Artikel
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
de Minister van Economische Zaken;
dat deel van het orderbedrag dat geen betrekking heeft op lokale kosten;
de kosten van goederen, diensten en heffingen die onderdeel uitmaken van de order en gemaakt worden in het land waarin de afnemer van de order is gevestigd;
het gedeelte van het exportdeel van het orderbedrag dat kan worden toegerekend aan goederen of diensten die worden geproduceerd respectievelijk verricht door in Nederland gevestigde ondernemers;
bedrag waarvoor de order definitief is afgesloten, met dien verstande dat dit bedrag met ten hoogste 10 procent ervan wordt verhoogd voor zover:
-
1º
de order gespecificeerde onderdelen bevat met een overeengekomen opdrachtsom, waarbij de opdrachtgever de keuze heeft om ze al dan niet te laten uitvoeren,
-
2º
in de order een bedrag is opgenomen voor door de opdrachtnemer uit te voeren, niet nader gespecificeerde werkzaamheden, of
-
3º
in de order is bepaald dat de opdrachtnemer bepaalde prijsstijgingen voor zijn rekening zal nemen;
de rente die op grond van de OESO-consensus moet worden toegepast;
de periodiek door de OESO ten behoeve van de in de OESO-consensus opgenomen minimumpremie referentiebedragen vastgestelde lijst van landenclassificaties;
een garantie verstrekt door een bank met het oog op het verkrijgen van meerdere zekerheid ten aanzien van de rente- en aflossingsverplichtingen waaraan de afnemer van de order in het kader van het exportkrediet moet voldoen;
éénhonderdste van één procent.