Artikel
1
(Begripsomschrijvingen)
In deze regeling wordt verstaan onder:
-
a.
samenwerkingsverband: verband van twee of meer Nederlandse gemeenten die aan de hand van een regeling als bedoeld in artikel 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen, dan wel van een schriftelijke verklaring kunnen aantonen dat zij samenwerken bij het uitvoeren van projecten als bedoeld onder i, j, l, m, n en o;
-
b.
afvalpreventie: het voorkomen of beperken van het ontstaan van afvalstoffen of het verminderen van de milieuschadelijkheid daarvan door interne nuttige toepassing of reductie aan de bron;
-
c.
afvalscheiding: het scheiden en gescheiden houden van afvalstoffen en deze gescheiden afgeven;
-
d.
energiebesparing: verbeteren van de energie-efficiency door het treffen van maatregelen binnen een inrichting;
-
e.
sorteeranalyse: sorteeranalyse die is uitgevoerd overeenkomstig de Richtlijn Sorteeranalyse van het Afval Overleg Orgaan;
-
f.
huishoudelijke afvalstoffen: groente-, fruit- en tuinafval, papier en karton, glas, textiel, wit- en bruingoed, klein chemisch afval en grove huishoudelijke afvalstoffen;
-
g.
nulmeting: inventarisatie van gegevens over afvalscheiding en afvalpreventie, voorzover het huishoudelijke afvalstoffen betreft, volgens de opgave in de bijlage bij deze regeling;
-
h.
plan van aanpak huishoudelijke afvalstoffen: beschrijving van feitelijk voorgenomen activiteiten ter bereiking van het in artikel 2, onder a, beschreven doel, waarin in elk geval de volgende onderdelen zijn uitgewerkt en opgenomen:
-
1°.
activiteiten, gericht op het optimaliseren van afvalscheiding, voorzover het huishoudelijke afvalstoffen betreft; de activiteiten hebben in elk geval betrekking op twee huishoudelijke afvalstoffen, daaronder begrepen de afvalstof waarvan op grond van een sorteeranalyse is gebleken dat deze, gerekend in kilogrammen, het grootste aandeel heeft in de te verwijderen afvalstoffen;
-
2°.
activiteiten, gericht op het optimaliseren van afvalpreventie, voorzover het huishoudelijke afvalstoffen betreft;
-
3°.
communicatie-activiteiten met burgers ten behoeve van afvalscheiding en afvalpreventie, voorzover het huishoudelijke afvalstoffen betreft;
-
4°.
monitoring;
-
1°.
-
i.
basisproject huishoudelijke afvalstoffen: samenhangend geheel van activiteiten, inhoudende het uitvoeren van een nulmeting en, gebaseerd op de resultaten daarvan, het opstellen van een plan van aanpak huishoudelijke afvalstoffen;
-
j.
plusproject huishoudelijke afvalstoffen: samenhangend geheel van activiteiten, inhoudende het uitvoeren van een plan van aanpak huishoudelijke afvalstoffen;
-
k.
beleidsplan inrichtingen: beschrijving van voorgenomen activiteiten ter bereiking van het in artikel 2, onder b, beschreven doel, waarin in elk geval de volgende onderdelen zijn uitgewerkt en opgenomen:
-
1°.
de samenstelling van het gemeentelijk inrichtingenbestand;
-
2°.
het bestaande niveau van vergunningverlening en handhaving en de aanwezige kennis en vaardigheden met betrekking tot afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing;
-
3°.
maatregelen, gericht op het verhogen van het in onderdeel 2o bedoelde niveau om daarmee uiterlijk op 31 december 2005 voor vergunningverlening en handhaving met betrekking tot afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing een adequaat niveau te hebben bereikt;
-
4°.
monitoring;
-
1°.
-
l.
beleidsproject inrichtingen: samenhangend geheel van activiteiten, inhoudende het opstellen van een beleidsplan inrichtingen, gericht op het actualiseren van bestaand beleid of het opstellen van nieuw beleid;
-
m.
kennisproject inrichtingen: samenhangend geheel van activiteiten, gericht op het verkrijgen van specifieke kennis en vaardigheden op het gebied van vergunningverlening en handhaving betreffende afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing of op het vergroten van de toegankelijkheid tot specifieke kennis en vaardigheden;
-
n.
uitvoeringsproject inrichtingen: samenhangend geheel van activiteiten, gericht op:
-
1°.
verbetering van vergunningverlening of handhaving op het gebied van afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing, of
-
2°.
stimulering van categorieën van inrichtingen tot het nemen van maatregelen op het gebied van afvalpreventie, afvalscheiding en energiebesparing, waarbij de wijze en het tijdstip waarop vergunningverlening of handhaving plaatsvindt, is aangegeven;
-
1°.
-
o.
combinatieproject inrichtingen: een project waarin een kennis- en een uitvoeringsproject inrichtingen zijn samengevoegd;
-
p.
groep: economische eenheid, waarin organisatorisch zijn verbonden:
-
1°.
een natuurlijke persoon of privaatrechtelijke rechtspersoon die direct of indirect:
-
-
meer dan de helft van het geplaatste kapitaal verschaft aan,
-
-
volledig aansprakelijk vennoot is van, of
-
-
overwegende zeggenschap heeft over een of meer rechtspersonen of vennootschappen, en
-
-
-
2°.
laatstbedoelde rechtspersonen of vennootschappen;
-
1°.
-
q.
Novem: Nederlandse organisatie voor energie en milieu.