Artikel
1
Er is een Commissie als bedoeld in artikel 28, eerste lid, van de Luchtvaartwet ingesteld bij het luchtvaartterrein Rotterdam, hierna te noemen: de Commissie.
Besluit:
Er is een Commissie als bedoeld in artikel 28, eerste lid, van de Luchtvaartwet ingesteld bij het luchtvaartterrein Rotterdam, hierna te noemen: de Commissie.
In de Commissie hebben zitting:
één vertegenwoordiger van de provincie Zuid-Holland;
twee vertegenwoordigers van de gemeente Bergschenhoek, twee vertegenwoordigers van de gemeente Berkel en Rodenrijs, twee vertegenwoordigers van de gemeente Rotterdam en twee vertegenwoordigers van de gemeente Schiedam waarvan per gemeente ten minste één als vertegenwoordiger van in die gemeenten woonachtige omwonenden van het luchtvaartterrein Rotterdam kan worden beschouwd;
ten hoogste twee vertegenwoordigers van de exploitant van het luchtvaartterrein Rotterdam;
ten hoogste twee vertegenwoordigers van de gebruikers van luchtvaartuigen, welke geregeld op het luchtvaartterrein Rotterdam landen en daarvan opstijgen;
ten hoogste twee door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer aan te wijzen vertegenwoordigers;
één vertegenwoordiger van rechtspersoonlijkheid bezittende milieuorganisaties;
één door de Minister van Verkeer en Waterstaat aan te wijzen vertegenwoordiger;
één vertegenwoordiger van de verkeersleidingsdienst.
De Commissie voert overleg en geeft voorlichting omtrent de milieuhygiëne rond het luchtvaartterrein Rotterdam.
De Commissie kan door de Minister van Verkeer en Waterstaat worden gehoord inzake:
de vaststelling van het handhavingsvoorschrift als bedoeld in artikel 30a van de Luchtvaartwet;
de vaststelling van het gebruiksplan, bedoeld in artikel 30b van de Luchtvaartwet;
maatregelen en voorschriften met gevolg voor de geluidsbelasting rond hei luchtvaartterrein Rotterdam alsmede over de wijze van handhaving van deze maatregelen en voorschriften.
De Commissie stelt een huishoudelijk reglement vast met betrekking tot de uitvoering van haar taken.
De Commissie stuurt jaarlijks vóór 1 april aan de Minister van Verkeer en Waterstaat een door de Commissie vastgesteld verslag over de inhoud van haar werkzaamheden en de wijze waarop zij deze taken in het afgelopen kalenderjaar heeft uitgevoerd.
De Commissie stelt jaarlijks een begroting vast voor het komende kalenderjaar en zendt deze uiterlijk vóór 1 december van het jaar voorafgaande aan het jaar waarvoor de begroting is bedoeld ter goedkeuring aan de Minister van Verkeer en Waterstaat.
De commissie zendt jaarlijks vóór 1 april van ieder jaar aan de Minister van Verkeer en Waterstaat een verantwoording over de door de commissie bestede gelden van het voorafgaande kalenderjaar. Indien de bestedingen van de commissie een nader te bepalen bedrag te boven gaan dient de verantwoording te zijn voorzien van een accountantsverklaring.
De naam van de Commissie luidt: "Commissie milieuhygiëne luchtvaartterrein Rotterdam".
De beschikking van 5 december 1980, nummer LV/L 25504, houdende instelling van een commissie als bedoeld in artikel 28 van de Luchtvaartwet voor het luchtvaartterrein Rotterdam alsmede het besluit houdende wijziging samenstelling Commissie Milieuhygiëne luchtvaartterrein Rotterdam van 27 juni 1995, nummer LI/MZ/95.700336 worden ingetrokken.
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit instelling Commissie milieuhygiëne luchtvaartterrein Rotterdam.