het Landelijk Meld- en Informatiepunt van de Inspectie Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
b.
TNO/PML:
het Prins Maurits Laboratorium van de Nederlandse Organisatie voor toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek;
c.
defaultlijst:
lijst van reeds door TNO/PML geclassificeerd vuurwerk;
d.
vuurwerk:
consumenten- en professioneel vuurwerk vallende onder de UN-nummers 0333, 0334, 0335, 0336 en 0337.
Artikel
2
1
Deze regeling is van toepassing op de autorisatie van de classificatiecode van vuurwerk, voorafgaand aan het vervoer daarvan over land, spoor en binnenwateren binnen Nederland.
2
Deze regeling is niet van toepassing op vuurwerk dat reeds is geautoriseerd door een lidstaat, aangesloten bij de ADR, RID of ADNR.
Artikel
3
1
De aanvraag voor een autorisatie van de classificatiecode van vuurwerk wordt ten minste 8 weken voor aanvang van het vervoer ingediend bij het LMIP, door middel van een daartoe door het LMIP kosteloos verstrekt aanvraagformulier.
2
De vergoeding voor het in behandeling nemen van een verzoek tot autorisatie bedraagt € 170. Deze vergoeding wordt voldaan alvorens de aanvraag in behandeling wordt genomen.
3
De kosten van het door TNO/PML uit te voeren onderzoek komen ten laste van en worden in rekening gebracht bij de aanvrager.
4
De in het tweede en derde lid bedoelde kosten zijn verschuldigd aan de minister en worden voldaan op bankrekening 19.23.23.563 ten name van Inspectie Verkeer & Waterstaat, divisie Vervoer, vergunningen.
Artikel
4
De aanvraag om autorisatie van de classificatiecode van vuurwerk gaat vergezeld van de volgende gegevens en bescheiden:
a.
naam van het vuurwerk;
b.
kaliber van het vuurwerk;
c.
netto explosieve massa van het vuurwerk;
d.
bruto gewicht per artikel en verpakking van het vuurwerk;
e.
samenstelling explosieve en pyrotechnische stoffen van het vuurwerk;
f.
constructietekening van het vuurwerk,
g.
omschrijving gebruikte binnen- en buitenverpakking;
h.
classificatie door de fabrikant van het vuurwerk.
Artikel
5
De minister verleent de autorisatie, bedoeld in artikel 2, nadat:
a.
hem is gebleken dat de classificatie overeenkomt met de classificatie volgens de defaultlijst;
b.
door TNO/PML de juistheid van de classificatie is bevestigd; of
c.
de aanvrager bij TNO/PML een monster van het te testen vuurwerk heeft ingeleverd, waarop door TNO/PML testprocedures zijn uitgevoerd en dit vuurwerk een classificatiecode is toebedeeld.
Artikel
6
Van de autorisatie geeft de minister een bewijs af, waarop wordt aangegeven de naam, het kaliber, de netto explosieve massa en de geautoriseerde classificatie van het vuurwerk.
Artikel
7
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2003.
Artikel
8
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling aanvraag autorisatie classificatiecode vuurwerk.
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Verkeer en Waterstaat, Roelf H. deBoer