Artikel
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
De Stichting Nationaal ICT Instituut in de Zorg.
Besluit:
In deze regeling wordt verstaan onder:
de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
De Stichting Nationaal ICT Instituut in de Zorg.
Een subsidie wordt slechts verstrekt indien:
naar het oordeel van de Minister mag worden verwacht dat de met de subsidiëring beoogde doeleinden zullen worden bereikt en
het Nictiz:
naar het oordeel van de Minister de behoefte aan subsidie heeft aangetoond en
aannemelijk heeft gemaakt dat de financiële middelen met inbegrip van subsidie voldoende zullen zijn om de voorgenomen activiteiten uit te voeren.
Het Nictiz dient jaarlijks uiterlijk dertien weken vóór de aanvang van het jaar waarvoor een subsidie wordt verlangd, een aanvraag in. De aanvraag wordt onderbouwd met een activiteitenplan en een begroting. Over het activiteitenplan en de begroting zal tenminste twee maal per jaar overleg worden gevoerd tussen het Nictiz en de Minister.
In het activiteitenplan worden de aard en de omvang van de voorgenomen activiteiten beschreven. Daarbij wordt aangegeven welke doelstelling het Nictiz met de activiteiten nastreeft, op welke wijze zij worden uitgevoerd en voor welke doelgroep zij zijn bestemd.
De begroting geeft inzicht in de baten en lasten van de activiteiten in dat jaar.
De begroting is voorzien van een postgewijze toelichting.
Het Nictiz overlegt een volledig overzicht van de financiële toestand van het Nictiz op het moment van aanvraag.
De Minister geeft een beschikking op een aanvraag binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag.
De subsidie bestaat uit een jaarlijks door de Minister vast te stellen bedrag als bijdrage in de werkelijke kosten die het Nictiz maakt. Bij de verlening wordt het bedrag vastgesteld.
Bij de verlening van de subsidie kan de Minister bepalen dat het subsidiebedrag door hem wordt bijgesteld, rekening houdend met de ontwikkeling van het prijspeil of de ontwikkeling in de kosten van de arbeidsvoorwaarden.
Bij de verlening van de subsidie kan de Minister rekening houden met eventuele overschotten van het Nictiz uit voorgaande jaren.
Het Nictiz zorgt ervoor dat:
de doeleinden gesteld in het activiteitenplan op doelmatige wijze worden nagestreefd;
de werkzaamheden op een zodanige manier worden geregeld dat een goed beleid en beheer worden gevoerd en
de subsidie op doelmatige wijze wordt gebruikt voor de doeleinden waarvoor deze wordt verleend.
Het Nictiz zorgt er voorts voor dat:
de administratie op overzichtelijke en doelmatige wijze wordt gevoerd;
de administratie een juist, volledig en actueel beeld geeft van het functioneren van het Nictiz;
van alle ontvangsten en uitgaven deugdelijke bewijsstukken aanwezig zijn, waaruit de aard en de omvang van de geleverde goederen of van de verrichte diensten duidelijk blijken.
Het Nictiz doet zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling aan de Minister van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging van de subsidie. Daarbij worden de relevante stukken overgelegd.
Indien een gesubsidieerde activiteit leidt tot een publicatie, kan de Minister bepalen dat het Nictiz er zorg voor draagt dat bij de publicatie wordt aangegeven wie de uitvoerder en subsidiënt van het project zijn geweest.
Indien een subsidie gericht is of mede gericht is op de totstandkoming van een werk als bedoeld in artikel 10, onder 1°, van de Auteurswet 1912, draagt het Nictiz er zorg voor auteursrechthebbende te zijn ter zake van dat werk.
De Minister kan bepalen dat het Nictiz in de gevallen, genoemd in artikel 4:41, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht, een door de Minister te bepalen vergoeding voor vermogensvorming is verschuldigd.
Bij de bepaling van de hoogte van de vergoeding wordt uitgegaan van de waarde van de goederen en andere vermogensbestanddelen op het tijdstip waarop de vergoeding verschuldigd wordt, met dien verstande dat in geval van ontvangst van schadevergoeding voor verlies of beschadiging van zaken, wordt uitgegaan van het bedrag dat als schadevergoeding door het Nictiz wordt ontvangen. Indien het onroerende zaken betreft, geschiedt de waardebepaling door één of drie onafhankelijke deskundigen.
Het Nictiz verstrekt aan de door de Minister aangewezen ambtenaren of andere personen op hun verzoek alle bescheiden en inlichtingen die noodzakelijk zijn voor een juiste vervulling van hun taak. De bescheiden worden op één adres getoond en de inlichtingen, op verzoek, schriftelijk verstrekt. Indien het Nictiz slechts kan voldoen aan deze verplichting door inbreuk te maken op het recht van enig persoon op bescherming van zijn persoonlijke levenssfeer, verstrekt het Nictiz de verlangde gegevens op zodanige wijze dat deze niet tot personen herleidbaar zijn.
Binnen vier maanden na afloop van de periode waarvoor subsidie is verleend, dient het Nictiz de volgende bescheiden in:
het jaarverslag;
de jaarrekening;
een accountantsverklaring.
De afdelingen 2 tot en met 8 van Titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek zijn van overeenkomstige toepassing op de jaarrekening, met dien verstande dat de winst- en verliesrekening vervangen wordt door een exploitatierekening. Bepalingen omtrent winst en verlies zijn van overeenkomstige toepassing op het exploitatiesaldo.
De jaarrekening is voorzien van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling Nationaal ICT Instituut in de Zorg.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.