Regeling van het College van Beroep voor het bedrijfsleven van 19 oktober 2001, houdende richtlijnen voor de behandeling van beroepszaken in eerste aanleg en in hoger beroep door enkelvoudige en meervoudige kamers als bedoeld in artikel 18 en volgende van de Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie (Procesregeling CBB)

Procesregeling CBB

Het wettelijk kader voor de behandeling van beroepszaken bij het College is in hoofdzaak gebaseerd op de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en deels op de Wet bestuursrechtspraak bedrijfsorganisatie (Wbbo).

I

Voorfase

Artikel

1

Ontvangstbevestiging/kennisgeving

Artikel

2

Uitnodiging griffierecht

Artikel

3

Herstel vormverzuim

Indien het beroepschrift niet voldoet aan de vereisten als bedoeld in artikel 6:5, eerste lid, aanhef en onder a, c en d, en tweede lid van de Awb, wordt de indiener van het beroepschrift binnen twee weken na de ontvangst van het beroepschrift bij aangetekende brief uitgenodigd het geconstateerde vormverzuim te herstellen binnen vier weken na de dag van verzending van die uitnodiging.

In die uitnodiging wordt vermeld dat het beroep niet-ontvankelijk kan worden verklaard indien het geconstateerde verzuim niet binnen die termijn is hersteld.

Artikel

4

Overleggen machtiging

II

Toezending van stukken

Artikel

5

Toezenden van stukken

Artikel

6

Geheimhouding stukken

Artikel

7

Later inzenden van stukken

Van de door een partij in de loop van de procedure ingezonden stukken wordt aan de andere partij(en) binnen twee weken na ontvangst een afschrift gezonden.

III

Versnelde behandeling

Artikel

8

Versnelde behandeling

IV

Voortgang van de procedure

Artikel

9

Bericht van behandeling

Binnen tien weken na ontvangst van het verweerschrift deelt het College aan partijen mede op welke wijze het beroep verder zal worden behandeld.

V

Vooronderzoek

Artikel

10

Repliek en dupliek

Indien het College het wenselijk acht dat de indiener van het beroepschrift een reactie op het verweerschrift geeft, wordt de indiener in de gelegenheid gesteld binnen een termijn van vier weken na de uitnodiging van repliek te dienen. De andere partij(en) wordt daarna in de gelegenheid gesteld binnen vier weken na de uitnodiging van dupliek te dienen.

Artikel

11

Comparitie van partijen

Artikel

12

Schriftelijke inlichtingen

Artikel

13

Horen van getuigen

Artikel

14

Deskundigenonderzoek

Artikel

15

Onderzoek ter plaatse

Indien het College een onderzoek ter plaatse nodig acht, wordt van plaats en tijdstip van het onderzoek ten minste vier weken van tevoren aan partijen mededeling gedaan. Partijen worden daarbij in de gelegenheid gesteld bij dat onderzoek aanwezig te zijn.

VI

Zitting en uitspraak

Artikel

16

Verzet na vereenvoudigde afdoening

Het verzet wordt, tenzij het kennelijk gegrond bevonden wordt, behandeld ter zitting. De uitnodiging voor de behandeling van het verzet ter zitting wordt in beginsel zes weken voor de datum van de zitting aan partijen verzonden. De behandeling van het verzet ter zitting vindt plaats binnen drie maanden nadat het verzet is ingesteld, tenzij partijen wordt bericht dat nader onderzoek vereist is.

Artikel

17

Onderzoek ter zitting

Artikel

18

Nagekomen stukken

Stukken die ongevraagd worden ingediend na de zitting, worden buiten beschouwing gelaten en geretourneerd. Acht het College kennisneming daarvan niettemin geboden, dan heropent het College het onderzoek.

VII

Algemene bepalingen en slotbepalingen

Artikel

19

Uitstelbeleid

Artikel

20

Afwijkingsbevoegdheid

Van de artikelen uit deze procesregeling kan het College op grond van bijzondere omstandigheden afwijken.

Artikel

21

Slotbepalingen