Artikel
1
Deze verordening verstaat onder:
|
a. |
hoofdproductschap |
: |
Hoofdproductschap Akkerbouw; |
|
b. |
bestuur |
: |
bestuur van het hoofdproductschap; |
|
c. |
dagelijks bestuur |
: |
dagelijks bestuur van het hoofdproductschap; |
|
d. |
voorzitter |
: |
voorzitter van het hoofdproductschap; |
|
e. |
sectormanager |
: |
als zodanig door het dagelijks bestuur benoemde functionaris die speciaal belast is met de sector aardappelen; |
|
f. |
commissie |
: |
commissie aardappelen; |
|
g. |
ondernemer |
: |
de natuurlijke of rechtspersoon die een onderneming drijft waarvoor het hoofdproductschap is ingesteld; |
|
h. |
gemeten maat |
: |
de oppervlakte beteelbare grond, inclusief paden en voren die voor de teelt noodzakelijk zijn; |
|
i. |
contractteelt |
: |
de teelt van gewassen of producten ingevolge een overeenkomst; |
|
j. |
cultuurgrond |
: |
beteelde open grond; |
|
k. |
N. A. K. |
: |
Stichting Nederlandse Algemene Keuringsdienst voor zaaizaad en pootgoed van landbouwgewassen, gevestigd te Emmeloord; |
|
l. |
aardappelen |
: |
aardappelen, met uitzondering van: 1. aardappelen die door de ondernemer zijn aangegeven bij de N.A.K. 2. aardappelen die worden geteeld met de bestemming te worden verwerkt tot aardappelzetmeel 3. aardappelen die worden geteeld met de bestemming te worden gebruikt als uitgangsmateriaal voor de onder 2 bedoelde teelt. |