Artikel
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
- a.
-
b.
huishoudelijk gevaarlijk afval: de volgende stoffen en voorwerpen die als afvalstoffen als bedoeld in randnummer 1.2.1 van bijlage 1 bij de VLG, en volgens de indeling, bedoeld in randnummer 2.1.1.1 van bijlage 1 van de VLG, vrijkomen uit huishoudens of in kleine hoeveelheden vrijkomen uit bedrijven:
-
1°.
spuitbussen vallende onder klasse 2, UN nr. 1950,
-
2°.
brandblusapparaten vallende onder klasse 2, UN nr. 1044
-
3°.
stoffen vallende onder de klassen 3, 6.1 of 8,
-
4°.
verfafval vallende onder klasse 4.1, UN nr. 3175,
-
5°.
gebruikte injectienaalden, afgeknipte capillairen, bloedbuizen en soortgelijke scherpe voorwerpen, vallende onder klasse 6.2,
-
6°.
accu’s vallende onder klasse 8;
-
1°.
-
c.
element: een verpakking die volwandig en vloeistofdicht is en voorzien is van een goed sluitend deksel;
-
d.
begeleider: degene die bij het voertuig aanwezig is om het huishoudelijk gevaarlijk afval in ontvangst te nemen;
-
e.
etiket: etiket, bedoeld in randnummer 5.2.2.2.2 van bijlage 1 bij de VLG.