Verordening slachting en weging slachtvarkens 2003

Verordening slachting en weging slachtvarkens 2003

Het bestuur van het Productschap Vee en Vlees heeft,

op 9 april 2003 vastgesteld de navolgende

VERORDENING

Hoofdstuk

1

Algemeen

§

1

Begripsbepalingen

Artikel

1

Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt:

  • 1.

    verstaan onder:

    a.

    productschap

    :

    het Productschap Vee en Vlees;

    b.

    bestuur

    :

    het bestuur van het productschap;

    c.

    voorzitter

    :

    de voorzitter van het productschap;

    d.

    slachtvarkens

    :

    voor onmiddellijke slachting hier te lande dan wel buiten Nederland bestemde varkens;

    e.

    varkenshouder

    :

    degene die een landbouwonderneming drijft waarin slachtvarkens worden gehouden;

    f.

    leverancier

    :

    degene die voor eigen rekening en risico slachtvarkens aan een be- of verwerker verkoopt, waarbij de winst dan wel het verlies niet ten bate dan wel ten laste van de be- of verwerker is of wordt gebracht;

    g.

    opdrachtgever

    :

    hij die slachtvarkens voor eigen rekening en risico ter weging aanbiedt;

    h.

    be- of verwerker

    :

    de be- of verwerker van vlees die slachtvarkens slacht of doet slachten:

    i.

    weegbriefje/weeglijst

    :

    een door de afdrukinrichting van een weegwerktuig als bedoeld in artikel 8 geproduceerd document, bevattende het resultaat van een weging of een aantal opeenvolgende wegingen;

    j.

    toezichthoudende instantie

    :

    de organisatie die door de voorzitter is belast met het toezicht op de naleving van het bepaalde in deze verordening;

    k.

    slachtrisico

    :

    het risico van schade, dat na de slachting wordt geleden in verband met de gehele of gedeeltelijke afkeuring van het slachtdier, voor zover de afkeuring betrekking heeft op andere delen dan de lever van het slachtdier, dan wel in verband met de voorwaardelijke goedkeuring of de uitbening door of in opdracht van de Voedsel en Waren Autoriteit;

    l.

    slachtrisicoverzekeraar

    :

    een rechtspersoon, die het slachtrisicoverzekeringsbedrijf in overeenstemming met het bepaalde bij of krachtens de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 uitoefent;

    m.

    EEG-richtlijn

    :

    Richtlijn nr. 64/433/EEG van de Raad van de Europese Economische Gemeenschappen van 26 juni 1964 inzake gezondheidsvraagstukken op het gebied van het intracommunautaire handelsverkeer in vers vlees (PbEEG, L 121 );

    n.

    slachtmerk

    :

    een onderscheidingsteken, bedoeld in artikel 8, derde lid, van de Regeling identificatie en registratie van dieren 2003;

    o.

    zware slachtvarkens

    :

    a) voor onmiddellijke slachting bestemde vrouwelijke varkens met een levend gewicht van 130 kg of meer, die ten minste eenmaal gebigd hebben;

    b) voor onmiddellijke slachting bestemde volwassen mannelijke varkens met een levend gewicht van 150 kg of meer;

    p.

    spreider/haak

    :

    hulpwerktuig, niet deel uitmakende van het weegwerktuig, waaraan het geslachte varken bevestigd is op het tijdstip van weging;

    q.

    classificatie

    :

    het indelen van slachtvarkens overeenkomstig het bepaalde in de Verordening classificatie slachtvarkens 2003;

    r.

    overligger

    :

    slachtvarken dat niet geslacht is op de dag van aanvoer op de slachtplaats;

    s.

    werkdagen :

    :

    dagen niet zijnde zaterdagen, zon- en feestdagen, doch met inbegrip van die zaterdagen, zon- en feestdagen waarop slachtwerkzaamheden worden verricht;

    t.

    wachtdagen :

    :

    dagen gedurende welke slachtvarkens overliggen;

    u.

    uitbetalingsgewicht

    :

    het overeenkomstig het gestelde in de artikelen 4, 11 en 12 bepaalde gewicht, naar gelang het geval aangepast conform het gestelde in artikel 13, eerste of tweede lid, afgerond op de wijze als in artikel 13, vierde lid, voorgeschreven;

    v.

    vervoersdocument

    :

    document, bedoeld in artikel 30, van de Regeling identificatie en registratie van dieren 2003;

    w.

    slachtplaats

    :

    slachthuis, met bijbehorende terreinen, waar de slachtvarkens geslacht worden;

    x.

    volgnummers

    :

    nummers die per dag de volgorde aangeven waarin slachtvarkens na slachting gewogen zijn;

    y.

    weegwerktuig

    :

    weegwerktuig met inbegrip van de daaraan gekoppelde apparatuur, welke functies van het weegwerktuig uitvoert.

    z.

    koppel

    :

    een groep slachtvarkens die afkomstig is van één herkomstbedrijf en op hetzelfde tijdstip ter slacht wordt aangeboden;

    aa.

    UBN

    :

    uniek bedrijfsnummer, bedoeld in artikel 3, tweede lid, van de Regeling identificatie en registratie van dieren 2003;

    bb.

    merk

    :

    Onderscheidingsteken, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Regeling identificatie en registratie van dieren 2003;

    cc.

    eigen code

    :

    een code op het slachtmerk die dient ter afrekening van het desbetreffende slachtvarken;

    dd.

    ondernemer

    :

    degene, die een onderneming drijft, waarvoor het productschap is ingesteld

  • 2.

    geacht te zijn begrepen onder

    a.

    het kopen

    :

    het ontvangen;

    b.

    het verkopen

    :

    het afleveren.

§

2

Werkingssfeer

Artikel

2

Het bepaalde bij of krachtens deze verordening is niet van toepassing op de be- of verwerker, die gerekend op jaarbasis, ten hoogste 10.000 slachtvarkens slacht of doet slachten.

Hoofdstuk

2

Het geslacht circuit

§

1

Algemeen

Artikel

3

De be- of verwerker is verplicht er voor zorg te dragen dat de ontvangen slachtvarkens identificeerbaar blijven tot en met het tijdstip van weging.

Artikel

4

Degene die slachtvarkens aanvoert of doet aanvoeren op een slachtplaats is verplicht onmiddellijk na aanvoer van de slachtvarkens op de slachtplaats het tijdstip van aankomst te vermelden op het vervoersdocument.

§

2

Bepalingen betreffende het slachten

Artikel

5

§

3

Bepalingen betreffende het wegen

Artikel

6

De be- of verwerker is verplicht ervoor zorg te dragen dat de weging van de geslachte varkens geschiedt:

  • a.

    indien ze vóór 14.00 uur op de slachtplaats zijn aangevoerd, zo mogelijk op de dag waarop ze zijn aangevoerd, doch, met inachtneming van het bepaalde in artikel 14, eerste lid, onder a, in ieder geval de eerstvolgende werkdag vóór 12.00 uur;

  • b.

    indien ze na 14.00 uur op de slachtplaats zijn aangevoerd, zo spoedig mogelijk na het tijdstip waarop ze zijn aangevoerd, doch in ieder geval de eerstvolgende werkdag vóór 12.00 uur, een en ander tenzij zulks ingevolge het bepaalde in hoofdstuk V, onder 28, sub b. van bijlage 1 behorende bij de EEG-richtlijn, niet mogelijk is.

Artikel

7

De be- of verwerker is verplicht ervoor zorg te dragen dat van elk slachtvarken de eigen code van het slachtmerk ofwel het volgnummer of individuele nummer in de afdrukinrichting wordt ingebracht.

Artikel

8

De be- of verwerker is verplicht ervoor zorg te dragen dat de geslachte varkens, uiterlijk binnen 20 minuten na het tijdstip waarop een aanvang is genomen met het opensnijden van het karkas, worden gewogen.

Artikel

9

Artikel

10

De be- of verwerker die zware slachtvarkens en slachtvarkens, niet zijnde zware slachtvarkens, slacht of doet slachten, is het, in afwijking van het bepaalde in artikel 9, eerste lid, onder f, toegestaan bij de weging gebruik te maken van twee typen spreiders/haken, mits:

  • a.

    slechts één type spreider/haak aangewend wordt voor zware slachtvarkens;

  • b.

    slechts één type spreider/haak aangewend wordt voor slachtvarkens, niet zijnde zware slachtvarkens;

  • c.

    de spreiderdhaken van één type van hetzelfde gewicht zijn;

  • d.

    de slachtingen van zware slachtvarkens en slachtvarkens, niet zijnde zware slachtvarkens, volledig gescheiden van elkaar plaatsvinden.

Artikel

11

Artikel

12

Artikel

13

Het is de be- of verwerker verboden:

  • a.

    enige handeling te verrichten of te doen verrichten waardoor het gewicht van de slachtvarkens onjuist wordt beïnvloed;

  • b.

    apparatuur te plaatsen of te doen plaatsen waardoor het gewicht of de gewichtsvaststelling van de slachtvarkens onjuist wordt beïnvloed;

  • c.

    de weging zodanig te doen geschieden, dat daardoor de vaststelling van het gewicht onjuist wordt beïnvloed.

§

4

Bepalingen betreffende de gewichtsbepaling

Artikel

14

Artikel

15

Indien zich in de in artikel 14, eerste lid, genoemde gevallen, dagen, niet zijnde werkdagen, bevinden tussen de dag van aanvoer en de eerstvolgende werkdag is de be- of verwerker verplicht ervoor zorg te dragen dat de aanwezige slachtvarkens op die dagen voldoende gevoederd en gedrenkt worden.

§

5

Bepalingen betreffende de administratie

Artikel

16

Artikel

17

Een ieder die slachtvarkens per kg geslacht gewicht heeft gekocht, is verplicht aan de verkoper van de betreffende slachtvarkens af te geven of te doen afgeven:

Artikel

18

Het is degene die slachtvarkens na de slachting heeft gewogen of heeft doen wegen, dan wel die slachtvarkens per kg geslacht gewicht heeft gekocht, verboden:

  • a.

    weegbriefjes/weeglijsten, bonnen of afrekeningen af te geven, die niet de in de artikelen 16 en 17 vereiste gegevens vermelden;

  • b.

    behoudens in het geval als bedoeld in artikel 18, eerste lid, méér dan eenmaal weegbriefjes/weeglijsten, bonnen of afrekeningen af te geven ten aanzien van dezelfde slachtvarkens, tenzij het de meermalige afgifte betreft van weegbriefjes/weeglijsten, bonnen of afrekeningen, die identiek zijn aan de eerder afgegeven weegbriefjes, bonnen of afrekeningen.

Artikel

19

Artikel

20

Het is degene, die een der in de artikelen 16, 17, 18 en 19 bedoelde bescheiden heeft ontvangen, verboden ter zake van de daarop vermelde in deze verordening genoemde gegevens enige wijziging aan te brengen.

§

6

Overige bepalingen

Artikel

21

Artikel

22

Hoofdstuk

3

Toezicht en handhaving

Artikel

23

Artikel

24

Artikel

25

Hoofdstuk

4

Overgangs- en slotbepalingen

Artikel

26

De bij of krachtens deze verordening gestelde regelen zijn bindend voor:

  • a.

    de natuurlijke- en rechtspersonen, die de ondernemingen drijven, waarvoor het productschap is ingesteld, en de bij die ondernemingen werkzame personen, en

  • b.

    andere dan de onder a, bedoelde natuurlijke- en rechtspersonen, voor zover deze handelingen verrichten, die bedrijfsmatig in de aldaar bedoelde ondernemingen plegen te worden verricht.

Artikel

27

Artikel

28

Artikel

29

Voor het bestuur,
J.J. Ramekers, voorzitter,
S.B.M. Jongerius, secretaris.

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 13 augustus 2003.