Besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d, 24 september 2002, houdende de vaststelling van kwaliteitsvoorschriften voor appelmoes (Verordening PT kwaliteitsvoorschriften appelmoes 2003)

Verordening PT kwaliteitsvoorschriften appelmoes 2003

HET BESTUUR VAN HET PRODUCTSCHAP TUINBOUW;
gehoord de sectorcommissie voor Groenten en Fruit, d.d. 12 september 2002;

BESLUIT:

§

1

Begripsbepalingen

Artikel

1

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

a.

Productschap

:

het Productschap Tuinbouw;

b.

Bestuur

:

het bestuur van het productschap;

c.

Appelmoes

:

vruchtenpuree welke waar verkregen is door appelen of appelen met ten hoogste 10% van het totale vruchtgewicht aan andere vruchten, zeer fijn te verdelen en met suikers te mengen en welke waar een refractometer waarde heeft van tenminste 18%;

d.

Verpakkingseenheid

:

het verpakkingsmateriaal waarin appelmoes alvorens zij ten verkoop wordt aangeboden aan de verbruiker, is verpakt en hetwelk de appelmoes zodanig bedekt dat de inhoud niet kan worden veranderd zonder dat het verpakkingsmateriaal wordt geopend of aangetast;

e.

Verhandelen

:

het ter aflevering in voorraad hebben, te koop aanbieden, verkopen of afleveren;

f.

Bijlagen

:

de bij deze verordening behorende bijlagen A, B, C, D en E.

§

2

Onderwerp van de verordening

Artikel

2

Artikel

3

§

3

Strafbepalingen

Artikel

5

§

4

Slotbepalingen

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening PT kwaliteitsvoorschriften appelmoes 2003.

Deze verordening, de daarbij behorende toelichting en bijlagen worden gepubliceerd in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Zoetermeer
J. van der Veen voorzitter
J.M. Gerritsen secretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 22 april 2004 en door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit bij beschikking van 3 december 2003, nr. TRCJZ/2002/11842.

Bijlage

A

behorend bij artikel 1, onder f, van het besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d. 24 september 2002, houdende de vaststelling van kwaliteitsvoorschriften voor appelmoes (Verordening PT kwaliteitsvoorschriften appelmoes 2003)

Kwaliteitsminimum voor appelmoes

  • 1.

    Appelmoes moet een voor dit product kenmerkende geur, smaak en consistentie bezitten.

  • 2.

    Appelmoes moet vrij zijn van verontreinigingen en mag geen stoffen bevatten in hoeveelheden die schadelijk voor de gezondheid zijn of kunnen zijn.

  • 3.

    Zaden of delen ervan, schildelen, klokhuisweefsel, donkere deeltjes of andere soortgelijke appelbestanddelen mogen het uiterlijk niet ernstig benadelen en mogen niet storend zijn voor de eetbaarheid.

  • 4.

    Het gehalte aan zuren (berekend als appelzuur), gemeten volgens de methode van bijlage B, dient tenminste 0,27 % en ten hoogste 0,75 % te zijn.

  • 5.

    De viscositeit van appelmoes dient zodanig te zijn dat de flowmeterwaarde gemeten volgens de methode van bijlage C, ten hoogste 14 is.

  • 6.

    De bij de bepaling van de viscositeit opgetreden vloeistofafscheiding mag niet uitzonderlijk groot zijn.

  • 7.

    Appelmoes moet een voor dit product kenmerkende kleur bezitten. Hieraan wordt voldaan indien de volgens de methode van bijlage D vastgestelde Hunter a-waarde van appelmoes ten hoogste 0,0 bedraagt.

  • 8.

    Per verpakkingseenheid dient de appelmoes nagenoeg homogeen van kleur te zijn.

  • 9.

    De voorschriften betreffende monsterneming en goedkeuringscriteria, opgenomen in bijlage E, zijn van toepassing op de in deze bijlage onder de punten 3 tot en met 8 opgenomen voorschriften betreffende kwaliteitsminima.

Bijlage

B

behorend bij artikel 1, onder f, van het besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d. 24 september 2002, houdende de vaststelling van kwaliteitsvoorschriften voor appelmoes (Verordening PT kwaliteitsvoorschriften appelmoes 2003)

Bepaling zuurgehalte

§

1

Benodigdheden:

  • a.

    Een erlenmeyer van 250 ml;

  • b.

    gedestilleerd water, waaruit kort tevoren eventueel opgelost koolzuur is uitgekookt;

  • d.

    natronloog van ongeveer 0,1 N.

  • c.

    fenolftaleïne-oplossing (1 % in met natronloog geneutraliseerde alcohol), en

§

2

Bepaling van het zuurgehalte:

  • a.

    Weeg een kleine hoeveelheid (ca. 5 gr.) van het monster nauwkeurig af in de erlenmeyer en verdun met het gedestilleerde water tot ongeveer 75 ml. Voeg 3 à 4 druppels fenolftaleïne- oplossing oe. Titreer met het natronloog tot een blijvende licht roze verkleuring.

  • b.

    Het zuurgehalte wordt berekend als % appelzuur volgens de formule:

    zuurgehalte (als % appelzuur) = ------× 6,7

    Hierin is:

    • a.

      de hoeveelheid verbruikte natronloog (ml.);

    • b.

      de hoeveelheid afgewogen monster (gr.), en

    • t.

      de normaliteit van de natronloog.

Bijlage

C

behorend bij artikel 1, onder f, van het besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d. 24 september 2002, houdende de vaststelling van kwaliteitsvoorschriften voor appelmoes (Verordening PT kwaliteitsvoorschriften appelmoes 2003)

Bepaling viscositeit

§

1

Benodigdheden

  • a.

    een cilinder van polyvinylchloride met:

    • een uitwendige diameter van tenminste 85 mm;

    • een inwendige diameter van 76,6 mm, en

    • een lengte van 91 mm;

  • b.

    een glasplaat met een lengte en breedte van tenminste 280 mm, met daarop of daarin concentrische cirkels getrokken, waarvan:

    • de kleinste een middellijn bezit van 75 mm;

    • de grootste een middellijn bezit van 275 mm, en

    • de onderlinge afstand 5 mm bedraagt;

    (in figuur 1 is op schaal 1 : 2 een model ervan weergegeven), en

  • c.

    een spatel.

§

2

Voorbereiding van de bepaling

  • a.

    plaats de glasplaat op een waterpas gesteld oppervlak;

  • b.

    maak glasplaat en cilinder schoon en droog voor iedere bepaling, en

  • c.

    draag er zorg voor dat de temperatuur van het te onderzoeken monster 20. C bedraagt.

§

3

Bepaling van de viscositeit:

  • a.

    plaats de cilinder op het centrum van de concentrische cirkels van de glasplaat;

  • b.

    vul de cilinder met het monster tot juist boven de rand;

  • c.

    verwijder met de spatel het gedeelte van het monster dat boven de rand van de cilinder uitkomt;

  • d.

    til de cilinder gelijkmatig recht omhoog;

  • e.

    noteer na drie minuten de uitvloeiing op de vier kwadraten van de cirkels;

  • f.

    bereken het rekenkundig gemiddelde van de onder e genoteerde uitvloeiingswaarden, en

  • g.

    het onder f bedoelde gemiddelde is de flowmeterwaarde.

Bijlage

D

behorend bij artikel 1, onder f, van het besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d. 24 september 2002, houdende de vaststelling van kwaliteitsvoorschriften voor appelmoes (Verordening PT kwaliteitsvoorschriften appelmoes 2003)

Bepaling van de kleur

§

1

Benodigdheden:

  • a.

    een kleurenmeter Hunterlab model D25D2P Color Difference Meter, en

  • b.

    een cuvette met een inwendige breedte van 1 cm.

§

2

Bepaling van de kleur:

Het monster appelmoes wordt gebracht in de cuvette. De kleur van het door het monster gereflecteerde licht wordt gemeten.

Bijlage

E

behorend bij artikel 1, onder f, van het besluit van het bestuur van het Productschap Tuinbouw, d.d. 24 september 2002, houdende de vaststelling van kwaliteitsvoorschriften voor appelmoes (Verordening PT kwaliteitsvoorschriften appelmoes 2003)

Monsterneming

§

1

Degene die verhandelt is verplicht, voordat monsters worden genomen, aan te geven uit welke partijen zijn voorraad appelmoes is samengesteld.

Onder een partij wordt verstaan een partij appelmoes, bestaande uit appelmoes aanwezig in verpakkingseenheden vervaardigd van hetzelfde type materiaal en met dezelfde capaciteit.

§

2

Een partij voldoet aan de desbetreffende, in bijlage A opgenomen voorschriften indien het aantal afwijkende verpakkingseenheden van het desbetreffende monster (n) het goedkeuringscriterium (c) zoals dat weergegeven is in de tabel van § 4, niet te boven gaat.

§

3

In de tabel van § 4 is weergegeven de monstergrootte, zijnde een aantal verpakkingseenheden (n) dat willekeurig gespreid genomen dient te worden uit een partij bestaande uit een bepaald aantal verpakkingseenheden (N) met een gewicht:

  • a.

    kleiner dan of gelijk aan 1 kg;

  • b.

    groter dan 1 kg, maar kleiner dan of gelijk aan 4,5 kg,

  • c.

    groter dan 4,5 kg.

§

4

Monstergrootte:

  • a.

    verpakkingseenheden met een nettogewicht kleiner dan of gelijk aan 1 kg.

    0 t/m 4.800

    6

    1

    4.801 t/m 24.000

    13

    2

    24.001 t/m 48.000

    21

    3

    48.001 t/m 84.000

    29

    4

    84.001 t/m 144.000

    48

    6

    144.001 t/m 240.000

    84

    9

    240.001 en meer

    126

    13

  • b.

    verpakkingseenheden met een netto-gewicht groter dan 1 kg., maar kleiner dan of gelijk aan 4,5 kg.

    0 t/m 2.400

    6

    1

    2.401 t/m 15.000

    13

    2

    15.001 t/m 24.000

    21

    3

    24.001 t/m 42.000

    29

    4

    42.001 t/m 72.000

    48

    6

    72.001 t/m 120.000

    84

    9

    120.001 en meer

    126

    13

  • c.

    verpakkingseenheden met een netto-gewicht groter dan 4,5 kg.

    0 t/m 600

    6

    1

    601 t/m 2.000

    13

    2

    2.001 t/m 7.200

    21

    3

    7.201 t/m 15.000

    29

    4

    15.001 t/m 24.000

    48

    6

    24.001 t/m 42.000

    84

    2

    42.001 en meer

    126

    13