Wijziging van de Uitvoeringsregeling belastingen op milieugrondslag

De Staatssecretaris van Financiën,
Handelende wat artikel 15, tweede lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag betreft, mede namens de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
Handelende wat de artikelen 36o, zesde lid, 36p, zesde lid, en 36t, zesde lid, van de Wet belastingen op milieugrondslag betreft, in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken en de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

Besluit:

Artikel

I

Wijzigt de Uitvoeringsregeling belastingen op milieugrondslag.

Artikel

II

Als formulier dat aangewend wordt voor een verzoek om toekenning van een energiepremie als bedoeld in artikel 8n, derde lid, wordt vastgesteld het formulier dat in overeenstemming is met één van de in de bijlage opgenomen modellen EP1, EP2, EP3 en EP4.

Artikel

III

Als verklaring die een verzoek om toekenning van een energiepremie vergezelt als bedoeld in artikel 8n, vijfde lid, wordt vastgesteld de verklaring die in overeenstemming is met het in de bijlage opgenomen model EP5.

Artikel

IV

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2002 met dien verstande dat artikel I, onderdeel K, artikel II en artikel III uitsluitend van toepassing zijn op apparaten en voorzieningen die op of na 1 januari 2002 zijn aangeschaft.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de in de bijlage opgenomen modellen EP1, EP2, EP3, EP4 en EP5 die ter inzage liggen bij de Directie Wetgeving Verbruiksbelastingen van het Ministerie van Financiën.

Den Haag
De Staatssecretaris van Financiën, W.Bos