Ten aanzien van het Beurzenprogramma voor Internationaal Onderwijsinstituten geldt voor de periode van 1 januari 2002 tot en met 31 december 2002 het in de bijlage bij dit besluit opgenomen beleidsvoornemen.
Artikel
3
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het geplaatst wordt.
Dit besluit zal met bijlage in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister voor Ontwikkelingssamenwerking,
namens deze,
De Directeur-Generaal Internationale Samenwerking,R.Keller
Bijlage
Beleidsvoornemen ten aanzien van het Beurzenprogramma voor Internationaal Onderwijsinstituten
De Nederlandse regering acht het belangrijk dat er een beurzenprogramma bestaat voor mensen uit ontwikkelingslanden voor opleidingen in Nederland. Het Nederlands Fellowships Programma - NFP voorziet hierin. In het kader van het NFP heeft de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking het Beurzenprogramma voor Internationaal Onderwijsinstituten (BIO) in het leven geroepen.
Instituten
In het kader van het BIO komen maximaal 14 Nederlandse IO-instellingen, die lid zijn van de Federatie van Internationaal Onderwijsinstellingen in Nederland, in aanmerking voor een subsidie voor het opleiden van mensen uit ontwikkelingslanden. Deze instituten dienen te beschikken over langdurige ervaring en grote deskundigheid met betrekking tot onderwijs t.b.v. personen uit ontwikkelingslanden. Ook dienen deze instituten veel ervaring te hebben met opbouw van capaciteit in ontwikkelingslanden. Tevens dienen zij ervaring te hebben met het opvangen van en het omgaan met personen uit ontwikkelingslanden en dienen zij te beschikken over adequate studentenhuisvesting.
Opleidingen
De opleidingen moeten gericht zijn op het verbeteren van het functioneren van overheidsdiensten, particuliere ontwikkelingsorganisaties en midden- en kleinbedrijf, door middel van praktijkgerichte scholing. De opleidingen vinden plaats binnen drie deelprogramma's te weten het reguliere programma met cursussen op verschillend academisch niveau, refresher courses en PhD opleidingen. De opleidingen dienen gebaseerd te zijn op behoeften in ontwikkelingslanden en dienen ook te passen binnen de OS-prioriteiten en dienen aan te sluiten bij het beleid zoals weergegeven in de Nota 'Ontwikkelingssamenwerking en Onderwijs in de jaren negentig'. De cursussen en trainingsprogramma's dienen een toepassingsgericht karakter te hebben en van nut te zijn in de beroepspraktijk van mid-career professionals uit ontwikkelingslanden. De cursusduur zal in het algemeen een termijn van achttien maanden niet overschrijden (met uitzondering van PhD opleidingen).
Verdeling van middelen
In het jaar 2002 zal eenzelfde verdeling van de beschikbare fondsen over de drie deelprogramma's worden aangehouden als die in voorgaande jaren, te weten 85% voor het reguliere programma, 10,5% voor de refresher courses en 4,5% voor PhD opleidingen.
Doelgroep
Beurzen ten behoeve van het volgen van bovenstaande cursussen kunnen door de gesubsidieerde instituten verleend worden aan mid-career professionals van hierboven genoemde diensten en organisaties afkomstig uit landen voorkomend op de in de annex opgenomen landenlijst. De beursontvangers dienen zich te houden aan de `Rules and Regulations of the Netherlands Fellowships Programme' (welke de beursontvangers toegezonden zullen krijgen). Er dient gestreefd te worden naar besteding van 50% van de middelen aan beurzen voor cursisten uit Afrika.
Uitvoering en beheer
Het BIO zal in 2002 worden uitgevoerd door de Federatie van Internationaal Onderwijsinstituten in Nederland die namens de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking zal besluiten op subsidieaanvragen van IO-Instituten. Aanvragen dienen bij het SAIL Projectenbureau, Postbus 3015, 2601 DA te Delft ingediend te worden uiterlijk een week na inwerkingtreding van dit besluit.
Vergoedingen
Per cursist wordt aan het IO-instituut een handlingfee toegekend. Het tarief van de Handlingfee per cursist is afhankelijk van de duur van de cursus:
duur cursus 0 t/m 10 maanden € 363,02 (NLG 800,00);
duur cursus langer dan 10 maanden € 453,78 (NLG 1.000,00).
Annex: Landenlijst Beurzenprogramma voor IO-Instituten (BIO)
Afghanistan
Guyana
Peru
Albanië
Haiti
Rwanda
Algerije
Honduras
Saint Kitts & Nevis
Angola
India
Saint Lucia
Antigua & Barbuda
Indonesië
Saint Vincent & Grenadinen
Argentinië
Irak²Alleen personen die zich actief inzetten voor de mensenrechten en democratisering, waaronder kandidaten voorgedragen door bepaalde NGO's.
Salomonseilanden
Armenië
Iran
Samoa
Azerbaijan
Ivoorkust
Sao Tomé & Principe
Bangladesh
Jamaica
Senegal
Belize
Jemen
Seychellen
Benin
Jordanië
Sierra Leone
Bhutan
Kaapverdië
Somalië
Bolivia
Kameroen
Sri Lanka
Bosnië-Herzegovina
Kazachstan
Sudan
Botswana
Kenia
Suriname³Beursverlening Suriname geschiedt lastens verdragsmiddelen, behalve voor kandidaten voorgedragen door bepaalde NGO's.
Brazilië
Kiribati
Swaziland
Burkina Faso
Kyrgyzstan
Syrië
Burundi
Laos
Tadzjikistan
Cambodja
Lesotho
Tanzania
Centraalafrikaanse Repupbliek
Libanon
Thailand
Chili
Liberia
Togo
China¹Uitgezonderd personen afkomstig uit Hongkong en Macao.
Macedonië
Tonga
Colombia
Madagaskar
Trinidad & Tobago
Comoren, de
Malawi
Tsjaad
Congo
Maldiven
Tunesië
Congo DRC
Maleisië
Turkije
Costa Rica
Mali
Turkmenistan
Cuba
Marokko
Tuvalu
Djibouti
Mauretanië
Uganda
Dominica
Mauritius
Uruguay
Dominicaanse Republiek
Mexico
Vanuatu
Ecuador
Moldavië
Venezuela
Egypte
Mongolië
Vietnam
El Salvador
Mozambique
Zambia
Equatoriaal Guinee
Myanmar (Birma)4 Alleen kandidaten voorgedragen door bepaalde NGO's.