Verordening van de Sociaal-Economische Raad van 21 maart 2003 houdende regels ter zake van de aanvaarding van functies door bestuursleden bij bedrijfslichamen (Verordening aanvaarding bestuursfuncties bij bedrijfslichamen)

Verordening aanvaarding bestuursfuncties bij bedrijfslichamen

De Sociaal-Economische Raad;

Besluit:

§

1

Begripsbepalingen

§

2

Benoeming van bestuursleden

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

§

3

Schorsing en nieuwe aanwijzing

Artikel

5

§

4

Voorlopige voorzieningen

Artikel

6

Artikel

7

Onverminderd het bepaalde in artikel 6 treedt, zolang bij de aanvang van een zittingsperiode van het bestuur van een bedrijfslichaam de voorzitter van het betrokken lichaam niet is benoemd, als voorzitter op:

  • hetzij degene die bij het einde van de vorige zittingsperiode voorzitter was;

  • hetzij degene die op dat tijdstip plaatsvervangend dan wel eerste plaatsvervangend voorzitter was;

  • hetzij degene die op dat tijdstip tweede plaatsvervangend voorzitter was;

  • hetzij het oudste bestuurslid in leeftijd,

met dien verstande dat steeds een later genoemde als voorzitter optreedt indien en voor zolang een eerdergenoemde niet als bestuurslid is herbenoemd, dan wel bij diens afwezigheid.

§

5

Slotbepalingen

Artikel

8

De Bestuurskamer is bevoegd de besluiten te nemen die nodig zijn voor de uitvoering van deze verordening.

Artikel

9

Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie.

Artikel

10

Deze verordening wordt aangehaald als Verordening aanvaarding bestuursfuncties bij bedrijfslichamen.

Den Haag
H.H.F. Wijffels voorzitter
N.C.M. van Niekerk algemeen secretaris

Goedgekeurd door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij besluit van 3 december 2003, Directie Arbeidsverhoudingen, nr. AV/CAM/2003/27021.

Bijlage

Verklaring

bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de Verordening aanvaarding bestuursfuncties bij bedrijfslichamen

De ondergetekende ........................................................................................................... ...............................................................................................................................................

(naam en voornamen voluit)

bevestigt hiermede de aanneming van de benoeming tot

lid

plaatsvervangend lid

van het bestuur van .................................................................................................................. .................................................................................................................................................

en verklaart hierbij ingezetene van Nederland te zijn en niet van het kiesrecht te zijn uitgesloten.1Van het kiesrecht zijn uitgeslotena. zij die bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak uit het kiesrecht zijn ontzet;b. zij die krachtens onherroepelijke uitspraak wegens een geestelijke stoornis onbekwaam zijn rechtshandelingen te verrichten.

Voorts verklaart ondergetekende niet te zijn ontzet van het recht ambten of bepaalde ambten te bekleden, dan wel bepaalde beroepen of functies uit te oefenen.

Gedaan te ..................................................... (gemeente)

Datum............................................................

.......................................................................

(handtekening)

Naam en adres van de ondertekenaar:

..............................................................

..............................................................