Besluit van 5 juli 2002, houdende uitvoering van artikel 18, eerste lid, van de Wet inzake de geldtransactiekantoren (Overdrachtsbesluit Wet inzake de geldtransactiekantoren)

Overdrachtsbesluit Wet inzake de geldtransactiekantoren

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Financiën van 6 mei 2002, FM 2002/0652-M, Generale Thesaurie, Directie Financiële Markten, Afdeling Algemeen beleid en Integriteit;
De Raad van State gehoord (advies van 23 mei 2002, nr. W06.02.0204/IV);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Financiën van 1 juli 2002, nr. FM 2002/0722-U, Generale Thesaurie, Directie Financiële Markten, Afdeling Integriteit;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a.

    de wet: de Wet inzake de geldtransactiekantoren;

  • b.

    Onze Minister: Onze Minister van Financiën;

  • c.

    de Bank: De Nederlandsche Bank NV.

Artikel

2

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 18, eerste lid, van de wet worden de taken en bevoegdheden die Onze Minister op grond van de wet heeft, overgedragen aan de Bank.

Artikel

3

Artikel

4

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt.

Artikel

5

Dit besluit wordt aangehaald als: Overdrachtsbesluit Wet inzake de geldtransactiekantoren.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Financiën, G. Zalm
De Minister van Justitie, A. H. Korthals