Regeling van de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat van 3 november 2003, nr. HDJZ/ABR/2003-410, Hoofddirectie Juridische Zaken, houdende verstrekking van subsidie in het kader van het nationaal programma gebruikersondersteuning (Tijdelijke subsidieregeling Nationaal Programma GO)

Tijdelijke subsidieregeling Nationaal Programma GO

De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat,

Besluit:

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    minister: Minister van Verkeer en Waterstaat;

  • b.

    NIVR: Nederlands Instituut voor Vliegtuigontwikkeling en Ruimtevaart;

  • c.

    NWO-ALW: Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, het gebied Aard- en Levenswetenschappen;

  • d.

    fundamenteel onderzoek: onderzoek dat gericht is op de uitbreiding van de algemene wetenschappelijke en technische kennis zonder industriële of commerciële doelstellingen;

  • e.

    industrieel onderzoek: geprogrammeerd of kritisch onderzoek dat gericht is op het opdoen van nieuwe kennis met het doel deze kennis te gebruiken bij de ontwikkeling van nieuwe producten, processen of diensten, of dat gericht is op het aanmerkelijk verbeteren van bestaande producten, processen of diensten.

  • f.

    universiteit: een onder a of b van de bijlage bij de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek genoemde instelling voor hoger onderwijs;

  • g.

    onderzoeksinstelling: een openbare instelling zonder winstoogmerk die zelf kwalitatief hoogstaand onderzoek uitvoert op het terrein van aardobservatie;

  • h.

    bedrijf: een kleine of middelgrote onderneming als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, van verordening (EG) nr. 70/2001 van de Commissie van 12 januari 2001 (PbEG L 010) betreffende de toepassing van de artikelen 87 en 88 van het EG-Verdrag op staatssteun voor kleine en middelgrote ondernemingen, die producten en diensten ontwikkelt uit aardobservatiegegevens.

Artikel

2

De minister kan jaarlijks op aanvraag van een universiteit, een onderzoeksinstelling of een bedrijf een subsidie verstrekken voor de uitvoering van een onderzoeksproject dat gericht is op de ondersteuning van de gebruikers van gegevens verkregen uit Europese en niet-Europese satellietprogramma’s voor aardobservatie in het belang van wetenschappelijk, toegepast of beleidsondersteunend onderzoek, dan wel in het belang van institutioneel gebruik of gebruik door bedrijven. De volgende categorieën onderzoek komen voor subsidie in aanmerking:

  • a.

    fundamenteel onderzoek, of

  • b.

    industrieel onderzoek.

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Als subsidiabele kosten worden uitsluitend in aanmerking genomen de volgende noodzakelijke, rechtstreeks aan het project toe te rekenen, na indiening van de aanvraag en door de subsidieontvanger gemaakte en betaalde kosten:

  • a.

    personeelskosten;

  • b.

    kosten van apparatuur en uitrusting die uitsluitend en permanent voor onderzoek worden gebruikt voorzover deze apparatuur en uitrusting niet op commerciële basis worden afgestaan;

  • c.

    kosten van advies en soortgelijke diensten die uitsluitend voor het onderzoek worden gebruikt met inbegrip van aangekocht onderzoek en aangekochte technische kennis;

  • d.

    extra algemene kosten voorzover die rechtstreeks uit de onderzoeksactiviteiten voortvloeien;

  • e.

    overige exploitatiekosten voorzover die rechtstreeks uit de onderzoeksactiviteiten voortvloeien.

Artikel

7

De minister geeft de beschikking tot subsidieverlening binnen vijf maanden na de einddatum van de in artikel 5, vierde of vijfde lid, genoemde periode.

Artikel

8

Artikel

9

De minister kan bij de subsidieverlening bepalen dat aan de subsidie-ontvanger een voorschot wordt betaald.

Artikel

10

Artikel

11

De minister neemt binnen vier maanden na ontvangst van de aanvraag, bedoeld in artikel 10, een beslissing over de aanvraag tot subsidievaststelling.

Artikel

12

Artikel

13

Deze regeling wordt uitgevoerd door:

  • a.

    het NIVR voorzover het betreft de behandeling van subsidieaanvragen voor industrieel onderzoek, en

  • b.

    NWO-ALW voorzover het betreft de behandeling van subsidieaanvragen voor fundamenteel onderzoek.

Artikel

14

Artikel

15

De subsidieontvanger verleent op verzoek van de minister alle medewerking aan een door de minister ingesteld evaluatieonderzoek, bedoeld om te beoordelen in welke mate de subsidieontvanger bij het uitvoeren van het project een toegevoegde waarde heeft geleverd aan de doelstellingen van deze regeling.

Artikel

16

Artikel

17

Artikel

18

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke subsidieregeling Nationaal Programma GO.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst met uitzondering van de bijlage, die ter inzage wordt gelegd bij het NIVR.

De Staatssecretaris van Verkeer en WaterstaatM.H.Schultz van Haegen

Bijlage

Ligt ter inzage bij het NIVR.