultaten van het project worden uiteengezet;

  • b.

    medewerking te verlenen aan bijeenkomsten die gericht zijn op uitwisseling van informatie en kennis die zijn verkregen door het project.

Artikel

10

Subsidieplafond

Artikel

11

Aanvragen

Artikel

12

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

13

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling aanpak milieudrukvermindering 2001.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, J.P.Pronk

Bijlage

Specificatie van de onderdelen van een nulmeting in een basisproject huishoudelijk afval

Onderdeel

Subonderdelen/onderzoeksmethode

Gemeentelijk beleid

Vastgestelde beleidsuitgangspunten

Geïmplementeerd beleid

Inzamel- en verwerkingstraject

Inzamelmiddel

per fractie

Inzamellocatie (dichtheid)

Inzamelvoertuig + bemensing

Inzamelfrequentie

Inzamelmoment (dag/tijdstip)

Aanbied- en acceptatie-eisen

Locatie van verwerking

Inzamelrespons per fractie

Ingezamelde hoeveelheid per fractie

Samenstelling restafval, als resultaat van

een sorteeranalyse

Totaal vrijkomende hoeveelheid per fractie

en gescheiden ingezameld deel

(inzamelrespons)

Inzamel- en verwerkingskosten

Inzamelkosten per fractie

en opbrengsten per fractie

Transportkosten

Overslagkosten

Verwerkingskosten c.q. opbrengsten

Overige kosten

Flankerende maatregelen

Motiverende maatregelen richting burger

Communicatie-inspanning richting burger

Tarievenstructuur

Regelgeving afvalscheiding

Controle/handhaving afvalscheiding

Achtergrondkenmerken

Bebouwingstype, tuingrootte, bevolkings-

samenstelling op basis van nationaliteit,

gezinssamenstelling

Kennis, houding, gedrag,

Bewonersconsultatie

behoeften en suggesties van

burgers met betrekking tot

afvalscheiding en -preventie