Artikel
1
In dit besluit wordt verstaan onder:
de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
het ministerie van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties;
Besluit:
In dit besluit wordt verstaan onder:
de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
het ministerie van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties;
Er is een commissie tijdelijke ouderenmaatregel sector politie.
De commissie is als volgt samengesteld:
voorzitter, tevens lid: R.O. Meijer, hoofd van de afdeling Arbeidsvoorwaardenbeleid van de directie Politie van het ministerie;
leden:
M.A. Beuving, korpschef Korps landelijke politiediensten;
P. Gortzak, bondspenningmeester ABVAKABO FNV;
J. Vogel, voorzitter Algemeen Christelijke Politiebond.
plaatsvervangende leden:
M. Scholtz, plaatsvervangend hoofd van de afdeling Arbeidsvoorwaardenbeleid van de directie Politie van het ministerie;
R.A.M. Tournier, vice-voorzitter van de Algemene Nederlandse Politievereniging.
De commissie stelt een reglement omtrent haar werkwijze vast en brengt dit ter kennis van de minister.
De commissie heeft tot taak advies uit te brengen aan het bevoegd gezag in de gevallen bedoeld in artikel 13c, vierde lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie.
Gelijktijdig met het uitbrengen van haar schriftelijk advies aan het bevoegd gezag, stelt de commissie de ambtenaar die de aanvraag, bedoeld in artikel 13b, eerste lid, van het Besluit algemene rechtspositie politie, heeft ingediend schriftelijk in kennis van haar advies.
Het bevoegd gezag vermeldt in of bij het besluit dat de commissie advies heeft uitgebracht.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 1 april 2010.
Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit commissie tijdelijke ouderenregeling sector Politie.
Dit besluit zal in de Staatscourant worden bekendgemaakt.