Regeling toekenningen leraren in opleiding en stagiairs 2001-2002

De minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen,
Gelet op:
  • artikel 4 van de Wet overige OCenW subsidies,

  • artikel 85a, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs en

  • artikel 2.2.3, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs;

Besluit:

Hoofdstuk

1

Algemeen

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • De minister:

    de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen.

  • Bevoegd gezag:

    het bevoegd gezag bedoeld in artikel 3, tweede of derde lid;

  • Leraar in opleiding:

    • de student, bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet op het primair onderwijs, artikel 3, achtste lid, van de Wet op de expertisecentra, artikel 33, negende lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs, artikel 126, achtste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs, artikel VI of VII van de Wet van 24 juli 2001 (Staatsblad 2001, 352), of

    • de student die een opleiding volgt aan een instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, leidend tot een getuigschrift als bedoeld in artikel 4.2.2., eerste lid, onder a of c van de Wet educatie en beroepsonderwijs, die, voorzover het niet betreft een universitaire lerarenopleiding, aan die opleiding tenminste 126 studiepunten heeft behaald dan wel binnen vier weken na benoeming of aanstelling als leraar in opleiding 126 studiepunten zal hebben behaald en die in het kader van die opleiding op basis van een leerarbeidsovereenkomst in educatie of beroepsonderwijs is benoemd of aangesteld.

  • De stagiair:

    de student die:

    • een opleiding volgt aan een instelling voor hoger onderwijs als bedoeld in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, leidend tot een getuigschrift dat bij of krachtens artikel 186 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 171 van de Wet op de expertisecentra, artikel 33, eerste lid, onder b van de Wet op het voortgezet onderwijs, artikel 286 van de Wet op het voortgezet onderwijs, of artikel 4.2.2., eerste lid, onder a of c van de Wet educatie en beroepsonderwijs, is aangewezen als bewijs van bekwaamheid voor het in die wetten bedoeld onderwijs en

    • aan die opleiding, voorzover het niet betreft een universitaire lerarenopleiding, tenminste 126 studiepunten heeft behaald dan wel binnen vier weken na aanvang van de stageactiviteiten 126 studiepunten zal hebben behaald en

    • in het kader van de praktische beroepsvoorbereiding voor die opleiding en op basis van een stageovereenkomst, stageactiviteiten verricht.

  • Leerarbeidsovereenkomst:

    Een overeenkomst die bestaat uit een arbeidsovereenkomst en een leerovereenkomst welke laatste gesloten wordt tussen drie partijen: de leraar in opleiding, het bevoegd gezag van de school/instelling waar de leraar in opleiding is benoemd of aangesteld en de instelling waaraan de leraar in opleiding is ingeschreven als student.

  • Stageovereenkomst:

    Een overeenkomst die gesloten wordt tussen drie partijen: de stagiair, het bevoegd gezag van de school/instelling waar de stagiair in het kader van de praktische beroepsvoorbereiding stageactiviteiten verricht en de instelling waaraan de stagiair is ingeschreven als student.

  • Toekenning:

    Een subsidie als bedoeld in artikel 4 van de Wet overige OCenW-subsidies of een aanvullende vergoeding als bedoeld in artikel 85a, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs of artikel 2.2.3, derde lid, van de Wet educatie en beroepsonderwijs.

Artikel

2

Doelomschrijving

De minister verstrekt toekenningen als tegemoetkoming in de kosten voor het begeleiden van een leraar in opleiding of een stagiair.

Artikel

3

Aanvrager van de toekenning

Artikel

4

Beschikbaar bedrag

Voor toekenningen op grond van deze regeling is maximaal een bedrag van € 6.852.000 (ƒ 1.500.000) beschikbaar.

Artikel

5

Hoogte van de toekenning

De toekenning bedraagt eenmalig € 680 (ƒ 1.500,-) per leraar in opleiding dan wel € 34 (ƒ 75,-) per volle week voor een stagiair met dien verstande dat per stagiair in het schooljaar 2001-2002 maximaal recht bestaat op € 680 (ƒ 1.500,-) t.b.v. de begeleiding van stageactiviteiten ongeacht het aantal scholen of instellingen waar die activiteiten plaatsvinden.

Hoofdstuk

2

Aanvraagprocedure

Artikel

6

Aanvraag

De toekenning wordt op aanvraag verstrekt.

Artikel

7

Aanvraagprocedure en vereisten

Artikel

8

Termijn indiening

De aanvraag kan gedurende het gehele schooljaar 2001-2002 worden ingediend.

Hoofdstuk

3

Verstrekking van de toekenning

Artikel

9

Criteria verdeling bij verstrekking van de toekenning

De minister verdeelt het in artikel 4 genoemde maximaal beschikbare bedrag in de volgorde van ontvangst van de aanvragen op grond van deze regeling.

Artikel

10

Verstrekken van de toekenning

Binnen 3 maanden na ontvangst wordt de aanvraag afgehandeld en ontvangt het bevoegd gezag ingeval van een positieve beslissing de toekenning bedoeld in artikel 5. Voorzover het betreft een subsidie geschiedt dat in de vorm van een bestemmingsbedrag.

Artikel

11

Niet vervullen begrotingsvoorwaarde

Toekenningen ten laste van de begroting van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, worden verstrekt onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld.

Hoofdstuk

4

Verplichtingen ontvanger van de toekenning

Artikel

12

Voorwaarden voor toekenning

Hoofdstuk

5

Vaststelling en terugvordering

Artikel

13

Vaststellen van de subsidie

Artikel

14

Verantwoording aanvullende vergoeding

Artikel

15

Terugvordering

Hoofdstuk

6

Slotbepalingen

Artikel

16

Bekendmaking

Deze regeling zal met toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Artikel

17

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen waarin deze regeling wordt geplaatst.

Artikel

18

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling toekenningen leraren in opleiding en stagiairs 2001-2002.

De minister van onderwijs, cultuur en wetenschappenDrs. L.M.L.H.A. Hermans