Verordening van het Productschap Pluimvee en Eieren van 23 oktober 2003, houdende vaststelling van huishoudelijke en bestemmingsheffingen ten aanzien van de edelpelsdierensector voor het jaar 2004 (Verordening heffingen edelpelsdieren (PPE) 2004)

Verordening heffingen edelpelsdieren (PPE) 2004

Titel

I

Begripsbepalingen

Artikel

1

productschap

:

het Productschap Pluimvee en Eieren;

bestuur

:

het bestuur van het productschap;

voorzitter

:

de voorzitter van het productschap;

onderneming

:

een onderneming waarvoor het productschap is ingesteld;

ondernemer

:

een natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft.

Titel

II

Heffingen

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Een ingevolge deze verordening verschuldigd heffingsbedrag dient uiterlijk binnen 14 dagen nadat dit bedrag aan de betrokken ondernemer in rekening is gebracht, aan het productschap te worden voldaan.

Artikel

5

Titel

III

Algemene bepalingen en slotbepalingen

Artikel

6

Artikel

7

Artikel

8

De voorzitter kan, namens het bestuur, in bepaalde gevallen ontheffing verlenen van de bepalingen in de artikelen 2 en 3, tweede en vijfde lid, van deze verordening. Een ontheffing kan onder beperkingen worden verleend. Aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. Een verleende ontheffing kan te allen tijde door de voorzitter, namens het bestuur, worden ingetrokken.

Artikel

9

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2004. Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 januari 2004, treedt zij in werking met ingang van de dag na dagtekening van dat Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en werkt zij terug tot en met 1 januari 2004, met uitzondering van artikel 6.

Artikel

10

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening heffingen edelpelsdieren (PPE) 2004.

Zoetermeer
J.J. Ramekers voorzitter
Ch.M. den Hoed plv. secretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 17 december 2003 en door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit bij beschikking van 6 januari 2004, nr. TRCJZ/2003/9658.