Artikel
1
Deze verordening neemt over de begripsbepalingen van de Verordening algemene bepalingen heffingen (PVV) 2005 en verstaat voorts onder:
|
a. |
lidstaat |
: |
lidstaat van de Europese Gemeenschap, niet zijnde Nederland; |
|
b. |
handelsverkeer |
: |
handelsverkeer tussen lidstaten in de zin van artikel 27, sub a, van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap; |
|
c. |
derde land |
: |
staat, niet zijnde een lidstaat; |
|
d. |
omzet |
: |
omzet behaald met de onderneming over het kalenderjaar dat voorafgaat aan het tijdvak waarover wordt geheven; |
|
e. |
onderneming in de vleesindustrie |
: |
1° slachterij, uitsnijderij of voorverpakker met een erkende inrichting als bedoeld in artikel 10 van Richtlijn 64/433/EEG van de Raad d.d. 26 juni 1 964 inzake gezondheidsvraagstukken op het gebied van het intracommunautaire handelsverkeer in vers vlees (Pb EG L121); |
|
2° inleenbedrijf, als bedoeld in artikel 1b, tweede lid, van de CAO Vleessector, dat diensten levert ten behoeve van de onder 1° bedoelde ondernemingen op het terrein van be- of verwerking van vlees; |
|||
|
f. |
werknemer |
: |
1° een ieder die werkzaam is in een onderneming als bedoeld in sub e, onder 1°, waaronder begrepen - een ieder die een arbeidsovereenkomst in de zin van het Burgerlijk Wetboek is aangegaan met de ondernemer die de onderneming in stand houdt; - alsmede diegene die als zelfstandige zonder personeel of als uitzendkracht werkzaam is in de onderneming; 2° een ieder die als inleenkracht werkzaamheden verricht in een onderneming als bedoeld in sub e, onder 1° en een arbeidsovereenkomst in de zin van het Burgerlijk Wetboek is aangegaan met een ondernemer die een inleenbedrijf als bedoeld in sub e, onder 2’, in stand houdt; |
|
g. |
f.t.e. |
: |
fulltime-equivalent van de werknemer waarbij de fulltime-equivalent gemiddeld 36 uur per week bedraagt. |