Artikel
I
Wijzigt de Wet op de Ruimtelijke Ordening.
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Wijzigt de Wet op de Ruimtelijke Ordening.
Wijzigt de onteigeningswet.
Vervallen
Wijzigt de Tracéwet.
Ten aanzien van plannen als bedoeld in de artikelen 2a, 4a of 36c, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening waarvan het ontwerp ter inzage is gelegd voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, blijft artikel 56, eerste lid, zoals dat voor dat tijdstip luidde, van toepassing.
Onze Minister zendt binnen vijf jaar na de inwerkingtreding van deze wet, en vervolgens telkens na vijf jaar, aan de Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze wet in de praktijk.
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.