Regeling exportfinancieringsarrangement rente-overbruggingsfaciliteit 2002

De Staatssecretaris van Economische Zaken;

Besluit:

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
minister:

de Minister van Economische Zaken;

b.
exportdeel van een order:

dat deel van het orderbedrag dat geen betrekking heeft op lokale kosten;

c.
lokale kosten:

de kosten van goederen, diensten en heffingen die onderdeel uitmaken van de order en gemaakt worden in het land waarin de afnemer van de order is gevestigd;

d.
Nederlands aandeel:

het gedeelte van het exportdeel van het orderbedrag dat kan worden toegerekend aan goederen of diensten die worden geproduceerd respectievelijk verricht door in Nederland gevestigde ondernemers;

e.
orderbedrag:

bedrag waarvoor de order definitief is afgesloten, met dien verstande dat dit bedrag met ten hoogste 10 procent ervan wordt verhoogd voor zover:

  • de order gespecificeerde onderdelen bevat met een overeengekomen opdrachtsom, waarbij de opdrachtgever de keuze heeft om ze al dan niet te laten uitvoeren,

  • in de order een bedrag is opgenomen voor door de opdrachtnemer uit te voeren, niet nader gespecificeerde werkzaamheden, of

  • in de order is bepaald dat de opdrachtnemer bepaalde prijsstijgingen voor zijn rekening zal nemen;

f.
OESO-consensusrente:

de rente die op grond van de OESO-consensus moet worden toegepast;

g.
OESO-premielandenclassificatie:

de periodiek door de OESO ten behoeve van de in de OESO-consensus opgenomen minimumpremie referentiebedragen vastgestelde lijst van landenclassificaties;

h.
bankgarantie:

een garantie verstrekt door een bank met het oog op het verkrijgen van meerdere zekerheid ten aanzien van de rente- en aflossingsverplichtingen waaraan de afnemer van de order in het kader van het exportkrediet moet voldoen;

i.
basispunt:

éénhonderdste van één procent.

Artikel

2

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Indien ter zake van het door een toeleverancier of onderaannemer produceren van goederen of verrichten van diensten ten behoeve van het door de subsidieontvanger uitvoeren van de order door een niet-Nederlandse overheid financieringssteun is toegezegd of verstrekt, wordt bij het bepalen van het bedrag van de subsidie het orderbedrag verminderd met het bedrag van de toeleverantie of onderaanneming.

Artikel

7

Artikel

8

Artikel

9

Artikel

10

Een voorschot wordt berekend naar rato van de in verband met de uitvoering van de order gemaakte en betaalde kosten, voor zover deze nog niet eerder bij de verstrekking van een voorschot in aanmerking zijn genomen. In totaal zal het bedrag aan voorschotten niet groter zijn dan 80 procent van het bedrag waarop de subsidie ten hoogste kan worden vastgesteld.

Artikel

11

Artikel

12

De Regeling exportfinancieringsarrangement lichte matching en de Regeling exportfinancieringsarrangement rente-overbruggingsfaciliteit worden ingetrokken, met dien verstande dat zij van toepassing blijven op aanvragen om subsidie die zijn ingediend voor de datum van inwerkingtreding van deze regeling en op subsidies die voor die datum zijn verstrekt.

Artikel

13

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

14

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling exportfinancieringsarrangement rente-overbruggingsfaciliteit 2002.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst, met uitzondering van de bijlagen 2, 3 en 4, die ter inzage worden gelegd. Van deze terinzagelegging zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

's-Gravenhage
De Staatssecretaris van Economische Zaken, G.Ybema

Bijlage

1

Bijlage als bedoeld in artikel 3 van de Regeling exportfinancieringsarrangement rente-overbruggingsfaciliteit 2002

I

Basispunten in verband met indeling in premielandenclassificatie en soort afnemer

A. Exportkredieten met een aflossingsperiode van ten hoogste 5 jaar:

OESO-premielanden-

classificatie

Afnemer is monetaire autoriteit of overheid of de afnemer heeft een garantie van de monetaire autoriteit of overheid

Afnemer met bankgarantie

Afnemer zonder bankgarantie

Landenklasse 2

15

20

30

Landenklasse 3 t/m 5

30

40

50

Landenklasse 6

35

40

55

Landenklasse 7

0

155

0

B. Exportkredieten met een aflossingsperiode van meer dan 5 jaar:

OESO-premielanden-

classificatie

Afnemer is monetaire autoriteit of overheid of de afnemer heeft een garantie van de monetaire autoriteit of overheid

Afnemer met bankgarantie

Afnemer zonder bankgarantie

Landenklasse 2

30

35

50

Landenklasse 3 t/m 5

50

60

75

Landenklasse 6

60

70

90

Landenklasse 7

0

125

0

II

Basispunten in verband met vergoeding beheerskosten

Grootte orderbedrag

Aantal basispunten

kleiner dan € 2 500 000

10

tussen € 2 500 000 en € 4 500 000

5

groter dan € 4 500 000

0