Aanvullende bekostiging bestuurlijke krachtenbundeling voortgezet onderwijs (vo)

Regeling aanvullende bekostiging bestuurlijke krachtenbundeling vo

De staatssecretaris van onderwijs, cultuur en wetenschappen,

Besluit

Paragraaf

I

Definitie

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

school:

een school of scholengemeenschap voor voortgezet onderwijs;

formatieplaats:

een normatief berekende formatieplaats als bedoeld in het Formatiebesluit W.V.O. alsmede de op grond van artikel 85a van de WVO toegekende aanvullende formatieplaats;

samenwerkingsverband vo:

een samenwerkingsverband als bedoeld in artikel 5;

bevoegd gezag:

het bevoegd gezag of het coördinerend bevoegd gezag van een samenwerkingsverband vo;

aanvullende bekostiging:

stimuleringsbijdrage bestuurlijke krachtenbundeling ten behoeve van kwaliteits- en personeelsbeleid.

Paragraaf

II

Aanvullende bekostiging personeels- of exploitatiekosten ten behoeve van een samenwerkingsverband vo

Artikel

2

Hoogte en duur van de aanvullende bekostiging per schooljaar

Artikel

3

Samenvoeging van scholen binnen een samenwerkings verband vo

In afwijking van artikel 2 brengt een onderlinge samenvoeging van scholen binnen een samenwerkingsverband vo in het betreffend schooljaar en de schooljaren genoemd in deze regeling geen wijziging in de hoogte van de aanvullende bekostiging van het oorspronkelijke samenwerkingsverband vo.

Artikel

4

Samenvoeging van oorspronkelijke samenwerkingsver banden

Paragraaf

III

Voorwaarden

Artikel

5

Voorwaarden samenwerkingsverband vo

Artikel

6

Samenwerkingsverband vo binnen één bevoegd gezag

Artikel 5 is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van een bevoegd gezag waarvan de scholen tenminste 400 formatieplaatsen omvatten of die met 5 of meer scholen, met dien verstande dat de onderwerpen genoemd in het vierde lid onder a en b van artikel 5 worden vastgelegd in een reglement. Het bevoegd gezag kan besluiten per veelvoud van 400 formatieplaatsen of veelvoud van 5 scholen een samenwerkingsverband in te richten.

Artikel

7

Jaarlijkse aanvraag

Artikel

8

Toekenning

Het bevoegd gezag ontvangt voor 1 juli voorafgaande aan het schooljaar waarvoor de aanvullende bekostiging is aangevraagd, bericht of de vergoeding wordt toegekend. Bij toekenning wordt tevens vermeld dat 32% van de aanvullende bekostiging wordt toegekend in de maand september en 68% in de maand januari van het betreffend schooljaar.

Artikel

9

Financiële verantwoording en rapportage

Artikel

10

Melding van samenvoeging van scholen of samenvoe ging van samenwerkingsverbanden vo

Het bevoegd gezag doet terstond schriftelijk melding van een samenvoeging van scholen genoemd in artikel 3 of de samenvoeging van samenwerkingsverbanden genoemd in artikel 4 aan CFI onder vermelding van de brinnummers en de formatieplaatsenomvangen van de bij de samenvoeging betrokken scholen respectievelijk de bij de samenwerkingsverbanden vo aangesloten scholen.

Mutaties in het scholenbestand als bedoeld in artikel 4, tweede en derde lid, dienen bij de jaarlijkse aanvraag te worden vermeld.

Paragraaf

IV

Slotbepalingen

Artikel

11

Medezeggenschap

Het bevoegd gezag van een school die voor de betreffende school een samenwerkingsovereenkomst aangaat houdt rekening met de voorschriften hieromtrent in de Wet medezeggenschap onderwijs 1992.

Artikel

12

Informatie

Het bevoegd gezag verstrekt de minister desgevraagd alle inlichtingen over de realisering van de afspraken uit de samenwerkingsovereenkomst.

Artikel

13

Bekendmaking

Deze regeling zal met toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Artikel

14

Inwerkingtreding

De regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen waarin deze regeling bekend is gemaakt.

Zij vervalt met ingang van 1 augustus 2004.

Artikel

15

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanvullende bekostiging bestuurlijke krachtenbundeling vo.

De staatssecretaris van onderwijs, cultuur en wetenschappen, drs. K. Y. L J.Adelmund