Beleidsregel waterdichte afsluiting van dekopeningen van vissersvaartuigen

Beleidsregel waterdichte afsluiting van dekopeningen van vissersvaartuigen

Het hoofd van de Scheepvaartinspectie,

Besluit:

Artikel

2

In deze beleidsregel wordt verstaan onder een bak: de overdekte constructie op het werkdek die zich vanaf de voorsteven uitstrekt over een afstand die, vanuit de voorloodlijn gemeten, ten minste 7% van de lengte van het vaartuig bedraagt en waarvan de zijden over ten minste die afstand worden gevormd door de zijbeplating van het vaartuig.

Artikel

3

Artikel

4

Indien een vaartuig is voorzien van een bak waarvan de lengte minder bedraagt dan of gelijk is aan 15% van de lengte van het vaartuig, behoeft een dergelijke bak niet te worden afgesloten.

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Indien in een waterdichte bak als bedoeld in artikel 6 een vissorteerinstallatie is aangebracht, wordt de vislading via een volledig waterdicht afsluitbaar luik naar de ruimte in de bak gevoerd. Dit luik is zo hoog mogelijk aangebracht in het waterdichte bakschot of in het bakdek.

Artikel

8

Artikel

9

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Deze beleidsregel zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Het hoofd van de Scheepvaartinspectie,H.G.H. ten Hoopen