Beleidsregel doelmatigheid hoger onderwijs

De staatssecretaris van onderwijs, cultuur en wetenschappen,
Mede namens de minister van landbouw, natuur en voedselkwaliteit voor zover het betreft het onderwijs op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving,

Besluit

Artikel

1

Criteria nieuwe opleidingen

De minister beoordeelt het voornemen van een instelling tot het verzorgen van een nieuwe opleiding met het oog op een doelmatige taakverdeling tussen de instellingen, gelet op het geheel van de voorzieningen op het gebied van het hoger onderwijs, aan de hand van de volgende criteria:

  • a

    de opleiding draagt aantoonbaar bij aan de verdere ontwikkeling van de Nederlandse kennissamenleving doordat de opleiding tegemoet komt aan een gebleken behoefte aan nieuwe beroepen, of aan noodzakelijk geachte nieuwe (wetenschappelijke) ontwikkelingen in innovatieve sectoren,

of

  • b

    de opleiding voorziet in een door de overheid erkende behoefte op terreinen waarvoor de overheid een verantwoordelijkheid op stelselniveau heeft of verantwoordelijk is voor de werkgelegenheid, waarbij aan de volgende vereisten moet zijn voldaan:

  • c

    realisering van de opleiding mag niet leiden tot substantiële nadelige effecten voor de benutting van de bestaande capaciteit en infrastructuur in het desbetreffende onderwijsdomein, en

  • d

    inbedding van de opleiding in de (regionale) kennisinfrastructuur moet in voldoende mate zijn verzekerd.

Indien meerdere aanvragen voorliggen voor het realiseren van opleidingen die identiek of soortgelijk zijn zal bij de beoordeling doorslaggevend gewicht worden toegekend aan de mate waarin wordt voldaan aan de vereisten, bedoeld in onderdeel c en d.

Artikel

2

Aanvraag nieuwe opleidingen

Bij de aanvraag tot beoordeling van een nieuwe opleiding overlegt het instellingsbestuur aan de minister de hierna genoemde gegevens over de opleiding:

  • a

    het rapport van de Nederlandse Accreditatie Organisatie, waaruit blijkt dat de opleiding de toets nieuwe opleiding met positief gevolg heeft doorlopen;

  • b

    documenten die naar het oordeel van de instelling aantonen dat de opleiding voldoet aan de in artikel 1 genoemde criteria;

  • c

    de onderwijs- en examenregeling.

Artikel

3

Inwerkingtreding en duur

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin deze beleidsregel is geplaatst en vervalt op 1 september 2005.

Artikel

4

Werkingssfeer

Artikel

5

Citeerartikel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel doelmatigheid hoger onderwijs.

Artikel

6

Bekendmaking

Deze beleidsregel met de toelichting wordt geplaatst in de Staatscourant.

De staatssecretaris van onderwijs, cultuur en wetenschappen, drs. A.D.S.M.Nijs, MBA