Vaststelling programma's van eisen scholen voor basisonderwijs voor het jaar 2003

Vaststelling programma's van eisen basisonderwijs voor het jaar 2003

De minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen,
Gelet op:
  • de artikelen 113, 115, en 118 van de Wet op het primair onderwijs;

Besluit

Artikel

1

Vaststelling bedragen programma's van eisen

De bedragen van de programma's van eisen voor de basisscholen en de speciale scholen voor basisonderwijs, bedoeld in de Wet op het primair onderwijs, worden met ingang van het jaar 2003 overeenkomstig het bepaalde in artikel 113, vierde lid, van de Wet op het primair onderwijs vastgesteld conform de bijlage bij deze regeling.

Artikel

2

Wijziging programma's van eisen

De in artikel 1 genoemde programma's van eisen worden onder het voorbehoud van aanvaarding door het parlement van een daartoe in te dienen wijziging van onder meer de Wet op het primair onderwijs inhoudelijk gewijzigd conform de bijlage bij deze regeling en de daarin opgenomen toelichting.

Artikel

3

Vaststelling maximale overdrachtsverplichting

Het gedeelte van de vergoeding voor de materi le instandhouding dat maximaal in aanmerking komt voor de overdracht aan de speciale scholen voor basisonderwijs in een samenwerkingsverband op grond van artikel 118, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs wordt vastgesteld conform de bijlage bij deze regeling.

Artikel

4

Bekendmaking

Deze regeling zal in Uitleg Gele katern worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant. Bij deze regeling hoort een digitale voorlichtingsbrochure, te raadplegen via de website van CFI, www.cfi.nl .

Artikel

5

Inwerkingtreding

Met inachtneming van artikel 113, zevende lid, van de Wet op het primair onderwijs, treedt deze regeling in werking op een bij ministeri le regeling te bepalen tijdstip.

Artikel

6

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: vaststelling programma's van eisen basisonderwijs voor het jaar 2003.

De minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen, M.J.A. van derHoeven

Bijlage

Bekostigingsstelsel basisonderwijs

Bedragen programma's van eisen voor basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs voor het jaar 2003

De totale MI-vergoeding is een lumpsumvergoeding bestaande uit verschillende onderdelen en wordt uitgedrukt in de formule:

Y = Ya + Yb + Yc + Yd

waarbij

Y = rijksvergoeding per school per jaar

Ya = vergoeding groepsafhankelijke programma's van eisen

Yb = vergoeding leerlingafhankelijke programma's van eisen

Yc = vergoeding aanvullende programma's van eisen

Yd = extra vergoedingen.

Voor elk van de symbolen Ya tot en met Yd geldt een formule, waarin gerekend wordt met een vast bedrag per school en een bedrag per variabele indicator (leerling of m2).

Hieronder volgt de uitwerking naar de verschillende programma's van eisen.

A

Groepsafhankelijke programma's van eisen

Ya = bedrag per school afhankelijk van het aantal groepen leerlingen (G)

€ 15.410

€ 19.826

€ 25.530

€ 30.498

€ 33.810

voor elke groep meer

€ 3.864

Bij meer dan 13 groepen wordt het bedrag eenmalig ver-

hoogd met

€ 1.472

B

Leerlingafhankelijke programma's van eisen

Vergoedingsformule

Yb = vast bedrag per school + bedrag per leerling x het aantal leerlingen

Vergoedingsbedragen

Vast bedrag per school

= € 9.040,22

Bedrag per leerling

= € 229,75

C

Aanvullende vergoedingen

Vergoedingsformule

Yc = vast bedrag per school + bedrag per leerling x het aantal NOAT-leerlingen

Vergoedingsbedragen

Vast bedrag per school

= € 90,67

Bedrag per leerling

= € 16,25

D

Extra vergoedingen

  • 1.

    Voor speciale scholen voor basisonderwijs wordt voor 2% van de leerlingen in het samenwerkingsverband conform artikel 115, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs een extra vergoeding per leerling van € 182,47 verstrekt. Indien in het samenwerkingsverband meerdere speciale scholen voor basisonderwijs aanwezig zijn, vindt de verdeling van deze vergoeding plaats overeenkomstig de rekenregel zorgformatie:

    • l = p/q x (0,02 x r) x eerdergenoemd bedrag per leerling. De factor (0,02 x r) wordt rekenkundig afgerond op een geheel getal. In deze rekenregel hebben de componenten de volgende inhoud:

      • l =

        speciale school voor basisonderwijs in een samenwerkingsverband

      • p =

        het aantal leerlingen van de speciale scholen voor basisonderwijs, voor zover dat aan het desbetreffende samenwerkingsverband is toe te rekenen

      • q =

        het totale aantal; leerlingen van alle speciale scholen voor basisonderwijs die deelnemen aan het desbetreffende samenwerkingsverband, voor zover dit aan dat samenwerkingsverband is toe te rekenen

      • r =

        het totale aantal leerlingen van alle basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs die deelnemen aan het desbetreffende samenwerkingsverband, voor zover dit aan dat samenwerkingsverband is toe te rekenen

  • 2.

    Voor basisscholen in een samenwerkingsverband zonder speciale school voor basisonderwijs wordt voor 2 % van de leerlingen in het samenwerkingsverband conform artikel 115, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs een extra vergoeding per basisschoolleerling van € 182,47 verstrekt.

E

Vaststelling maximale overdrachtsverplichting

Het gedeelte van de MI-vergoeding dat maximaal in aanmerking komt voor de overdracht aan de speciale scholen voor basisonderwijs in een samenwerkingsverband op grond van artikel 118, eerste lid van de Wet op het primair onderwijs bedraagt voor het jaar 2003 € 182,47 per leerling die boven de bedoelde 2% uitkomt (zie artikel 118, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs).

Uitsplitsing van de samengestelde vergoedingsbedragen over de desbetreffende programma's van eisen

1.

Onderhoud

a. Gebouwonderhoud

1.135,50

11,85

b. Tuinonderhoud

38,25

0,37

c. Schoonmaakonderhoud

0,00

15,94

Subtotaal

1.173,75

28,16

2.

Energie- en Waterverbruik

a. Elektriciteitsverbruik

73,44

1,28

b. Verwarming

25,77

5,35

c. Waterverbruik

33,62

0,37

Subtotaal

132,83

7,00

3.

Publiekrechtelijke heffingen (met uitzondering van OZB)

304,31

1,64

Totaal

1.610,89

36,80

A = genormeerd aantal m2 bruto vloeroppervlakte

1

Middelen

a. Medezeggenschap

8,03

1,14

b. Ouderbijdrage i.h.k.v. medezeggenschap

8,03

0,85

c. WA-verzekering

22,38

0,13

d. Culturele vorming

82,62

3,45

e. Overige uitgaven

657,05

10,89

f. Dienstreizen

96,51

0,20

g. Onderhoud,vervanging en vernieuwing Onderwijsleerpakket

2.980,70

160,19

h. onderhoud, vervanging en aanpassing meubilair

731,97

12,90

Subtotaal

4.587,29

189,75

2

Administratie,

a. Administratie

2.444,92

14,28

beheer en

b. Onderhoudsbeheer

425,02

2,95

bestuur

c. Beheer en bestuur

1.582,99

22,77

Subtotaal

4.452,93

40,00

Totaal

9.040,22

229,75