Besluit van 9 mei 2001, houdende vaststelling van een regeling inzake vergoedingen voor werkzaamheden en tegemoetkoming in de kosten voor leden van het algemeen bestuur van een waterschap (Besluit vergoedingen en tegemoetkoming leden algemeen bestuur waterschap)
Besluit vergoedingen en tegemoetkoming leden algemeen bestuur waterschap
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat van 21 december 2000, nr. CDJZ/WVW/2000–1550, Centrale Directie Juridische Zaken;
De overgang van het waterschap naar een lagere klasse in verband met de vermindering van het budget, als bedoeld in artikel 8b, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit voorzitters waterschappen, is niet van invloed op de geldende vergoeding van de op het tijdstip van overgang zittende leden van het algemeen bestuur tot hun aftreden.
Artikel
3
Het algemeen bestuur kan bij verordening tot ten hoogste 20% naar beneden afwijken van de vergoeding, voortvloeiend uit artikel 2, eerste lid.
Artikel
4
Het algemeen bestuur kan bij verordening bepalen dat ten hoogste 50% van de vergoeding wordt uitgekeerd, berekend naar rato van het aantal gehouden vergaderingen. In dat geval geschiedt de uitkering aan het lid van het algemeen bestuur op basis van het aantal bijgewoonde vergaderingen.
Artikel
5
1
De vergoeding wordt door het lid van het algemeen bestuur genoten met ingang van de dag van de beëdiging.
2
De vergoeding eindigt op het tijdstip van de beëindiging van het lidmaatschap van het algemeen bestuur.
3
Het lid van het algemeen bestuur dat in de loop van een kalenderjaar is beëdigd dan wel het lidmaatschap van het algemeen bestuur heeft beëindigd, ontvangt de vergoeding voor de werkzaamheden naar evenredigheid met de periode van uitoefening van het lidmaatschap in bedoeld kalenderjaar.
Artikel
6
Op de leden van het algemeen bestuur zijn van overeenkomstige toepassing de regelingen ten behoeve van ambtenaren van het waterschap ten aanzien van reiskosten en vergoeding van telefoonkosten.
Artikel
7
Ten aanzien van het zittende lid van het algemeen bestuur dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit recht heeft op een vergoeding die meer bedraagt dan waar hij op grond van artikel 2 van dit besluit recht op zou hebben, blijven de regels gelden zoals deze luiden voor de inwerkingtreding van dit besluit.
Artikel
8
Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
Artikel
9
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vergoedingen en tegemoetkoming leden algemeen bestuur waterschap.
Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.
's-Gravenhage
Beatrix
De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,J. M. de Vries