Subsidieregeling duale opleidingstrajecten onderwijsfuncties BVE-sector 2002

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen,

Besluit:

Paragraaf

1

Algemeen

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

a.
minister:

de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen;

c.
bevoegd gezag:

het bevoegd gezag van een instelling als bedoeld in de artikelen 1.3.1- met uitzondering van een AOC, 12.3.8 en 12.3.9 van de wet;

d.
een onderwijsfunctie voor het BVE-veld:
  • een functie waarvoor een bewijs van bekwaamheid als bedoeld in artikel 4.2.1, eerste lid, onderdeel b, ten eerste, van de wet vereist is;

  • een functie als onderwijsassistent-BVE;

  • een functie als instructeur-BVE;

e.
eigen onderwijspersoneel:

door het bevoegd gezag als docent, onderwijsassistent BVE of instructeur BVE benoemd personeel;

f.
BVE Raad:

de BVE Raad genoemd in de Kaderregeling subsidiëring BVE Raad;

g.
de student-werknemer:

het eigen onderwijspersoneelslid dat een duale opleiding volgt;

h.
tekortvakken:

economische vakken, beroepsgerichte vakken in de techniek alsmede vakken waarvan het bevoegd gezag aannemelijk maakt dat zij haar vacatures in deze vakken moeilijk kan vervullen;

i.
didactische cursus BVE:

een cursus gericht op het behalen van een bewijs van voldoende didactische bekwaamheid als bedoeld in de Regeling aanwijzing bewijzen van voldoende didactische bekwaamheid in de bve-sector;

j.
loonverletkosten:

de feitelijke loonkosten van het bevoegd gezag voor de student-werknemer voor het deel van de werktijd dat hij in het kader van een duale opleiding, als bedoeld in artikel 3, is vrijgesteld om een opleiding te volgen tot een maximum van 8 uur per week, bij een normjaartaak van 1659 uur.

Artikel

2

Doelomschrijving

Doel van de regeling is het verstrekken aan het bevoegd gezag van een tegemoetkoming in de kosten van het duaal opleiden van eigen, recent benoemd onderwijspersoneel, alsmede het bevorderen van zij-instroom in onderwijsfuncties in de BVE sector.

Artikel

3

Duaal opleiden

Van duaal opleiden van eigen onderwijspersoneel is sprake, indien eigen onderwijspersoneel:

  • a.

    dat door het verkrijgen van een bewijs van voldoende pedagogische bekwaamheid voldoet aan de benoembaarheidsvereisten, bedoeld in artikel 4.2.1, eerste lid, van de wet, in de gelegenheid wordt gesteld een didactische cursus BVE te volgen;

  • b.

    in de gelegenheid wordt gesteld een opleiding tot docent voor tekortvakken te volgen en daartoe voor een deel van de overeengekomen werktijd wordt vrijgesteld;

  • c.

    in de gelegenheid wordt gesteld een opleiding te volgen teneinde een kwalificatie voor een onderwijsfunctie in het BVE-veld te verkrijgen en daartoe voor een deel van de overeengekomen werktijd wordt vrijgesteld.

Artikel

4

Subsidieplafond en criterium voor de verdeling

Artikel

5

Tegemoetkoming

Artikel

6

Nadere voorwaarden

Het bevoegd gezag heeft slechts aanspraak op een tegemoetkoming indien:

  • a.

    de door de student-werknemer te volgen dan wel gevolgde opleiding geschikt is om een onderwijskwalificatie voor het BVE-veld te verkrijgen en

  • b.

    de student-werknemer in het jaar 2002 is gestart met de opleiding.

Artikel

7

Verplichtingen bevoegd gezag

Paragraaf

2

Aanvraagprocedure en termijn

Artikel

8

Aanvraagprocedure

Paragraaf

3

Betaling en verantwoording

Artikel

9

Betaling

De minister betaalt uiterlijk 15 november 2002 de tegemoetkoming als bestemmingsbedrag.

Artikel

10

Verantwoording tegemoetkoming

Paragraaf

4

Slotbepalingen

Artikel

11

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling duale opleidingstrajecten onderwijsfuncties BVE-sector 2002.

Artikel

12

Bekendmaking en inwerkingtreding

  • a.

    Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

  • b.

    Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, Maria J.A. van der Hoeven