Subsidieregeling cursus overblijfkrachten 2002

De staatssecretaris van onderwijs, cultuur en wetenschappen,

Besluit

Artikel

1

Begripsbepaling

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
bevoegd gezag:

het bevoegd gezag van een of meer scholen of instellingen als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs of de Wet op de expertisecentra;

b.
overblijfkracht:

de persoon die op vrijwillige basis, veelal tegen een onkostenvergoeding, tussen de middag het overblijven verzorgt en toezicht houdt op de kinderen.

Artikel

2

Doel van de regeling

Artikel

3

Subsidieaanvrager

Subsidie wordt slechts verleend aan het bevoegd gezag.

Artikel

4

Vaststelling subsidieplafond

Voor subsidieverlening op grond van deze regeling is een bedrag van € 3.400.000,00 beschikbaar.

Artikel

5

Subsidiebedrag per subsidieontvanger

De subsidie bedraagt €750,- per deelnemer.

Artikel

6

Subsidieaanvraag

Subsidie wordt op aanvraag verleend. De subsidieaanvraag kan worden ingediend bij:

  • Cfi

    t.a.v.: FTO/TBD

    Postbus 606

    2700 ML Zoetermeer

Artikel

7

Vereisten

Aanvragen worden ingediend per school. Een aanvraag vindt uitsluitend schriftelijk plaats door middel van een per school door het bevoegd gezag volledig ingevuld en ondertekend formulier, dat de volgende gegevens bevat:

  • Naam, adres, telefoonnummer en bestuursnummer bevoegd gezag.

  • Naam, vestigingsadres en brinnummer van de school waarvan één of meer overblijfkrachten bij toekenning van de subsidie deel zullen nemen aan een cursus.

  • De naam van de instelling die de cursus verzorgt.

  • Aantal deelnemers.

Een aanvraag vindt uitsluitend plaats via het formulier CFI 62079. Dit formulier kunt u aanvragen door middel van plaketiket CFI 84887 bij:

Cfi

t.a.v. IGP/GOV

Postbus 606

2700 ML Zoetermeer

Tevens kunt u het aanvraagformulier downloaden via www.cfi.nl.

Artikel

8

Termijn indiening en afgeven beschikking

Aanvragen kunnen vanaf de datum van publicatie van deze regeling tot uiterlijk 1 oktober 2002 worden ingediend. Aanvragers ontvangen voor 1 november 2002 een beschikking.

Artikel

9

Criteria verdeling bij subsidieverlening

Artikel

10

Tijdvak subsidieverlening

Subsidie wordt met inachtneming van het bepaalde in artikel 5 verleend voor cursuscontracten die zijn aangegaan in het cursusjaar 2002/2003 en waarvan de uitvoering per ultimo 31 december 2003 zijn beslag heeft gekregen.

Artikel

11

Informatieplicht

De subsidieontvanger werkt mee aan door of namens de minister ingestelde onderzoekingen die erop gericht zijn de minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van het beleid.

Artikel

12

Verantwoording

Bij de Aanvraag Vaststelling Rijksvergoeding (AVR) van het jaar waarin de cursus heeft plaatsgehad, doch uiterlijk bij de AVR over het jaar 2003, vindt de financiële verantwoording plaats. Het vast te stellen bedrag kan nooit hoger zijn dan de verleende subsidie. Uit de AVR moet blijken dat de toekenning en de uitgaven van de subsidiegelden rechtmatig hebben plaatsgevonden. Een (gedeelte van het) bedrag kan worden teruggevorderd als blijkt dat het:

  • onrechtmatig is toegekend

  • niet is uitgegeven of

  • in strijd met (de) voorwaarden van de regeling is uitgegeven.

Artikel

13

Betaling van de subsidie

Het subsidiebedrag wordt uiterlijk 1 maand na de subsidieverlening aan het bevoegd gezag betaalbaar gesteld.

Artikel

14

Bekendmaking

Deze regeling zal met de toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Artikel

15

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen, waarin deze regeling wordt geplaatst.

Artikel

16

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling cursus overblijfkrachten 2002.

De staatssecretaris van onderwijs, cultuur en wetenschappen,Drs. K.Y.I.J. Adelmund