Uitvoeringsregeling BSE-Demos

De Minister van Economische Zaken,
Gelet op de artikelen 2, tweede lid, 3, tweede lid, 5 en 6, eerste lid, van het Besluit subsidies energieprogramma's;

Besluit:

Artikel

1

Artikel

2

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

3

Deze regeling wordt aangehaald als: Uitvoeringsregeling BSE-Demos.

Deze regeling zal in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage
De Minister van Economische Zaken,A.Jorritsma-Lebbink

Bijlage

1

Programma domotica, energiefuncties en marktontwikkelingsstrategie (Demos)

A

Doel, afbakening

In het kader van het Besluit subsidies energieprogramma's wordt via diverse programma's subsidie verleend voor activiteiten op het gebied van energiebesparing en duurzame energie. Het aantal programma's wordt teruggebracht om de transparantie te vergroten en het overheidsbeleid op het gebied van energiebesparing en duurzame energie te stroomlijnen.

Doelstelling van het programma domotica, energiefuncties en marktontwikkelingsstrategie (hierna: programma) is om een substantiële energiebesparing te bereiken door verbetering van apparaten, afstemming van apparaten onderling, gedragsbeïnvloeding van gebruikers van apparaten of technische gedragssturing van apparaten. Het toepassingsgebied van het programma is apparaten en installaties gebruikt in woningen en utiliteitsgebouwen.

Het programma heeft vier subdoelstellingen.

1. Energiebesparing door toepassing van domoticaconcepten. Hierbij wordt gestreefd naar een combinatie van apparaten en informatie- en communicatietechnologie binnen gebouwen in geïntegreerde concepten, zodat deze optimaal aansluiten bij de wensen en het gedrag van bewoners en tot energiebesparing leiden.

2. Energiebesparing door technische gedragssturing. Hierbij wordt gestreefd naar het bevorderen van energie-efficiënt gebruiksgedrag door middel van technische ontwerpwijzigingen in huishoudelijke apparaten.

3. Energiebesparing door gedragsbeïnvloeding. Hierbij wordt gestreefd naar het verkrijgen van inzicht in vernieuwende energiebesparende gedragsinterventies op respectievelijk energiefunctie-, huishoud- en wijkniveau.

4. Energiebesparing binnen energiefuncties. Hierbij wordt gestreefd naar de verbetering van de energetische kwaliteit van apparaten en installaties, de stimulering van aankoop van energiezuinige apparaten en installaties en het energiezuinig gebruik van deze apparaten en installaties.

In het kader van het programma worden de bouwkundige, bouwfysische en installatietechnische aspecten in onderlinge samenhang onderzocht. Bij de besparingsmaatregelen wordt gebruik gemaakt van de mogelijkheden die de informatie- en communicatietechnologie biedt om de energiebesparende maatregelen te laten functioneren en af te stemmen op het gebruikersgedrag. Een project moet op termijn kunnen leiden tot marktconforme oplossingen.

In het kader van het programma is verstrekking van subsidie mogelijk voor de volgende typen projecten (nadere omschrijving in artikel 1 van het Besluit subsidies energieprogramma's):

  • haalbaarheidsprojecten;

  • kennisoverdrachtprojecten;

  • onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten;

  • praktijkexperimenten;

  • demonstratieprojecten;

  • marktintroductieprojecten.

B

Beoordeling

Alle ingediende aanvragen worden getoetst aan het Besluit subsidies energieprogramma's en de onderdelen A en C van deze bijlage.

C

Afwijzingsgronden

Geen subsidie wordt verstrekt, indien:

  • 1.

    het project niet is gericht op ontwikkeling van nieuwe technieken of ontwikkelingsstrategieën of nieuwe toepassing van bestaande technieken of ontwikkelingsstrategieën;

  • 2.

    onvoldoende vertrouwen bestaat in de technische en economische haalbaarheid van het project;

  • 3.

    onvoldoende vertrouwen bestaat dat de betrokkenen de capaciteiten hebben om het project naar behoren uit te voeren;

  • 4.

    onvoldoende vertrouwen bestaat dat de beoogde baten van het project in termen van energiebesparing de kosten van het project zullen overtreffen;

  • 5.

    het onaannemelijk is dat een haalbaarheidsproject, een onderzoeks- of ontwikkelingsproject of een kennisoverdrachtproject binnen een jaar na subsidieverlening wordt voltooid of dat een praktijkexperiment, een demonstratieproject of een marktintroductieproject binnen drie jaar na subsidieverlening wordt voltooid;

  • 6.

    het project niet voorziet in kennisoverdracht;

  • 7.

    het project niet geschikt is voor grootschalige toepassing;

  • 8.

    verwachte effecten van het project op het gebied van energiebesparing door technische maatregelen of technische gedragssturing niet duidelijk worden onderbouwd;

  • 9.

    een project niet voorziet in integraal onderzoek naar de verwachte effecten op energiebesparing en energieverbruik;

  • 10.

    een project op het gebied van domotica niet vergezeld gaat van een duidelijk onderhoud- en beheerplan;

  • 11.

    een kennisoverdrachtproject, een praktijkexperiment, een demonstratieproject of een marktintroductieproject niet voorziet in monitoring;

  • 12.

    het project betrekking heeft op de installatie voor verwarming van ruimten;

  • 13.

    een project inzake technische gedragssturing en gedragsbeïnvloeding niet voorziet in samenwerking met één of meer marktpartijen en één of meer gedragsdeskundigen;

  • 14.

    bij een praktijkexperiment, een demonstratieproject, een marktintroductieproject of een haalbaarheidsproject inzake domotica de energieprestatie van bestaande woningen zonder domotica slechter is dan Energie-index (EI) 0,9 en de energieprestatie van nieuwe woningen zonder domotica slechter is dan energieprestatiecoëfficiënt (EPC) 0,8;

  • 15.

    een project inzake domotica onafhankelijk van andere maatregelen minder dan 10% aan energie bespaart ten opzichte van het totale directe energieverbruik van de woning.

Toelichting:

Ad 2 en 3. Bij de beoordeling van de haalbaarheid van een project kunnen worden betrokken de belemmeringen en mogelijkheden voortvloeiend uit regelgeving, normen of certificatie. Daarnaast moet een projectuitvoerder kunnen beschikken over de noodzakelijke financiële middelen en de benodigde organisatorische, sociaal-wetenschapppelijke en technisch-wetenschappelijke kennis.

Ad 11. Onder monitoring wordt verstaan het voor ten minste twee jaar bijhouden van de jaarlijkse energieverbruiken, de beleving van de bewoners en evaluatie van de gebruikersvriendelijkheid en werking van het systeem. Bij praktijkexperimenten moet ook de werking van de componenten geëvalueerd worden.

D

Subsidiepercentages en maximumbedragen

E

Subsidieplafond

F

Aanvraagperiode

Aanvragen op grond van het programma moeten worden ontvangen in de periode van 5 juli 2001 tot en met 31 oktober 2001.

De aanvragen moeten worden ingediend bij:

Novem B.V., Postbus 17, 3160 AA Sittard, of

Novem B.V., Postbus 8242, 3503 RE Utrecht.

Nadere informatie is te verkrijgen bij genoemde adressen en via de volgende telefoonnummers:

Novem Utrecht: 030-2393493, en

Novem Sittard: 046-4202202

en op de Novem-website www.novem.nl