Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer houdende regels met betrekking tot subsidies aan gemeenten om hen te stimuleren tot het verminderen van milieudruk door het bevorderen van preventie en scheiding van huishoudelijke afvalstoffen en door het optimaliseren van vergunningverlening en handhaving met betrekking tot afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing 2002

Subsidieregeling aanpak milieudrukvermindering

De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,

Besluit:

Artikel

1

Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
samenwerkingsverband:

verband van twee of meer Nederlandse gemeenten die aan de hand van een regeling als bedoeld in artikel 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, dan wel van een schriftelijke verklaring kunnen aantonen dat zij samenwerken bij het uitvoeren van projecten als bedoeld onder h, i, k, l, m en n;

b.
afvalpreventie:

het voorkomen of beperken van het ontstaan van afvalstoffen of het verminderen van de milieuschadelijkheid daarvan door interne nuttige toepassing of reductie aan de bron;

c.
afvalscheiding:

het scheiden en gescheiden houden van afvalstoffen en deze gescheiden afgeven;

d.
energiebesparing:

verbeteren van de energie-efficiency door het treffen van maatregelen binnen een inrichting;

e.
sorteeranalyse:

sorteeranalyse die is uitgevoerd overeenkomstig de Richtlijn Sorteeranalyse van het Afval Overleg Orgaan;

f.
nulmeting:

inventarisatie van gegevens over afvalscheiding en afvalpreventie, voor zover het huishoudelijke afvalstoffen betreft, volgens de opgave in de bijlage bij deze regeling;

g.
plan van aanpak huishoudelijke afvalstoffen:

beschrijving van voorgenomen activiteiten ter bereiking van het in artikel 2, onder a, beschreven doel, waarin in elk geval de volgende onderdelen zijn uitgewerkt en opgenomen:

  • 1°.

    maatregelen, gericht op het optimaliseren van afvalscheiding, voor zover het huishoudelijke afvalstoffen betreft;

  • 2°.

    maatregelen, gericht op het optimaliseren van afvalpreventie, voor zover het huishoudelijke afvalstoffen betreft;

  • 3°.

    communicatie-activiteiten met burgers ten behoeve van afvalscheiding en afvalpreventie, voor zover het huishoudelijke afvalstoffen betreft;

  • 4°.

    monitoring;

h.
basisproject huishoudelijke afvalstoffen:

samenhangend geheel van activiteiten, inhoudende het uitvoeren van een nulmeting en, gebaseerd op de resultaten daarvan, het opstellen van een plan van aanpak huishoudelijke afvalstoffen voor gescheiden inzameling en afvalpreventie van groente-, fruit- en tuinafval, papier en karton, glas, textiel, wit- en bruingoed en klein chemisch afval;

i.
plusproject huishoudelijke afvalstoffen:

samenhangend geheel van activiteiten, inhoudende het uitvoeren van een plan van aanpak huishoudelijke afvalstoffen voor gescheiden inzameling en afvalpreventie van één of meer van de volgende afvalstromen: groente-, fruit- en tuinafval, papier en karton, glas, textiel, wit- en bruingoed en klein chemisch afval;

j.
beleidsplan inrichtingen:

beschrijving van voorgenomen activiteiten ter bereiking van het in artikel 2, onder b, beschreven doel, waarin in elk geval de volgende onderdelen zijn uitgewerkt en opgenomen:

  • 1°.

    de samenstelling van het gemeentelijk inrichtingenbestand;

  • 2°.

    het bestaande niveau van vergunningverlening en handhaving en de aanwezige kennis en vaardigheden met betrekking tot afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing;

  • 3°.

    maatregelen, gericht op het verhogen van het in onderdeel 2° bedoelde niveau om daarmee uiterlijk op 31 december 2005 voor vergunningverlening en handhaving met betrekking tot afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing een adequaat niveau te hebben bereikt;

  • 4°.

    monitoring;

k.
beleidsproject inrichtingen:

samenhangend geheel van activiteiten, inhoudende het opstellen van een beleidsplan inrichtingen, gericht op het actualiseren van bestaand beleid of het opstellen van nieuw beleid;

l.
kennisproject inrichtingen:

samenhangend geheel van activiteiten, gericht op het verkrijgen van kennis en vaardigheden op het gebied van vergunningverlening en handhaving betreffende afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing of op het vergroten van de toegankelijkheid tot kennis en vaardigheden;

m.
uitvoeringsproject inrichtingen:

samenhangend geheel van activiteiten, gericht op:

  • 1°.

    verbetering van vergunningverlening of handhaving op het gebied van afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing, of

  • 2°.

    stimulering van categorieën van inrichtingen tot het nemen van maatregelen op het gebied van afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing, waarbij de wijze en het tijdstip waarop vergunningverlening of handhaving plaatsvindt, is aangegeven;

n.
combinatieproject inrichtingen:

een project waarin een kennis- en een uitvoeringsproject inrichtingen zijn samengevoegd;

o.
groep:

economische eenheid, waarin organisatorisch zijn verbonden:

  • 1°.

    een natuurlijke persoon of privaatrechtelijke rechtspersoon die direct of indirect:

    • -

      meer dan de helft van het geplaatste kapitaal verschaft aan,

    • -

      volledig aansprakelijk vennoot is van, of

    • -

      overwegende zeggenschap heeft over een of meer rechtspersonen of vennootschappen, en

  • 2°.

    laatstbedoelde rechtspersonen of vennootschappen;

p.
Novem:

Nederlandse organisatie voor energie en milieu b.v.

Artikel

2

Doel

Op grond van deze regeling wordt subsidie verleend aan gemeenten of samenwerkings-verbanden voor:

  • a.

    het nemen van maatregelen om het niveau van afvalpreventie en afvalscheiding, voor zover het huishoudelijke afvalstoffen betreft, te verhogen om daarmee de milieudruk, veroorzaakt door het verwijderen van deze afvalstoffen, te verminderen;

  • b.

    het optimaliseren van vergunningverlening en handhaving met betrekking tot afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing om daarmee de milieudruk, veroorzaakt door te verwijderen afvalstoffen en het energieverbruik binnen inrichtingen, te verminderen.

Artikel

3

Voorwaarden

Artikel

4

Beoordelingscriteria

Artikel

5

Weigeringsgronden

Een aanvraag tot subsidieverlening wordt afgewezen indien:

  • a.

    niet wordt voldaan aan de voorwaarden, bedoeld in artikel 3;

  • b.

    op grond van de aspecten, genoemd in artikel 4, wordt vastgesteld dat het project een te geringe of onevenwichtige bijdrage levert aan de doelstelling van deze regeling;

  • c.

    voor een project als bedoeld in artikel 1, onder l, m of n, de subsidiabele kosten van een desbetreffend project lager zijn dan € 19.000,-.

Artikel

6

Subsidiabele kosten

Artikel

7

Hoogte van de subsidie

Artikel

8

Verplichtingen van de subsidieontvanger

De subsidieontvanger is verplicht:

  • a.

    het geactualiseerde overzicht van activiteiten als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel a, van het Besluit milieusubsidies elke zes maanden aan de Novem te verstrekken op grond van een door de Novem vastgesteld model;

  • b.

    medewerking te verlenen aan activiteiten met het oog op het evalueren van resultaten of het uitwisselen van kennis en ervaringen die zijn verkregen door het project.

Artikel

9

Subsidieplafond

Artikel

10

Aanvraag tot subsidieverlening en subsidievaststelling

Artikel

11

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

12

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling aanpak milieudrukvermindering 2002.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage
De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, J.P.Pronk

Bijlage bij Subsidieregeling aanpak milieudrukvermindering 2002

Specificatie van de onderdelen van een nulmeting in een basisproject huishoudelijke afvalstoffen

Onderdeel

Subonderdelen/onderzoeksmethode

Gemeentelijk beleid

Vastgestelde beleidsuitgangspunten

Geïmplementeerd beleid

Inzamel- en verwerkingstraject

per fractie

Inzamelmiddel

Inzamellocatie (dichtheid)

Inzamelvoertuig + bemensing

Inzamelfrequentie

Inzamelmoment (dag/tijdstip)

Aanbied- en acceptatie-eisen

Locatie van verwerking

Inzamelrespons per fractie

Ingezamelde hoeveelheid per fractie

Samenstelling restafval, als resultaat van

een sorteeranalyse

Totaal vrijkomende hoeveelheid per fractie en

gescheiden ingezameld deel (inzamelrespons)

Inzamel- en verwerkingskosten en opbrengsten per fractie

Inzamelkosten per fractie

Transportkosten

Overslagkosten

Verwerkingskosten c.q. opbrengsten

Overige kosten

Flankerende maatregelen

Motiverende maatregelen richting burger

Communicatie-inspanning richting burger

Tarievenstructuur

Regelgeving afvalscheiding

Controle/handhaving afvalscheiding

Achtergrondkenmerken

Bebouwingstype, tuingrootte, bevolkings-

samenstelling op basis van nationaliteit,

gezinssamenstelling

Kennis, houding, gedrag, behoeften en

suggesties van burgers met betrekking

tot afvalscheiding en -preventie

Bewonersconsultatie