Verordening van het Bedrijfschap Slagersbedrijf van 15 juli 2003, houdende regels ter zake van de aan de onder het Bedrijfschap Slagersbedrijf ressorterende ondernemers op te leggen heffing voor het jaar 2003 (Verordening Heffingen 2003)

Verordening Heffingen 2003

Het Bestuur van bet Bedrijfschap Slagersbedrijf;

Besluit:

§

1

Begripsbepalingen

Artikel

1

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    de ondernemer: degene die een onderneming drijft dan wel degenen die gezamenlijk een onderneming drijven waarvoor het Bedrijfschap Slagersbedrijf is ingesteld;

  • b.

    de supermarkt: een onderneming als bedoeld sub a. van dit artikel waar in overwegende mate tenminste de volgende artikelen worden verkocht: zuivel, eieren, kaas, aardappelen, groenten, fruit, maaltijden of maaltijdcomponenten, vleeswaren, salades, vis, brood, gebak, frisdranken, dierenvoeding, schoonmaak- en onderhoudsartikelen, wasmiddelen, drogmetica, kantoorbenodigdheden, lectuur en huishoudelijke artikelen.

  • c.

    werkzame personen:

    • 1.

      personen, werkzaam op arbeidsovereenkomst;

    • 2.

      personen, niet begrepen onder 1., werkzaam als op voet van ondergeschiktheid medewerkend gezins- of familielid, dan wel als leerling;

    één en ander met uitzondering van personen, werkzaam als leider van een verkoopplaats en hun in die verkoopplaats werkzame echtgenoten.

    Voor de toepassing van deze verordening worden met personen, werkzaam op arbeids- overeenkomst, als onder 1. bedoeld, gelijk gesteld de vennoten, die de onderneming drijven, met uitzondering van één hunner.

  • d.

    een verkoopplaats: elke voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waar waren aan particulieren worden verkocht;

  • e.

    de voorzitter: de voorzitter van het Bedrijfschap Slagersbedrijf

  • f.

    de secretaris: de secretaris van het Bedrijfschap Slagersbedrijf.

§

2

Heffingen

Artikel

2

§

3

Schilthuisaftrek

Artikel

3

§

4

Informatieplicht

Artikel

4

De ondernemer is gehouden aan de secretaris op eerste verzoek gegevens betreffende het aantal in de onderneming werkzame personen te verstrekken. Indien ondanks eenmaal herhaald verzoek van de secretaris deze gegevens niet worden verstrekt, wordt het aantal ambtshalve geschat en wordt de heffing opgelegd volgens het in deze verordening bepaalde, echter met inachtneming van het geschatte aantal personen.

§

5

Heffingsvermindering

Artikel

5

De voorzitter is, met inachtneming van door het Dagelijks Bestuur te stellen regelen, bevoegd om op een daartoe strekkend verzoek een krachtens deze verordening vastgestelde heffing te verminderen dan wel ontheffing van de betaling daarvan te verlenen, indien hem dit als gevolg van bijzondere omstandigheden van sociale of economische aard gewenst en billijk voorkomt.

§

6

Vrijstelling van heffing

Artikel

6

§

7

Slotbepalingen

Artikel

7

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2003.

Artikel

8

Deze verordening wordt aangehaald als Verordening Heffingen 2003.

’s-Gravenhage
J.A. van den Berg voorzitter
R.J. Gijsen secretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 24 september 2003.