Artikel
1
Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
-
a.
Invorderingswet: de Invorderingswet 1990;
-
b.
Coördinatiewet: de Coördinatiewet Sociale Verzekering;
-
c.
uitlener: een inhoudingsplichtige of werkgever als bedoeld in de artikelen 34, eerste lid, van de Invorderingswet en 16a, eerste lid, van de Coördinatiewet;
-
d.
inlener: een inlener als bedoeld in de artikelen 34, eerste en tweede lid, van de Invorderingswet en 16a, eerste en tweede lid, van de Coördinatiewet;
-
e.
confectie-aannemer: een aannemer als bedoeld in de artikelen 35a, eerste lid, van de Invorderingswet en 16ba, eerste lid, van de Coördinatiewet;
-
f.
aannemer: een aannemer als bedoeld in de artikelen 35, eerste lid, van de Invorderingswet en 16b, tweede lid, van de Coördinatiewet die zijn bedrijf niet maakt van het vervaardigen of laten vervaardigen van kleding, andere dan schoeisel;
-
g.
opdrachtgever: een opdrachtgever als bedoeld in de artikelen 35a, tweede lid, van de Invorderingswet en 16ba, tweede lid, van de Coördinatiewet en de daarmee op grond van de artikelen 35a, derde lid, van de Invorderingswet en 16ba, derde lid, van de Coördinatiewet gelijk te stellen bedrijfsmatig handelende koper van nog geheel of gedeeltelijk te vervaardigen kleding, andere dan schoeisel;
-
h.
kredietinstelling: een kredietinstelling als bedoeld in de artikelen 34, derde lid, en 35, vijfde lid, van de Invorderingswet en de artikelen 16a, vierde lid, en 16b, vijfde lid, van de Coördinatiewet;
-
i.
ontvanger: de ontvanger, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel i, van de Invorderingswet;
-
j.
Uitvoeringsinstituut: het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
-
k.
premie: de premie verschuldigd op grond van de artikelen 16a, 16b of 16ba van de Coördinatiewet;
-
l.
loonbelasting: de loonbelasting en de premie voor de volksverzekeringen die gelijktijdig wordt geheven met de loonbelasting, een en ander voorzover verband houdend met de terbeschikkingstelling van arbeidskrachten of met het uitvoeren van een werk als bedoeld in de artikelen 34, 35 en 35a van de Invorderingswet;
-
m.
omzetbelasting: de omzetbelasting met betrekking tot de terbeschikkingstelling van arbeidskrachten;
-
n.
g-rekening: een geblokkeerde rekening, zijnde een rekening als bedoeld in de artikelen 34, derde lid, en 35, vijfde lid, van de Invorderingswet en de artikelen 16a, vierde lid, en 16b, vijfde lid, van de Coördinatiewet, welke door een uitlener, een onderaannemer of een confectie-aannemer, bij een kredietinstelling wordt gehouden en waarvan de saldi uitsluitend bestemd zijn voor betaling van door de uitlener, onderaannemer of die confectie-aannemer verschuldigde loonbelasting, omzetbelasting en premie, in verband waarmee op die saldi ten behoeve van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de ontvanger gezamenlijk een pandrecht is gevestigd;
-
o.
rekeninghouder: de houder van een g-rekening;
-
p.
g-rekeningovereenkomst: een conform de bijlage bij deze regeling gesloten overeenkomst met betrekking tot het openen en gebruiken van een g-rekening en het vestigen van een pandrecht op die rekening als bedoeld in onderdeel n;
-
q.
administratie: de administratie, bedoeld in artikel 16b, achtste lid, van de Coördinatiewet.