Nieuwe Regeling Stimuleringssubsidies

Het bestuur van het Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst,
Na goedkeuring van de Minister van OC&W bij brief van 7 maart 2005;

Besluit:

Hoofdstuk

I

Definities

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    het fonds: de Stichting Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst.

  • b.

    het bestuur: het bestuur van de Stichting Fonds voor beeldende kunsten, vormgeving en bouwkunst.

  • c.

    commissie: de commissie stimuleringssubsidies als bedoeld in het huishoudelijk reglement, artikel 10 en verder;

  • d.

    subcommissie: een subcommissie als bedoeld in het huishoudelijk reglement, artikel 19 en verder;

  • e.

    werkgroep: een werkgroep als bedoeld in het huishoudelijk reglement, artikel 28 en verder;

  • f.

    bevoegd adviesorgaan: commissie, subcommissie of werkgroep;

  • g.

    beeldende kunstenaar: degene, die professioneel werkzaam is binnen het kader van de beeldende kunsten en wel op één of meer van de volgende terreinen:

    • teken-, schilder- en grafische kunsten;

    • beeldhouwkunst;

    • niet-traditionele vormen van beeldende kunst;

    • fotografie;

    • audiovisuele media;

    • beeldende kunst-toepassingen;

    • ambachtelijke kunsten.

  • h.

    vormgever: degene, die professioneel werkzaam is binnen het kader van de vormgeving en wel op één of meer van de volgende terreinen:

    • keramiek;

    • textiel;

    • glas;

    • sieraden;

    • mode;

    • grafische vormgeving;

    • meubels;

    • industriële vormgeving;

    • illustraties;

    • theatervormgeving;

    • accessoires;

    • modefotografie.

  • i.

    beoefenaar van de bouwkunst: degene, die professioneel werkzaam is binnen het kader van de architectuur en wel op één of meer van de volgende terreinen:

    • stedenbouw;

    • architectuur;

    • interieur-architectuur;

    • tuin- en landschapsarchitectuur;

    • architectuurfotografie.

  • j.

    kunstenaar: beeldende kunstenaar, vormgever of beoefenaar van de bouwkunst.

  • k.

    startstipendium: een bijdrage aan het inkomen van een kunstenaar die aan het begin van zijn professionele loopbaan staat. Deze bijdrage wordt verleend voor twaalf maanden en heeft tot doel de aanvang van de professionele en artistieke ontwikkeling van de kunstenaar te bevorderen;

  • l.

    bijdrage werkbudget: een aan een kunstenaar verleende bijdrage in de kosten van de uitvoering van een artistiek werkplan, dat hetzij in de tijd begrensd is, hetzij leidt tot een concreet resultaat of beiden.

  • m.

    praktijksubsidie: een bijdrage aan het inkomen van een vormgever of beoefenaar van de bouwkunst als tegemoetkoming in de reguliere kosten, die in verband met de beroepspraktijk moeten worden gemaakt.

  • n.

    subsidie: startstipendium, bijdrage werkbudget, dan wel praktijksubsidie.

Hoofdstuk

II

Doel

Artikel

2

Hoofdstuk

III

Werkingssfeer

Artikel

3

Artikel

4

Hoofdstuk

IV

De subsidies

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Aan de verstrekking van de subsidie kan het bestuur nadere voorwaarden verbinden terzake van de uitvoering van het plan, de presentatie van de resultaten, de verslaglegging en de afrekening van de subsidie.

Artikel

8

Artikel

9

Artikel

10

Geen subsidie kan worden verstrekt aan rechtspersonen, aan leden van het bestuur noch aan leden en plaatsvervangende leden van de commissies of werkgroepen.

Artikel

11

Subsidie kan slechts worden verstrekt voorzover de daartoe bestemde middelen van het Fonds toereikend zijn.

Artikel

12

Bijdrages werkbudget

Hoofdstuk

V

Aanvraagprocedure

Artikel

13

Het bestuur maakt tenminste eenmaal per jaar informatie openbaar over de mogelijkheden voor kunstenaars tot het verkrijgen van een subsidie. Het bestuur vermeldt daarbij de voorwaarden, waaraan een aanvraag voor zo’n subsidie dient te voldoen.

Artikel

14

Artikel

15

Hoofdstuk

VI

Formele toetsing

Artikel

16

Hoofdstuk

VII

Inhoudelijke toetsing

Artikel

17

Het bestuur legt een aanvraag zo spoedig mogelijk ter advisering voor aan het hiertoe ingestelde adviesorgaan.

Het bestuur stelt daarbij een termijn vast waarbinnen het adviesorgaan haar oordeel over de ingediende aanvraag schriftelijk ter kennis dient te brengen. Deze termijn is niet langer dan twee maanden gerekend vanaf de ontvangstdatum van de aanvraag voor een subsidie.

Artikel

18

startstipendia

bijdrages werkbudget

praktijksubsidies

Hoofdstuk

VIII

Beslissing

Artikel

19

Hoofdstuk

IX

Beroep

Artikel

20

Tegen een beslissing op grond van artikel 19 of artikel 22 is bezwaar mogelijk op grond van artikel 95 van het huishoudelijk reglement.

Hoofdstuk

X

Verslaglegging en financiële verantwoording

Artikel

21

Hoofdstuk

XI

Slot- en overgangsbepalingen

Artikel

22

In gevallen waarin de wet, de statuten of dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur.

Artikel

23

Het bestuur kan, gehoord het bevoegd adviesorgaan, om zwaarwichtige redenen van dit reglement afwijken.

Artikel

24

Indien achteraf blijkt dat een aanvrager niet voldoet aan één van de voorschriften van deze regeling, kan het bestuur de toekenning intrekken en het eventueel bij voorschot uitbetaalde terugvorderen.

Artikel

25

Aan de toekenning van een stimuleringssubsidie kan het bestuur nadere voorschriften verbinden.

Artikel

26

Artikel

27

Deze regeling kan worden aangehaald als de nieuwe Regeling Stimuleringssubsidies en treedt in werking op 1 juni 2005.

Deze regeling zal worden gepubliceerd in de Staatscourant.