Verordening van het Hoofdproductschap Akkerbouw van 20 maart 2003 houdende regels omtrent het gebruik van pootaardappelen (verordening HPA aardappelteelt 2003)

Verordening HPA aardappelteelt 2003

Het bestuur van het Hoofdproductschap Akkerbouw;

Besluit :

§

1

Begripsbepalingen

Artikel

1

Deze verordening verstaat onder:

a.

hoofdproductschap

:

Hoofdproductschap Akkerbouw;

b.

bestuur

:

bestuur van het hoofdproductschap;

c.

dagelijks bestuur

:

dagelijks bestuur van het hoofd productschap;

d.

voorzitter

:

voorzitter van het hoofdproductschap;

e.

secretaris

:

secretaris van het hoofdproductschap;

f.

commissie

:

Commissie Aardappelen;

g.

ondernemer

:

de natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft waarvoor het hoofdproductschap is ingesteld:

h.

N.A.K.

:

Stichting Nederlandse Algemene Keuringsdienst voor zaaizaad en pootgoed van landbouwgewassen, gevestigd te Emmeloord;

i.

keuringsdienst

:

N.A.K. dan wel een tot het afgeven van certificaten of verklaringen van goedkeuring bevoegde dienst of instelling van een andere E.U.-lidstaat of van een derde land, waar het teeltmateriaal op grond van artikel 15 van Richtlijn nr. 66/403/EEG van 14 juni 1966 betreffende het in de handel brengen van pootaardappelen (PbEG no. 125) is erkend of toegelaten;

j.

aardappelen

:

planten van de soort Solanum Tuberosum;

k.

pootaardappelen

:

aardappelen, kennelijk bestemd voor wederuitplant;

l.

pootaardappelen voor eigen gebruik

:

pootaardappelen, afkomstig van en bestemd voor de teelt binnen de eigen/dezelfde onderneming;

m.

perceel

:

een ononderbroken oppervlakte grond, in eigendom of in gebruik bij een onderneming, waarop één soort gewas geteeld wordt;

n.

eigen/dezelfde onderneming

:

het geheel van de percelen dat de ondernemer op Nederlands grondgebied beheert en voor eigen rekening en risico exploiteert.

§

2

Verbodsbepalingen

Artikel

2

Artikel

3

Van het bepaalde in artikel 2 mag worden afgeweken, indien het pootaardappelen voor eigen gebruik betreft behorende tot de in de bijlage onder A genoemde zetmeelrassen, en het perceel waarop deze aardappelen worden geteeld gelegen is in de daartoe in de bijlage onder B aangewezen gebieden en indien de ondernemer beschikt over één of meerdere beoordelingsrapporten, afgegeven door de Stichting Teeltbeschermingsmaatregelen Zetmeelaardappelen (TBM), waaruit blijkt dat de desbetreffende voor de teelt gebruikte pootaardappelen door de Stichting Teeltbeschermingsmaatregelen Zetmeelaardappelen zijn beoordeeld.

Artikel

3a

§

3

Overige bepalingen

Artikel

4

Artikel

5

Het bepaalde bij of krachtens deze verordening, waarbij aan ondernemers verplichtingen worden opgelegd, is mede bindend voor andere natuurlijke en rechtspersonen, voor zover deze handelingen verrichten die bedrijfsmatig in ondernemingen plegen te worden verricht.

Artikel

6

Op overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening worden tuchtrechtelijke maatregelen gesteld. Een door het bevoegde tuchtgerecht op te leggen geldboete mag niet hoger zijn dan € 450,-- per overtreding, totdat het op 24 februari 2000 ingediende voorstel van wet “Nieuwe regelen inzake tuchtrechtspraak in de publiekrechtelijke bedrijfsorganisatie (Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie 2002)”, Kamerstukken II nr. 27025 (1999-2000), tot wet wordt verheven en in werking treedt.

§

4

Slotbepalingen

Artikel

7

De verordening HPA aardappelteelt 1997 wordt ingetrokken.

Artikel

8

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 juli 2003.

Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 30 juni 2003, treedt zij in werking de tweede dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en werkt zij terug tot en met 1 juli 2003, met uitzondering van het in artikel 6 bepaalde.

Artikel

9

Deze verordening wordt aangehaald als Verordening HPA aardappelteelt 2003.

Den Haag
J.H.M. Kienhuis voorzitter
R.J.M. ten Berge secretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 22 mei 2003.

Bijlage

  • A.

    Als zetmeelrassen, bedoeld in artikel 3, worden aangewezen:

    ALBAS

    MELANIE

    ALLURE

    MENCO

    ASTARTE

    MERCATOR

    AURORA

    MERCURY

    AVARNA

    NOMADE

    AVAYA

    PLASANDES

    AVEKA

    PLASENT

    AVENTRA

    PLASINKA

    AVERIA

    REALIST

    BELITA

    ROBÉNY

    BENNO VRIZO

    SCARLET

    EHUD

    SERESTA

    FESTIEN

    SIGNUM

    FLORIJN

    SMARAGD

    KALIBER

    SOFISTA

    KANJER

    SOPHYTRA

    KANTARA

    STARGA

    KARAKTER

    STEFANO

    KARNICO

    VALIANT

    KARUVA

    VEBEBE

    KATINKA

    VEBECA

    KROSTAR

    VEBESTA

    MANTRA

    MARKANT

  • B.

    Als gebied, bedoeld in artikel 3 wordt aangewezen het gebied, gelegen in de provincie Drenthe, de provincie Overijssel, de provincie Gelderland ten noorden van de Nederrijn en de volgende gemeenten of gedeelten daarvan: Bellingwedde, Groningen voor zover gelegen ten zuiden van het Eemskanaal, Grootegast, Haren, Hoogezand-Sappemeer, Leek, Marum, Menterwolde, Pekela, Reiderland voor zover gelegen .ten westen van de Ulsderweg en C.G. Wiegersweg en ten zuiden van de Hoofdweg en Goldhoorn te Finsterwolde, Scheemda voor zover gelegen ten zuiden van de Goldhoorn te Oostwold en ten westen van de Noorderstraat, ten noorden van de Polderweg, ten westen van de Langeweg, ten zuiden van Hoofdweg-Oost, Hoofdstraat en Hoofdwegwest te Nieuwolda, ten zuiden van Hoofdweg 't Waar, ten zuiden van de Rechte Walsterweg, Slochteren, Stadskanaal, Veendam, Vlagtwedde, Winschoten, Ooststellingwerf voor zover gelegen ten noorden van de Verwersweg, Zorgvlied vanaf de provinciegrens tot het driegemeentepunt Diever-Weststellingwerf-Ooststellingwerf, ten oosten van de weg Zuid en Hoofdweg tot Kloosterweg, ten zuiden van de wegen Ktoosterweg, Terwisscha, Westeres en Bruggelaan tot de Compagnonsvaart, ten oosten van de wegen Zuideinde Fochteloo, Noordeinde, de Knolle tot kruising met de weg Weper, en ten zuiden van de wegen Weper, Weperpolder tot provinciegrens.