Besluit van 4 december 2003 tot vaststelling van een inconveniëntenregeling voor bepaalde functies bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal, de Griffie voor interparlementaire betrekkingen en de Stenografische Dienst (Inconveniëntenregeling Tweede Kamer der Staten-Generaal)

Inconveniëntenregeling Tweede Kamer der Staten-Generaal

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 24 november 2003, AO/J 03/85963 directoraat-generaal Management Openbare Dienst, directie Arbeidszaken Overheid, afdeling Arbeidsverhoudingen en Juridische Zaken

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a.

    bevoegd gezag: de Griffier van de Tweede Kamer, de Gemengde Commissie voor de Stenografische Dienst of de Gemengde Commissie van Toezicht op de Griffie voor de interparlementaire betrekkingen;

  • b.

    ambtenaar: degene die op grond van het Ambtenarenreglement Staten-Generaal is aangesteld om bij de Tweede Kamer, de Stenografische Dienst of de Griffie voor de interparlementaire betrekkingen der Staten-Generaal werkzaam te zijn;

  • c.

    vergadergebonden functie: een door of namens het bevoegd gezag aangewezen functie waarin degene die daarmee is belast tenminste eenmaal per week beschikbaar dient te zijn om arbeid te verrichten tijdens en in verband met een vergadering van de Kamer die na 18:00 uur plaatsvindt;

  • d.

    betrokkene: de ambtenaar die is benoemd in een vergadergebonden functie;

  • e.

    ambtenarenreglement: Ambtenarenreglement Staten-Generaal;

  • f.

    bezoldigingsbesluit: Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984;

  • g.

    inconveniëntentoeslag: de toeslag bedoeld in artikel 2, eerste lid.

Artikel

2

Artikel

4

Indien een betrokkene op zijn aanvraag een andere functie, niet zijnde een vergadergebonden functie gaat vervullen eindigt zijn aanspraak op de inconveniëntentoeslag.

Artikel

5

Artikel

7

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juli 2003.

Artikel

8

Dit besluit wordt aangehaald als: Inconveniëntenregeling Tweede Kamer der Staten-Generaal.

Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

's-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties , J. W. Remkes
De Minister van Justitie , J. P. H. Donner