Beleidsregels aanwijzing en erkenning Bouwstoffenbesluit

Beleidsregels aanwijzing en erkenning Bouwstoffenbesluit

De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat;

Besluiten:

§

1

Definities

Artikel

1

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

  • a.

    accrediteren

    het geheel van activiteiten op grond waarvan de Raad voor Accreditatie, of een accreditatieorganisatie uit een van de andere lidstaten van de Europese Unie, of een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte:

    • 1°.

      met een document verklaart dat de monsternemer, het laboratorium of de certificeringsinstelling competent is om bepaalde pakketten van verrichtingen of pakketten van handelingen uit te voeren;

    • 2°.

      met een document verklaart dat een gerechtvaardigd vertrouwen bestaat dat de monsternemer, het laboratorium of de certificeringsinstelling voldoet aan de voor de accreditatie geldende normen, en

    • 3°.

      blijvend toezicht uitoefent op de naleving van de voor de accreditatie geldende normen;

  • b.

    AP 04

    Accreditatie-programma Bouwstoffenbesluit (Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, 2001);

  • c.

    de Ministers

    de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en de Minister van Verkeer en Waterstaat;

  • d.

    Bouwstoffenbesluit

    Bouwstoffenbesluit bodem- en oppervlaktewaterenbescherming;

  • e.

    certificeren

    het geheel van activiteiten op grond waarvan een aangewezen certificeringsinstelling:

    • 1°.

      met een document verklaart dat een monsternemer competent is om bepaalde handelingen uit te voeren, of

    • 2°.

      met een document verklaart dat een gerechtvaardigd vertrouwen bestaat dat de monsternemer voldoet aan de voor de certificering geldende normen, en

    • 3°.

      blijvend toezicht uitoefent op de naleving van de voor de certificering geldende normen;

  • f.

    certificeringsinstelling

    deskundig en onafhankelijk instituut als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder t, van het Bouwstoffenbesluit;

  • g.

    laboratorium

    instantie als bedoeld in de artikelen 5, 9, 19 en 22 van het Bouwstoffenbesluit, voor het verrichten van de monstervoorbehandeling en het onderzoek naar de samenstelling en uitloging van bouwstoffen;

  • h.

    monsternemer

    instantie als bedoeld in de artikelen 5, 9, 19 en 22 van het Bouwstoffenbesluit, voor het verrichten van de monstername en monstervoorbehandeling;

  • i.

    vestigingsplaats

    het adres en de woonplaats waar een producent, monsternemer, laboratorium of certificeringinstelling is gevestigd.

§

2

Voorwaarden voor aanwijzing

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

De Ministers kunnen op aanvraag een instituut als certificeringsinstelling aanwijzen voor:

  • a.

    het afgeven van een kwaliteitsverklaring voor een bouwstof, indien de certificeringsinstelling voor de op die bouwstof betrekking hebbende beoordelingsrichtlijn is geaccrediteerd op basis van EN 45011 (1998), of

  • b.

    het certificeren van monsternemers, indien de certificeringsinstelling hiervoor is geaccrediteerd op basis van de BRL SIKB 1000 'Beoordelingsrichtlijn Monsterneming voor partijkeuringen Bouwstoffenbesluit' (2003).

Artikel

5

§

3

Voorwaarden voor erkenning

Artikel

6

De Ministers kunnen een kwaliteitsverklaring erkennen indien deze op basis van een op grond van de handleiding certificering Bouwstoffenbesluit (Stichting Bouwkwaliteit, december 2002) vastgestelde beoordelingsrichtlijn is afgegeven door een certificeringsinstelling die daartoe conform artikel 4, eerste lid, onder a is aangewezen.

Artikel

7

§

4

Aanvraag

Artikel

8

Artikel

9

Artikel

10

§

5

Bestuurlijke maatregelen

Artikel

11

Artikel

12

§

6

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

13

Een overzicht van aangewezen monsternemers, laboratoria, certificeringsinstellingen en erkende kwaliteitsverklaringen, alsmede de schorsing of intrekking van deze aanwijzingen, of erkenningen wordt tweemaandelijks in de Staatscourant bekend gemaakt.

Artikel

14

De beleidsregels bedoeld in het besluit van 25 maart 2000/DBO/200029631 (Stcrt. 2000, nr. 66) vervallen met ingang van 1 april 2003.

Artikel

15

Artikel

16

Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregels aanwijzing en erkenning Bouwstoffenbesluit.

Deze beleidsregels zullen met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

's-Gravenhage
De Staatssecretaris voor Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,P.L.B.A. van Geel
De Staatssecretaris voor Verkeer en Waterstaat,M.H.Schultz van Haegen

Bijlage

1

als bedoeld in artikel 8, eerste lid

MODEL VAN AANVRAAGFORMULIER

Bijlage

2

als bedoeld in artikel 8, eerste lid

MODEL VAN AANVRAAGFORMULIER