Regeling van 25 maart 2004 van de Minister van Justitie, kenmerk 5277388/504/CBK, inhoudende de aanwijzing van hulpofficieren van justitie

Regeling hulpofficieren van justitie 2003

De Minister van Justitie,
Handelend, voorzover de Koninklijke marechaussee betreft, in overeenstemming met de Minister van Defensie;

Besluit:

Artikel

1

De ambtenaar van politie is hulpofficier van Justitie indien hij:

  • a.

    benoemd is in schaal 9 of hoger,

  • b.

    in het bezit is van een geldig certificaat ‘hulpofficier van justitie’ en

  • c.

    beschikt over ten minste drie jaar aaneengesloten ervaring in een executieve functie binnen de politie-organisatie.

Artikel

2

Als hulpofficier van justitie kunnen ook optreden ambtenaren van politie die zijn toegelaten tot de tweede fase van de opleiding hulpofficier van justitie en die het eerste deel van de proeve van bekwaamheid met goed gevolg hebben afgelegd, gedurende de tweede opleidingsfase, voor de duur van maximaal zes maanden en onder verantwoordelijkheid van een gecertificeerd hulpofficier van justitie.

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

8

De certificaten als bedoeld in artikel 1, onder b, afgegeven op het in artikel 7 genoemde besluit, behouden hun geldigheid tot drie jaren na de op het certificaat vermelde afgiftedatum.

Artikel

9

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot 1 september 2003.

Artikel

10

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling hulpofficieren van justitie 2003.

Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant en het Algemeen Politieblad worden geplaatst.

Den Haag
De Minister van JustitieJ.P.H.Donner