Verordening van het Productschap Vee en Vlees van 10 november 2004, houdende vaststelling van een bestemmingsheffing ten behoeve van het fonds voedselveiligheid vee- en vleessector voor het jaar 2005 (Verordening bestemmingsheffing fonds voedselveiligheid vee- en vleessector (PVV) 2005)

Verordening bestemmingsheffing fonds voedselveiligheid vee- en vleessector (PVV) 2005

Artikel

1

Deze verordening neemt de terminologie over van de Verordening houdende bepalingen betreffende het opleggen van heffingen bij de producenten van vee en vlees en registratie van vleesgrossiers PVV 2003 dan wel van de Verordening algemene bepalingen heffingen (PVV) 2005 zodra deze in werking is getreden, en verstaat voorts onder:

a. ondernemer

: degene, die een onderneming drijft waarvoor het productschap is ingesteld;

b. runderen

: runderen, huisdieren, van 1 jaar en ouder;

c. kalveren

: runderen, huisdieren, jonger dan 1 jaar;

d. varkens

: varkens, huisdieren, ongeacht hun leeftijd of gewicht;

e. schapen

: schapen, huisdieren, ongeacht hun leeftijd of gewicht;

f. geiten

: geiten, huisdieren, waarvan het levend gewicht gelijk is aan of hoger is dan 12 kg, dan wel het geslacht gewicht met kop gelijk is aan of hoger is dan 6,5 kg, dan wel het geslacht gewicht zonder kop gelijk is aan of hoger is dan 6,0 kg;

g. dieren

: runderen, kalveren, varkens, schapen en geiten;

h. vee-eenheid

: rekenfactor ter bepaling van de heffingsvrije voet, als bedoeld in artikel 2, tweede lid.

Artikel

2

Artikel

3

De heffing bedoeld in artikel 2, eerste lid, mag niet als zodanig worden doorberekend aan de leveranciers van slachtdieren.

Artikel

4

De Verordening houdende bepalingen betreffende het opleggen van heffingen bij de producenten van vee en vlees en registratie van vleesgrossiers PVV 2003, dan wel de Verordening algemene bepalingen heffingen (PVV) 2005 zodra deze in werking is getreden, is van toepassing.

Artikel

5

Zoetermeer
J.J. Ramekers voorzitter
S.B.M. Jongerius secretaris

Goedgekeurd door de Bestuurskamer van de Sociaal-Economische Raad bij besluit van 19 april 2005 en door de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit bij beschikking van 6 april 2005, nr. TRLJZ/2004/6060.