‘Selectielijst voor de neerslag van de handelingen van de Sociale Verzekeringsbank op het beleidsterrein Sociale Verzekeringen over de periode 1940–1997’, R&B/OSA/2002/577, Staatscourant 2002/85–87; gerectificeerd d.d. 27 mei 2003, Staatscourant 2003, nr. 101’ wordt ingetrokken voor zover het de handelingen van de Sociale Verzekeringsbank zelf betreft.
Artikel
3
Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap is belast met de uitvoering van dit besluit dat met de daarbij behorende selectielijst en toelichting in de Staatscourant zal worden geplaatst.
Den Haag
De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
WVC: Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur (Minister/Ministerie van)
Wvg: Wet voorzieningen gehandicapten
WW: Werkloosheidswet
WWV: Wet werkloosheidsvoorziening
zbo: zelfstandig bestuursorgaan
ZFR: Ziekenfondsraad
ZFW: Ziekenfondswet
ZW: Ziektewet
Inleiding
Het PIVOT-rapport Verstrekkende Zekerheid. Een tweede institutioneel onderzoek op het beleidsterrein sociale zekerheid ten aanzien van de sociale verzekeringen, (1940) 1997–2003 vormt de grondslag voor dit aanvullende basisselectiedocument (BSD). Dit tweede rapport institutioneel onderzoek (RIO) beschrijft de handelingen van de rijksoverheid op het deelterrein sociale verzekeringen van het beleidsterrein sociale zekerheid en geeft een overzicht van de actoren die zich op dit (deel)beleidsterrein bewegen. Het rapport is een vervolg op het eerste RIO op het gebied van de sociale zekerheid, periode 1940–1997.
Op het terrein van de sociale verzekeringen zijn een groot aantal overheidsorganen actief of actief geweest. Aan dit institutioneel onderzoek hebben dan ook verschillende van deze organen een bijdrage geleverd.
Bij de deelnemende organen is aan de hand van literatuur, archieven en interviews onderzoek gedaan naar hun taken en handelingen en die van hun voorgangers op het onderhavige beleidsterrein, hetgeen geleid heeft tot het genoemde rapport en dit BSD.
Het BSD is de verantwoording van het bewaar- en vernietigingsbeleid van archiefbescheiden door de organisatie, alsmede het wettelijk voorgeschreven instrument voor de selectie in de rijks- en provinciale archieven. In het BSD is aan iedere handeling een waardering gegeven voor bewaring of vernietiging van de bescheiden die betrekking hebben op die handeling.
Het BSD bestaat uit:
–
een korte beschrijving van het beleidsterrein en de actoren;
–
een verantwoording van de doelstelling van de selectie en de gehanteerde selectiecriteria;
–
de lijst van gewaardeerde handelingen, voorafgegaan door een toelichting op de lijst;
–
een lijst van afkortingen.
–
De verschillende deelnemers moeten het BSD ieder voor een deel vast te stellen en wel voor die handelingen waarbij zij of (een van) hun rechtsvoorganger(s) als actor genoemd wordt.
1. Verantwoording
Voor archiefbescheiden op het beleidsterrein sociale verzekeringen bestonden reeds vernietigingslijsten. Voor het ministerie gold de ‘Lijst van te vernietigen archiefbescheiden van het Directoraat-Generaal Sociale Zekerheid van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid’ (Stcrt. 1994, 72). Tevens is op 18 februari 2002 het eerste BSD ‘Sociale Verzekeringen’ vastgesteld. Door de omvang van het document is het in drie opeenvolgende Staatscouranten gepubliceerd, te weten: Stcrt. 2002, 85, 86 en 87. Later bleek echter dat in deze publicaties de waardering van enkele handelingen onjuist was weergegeven. In Stcrt. 2003, 101 is de selectielijst gerectificeerd.
Aan de hand van deze lijsten zijn in het verleden archiefbescheiden vernietigd.
Voor welke actoren geldt welke selectielijst?
Een aantal actoren op het beleidsterrein Sociale verzekeringen zijn in de loop der tijd opgegaan in andere actoren of opgeheven. In overleg met het Nationaal Archief is besloten om de nieuwe selectielijst alleen vast te stellen voor die actoren die wijzigingen in hun handelingen hebben doorgevoerd.
Dit betekent dat de eerste vaststelling (Stcrt. 2002, 85, 86 en 87) geldt voor de volgende actoren:
–
Sociale Verzekeringsraad
–
Raden van de Arbeid
–
Bedrijfsverenigingen
–
Gemeenschappelijke Medische Dienst
–
Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming
–
Sectorraden
–
Algemeen Werkloosheidsfonds
–
Arbeidsongeschiktheidsfonds
–
Algemeen Arbeidsongeschiktheidsfonds
–
Toeslagenfonds
–
Fonds Voorheffing Pensioenverzekeringen
Voor de volgende actoren geldt de tweede vaststelling:
–
Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
–
Inspectie Werk en Inkomen
–
College van toezicht sociale verzekeringen
–
Arbeidsinspectie
–
Minister van Financiën
–
Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
–
Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu
–
Minster van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties
–
Minister van Buitenlandse Zaken
–
Minister van Defensie
–
Minister van Verkeer en Waterstaat
–
Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
–
Minister voor Ontwikkelingssamenwerking
–
Vakminister
–
Sociale Verzekeringsbank
–
Landelijk instituut sociale verzekeringen
–
Commissie als bedoel in art. 37 Osv 1997
–
Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
–
Raad voor Werk en Inkomen
Vaststelling van de selectielijst tot en met 2003
Op 13 november 2003 (AZ/B&ADIV/2003/87201) is het geactualiseerde ontwerp-BSD over de periode (1940) 1997–2003 door de Secretaris-Generaal aan de Staatssecretaris van OCW aangeboden, waarna deze het ter advisering heeft ingediend bij de Raad voor Cultuur (RvC). Van het gevoerde driehoeksoverleg over de waarderingen van de handelingen is een verslag gemaakt, dat tegelijk met het ontwerp-BSD naar de RvC is verstuurd.
Tijdens het driehoeksoverleg op 27 april 2004 was namens het Koninklijk Nederlands Historisch Genootschap ook een deskundige op het beleidsterrein aanwezig. Van andere (historische) organisaties of individuele burgers is geen commentaar ontvangen. Vanaf 3 mei 2005 lag de selectielijst gedurende acht weken ter publieke inzage bij de registratiebalie van het Nationaal Archief evenals in de bibliotheken van de betrokken zorgdrager, het Ministerie van OC&W en de rijksarchieven in de provincie/regionaal historische centra, hetgeen was aangekondigd in de Staatscourant en in het Archievenblad.
Op 20 juli 2005 bracht de RvC advies uit (kenmerk arc-2005.02491/2) hetwelk aanleiding heeft gegeven tot enkele wijziging van de ontwerp-selectielijst.
–
De waardering van handeling 811 is gewijzigd in ‘B5 voor de eindproducten; V, 10 jaar voor de overige neerslag’.
–
De waardering van handeling 842 voor de actor Inspectie Werk en Inkomen is gewijzigd in ‘B3’.
–
De waardering van handeling 1133 is gewijzigd in ‘V, 7 jaar na beëindiging van de overeenkomst’.
–
De waardering van handeling 1197 is gewijzigd in ‘B5’.
Daarop werd het BSD Sociale Verzekeringen 1940–2003 door de Algemeen Rijksarchivaris, namens de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, en de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid [C/S&A/05/2046], van Buitenlandse Zaken [C/S&A/05/2037, van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties [C/S&A/05/2047, van Defensie [C/S&A/05/2038], van Financiën [C/S&A/05/2039], van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap [C/S&A/05/2040], van Verkeer en Waterstaat [C/S&A/05/2043], van Volksgezondheid, Welzijn en Sport [C/S&A/05/2044] en van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer [C/S&A/05/2045], het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen [C/S&A/05/2041], de Sociale Verzekeringsbank [C/S&A/05/2048] en de Raad voor Werk en Inkomen [C/S&A/05/2042] vastgesteld.
2. Hoofdlijnen van het handelen van de overheid op het beleidsterrein sociale zekerheid en sociale verzekeringen
Het onderwerp van dit basisselectiedocument vormt een deel van het beleidsterrein sociale zekerheid. Dit beleidsterrein heeft betrekking op de overheidstaken in het kader van het recht op het gebied van de publieke sociale zekerheid, met als doel het bieden van inkomensbescherming. Hiermee wordt een belangrijke rechtsplicht van de overheid ‘het bieden van financiële bestaanszekerheid aan een ieder’ vormgegeven. In 1983 is deze overheidstaak geformaliseerd in art. 20 lid 2 en 3 van de Grondwet.
De doelstelling, zoals hierboven omschreven wordt langs verschillende wegen gerealiseerd, enerzijds lenigt de overheid – door het verstrekken en aanvullen van inkomens – (directe) financiële nood. Anderzijds tracht de overheid door middel van het ontwikkelen van beleid gericht op het voorkomen van het verlies van inkomen (preventie) en het reïntegreren van arbeidsongeschikten en werklozen in het arbeidsproces, het beroep wat gedaan wordt op het stelsel van inkomensbescherming terug te dringen.
Van oudsher wordt in de sociale zekerheid op grond van het verschil in de mate van overheidsbemoeienis en de financieringsbron, een onderscheid gemaakt tussen sociale verzekeringen en sociale voorzieningen. Sociale verzekeringen (inkomensdervingregelingen) verzekeren de financiële gevolgen wanneer men als gevolg van ziekte, ouderdom of arbeidsongeschiktheid niet (meer) aan het arbeidsproces deelneemt en worden bekostigd uit premiebijdragen van werkgevers, werknemers en ingezetenen. Sociale voorzieningen (minimumbehoeftenregelingen) zijn bedoeld om wanneer in een bepaalde situatie de middelen van bestaan onvoldoende zijn, het inkomensniveau aan te vullen tot het ‘sociaal minimum’.1 Regelingen die vergoedingen verstrekken voor specifieke kosten zoals de Wet voorzieningen gehandicapten en de Algemene Kinderbijslagwet kunnen niet behulp van deze definities worden omschreven. De Wvg maakt onderdeel uit van de sociale voorzieningen, de AKW valt onder de sociale verzekeringen. Deze voorzieningen worden betaald uit de ‘algemene middelen’ (opbrengsten van de verschillende belastingen). Laatstgenoemd onderdeel is aan de orde gekomen in het BSD Sociale Voorzieningen. De sociale verzekeringen worden in dit BSD behandeld.
Kenmerkend voor de sociale verzekeringen is het sociale- en het verzekeringsaspect. Het sociale aspect had in de aanvang de betekenis van hulp aan economische zwakkeren. De eerste sociale verzekeringen (de Ongevallenwet, de Invaliditeitswet en de Ziektewet) verzekerden werknemers en vooral de economisch zwakkeren onder hen. Later vond uitbreiding plaats tot alle werknemers en zelfs tot de gehele bevolking. De sociale verzekeringen raken niet alleen de persoonlijke belangen van de verzekerden maar ook het algemeen belang. Kenmerkende verschillen met de particuliere verzekeringen zijn het wettelijke en het verplichte karakter. Voor wat betreft het verzekeringsaspect is het volgende van belang. De verzekerde verzekert zich uit voorzorg tegen de gevolgen van bepaalde risico’s en moet voldoen aan zijn plicht om premie te betalen, de verzekeraar vergoedt schade of verstrekt een uitkering wanneer de verzekerde calamiteit plaatsvindt. Risico’s worden op deze manier gespreid over de vele premieplichtigen. De sociale verzekering biedt een planmatige voorzorg tegen bepaalde risico’s terwijl de opbrenging der middelen door premieplichtigen steunt op een vooraf – in de regel bij of krachtens wet – vastgestelde rekenkundige grondslag. Daarnaast worden een aantal regelingen gefinancierd met algemene middelen. Uitkeringen worden bekostigd via premie geheven door de uitvoeringsinstellingen en de Rijksbelastingdienst.2C.A. de Kam e.a., Kluwerschets van de leer van de sociale zekerheid, Deventer 1989, p. 38, 46, 50–51.
Er wordt inkomensbescherming geboden, gericht op risico’s zoals arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, ouderdom, overlijden, tegemoetkoming in de kosten van het verzorgen en onderhouden van kinderen, ziekte en gebrek en behoeftigheid.
Sociale verzekeringen worden onderscheiden in volksverzekeringen en werknemersverzekeringen. Die verschillen zijn toegespitst op de personele werkingssfeer, het uitkeringsniveau, de financiering en de uitvoering van de verzekeringen. Iedereen die in Nederland woont of op een of andere manier betrokken is bij het Nederlandse arbeidsproces, wordt tot de doelgroep van de volksverzekeringen gerekend. Werknemersverzekeringen daarentegen zijn bestemd voor een specifieke categorie van personen, namelijk degenen die in Nederland een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke dienstbetrekking vervullen. Het uitkeringsniveau is per verzekering verschillend.
De centrale overheid is met name betrokken bij het voorbereiden en vastleggen van wet- en regelgeving, waarin onderdelen als het recht op uitkering en de uitvoering zijn neergelegd. De uitvoering is in handen van organen die een zekere zelfstandigheid innemen ten opzichte van de rijksoverheid, ook al voeren zij een overheidstaak uit. Voor de werknemersverzekeringen zijn dit het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen en het Centrale Orgaan voor Werk en Inkomen. Voor de volksverzekeringen is dit de Sociale Verzekeringsbank. De toezichthoudende instantie is sinds 1 januari 2002 de Inspectie Werk en Inkomen, daarvoor werd toezicht gehouden door het College van toezicht sociale verzekeringen (1995–2001).
Ook de overheidsbemoeienis met de aanvullende pensioenen wordt tot de sociale zekerheid gerekend. De voornaamste taken in deze zijn de regelgeving en het toezicht. Op dit deelterrein zijn als belangrijkste wetten tot stand gekomen de Pensioen- en spaarfondsenwet (PSW, 1952), de Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds (Wet Bpf 2000, 2000) en de Wet betreffende verplichte deelneming aan een beroepspensioenregeling (Wet Bpr, 1972). Het toezichthoudende orgaan is per 1 januari 2001 de Pensioen- en Verzekeringskamer, gevestigd in Apeldoorn.
3. Actoren
Een actor is een overheidsorgaan, een particuliere instelling of een persoon die een rol speelt op een beleidsterrein. In het kader van het institutioneel onderzoek zijn met name die actoren van belang die overheidsorgaan zijn en handelingen verrichten op het terrein van de sociale voorzieningen. In het BSD zijn alleen handelingen opgenomen van (landelijke) overheids-actoren.
Als eerste dient genoemd te worden de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, die verantwoordelijk is voor de totstandkoming van het beleid en de wet- en regelgeving ten aanzien van de sociale verzekeringen en de aanvullende pensioenregelingen. Het betreft zowel de inhoudelijke (voorwaarden en prestaties) als de organisatorische kant (financiering en uitvoering) van het beleid. Ook de internationale afstemming van het sociale zekerheidsbeleid behoort tot zijn taken. Voor de sociale ziektekostenverzekeringen, te weten de Ziekenfondswet en de AWBZ moet echter een voorbehoud gemaakt worden; voor deze verzekeringen is de minister waaronder Volksgezondheid ressorteert verantwoordelijk (nu is dat de Minister van VWS). Deze sociale verzekeringen zijn in dit onderzoek niet aan de orde geweest omdat zij reeds eerder onderzocht zijn.3Verzekerd van Zorg, PIVOT-rapport nr. 7; in dat onderzoek is geen aandacht besteed aan de internationale aspecten van die verzekeringen. Zij zijn in dit onderzoek meegenomen, internationaal worden de sociale verzekeringen ook als een beleidsterrein behandeld. Een andere minister die nauw bij het beleidsterrein betrokken is, is de Minister van Financiën, vanwege de premieheffing voor de volksverzekeringen door de Belastingdienst en het beheer van de fondsen.
Als adviesorgaan op dit beleidsterrein dient de Sociaal-Economische Raad genoemd te worden. Over de uitvoering wordt door de diverse uitvoeringsorganen geadviseerd (SVB, Lisv/UWV, CWI, Pensioen- en Verzekeringskamer). Voor een bepaald onderwerp of aspect is een aantal keer een aparte commissie in het leven geroepen, bijvoorbeeld de Commissie Onderzoek Sociale Zekerheid (COSZ) of de Staatscommissie vereenvoudiging en codificatie van de sociale zekerheidswetgeving.
De belangrijkste uitvoerende organen zijn nu de Sociale Verzekeringsbank, het Landelijk instituut sociale verzekeringen/het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen en het Centrale Orgaan voor Werk en Inkomen. De Sociale Verzekeringsbank voert met name de volksverzekeringen (AOW, AWW/Anw en AKW) uit. Het Lisv/UWV en het CWI voeren de werknemersverzekeringen (WW en WAO) uit.
Op de uitvoering van de sociale verzekeringen werd en wordt toezicht gehouden door speciaal daartoe in het leven geroepen overheidsorganen. Met de inwerkintreding van de nOsv in 1995 werd de SVr omgevormd tot het College van toezicht sociale verzekeringen (Ctsv). Ctsv is in januari 2002 samen met de directie Toezicht van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid opgegaan in de Inspectie Werk en Inkomen.
De Pensioen- en Verzekeringskamer (PVK) is het toezichthoudende orgaan voor het deelterrein aanvullende pensioenregelingen. De PVK houdt toezicht op de uitvoering door pensioen- en spaarfondsen van de Pensioen- en spaarfondsenwet (PSW), de Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Wet Bpf 2000) en de Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Wet Bpr).
Voor een uitgebreidere beschrijving van de actoren, zowel de overheidsorganen als de niet-overheidsorganen kan verwezen worden naar hoofdstuk 2 van het RIO.
4. Selectie
4.1. Doelstelling van de selectie
De selectie richt zich op de archiefbescheiden van overheidsorganen op rijks- en provinciaal niveau, die vallen onder de werking van de artikelen 1, 23, 27 en 41 van de Archiefwet 1995 (Stb. 1995, 276). Het begrip overheidsorgaan wordt in artikel 1 van de Archiefwet 1995 gedefinieerd als:
a.
een orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, en
b.
een ander persoon of college met openbaar gezag bekleed.
Het begrip archiefbescheiden betreft alle neerslag van de omschreven handelingen, of het nu papier of een digitaal gegevensbestand betreft, of het zich nu in een archief, bibliotheek, op een afdeling automatisering of bij beleidsambtenaren bevindt.
De hoofddoelstelling van de selectie is een onderscheid te maken tussen enerzijds archiefbescheiden die in aanmerking komen voor bewaring en overbrenging naar het Nationaal Archief of een Rijksarchief in de provincie en anderzijds archiefbescheiden die (op termijn) voor vernietiging in aanmerking komen. De beslissing of neerslag van een handeling wel of niet voor bewaring in aanmerking komt, wordt genomen tegen de achtergrond van de selectiedoelstelling van de Rijksarchiefdienst/PIVOT, zoals de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur die bij de behandeling van de nieuwe archiefwet in de Tweede Kamer (13 april 1994) heeft gemeld en die luidt: ‘het mogelijk maken van de reconstructie van het overheidshandelen op hoofdlijnen’. Door het Convent van Rijksarchivarissen is deze doelstelling vertaald als: ‘het selecteren van handelingen van de overheid om bronnen voor de kennis van de Nederlandse samenleving en cultuur veilig te stellen voor blijvende bewaring’.
De handelingen van de verschillende organen (‘actoren’) worden geselecteerd op hun bijdrage aan de realisering van de selectiedoelstelling. Bij de selectie is dus de vraag aan de orde welke gegevensbestanden, behorende bij welke handeling, berustende bij welke actor, bewaard dienen te worden ten einde het handelen van de rijks- en provinciale overheid met betrekking tot de sociale verzekeringen op hoofdlijnen te kunnen reconstrueren.
In dit RIO/BSD wordt deze selectiedoelstelling uitgewerkt binnen het (deel)beleidsterrein sociale verzekeringen.
4.2. Selectiecriteria
Bij de selectie van handelingen is door PIVOT een aantal criteria onderscheiden dat op elk beleidsterrein of onderdeel van een terrein van toepassing is. Daarnaast is het mogelijk dat er specifieke criteria geformuleerd worden voor het desbetreffende beleidsterrein. De criteria, die in deze selectielijst zijn toegepast, worden in het navolgende schema weergegeven. Voor het beleidsterrein sociale verzekeringen is het formuleren van specifieke criteria niet nodig gebleken.
De selectiecriteria zijn positief geformuleerd, dat wil zeggen dat zij aangegeven van welke handelingen de neerslag na het verstrijken van de wettelijke overbrengingstermijn van 20 jaar naar een Rijksarchief dient te worden overgebracht. Handelingen die aan één van de criteria voldoen, zijn met een B (van bewaren) gewaardeerd met vermelding van het desbetreffende criterium. Handelingen die niet aan één van de criteria voldoen zijn met een V gewaardeerd, met vermelding van de minimale termijn, dat de archiefbescheiden door het orgaan, dat met de zorg ervoor belast is, bewaard moeten worden. De documentaire neerslag die uit deze handelingen voortvloeit, is niet noodzakelijk voor de reconstructie van het overheidsbeleid op hoofdlijnen.
De V staat voor vernietigen; de neerslag van de met een V gewaardeerde handelingen kan na de voorgeschreven termijn vernietigd worden.
Ingevolge artikel 5, onder e, van het Archiefbesluit 1995 kan neerslag van bepaalde, als te vernietigen gewaardeerde handelingen betreffende personen en/of gebeurtenissen van bijzonder cultureel of maatschappelijk belang, van vernietiging worden uitgezonderd.
Algemene selectiecriteria
1. Handelingen die betrekking hebben op voorbereiding en bepaling van beleid op hoofdlijnen
Toelichting: Hieronder wordt verstaan agendavorming, het analyseren van informatie, het formuleren van adviezen met het oog op toekomstig beleid, het ontwerpen van beleid of het plannen van dat beleid, alsmede het nemen van beslissingen over de inhoud van beleid en terugkoppeling van beleid. Dit omvat het kiezen en specificeren van de doeleinden en de instrumenten.
2. Handelingen die betrekking hebben op evaluatie van beleid op hoofdlijnen
Toelichting: Hieronder wordt verstaan het beschrijven en beoordelen van de inhoud, het proces of de effecten van beleid. Hieronder valt ook het toetsen van en het toezien op beleid. Hieruit worden niet per se consequenties getrokken zoals bij terugkoppeling van beleid.
3. Handelingen die betrekking hebben op verantwoording van beleid op hoofdlijnen aan andere actoren
Toelichting: Hieronder valt tevens het uitbrengen van verslag over beleid op hoofdlijnen aan andere actoren of ter publicatie.
4. Handelingen die betrekking hebben op (her)inrichting van organisaties belast met beleid op hoofdlijnen
Toelichting: Hieronder wordt verstaan het instellen, wijzigen of opheffen van organen, organisaties of onderdelen daarvan.
5. Handelingen die bepalend zijn voor de wijze waarop beleidsuitvoering op hoofdlijnen plaatsvindt
Toelichting: Onder beleidsuitvoering wordt verstaan het toepassen van instrumenten om de gekozen doeleinden te bereiken.
6. Handelingen die betrekking hebben op beleidsuitvoering op hoofdlijnen en direct zijn gerelateerd aan of direct voortvloeien uit voor het Koninkrijk der Nederlanden bijzondere tijdsomstandigheden en incidenten
Toelichting: Bijvoorbeeld in het geval de ministeriële verantwoordelijkheid is opgeheven en/of wanneer er sprake is van oorlogstoestand, staat van beleg of toepassing van noodwetgeving.
5. Selectielijst
In deze selectielijst zijn de handelingen uit het rapport ‘Verstrekkende zekerheid, deel 2’ geordend per actor, te beginnen bij de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de voornaamste actor op dit beleidsterrein. Vanwege de ordening per actor zijn handelingen die volgens het rapport door meer dan één actor worden uitgevoerd in dit BSD meerdere keren opgenomen. Het BSD bevat dus meer items dan het rapport. De actoren zijn geordend aan de hand van hoofdstuk II van het RIO ‘Verstrekkende zekerheid, deel 2’.
In het RIO deel 2 is uitgegaan van alle nieuwe en nog lopende handelingen vanaf 1997. Alle reeds afgesloten handelingen zijn verwijderd. Dit is niet op dit BSD van toepassing. Alle handelingen van de betrokken actoren – ook welke reeds afgesloten zijn – zijn in dit BSD opgenomen. Hiervoor is gekozen, zodat de betrokken actoren met slechts één geldend BSD te maken hebben. Voor de overige actoren die niet deelnemen aan deze actualisatie blijft het oude, vastgestelde BSd gelden.
De gegevensblokken van het RIO zijn in het BSD overgenomen, ook de nummering van het RIO is in het BSD gehandhaafd. Deze doorlopende nummering in het RIO wordt dus een verspringende nummering in het BSD, vanwege de andere wijze van ordenen (namelijk per actor). Het uitgangspunt is geweest dat er een directe relatie moet worden gehandhaafd tussen het RIO en het BSD. In het nieuwe BSD is ervoor gekozen om de nieuwe handelingen op dezelfde plaats te handhaven als in het RIO. De nieuwe handelingen zijn hierdoor niet achter de laatste reeds bestaande handeling van een actor geplaatst, maar achter de handeling waar zij in het RIO ook staan. Hierdoor is het mogelijk dat handelingnummers van dezelfde actor niet meer opeenvolgend zijn.
Aan het nummer of de periode is niet te zien of de handeling tegelijkertijd, voorafgaand of opvolgend ook door een andere actor is uitgevoerd. Hiervoor dient men het RIO te raadplegen. De grondslag, de periode, het product en de opmerking zijn in het BSD zo veel mogelijk aangepast aan de actor die het betreft. Dat wil zeggen dat van een handeling waarbij in het RIO verschillende actoren staan vermeld, per actor in het BSD alleen die gegevens zijn overgenomen die op die actor van toepassing zijn.
In de gegevensblokken is het onderdeel ‘actor’ weggelaten; de naam van de actor is steeds terug te vinden in de kop van de pagina. De naam van de actor is dezelfde als die in het RIO, zie verder hoofdstuk 2 van het RIO. Bij de ‘grote’ actoren is de (sub)indeling (incl. paragraafnummer) van het RIO overgenomen om enige ordening in de handelingen aan te brengen.
Bij het product wordt steeds het eindproduct van een handeling genoemd, waarbij als bekend wordt verondersteld dat de neerslag van het gehele proces dat geleid heeft tot dat eindproduct bewaard dient te blijven of voor vernietiging in aanmerking komt. Ook in gevallen waarbij geen eindproduct tot stand is gekomen, wordt de neerslag van de voorbereiding daartoe tot de handeling gerekend en dient deze overeenkomstig deze lijst bewaard of vernietigd te worden.
Door middel van de plaatsing van de letters B en V wordt een waardering gegeven voor het ‘Bewaren’ of ‘Vernietigen’ van de neerslag van die handeling. Bij de handelingen die met een B gewaardeerd zijn, wordt het selectiecriterium uit het schema van § 4.2 genoemd dat tot dat voorstel geleid heeft.
Bij handelingen die met een V gewaardeerd zijn, wordt de termijn gegeven, waarna vernietiging kan plaatsvinden. Deze termijnen zijn ingevuld op grond van informatie uit bestaande vernietigingslijsten (zie § 1) en gesprekken met vertegenwoordigers van het juridische en administratieve belang bij de verschillende zorgdragers.
Als ruwe richtlijn zijn de volgende bewaartermijnen gehanteerd:
–
3 jaar voor het verstrekken/verzamelen/bewerken van eenvoudige informatie (niet in relatie tot een beschikkende handeling of activiteit);
–
3 jaar voor het adviseren op uitvoerend (beschikkend) niveau4Advisering over beleid of regelgeving komt in principe voor bewaring in aanmerking.;
–
5 jaar voor uitvoerende handelingen die een beschikking (kunnen) opleveren;
–
7 jaar voor handelingen die te maken hebben met uitspraken in geschillen (bij de rechterlijke macht, in administratief beroep of bij arbitrage);
–
7 jaar voor handelingen die te maken hebben met financiële verantwoording (overeenkomstig bepalingen in de Algemene Wet Rijksbelastingen en het Burgerlijk Wetboek).
Met uitzondering van de handelingen die betrekking hebben op de directe uitkeringverlening, is voor handelingen die met een V gewaardeerd zijn, de periode waarvoor deze selectielijst geldt gesteld op 1945–2003. Door middel van haakjes kan worden aangegeven dat een handeling ook in de voorafgaande periode werd uitgevoerd, bijvoorbeeld: periode: (1940) 1945–1963
De archiefbescheiden die betrekking hebben op de periode 1940–1945 worden op een andere wijze behandeld. Deze komen in eerste instantie voor bewaring in aanmerking op grond van algemeen selectiecriterium 6, als zijnde de neerslag van uitvoerende handelingen die direct gerelateerd zijn aan bijzondere omstandigheden i.c. de Tweede Wereldoorlog. Zij worden derhalve overgebracht naar de Rijksarchiefdienst. De Rijksarchiefdienst kan na nader onderzoek de archiefbescheiden die niet voldoen aan criterium 6 (die dus geen directe relatie hebben met de bijzondere omstandigheden van de Tweede Wereldoorlog) nà machtiging van de oorspronkelijke zorgdrager op grond van artikel 6 van de Archiefwet 1995 alsnog vernietigen.
De in de lijst genoemde termijnen worden voor wat de zaaksgewijs geordende archiefbescheiden betreft, geacht in te gaan op de eerste dag na beëindiging van de zaak waartoe de bescheiden behoren. In het geval dat tegen een beslissing beroep wordt aangetekend, wordt de zaak geacht geëindigd te zijn op het moment dat de (hoger) beroepszaak is geëindigd.
In deze lijst zijn de handelingen van het Centrale Orgaan voor Werk en Inkomen niet opgenomen. Door deze actor wordt voor de periode 2001–heden een eigen selectielijst ingediend. Handelingen met betrekking tot het CWI waar de minister actor van is, zijn wel in dit BSD opgenomen.
De lijst heeft geen betrekking op archiefbescheiden inzake de interne-beheer-taken van de ministers. Zij dienen daarvoor een aparte lijst te maken.
5.1. Beleidsvormende organen
Actor: Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Algemene handelingen
(1)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van beleid betreffende de sociale verzekeringen.
Grondslag: o.a. Grondwet (Stb. 1983, 22) art. 20 eerste lid
Handeling: Het leveren van bijdragen aan de totstandkoming van het nationale beleid van andere ministers, voor zover dit (mede) betrekking heeft op de sociale verzekeringen.
Handeling: Het voorbereiden van het overleg met en informeren van leden of commissies uit de Kamers van de Staten-Generaal, voor zover het de sociale verzekeringen betreft.
Periode: 1945–
Product: antwoord op kamervragen, brief aan de Staten-Generaal etc.
Waardering: B 3
(4)
Handeling: Het vaststellen van de opdracht en het eindproduct van (wetenschappelijk) onderzoek en het vaststellen van onderzoeksrapporten over de sociale verzekeringen.
Handeling: Het voorbereiden en begeleiden van extern (wetenschappelijk) onderzoek op het gebied van de sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Product: nota’s, notities
Waardering: V 7 jaar
(973)
Handeling: Het verzamelen en bewerken van gegevens ten behoeve van (wetenschappelijk) onderzoek op het gebied van de sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Product:
Waardering: V 3 jaar
(974)
Handeling: Het financieren van (wetenschappelijk) onderzoek op het gebied van de sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Product: rekeningen, declaraties
Waardering: V 7 jaar
(8)
Handeling: Het voeren van overleg met vakministers en vertegenwoordigers van uitvoeringsorganen over aangelegenheden betreffende de sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Product: verslag, notulen, akkoord
Opmerking: Met uitvoeringsorganisaties wordt o.a. bedoeld: het College van toezicht sociale verzekeringen, Lisv en het UWV.
Waardering: B 1
(10)
Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van wetgeving inzake sociale verzekeringen
Grondslag: o.a. Grondwet (Stb. 1983, 22) art. 20 tweede lid
Periode: 1945–
Product: wetten, onder andere:
Hierna worden de voornaamste materiewetten genoemd:
ten aanzien van arbeidsongeschiktheid
– Ziektewet (Stb. 1913, 204)
– Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84)
Handeling: Het leveren van bijdragen aan de totstandkoming van wet- en regelgeving op het terrein van de ziektekostenverzekering waarvoor de Minister van Volksgezondheid de eerst-verantwoordelijke minister is.
Opmerking: Tot deze handeling wordt ook gerekend het uitbrengen van verslag aan de Staten-Generaal over de doelmatigheid en effecten van een wet een x-aantal jaar na inwerkingtreding van de wet.
Waardering: B 2
(975)
Handeling: Het vaststellen van regels die afwijken van de regels die in de Wet SUWI genoemd worden.
Product: Wijziging Regeling SUWI en enige andere regelingen (Stcrt. 2002, 66)
Periode: 2002–
Grondslag: Invoeringswet SUWI (Stb. 2001, 625) art. 127, eerste en derde lid
Waardering: B 1
(17)
Handeling: Het (bij K.b.) instellen van landelijke commissies voor advisering over het beleid en wet- en regelgeving ten aanzien van sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Product: Koninklijk besluit/beschikking, onder andere:
– Koninklijk besluit van 28 februari 1969, nr. 27 (Stcrt. 1969, 45) inzake instelling Staatscommissie vereenvoudiging en codificatie sociale-zekerheidswetgeving
Handeling: Het deelnemen aan het bestuur van privaatrechtelijke instellingen op het gebied van de sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Product: bestuurs(lidmaatschaps)archief
Waardering: B 5
(31)
Handeling: Het oprichten en in stand houden van privaatrechtelijke instellingen op het gebied van de sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Product: oprichtingsakte, statuten, verslaglegging naar de oprichters bijv. jaarverslagen
Waardering: B 4
(33)
Handeling: Het verlenen van subsidies aan instellingen die een adviserende of uitvoerende taak hebben op het terrein van de sociale verzekeringen.
Bron: Rijksbegrotingen
Periode: 1945–
Product: beschikking, toekenningsbrief
Waardering: B 5 beschikking/toekenningsbrief
V financiële afhandeling van de subsidieverlening wordt niet bewaard: 5 jaar
Internationale aspecten
(35)
Handeling: Het (mede) voorbereiden en vaststellen van het beleid met betrekking tot internationale aspecten van de sociale zekerheid.
Periode: 1945–
Product: beleidsnota, beleidsplan
Waardering: B 1
(36)
Handeling: Het voorbereiden van, deelnemen aan en rapporteren over vergaderingen van overleg- en bestuursorganen van internationale organisaties inzake sociale zekerheid.
Periode: 1945–
Product: verslagen, notulen, notities, rapporten
Opmerking: Voorbeelden van bedoelde internationale organisaties zijn de International Labour Organisation (ILO), de Raad van Europa (RvE), de Europese Unie (EU), de Verenigde Naties (VN), de Benelux en de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).
Waardering: B 1
(37)
Handeling: Het aanwijzen van regeringsvertegenwoordigers in de Administratieve Commissie en het Raadgevend Comité van de Europese Unie.
Grondslag: Verordening inzake de sociale zekerheid van migrerende werknemers, nr. 3/58 (PB EG 1958, 30) art. 44; Verordening van de Raad (EU) betreffende de toepassing van de sociale zekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen, nr. 1408/71 (PB EG 1971, L 149) art. 80 eerste lid en 82 eerste lid
Periode: 1958–
Product: aanwijzingsbesluit
Waardering: V 5 jaar na beëindiging aanwijzing
(39)
Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van (bilaterale en multilaterale) verdragen en bijbehorende akkoorden met andere mogendheden inzake sociale zekerheid.
– Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Nieuw Zeeland (Stb. 2003, 80)
Waardering: B 1
(40)
Handeling: Het leveren van bijdragen aan de totstandkoming van multilaterale verdragen met administratieve akkoorden (ILO, Raad van Europa, VN) of verordeningen en regelingen (EU) van internationale organisaties inzake sociale zekerheid
Periode: 1945–
Product: verdragen, administratieve akkoorden
Opmerking: Hieronder worden ook verstaan de bijdragen aan de besluiten van de Administratieve Commissie van de EU.
Waardering: B 1
(44)
Handeling: Het (beleidsmatig) beoordelen van mogelijke interventies in zaken die voorkomen bij internationale hoven.
Grondslag: o.a. Protocol betreffende het Statuut van het Hof van Justitie, art. 20
Periode: 1958–
Product: rapport/nota, ministerraadformulier
Opmerking: Met internationale hoven wordt o.a. bedoeld: het Hof van Justitie te Luxemburg, het Europese Hof voor de Rechten van de Mens te Straatsburg en de Commissie Rechten van de Mens van de VN.
Waardering: B 1
(45)
Handeling: Het deelnemen aan (technische) commissies die nadere uitvoeringsregels stellen of toezien op de goede uitvoering van een verdrag.
Grondslag: (Administratieve) Akkoorden ter uitvoering van verdragen; Verdrag betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden, gesloten te Genève op 27 juli 1950 (Trb. 1953, nr. 76) art. 24
Opmerking: Er zijn onder andere verscheidene Nederlands-Belgische Technische Commissies, bijvoorbeeld voor de geneeskundige verzorging en voor de uitkeringen en een Nederlands-Franse Technische Commissie. De Verdragen betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden voorzien in de instelling van het Administratief Centrum, waaraan deelgenomen wordt door regeringsvertegenwoordigers en vertegenwoordigers van de werkgevers en de Rijnvarenden uit elk van de verdragsluitende staten.
Waardering: B 1
(46)
Handeling: Het implementeren of rapporteren over de implementatie van internationale regels in bestaande of nieuwe wet- en regelgeving op nationaal niveau.
Grondslag: o.a. Statuut van de ILO art. 22; Verdragen van de ILO, bijv. Verdrag betreffende minimumnormen van sociale zekerheid (Verdrag nr. 102) (Trb. 1953, 69) art. 76; Europese Code inzake sociale zekerheid (Trb. 1965, 47) art. 74 en 76; EG-richtlijnen; Wet van 21 juni 2001 tot wijziging van de Pensioen- en spaarfondsenwet en enige andere wetten ter uitvoering van richting nr. 98/49/EG van de Raad van de Europese Unie van 29 juni 1998 betreffende de bescherming van de rechten op aanvullendpensioen van werknemers en zelfstandigen die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen;
Periode: 1945–
Product: rapport
Waardering: B 3
(47)
Handeling: Het geven van aanwijzingen aan uitvoeringsorganen inzake de toepassing van internationale verdragen of verordeningen.
Periode: 1945–
Product: circulaires, correspondentie
Waardering: B 5
(48)
Handeling: Het aansturen van sociaal attachés.
Bron: interview W.L.G. Franssen
Periode: 1945–1993
Product: aanstelling, instructies
Opmerking: In enkele landen (Marokko, Turkije, Zuid-Afrika, Suriname en Spanje) zijn bij de Nederlandse ambassades attachés aangesteld die ter plaatse taken vervullen op het gebied van de uitvoering van sociale verzekeringen. Na de scheiding van beleid en uitvoering bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is de aansturing van deze attachés overgenomen door de Sociale Verzekeringsbank. Andere uitvoeringsorganen kunnen gebruik maken de diensten van de attachés.
Waardering: B 4 & 5
(49)
Handeling: Het aangaan van overeenkomsten met andere EU-lidstaten inzake het niet vergoeden van verstrekte (werkloosheids)uitkeringen.
Grondslag: Verordening inzake de sociale zekerheid van migrerende werknemers, nr. 3/58 (PB EG 1958, 30) art. 23, 29, 38; Toepassingverordening 4/58 (PB EG 1958, 30); Verordening van de Raad (EU) betreffende de toepassing van de sociale zekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen, nr. 1408/71 (PB EG 1971, L 149) art. 70 derde lid; Verordening van de Raad (EU) tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening nr. 1408/71, nr. 574/72 (PB EG 1972, L 74) art. 93–105
Periode: 1958–
Product: overeenkomst
Waardering: B 1
(52)
Handeling: Het verlenen van medewerking aan invorderingsprocedures van uitvoeringsorganen in het buitenland.
Bron: Archief Ministerie van SZW, afdeling SV/GSV; Verordening van de Raad (EU) betreffende de toepassing van de sociale zekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen, nr. 1408/71 (PB EG 1971, L 149) art. 92; bilaterale verdragen
Periode: 1957–
Product: correspondentie
Opmerking: In principe dient de vergoeding en inning van premies en uitkeringen aan buitenlandse instellingen door de uitvoeringsorganen zelf geregeld te worden. In geval van wanbetaling wordt de hulp van de minister ingeroepen.
Waardering: V 10 jaar na het laatste stuk
(53)
Handeling: Het verstrekken van detacheringsbewijzen op verzoek van een werknemer of zijn werkgever of een zelfstandige en het ten behoeve van detacheringsbewijzen (voor Nederlanders en buitenlanders) sluiten van overeenkomsten met buitenlandse autoriteiten of instellingen.
Grondslag: o.a.: Verordening (EEG) 3/58 met toepassingverordening 4/58 (PB EG 1958, 30); Verordening van de Raad (EEG) betreffende de toepassing van de sociale zekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen, nr. 1408/71 (PB EG 1971, L 149) art. 14–14ter en 17; Verordening van de Raad (EEG) tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening nr. 1408/71, nr. 574/72 (PB EG 1972, L 74) art. 11, 11bis en 13; bi- en multilaterale verdragen; Besluit internationale taken SVB (Stcrt. 1995, 197) art. 1 en 2
Periode: 1959–ca. 1990
Product: beschikking, overeenkomst
Opmerking: Onder detacheringsbewijs wordt verstaan: een verklaring dat een werknemer of een zelfstandige aan Nederlandse sociale zekerheidsregelingen onderworpen blijft bij detachering in het buitenland.
Waardering: V 5 jaar na afsluiting van de handeling
(54)
Handeling: Het afgeven van verklaringen voor diplomatiek en consulair personeel.
Grondslag: bi- en multilaterale verdragen
Periode: 1945–
Product: verklaring
Waardering: V 5 jaar na bereiken van de 65-jarige leeftijd of overlijden
Ongevallenwetten
(56)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van vrijwillige verzekering voor bedrijfsongevallen.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 87; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 99 en 100
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluiten van 20 augustus 1928 (Stb. 1928, 337 en 338)
Waardering: B 1
(57)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van nadere regels voor de uitvoering van de Zeeongevallenwet 1919.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van houdende bepalingen tot handhaving van de waarborgen, welke de Zeeongevallenwet 1919 den opvarenden van de Nederlandsche Koopvaardijvloot biedt (Stb. 1942, B 1)
Waardering: B 1
(58)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van een lijst van ‘beroepsziekten’ voor de uitvoering van de Zeeongevallenwet 1919.
Grondslag: Zeeongevallenwet 1919 (Stb. 1915, 214) zoals gewijzigd (Stb. 1946, G 255) art. 2 negende lid
Periode: 1946–1967
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 19 december 1946 (Stb. 1946, G 370)
Waardering: B 5
(59)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels voor de ongevallenverzekering van gedetineerden.
Handeling: Het vaststellen van afwijkende voorschriften voor de sociale verzekering van noodwachten.
Grondslag: Wet op de noodwachten (Stb. 1952, 405) art. 31
Periode: 1952–1965
Product: ministeriële regeling
Opmerking: Het gold zowel verzekering tegen ziekte, ongevallen, ziektekosten en werkloosheid.
Waardering: B 1
(61)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van nadere regels voor de uitvoering van de regelingen betreffende de ongevallenverzekering van de vrijwillige brandweer.
Grondslag: Besluit van de Secretarissen-Generaal van de Departementen van Sociale Zaken en van Binnenlandse Zaken betreffende ongevallenverzekering van de brandweer (Stcrt. 1941, 153) art. 7; Wet betreffende ongevallenverzekering van de vrijwillige brandweer (Stb. 1953, 560) art. 6 en 8
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling
Waardering: B 1
(62)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels inzake het door de SVB of een bedrijfsvereniging verlenen van de mogelijkheid aan een arbeidsongeschikte om een opleiding te volgen.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 25 eerste lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 48 tweede lid
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(63)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van werkzaamheden en bedrijven waarbij een werknemer wordt geacht verzekerde in de zin van de Ongevallenwet te zijn.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 4 en zoals gewijzigd (Stb. 1936, 800) art. 2a derde lid en 2c eerste lid
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 14 september 1921 (Stb. 1921, 1057)
– Besluit van 25 februari 1939 (Stb. 1939, 843)
– Besluit van 6 juni 1950 (Stb. 1950, K 200)
Waardering: B 1
(64)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van soorten werkzaamheden en bedrijfstypen waarbij een werknemer wordt geacht verzekerde in de zin van de Land- en Tuinbouwongevallenwet te zijn.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 4 en zoals gewijzigd (Stb. 1928, 224) art. 1a derde lid en zoals gewijzigd (Stb. 1939, 804) 1c eerste lid
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 20 maart 1923 (Stb. 1923, 104)
– Besluit van de Secretaris-Generaal van 8 april 1941, nr. 69 (Stcrt. 1941, 69)
– Besluit van 9 april 1949 (Stb. 1949, J 174)
– Besluit van 19 januari 1951 (Stb. 1951, 17)
Waardering: B 1
(65)
Handeling: Het aanwijzen van gevallen waarin zeevaartuigen hetzij ten aanzien van alle bemanningsleden, hetzij ten aanzien van een deel daarvan, al dan niet als een zeevaartuig in de zin van de Zeeongevallenwet 1919 wordt beschouwd.
Grondslag: Zeeongevallenwet 1919 (Stb. 1915, 214) zoals gewijzigd (Stb. 1960, 38) art. 1 tweede lid; Besluit van houdende bepalingen tot handhaving van de waarborgen, welke de Zeeongevallenwet 1919 den opvarenden van de Nederlandsche Koopvaardijvloot biedt (Stb. 1942, B 1) art. 2
Periode: 1945–1965
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 1
(66)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van groepen uitkeringsgerechtigden die in het buitenland wonen, die, in tegenstelling tot het in de wetten bepaalde, wel recht hebben op aanvullingen op de ongevallenrenten.
Grondslag: Wet tot aanvulling der ongevallenrenten (Stb. 1950, K 191) art. 3 derde lid; Wet tijdelijke verhoging van ongevalsuitkeringen (Stb. 1955, 10) art. 3 eerste lid
Periode: 1950–1965
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 12 januari 1952, (Stb. 1952, 15)
– Besluit van 5 maart 1952 (Stb. 1952, 106)
– Besluit van 9 oktober 1953 (Stb. 1953, 483)
– Besluit van 23 maart 1956 (Stb. 1956, 146)
– Besluit van 12 februari 1957 (Stb. 1957, 53)
Waardering: B 1
(67)
Handeling: Het (tot 1953 bij AMvB) vaststellen van regels voor de berekening van het dagloon voor bepaalde groepen werknemers.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 7, gewijzigd (Stb. 1953, 578) art. 7 derde en vierde lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 5, gewijzigd (Stb. 1953, 578) art. 7 derde en vierde lid; Zeeongevallenwet 1919 (Stb. 1915, 214) zoals gewijzigd (Stb. 1960, 38) art. 2 zevende lid; Wet sociale verzekering gedetineerden (Stb. 1948, I 125) art. 3; Wet betreffende ongevallenverzekering van de vrijwillige brandweer (Stb. 1953, 560) art. 6 tweede lid
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur/regeling
Waardering: B 1
(69)
Handeling: Het vaststellen van de bedragen die voor verschillende groepen van bemanningsleden van zeevaartuigen als dagloon gelden.
Grondslag: Zeeongevallenwet 1919 (Stb. 1915, 214)
Periode: 1945–1965
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(70)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van taakverdeling tussen de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 111; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 10; Besluit van 15 juli 1922 (Stb. 1922, 451) art. 38; Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 4 (b.w. Stb. 1956, 297)
Periode: 1945–1956
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere
– Besluit van 15 juli 1922 (Stb. 1922, 451)
– Besluit van 26 oktober 1922 (Stb. 1922, 571)
– Besluit van 15 maart 1923 (Stcrt. 1923, 57)
Waardering: B 4
(71)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels inzake de vaststelling, toekenning en uitbetaling van uitkeringen ingevolge de ongevallenwetten.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 14 eerste lid, 15 derde lid en 77 tweede lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365); Wet tot aanvulling der ongevallenrenten (Stb. 1950, K 191) art. 2 zesde en zevende lid, 12 derde lid en 13; Wet tot tijdelijke verhoging van ongevalsuitkeringen (Stb. 1954, 61) art. 1 derde lid; Wet compensatie premie Algemene Ouderdomswet ongevallenrentetrekkers (Stb. 1957, 223) art. 1 derde lid en 4; Wet tijdelijke verhoging van ongevalsuitkeringen (Stb. 1955, 10) art. 3 eerste lid; Wet houdende tijdelijke verhoging van ongevalsuitkeringen (Stb. 1957, 278) art. 3 tweede lid; Wet houdende tijdelijke verhoging van ongevalsuitkeringen (Stb. 1960, 146) art. 1 derde lid, 2 derde lid en 3 derde lid; Wet tot tijdelijke verdere verhoging van ongevalsuitkeringen (Stb. 1964, 62) art. 3–5
Periode: 1945–1990
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluiten van 3 september 1921 (Stb. 1921, 1040 en 1043)
– Besluit van 26 januari 1923 (Stb. 1923, 24)
– Beschikking van 3 maart 1954, nr. 923 (Stcrt. 1954, 47)
– Beschikking van 5 augustus 1957, nr. 3539 (Stcrt. 1957, 154)
– Beschikking van 29 april 1960, nr. 1648 (Stcrt. 1960, 86)
– Besluit tijdelijke uitkering bij bijzondere werktijdregeling (Stb. 1961, 299)
– Beschikkingen van 21 september 1964, nrs. 58638 en 58639 (Stcrt. 1964, 189)
Waardering: B 5
(73)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van aangifte en onderzoek van (bedrijfs)ongevallen.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 66 derde en vijfde lid, 69 zesde en zevende lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 62 derde lid en 65 zesde en zevende lid
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 3 september 1921 (Stb. 1921, 1041)
– Besluit van 14 september 1921 (Stb. 1921, 1064)
– Besluit van 6 december 1922 (Stb. 1922, 663)
– Besluit van 24 september 1923 (Stb. 1923, 463)
– Besluit van 11 augustus 1932 (Stb. 1932, 436)
Waardering: B 5
(74)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels voor procedures en van formulieren voor de uitvoering van de ongevallenwetten
Grondslag: o.m.: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 32 tweede lid, 44 tweede lid en 66 vierde lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 53, 55 tweede lid, 61 derde lid, 62 tweede lid en 82 tweede lid (b.w. Stb. 1953, 578); Besluit van 15 juli 1922 (Stb. 1922, 451) art. 39; Besluit van 27 mei 1924 (Stb. 1924, 267) art. 1 en 2; Besluit tijdelijke uitkering bij bijzondere werktijdregeling (Stb. 1961, 299) art. 5 en 6
Periode: 1945–1967
Product: (ministeriële) regeling
Waardering: V 5 jaar
(77)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de vergoeding voor bij een scheepsramp verloren gegane uitrusting van bemanningsleden.
Grondslag: Zeeongevallenwet 191 (Stb. 1915, 214) art. 2 zevende lid en 12 eerste lid; Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 25a
Periode: 1945–1967
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar
(78)
Handeling: Het bepalen van de dag waarop een schip vergaan is ingeval binnen een bepaalde termijn geen bericht van of omtrent een zeevaartuig is vernomen.
Handeling: Het vaststellen van regels voor het uitbetalen van afkoopsommen voor uitkeringen aan vreemdelingen of hun nagelaten betrekkingen die in oorlogstijd een ongeval hebben gehad.
Grondslag: Zeeongevallenwet 1919 (Stb. 1915, 214) zoals gewijzigd (Stb. 1942, C 27) art. 2bis (b.w. Stb. 1946, G 255)
Periode: 1945–1946
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 6
(81)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de vergoeding van genees- en heelkundige behandeling.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 35 eerste lid; Zeeongevallenwet 1919 (Stb. 1915, 214) zoals gewijzigd (Stb. 1946, G 255) art. 2 achtste lid
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 12 maart 1923 (Stb. 1923, 63)
– Besluit van 22 mei 1947 (Stb. 1947, H 153)
Waardering: V 5 jaar
(82)
Handeling: Het vaststellen van lijsten van kunst- en hulpmiddelen die voor vergoeding ingevolge de Ongevallenwetten in aanmerking komen.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 14 tweede lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 35 tweede lid
Periode: 1945–1967
Product: ministeriële beschikking, onder andere:
– Beschikking van 20 september 1921 (Stcrt. 1921, 185)
Waardering: V 5 jaar
(84)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels inzake de vergoeding voor reis- en verblijfkosten voor uitkeringsgerechtigden en hun begeleiders, die bij de SVB of een medische deskundige moeten verschijnen.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 27d derde lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 50c derde lid
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 1 oktober 1921 (Stb. 1921, 1106)
– Besluit van 16 januari 1923 (Stb. 1923, 16)
– Besluiten van 29 oktober 1954 (Stb. 1954, 478 en 479)
Waardering: V 5 jaar
(85)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van de indeling van verzekeringsplichtige bedrijven in gevarenklassen.
Handeling: Het bij AMvB vaststellen welke bedrijven verzekeringsplichtig zijn ingevolge de Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 11 tweede lid
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 12 december 1922 (Stb. 1922, 672)
Waardering: V 5 jaar
(88)
Handeling: Het bij K.b. verlenen van een machtiging aan een verzekeringsplichtig bedrijf om in een lagere of hogere gevarenklasse ingedeeld te mogen worden.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 35 derde lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 58 derde lid
Periode: 1945–1965
Product: Koninklijk besluit
Waardering: V 5 jaar
(90)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB vaststellen van nadere regels ten aanzien van de pandgeving of hypotheekstelling tot zekerheid voor de nakoming van verplichtingen door werkgevers die het ongevallenrisico zelf dragen dan dit overdragen aan een verzekeringsmaatschappij of een andere rechtspersoon.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 54, 57, 58 derde lid, 60 derde lid en 64; Besluit van 21 januari 1922 (Stb. 1922, 26) art. 12, 12c en 13
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 3 september 1921, (Stb. 1921, 1042)
– Besluit van 21 januari 1922 (Stb. 1922, 26)
– Besluit van 10 februari 1922 (Stb. 1922, 58)
– Besluit van 10 februari 1922 (Stb. 1922, 200)
– Besluit van 2 april 1927 (Stb. 1927, 76)
– Besluit berekening constante waarden van renten (Stb. 1953, 323)
Waardering: B 4
(91)
Handeling: Het beslissen op beroepschriften van werkgevers tegen besluiten van de SVB om geen machtiging te verlenen tot het zelf dragen van het ongevallenrisico dan wel dit overdragen aan een verzekeringsmaatschappij of een andere rechtspersoon.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 55 tweede lid
Periode: 1945–1965
Product: beschikking
Waardering: B 3
(92)
Handeling: Het intrekken van de machtiging tot het zelf dragen van het ongevallenrisico dan wel dit overdragen aan een verzekeringsmaatschappij of een andere rechtspersoon.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 60 en 62; Besluit van 21 januari 1922 (Stb. 1922, 26) art. 29
Periode: 1945–1965
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(93)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels voor de administratie inzake werknemers met beroepsziekten.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) zoals gewijzigd (Stb 1928, 223) art. 87a tweede lid en 87d, gewijzigd (Stb. 1949, J 98) art. 87a tweede en vierde lid, 87b en 87e; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) zoals gewijzigd (Stb. 1938, 805) art. 95a tweede en vierde lid en 95e
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 20 augustus 1928 (Stb. 1928, 336)
– Besluit van 20 juni 1939 (Stb. 1939, 853)
– Besluiten van 11 augustus 1949 (Stb. 1949, J 379, J 380 en J 381)
Waardering: B 5
(97)
Handeling: Het toekennen van voorlopige uitkeringen aan bemanningsleden of hun nagelaten betrekkingen.
Handeling: Het aanwenden van renten van veroordeelden of ter beschikking van de regering gestelden ten behoeve van afhankelijke familieleden
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 28 derde lid
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(100)
Handeling: Het beschikken op verzoeken tot herstel van de uitkering van personen van wie de rechten op een uitkering vervallen zijn.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 79 tweede lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 76 tweede lid
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(103)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van nadere regels voor het door de ambtenaren van de SVB uit te oefenen toezicht op naleving van voorschriften van de ongevallenwetten bij de werkgevers.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 3 september 1921 (Stb. 1921, 1038)
– Besluit van 9 januari 1923 (Stb. 1923, 3)
– Besluit van 23 januari 1923 (Stb. 1923, 23)
– Besluiten van 24 mei 1923 (Stb. 1923, 215 en 216)
Waardering: B 1
(105)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de werkzaamheden van geneeskundige diensten die verbonden zijn aan ondernemingen.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) zoals gewijzigd (Stb. 1928, 166) art. 80d, 80f, 80h, 80i, 80k, 80l en 80o
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluiten van 21 november 1928 (Stb. 1928, 425, 426 en 427)
– Besluit van 22 november 1928 (Stb. 1928, 429)
– Besluit van 23 november 1928 (Stb. 1928, 430)
Waardering: B 1
(109)
Handeling: Het beslissen op beroepschriften van werkgevers tegen het besluit van de SVB de verklaring van erkenning van een geneeskundige dienst bij een onderneming in te trekken.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) zoals gewijzigd (Stb. 1928, 166) art. 80n derde lid
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Waardering: B 3
(110)
Handeling: Het toelaten van een rechtspersoon als administratiekantoor voor (gemeenschappelijke) geneeskundige diensten.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) zoals gewijzigd (Stb. 1939, 803) art. 80c tweede en derde lid
Periode: 1945–1965
Product: beschikking
Waardering: B 5
(111)
Handeling: Het (bij of krachtens AMvB) vaststellen van regels voor de afwikkeling van ongevallenrenten en afkoopsommen.
Grondslag: Liquidatiewet ongevallenwetten (Stb. 1967, 99) art. 19, 26, 33 tweede lid, 35 derde lid en 36
Periode: 1967–1975
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit uitvoering afwikkeling liquiditeitsuitkeringen en voorzieningen (Stb. 1967, 453)
Waardering: B 1
(113)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels voor de overdracht van de contante waarde van verplichtingen aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds door de risicodragers.
Grondslag: Liquidatiewet ongevallenwetten (Stb. 1967, 99) art. 28 en 29
Periode: 1967–1975
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit overdracht contante waarde verplichtingen ongevallenverzekering aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 339)
– Besluit overdracht contante waarde gehandhaafde bijslagen op ongevalsuitkeringen aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 431)
Waardering: B 1
(115)
Handeling: Het vaststellen van het bedrag dat door het Arbeidsongeschiktheidsfonds wordt overgedragen aan de Ziekenfondsraad wegens de afwikkeling van geneeskundige behandeling van ongevallen.
– Beschikking van 2 januari 1975, nr. 87369 (Stcrt. 1975, 7)
Waardering: V 5 jaar
(116)
Handeling: Het vaststellen van het rentepercentages, tabellen etc voor de uitvoering van de Liquidatie ongevallenwetten.
Grondslag: Liquidatiewet ongevallenwetten (Stb. 1967, 99) art. 39; Besluit overdracht contante waarde verplichtingen ongevallenverzekering aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 339) art. 6, 27 eerste lid en 31; Besluit berekening afkoopsommen ongevalsuitkeringen (Stb. 1967, 345) art. 10 tweede lid; Besluit overdracht contante waarden gehandhaafde bijslagen op ongevalsuitkeringen aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 431) art. 2
Periode: 1967–1975
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar
(117)
Handeling: Het instellen van een commissie van deskundigen en scheidslieden voor advisering en beslechting van geschillen ten aanzien van de overdracht van contante waarden van verplichtingen ingevolge de Liquidatiewet ongevallenwetten en Liquidatiewet invaliditeitswetten.
Grondslag: Besluit overdracht contante waarde verplichtingen ongevallenverzekering aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 339) art. 27 en 29
Periode: 1967–1990
Product: instellingsbeschikking
Opmerking: De leden en secretaris van de commissie werden op voordracht van de SVr benoemd.
Waardering: B 4
Invaliditeitswetten
(121)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels voor de toepassing van de Mijnwerkersinvaliditeitswet.
Grondslag: Mijnwerkersinvaliditeitswet (Stb. 1933, 181) art. 6 derde lid, 12, 15 en 17 derde lid
Periode: 1945–1967
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van 19 december 1935, nr. 3253 (Stcrt. 1935, 249)
Waardering: B 1
(122)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels voor de toepassing van de Interimwet Invaliditeitsrentetrekkers.
Grondslag: Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 8 derde lid en 51
Periode: 1962–1967
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 1
(123)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de invaliditeitsverzekering voor werknemers in dienst van het Rijk.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 17 tweede lid
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(124)
Handeling: Het bij K.b. verklaren dat een publiekrechtelijke invaliditeits- en ouderdomsregeling, of een regeling van een publiekrechtelijk lichaam of een onderneming aan de wettelijke eisen voldoet, waardoor de werknemers niet verzekeringsplichtig zijn ingevolge de Invaliditeitswet.
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van verplichtingen van publiekrechtelijke invaliditeits- en ouderdomsregelingen, regelingen van een publiekrechtelijk lichaam of van een onderneming.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 37 derde lid, 40 eerste en zesde lid, 41 vierde lid, 43 tweede lid, 50, 57 tweede lid, 87 in verband met 409, 197 tweede lid en 221 derde lid.
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 28 november 1919 (Stb. 1919, 791; herplaatst 1938, 879b)
Waardering: B 1
(126)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de geneeskundige behandeling van verzekerden ingevolge de Invaliditeitswet.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 100 tweede lid
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(127)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van buitenlandse arbeiders die wel/niet verzekeringsplichtig zijn ingevolge de Invaliditeitswet.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 46 eerste lid
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(128)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van nadere regels inzake de toepassing van de Invaliditeitswet op buiten Nederland gevestigde verzekerden.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 15 november 1919 (Stb. 1919, 752)
Waardering: B 1
(129)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van gevallen waarin rentetrekkers die in het buitenland wonen recht hebben op toeslagen op hun rente.
Grondslag: Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet (Stb. 1948, I 308) zoals gewijzigd (Stb. 1949, J 335) art. 6 derde lid; Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 9 derde lid
Periode: 1949–1965
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 9 november 1949 (Stb. 1949 J 500)
– Besluit van 20 juli 1951 (Stb. 1951, 313)
– Besluit van 10 februari 1952 (Stb. 1952, 77)
– Besluit van 11 september 1953 (stb. 1953, 462)
– Besluit van 12 februari 1957 (Stb. 1957, 52)
– Besluit van 27 februari 1963 (Stb. 1963, 77)
Waardering: B 5
(130)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de toekenning van toeslagen aan gehuwde vrouwen.
Grondslag: Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet (Stb. 1948, I 308) art. 3; Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 9 eerste en tweede lid
Periode: 1962–1965
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van 1 oktober 1948, nr. ## (Stcrt. 1948, 190)
– Beschikking van 20 maart 1963, nr. 29299 (Stcrt. 1963, 60)
Waardering: B 1
(131)
Handeling: Het, gehoord de Sociaal-Economische Raad, bij AMvB herzien van de hoogte van de uitkeringen ingevolge de Interimwet invaliditeitsrentetrekkers.
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van regels voor vaststelling, toekenning en uitbetaling van renten en toeslagen ingevolge de Invaliditeitswet.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 27, 85, 137 tweede lid, 143 tweede lid, 153 derde lid, 168 tweede lid en 409; Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet (Stb. 1948, I 308) art. 2 zesde lid, 15 derde lid en 16; Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 16 vijfde lid, 18 tweede lid, 22 derde lid, 24, 25
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit van 10 juni 1919 (Stb. 1919, 324)
– Besluit van 11 oktober 1919 (Stb. 1919, 599)
– Besluiten van 20 november 1919 (Stb. 1919, 759 en 760)
– Besluit van 26 april 1920 (Stb. 1920, 215)
– Besluit van 21 juni 1955 (Stb. 1955, 312)
ministeriële regeling
– Beschikking van 1 oktober 1948, nr. (Stcrt. 1948, 190)
– Beschikking van 11 januari 1963, nr. 28208 (Stcrt. 1963, 11)
– Beschikking van 1 februari 1963, nr. 28494 (Stcrt. 1963, 25)
– Beschikking van 8 februari 1963, nr. 7346 (Stcrt. 1963, 31)
– Beschikking van 1 maart 1963, nr. 28972 (Stcrt. 1963, 46)
– Beschikking van 11 maart 1963, nr. 28878 (Stcrt. 1963, 52)
Waardering: B 5
(134)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van modellen van formulieren, kaarten, zegels en andere administratieve zaken ten behoeve van de uitvoering van de Invaliditeitswet.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 18 vierde lid, 34, 230 derde en vierde lid, 231 eerste lid 243, 255; Koninklijk besluit van 10 juni 1919 (Stb. 1919, 324) art. 1, 3, 4, 6, 11, 14, 17, 19, 21, 24, 25, 27 en 28 (gewijzigd Stb. 1950, 292)
Periode: 1945–1990
Product: algemene maatregel van bestuur/(ministeriële) regeling, onder andere:
– Besluit van 13 maart 1919 (Stb. 1919, 107)
– Besluit van 21 november 1919 (Stb. 1919, 763)
– Besluit van 23 november 1919 (Stb. 1919, 764)
– Besluit van 17 september 1921 (Stb. 1921, 1067)
Waardering: V 5 jaar
(135)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels voor het geval bij de SVB berustende rentekaarten verloren zijn gegaan of voor het vernietigen van rentekaarten door de Bank.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 311 tweede lid
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit 6 april 1933 (Stb. 1933, 159)
– Besluit van 17 januari 1952 (Stb. 1952, 33)
Waardering: B 5
(138)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de indeling van werknemers in loonklassen ten behoeve van de uitvoering van de Invaliditeitswet.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 21 november 1919 (Stb. 1919, 761)
Waardering: B 5
(147)
Handeling: Het bij K.b. herstellen of op andere wijze aanwenden van vervallen verklaarde rechten van voormalig verzekerden ingevolge de Invaliditeitswet.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 167 tweede lid en 169 derde en vierde lid
Periode: 1945–1967
Product: Koninklijk besluit
Opmerking: Het betreft hier de vervallen rechten op renten die vijf jaar lang niet ingevorderd zijn, of rechten van personen die veroordeeld zijn tot gevangenisstraf, hechtenis, plaatsing op een tuchtschool of in een Rijkswerkinrichting.
Waardering: V 5 jaar
(152)
Handeling: Het bij K.b. goedkeuren van besluiten van de SVB inzake de verlening van toelagen aan instellingen voor de verpleging van zieken.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 122 tweede lid
Periode: 1945–1967
Product: Koninklijk besluit
Waardering: V 5 jaar
(154)
Handeling: Het geven van goedkeuring aan bepaalde besluiten van invaliditeits- en ouderdomsfondsen van publiekrechtelijke lichamen en van ondernemingen
Grondslag: Koninklijk besluit van 28 november 1919 (Stb. 1919, 791; herplaatst Stb. 1938, 879b) art. 29–41;
Periode: 1945–
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(155)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels voor de afwikkeling van bepaalde invaliditeits- en vrije invaliditeitsrenten en toeslagen en voor de afkoop van verzekeringen ingevolge de Liquidatiewet invaliditeitswetten en de berekening van contante waarden.
Grondslag: Liquidatiewet invaliditeitswetten (Stb. 1964, 488) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 307) art. 22, 32, 55 en zoals gewijzigd (Stb. 1976, 296) art. 32f en zoals gewijzigd (Stb. 1990, 145) art. 32c tweede lid, 32p tweede lid en 32q
Periode: 1967–1996
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van nadere regels betreffende de overdracht van contante waarden door de invaliditeitsfondsen aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
Grondslag: Liquidatiewet invaliditeitswetten (Stb. 1964, 488) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 307) art. 54 derde lid
Periode: 1967–1990
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit overdracht contante waarde verplichtingen invaliditeitsverzekering aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 430)
Waardering: B 1
Ouderdomswet 1919
(160)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van uitvoeringsregels voor de Ouderdomswet 1919, ter zake van
– de vaststelling van de premie en de premiebetaling;
– de berekening van rentebedragen;
– de berekening en betaling van een inkoopsom;
– de uitvoering door de SVB, de Raden van Arbeid en de Verzekeringsraden;
– informatieverstrekking door gemeentebesturen.
Grondslag: Ouderdomswet 1919 (Stb 1919, 628) art. 5, 18, 20 tweede lid, 21 vierde lid, 22 tweede lid, 23 vierde lid, 25 tweede lid en 31 tweede lid
Periode: 1945–1990
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Handeling: Het vaststellen van de modellen van formulieren, kaarten, registers enz. voor de uitvoering van de Ouderdomswet 1919.
Grondslag: onder meer: Tariefbesluit V.O.V. (Stb. 1921, 538) art. 4, 5, 6, 8, 9, 10, 12, 13, 19, 23, 24, 27, 35, 41, 43 en 46; Besluit van 16 januari 1920 (Stb. 1920, 23) art. 6;
Besluit van 18 januari 1921 (Stb. 1921, 32) art. 6
Periode: 1945–1990
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar
(163)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels voor het aanwijzen door de verzekerde van een persoon die bij zijn overlijden de overlijdensuitkering ontvangt.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 18 januari 1921 (Stb. 1921, 32)
Waardering: B 1
(164)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de toekenning van beloningen aan agenten van de Vrijwillige Ouderdomsverzekering.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 43 eerste lid;
Tariefbesluit V.O.V. (Stb. 1926, 449) art. 19 en 20
Periode: 1945–1987
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 9 april 1938 (Stb. 1938, 881)
Waardering: B 5
(172)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels inzake de berekening van contante waarden van renten, bedragen en uitkeringen ingevolge de Liquidatiewet Ouderdomswet 1919.
Grondslag: Liquidatiewet Ouderdomswet 1919 (Stb. 1977, 671) art. 6, (Stb. 1979, 673) art. 10 tweede lid en (Stb. 1987, 364) art. 17c
Periode: 1978–1990
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Regelen inzake de berekening van contante waarden van renten, bedragen en uitkeringen als bedoeld in artikel 5, eerste en derde lid, van de Liquidatiewet Ouderdomswet 1919 (Stb. 1978, 92)
– Regelen inzake de berekening van contante waarden van verzekeringen ingevolge de Ouderdomswet 1919 gesloten tegen bruto-premies (Stb. 1979, 699)
– Regelen inzake de berekening van contante waarden van ingegane VOV-renten en van bedragen en uitkeringen als bedoeld in artikel 17b, tweede lid, van de Liquidatiewet Ouderdomswet 1919 (Stb. 1988, 69)
Waardering: B 1
(173)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van verlening van een uitkering-ineens aan gerechtigden tot een rente ten laste van het Ouderdomsfonds B.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 19 december 1979 (Stb. 1979, 700)
Waardering: B 1
(174)
Handeling: Het vaststellen van de rentevoet en te hanteren sterftetafels die worden toegepast bij de berekening van de contante renten, bedragen en uitkeringen ingevolge de Liquidatiewet Ouderdomswet 1919.
Grondslag: Regelen inzake de berekening van contante waarden van renten, bedragen en uitkeringen als bedoeld in artikel 5, eerste en derde lid, van de Liquidatiewet Ouderdomswet 1919 (Stb. 1978, 92) art. 4, 5 en 6
Periode: 1978–1987
Product: besluit van algemene strekking, onder andere:
– Aanwijzing particuliere levensverzekeraars aan wie afkoopsommen-VOV kunnen worden overgedragen (Stcrt. 1979, 249; vervangen 1987, 158)
Waardering: V 5 jaar
(179)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de overdracht van afkoopsommen ingevolge de Liquidatiewet Ouderdomswet 1919 aan de Stichting Dienstverlening VOV.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Regelen, verband houdende met de overdracht van afkoopsommen VOV aan de Stichting Dienstverlening VOV (Stb. 1988, 32)
Waardering: B 1
(183)
Handeling: Het goedkeuren van het tarief, de overrentedeling en de verzekeringsvoorwaarden van de particuliere levensverzekeraars voor de verzekeringsovereenkomsten van voormalige VOV-verzekerden.
Grondslag: Regelen, verband houdende met de overdracht van afkoopsommen VOV aan een particuliere levensverzekeraar (Stb. 1979, 691) art. 5; Regelen, verband houdende met de overdracht van afkoopsommen VOV aan de Stichting Dienstverlening VOV (Stb. 1988, 32) art. 3
Periode: 1979–1990
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
Werknemers- en volksverzekeringen
Totstandkoming van het beleid
(184)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de uitbreiding of beperking van de kring van verzekerden ingevolge de sociale verzekeringen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 6 vijfde lid, 24–26 en 55 vijfde lid, vernummerd (Stb. 1952, 474) art. 3, 20–22 en 46 vijfde lid; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 421) art. 3 derde en vierde lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 3 derde en vierde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 3 derde en vierde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 4 tweede en derde lid; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 6 derde en vierde lid, vernummerd (Stb. 1965, 347) tweede en derde lid, gewijzigd (Stb. 1985, 180) tweede lid en (Stb. 1972, 43) art. 3 vierde lid; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 7 derde en vierde lid, vernummerd (Stb. 1965, 347) tweede en derde lid, gewijzigd (Stb. 1985, 180) tweede lid; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 6 derde lid, vernummerd (Stb. 1985, 180) tweede lid en (Stb. 1965, 396) art. 3 vierde lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 2 derde en vierde lid; Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1962, 257) art. 4; Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Stb. 1967, 655) art. 5 tweede lid; Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 13 tweede lid; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 3 derde lid, vernummerd (Stb. 1997, 794), art. 3 vierde lid; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 3 tweede lid, 5 derde lid; Besluit uitbreiding en beperking kring der verzekerden werknemersverzerkingen 1990 (Stb. 1989, 402, o.a. gewijzigd Stb. 1997, 100; 1998, 47; 1999, 597, 2001, 611), art. 4b onder d, 7 tweede lid; Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 (Stb. 1998, 746), art. 3 eerste lid onder d, 14 tweede lid; Besluit afwijkende regels beperking export uitkeringen (Stb. 1999, 600), art. 1 onder b en c;
Periode: 1945–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit uitbreiding en beperking kring der verzekerden volksverzekeringen (Stb. 1956, 624; vervangen Stb. 1959, 230; Stb. 1963, 24; Stb. 1968, 575; Stb. 1976, 557; Stb. 1989, 164)
– Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden WAZ (Stb. 1997, 797, vervangen Stb. 2000,49)
– Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden Wajong (Stb. 1997, 798, vervangen Stb. 1998, 709)
ministeriële regeling
– Regeling aanwijzing van in het buitenland gevestigde werkgevers (Stcrt. 1991, 190; vervangen Stcrt. 1996, 247)
Opmerking: Bij het aanwijzen van gevallen waarin werknemers van internationale of volkenrechtelijke organisaties of niet-Nederlandse werkgevers niet tot de kring der verzekerden behoren zijn de Ministers van Buitenlandse Zaken en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport betrokken.
Waardering: B 1
(185)
Handeling: Het aanwijzen van gevallen waarin werknemers van niet-Nederlandse werkgevers niet tot de kring der verzekerden ingevolge een sociale verzekering behoren.
Grondslag: Besluit uitbreiding en beperking kring der verzekerden volksverzekeringen (Stb. 1956, 624; vervangen Stb. 1959, 230; Stb. 1963, 24; Stb. 1968, 575; Stb. 1976, 557) art. 2; Besluit uitbreiding en beperking kring der verzekerden Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1963, 25) art. 2; Besluit uitbreiding en beperking kring der verzekerden werknemersverzekeringen (Stb. 1967, 343; vervangen Stb. 1986, 654) art. 2
Periode: 1956–1989
Product: beschikking
Opmerking: Het aanwijzen van gevallen waarin werknemers van niet-Nederlandse werkgevers niet tot de kring der verzekerden behoren gebeurde tezamen met de Minister van Volksgezondheid. Het besluit werd zodanig geformuleerd dat het van toepassing was op een niet nader bepaald aantal (niet-Nederlandse) werknemers van de in het besluit genoemde werkgever.
Waardering: V 10 jaar na beëindiging werkzaamheden van de werkgever
V 5 jaar na afwijzing van het verzoek om vrijstelling
(981)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van categorieën van personen waarbij de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel buiten een justitiële inrichting plaatsvindt en die, al dan niet na beëindiging van de straf of maatregel, recht hebben op een uitkering krachtens (een) sociale verzekeringswet(ten).
Ziektewet (Stb. 1999, 22) gewijzigd Stb. 1999, 595 art. 19b, lid 4, Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1999, 23) gewijzigd Stb. 1999, 595 art. 19a, lid 4, 47b, lid 4, Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1999, 24) gewijzigd Stb. 1999, 595 art. 7b vijfde lid, 21b, lid 4, Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1999, 25) gewijzigd Stb. 1999, 595, art. 6b vijfde lid, 20a, lid 4, Werkloosheidswet (Stb. 1999, 21) gewijzigd Stb. 1999, 595 art. 19, lid 8, Algemene nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) gewijzigd Stb. 1999, 595 art. 32c, lid 3, Algemene bijstandswet (Stb. 1990, 199) gewijzigd Stb. 1999, 595 art. 9, lid 4
Periode: 1999–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit extramurale vrijheidsbeneming en sociale zekerheid (Stb. 2000, 53) uitgebreid Stb. 2003, 116
Waardering: B 1
(990)
Handeling: Het bij AMvB stellen van nadere regels ‘ten gunste van belanghebbenden’ in verband met de beperking van de export van uitkeringen ingevolge de sociale verzekeringswetten.
Ziektewet (Stb. 1999, 22) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 19a vijfde lid, gewijzigd Stb. 1999, 594, lid 4, Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1999, 23) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 20, lid 6, gewijzigd Stb. 1999, 594 art. 20 vijfde lid, Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1999, 24) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 7a, lid 6, gewijzigd Stb. 1999, 594 art. 7a vijfde lid, Toeslagenwet (Stb. 1987, 91) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 4 vijfde lid, b.w. Stb. 1999, 594, Algemene ouderdomswet (Stb. 1990, 129) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 8a vijfde lid, gewijzigd Stb. 1999, 594, art. 8a, lid 4, art. 9a, lid 4, gewijzigd Stb. 1999, 594 art. 9a, lid 3, Algemene kinderbijslagwet (Stb. 1990, 128) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 7b, lid 4, Algemene nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 32a vijfde lid, Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), gewijzigd (Stb. 2001, 212), art. 17 zevende lid;
Periode: 1999–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(186)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels voor de toepassing van bepalingen uit de AOW, AWW en AAW op niet-Nederlanders die binnen het Rijk wonen of Nederlanders die in het buitenland wonen.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit gelijkstelling niet-Nederlanders met Nederlanders (Stb. 1985, 605)
– Besluit gelijkstelling van wonen buiten het Rijk met wonen binnen het Rijk (Stb. 1985, 632)
Waardering: B 1
(187)
Handeling: Het vaststellen van richtlijnen ter bepaling of iemand al dan niet zelfstandige is in de zin van de Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1962, 257) art. 2 derde en vierde lid (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1962–1979
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 1
(982)
Handeling: Het bekendmaken van de landen waarin op grond van een verdrag of een besluit volkenrechtelijke organisatie recht op uitkering op grond van (een) sociale verzekeringswet(ten) bestaat.
Ziektewet (Stb. 1999, 22) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 19a, lid 6, Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1999, 23) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 20, lid 7, Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1999, 24) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 7a, lid 7, Toeslagenwet (Stb. 1987, 91) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 4, lid 6, Algemene ouderdomswet (Stb. 1990, 129) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 8a, lid 5, 9a vijfde lid, gewijzigd Stb. 1999, 594 art. 8a, lid 6 9a, lid 4, Algemene kinderbijslagwet (Stb. 1990, 128) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 7b vijfde lid, gewijzigd Stb. 1999, 594 art. 7b, lid 6, Algemene nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) gewijzigd Stb. 1999, 250 art. 32a, lid 6, gewijzigd Stb. 1999, 594 art. 32a, lid 7
Periode: 1999–
Product: Publicatie, o.a.:
– Bekendmaking op grond van de Wet beperking export uitkeringen (Stcrt. 2003, 64)
Waardering: B 5
(188)
Handeling: Het aanwijzen van werkgevers buiten het Rijk die binnen het Rijk werknemers in dienst hebben als werkgevers binnen het Rijk.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 3 tweede lid onder b; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 473) art. 3 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 3 tweede lid
Periode: 1967–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling aanwijzing van in buitenland gevestigde werkgever (Stcrt. 1991, 166; vervangen Stcrt. 1991, 190; Stcrt. 1996, 247)
Waardering: V 10 jaar
(189)
Handeling: Het (bij of krachtens AMvB) vaststellen van regels inzake het beschouwen van arbeidsverhoudingen als dienstbetrekking in de zin van de werknemersverzekeringen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 2 derde lid, 4 en 4a en 28, vernummerd (Stb. 1952, 474) art. 5, 6 en 24, vernummerd (Stb. 1967, 473) 4 derde en vijfde lid, 5, 11 en 12; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 3 en 4, vernummerd (Stb. 1967, 421) art. 4 en 5; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 4, 5, 7 en 111; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 5, 9, 11 en sinds 1987 (Stb. 560) art. 4 vijfde lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 7 derde lid en 9 gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 4 derde lid en 5 art. 11, 12a, 12b en 13 tweede lid (b.w. Stb. 1979, 709);
Besluiten aanwijzing van gevallen, waarin een arbeidsverhouding als dienstbetrekking wordt beschouwd 1967, 1973, 1986
Periode: 1945–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit aanwijzing van gevallen, waarin een arbeidsverhouding als dienstbetrekking wordt beschouwd (Rariteitenbesluit, ZW, WW en WAO) (Stb. 1967, 342; vervangen Stb. 1973, 627; Stb. 1986, 655; gewijzigd Stb. 2001, 193)
ministeriële regeling
– Aanwijzing als werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringen (Stcrt. 1986, 251; gewijzigd Stcrt. 1998, 179; herdruk, Stb. 2001, 193)
Waardering: B 1
(1007)
Handeling: Het aanwijzen van gevallen waarin een persoon als werkgever in de zin van de Ziektewet of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt beschouwd.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32), gewijzigd (Stb. 1998, 741), art. 7 onder b, art. 11 eerste lid onder b; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 1998, 741), art.7 onder b, art. 10 eerste lid onder b;
Periode: 1998–
Product: Regeling
Waardering: B 5
(191)
Handeling: Het aanwijzen van groepen van gevallen waarin de bepalingen dat personen in dienst van uitzendbureaus krachtens de sociale verzekeringswetten verzekerd zijn, niet van toepassing zijn.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1965, 378) art. 6a tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1965, 378) art. 3a tweede lid
Periode: 1965–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van 16 december 1965, nr. 61739 (Stcrt. 1965, 248)
Waardering: B 5
(192)
Handeling: Het (tot 1963 bij AMvB) aanwijzen van categorieën personen die al dan niet als arbeider voor de toepassing van de Kinderbijslagwet voor loontrekkenden aangewezen zullen worden en categorieën arbeiders voor wie afwijkende regels inzake loon en inkomen worden gesteld.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 2 en 4, gewijzigd (Stb. 1950, K 369) art. 3 en (Stcrt. 1941, 41) art. 11 derde lid, vernummerd (Stb. 1952, 475) art. 12 vijfde lid, gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 7, 8 en 9 vierde lid (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1945–1979
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van de waarnemend Secretaris-Generaal van Sociale Zaken van 1 november 1940, nr. 3909 (Stcrt. 1940, 214)
– Beschikking van de Secretaris-Generaal van Sociale Zaken van 27 februari 1944, nr. 777 (Stcrt. 1941, 41)
– Besluit van 20 maart 1951 (Stb. 1951, 82)
– Besluit uitbreiding begrip arbeider en begrip loon en aanwijzing bedrijfsvereniging (Stb. 1953, 142)
– Regeling uitbreiding begrip arbeider en loon (Stcrt. 1962, 251)
– Regeling uitbreiding kring van kinderbijslaggerechtigden en begrip loon (Stcrt. 1967, 223)
Opmerking: De aanwijzing van pensioengerechtigden van wie het pensioen uit een openbare kas wordt betaald, werd in overleg met de Ministers van Binnenlandse Zaken en Defensie vastgesteld.
Waardering: B 1
(193)
Handeling: Het afgeven van een verklaring aan een persoon of lichaam dat hij ten aanzien van artiesten als werkgever geldt.
Grondslag: Aanwijzing werkgever en verzekeringsplicht musici en artiesten (Stcrt. 1969, 11) art. 1; Aanwijzing werkgever en uitzondering verzekeringsplicht W.A.O., Z.W. en W.W. (Stcrt. 1974, 17) art. 1; Aanwijzing werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringswetten (Stcrt. 1981, 42) art. 1 tweede lid onder a; Aanwijzing als werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringen (Stcrt. 1986, 251) art. 1 tweede lid onder a (b.w. 1991); Aanwijzing als werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringen (Stb. 1986, 251), art. 1 derde lid;
Periode: 1967–1991
Product: beschikking
Opmerking: De Minister van Financiën geeft deze beschikkingen af in het kader van de Uitvoeringsregeling Loonbelasting. De Minister van Sociale Zaken volgde de voorstellen voor een dergelijke verklaring. In 1991 is de bepaling dat de Minister van Sociale Zaken mede de beschikking moet ondertekenen vervallen. Het ministerie ontvangt nog wel een afschrift van de verklaring.
Waardering: V 5 jaar
(194)
Handeling: Het afgeven van zelfstandigheidsverklaringen aan artiesten.
Grondslag: Aanwijzing werkgever en verzekeringsplicht musici en artiesten (Stcrt. 1969, 11) art. 2; Aanwijzing werkgever en uitzondering verzekeringsplicht W.A.O., Z.W. en W.W. (Stcrt. 1974, 17) art. 3; Aanwijzing werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringswetten (Stcrt. 1981, 42) art. 1 tweede lid onder b; Aanwijzing als werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringen (Stcrt. 1986, 251) art. 1 tweede lid onder b (b.w. 1991)
Periode: 1967–
Product: beschikking
Opmerking: De Minister van Financiën geeft deze beschikkingen af in het kader van de Uitvoeringsregeling Loonbelasting. De Minister van Sociale Zaken volgde de voorstellen voor een dergelijke verklaring. In 1991 is de bepaling dat de Minister van Sociale Zaken mede de beschikking moet ondertekenen vervallen. Het ministerie ontvangt nog wel een afschrift van de verklaring.
Waardering: V 5 jaar
(195)
Handeling: Het aanwijzen van gevallen waarin personen die niet werken wegens werkloosheid of arbeidsongeschiktheid wel als werknemer in de zin van de WAO en de ZW worden beschouwd en het aanwijzen van de bedrijfsvereniging waarbij zij aangesloten zijn.
Grondslag: Ziektewet art. 7 onder e, 8 onder b en 55 tweede lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 7, 66 tweede lid en, zoals gewijzigd (Stb. 1967, 102) 7a
Periode: 1967–1992
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling uitbreiding kring van verzekerden ingevolge de ZW en de WAO (Stcrt. 1968, 61)
– Regeling houdende aanwijzing bedrijfsvereniging bij wie bepaalde werknemers verzekerd zijn (Stcrt. 1991, 253)
Waardering: B 1
(197)
Handeling: Het (gehoord de SER) bij AMvB wijzigen van de loongrens.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit verhoging loongrenzen (Stb. 1960, 456)
– Besluit verhoging loongrenzen (Stb. 1962, 521)
– Besluit verhoging loongrens (Stb. 1964, 517)
– Besluit verhoging loongrens (Stb. 1965, 548)
– Besluit verhoging loongrens (Stb. 1966, 551)
Opmerking: Werknemers die een inkomen hadden boven de loongrens waren niet verzekerd ingevolge de genoemde werknemersverzekeringen.
Waardering: B 1
(198)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de erkenning van een administratiekantoor door de minister.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 14 eerste lid, vernummerd (Stb. 1952, 474) art. 15 eerste lid; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 6; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 12 eerste lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 15 eerste en derde lid
Periode: 1945–1967
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 10 januari 1930 (Stb. 1930, 10)
– Besluit van 4 mei 1940 (Stb. 1940, 885)
– Besluit erkenning van een administratiekantoor (Stb. 1952, 569)
Waardering: B 5
(199)
Handeling: Het erkennen van administratiekantoren als werkgever in de zin van de werknemersverzekeringen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 14 eerste lid, vernummerd (Stb. 1952, 474) art. 15 eerste lid, gewijzigd (Stb. 1967, 473) art. 12 eerste lid; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 6, vernummerd (Stb. 1967, 396) art. 10 eerste lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 12 eerste lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 11 eerste lid (b.w. Stb. 1988, 656); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 15 eerste lid, gewijzigd (Stb. 1950, K 369) art. 12 vierde lid; vernummerd (Stb. 1952, 475) art. 13 vierde lid
Periode: 1945–1990
Product: beschikking
Opmerking: De erkenning is tot enkele administratiekantoren beperkt gebleven, zoals de Vereniging Loonadministratie Groenten-, Aardappelen- en Fruitbedrijven (LAGAF) te Rotterdam en het Centraal Administratie Bureau van het Visscherijbedrijf en Aanverwante vakken te IJmuiden.
Waardering: B 5
(201)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van regels voor de toepassing van de wettelijke bepaling ten aanzien van het voeren van een gezamenlijke huishouding.
Product: ministeriële regeling/algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(202)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van registraties van gezamenlijke huishouding die overeenkomen met een gezamenlijke huishouding als bedoeld in de Anw.
Grondslag: Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 3 vierde lid
Periode: 1995–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Opmerking: Dit heeft betrekking op vreemdelingen die:
– rechtmatig in Nederland arbeid verrichten, dan wel hebben verricht;
– na rechtmatig verblijf te hebben gehouden in de zin van artikel 8, onder a tot en met e en l, van de Vreemdelingenwet 2000, rechtmatig in Nederland verblijf hebben als bedoeld in artikel 8, onder g of h, van de Vreemdelingenwet 2000.
Waardering: B 1
(980)
Handeling: Het bij AMvB geven van uitbreiding of beperking van het begrip ‘ingezetene’ of ‘studerende’.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 3 tweede lid, 5 derde lid;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(984)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot personen die worden aangewezen als studerenden.
Handeling: Het aanwijzen van organisaties voor ontwikkelingssamenwerking waarop het Besluit afwijkende regels beperking export uitkeringen van toepassing is
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het buiten toepassing blijven voor categorieën van werknemers dat het recht op uitkering dat geheel of gedeeltelijk is geëindigd slechts kan herleven binnen 6 maanden na het vervallen van de omstandigheid of omstandigheden
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van een categorie vreemdelingen die het recht hebben zich als werkzoekende door de Centrale organisatie voor werk en inkomen te laten registreren.
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit SUWI (Stb. 2001, 688)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 25 eerste lid onder d;
Waardering: B 1
(204)
Handeling: Het – gehoord de SER – bij AMvB vaststellen van nadere regels met betrekking tot het begrip ‘indexcijfer der lonen’ en andere indexcijfers.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1952, 474) zoals gewijzigd (Stb. 1960, 265) art. 1a vierde en vijfde lid (b.w. Stb. 1966, 85); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1960, 265) art. 4a vierde en vijfde lid (b.w. Stb. 1964, 484); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 46 tweede lid; Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) zoals gewijzigd (Stb. 1960, 265) art. 55a vierde en vijfde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1972, 43) art. 15 zevende lid, gewijzigd (Stb. 1979, 711) tweede lid; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 9, 23a zesde lid en 27 zesde lid; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 21; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 11a, gewijzigd (Stb. 1979, 709) art. 13; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 22 (b.w. Stb. 1979, 709); Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1962, 257) art. 11 en (sinds Stb 1964, 581) art 9a (b.w. Stb. 1979, 709); Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (Stb. 1968, 657) art. 14 eerste lid
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van de hoogte van de toeslag op het minimumdagloon of de grondslag ter realisering van de gewenste koopkrachtontwikkeling.
Grondslag: Wet herziening aanpassingsmechanismen en vaststelling hoogte sociaal minimum (Stb. 1979, 711) art. XIV en XVIII
Periode: 1979–1982
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 5 augustus 1980 (Stb. 1980, 448)
– Besluit van 5 augustus 1980 (Stb. 1980, 451)
Opmerking: De hoogte van de toeslag in deze besluiten vast gesteld, is vervolgens in een aantal besluiten gewijzigd. In 1981 respectievelijk 1982 zijn de toeslagen op de grondslagen en het minimumdagloon komen te vervallen.
Waardering: B 1
(208)
Handeling: Het – (tot 1995) gehoord de SER – bij AMvB vaststellen van regels ter voorkoming of beperking van samenloop van uitkeringen ingevolge Nederlandse sociale verzekeringswetten met uitkeringen ingevolge de sociale verzekeringswetten van andere mogendheden.
Grondslag: Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 24; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 52, zoals gewijzigd art. 65 tweede lid (Stb. 1997, 794), art. 65c tweede lid (Stb. 1997, 176); Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 43 (b.w. Stb. 1997, 178); Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) zoals gewijzigd (Stb. 1965, 347) art. 18a, gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 22, gewijzigd (Stb. 2001, 692); Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) zoals gewijzigd (Stb. 1965, 347) art. 30a; Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690), zoals gewijzigd Stb. 2001, 692, art. 20; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 59 tiende lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 59 achtste lid; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 51 negende lid; Wet premiedifferentiatie en marktwerking bij arbeidsongeschiktheidsverzekeringen (Stb. 1997, 175), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 65 tweede lid;
Periode: 1962–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 22 december 1972 (Stb. 1972, 772)
– Besluit van 19 oktober 1976 (Stb. 1976, 526)
Waardering: B 5
(209)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de samenloop van een uitkeringen met andere inkomsten (uit uitkeringen, arbeid, pensioenen).
Grondslag: o.a.: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 26a, 31 en zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 32; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 20 en 52d vierde lid en zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 100 tweede lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 20 tweede lid, 44 vijfde en zesde lid, 46a, 65 eerste lid (Stb. 1997, 794) en 65c eerste lid (Stb. 1997, 175); Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 7 tweede lid, 33 vijfde en zesde lid, 36a; Wet overgangsregeling Ziektewet (Stb. 1967, 103) art. 11 vierde lid; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen(Stb. 1997, 176), art. 58 vijfde en zesde lid, art. 59 negende lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 59 zevende lid, 83 vijfde lid; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 50 vijfde en zesde lid, 51 achtste lid, 66 vierde lid;
Periode: 1940–
Product: (ministeriële) regeling, o.a.:
– Regeling samenloop arbeidsongeschiktheidsuitkering met inkomsten uit arbeid (Stcrt. 1994, 34)
Waardering: B 5
(1000)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de berekening van het aantal arbeidsuren alsmede het geheel of gedeeltelijk samenlopen van uitkeringen waarvoor voor een werknemer het recht op uitkering eindigt.
Handeling: Het (bij of krachtens AMvB) stellen van regels ter voorkoming van dubbele kinderbijslag of samenloop van kinderbijslag ingevolge de AKW met kinderbijslag op grond van een andere wet of regeling.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor invaliditeits-, ouderdoms- en wezenrentetrekkers (Stb. 1948, I 309) art. 4 tweede lid; Kinderbijslag voor kleine zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 10 tweede lid, gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 12 derde en vierde lid (b.w. Stb. 1979, 709); Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 14 en 15, vernummerd (Stb. 1980, 1) art. 15–16, gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 18 zesde lid en 20; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 25–26 (b.w. Stb. 1979, 709); Kindertoelageregeling overheidspersoneel (Stb. 1963, 219) art. 10 en 12 derde lid
Periode: 1948–
Product: ministeriële regeling/algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Regeling samenloop kinderbijslag op grond van de AKW met buitenlandse kinderbijslag of kinderbijslag op grond van een regeling van een volkenrechtelijke organisatie (Stcrt. 1998, 22)
Waardering: B 5
(211)
Handeling: Het bij AMvB (gehoord de Sociale Verzekeringsraad) vaststellen van regels inzake de bevoegdheid van de Sociale Verzekeringsbank om de kinderbijslag te verrekenen met de Minister van Onderwijs en Wetenschappen, na 1 januari 1994 de Informatie Beheer Groep, indien kinderbijslag tegelijk met studiefinanciering of een tegemoetkoming in de studiekosten is uitgekeerd.
Grondslag: Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) zoals gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 25 tweede lid (b.w. Stb. 1995, 220); Wet op de studiefinanciering (Stb. 1986, 252) zoals gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 150 (b.w. Stb. 1995, 220)
Periode: 1991–1995
Product: algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Een dergelijke amvb is niet tot stand gekomen. De bevoegdheid van de SVB en de Informatie Beheer Groep (IBG) om gelijktijdig verleende kinderbijslag en studiefinanciering of tegemoetkoming in de studiekosten met elkaar te verlenen is in 1995 (Stb. 220) direct in de wetten (en in de Wet tegemoetkoming studiekosten, Stb. 1995, 676) opgenomen.
Waardering: V 5 jaar
(212)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de aanvullende werking van de AAW op pensioenen en uitkeringen die ingevolge andere regelingen (ABP-wet, WAMIL, SPW) uitgekeerd worden.
Handeling: Het stellen van regels voor het beheer door de fondsen van gelden die wegens samenloop van pensioenen en uitkeringen niet uitgekeerd hoeven te worden.
Grondslag: Wet interimregeling inzake beperking van samenloop van pensioenen en uitkeringen ingevolge de AWW (Stb. 1959, 140) art. 7 tweede lid, vernummerd (Stb. 1967, 99) vierde lid
Periode: 1959–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 2 september 1959, nr. 3600
– Regeling Interimwet A.W.W. (Stcrt. 1967, 122)
Waardering: V 10 jaar
(214)
Handeling: Het vaststellen van de hoogte en (afwijkende) duur van het ziekengeld.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 37 tweede lid, 38 eerste lid, 63 eerste lid, 67 derde lid, 82 derde lid en 117 tweede lid; Besluit van 25 september 1943 (Vb. 1943, 91) art. 1 en 2 (b.w. Stb. 1950, K 664 en Stb. 1952, 343)
Periode: 1945–1952
Product: beschikking
Opmerking: In de periode 1943–1950 werd de hoogte van het ziekengeld door de minister in overeenstemming met de gevolmachtigde voor de prijzen vastgesteld.
Waardering: B 5
(215)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van afwijkende dagloonbepalingen voor groepen van werknemers.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 6 vijfde lid
Periode: 1945–1953
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 6 juli 1937 (Stb. 1937, 852)
– Besluit van 30 augustus 1937 (Stb. 1937, 858)
– Besluit van 14 maart 1938 (Stb. 1938, 848)
– Besluiten van 7 februari 1953 (Stb. 1953, 56, 58 en 59)
– Besluit van 1 april 1953 (Stb. 1953, 158)
Waardering: B 5
(1001)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het geheel of gedeeltelijk eindigen van rechten op loongerelateerde uitkering en vervolguitkering enerzijds en op kortdurende uitkering anderzijds, bij samenloop van deze rechten.
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot het inkomen uit of in verband met arbeid in het bedrijfs- en beroepsleven van de echtgenoot van de pensioengerechtigde en/of nabestaande.
Handeling: Het vaststellen van algemene en bijzondere regels ten aanzien van het bepalen van de hoogte van de dagloon voor de berekening van de uitkeringen.
Grondslag: o.a.: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 9 zevende lid gewijzigd bij (Stb. 1953, 578) art. 9a eerste lid, gewijzigd bij (Stb. 1967, 396) art. 12a eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1967, 42); Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1953, 473) art. 8a, gewijzigd en vernummerd (Stb. 1967, 473) art. 15 (gewijzigd Stb. 1997, 96) en art. 16; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 14, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 14 tweede en derde lid; Wet aanpassing daglonen Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1967, 102) art. 3; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 45 tweede en derde lid en 52i en gewijzigd (Stb. 2001, 692), art. 58 derde lid; Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid (Stb. 1987, 94) art. 34 tweede, derde en zesde lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 34 derde en vierde lid; Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria (Stb. 1996, 93), art. 9 achtste lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 9 negende en zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 9 tiende lid; Invoeringswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen (Stb. 1997, 178), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. V tweede lid onder b en vijfde lid;
Periode: 1997–
Product: (ministeriële) regeling, onder andere:
– Regeling vrijwillige WAO-verzekering voor groepen gewezen AAW-verzekerden en vrijwillig AAW-verzekerden (Stcrt. 1998, 43)
– Aanpassingsregeling arbeid en zorg (Stcrt. 2002, 171
Opmerking: Het Lisv/UWV kan – zo nodig in afwijking van de door de minister vastgestelde regels – regels stellen met betrekking tot de vaststelling van het dagloon voor één of meer categorieën werknemers. De regels van het Lisv/UWV behoeven dan wel de goedkeuring van de minister.
Waardering: B 1
(217)
Handeling: Het goedkeuren van algemene en bijzondere regels van het Lisv/het UWV inzake het dagloon dan wel het zelf vaststellen van nadere regels.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1953, 578) art. 8a derde lid en zoals gewijzigd (Stb. 1986, 567) art. 15; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 396) art. 12a en 12c; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 655) art. 117 (b.w. Stb. 1994, 916); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 238) art. 14; Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1967, 102) art. 5 derde lid; Wet van 29 december 1982 (Stb. 1982, 737) art. III tweede lid; Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid (Stb. 1987, 94) art. 34 vierde lid
Periode: 1967–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling van 29 juni 1967, nr. 58 063 (Stcrt. 1967, 130)
– Regelen met betrekking tot de vaststelling van een minimumdagloon (Stcrt. 1976, 150)
– Regeling van 29 december 1980, nr. 56 539 (Stcrt. 1980, 252)
– Regeling van 12 oktober 1983, nr. 53 227 (Stcrt. 1983, 206)
– Goedkeuring bijzondere dagloonbesluiten WAO (Stcrt. 2002, 56)
Waardering: B 1
(219)
Handeling: Het (bij AMvB) halfjaarlijks vaststellen van het percentage waarmee de hoogte van de daglonen, grondslagen en toeslagen voor de uitkeringen wordt gewijzigd.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 44 en 46 eerste lid, gewijzigd (Stb. 1991, 624) art. 46 eerste tweede lid en vierde lid, gewijzigd (Stb. 1994, 955) art. 52i; Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid art. 24 derde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 15; Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1967, 102) art. 18 en 23; Wet aanpassing daglonen Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1971, 340) art. 6–7; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 11, 11a en 97, gewijzigd (Stb. 1986, 567) art. 10 vijfde lid; Wet van 23 juni 1976 (Stb. 1976, 345) art. 15; Wet van 25 juni 1980 (Stb. 1980, 325) art. 7; Wet van 24 december 1980 (Stb. 1980, 717) art. 7
Periode: 1966–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, o.a.
– Herziening kopjesbedragen Invoeringswet stelselherziening per 1 juli 1997 (Stcrt. 1997, 118)
– Aanpassing kopjesbedragen per 1 januari 1998 (Stcrt. 1997, 244)
– Regeling aanpassing kopjesbedragen per 1 januari 1999 (Stcrt. 1999, 244)
Opmerking: Om de hoogte van de uitkeringen te kunnen wijzigen dient voor de WW- en WAO-uitkeringen het dagloon aangepast te worden en voor de AAW-uitkeringen de grondslagen. Deze worden twee maal per jaar met een bepaald percentage gewijzigd, dat tot 1972 bij AMvB werd vastgesteld en sindsdien bij ministeriële regeling. Een tussentijdse wijziging of een besluit herziening van de hoogte achterwege te laten geschiedde bij AMvB (bijv. Stb. 1974, 311, en 1977, 39).
Waardering:B 1
(220)
Handeling: Het geven van toestemming aan bedrijfsverenigingen om bij de herziening van het dagloon, na het afschaffen van het minimumdagloon in de WAO, af te wijken van de daarbij gestelde regels.
Grondslag: Regeling van 12 oktober 1983, nr. 53 227 (Stcrt. 1983, 206) zoals gewijzigd (Stcrt. 1984, 110) art. 4
Periode: 1984–
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(222)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van nadere regels inzake de verhoging van daglonen in verband met de verlaging van de uitkeringspercentages bij de stelselherziening.
Grondslag: Wet van 1 mei 1987 (Stb. 1987, 242) art. 5
Periode: 1987–1990
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 27 mei 1988 (Stb. 1988, 311)
Opmerking: De wet van 1 mei 1987 gold voor daglonen ingevolge de WW, de WWV en de WAO.
Waardering: B 1
(223)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake het inhouden van bepaalde premies op de vakantieuitkering.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 711) art. 79a derde en vierde lid (b.w. Stb. 1986, 639)
Periode: 1979–1986
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar
(225)
Handeling: Het (sinds 1987 bij AMvB) vaststellen van nadere regels inzake de bepaling van de grondslag van personen die voorafgaand aan het intreden van de arbeidsongeschiktheid, niet in een voor zijn beroep normaal te achten duur arbeid heeft verricht.
Grondslag: Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 708) art. 10 vijfde tot en met negende lid, gewijzigd (Stb. 1988, 567) zesde lid
Periode: 1979–
Product: ministeriële regeling/algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit regels arbeid van normaal te achten duur AAW (Stcrt. 1980, 133; vervangen 1987, Stb. 42)
– Besluit gemiddeld per dag verworven inkomen AAW (Stcrt. 1980, 133; vervangen 1987, Stb. 43)
Waardering: B 5
(226)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de bepaling van de periode voor de herbeoordeling van de grondslag voor de AAW-uitkering.
Grondslag: Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 708) art 10a tweede en derde lid (b.w. Stb. 1987, 567)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels met betrekking tot de toepassing van de vereveningsbijdrage.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 711) art. 26 derde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1982, 737) art. 76a, gewijzigd (Stb. 1989, 127) art. 41a derde en vierde lid; Wet van 29 december 1982 (Stb. 1982, 737) art. III tweede lid en V
Handeling: Het vaststellen van nadere regels inzake de maximering van AAW-uitkeringen van gehuwden.
Grondslag: Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 708) art. 12c derde lid (b.w. Stb. 1986, 567); Wet invoering gelijke uitkeringsrechten voor mannen en vrouwen (Stb. 1979, 708) art. IV tiende lid
Periode: 1979–1986
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit ex art. 12c, derde lid (Stcrt. 1986, 251)
Waardering: B 1
(229)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels inzake de maximering van Ziektewetuitkeringen op 100% van het loon.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1984, 309) art. 29, gewijzigd (Stb. 1987, 88) art. 29 tiende lid (b.w. Stb. 1993, 750)
Periode: 1984–1993
Product: regels
Waardering: B 1
(230)
Handeling: Het – gehoord de Sociaal-Economische Raad – (bij AMvB) herzien van de hoogte van pensioenen, uitkeringen en vrijstellingsbedragen ingevolge de AOW, de AWW/Anw en de Kinderbijslagwetten.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 9, 66 en (sinds Stb. 1979, 711) 22c, gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 12 en 30; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 21 en (sinds Stb. 1979, 711) art. 37c, gewijzigd (Stb. 1989, 127) art. 20, 21a tweede lid en 37c; Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 17–19, 25, 29 en 31; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 11a, vernummerd (Stb. 1980, 1) art. 13; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 22 (b.w. Stb. 1979, 709); Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1962, 257) art. 11 en (sinds Stb. 1964, 581) art. 9a (b.w. Stb. 1979, 709); Wet herziening aanpassingsmechanismen en vaststelling hoogte sociaal minimum (Stb. 1979, 711) art. IV–V
Periode: 1945–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, o.a.:
– Vaststelling pensioen- en uitkeringsbedragen AOW per 1 juli 1997 (Stcrt. 1997, 199)
– Besluit van 24 december 1997, houdende verhoging van het basiskinderbijslag bedrag en enige rangordebedragen (Stb. 1997, 799)
– Besluit indexering AKW en TOG bedragen juli 1997 (Stcrt. 1997, 124)
– Regeling herziening bedragen genoemd in artikelen 9 en 29 Algemene Ouderdomswet (Stcrt. 1998, 61)
– Besluit van 26 juni 1998 houdende verhoging van het basiskinderbijslagbedrag en van enige rangordebedragen (Stb. 1998, 387)
– Besluit bijzondere verhoging kinderbijslag januari 2000 (Stb. 1999, 601)
– Herziening bedragen ouderdomspensioen en vakantie-uitkering AOW (Stcrt. 2002, 245), (Stcrt. 2003, 54)waardering: B 1
(231)
Handeling: Het (bij AMvB) besluiten tot (tijdelijke) verhoging van de kinderbijslagen.
Periode: 1945–1962
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Beschikking van de Secretarissen-Generaal van Sociale Zaken en Financiën van 30 november 1942 (Stcrt. 1943, 19)
– Besluit van 10 augustus 1945 (Stb. 1945, F 143)
Waardering: B 1
(232)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van voorwaarden voor de herziening van de bedragen van de kinderbijslagregelingen.
Grondslag: Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 11a eerste lid (b.w. Stb. 1979, 711); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 22 eerste lid (b.w. Stb. 1979, 709); Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1962, 257) art. 11 eerste lid (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1962–1980
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Handeling: Het vaststellen van regels voor het herleiden van gedeelten van jaarpremies en van kalenderjaren tot hele jaarpremies en kalenderjaren in verband met kortingen op het pensioen.
– Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 17 juni 1957, nr. 1869 (Stcrt. 1957, 118)
– Regeling herleiding gedeelten van kalenderjaren en van jaarpremies (Stcrt. 1985, 125)
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(234)
Handeling: Het stellen van regels inzake de vaststelling van het inkomen van de partner van de pensioengerechtigde bij de vaststelling van het pensioen en eventuele toeslagen.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) zoals gewijzigd art. 10 vijfde lid; vernummerd (Stb. 1988, 119) vierde lid
Periode:
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Inkomensbesluit AOW 1996 (Stcrt. 1996, 122)
Waardering: B 1
(235)
Handeling: Het aanwijzen van gevallen waarin het pensioen van echtgenotes jonger dan de pensioengerechtigde niet gekort wordt.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 10 tweede lid (b.w. Stb. 1985, 180)
Periode: 1956–1985
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 15 maart 1957, nr. 1459 (Stcrt. 1957, 56)
Waardering: B 1
(236)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de toepassing van art. 72 voor ongehuwde pensioengerechtigden met een kind jonger dan 18 jaar.
– Regels op grond van artikel 72a AOW (ongehuwde pensioengerechtigden met jonge kinderen) (Stcrt. 1986, 250)
Waardering: B 1
(237)
Handeling: Het herzien van de pensioen- en uitkeringsbedragen AOW en AWW welke buiten beschouwing dienen te blijven bij een pensioenregeling van een fonds of werkgever.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) zoals gewijzigd (Stb. 1970, 350) art. 60a; gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 72 (b.w. Stb. 1994, 496); Regels op grond van artikel 72a AOW (ongehuwde pensioengerechtigden met jonge kinderen (Stcrt. 1986, 250) art. 2 tweede en derde lid; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) zoals gewijzigd (Stb. 1970, 350) art. 21a
Periode: 1970–
Product: ministeriële regeling
Opmerking: De wijzigingen van de bedragen zijn in de Staatscourant gepubliceerd.
Waardering: B 1
(238)
Handeling: Het, gehoord de Sociaal-Economische Raad, verlenen van vrijstelling van wettelijke bepalingen inzake het niet mogen wijzigen van pensioentoezeggingen in pensioenregelingen, die rekening houden met een pensioen of uitkering ingevolge de AOW en de AWW.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) zoals gewijzigd (Stb. 1985, 180) art. 73 (b.w. Stb. 1994, 496); Regels op grond van artikel 72a AOW (ongehuwde pensioengerechtigden met jonge kinderen) (Stcrt. 1986, 250) art. 3; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 396) art. 21 veertiende lid, vernummerd (Stb. 1972, 43) tiende lid en (sinds Stb. 1970, 350) art. 21a derde en vierde lid; gewijzigd (Stb. 1985, 180) art. 21b (b.w. Stb. 1994, 496)
Periode: 1967–1994
Product: beschikking
Waardering: V 40 jaar
(240)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de vakantie-uitkering.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) zoals gewijzigd (Stb. 1970, 350) art. 22d; vernummerd (Stb. 1979, 711) art. 22f, gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 33; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) zoals gewijzigd (Stb.1970, 350) art. 37e, vernummerd (Stb. 1979, 711) art. 37f en (sinds Stb. 1989, 127) 37b tiende lid; Wet van 9 juli 1970 (Stb. 1970, 350) art. XII; Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 32 en 50
Opmerking: Onder ‘bijdragen’ worden ook verstaan: (vakantie)bonnen, zegels, certificaten en andere dergelijke bewijzen.
Waardering: B 1
(243)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van bijzondere bepalingen voor de toepassing van de Ziektewet op bepaalde groepen personen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 145, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 87 eerste (en derde) lid
Periode: 1945–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Arbeidsgehandicaptenbesluit (Stb. 1998, 488)
Waardering: B 1
(246)
Handeling: Het (bij AMvB) geven van nadere regels in situaties waarin de Ziektewet niet heeft voorzien.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 36 eerste lid en 144, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 45, 59 en 86 (b.w. Stb. 1992, 82); Wet overgangsregeling Ziektewet (Stb. 1967, 103) art. 22
Periode: 1945–1992
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling
Waardering: B 1
(247)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels voor de bevoegdheid van bedrijfsverenigingen om toestemming aan werkgevers te geven voor het zelf dragen van het risico van de wettelijke ziektegeldverzekering.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 750) art. 10a eerste lid
Periode: 1994
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(249)
Handeling: Het vaststellen van regelingen inzake de subsidiëring van wachtgeldregelingen.
Periode: 1945–1952
Product: ministeriële regelingen, onder andere:
– Wachtgeldregeling 1946 (Stcrt. 1945, 131)
Waardering: B 1
(250)
Handeling: Het vaststellen dat een publiekrechtelijke werkloosheidsregeling gelijkwaardig is aan de regeling van de Werkloosheidswet.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 4 eerste lid; Wet van 20 juli 1967 (Stb. 1967, 396) art. XIV eerste lid
Periode: 1949–1980
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(1003)
Handeling: Het vaststellen van regels omtrent het verstrekken door het Lisv/UWV van gegevens over ziekteverzuim van werknemers aan de minister.
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de bevoegdheid van het Lisv/UWV de uitkering van het ziekengeld geheel of gedeeltelijk te weigeren.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1987, 88), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 44 derde lid;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1017)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de aangifte door de werkgever van de ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid van zijn werknemer
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels voor aanspraken op een werkloosheidsuitkering ingevolge de ABP voor bepaalde groepen ambtenaren.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 396) art. 6 derde lid; Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid (Stb. 1986, 567), gewijzigd (Stb. 1998, 742), art. 10 eerste lid;
Periode: 1981–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit voorschriften inzake aanspraken bij onvrijwillige werkloosheid voor bepaalde groepen ambtenaren in de zin van de Algemene burgerlijke pensioenwet (Stb. 1979, 769; vervangen Stb. 1986, 686)
Waardering: B 1
(252)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels ten aanzien van de aanspraak op een wachtgeld- of werkloosheidsuitkering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 36 vijfde lid, vernummerd (Stb. 1953, 117) art. 27 vijfde lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) zoals gewijzigd (Stb. 1990, 316) art. 19 achtste lid, vernummerd (Stb. 1993, 744) zevende lid; Wet tot nadere wijziging van de Werkloosheidswet (Stb. 1993, 744) art. III derde lid; Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid (Stb. 1986, 567) art. 9 en 21 vijfde lid
Periode: 1949–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
Handeling: Het aanwijzen van bijzondere gevallen waar wel het recht op een werkloosheidsuitkering bestaat indien de werkloosheid het gevolg is van werkstaking of uitsluiting
Opmerking: Hieronder vallen ook de regels waarbij bepaalde groepen werknemers worden vrijgesteld van de verplichting om passende arbeid te aanvaarden of om zich als werkzoekende te laten registreren. Tevens wordt hieronder ook begrepen de regels omtrent de onderbreking van werkloosheid.
Waardering: B 5
(254)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels ten aanzien de berekening van het verlies van arbeidstijd bij het beslissen tot het toekennen van een werkloosheidsuitkering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 16 derde lid, vernummerd (Stb. 1993, 744) vijfde lid, vernummerd (Stb. 2001, 625), zevende lid en (Stb. 1997, 96), art. 100 tweede lid;
Periode: 1986–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit nadere regeling verlies van arbeidsuren (Stb. 1986, 687)
Opmerking: Hieronder wordt ook verstaan het stellen van regels t.a.v. het gelijktijdig of opvolgend verlies van arbeidsuren.
Waardering: B 5
(255)
Handeling: Het (vanaf 1986 bij AMvB) vaststellen van regels betreffende de referte-eis (het aantal dagen dat een werknemer arbeid verricht moet hebben in een bepaalde periode voorafgaand aan de intrede van werkloosheid).
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1981, 133) art. 35 zesde lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 17 vierde lid en 42 negende lid, gewijzigd (Stb. 1994, 955; Stb. 2001, 625), 17a derde lid en 17b zevende lid
Periode: 1981–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.
– Besluit verlaagde wekeneis en arbeidsverledeneis Werkloosheidswet (Stb. 1987, 633)
Handeling: Het ten aanzien van groepen van personen stellen van regels inzake de berekening van het verlies van arbeidstijd (referte-eis) bij het beslissen tot het toekennen van een werkloosheidsuitkering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 16 en 17 vijfde lid, gewijzigd (Stb. 1994, 955) art. art. 17a vierde lid
Periode: 2001–
Product: (Ministeriële) regeling, onder andere:
– Regels om bij de berekening van het aantal arbeidsuren, uren waarin geen arbeid is verricht, gelijk te stellen met arbeidsuren, en uren, waarin arbeid is verricht, buiten beschouwing te laten, als gerectificeerd in Stcrt. 1987, 45 (Stcrt. 1986, 248; gewijzigd Stcrt. 2002, 84)
Waardering: B 5
(257)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB vaststellen van bijzondere bepalingen voor de toepassing van de Werkloosheidswet op bepaalde groepen personen.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1961, 262) art.21 zevende lid, gewijzigd (Stb. 1967, 396) art. 49a; Besluit beperking recht op uitkering van personen, die met onderbrekingen bij dezelfde werkgever werkzaam zijn (Stb. 1976, 719) art. 1 derde lid
Periode: 1962–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit uitkering ingevolge de WW bij bijzondere werktijdregeling (Stb. 1961, 301; vervangen Stb. 1967, 363; Stb. 1970, 292)
– Besluit beperking recht op uitkering aan personen bedoeld in artikel 5, onder e, van de Werkloosheidswet (Stb. 1968, 36)
– Besluit toepassing van de Werkloosheidswet ten aanzien van partieel leerplichtige werknemers (Stb. 1972, 749)
– Besluit beperking recht op uitkering van personen, die met onderbrekingen bij dezelfde werkgever werkzaam zijn (Stb. 1976, 719)
– Besluit werkloosheidsuitkering cursisten aan een Centrum voor vakopleiding (Stb. 1983, 373)
Waardering: B 1
(261)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels omtrent het begrip passende arbeid.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) zoals gewijzigd (Stb. 1994, 955) art. 24 vierde lid
Periode: 1994–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit passende arbeid schoolverlaters en academici (Stb. 1995, 604)
Waardering: B 1
(262)
Handeling: Het voor de toepassing van de werkloosheidswetgeving gelijkstellen van uitkeringen met ouderdomspensioen.
– Regeling gelijkstelling van uitkeringen met ouderdomspensioen (Stcrt. 1991, 244)
Waardering: B 5
(1033)
Vervallen
(1034)
Handeling: Het bij AMvB bepalen dat voor bepaalde aangiften van werkloosheid bij het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen in plaats van het Centrale organisatie voor werk en inkomen worden gedaan.
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van nadere regels in verband met de overgang van de invaliditeits- en ongevallenwetten naar de WAO.
Grondslag: Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1967, 102) art. 18, 20 tweede lid en 57 tweede lid
Periode: 1967–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 22 juni 1967 (Stb. 1967, 333)
– Besluit verhoging daglonen van in het buitenland wonende personen (Stb. 1967, 338)
– Besluit uitvoering afwikkeling liquidatieuitkeringen en voorzieningen (Stb. 1967, 453)[dit besluit mede op grond van de Liquidatiewet ongevallenwetten en de Liquidatiewet invaliditeitswetten]
Waardering: B 1
(1035)
Handeling: Het stellen van regels voor gevallen waarbij direct herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering plaatsvindt.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 15 eerste lid onder d en derde lid; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 14 derde lid;
Periode: 1997–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(264)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake het vastleggen van gegevens door werkgevers omtrent bedrijfsongevallen en beroepsziekten en verstrekken van inlichtingen daaruit aan [bedrijfsverenigingen of een door de bedrijfsvereniging of de GMD aangewezen instelling, sinds 1997] het Landelijk instituut sociale verzekeringen en sinds 2001 aan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 64, gewijzigd (Stb. 1976, 473) art. 98c
Periode: 1966–
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 5
(265)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels waarbij personen die niet verzekerd zijn en die (meer) arbeidsongeschikt worden als gevolg van een beroepsziekte als verzekerd kunnen worden beschouwd.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 17 vierde lid en 66 vierde lid
Periode: 1966–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit aanspraken bij beroepsziekten van niet ingevolge de WAO verzekerden (Stb. 1967, 380)
Waardering: B 1
(266)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB vaststellen van nadere regels inzake de invulling van het begrip arbeidsongeschiktheid in de zin van de arbeidsongeschiktheidsverzekeringen (WAO en AAW).
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1976, 473) art. 18 derde lid, gewijzigd (Stb. 1986, 561) achtste lid, negende en (Stb. 1997, 175) tiende lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 5 derde lid, vernummerd (Stb. 1986, 561) negende lid (b.w. Stb. 1997, 178); Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 2 zevende t/m negende lid, art. 10; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 2 achtste en tiende lid; Schattingsbesluit (Stb. 1994, 596) art. 7 (b.w. Stb. 1997, 801); Schattingsbesluit WAO, Waz en Wajong (Stb. 1997, 801, b.w. Stb. 2000, 307);
Periode: 1976–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Regels met betrekking tot het arbeidsongeschiktheidscriterium (Stb. 1976, 415; vervangen Stb. 1980, 264)
– Schattingsbesluit (Stb. 1994, 596)
– Schattingsbesluit WAO, WAZ en Wajong (Stb. 1997, 801)
Opmerking: Nadere regels op grond van het Schattingsbesluit worden door de Minister van Sociale Zaken in overeenstemming met de Ministers van Binnenlandse Zaken en Defensie vastgesteld. Dit in verband met de toepasselijkheid op de Algemene burgerlijke pensioenwet en Algemene militaire pensioenwet.
Hiervan wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
Dit betreft ook het stellen van regels omtrent een afwijkende wijze van vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid.
Waardering: B 1
(1036)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de vaststelling en berekening van de geschatte loonwaarde, die een betrokkene nog met arbeid kan verdienen.
Handeling: Het (bij of krachtens) AMvB vaststellen van nadere regels inzake het recht op toekenning van een arbeidsongeschiktheidsuitkering.
Grondslag: Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 708) art. 6 derde, tiende en elfde lid, 8 tweede lid en 90 (b.w. Stb. 1997, 178); Wet invoering gelijke uitkeringsrechten mannen en vrouwen (Stb. 1979, 708) art. VI derde lid; Invoeringswet stelselherziening (Stb. 1987, 567) art. 59; Wet van 3 mei 1989 (Stb. 1989, 126) art. V; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 19 zevende lid; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb.1997, 176), art. 23 derde lid;
Periode: 1979–
Product: ministeriële regeling/algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 2 november 1976 (Stb. 1976, 567)
– Besluit van 28 april 1980 (Verzekerden die geacht worden voor het intreden van de arbeidsongeschiktheid inkomen te hebben verworven) (Stb. 1980, 263)
– Inkomensbesluit AAW (Stcrt. 1980, 133, vervangen Stb. 1986, 657)
– Afwijkende regelen met betrekking tot het intreden van de arbeidsongeschiktheid (Stcrt. 1980, 169)
Opmerking: Dit betreft ook het recht op uitkering in verband met een bevalling.
Waardering: B 1
(1037)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de termijn waarbinnen een beschikking op aanvraag ingevolge de Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering dient te worden gegeven.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 87;
Periode: 1997–1999
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(268)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels inzake de bevoegdheid van bedrijfsverenigingen tot weigering van een arbeidsongeschiktheidsuitkering in geval van arbeidsongeschiktheid bij aanvang van de verzekering.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 708) art. 30 vierde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 708) art. 21 vijfde lid (b.w. Stb. 1997, 178)
Periode: 1979–
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 1
(269)
Handeling: Het (bij of krachtens AMvB) vaststellen van nadere regels voor de toekenning van voorzieningen tot behoud, herstel of ter bevordering van arbeidsgeschiktheid, genees- en heelkundige voorzieningen en voorzieningen tot verbetering van de levensomstandigheden door de bedrijfsverenigingen..
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 61 eerste lid en 65 (b.w. Stb. 1976, 473); Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 57 derde lid en (Stb. 1986, 300) art. 57a tweede lid (b.w. Stb. 1997, 178); Regelen met betrekking tot voorzieningen tot behoud, herstel of ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid en andere voorzieningen (Stb. 1976, 434) art. 4 derde lid, 5 tweede en derde lid, 6 vierde lid, 6a en 7 tweede lid; Besluit AAW-voorzieningenverstrekking (Stb. 1994, 150) art. 15
Periode: 1966–1997
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
Handeling: Het bepalen dat de toepasselijkheid van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet met ingang van een bepaalde datum eindigt.
Grondslag: Invoeringswet nieuwe en gewijzigd arbeidsongeschiktheidsregelingen (Stb. 1997, 178), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. II derde lid;
Periode: 1997–
Product: Ministeriële regeling
Opmerking: Het betreft het intrekken van de AAW met uitzondering van artikel 4 in combinatie met de artikelen 57, 57a, 58 en 59.
Waardering: B 1
(1039)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot te lande verblijvende vreemdelingen die recht hebben op een arbeidsongeschiktheidsuitkering.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 6a tweede lid;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1044)
Handeling: Het bepalen van categorieën van werkgevers die aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bekend dienen te maken hoeveel werknemers per bedrijf in dat kalenderjaar recht hebben gekregen op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, alsmede op welke wijze de openbaarmaking van deze gegevens door het UWV dient te geschieden.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2002, 647), art. 80a eerste en tweede lid;
– Uitvoeringsregeling Hoofdstuk III B AAW (Stcrt. 1992, 42)
Opmerking: Een quotumverplichting houdt in dat een werkgever verplicht is een bepaald percentage arbeidsgehandicapten in dienst dient te hebben.
Onder deze handeling valt ook het bij AMvB geven van bevoegdheid aan het Lisv/UWV voor het toekennen van een loonsuppletie bij werkaanvaarding tegen een lager loon dan de werkloosheidsuitkering bij een experiment.
Waardering: B 1
(271)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB vaststellen van nadere regels voor de Wet plaatsing van minder-valide arbeidskrachten of de Wet arbeid gehandicapte werknemers.
Grondslag: Wet plaatsing van minder-valide arbeidskrachten (Stb. 1947, H 283) art. 13; Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1986, 300) art. 1 onder b en d, 3 zesde lid, vernummerd (Stb. 1995, 355) vijfde lid, 5 tweede en derde lid, 6 vijfde lid, 10, 11 tweede en vierde lid en 28 (b.w. Stb. 1998, 290); Besluit ter uitvoering van de Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1988, 294) art. 2
Periode: 1947–1998
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit ter uitvoering van de Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1988, 294)
ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit tot aanwijzing van scholingsinstituten (Stcrt. 1991, 210)
Waardering: B 1
(272)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels omtrent de verhouding tussen het aantal werknemers en het aantal gehandicapte werknemers voor bepaalde ondernemingen.
Grondslag: Wet plaatsing van minder-valide arbeidskrachten (Stb. 1947, H 283) art. 3 tweede en derde lid; Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1986, 300) art. 3 (b.w. Stb. 1998, 369); Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 5 eerste t/m vierde lid;
Periode: 1947–
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(274)
Handeling: Het stellen van regels ter bepaling in hoeverre zich de arbeidsbemiddelingstaak van de bedrijfsverenigingen en het ABP zich uitstrekt.
Grondslag: Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1986, 300) zoals gewijzigd (Stb. 1995, 560) art. 16 derde lid (b.w. Stb. 1998, 290)
Periode: 1995–1998
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1046)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot voorzieningen voor jonggehandicapten, die strekken tot behoud of herstel van de arbeidsgeschiktheid of die de arbeidsgeschiktheid bevorderen.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 24 derde en vierde lid
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1047)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de bepaling of iemand op grond van een medisch-arbeidskundige beoordeling tot de categorie arbeidsgehandicapten behoort.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 2 zesde lid, 3 eerste lid
Periode: 1998–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Arbeidsgehandicaptebesluit (Stb. 1998, 488)
Waardering: B 1
(1112)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de uitvoering door het Lisv van de bevordering van de inschakeling in het arbeidsproces van de arbeidsgehandicapte werknemer en de rol die de Arbeidsvoorzieningsorganisatie daarin heeft.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 14 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625);
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de overeenkomst tussen het Lisv en de Arbeidsvoorzieningsorganisatie omtrent de inkoop van dienstverlening van arbeidsgehandicapten.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag van reïntegratie-instrumenten voor werkgevers en arbeidsgehandicapten.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 278), gewijzigd (Stb. 2001, 644), art. 39;
Periode: 2002–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1049)
Handeling: Het erkennen van een instelling die het Lisv adviseert met betrekking tot de aanvraag van een arbeidsgehandicapte om een lening, borgtocht of starterskrediet.
Grondslag: Besluit starterskrediet arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 489), art. 3 eerste lid (b.w. Stb. 2003, 300);
Periode: 1998–2003
Product: Erkenningsbesluit
Waardering: V 10 jaar
(1054)
Handeling: Het aanwijzen van ambtenaren belast met het toezicht op de naleving van de verplichting voor de werkgever tot het aanbrengen van zodanige aanpassingen dat een arbeidsgehandicapte werknemer de arbeid kan blijven verrichten.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 9 derde lid;
Periode: 2002–
Product: Aanwijzingsbesluit, o.a.:
– Aanwijzingsregeling toezichthoudende ambtenaren en ambtenaren met specifieke uitvoeringstaken op grond van SZW-wetgeving (Stcrt. 2002, 203)
Waardering: B 4
(1055)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de samenwerking tussen het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen en de gemeenten in het kader van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 14 derde lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1056)
Handeling: Het bij AMvB bepalen van de voorwaarden waaronder de bevordering door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen van de inschakeling in het arbeidsproces van arbeidsgehandicapten niet van toepassing is op een aangewezen categorie arbeidsgehandicapten.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 14 vierde lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1057)
Vervallen
(1058)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het reïntegratieverslag dat de werkgever, in samenwerking met een Arbo-dienst, heeft opgesteld over zijn reïntegrerende werknemer.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290) gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 8 tiende lid;
Periode: 2002–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1059)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de uitvoering door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen van de uitbesteding aan reïntegratiebedrijven van de werkzaamheden die gericht zijn op reïntegratie van arbeidsgehandicapten.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 10 vijfde lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit SUWI (Stb. 2001, 688)
Waardering: B 1
(1060)
Handeling: Het vaststellen van regels met betrekking tot het aantekening houden door de werkgever van het verloop van de arbeidsongeschiktheid en de reïntegratie van zijn werknemer.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 71a zevende lid;
Periode: 2002–
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling procesgang eerste ziektejaar (Stcrt. 2002, 60)
Waardering: B 5
(1061)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot het niet of niet volledig nakomen of het verrichten van onvoldoende reïntegratie-inspanningen door de werkgever ten aanzien van zijn werknemer.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 71a tiende lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1062)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de overgang van de reïntegratietaak van de werkgever op het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen of op de gemeente.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 14 tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit SUWI (Stb. 2001, 688)
Waardering: B 1
(1063)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de werkzaamheden die gericht zijn op arbeidsinschakeling van de arbeidsgehandicapte niet-werknemer door het reïntegratiebedrijf alsmede in dat kader met betrekking tot de gegevensverwerking van de arbeidsgehandicapte niet-werknemer door het reïntegratiebedrijf.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290) gewijzigd Stb. 2001, 625 art. 33, lid 5
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1064)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de werkzaamheden die gericht zijn op arbeidsinschakeling van de arbeidsgehandicapte werknemer door het reïntegratiebedrijf alsmede in dat kader met betrekking tot de gegevensverwerking van de arbeidsgehandicapte werknemer door het reïntegratiebedrijf.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 33a derde lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1065)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot het persoonsgebonden reïntegratiebudget voor de arbeidsgehandicapte werknemer.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 33a vierde lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1066)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de terugvordering en de tenuitvoerlegging van besluiten tot terugvordering in het kader van het reïntegratie-instrumentarium arbeidsgehandicapten.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 35 achtste lid;
Periode: 2002–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1067)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels omtrent de reïntegratietaak van werkgevers ten aanzien van hun werknemers die door ziekte of gebrek niet in staat zijn de bedongen arbeid te verrichten.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 278), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 8 zevende lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit SUWI (Stb.2001, 688)
Waardering: B 1
(1068)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels omtrent de hoogte en de voorwaarden waaronder een subsidie kan worden verstrekt door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen aan een werkgever indien een werknemer van de werkgever arbeidsgehandicapt wordt en buiten het bedrijf van die werkgever ingeschakeld kan worden in de arbeid.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 278), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 15 tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit SUWI (Stb.2001, 688)
Waardering: B 1
(1069)
Vervallen
(1071)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de inhoud van de contracten tussen het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen/B&W en Arbo-diensten/reïntegratiebedrijven voor het verrichten van de reïntegratietaak.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Besluit SUWI (Stb. 2001, 688) art. 4.1 vierde lid
Waardering: B 5
(1072)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de vergoeding door de werkgever aan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen van de kosten die door het reïntegratiebedrijf of de Arbo-dienst aan het UWV in rekening worden gebracht voor het verrichten van werkzaamheden ter uitvoering van de persoonsgebonden reïntegratieovereenkomst.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2003–
Grondslag: Besluit SUWI (Stb. 2001, 688) art. 4.11 derde lid
Waardering: B 5
(1073)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de subsidievoorwaarden indien een persoonsgebonden reïntegratiebudget door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen wordt verstrekt.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2003–
Grondslag: Besluit SUWI (Stb. 2001, 688) art. 4.12 derde lid
Waardering: B 5
(1074)
Handeling: Het vaststellen van de hoogte van het bedrag dat aan subsidie in de vorm van een persoonsgebonden reïntegratiebudget en/of reïntegratieovereenkomst wordt verstrekt.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2003–
Grondslag: Besluit SUWI (Stb. 2001, 688) art. 4.13 eerste lid, art. 4.19 eerste lid
Waardering: V 7 jaar
(1075)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de inhoud van de persoonsgebonden reïntegratieovereenkomst.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2003–
Grondslag: Besluit SUWI (Stb. 2001, 688) art. 4.20 tweede lid
Waardering: B 5
(1076)
Handeling: Het bij AMvB bepalen dat UWV, B&W van gemeenten en werkgevers de werkzaamheden die gericht zijn op de inschakeling in de arbeid van werknemers, uitkeringsgerechtigden, werkzoekenden of arbeidsgehandicapten slechts kan laten verrichten bij een gecertificeerd reïntegratiebedrijf.
Product: Algemene maatregel van bestuur
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 14 eerste lid
Waardering: B 1
(1077)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels voor de afgifte van een certificaat aan een
bedrijf dat voldoet aan gestelde kwaliteits- en deskundigheidseisen om als reïntegratiebedrijf aangemerkt te worden.
Product: Algemene maatregel van bestuur
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art.14 tweede lid
Waardering: B 1
(1078)
Handeling: Het afgeven van het certificaat ‘reïntegratiebedrijf’.
Product: Certificaat
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art.14 derde lid
Waardering: V 10 jaar na vervallen certificaat
(1079)
Handeling: Het aanwijzen van een certificerende instelling voor de afgifte van
het certificaat reïntegratiebedrijf.
Product: Aanwijzingsbesluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art.14 derde lid, art. 15 eerste t/m derde lid
Waardering: B 4
(1080)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de aanvraag, intrekking of wijziging, de kosten en de wijze van betaling van het certificaat reïntegratiebewijs.
Product: Algemene maatregel van bestuur
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art.14 vijfde lid
Waardering: B 1
(1081)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de gronden waarop een aanwijzing aan een certificerende instelling kan worden gegeven, ingetrokken of gewijzigd alsmede voor het opstellen van een verslag van werkzaamheden ten behoeve van de minister.
Product Algemene maatregel van bestuur
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 15 vijfde lid
Waardering: B 1
(1082)
Handeling: Het bij AMvB bepalen dat het Lisv/het UWV een experiment inkoopt bij de Arbeidsvoorzieningsorganisatie (tot 1 januari 2002) of derden.
Opmerking: Het experiment heeft ten doel de inschakeling van werknemers in het arbeidsproces te bevorderen, die recht hebben op uitkering op grond van de Werkloosheidswet.
Waardering: B 1
(1084)
Handeling: Het betalen van een rijksbijdrage aan de Arbeidsvoorzieningsorganisatie voor een experiment.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 1999, 307), art. 130 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 690);
Periode: 1999–2001
Product: Rijksbijdrage, financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1051)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot hoogte van de vergoeding die door het Lisv/het UWV aan de uitvoeringsinstellingen wordt verstrekt ten behoeve van de werkzaamheden die zij verrichten aan een experiment.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 1999, 307), art. 130 vijfde lid onder d (b.w. Stb. 2001, 625); Tijdelijk besluit sluitende aanpak WW (Stb. 1999, 380) art. 5 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 687);
Periode: 1999–2001
Product: Ministeriële regels
Waardering: B 5
(1086)
Handeling: Het bepalen dat de hoogte van de vergoeding die door het Landelijk instituut sociale verzekeringen aan de uitvoeringsinstellingen wordt verstrekt, ten behoeve van de werkzaamheden die zij verrichten aan een experiment, afhankelijk is van het resultaat van die werkzaamheden.
Grondslag: Tijdelijk besluit sluitende aanpak WW (Stb. 1999, 380), art. 5 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 687);
Periode: 1999–2001
Product: Regeling
Waardering: V 7 jaar
(1088)
Handeling: Het goedkeuren van de regels van het Lisv/het UWV die zijn opgesteld voor onderdelen van het experiment.
Handeling: Het bepalen van het aantal uitkeringsgerechtigden waarvoor een traject door het Lisv/het UWV wordt vastgesteld dat gericht is op inschakeling in het arbeidsproces.
Opmerking: Het experiment heeft ten doel de inschakeling van werknemers in het arbeidsproces te bevorderen, die recht hebben op uitkering op grond van de Werkloosheidswet.
Waardering: B 1
(1009)
Handeling: Het bij AMvB bepalen dat voor bepaalde groepen werknemers kan worden afgeweken van een aantal bepalingen uit de Werkeloosheidswet ten behoeve van een experiment.
Opmerking: Het betreft o.a. het geven van regels omtrent de bevoegdheid van het UWV om een loonsuppletie toe te kennen bij werkaanvaarding tegen een lager loon dan de uitkering.
Waardering: B 1
(1012)
Handeling: Het bij AMvB opdragen aan het Lisv/het UWV om te bevorderen dat bepaalde groepen werknemers, die werkloos dreigen te worden, ingeschakeld blijven in de arbeid door middel van een experiment.
Opmerking: Het betreft een experiment dat ten doel heeft de inschakeling van werknemers, die recht hebben op uitkering op grond van de Werkloosheidswet, in het arbeidsproces te bevorderen.
Waardering: B 1
(1025)
Handeling: Het bepalen van het budget dat is bestemd voor experimenten alsmede het bepalen van het deel van het budget dat bestemd is voor het vaststellen de kosten van beheer en administratie door het UWV.
Handeling: Het vaststellen van regels inzake het recht op en de hoogte van een uitkering ingevolge de Toeslagenwet.
Grondslag: Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 4 tweede lid, 8 zesde lid en 9
Periode: 1987–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regels recht op toeslag tijdens eerste zes weken van ziekte (Stcrt. 1986, 250)
– Regels gelijkstelling ander inkomen met loondervingsuitkering (Stcrt. 986, 250)
Waardering: B 1
(276)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van nadere regels betreffende de bepaling van het inkomen van een uitkeringsgerechtigde.
Grondslag: Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 6 tweede lid
Periode: 1986–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Inkomensbesluit Toeslagenwet (Stb. 1986, 659)
Waardering: B 1
(277)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de indeling van de gemeenten in klassen voor de toepassing van de Noodwet Ouderdomsvoorziening.
Grondslag: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 3 eerste lid
Periode: 1947–1956
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 5 juli 1947 (Stb. 1947, H 224)
Waardering: B 1
(279)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van (groepen) personen die gelijkgesteld worden met de kring van uitkeringsgerechtigden voor de Noodwet Ouderdomsvoorziening.
Grondslag: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 4 tweede lid en zoals gewijzigd (Stb. 1950, K 370) art. 5 tweede lid
Periode: 1947–1956
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 19 november 1947 (Stb. 1947 H 368)
– Besluit van 31 juli 1951 (Stb. 1951, 332)
Waardering: B 1
(280)
Handeling: Het aanwijzen van groepen van gevallen, waarin van bepalingen van de wet ten aanzien van het recht op een ouderdomsuitkering afgeweken mag worden.
Grondslag: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) zoals gewijzigd (Stb. 1950, K 370) art. 10 eerste lid
Periode: 1950–1956
Product: beschikking
Waardering: B 1
(281)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de vaststelling van het jaarlijks inkomen in verband met het bestaan van het recht op een ouderdomsuitkering ingevolge de Noodwet Ouderdomsvoorziening.
Grondslag: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 7
Periode: 1947–1956
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van de Minister van Sociale Zaken van 20 juni 1947, nr. 2756 (Stcrt. 1947, 117)
Waardering: B 1
(282)
Handeling: Het, in overleg met de Minister van Binnenlandse Zaken, geven van voorschriften omtrent de samenstelling, taak en bevoegdheden en de bekostiging van de (plaatselijke) Commissies van Onderzoek.
Grondslag: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 25 vijfde lid en 26 tweede lid
Periode: 1947–1956
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling van de Ministers van Sociale Zaken en Binnenlandse Zaken van 20 juni 1947, nr. 2758 (afd. S.V.) en nr. 42297 (afd. B.B.) (Stcrt. 1947, 117)
– Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 29 april 1948, nr. 2477 (Stcrt. 1948, 85)
– Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 25 maart 1949, nr. 1479 (Stcrt. 1949, 61)
Waardering: B 4
(283)
Handeling: Het beslissen in geschillen tussen een gemeentebestuur en een Raad van Arbeid omtrent de hoogte van de vergoeding voor de Commissie van Onderzoek.
Grondslag: Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 29 april 1948, nr. 2477 (Stcrt. 1948, 85) art. 4–5; Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 25 maart 1949, nr. 1479 (Stcrt. 1949, 61) art. 4–5
Periode: 1948–1956
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(284)
Handeling: Het bepalen dat de Commissie van Onderzoek moet worden ingesteld door twee gemeenten tezamen, of per deel van een gemeente of voor een bepaalde groep van de bevolking.
Grondslag: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 25 tweede en derde lid
Periode: 1947–1956
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(285)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van nadere regels voor de uitvoering van de Noodwet Ouderdomsvoorziening en de toeslagenregelingen.
Grondslag: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 36; Wet van 26 maart. 1949 (Stb. 1949, J 143) art. 5; Wet van 20 april 1950 (Stb. 1950, K 158) art. 5
Periode: 1947–1956
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling
Waardering: B 1
(286)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake het aanmerken van een gehuwde vrouw als kostwinster.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 7 derde lid (b.w. Stb. 1985, 180)
Periode: 1956–1985
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 4 december 1956, nr. 5440 (Stcrt. 1956, 241)
Waardering: B 1
(287)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels met betrekking tot de inwerkingtreding van de wet en de overgangsrechten in verband met andere sociale voorzieningen.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 59, 61 derde lid en 63 negende lid; gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 70; Wet van 28 maart 1985 (Stb. 1985, 180) art. XVI; Wet van 6 november 1986 (Stb. 1986, 563) art III
– Beschikking van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 13 juli 1959, nr. 2262 (Stcrt. 1959, 134)
Opmerking: Het betreft de vaststelling van een overlijdensdatum van mensen die vermist zijn.
Pas na vaststelling van een datum ontstaat het recht voor nabestaanden op een uitkering.
Waardering: B 5
(289)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van vaststelling van het inkomen van een nabestaande.
Grondslag: Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 10 tweede lid (gewijzigd Stb. 2001, 692) en 20
Periode: 1995–
Product: algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Inkomens- en samenloopbesluit Anw (Stb. 1996, 306)
Waardering: B 5
(290)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van regels waarin bepaald wordt welke personen in afwijking van de bepalingen in de wet recht hebben op een pensioen of uitkering ingevolge de AWW, later de ANW.
Grondslag: Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) 11 vijfde lid, 14 derde lid, 17 derde lid, vernummerd (Stb. 1965, 347) vierde lid en 18 tweede lid; Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 15 tweede lid, 23 tweede lid en 27 tweede lid
Periode: 1959–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 2 juli 1959, nr. 2859 (Stcrt. 1959, 128)
Waardering: B 1
(291)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van gevallen, waarin uitsluitingsgronden voor het recht op pensioen ingevolge de AWW buiten toepassing blijven.
Grondslag: Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) zoals gewijzigd (Stb. 1971, 308) art. 59 derde lid
Periode: 1971–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 22 december 1971 (Stb. 1971, 802)
Waardering: B 1
(292)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de inwerkingtreding van de wet en rechten op andere sociale voorzieningen.
Grondslag: Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 70, 73, 76, 83 en 85;
Wet interimregeling inzake beperking van samenloop van pensioenen en uitkeringen ingevolge de AWW (Stb. 1959, 140) art. 18
Periode: 1959–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regelingen uitvoering interimregeling (Stcrt. 1959, 152 en 186)
Waardering: B 1
(1027)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot wie als nabestaanden worden aangemerkt met het oog op voorkoming van een onbillijkheid met de inwerkingtreding van de Algemene nabestaandenwet.
Handeling: Het stellen van regels omtrent de hoogte van de aan de Sociale Verzekeringsbank verschuldigde bijdrage om als onverzekerbaar persoon voor een nabestaandenuitkering in aanmerking te komen.
Grondslag: Besluit ex artikel 66a ANW (Stb. 1998, 378) art. 4 tweede lid;
Handeling: Het erkennen van bijzondere kinderbijslagregelingen.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 5 en (Stb. 1950, K 369) art. 25a derde lid, vernummerd (Stb. 1952, 475) 22 derde lid
Periode: 1945–1962
Product: beschikking, onder andere:
– Besluit van de Secretaris-Generaal van Sociale Zaken van 28 december 1944 (Stcrt. 1945, 14)
– Besluit van de Minister van Sociale Zaken van 24 december 1946 (Stcrt. 1946, 253)
– Besluit van 16 augustus 1947 (Stb. 1947, H 304)
Waardering: B 1
(295)
Handeling: Het, samen met de Minister van Binnenlandse Zaken, van Defensie, van Onderwijs en van Financiën, bij AMvB treffen van een kinderbijslagvoorziening voor personen in dienst van een enig overheidsorgaan of een instelling van onderwijs.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 10 (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1962–1980
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Opmerking: De kindertoeslagregeling overheidspersoneel (KTO) is in de loop van zijn bestaan verschillende malen aangepast. In 1979 is de regeling gelijk met de KWL en de KKZ ingetrokken.
Zie ook het institutioneel onderzoek ‘Arbeidsvoorwaarden Rijkspersoneel’ voor de handelingen van de andere ministers als overheidswerkgever.
Waardering: B 1
(297)
Handeling: Het bij AMvB bepalen dat bepaalde groepen arbeiders die niet in Nederland wonen voor kinderbijslag in aanmerking komen en dat bepaalde groepen buitenlandse arbeiders die in Nederland wonen niet voor kinderbijslag in aanmerking komen.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 26; vernummerd (Stb. 1952, 475) art. 24; Kinderbijslagwet voor invaliditeits-, ouderdoms- en wezenrentetrekkers (Stb. 1948, I 309) art. 10; Noodwet Kinderbijslag Kleine Zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 4
Periode: 1945–1962
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 20 juni 1947 (Stb. 1947, H 183)
– Besluit kinderbijslag voor in de Bondsrepubliek Duitsland wonende arbeiders (Stb. 1954, 160)
– Besluit kinderbijslag voor arbeiders, die in Spanje hun woonplaats hebben (Stb. 1961, 338)
– Besluit kinderbijslag voor arbeiders, die in Griekenland hun woonplaats hebben (Stb. 1962, 321)
Waardering: B 1
(298)
Handeling: Het aanwijzen van de gevallen waarin een gehuwde vrouwelijke rentetrekker recht heeft op kinderbijslag.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor invaliditeits-, ouderdoms- en wezenrentetrekkers (Stb. 1948, I 309) art. 2 eerste lid
Periode: 1948–1962
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 1
(299)
Handeling: Het bij AMvB bepalen dat de Kindertoelagewet voor gepensioneerden ook van toepassing is op andere dan in de wet genoemde groepen gepensioneerden of weduwen.
Grondslag: Kindertoelagewet voor gepensioneerden (Stb. 1950, K 501) art. 14
Periode: 1950–1962
Product: algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Een dergelijke AMvB diende medevoorbereid te worden door de Ministers van Binnenlandse Zaken, Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen, Financiën, Oorlog, Marine, en Verkeer en Waterstaat.
Waardering: B 1
(300)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van nadere voorwaarden voor het recht op kinderbijslag.
Grondslag: Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 7–8 en (van Stb. 1983, 147 tot Stb. 1995, 220) art. 9 tweede lid en zoals gewijzigd (Stb. 1995, 220) art. 27 vierde lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) zoals gewijzigd (Stb. 1950, K 369) art. 23 vijfde lid, vernummerd (Stb. 1952, 475) art. 19 vijfde lid (gewijzigd Stb. 1962, 257) art. 17 derde lid, 18 en 48 zesde en negende lid (b.w. Stb. 1979, 709); Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 6 derde lid en zoals gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 5 vijfde lid (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1950–
Product: ministeriële regeling/algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Regelen inzake het in belangrijke mate onderhouden van een kind door de verzekerde (Stcrt. 1962, 251; vervangen Stcrt. 1964, 217; Stcrt. 1980, 19; Stcrt. 1983, 124)
Opmerking: Sinds 1995 worden de regels betreffende het beoordelen van de mate waarin een kind door de verzekerde wordt onderhouden, bij AMvB vastgesteld.
Waardering: B 1
(301)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot vaststelling van de kosten voor het onderhoud van het kind en tot bepaling van het eigen inkomen van het kind.
Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) zoals gewijzigd (Stb. 1977, 670) art. 19a (b.w. Stb. 1979, 709); Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1962, 257) zoals gewijzigd (Stb. 1977, 670) art. 7a (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1977–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regelen ter bepaling inkomen kind voor beoordeling recht op kinderbijslag (Stcrt. 1978, 3)
– Regelen ter bepaling inkomen kind voor recht op kinderbijslag (Stcrt. 1980, 17)
Handeling: Het vaststellen van regels ter bepaling wat verstaan moet worden onder ‘nalatigheid om in het onderhoud van zich en zijn gezin te voorzien’.
Grondslag: Noodwet Kinderbijslag Kleine Zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 2 derde lid
Periode: 1951–1962
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 1
(304)
Handeling: Het geven van voorschriften over de vaststelling van het aantal kinderen op een peildatum.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) zoals gewijzigd (Stb. 1950, K 369) art. 24; vernummerd (Stb. 1952, 475) art. 20; Kinderbijslagwet voor Kleine Zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 8 derde lid
Periode: 1950–1962
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar
(305)
Handeling: Het, in overleg met de Ministers van Financiën, Economische Zaken en Landbouw, vaststellen van regels ter bepaling van het inkomen van een zelfstandige.
Grondslag: Noodwet Kinderbijslag Kleine Zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 7, gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 8 (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1951–1980
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regelen inzake de vaststelling van het inkomen van zelfstandigen (Stcrt. 1962, 251)
Waardering: B 5
(306)
Handeling: Het vaststellen van een regeling inzake een tegemoetkoming in de kosten van verzorging van thuiswonende meervoudig gehandicapte of ernstig lichamelijk gehandicapte kinderen.
Grondslag: Rijksbegroting 1997 art. U 1310; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 916) art. 28 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 25 eerste lid onder f, 28 vijfde lid en 86 (b.w. Stb. 2001, 625)
– Regeling indexering TOG-bedragen januari 1998 (Stcrt. 1997, 249)
– Regeling indexering TOG-bedragen juli 1998 (Stcrt. 1998, 118)
– Regeling indexering AKW- en TOG-bedragen januari 1999 (Stcrt. 1998, 243)
– Regeling indexering AKW- en TOG-bedragen juli 2003 (Stcrt. 2003, 122)
Waardering: B 1
(1103)
Handeling: Het aanpassen van de bedragen genoemd in het Besluit onderhoudsvoorwaaden kinderbijslag en het Tijdelijk besluit onderhoudsvoorwaarden kinderbijslag 18-plussers.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het recht op een wezenuitkering voor een kind dat ouder is dan 16 jaar, maar jonger dan 21 jaar en onderwijs of een beroepsopleiding geniet.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de toepassing van het recht op kinderbijslag als een kind van 17 jaar of ouder ophoudt met studeren.
Grondslag: Wet van 21 december 1995 (Stb. 1995, 691), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 33) art. XII tweede lid (b.w. Stb. 2001, 690);
Periode: 1995–2001
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1107)
Handeling: Het stellen van regels wanneer een verzekerde recht heeft op kinderbijslag voor een kind van 16 of 17 jaar dat in verband met onderwijs of een beroepsopleiding lessen of stages volgt gedurende een gemiddeld x aantal klokuren per kwartaal.
Handeling: Het vaststellen van de regeling van de eigenbijdrage voor de werknemer of arbeidsgehandicapte voor wie het Lisv/het UWV een schriftelijke overeenkomst met betrekking tot kinderopvang heeft gesloten.
Handeling: Het vaststellen van regels ten aanzien van de registratie van werkgevers door de bedrijfsverenigingen.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 342) art. 19 zevende lid (b.w. Stb. 1953, 117)
Periode: 1949–1953
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 5
(308)
Handeling: Het vaststellen van voorschriften voor registratie van verzekerden en de gegevensverstrekking tussen uitvoeringsorganen, werkgevers en verzekerden.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 1 tweede lid, 23 zesde lid en 50f; vernummerd (Stb. 1993, 660) zevende lid (b.w. Stb. 1997, 96); Wet op de Identificatieplicht (Stb. 1993, 660) art. 23; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 59 zevende lid en 96 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 47 eerste en vijfde lid, 48 tweede en 94 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1988–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
ten aanzien van gegevensverstrekking door uitvoeringsorganen
– Besluit registratiebericht (Stcrt. 1989, 244)
– Besluit statusoverzicht (Stcrt. 1990, 60)
– Regeling verzending statusoverzicht bedrijfsverenigingen over 1989 (Stcrt. 1990, 191)
– Besluit statusoverzicht (Stcrt. 1991, 217)
ten aanzien van gegevensverstrekking door werkgevers of verzekerden
– Regeling houdende wijziging van het Besluit melding sociale verzekeringen tot vaststelling van de termijn waarbinnen de werkgever een nieuwe arbeidsverhouding moet melden (Stcrt. 1997, 86)
Opmerking: De vaststelling van de regelingen gebeurde in overleg met de Minister van Financiën en tot 1995 gehoord de SVr.
Waardering: B 5
(310)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van nadere regels inzake de aanvraag, toekenning, herziening, schorsing, intrekking en betaalbaarstelling van uitkeringen ingevolge de werknemersverzekeringen.
Grondslag: o.a.: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 17 tweede lid, 32 vierde lid, 40 tweede lid, 41, 42 en 46 derde lid, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 28 vierde lid, 30 zesde lid, 32, 33, 37 tweede lid en 142 tweede lid, vernummerd (Stb. 1967, 473) 30 zesde lid, 44 derde lid (b.w. Stb. 1992, 82); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1953, 117) art. 47 eerste lid en zoals gewijzigd (Stb. 1967, 396) art. 31 eerste lid, onderdeel g eerste lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) zoals gewijzigd (Stb. 1994, 955) art. 35a; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 12, 20 tweede lid, 24, 26, 30, 39, 40, 45, 46, 46a (b.w. Stb. 1997, 175), 50, 54, 59c(bis) 59e, 68 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625) en 99; Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1967, 102) art. 39 vijfde lid, 42; Wet aanpassing daglonen Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1971, 340) art. 10; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 7 tweede lid, 15, 17, 21, 29, 29a, 36a, vernummerd (Stb. 1995, 560) 29b, 34, 35, 36, 41, 45, 54, 56, 61 en 102; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) zoals gewijzigd (Stb. 1994 916) art. 16; Wet premieheffing over uitkeringen (Stb. 1986, 639) art. XV zevende lid; Besluit van 21 februari 1930 (Stb. 1930, 46) art. 1–3; Besluit van 21 juni 1967 (Stcrt. 1967, 124) art. 3 tweede lid
Periode: 1966–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling/circulaires, o.a.:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit van 20 januari 1930 (Stb. 1930, 18)
– Besluit van 18 april 1935 (Stb. 1935, 194)
– Besluiten van 7 februari 1953 (Stb. 1953, 57 en 60)
ministeriële regeling
– Beschikking 202 van 15 januari 1953 (Stcrt. 1953, 13)
– Beschikking 1230 van 9 mei 1953 (Stcrt. 1953, 90)
– Regelen betreffende schorsing en opschorting van de uitbetaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering (Stcrt. 1967, 128; vervangen Stcrt. 1976, 203)
– Beschikking van 29 juni 1967, nr. 57 916 (Stcrt. 1967, 130)
– Regeling van 30 oktober 1967, nr. 59 859 (Stcrt. 1967, 217)
– Regeling aanwijzing gevallen waarin ter zake van toeneming van arbeidsongeschiktheid de uitkering onmiddellijk wordt herzien (Stcrt. 1967, 133; vervangen Stcrt. 1976, 179)
– Afwijkende regelen inzake het tijdstip van uitbetaling van de vakantieuitkering (Stcrt. 1967, 214; vervangen Stcrt. 1976, 191)
– Regeling inzake betaalbaarstelling uitkeringen ingevolge sociale verzekeringswetten door andere organen dan de Sociale Verzekeringsbank en de bedrijfsverenigingen (Stcrt. 1968, 53; vervangen Stcrt. 1976, 192; Stcrt. 1985, 123)
– Regeling van 16 september 1976, nr. 54 346 (Stcrt. 1976, 191)
– Regeling vergoeding voor reis- en verblijfkosten en voor tijdverlies (Stcrt. 1976, 192)
– Nadere regelen ingevolge art. 40 derde lid, van de WAO in verband met arbeidsongeschikte WSW-ers (Stcrt. 1982, 80)
– Beschikking 86/3976/IIId van 3 november 1986 (Stcrt. 1986, 235)
– Beschikking Aftrek van inkomsten (Stcrt. 1989, 252)
– Vaststelling bedrag bedoeld in art. 35a van de Werkloosheidswet (Stcrt. 1995, 169)
Waardering: B 5
(1111)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag van een uitkering en een toeslag en aangifte van werkloosheid.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 28 vierde lid
Waardering: B 5
(311)
Handeling: Het (bij AMvB) bepalen van de verplichtingen van de werkgever bij de uitvoering van de werknemersverzekeringen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 9 en 12, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 11, gewijzigd (Stb. 1967, 473) art. 13 tweede lid en 58 (b.w. Stb. 1995, 691); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 11, vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 10, vernummerd (Stb. 1967, 421) art. 11 tweede lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 12; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 13, vernummerd (Stb. 1952, 475) art. 14 (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1945–1995
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit van 30 januari 1930 (Stb. 1930, 33)
– Besluit van 25 april 1940 (Stb. 1940, 847)
– Besluit van 7 februari 1953 (Stb. 1953, 55)
– Besluit van 28 januari 1953 (Stb. 1953, 61)
ministeriële regeling
– Besluit van 12 juni 1967 (Stcrt. 1967, 124)
Opmerking: Onder de verplichtingen van de werkgever wordt o.a. verstaan het geven van de gelegenheid aan werknemers om van de aan hem toekomende bevoegdheden gebruik te maken en het doen van opgave van bedrijfsongevallen en beroepsziekten.
Waardering: B 5
(316)
Handeling: Het verstrekken van een model voor het wachtgeldreglement.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 37 eerste lid, vernummerd (Stb. 1953, 117) art. 28 eerste lid (b.w. Stb. 1964, 484)
Periode: 1949–1964
Product: model
Waardering: B 5
(320)
Handeling: Het stellen van regels ten aanzien van de inschrijving van werkzoekenden bij het arbeidsbureau.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 40 eerste lid, gewijzigd (Stb. 1953, 117) art. 31 eerste lid
Periode: 1949–1986
Product: (ministeriële) regeling, onder andere:
– Regeling inschrijving als werkzoekende bij het orgaan der openbare arbeidsbemiddeling (Stcrt. 1952, 119)
Waardering: B 5
(321)
Handeling: Het bepalen dat bepaalde groepen niet hoeven te voldoen aan de inschrijving als werkzoekende bij het arbeidsbureau.
Grondslag: Regeling inschrijving als werkzoekende bij het orgaan der openbare arbeidsbemiddeling (Stcrt. 1952, 119) art. 3
Periode: 1952–1986
Product: regeling
Opmerking: De regeling diende door het AWf en de directeur generaal gezamenlijk getroffen te worden, bij onenigheid tussen die twee kon de minister een dergelijke regeling vaststellen.
Waardering: B 5
(322)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels inzake de berekening van de contante waarde van het verhaal op degene die arbeidsongeschiktheid veroorzaakt heeft.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 90 tweede lid
Periode: 1966–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regelen ex artikel 90 WAO (Stcrt. 1969, 167)
– Regelen ex art. 90 tweede lid WAO (Stcrt. 1980, 253)
Waardering: B 5
(1031)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de wijze van het verhalen van de kosten, die door het Lisv/UWV zijn gemaakt, op de persoon die de arbeidsongeschiktheid van de verzekerde heeft veroorzaakt.
Handeling: Het stellen van regels omtrent de berekening van de prijzen die voor het verrichten van taken door de (uitvoerings)organisaties, anders dan die in de Wet SUWI genoemd, in rekening worden gebracht.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Besluit SUWI (Stb. 2001, 688) art. 3.1 tweede lid
Waardering: B 5
(323)
Handeling: Het vaststellen van voorschriften voor de administratie en registratie van verzekerden en de uitwisseling van gegevens.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 42 tweede t/m vierde lid, 48 eerste lid, 49, 91 tweede lid en 94 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: regeling, onder andere:
– Voorschriften verzekerdenadministratie (VZA), circulaire nr. 917 van de SVr van 30 december 1987
– Regeling inzage- en correctierecht Sociale Verzekeringsraad (Stcrt. 1988, 223)
Waardering: B 5
(1113)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de administratieve indeling van werkzoekenden.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 26 tweede lid
Waardering: B 5
(1114)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot verzekerdenadministratie van de Sociale Verzekeringsbank.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 35 vijfde lid
Waardering: B 5
(1115)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de terugvordering door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen van het ziekengeld dat onverschuldigd is betaald aan een zieke werknemer.
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de weigering van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen om ziekengeld uit te betalen.
Opmerking: Tot de voorwaarden voor een subsidie (aanvankelijk 60% van de kosten, later 50%) behoorde de goedkeuring van de regeling. De aanvraag werd vanaf 1946 bij het Gewestelijk Arbeidsbureau ingediend die, evenals de Arbeidsinspectie, zijn advies daarover uitbracht.
Waardering: B 5
(351)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de eisen waaraan loongarantieregelingen moeten voldoen.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1977, 266) art. 42q tweede lid en 42s; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 69 vijfde lid en 71 (b.w. Stb. 1995, 685); Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening havens (Stb. 1995, 685) art. 11 tweede lid
Periode: 1986–1995
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Vaststelling eisen waaraan een loongarantieregeling moet voldoen (Stcrt. 1977, 130; vervangen Stcrt. 1986, 250)
Waardering: B 1
(352)
Handeling: Het aanwijzen van groepen van werkgevers die in aanmerking komen voor een bijdrage voor een loongarantieregelingen laste van het AWf en het vaststellen van de berekeningswijze van die bijdrage.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1977, 266) art. 42q en 42r; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 69 en 70 (b.w. Stb. 1995, 685); Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening havens (Stb. 1995, 685) art. 2 eerste lid (b.w. Stb. 1997, 96) en art. 5;
Handeling: Het oordelen over door werkgevers ingestelde beroepen ten aanzien van besluiten van het AWf/het Tica met betrekking tot de toekenning van een bijdrage aan een havenbedrijf.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1977, 266) art. 42u tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 130 (b.w. Stb. 1995, 685)
Periode: 1986–1997
Product: beschikking
Waardering: B 3
(355)
Handeling: Het stellen van regels ten aanzien van deelname aan opleiding of scholing met behoud van uitkering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 75 en gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 76 eerste en tweede lid;
Periode: 1986–
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1121)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot het geven van voorschriften of voorzieningen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 65 vijfde en zesde lid; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 30 vierde en vijfde lid;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(361)
Handeling: Het vaststellen van het uurtarief voor doventolken die tolkdiensten verrichten, waarvan de kosten ingevolge de AAW vergoed worden.
Handeling: Het beslissen op beroepen tegen door de Arbeidsinspectie gestelde eisen of afwijzingen van aan de Arbeidsinspectie gerichte verzoeken om eisen te stellen.
Grondslag: Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1986, 300) art. 6 vierde lid (b.w. Stb. 1998, 290)
Periode: 1986–1998
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(367)
Handeling: Het aanwijzen van ambtenaren die belast zijn met de controle op de naleving van de verplichte arbeidsplaatsaanpassing door werkgevers ingevolge art. 6 van de Wet arbeid gehandicapte werknemers.
Opmerking: De aangewezen ambtenaren maken deel uit van de Arbeidsinspectie.
Waardering: V 5 jaar na beëindiging werkzaamheden
(1124)
Handeling: Het aanwijzen van categorieën van personen welke niet in aanmerking komen voor reïntegratie betaald uit het zogenaamde Veegwetbudget.
Grondslag: Wet van 21 december 1995 (Stb. 1995, 691), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. XXXVI eerste lid (b.w. Stb. 2001, 690);
Periode: 1997–2001
Product: Regeling, o.a.:
– Regeling houdende aanwijzing van categorieën van personen bedoeld in de artikelen XXXVI en XXXVIa van de Wet van 21 december 1995 (Stcrt. 1997, 41, gewijzigd Stcrt. 1998, 54)
Waardering: B 5
(1043)
Handeling: Het verlenen van ontheffing aan een werkgever om aan de verplichting te voldoen dat een bepaald percentage werknemers arbeidsgehandicapt moet zijn.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290) art. 6 eerste en derde lid;
Periode: 1998–
Product: Ontheffingsbesluit
Opmerking: Het betreft hier de quotumverplichting.
Waardering: V 5 jaar na einde ontheffing
(1129)
Handeling: Het – tot 2002 na overleg met het Lisv – eisen van een werkgever betreffende de wijze waarop de inschakeling in de arbeid van arbeidsgehandicapte werknemers wordt nageleefd.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 9 eerste en tweede lid;
Periode: 1998–
Product: Besluit
Waardering: V 5 jaar
(1013)
Handeling: Het jaarlijks bepalen voor hoeveel arbeidsgehandicapten bij de Arbeidsvoorzieningsorganisatie diensten worden ingekocht alsmede welk budget daarvoor beschikbaar is.
Handeling: Het beoordelen van de overeenkomst tussen het Lisv en de Arbeidsvoorzieningsorganisatie met betrekking tot de inkoop van dienstverlening van arbeidsgehandicapten.
Handeling: Het stellen van regels betreffende de hoogte van de subsidiëring van scholingsinstituten voor arbeidsgehandicapten.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 44
Periode: 1998–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(995)
Handeling: Het aanwijzen van scholingsinstituten die ten doel hebben de arbeidsintegratie van arbeidsgehandicapten te bevorderen alsmede het bepalen van de hoogte van het subsidiebedrag, ten laste van het Reïntegratiefonds, dat deze scholingsinstituten daarvoor ontvangen.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 44 eerste lid;
Periode: 1998–
Product: Aanwijzingsbesluit, o.a.:
– Regeling aanwijzing en subsidiëring scholingsinstituten (Stcrt. 1998, 244)
Waardering: B 4
(1137)
Handeling:Het bepalen van de termijn waarbinnen een plan van aanpak door de werkgever moet worden opgesteld voor de reïntegratie in het arbeidsproces van de arbeidsongeschikte werknemer.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 71a tweede lid, art. 71b eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Regeling, o.a.:
– Regeling procesgang eerste ziektejaar (Stcrt. 2002, 60)
Waardering: B 5
(1026)
Handeling: Het goedkeuren van een subsidieplafond dat door het Lisv/het UWV is vastgesteld, alsmede hetzelf vaststellen van een subsidieplafond.
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot het door het Lisv/het UWV verstrekken van subsidies voor tijdelijke projecten die ten doel hebben het beroep op een uitkering krachtens de Werkloosheidswet terug te dringen.
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels op grond waarvan het UWV een subsidie kan verstrekken aan een werknemer in de vorm van een persoonsgebonden reïntegratiebudget of met een reïntegratiebedrijf een overeenkomst sluit die gericht is op de arbeidsinschakeling van deze werknemer.
Opmerking: De werknemer heeft recht op een uitkering op grond van de WW en is niet arbeidsgehandicapte.
Waardering: B 1
(1146)
Handeling: Het (bij AMvB) stellen van regels en/of voorwaarden met betrekking tot het verstrekken, intrekken, wijzigen of terugvorderen van subsidies aan werkgevers of arbeidsgehandicapten voor de kosten van voorzieningen tot behoud, herstel of ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 15, lid 5, art. 16, lid 4 en 5, art. 17, lid 4 en 5, art. 18, lid 6, art. 21, lid 7 en 8, art. 22, lid 6, art. 24, lid 5, art. 29, art. 30, art. 31, lid 6, art. 32, art. 33, lid 1, art. 35, lid 8 en 9, gewijzigd Stb. 2001, 628 (Wet verbetering poortwachter) art. 15, lid 2, art. 16, lid 2, art. 18, lid 2
Periode: 1998–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Reïntegratie-instrumenten-besluit Wet REA (Stb. 1998, 293, gewijzigd Stb. 2001, 694; 2003, 48)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de subsidieverstrekking door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen aan werkgevers en arbeidsgehandicapten voor de activiteiten en de kosten van de reïntegratie.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 278), gewijzigd (Stb. 2001, 625 en 644), art. 15 tweede lid, art. 16 derde lid, art. 33a vierde lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit SUWI (Stb. 2001, 688)
Waardering: B 1
(1052)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de door het Lisv/het UWV aan uitvoeringsinstellingen te verstrekken gelden indien een arbeidsgehandicapte, door hun tussenkomst, in een dienstbetrekking wordt geplaatst
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 40;
Periode: 1998–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Dit betreft een bonusuitkering.
Waardering: B 1
(1150)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de hoogte en de voorwaarden waaronder subsidie wordt verstrekt voor reïntegratieactiviteiten.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 16a tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1151)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de terugvordering en de tenuitvoerlegging van besluiten tot terugvordering indien subsidies voor reïntegratieactiviteiten onverschuldigd zijn betaald.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290) gewijzigd Stb. 2001, 625 art. 21 zevende lid;
Periode: 2002–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1152)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels op grond waarvan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen op aanvraag van een arbeidsgehandicapte niet-werknemer kan besluiten een persoonsgebonden reïntegratiebudget in de vorm van een subsidie te verstrekken of in dat kader een overeenkomst met een reïntegratiebedrijf te sluiten voor de arbeidsinschakeling van deze aanvrager.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 33 eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 5
(1154)
Handeling: Het jaarlijks beoordelen van de subsidieverstrekkingen die door het Lisv/het UWV zijn verleend.
Opmerking: Dit is in het kader van het terugdringen van het beroep doen op een WW-uitkering.
Waardering: B 3 & 4
(1155)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de basissubsidieverstrekking door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen aan een werkgever voor de te maken kosten van werkzaamheden voor de bevordering van de plaatsing van zijn arbeidsgehandicapte werknemer buiten zijn bedrijf.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Besluit SUWI (Stb. 2001, 688) art. 4.3 vierde lid
Waardering: B 5
(1156)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de hoogte en tijdstip van betaling door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen van de basis- of plaatsingssubsidie aan een werkgever voor de te maken kosten van werkzaamheden voor de bevordering van de plaatsing van zijn arbeidsgehandicapte werknemer buiten zijn bedrijf.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Besluit SUWI (Stb. 2001, 688) art. 4.6 derde lid
Waardering: B 5
(1157)
Handeling: Het stellen van regels voor het verstrekken van subsidies voor activiteiten die zijn gericht op de bevordering van inschakeling van uitkeringsgerechtigden en werkzoekenden in het arbeidsproces.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Stimuleringsregeling vacaturevervulling door werklozen met werkloosheid bedreigde werknemers (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 20 eerste lid
Waardering: B 5
(1158)
Handeling: Het verstrekken van subsidies voor activiteiten die zijn gericht op de bevordering van inschakeling van uitkeringsgerechtigden en werkzoekenden in het arbeidsproces.
Product: subsidieverstrekkingen
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 20 eerste en tweede lid
Waardering: V 7 jaar
(1159)
Handeling: Het beslissen op bezwaarschriften van subsidieontvangers indien geen subsidie wordt verstrekt voor activiteiten die zijn gericht op de bevordering van inschakeling uitkeringsgerechtigden en werkzoekenden in het arbeidsproces.
Product: Beslissing
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 20 derde lid
Waardering: B 3
(1160)
Handeling: Het mandateren van de bevoegdheid tot het nemen van besluiten omtrent de verstrekking van subsidies voor activiteiten die zijn gericht op de bevordering van inschakeling van uitkeringsgerechtigden en werkzoekenden in het arbeidsproces.
Product: Mandaatbesluit, o.a.:
– Mandaatbesluit Raad voor Werk en Inkomen (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 20 tweede en derde lid
Waardering: B 4
(375)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de mogelijkheid om in bepaalde gevallen van de verplichte adviesprocedure bij loondispensatie af te wijken.
Grondslag: Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1986, 300) zoals gewijzigd Stb. 1989, 403) art. 8 derde lid (b.w. Stb, 1994, 916)
Periode: 1989–1994
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 5
(383)
Handeling: Het bij amvb vaststellen van de nadere regels ten aanzien van het Profylaxefonds.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 125 en 126
Periode: 1945–1950
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 3 januari 1931 (Stb. 1931, 2)
Waardering: B 1
(384)
Handeling: Het bij K.b. benoemen van de leden van het bestuur van het Profylaxefonds.
Grondslag: Besluit van 3 januari 1931 (Stb. 1931, 2) art. 1
Periode: 1945–1950
Product: koninklijk besluit
Waardering: V 10 jaar
(389)
Handeling: Het goedkeuren van besluiten van het Profylaxefonds inzake de besteding van gelden voor het nemen van preventieve maatregelen voor werknemers.
Grondslag: Besluit van 3 januari 1931 (Stb. 1931, 2) zoals gewijzigd (Stb. 1936, 854) art. 8 derde lid
Periode: 1945–1950
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(391)
Handeling: Het stellen van regels voor de liquidatie van het Profylaxefonds.
Grondslag: Wet op het Praeventiefonds (Stb. 1950, K 259) art. 6
Periode: 1950–1955
Product: regels
Waardering: V 5 jaar
(395)
Handeling: Het aanwijzen van een rechtspersoon die tot taak heeft aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen aan te bieden aan chronisch zieken en andere personen voor wie op de normale wijze geen aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekering kan worden gesloten.
– Besluit van 25 februari 1994, nr. 94/0869/DGSZ/SV/P (Stcrt. 1994, 41)
Opmerking: Bij besluit van 25 februari 1994 werd De Onderlinge Waarborgmaatschappij ‘MAAV’ UA te ’s-Gravenhage aangewezen. Deze waarborgmaatschappij is door de gezamenlijke verzekeringsmaatschappijen opgericht.
Waardering: B 4
Uitvoering volksverzekeringen
(400)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de verdeling van de taken en bevoegdheden terzake van uitvoering van de volksverzekeringen tussen de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 5 (b.w. Stb. 1987, 533); Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 6 (b.w. Stb. 1987, 533); Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 5; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 16
Periode: 1956–1988
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling taakverdeling Sociale Verzekeringsbank en Raden van Arbeid (Stcrt. 1956, 186)
– Regeling overdracht werkzaamheden en bevoegdheden van de Sociale Verzekeringsbank aan de Raden van Arbeid (Stcrt. 1959, 100)
– Beschikking van 3 januari 1963. nr. 7347 (Stcrt. 1963, 3)
– Regeling taakverdeling AKW en KWL tussen Sociale Verzekeringsbank en Raden van Arbeid (Stcrt. 1975, 78)
– Regeling taakverdeling uitvoering AKW tussen Sociale Verzekeringsbank en Raden van Arbeid (Stcrt. 1980, 121)
Opmerking: Bij de vaststelling van een dergelijke regeling werden de Sociale Verzekeringsraad en de Sociale Verzekeringsbank gehoord.
Waardering: B 5
(401)
Handeling: Het stellen van regels voor de administratie en registratie van de verzekerden.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 4 tweede lid (b.w. Stb. 1994, 916); Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 5 tweede lid; vernummerd (Stb. 1993, 660) derde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 19 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 28 vijfde en zesde lid (Stb. 2001, 625)
Handeling: Het stellen van nadere regels inzake de aanvraag, toekenning, herziening, schorsing, intrekking en betaalbaarstelling van uitkeringen ingevolge de volksverzekeringen.
Grondslag: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 11 vierde en zesde lid; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 12–14 en 16, gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 15, 16–17, 19; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 24, 26–28 en 30 (b.w. Stb. 1985, 180) en zoals gewijzigd (Stb. 1967, 396) art. 32; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 12 en 45, vernummerd (Stb. 1980, 1) art. 14 derde lid (b.w. Stb. 1991, 669) en 41; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 98, vernummerd (Stb. 1952, 475) art. 48, gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 21 zesde lid, 23 en 49 (b.w. Stb. 1979, 709); Kinderbijslagwet voor invaliditeits-, ouderdoms- en wezenrentetrekkers (Stb. 1948, I 309) art. 17; Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 21; gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 10 vijfde lid, 13 en 26 (b.w. Stb. 1979, 709); Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 33 vierde lid, 48 tweede lid en 50 tweede lid; Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 164
Periode: 1945–
Product: ministeriële regeling of circulaire, onder andere:
– Beschikking van de waarnemend Secretaris-Generaal van Sociale Zaken van 4 november 1940, nr. 3761 (Stcrt. 1940, 215)
– Besluit van 7 maart 1951 (Stb. 1951, 69)
– Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 29 juni 1947, nr. 2757 (Stcrt. 1947, 117)
– Rondschrijven van de Minister van Sociale Zaken aan Burgemeesters en Wethouders van 13 juni 1947, nr. 2702
– Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 17 september 1956, nr. 4501 (Stcrt. 1956, 186)
– Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 5 december 1956, nr. 5612 (Stcrt. 1956, 241)
– Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 2 januari 1957, nr. 5640 (vervangen Stcrt. 1959, 192; Stcrt. 1968, 53; Stcrt. 1976, 192; Stcrt. 1985, 123)
– Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 23 mei 1959, nr. 2366 (Stcrt. 1959, 100)
– Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 21 augustus 1959, nr. 3580 (Stcrt. 1959, 164)
Handeling: Het bij AMvB bepalen bij welke bedrijfsvereniging of welk kinderbijslagfonds bepaalde in de wet genoemde groepen arbeiders verzekerd dienen te worden.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) zoals gewijzigd (Stb. 1950, 369) art. 71 tweede lid; gewijzigd (Stb. 1952, 342 en 475) art. 29
Periode: 1952–1962
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 22 maart 1951 (Stb. 1951, 86)
Waardering: V 5 jaar
(1162)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB vaststellen van een grondslag voor de berekening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering.
Handeling: Het bij AMvB bepalen dat categorieën van aanvragen op uitkering en vervolguitkering bij het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen in plaats van bij de Centrale organisatie voor werk en inkomen ingediend dienen te worden.
Handeling: Het aanwijzen van rechtspersonen welke een bijdrage krijgen uit het Algemeen Werkloosheidsfonds ter financiering van de kosten van de herstructurering van de arbeidsvoorziening in de havens.
Grondslag: Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening havens (Stb. 1995, 685), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 2 eerste lid;
Periode: 1997–
Product: Financiële bescheiden
Waardering: B 4
Misbruik, oneigenlijk gebruik, fraude
(432)
Handeling: Het bij AMvB geven van controlevoorschriften aan de Raden van Arbeid en bedrijfsverenigingen.
Handeling: Het vaststellen van regels inzake het opleggen van maatregelen of boeten aan (ex-)uitkeringsgerechtigden, verzekerden of toeslaggrechtigden.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 375) zoals gewijzigd (Stb. 1998, 278), art. 33b tweede lid, gewijzigd (Stb. 1996, 248) art. 45 vijfde lid en 45a zesde lid, gewijzigd (Stb. 1997, 96), 45c derde lid; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 14c derde lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 27 vierde lid, gewijzigd (Stb. 1996, 248; 1998, 278), art. 27 zevende lid, 27a zesde lid, 27c derde lid, 36 eerste lid, 36b, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 27c derde lid, 36b tweede lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 248; 1998, 278) art. 29 vierde lid, vernummerd (Stb. 2001, 625), vijfde lid, 29a zesde lid, gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 29c derde lid en 57b tweede lid en gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 57b; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 248; 1998, 278) art. 20 vierde lid, 20a zesde lid (b.w. Stb. 1997, 96), art. 20c derde lid en art. 48b tweede lid; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562), art. 14 tweede lid; gewijzigd (Stb. 1996, 248; 1998, 278) art. 14 vijfde lid, 14a zesde lid (b.w. Stb. 1996, 96), art. 14c derde lid, 20b tweede lid; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 47 vierde lid, 48 zesde en zevende lid en gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 50 derde lid en gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 65; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177) art. 39 vierde lid, 40 zesde en zevende lid, 42 derde lid en gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 57;
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot het opleggen van een bestuurlijke boete door het Lisv of het UWV aan een werkgever die aan de verplichting tot opgave van het door de werknemer genoten loon niet voldoet.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de vermelding op het besluit van de boete van de termijnen waarbinnen deze betaald moet worden alsmede de wijze waarop het besluit bij gebreke van tijdige betaling ten uitvoer zal worden gelegd.
Handeling: Het (in overeenstemming) aanwijzen van personen die belast zijn met het opsporen van bij of krachtens de sociale verzekeringen strafbaar gestelde feiten.
Opmerking: In de regelingen van voor 1995 werden met name genoemde personen aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar. In de Besluiten van 1995 wordt een beperkt aantal, niet bij name genoemde personen per uitvoeringsinstelling aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar. Deze personen worden door de procureur-generaal van het gerechtshof te Arnhem beëdigd.
Waardering: V 5 jaar na einde aanwijzing
(1176)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de vergoeding van de reiskosten, verblijfkosten en tijdverlies voor een jonggehandicapte, ingezetene of verzekerde die wordt opgeroepen.
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de termijn waarbinnen een beschikking op een aanvraag ingevolge een sociale verzekeringswet dient te worden gegeven.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 650) art. 2a; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 650) art. 5; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 650) art. 6; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 650) art. 5b; Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 33 vijfde lid; Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 690) art. 3c; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 650) art. 3b; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 650) art. 2b; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 690) art. 1a; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 650) art. 2a; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 650) art. 2b; Wet terugdringing beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen (Stb. 1993, 412) art. XI vijfde lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) zoals gewijzigd (Stb. 1995, 250) art. 116a; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 114 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 28 derde lid;
Periode: 1993–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels voor de behandeling van bezwaarschriften tegen besluiten waaraan een medische of arbeidskundige beoordeling ten grondslag ligt.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1997, 178) art. 73; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175) art. 87b; Wet Terugdringing beroep op de arbeidsongeschiktheidsregelingen (Stb. 1993, 412) zoals gewijzigd (Stb. 1997, 178) art. XXVIIB; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176) art. 97; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177) art. 71
Periode: 1997–
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(444)
Handeling: Het bij amvb vaststellen van regels ten aanzien van beroepsmogelijkheden voor beslissingen betreffende de vrijwillige invaliditeitsverzekering.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 352 tweede lid (b.w. Stb. 1955, 396)
Periode: 1945–1955
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(445)
Handeling: Het bij of krachtens amvb vaststellen van regels ten aanzien van de instelling van Commissies van Scheidslieden en de behandeling van geschillen door die commissies.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 90 derde lid (b.w. Stb. 1955, 396); Besluit van 11 juni 1923 (Stb. 1923, 258) art. 13, 30, 31, 44, 45 en 107
Periode: 1945–1955
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 11 juni 1923 (Stb. 1923, 258)
Waardering: B 4
(446)
Handeling: Het instellen van een scheidsgerecht voor geschillen inzake de toekenning van uitkeringen aan bemanningsleden van zeevaartuigen.
Grondslag: Zeeongevallenwet 1919 (Stb. 1915, 214) zoals gewijzigd (Stb. 1942, B 1) art. 8 vijfde lid (b.w. Stb. 1946, G 255)
Periode: 1945–1946
Product: instellingsbeschikking, reglement
Waardering: B 4
(447)
Handeling: Het benoemen van de voorzitter, plaatsvervangend-voorzitters, de secretaris en plaatsvervangend-secretarsissen en op voordracht van werkgevers- en werknemersverenigingen de leden-werkgevers en leden-werknemers van de Commissies van Scheidslieden.
Grondslag: Besluit van 11 juni 1923 (Stb. 1923, 258) art. 12, 15 en 19
Periode: 1945–1955
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(449)
Handeling: Het goedkeuren van reglementen van de scheidsgerechten van bedrijfsverenigingen of de SVr.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 106 vijfde lid; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 52 (b.w. Stb. 1953, 117); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 86 tweede lid (b.w. Stb. 1952, 342); Wet van 12 juli 1952 (Stb. 1952, 343) art. XLIIIa tweede lid
Periode: 1945–1957
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar na afloop reglement
(451)
Handeling: Het behandelen van beroepschriften en voeren van verweer in beroepschriftenprocedures voor de Raad van State
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels ten aanzien van de behandeling van bezwaarschriften tegen besluiten waaraan een medische of arbeidskundige beoordeling ten grondslag ligt.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 51;
Periode: 1998–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(462)
Handeling: Het beslissen op beroepschriften tegen bepaalde uitspraken van de Sociale Verzekeringsbank.
Grondslag: Besluit van 3 september 1921 (Stb. 1921, 1043) art. 6, 10 en 22; Besluit van 12 maart 1923 (Stb. 1923, 63) art. 7 en 22; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 124 derde lid (b.w. Stb. 1952, 343)
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Waardering: B 3
(463)
Handeling: Het bij amvb stellen van regels voor de beslechting van geschillen tussen uitkerende instanties.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 17 mei 1935 (Stb. 1935, 287)
– Besluit van 9 maart 1953 (Stb. 1953, 114)
Waardering: B 1
(464)
Handeling: Het benoemen van een voorzitter (en leden) van het College van Arbitrage (dat een geschil tussen twee uitkeringsorganen oplost).
Grondslag: Besluit van 17 mei 1935 (Stb. 1935, 287) art. 3 en art. 4 vijfde lid
Periode: 1945–1952
Product: aanstellingsbrief
Waardering: V 5 jaar
(467)
Handeling: Het goedkeuren van de overeenkomst tussen de SVB en een vereniging van apothekers of handelaars in geneesmiddelen inzake het instellen van een scheidsgerecht voor het beslechten van geschillen tussen partijen en nadere regels die uit de overeenkomst voortvloeien.
Grondslag: Besluit van 3 september 1921 (Stb. 1921, 1043) zoals gewijzigd (Stb. 1927, 28) art. 27a; Besluit van 12 maart 1923 (Stb. 1923, 63) art. 27b
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Waardering: B 5
(468)
Handeling: Het beslissen in geschillen tussen een kinderbijslagfonds en het Kinderbijslagvereveningsfonds.
Grondslag: Kinderbijslagwet (Stb. 1939, 806) art. 77 vierde lid; vernummerd (Stb. 1952, 342 en 475) art. 33 zesde lid
Periode: 1945–1962
Product: beschikking
Waardering: B 5
(473)
Handeling: Het, op voordracht van de Sociale Verzekeringsraad, benoemen van de voorzitter en plaatsvervangende voorzitter van de Commissie(s) van Arbitrage.
Grondslag: Wet aanpassing daglonen Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1971, 340) art. 8 derde lid
Periode: 1971–1976
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
Financiering
(479)
Handeling: Het (bij amvb) vaststellen van regels ten aanzien van vaststelling van lonen en de loonadministratie.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 43 vierde en vijfde lid, 44 eerste lid, 46 eerste lid en 47 (b.w. Stb. 1953, 578); Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 81 tweede lid, 82 eerste lid, 84 eerste lid en 89
Periode: 1945–1953
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Loonadministratiebesluit (Stb. 1930, 207)
– Beschikking van de Minister van Arbeid van 20 september 1921 (Stcrt. 1921, 185) vele malen gewijzigd
Waardering: B 5
(481)
Handeling: Het bij amvb vaststellen van regels inzake premieheffing ingevolge de ongevallenwetten.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 97; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 79 eerste lid en 105
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 20 december 1923 (Stb. 1923, 553)
– Besluit van 28 december 1928 (Stb. 1928, 504)
– Besluit van 18 december 1947 (Stb. 1947, H 431)
Waardering: B 5
(482)
Handeling: Het vaststellen van het voorschot- en het definitieve premiepercentage voor de Ongevallenwet.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 40 eerste en tweede lid
Periode: 1945–1965
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van 22 december 1948 (Stb. 1948, 251)
Waardering: B 5
(485)
Handeling: Het vaststellen van de geldwaarde van niet in geld uitgekeerde delen van het loon.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 5 tweede lid (b.w. Stb. 1953, 578)
Periode: 1945–1953
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van 24 december 1947, nr. 8943 (Stcrt. 1947, 251)
– Beschikking van 18 januari 1949, nr. 131 (Stcrt. 1949, 13)
Waardering: V 5 jaar
(489)
Handeling: Het beschikken op beroepschriften tegen beslissingen door de Scheepvaartinspectie genomen.
Handeling: Het controleren van de waarborgen voor de uitkeringen ingevolge de Zeeongevallenwet 1919 bij reders.
Grondslag: Zeeongevallenwet 1919 (Stb. 1915, 214) art. 5 en 6
Periode: 1945–1965
Product: verklaring
Waardering: V 5 jaar
(491)
Handeling: Het aangaan van overeenkomsten met reders waarin de Staat zich verbindt als verzekeraar voor de uitkeringen ingevolge de Zeeongevallenwet 1919.
Grondslag: Zeeongevallenwet 1919 (Stb. 1915, 214) art. 6 tweede lid
Periode: 1945–1965
Product: overeenkomst
Waardering: B 5
(492)
Handeling: Het bij of krachtens amvb vaststellen van uitvoeringsregels ten aanzien van de premiebetaling ingevolge de Invaliditeitswet
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 57 tweede lid, 185, 187, 189, 193, 193a, 197, 198, 207, 224, 226, 233 derde lid, 234, 250 eerste lid, 258 tweede lid, 274, 275 vierde lid, 277 eerste en tweede lid, 286 tweede lid, 317, 329, 331, 343, 351 en 408
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 17 december 1919 (Stb. 1919, 814)
– Koninklijk besluit van 12 mei 1939 (Stb. 1939, 849)
– Koninklijke besluiten van 22 november 1951 (Stb. 1951, 507 en 508)
– Koninklijk besluit van 19 januari 1952 (Stb, 1952, 36)
– Koninklijk besluit van 2 oktober 1953 (Stb. 1953, 470)
– Koninklijk besluit van 23 augustus 1956 (Stb. 1956, 473)
– Koninklijk besluit van 18 oktober 1960 (Stb. 1960, 438)
Waardering: B 5
(498)
Handeling: Het, gehoord de Sociale Verzekeringsraad en de Sociale Verzekeringsbank, vaststellen van het premiepercentage voor de uitvoering van de Interimwet invaliditeitsrentetrekkers.
Grondslag: Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 35 tweede lid
Periode: 1962–1965
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 1
(501)
Handeling: Het (bij of krachtens AMvB) vaststellen van regels ten aanzien van het loonbegrip.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 11 tweede lid; vernummerd (Stb. 1952, 342 en 475) art. 12 vierde lid (b.w. Stb. 1953, 578); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 9 vierde lid (b.w. Stb. 1953, 578); Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 6, gewijzigd (Stb. 1998, 370), art. 8 tweede lid, 9 en 9a; Besluit premiespaarregelingen en winstdelingsspaarregelingen (Stb. 1961, 460) art. 30–34 en 36; Besluit bedrijfsspaarregelingen (Stb. 1965, 261) art. 30–31. 38, 40 en 43; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 8 elfde lid, vernummerd (Stb. 1997, 794), achttiende lid;
Periode: 1945–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling met betrekking tot onkostenvergoeding voor vrijwilligers (Stcrt. 1998, 80)
– Regeling loon in natura 1998 (Stcrt. 1997, 249, gewijzigd Stcrt. 1998, 125)
– Regeling uitzondering eindheffingsbestanddelen loonbelasting voor de premieheffing werknemersverzekeringen 2001 (Stcrt. 2002, 252) gewijzigd Stcrt. 2002, 246, Stcrt. 2003, 54
– Wijziging enige regelingen o.g.v. Coördinatiewet sociale verzekering i.v.m. aanpassing bedragen per 1 januari 2003 (Stcrt. 2002, 246)
– Wijziging Regeling vergoeding gemengde kosten en waardering loon in natura, vergoedingen en verstrekkingen 2002 en Regeling uitzondering eindheffingsbestanddelen loonbelasting voor de premieheffing werknemersverzekeringen 2001 (Stcrt. 2003, 54)
Opmerking: Het betreft regels ten aanzien van
– aanspraken en uitkeringen die niet tot het loon worden gerekend;
– de waardering van niet in geld uitgekeerd loon;
– de waardering van loon boven een bepaald bedrag (overwerk);
– het maximumdagloon voor de ZW-WAO en WW en voor de ZFW en de franchise WAO en WW;
– winst, inkomen en de periode waarover de winst en inkomen worden berekend;
Waardering: B 1
(1186)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot premie-inkomen, premieheffing en premiepercentage.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 72 tweede lid, 73 eerste lid, 77;
Periode: 1997–
Product: Ministeriële regeling, o.a.
– Regeling premieheffing WAZ (Stcrt. 1997, 248)
Waardering: B 5
(1188)
Handeling: Het vaststellen van het percentage van het loon dat, in het tijdvak waarover de betaling loopt, is genoten door de overheidswerknemer.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 97c derde lid en gewijzigd (Stb. 2002, 584), vijfde lid
Periode: 2002–
Product: Besluit
Opmerking: Hiermee worden de uitgaven en het vormen en instandhouden van een reserve van het Uitvoeringsfonds voor de overheid bekostigd.
Waardering: V 7 jaar
(502)
Handeling: Het (bij AMvB) wijzigen van de bedragen van het maximumdagloon en de franchise voor de toepassing van de CSV.
Grondslag: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 9 eerste tot en met vierde lid, 9a eerste en zesde lid
Periode: 1953–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit vaststelling maximumpremieloon per dag (Stb. 1953, 596, vervangen Stb. 1954, 581; Stb. 1956, 632; Stb. 1959, 503; Stb. 1960, 530; Stb. 1962, 522; Stb. 1963, 551; Stb. 1965, 549; Stb. 1966, 552)
– Besluit herziening maximum daglonen (Stb. 1968, 347; vervangen Stb. 1968, 661; Stb. 1969, 13; Stb. 1969, 428; Stb. 1970, 235; Stb. 1970, 492; Stb. 1971, 78; Stb. 1971, 322; Stb. 1971, 611; Stb. 1972, 25)
– Besluit verhoging maximum premiedagloon verplichte verzekering ziekenfondswet (Stb. 1969, 63; vervangen Stb. 1970, 38; 1971, 834)
– Besluit houdende (tussentijdse) verhoging van het maximum dagloon (Stb. 1969, 195; Stb. 1974, 312; Stb. 1977, 37; Stb. 1977, 502; Stb. 1979, 579; Stb. 1980, 449; Stb. 1982, 97)
Opmerking: De wijziging van de hoogte het maximum dagloon waarover premie geheven kon worden gebeurde aanvankelijk vrijwel jaarlijks en bij AMvB, vanaf 1972 halfjaarlijks en bij ministeriële regeling. Naast de normale aanpassing van de hoogte aan de hand van de ontwikkeling van het loonniveau (indexcijfer der lonen) kon ook tussentijds bij AMvB het maximum dagloon gewijzigd worden.
Waardering: B 1
(1191)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het begrip ‘vakantie genieten door een werknemer’ alsmede het al dan niet recht hebben op een uitkering en de rol die vakantiebonnen daarin spelen.
– Regeling verdeling premiekorting WAO (Stcrt. 2002, 158)
Opmerking: Ten aanzien van de vaststelling van dergelijke regels was ook de Minister van Financiën verantwoordelijk (zie ‘Belastingver(h)effend’, handeling nr. 150).
Het betreft hier regels ten aanzien van
– voorschriften van uitvoeringsorganen voor de loonadministratie die de werkgever dient bij te houden;
– de toegestane afwijkingen van regels;
– het maatregelen bij achterstallige premiebetaling, of administratieve tekortkomingen (rentepercentage bij achterstalligheid of administratieve boete bij nalatigheid);
– premieheffing over uitkeringen;
– de ketenaansprakelijkheid;
– de bestuurdersaansprakelijkheid;
– het afwijken van het bij de wet bepaalde voor groepen werknemers.
Waardering: B 5
(1192)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de vaststelling van loon.
Grondslag: Wet premiedifferentiatie en marktwerking bij arbeidsongeschiktheids-verzekeringen (Stb. 1997, 175), art. VI vierde lid, vervallen (Stb. 1997, 768);
Periode: 1997
Product: Regeling
Opmerking: Dit betreft de vaststelling overeenkomstig de toepassing van de artikelen 77 t/m 77e van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
Waardering: B 5
(508)
Handeling: Het – gehoord de SER – bij AMvB bepalen welk deel van de premie door de werknemer is verschuldigd.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 77 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 567); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 81 derde lid vernummerd (Stb. 1992, 732) vierde lid
Periode: 1967–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit verdeling van de premie tussen werknemer en werkgever (WAO) (Stb. 1967, 417)
Opmerking: Dit besluit werd (half)jaarlijks vernieuwd, waarbij de percentages gewijzigd werden (Stb. 1968, 660; Stb. 1969, 593; Stb. 1971, 18; Stb. 1972, 30; Stb. 1973, 19; Stb. 1974, 43; Stb. 1975, 10; Stb. 1976, 43; Stb. 1976, 517; Stb. 1977, 103; Stb. 1978, 87; Stb. 1979, 9; Stb. 1980, 183; Stb. 1980, 485; Stb. 1981, 14; Stb. 1982, 403; Stb. 1982, 642; Stb. 1983, 193; Stb. 1983, 518; Stb. 1983, 681; Stb. 1985, 139; Stb. 1986, 202)
– Besluit verdeling van het deel van de premie dat ten gunste komt van het Algemeen Werkloosheidsfonds over werkgever en werknemer (Stb. 1987, 68)
– Besluit tot vaststelling van een afwijkende verdeling over werkgevers en werknemers van het deel van de premie dat ten gunste komt van het AWF (Stb. 1996, 143)
– Regeling vaststelling verschuldigde delen werkgevers en werknemers in Awf-premie en de franchises WW 1999 (Stcrt. 1998, 237)
Waardering: B 5
(509)
Handeling: Het vaststellen van het premiepercentage voor de Ziektewet.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 38 eerste lid, art. 63 eerste lid, art. 67 derde lid, art. 82 derde lid, art. 117 tweede lid (b.w Stb. 1952, 343); Besluit van 25 september 1943 (Vb.1943, 91), art. 1 en art. 2 (b.w. Stb. 1950, K664)
Periode: 1945–1952
Product: beschikking
Waardering: B 5
(512)
Handeling: Het (van 1981 tot 1986 bij amvb) vaststellen het premiepercentage voor de werkloosheidsverzekering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 34 eerste lid en art. 49 eerste lid, vernummerd bij (Stb. 1953, 117) art. 40 eerste en tweede lid
Periode: 1949–1986
Product: ministeriële regeling/algemene maatregel van bestuur, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit vaststelling van de premie voor de werkloosheidsverzekering en de verdeling daarvan (Stb. 1981, 369; vervangen Stb. 1982, 217; Stb. 1982, 553; Stb. 1983, 154; Stb. 1983, 456; Stb. 1984, 63; Stb. 1985, 276; Stb. 1986, 262)
Opmerking: Bij de vaststelling werden het Algemeen Werkloosheidsfonds en de SVr betrokken.
Waardering: B 5
(513)
Handeling: Het vaststellen van het premiepercentage voor de werkloosheidsverzekering en vanaf 1997 de vrijwillige ziekteverzekering.
Opmerking: Ingevolge de Wet aanpassing uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies (WAUOO) werd naast het gewone premiepercentage voor de AAW tevens een fictief premiepercentage vastgesteld.
Waardering: V 7 jaar
(514)
Handeling: Het verhogen van het premiepercentage voor de WW voor (groepen van) werknemers.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 86 derde lid (b.w. Stb. 1994, 916)
Periode: 1987–1994
Product: ministeriele regeling
Waardering: B 6
(517)
Handeling: Het goedkeuren van het besluit van het Aof, het AAf, het AWf of de SVr, na 1 januari 1995 het Tica, na 1 maart 1997 het Lisv, na 1 januari 2002 het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen inzake vaststelling van het premiepercentage dan wel het zelf besluiten tot vaststelling van het premiepercentage voor de WAO, de WW, de AAW en de WAZ.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 78, zoals gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 78 lid 2, art. 77 derde lid, 77a eerste lid en gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 77e tweede lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 76 (b.w. Stb. 1989, 127); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 116 tweede lid; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 11 derde en vierde lid; Wet aanpassing uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies (Stb. 1989, 127) art. 2; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 73 tweede lid;
Periode: 1966–
Product: beschikking
Waardering: B 5
(996)
Handeling: Het (bij AMvB) stellen van regels met betrekking tot de berekening van de gedifferentieerde premie voor werknemersverzekeringen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 78 zesde lid;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit premiedifferentiatie WAO (Stb. 1997, 338)
Waardering: B 1
(519)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels ten aanzien van de vaststelling van het premiepercentage en de reservevorming voor de wachtgeldfondsen door bedrijfsverenigingen.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) zoals gewijzigd (Stb. 1986, 639; Stb. 1997, 793) art. 85 eerste lid en zoals gewijzigd (Stb. 1990, 404) art. 91 tweede lid;
Wet van 27 juni 1990 (Stb. 1990, 404) art. IV
Periode: 1987–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Handeling: Het bij AMvB vaststellen regels voor de berekening van het gemiddeld premiepercentage voor de Ziektewet en voor de Werkloosheidswet dat ten gunste komt van het wachtgeldfonds.
Grondslag: o.a.: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 9 vierde lid en 29 achtste lid; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 711) art. 19 vierde lid en 37b vijfde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 41a tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 85 derde lid, Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 732) art. 61 eerste lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 61 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96)
Periode: 1992–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit afwijking van het Besluit vaststelling rekenpremies Ziektewet en wachtfondsgelden voor 1996 (Stb. 1995, 697)
– Besluit afwijking voor 1997 van Besluit vaststelling rekenpremie wachtfondsgelden (Stb. 1996, 691)
– Vaststelling gemiddeld premiepercentage voor de Werkloosheidswet dat ten gunste komt van het wachtgeldfonds per 1 juli 1997 (Stcrt. 1997, 119 – i.s.m. VWS en Defensie)
– Vaststelling gemiddeld premiepercentage voor de Werkloosheidswet ten gunste van wachtgeldfonds per 1-1-1998 (Stcrt. 1997, 248)
Opmerking: Bij AMvB worden regels gesteld aan de hand waarvan het Lisv/het UWV het percentage bepaald.
Waardering: B 5
(524)
Handeling: Het – tot 1992 bij AMvB – vaststellen van een gemiddeld premiepercentage voor de Ziektewet en voor de Werkloosheidswet dat ten gunste komt van het wachtgeldfonds, voor de hantering van de netto-netto-koppeling en de berekening van de vereveningsbijdrage bij een aantal (sociale) uitkeringen.
Grondslag: o.a.: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 711) art. 9 vijfde lid en 29 zesde lid; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 711) art. 19 vierde lid en 37b vijfde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 711) art. 41a tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) zoals gewijzigd (Stb. 1986, 639) art. 85 derde lid; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1986, 639) art. 61 eerste lid
Periode: 1980–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit van 3 april 1980 (Stb. 1980, 201)
– Besluit van 24 december 1986 (Stb. 1986, 652)
– Besluit van 29 december 1986, (Stb. 1986, 685)
– Besluit van 23 juli 1987 (Stb. 1987, 420)
– Besluit van 19 februari 1988 (Stb. 1988, 94)
– Besluit van 22 december 1989 (Stb. 1989, 606)
Waardering: B 5
(1195)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB stellen van regels met betrekking tot de verhoging of de verlaging van de gedifferentieerde premie.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 77e derde lid, (Stb. 1997, 794), art. 78 tiende lid;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1196)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB stellen van regels omtrent:
– de wijze waarop het rekenpercentage en het gemiddeld percentage worden vastgesteld.
– de wijze waarop de opslag of korting door de bedrijfsvereniging berekend wordt;
– de percentages die bij een werkgever mogen of ten minste moeten in rekening worden gebracht.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsregeling (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 78 zesde lid;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1199)
Handeling: Het aanwijzen van categorieën werknemers in de Tabaksverwerkende en Agrarische sector waarvoor het Lisv/het UWV de werkgever vrijstelling kan verlenen van de verplichting tot het betalen van verschuldigde premies.
Grondslag: Wet premieregime bij marginale arbeid (Stb. 1997, 85), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96; Stb. 2001, 625), 4 eerste lid;
Periode: 2001–
Product: besluit, ministeriële regeling
Opmerking: Bij ministeriële regeling worden categorieën werknemers aangewezen waarvoor het UWV de werkgever vrijstelt van de verplichting tot het betalen van de verschuldigde premies.
Waardering: B 4
(1204)
Vervallen
(1206)
Handeling: Het aanwijzen van organisaties voor ontwikkelingssamenwerking of volkenrechtelijke organisaties waarnaar een gewezen verzekerde is uitgezonden of waar hij/zij werkzaam is en waarop de periode van maximaal 10 jaar waarop hij/zij zich vrijwillig kan verzekeren niet van toepassing is ingevolge de Algemene Ouderdomswet en de Algemene nabestaandenwet.
Grondslag: Algemene ouderdomswet (Stb. 1956, 281) gewijzigd Stb. 2001, 212 art. 35, lid 3 onder b en c; Algemene nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) gewijzigd Stb. 2001, 212 art. 63a, lid 3 onder b en c;
Handeling: Het verzoeken aan het UWV om het risico van betaling van de arbeidsongeschiktheidsverzekering of het ziekengeld zelf te dragen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 75 eerste lid;
Ziektewet (Stb. 1913, 204), zoals gewijzigd (Stb. 2002, 584), art. 63 eerste lid;
Periode: 1997–
Product: Verzoekschrift
Opmerking: Dit doet de minister in zijn hoedanigheid als werkgever.
Waardering: V 5 jaar na geldigheidsduur
(1210)
Handeling: Het aanwijzen van een overheidswerkgever welke ontheven wordt van de verplichting tot het overleggen van een schriftelijke garantie.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 75 eerste lid;
Periode: 1997–
Product: Aanwijzing,
– Regeling ontheffing garantieplicht WAO overheidswerkgevers (Stcrt. 1997, 249)
Opmerking: Het betreft de schriftelijke garantie die werkgevers moeten overleggen als zij het risico van de betaling van de arbeidsongeschiktheidsverzekering zelf willen dragen.
Waardering: V 5 jaar na vervallen aanwijzing
(997)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de betaling en het verhaal van de verschuldigde arbeidsongeschiktheidsuitkering bij de eigen risicodrager.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 71 vierde lid;
Periode: 1997–
Product: Toestemming
Waardering: B 5
(1212)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de kosten die bij de eigen risicodrager in rekening worden gebracht.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 75f derde lid;
Periode: 1997–
Product: (Ministeriële) Regeling
Waardering: B 5
(1213)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB stellen van regels omtrent het vaststellen van het bedrag dat de eigen risicodrager verschuldigd is aan het Landelijk instituut sociale verzekeringen/Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen .
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 78a;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Hiermee wordt per AMvB regels gesteld omtrent:
– het bedrag dat een werkgever aan het Lisv/UWV moet betalen indien hij eigen risicodrager wordt voordat hij de minimumpremie weer verschuldigd is;
– het bedrag dat een werkgever, aan wie het hoogste percentage in rekening is gebracht, aan het Lisv/UWV verschuldigd is, indien hij eigen risicodrager wordt, voordat het laagste percentage bij hem in rekening wordt gebracht.
Waardering: B 1
(1214)
Actor: de minister
Handeling: Het bij AMvB stellen van nadere en/of afwijkende regels met betrekking tot de eigen risicodrager.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966,84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 75g;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit beperking eigen risico dragen WAO (Stb. 2002, 586)
Waardering: B 1
(526)
Handeling: Het verlenen van toestemming aan werkgevers om een hogere werknemerspremie in te houden.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 69 tweede lid, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 60 derde lid
Periode: 1945–1996
Product: beschikking
Opmerking: De toestemming werd in veel gevallen per groep van werkgevers gegeven in verband van een bedrijfsvereniging. Dit kon dan alle aangesloten werkgevers betreffen of een gedeelte, bijv. een bepaalde risicogroep.
Waardering: B 5
(528)
Handeling: Het, in overeenstemming met de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking, vaststellen van nadere regels inzake de toelating tot de vrijwillige verzekering voor de ZW, de WAO of de AAW van personen die werkzaamheden verrichten in een ontwikkelingsland.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1971, 422) art. 72a, gewijzigd (Stb. 1986, 567) art. 64 vierde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1971, 422) art. 86a, gewijzigd (Stb. 1986, 567) art. 81 derde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 77 eerste lid, gewijzigd (Stb. 1989, 127) art. 59a derde lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 53 tweede lid, gewijzigd (Stb. 1992, 675)
Periode: 1971–1992
Product: ministeriële regeling/algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Regelen betreffende vrijwillige verzekering ZW en WAO van Nederlanders werkzaam in ontwikkelingsland (Stcrt. 1971, 135; vervangen Stcrt. 1978, 83)
Opmerking: Vanaf 1992 is alleen de Minister van Ontwikkelingssamenwerking bevoegd tot bovengenoemde handeling.
Waardering: B 1
(532)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van nadere regels met betrekking tot de heffing en afdracht van premies en vervangende belastingen ingevolge de volksverzekeringen.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 26, 30–33; gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 37, 41–43; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 41, 43–45, 46 (b.w. Stb. 1986, 656) en (sinds Stb. 1986, 656) art. 48 negende lid; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 20–23, 25–29 (b.w. Stb. 1988, 631); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 31 en 33 (b.w. Stb. 1979, 709); Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 73 zesde lid en 75; Wet van 28 maart 1985 (Stb. 1980) art XIX; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 11, 17, 44
Periode: 1956–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit premieheffing artiesten en thuiswerkers (Stb. 1965, 519)
Handeling: Het goedkeuren van het besluit van de Sociale Verzekeringsbank dan wel het zelf besluiten tot vaststelling van het premiepercentage voor de AOW, de AWW/Anw en (tot en met 1989) de kinderbijslagverzekeringen.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 28 en 68; gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 39 (b.w. Stb. 1989, 127); Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 42 eerste lid (b.w. Stb. 1989, 127); Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 24 tweede lid; vernummerd (Stb. 1980, 1) art. 27 tweede lid (b.w. Stb. 1988, 631); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 31 derde lid (b.w. Stb. 1979, 709); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 11 eerste en vierde lid; Wet inkomensmaatregelen 1998 (Stb. 1998, 175), art. 1;
Opmerking: Wanneer de minister het besluit van de Sociale Verzekeringsbank niet goedkeurde, diende hij zelf het premiepercentage vast te stellen.
Waardering: B 1
(536)
Handeling: Het (bij AMvB) herzien van het bedrag waarover maximaal premie voor de AOW wordt geheven.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 27 en 67; gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 39 (b.w. Stb. 1989, 127)
Periode: 1956–1989
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling
Opmerking: De bijna jaarlijkse besluiten tot herziening van het maximumbedrag werd tot 1972 bij amvb genomen, na 1972 bij ministeriële regeling.
Waardering: B 1
(537)
Handeling: Het vaststellen van een reglement voor het Rijkskinderbijslagfonds.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 60 (b.w. Stb. 1952, 342)
Periode: 1945–1952
Product: reglement, onder andere:
– Beschikking van de waarnemend Secretaris-Generaal van Sociale Zaken van 26 september 1940, nr. 3539 (Stcrt. 1940, 188)
– Beschikking van de Minister van Sociale Zaken van 3 juni 1947, nr. 6197 (Stcrt. 1947, 108) art. 1
Waardering: B 4
(538)
Handeling: Het vaststellen van de premie voor het Rijkskinderbijslagfonds.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 27 derde lid (b.w. Stb. 1952, 475)
Periode: 1945–1952
Product: algemene maatregel van bestuur
Opmerking: De minister stelde de premie voor de werkgevers vast die bij het Rijkskinderbijslagfonds aangesloten waren. Dit verviel toen in 1952 de uitvoering geheel aan de bedrijfsverenigingen overgedragen werd.
Waardering: B 1
(541)
Handeling: Het (bij of krachtens AMvB) stellen van regels inzake vrijwillige verzekering voor de volksverzekeringen.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 35 en 36 tweede lid, gewijzigd (Stb. 2001, 212), art. 38 tweede lid en gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 45; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 47 en 7 tweede lid; Wet van 23 april 1971 (Stb. 1971, 308) art. III eerste lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 77, gewijzigd (Stb. 1989, 127) art. 59a; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 25–27; Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 63, gewijzigd (Stb. 1999, 543), art. 63a;
Periode: 1959–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de overhevelingstoeslag ingevolge de Wet financiering volksverzekeringen en de Wet overhevelingstoeslag opslagpremies.
Grondslag: Wet aanpassing uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies (Stb. 1989, 127) art. 81 derde lid en 82 derde lid
Periode: 1989–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling vaststelling als overhevelingstoeslag beschouwde bedragen (Stcrt. 1990, 71)
– Vaststelling bedragen in artikel 81, 3e lid WAUOO per 1 juli 1997 (Stcrt. 1997, 119)
– Herziening bedragen in artikel 8, derde, vierde en vijfde lid, en artikel 82, derde lid WAUOO (Stcrt. 1997, 245)
– Herziening verhoudingsgetallen artikel 82 WAUOO per 1 januari 1998 (Stcrt. 1997, 246)
– Vaststelling bedragen ex art. 81 WAUOO per 1 januari 1998 (Stcrt. 1997. 249)
– Regeling herziening bedragen in artikel 81, derde, vierde en vijfde lid WAUOO (Stcrt. 1998, 61)
– Vaststelling bedragen ex art. 81 WAUOO per 1 juli 1998 (Stcrt. 1998, 118)
– Herziening bedragen ex art. 81 WAUOO per 1-1-1999 (Stcrt. 1998, 244)
Opmerking: Deze regelingen zijn sindsdien regelmatig aangepast en opnieuw gepubliceerd in de Staatscourant.
Waardering: B 1
(545)
Handeling: Het goedkeuren van de besluiten van de Sociale Verzekeringsbank en het Algemeen Arbeidsongeschiktheidsfonds inzake vaststelling dan wel zelf vaststellen van een premiepercentage voor de berekening van de overhevelingstoeslag als bedoeld in de Wet overhevelingstoeslag opslagpremies.
Grondslag: Wet aanpassing uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies (Stb. 1989, 127) art. 2 eerste lid
Periode: 1989–1995
Product: beschikking
Waardering: B 1
(546)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van het premiepercentage voor de berekening van de overhevelingstoeslag als bedoeld in de Wet overhevelingstoeslag opslagpremies.
Grondslag: Wet brutering overhevelingstoeslag lonen (Stb. 1993, 743) zoals gewijzigd (Stb. 1995, 566) art. 2 tweede lid
Periode: 1995–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit tot vaststelling van de overhevelingstoeslag 1997 (Stb. 1996, 310)
– Besluit tot vaststelling van de overhevelingstoeslag 1998 (Stb. 1997, 806)
Waardering: B 1
(547)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van uitkeringen en verstrekkingen waarover geen overhevelingstoeslag wordt toegekend.
Grondslag: Wet overhevelingstoeslag opslagpremies (Stb. 1989, 128) art. 1 tweede lid, onderdeel b
Periode: 1989–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 11 december 1989 (Stb. 1989, 573)
Waardering: B 1
(548)
Handeling: Het – tot 1989 bij AMvB – vaststellen van regels inzake de vrijstelling van verplichtingen ingevolge de sociale verzekeringswetten wegens gemoedsbezwaren.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) zoals gewijzigd (Stb. 1928, 223) art. 98 eerste lid (b.w. Stb. 1953, 578-CSV); Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) zoals gewijzigd (Stb. 1924, 137) art. 106 eerste lid; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 18 eerste lid en 20 (b.w. Stb. 1953, 578); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 19 eerste lid (en 21); vernummerd (Stb. 1952, 475) art. 18 eerste lid (b.w. Stb. 1953, 578); gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 35; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 14 eerste lid en negende lid, vernummerd bij (Stb. 1953, 325) art. 12 eerste en negende lid; Coördinatiewet Sociale Verzekeringen (Stb. 1953, 577) art. 17 eerste en zesde lid; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 36 en 35a; gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 46 en 47 (b.w. Stb. 1989, 127); Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 48 en sinds (Stb. 1967, 396) art. 47a (b.w. Stb. 1989, 127); Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 30; Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Stb. 1967, 655 art. 31 en 32; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 75; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 24; Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 14 tweede lid;
Periode: 1940–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit houdende voorschriften inzake vrijstelling van verplichtingen ingevolge sociale verzekeringswetten wegens gemoedsbezwaren (Stb. 1953, 156; vervangen Stb. 1956, 626; Stb. 1980, 358)
Handeling: Het vaststellen van regels en uitvoeringsvoorschriften inzake het toekennen van AOW-uitkeringen aan personen die wegens gemoedsbezwaren geen premie maar verhoogde belasting hebben betaald.
– Regeling tot wijziging van een tweetal ministeriële regelingen gemoedsbezwaarden Algemene Ouderdomswet (Stcrt. 1997, 82)
Waardering: B 5
(555)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de vergoeding van de kosten van sociale verzekeringswetten die geheel of gedeeltelijk door het Rijk worden gefinancierd.
Grondslag: o.a.: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 35 derde lid; Kinderbijslagwet voor invaliditeits-, ouderdoms- en wezenrentetrekkers (Stb. 1948, I 309) art. 16 derde lid; Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 20 derde lid, gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 24 derde lid (b.w. Stb. 1979, 709); Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 37 tweede en derde lid; Liquidatiewet invaliditeitswetten (Stb. 1964, 488) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 307) art. 40 derde lid en 52 derde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 73 zesde lid; Wet van 14 september 1978 (Stb. 1978, 465) art. X zesde lid, XI zesde lid en XIII vierde lid; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 26 tweede lid (b.w. Stb. 1995, 691); Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 631) art. 22 tweede lid; gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 29a tweede lid (b.w. Stb. 1994, 916); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 65a tweede lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 74 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 71 (b.w. Stb. 2001, 625); Besluit van 29 september 1942 (Vb.1942, 109) art. 3 lid 2 (b.w. Stb. 1950, K664)
Periode: 1947–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Financieringsregeling Algemene Kinderbijslagwet en Toeslagenwet (Stcrt. 1997, 41)
Opmerking: Voorbeelden van wetten die geheel door het Rijk worden gefinancierd zijn de Noodwet Ouderdomsvoorziening, de Kinderbijslagwetten voor rentetrekkers en kleine zelfstandigen, de Toeslagenwet en (sinds 1989) de Algemene Kinderbijslagwet.
Waardering: B 5
(556)
Handeling: Het, gehoord de Sociaal-Economische Raad, bij amvb wijzigen van de hoogte van de rijksbijdrage aan het Interim-invaliditeitsfonds.
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 24 november 1964 (Stb. 1964, 465)
Waardering: B 1
(557)
Handeling: Het vergoeden van de uitgaven ingevolge sociale verzekeringswetten en toeslagen die geheel of gedeeltelijk door het Rijk gefinancierd worden aan de uitvoeringsorganen.
Grondslag: o.a.: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 27 derde lid; vernummerd (Stb. 1952, 475) art. 25 derde lid (b.w. Stb. 1962, 257); Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 35 eerste en tweede lid; Kinderbijslagwet voor invaliditeits-, ouderdoms- en wezenrentetrekkers (Stb. 1948, I 309) art. 16; Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 20, gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 24 (b.w. Stb. 1979, 709); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 97 b.w. (Stb. 1987, 629); Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 73 derde lid (b.w. Stb. 1983, 696); Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 26; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 631) art. 22; gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 29a; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) zoals gewijzigd (Stb. 1989, 611) art. 30 eerste lid en 35 eerste lid; Wet tot aanvulling der ongevallenrenten (Stb. 1950, K 191) art. 12; Wet compensatie premie Algemene Ouderdomswet ongevallenrentetrekkers (Stb. 1957, 223) art. 3; Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet (Stb. 1948, I 308) art. 15; Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet (Stb. 1949, J 587) art. 3; Wet van 20 april 1950 (Stb. 1950, K 158) art. 4; Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria (Stb. 1996, 93) art. 12 tweede lid;
Besluit van 29 september 1942 (Vb.1942, 109) art. 3 lid 1 (b.w. Stb. 1950, K664)
Periode: 1945–
Product: beschikking/Koninklijk besluit
Opmerking: Onder deze handeling valt ook de beoordeling van door de uitvoeringsorganen ingediende begrotingen of ramingen van de kosten.
Met uitvoeringsorganen worden o.a. bedoeld het SVB en het Lisv/UWV.
Waardering: V 7 jaar
(1218)
Handeling: Het toekennen van een rijksbijdrage voor de uitvoeringskosten van de Raad voor Werk en Inkomen en de Centrale organisatie voor werk en inkomen.
Product: Toekenningbesluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 45 eerste lid
Waardering: V 7 jaar
(1219)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de toerekening van de uitvoeringskosten die door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen en de Sociale Verzekeringsbank ten laste worden gebracht aan diverse fondsen.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 45 vierde lid
Waardering: B 5
(1220)
Handeling: Het vaststellen van het budget voor de uitvoeringskosten van de (uitvoerings)organisaties.
Product: Besluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 48 eerste t/m derde lid
Waardering: V 7 jaar
(1221)
Handeling: Het goedkeuren dat (uitvoerings-)organisaties kunnen beschikken over meer dan een derde gedeelte van het budget dat laatstelijk voor een geheel jaar is vastgesteld.
Product: Besluiten
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 48 zesde lid
Waardering: V 7 jaar
(561)
Handeling: Het goedkeuren van de begroting en jaarrekening van het Algemeen Kinderbijslagfonds en Toeslagenfonds.
Grondslag: Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 631) art. 22 vierde lid; gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 29a vierde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 26 derde lid; gewijzigd (Stb. 1990, 316 vierde lid (b.w. Stb. 1994, 916)
Periode: 1988–1994
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar wordt bewaard bij de SVB/het Tf
(562)
Handeling: Het vergoeden van de kosten voor uitkeringen aan bemanningsleden van zeevissersvaartuigen.
Grondslag: Zeeongevallenwet 1919 (Stb. 1915, 214) art. 10 derde lid
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Opmerking: Wegens de geringe draagkracht van de verzekeringsvereniging van de zeevissers was in de wet vastgelegd dat een deel van de uitkeringen voor de bemanningsleden van zeevisserschepen door het Rijk werd gedragen, te weten de helft van de uitkeringen voor schepen groter dan 40 ton inhoud en driekwart bij schepen kleiner dan 40 ton. Deze bijdrage werd gestort aan de Vereniging ‘Zee-risico’, die door de reders belast was met de uitvoering van de wet.
Waardering: V 7 jaar
(564)
Handeling: Het (jaarlijks) verstrekken van een bijdrage aan het Ouderdomsfonds.
Grondslag: Ouderdomswet 1919 (Stb 1919, 628) art. 4; Wet van 30 juli 1926 (Stb. 1926, 247)
Periode: 1945–1990
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(565)
Handeling: Het jaarlijks verlenen van een bepaald bedrag aan het Algemeen Mijnwerkersfonds als bijdrage in de lasten van de verzekering van mijnarbeiders.
Grondslag: Mijnwerkersinvaliditeitswet (Stb. 1933, 181) art. 9; Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet (Stb. 1948, I 308) art. 15; Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet (Stb. 1949, J 587) art. 3; Wet van 20 april 1950 (Stb. 1950, K 158) art. 4;
Periode: 1945–1996
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(566)
Handeling: Het (bij amvb) vaststellen van regels inzake de verrekening van premies en uitkeringen en inzake de begroting en verdeling van de uitvoeringskosten van de sociale verzekeringen door de uitvoeringsorganen.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 17, 18 en 62; gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 12, 13 en 62; Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 24; Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 51 eerste lid; Ouderdomswet 1919 (Stb. 1919, 628) art. 4 derde lid, 6 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 51, gewijzigd (Stb. 1953, 117) art. 42; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 34 zesde lid, vernummerd (Stb. 1976, 473) zevende lid (b.w. Stb. 1979, 709); Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 55; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 81 eerste lid en 85 eerste lid; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 80 vierde lid
Periode: 1945–1994
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit van 13 oktober 1934 (Stb. 1934, 547)
– Besluit van 13 oktober 1934 (Stb. 1934, 548)
– Besluit van 22 oktober 1957 (Stb. 1957, 422)
ministeriële regeling
– Regeling toerekening uitvoeringskosten Sociale Verzekeringsraad van de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van 15 augustus 1969, no. 53374
– Beschikking verdeling kosten van beheer Raden van Arbeid (Stcrt. 1957, 219; vervangen (Stcrt. 1968, 73; Stcrt. 1980, 50)
– Ministerieel besluit van 7 april 1964, nr. 56432a (Stcrt. 1964, 71)
– Ministerieel besluit van 2 augustus 1978, nr. 171.287 (Stcrt. 1978, 153)
– Regeling toerekening uitvoeringskosten College van toezicht sociale verzekeringen (Stcrt. 1995, 89)
Waardering: B 5
(571)
Handeling: Het vaststellen van het budget voor de uitvoeringskosten van het College van toezicht sociale verzekeringen
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 82 eerste lid en 83 eerste lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 77 eerste lid en 78 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1995–2001
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(575)
Handeling: Het jaarlijks bij Koninklijk besluit vaststellen van de verdeling van de kosten van de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid over de verschillende sociale verzekeringsfondsen.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 18 en 62 (b.w. Stb. 1956, 297)
Periode: 1945–1956
Product: Koninklijk besluit
Waardering: V 5 jaar
(583)
Handeling: Het vaststellen van de bijdrage van het College van toezicht sociale verzekeringen in de kosten van de onderzoeken van de Nationale ombudsman.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 80 vijfde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(585)
Handeling: Het stellen van nadere regels ten aanzien van het toekennen van een bijdrage door het Algemeen Werkloosheidsfonds aan de wachtgeldfondsen van de bedrijfsverenigingen.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 43, gewijzigd bij (Stb. 1953, 117) art. 34; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 94 tweede lid en 113 (b.w. Stb. 1990, 404)
Periode: 1949–1990
Product: ministeriele regeling, onder andere:
– Besluit van 17 september 1951, nr. 3626 (Stcrt. 1951, 182)
Opmerking: Vanaf 1953 werd bij vaststelling van dergelijke regels de SVr door de minister gehoord.
Waardering: B 5
(588)
Handeling: Het stellen van regels betreffende de aanvulling van de ziekenkassen van een Raad van Arbeid door de andere uitvoeringsorganen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 67 zoals gewijzigd (Stb. 1937, 800) (b.w. Stb. 1952, 343)
Periode: 1945–1952
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit van 1 november 1943 (Stcrt. 1943, 224)
– Besluit van 14 april 1944 (Stcrt. 1944, 76)
Waardering: V 10 jaar
(589)
Handeling: Het geven van opdracht aan alle Raden van Arbeid om een ontstaan tekort bij de ziekenkas van een Raad van Arbeid aan te vullen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 67 zoals gewijzigd (Stb. 1937, 800) (b.w. Stb. 1952, 343)
Periode: 1945–1952
Product: circulaire
Waardering: V 10 jaar
(590)
Handeling: Het stellen van regels ten aanzien van het uit het AWf vergoeden van door het Rijk verleende bijdragen aan remigrerende werkloze werknemers.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 95 derde lid en 112
Handeling: Het vaststellen van regels inzake het toekennen van een uitkering uit het Algemeen Arbeidsongeschiktheidsfonds aan uitkeringverlenende rechtspersonen in verband met het ontbreken of beperken van het recht op uitkering of voorzieningen (de zogeheten fictieve uitvoering van de AAW).
Grondslag: Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 8 derde lid (b.w. Stb. 1998, 369)
Periode: 1976–1998
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regelen inzake een uitkering uit het AAf (Stcrt. 1976, 208)
Opmerking: De bij de vaststellen van de regeling betrokken ministers zijn de Ministers van Binnenlandse Zaken, Defensie en Verkeer en Waterstaat.
Waardering: B 5
(1222)
Handeling: Het bij AMvB stellen van nadere regels met betrekking tot de financiering van het Inlichtingenbureau.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 63 tweede lid, gewijzigd (Stb. 2001, 692), art. 63 derde lid, art. 71
Waardering: B 1
(1224)
Handeling: Het instellen van een fonds.
Grondslag: Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), gewijzigd (Stb. 1998, 262), art. 31 eerste lid
Periode: 1998–
Product: Instellingsbesluit
Opmerking: Dit betreft o.a.:
– het Spaarfonds AOW
Waardering: B 4
(599)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van regelgeving betreffende de Ziektewetverzekering van degenen die zijn ingezet door de Einsatz Holland der Organisation Todt.
Grondslag: Verordening van de rijkscommissaris voor het bezette Nederlandse gebied (Vb.1940, 23) art. 1; Verordening van de rijkscommissaris voor het bezette Nederlandse gebied (Vb.1940, 3) art. 2–3
Periode: 1945–1945
Product: – Besluit van 1 november 1943 (Stcrt.1943, 224)
– Besluit van 14 april 1944 (Stcrt.1944, 76)
Waardering: B 6
(600)
Handeling: Het houden van financieel toezicht op ‘De Centrale Onderlinge’ en het bepalen van de bedragen die andere uitvoeringsinstanties moeten bijdragen.
Grondslag: Besluit van 1 november 1943 (Stcrt.1943, 224) art. 1–2; Besluit van 14 april 1944 (Stcrt.1944, 76) art. 1–2
Periode: 1943–1944
Product: financiële bescheiden
Waardering: B 6
(601)
Handeling: Het geven van nadere richtlijnen betreffende de Ziektewetverzekering van degenen die zijn ingezet door de Einsatz Holland der Organisation Todt.
Grondslag: Besluit van 1 november 1943 (Stcrt.1943, 224) art. 5; Besluit van 14 april 1944 (Stcrt.1944, 76) art. 5
Periode: 1943–1944
Product: Besluit van 19 mei 1944 (Stcrt.1944, 97)
Waardering: B 6
(602)
Handeling: Het vaststellen van regels ten aanzien van het beheer en de belegging van gelden van de sociale verzekeringsfondsen.
Grondslag: o.a.: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 113, art. 114, art. 115 eerste lid; gewijzigd (Stb. 1952, 343); vernummerd (Stb. 1952, 474) art. 63 eerste lid (b.w. Stb. 1959, 66) en zoals gewijzigd (Stb. 1994, 916) art. 63 tweede lid (b.w. Stb. 1996, 134); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 34, 50 en 62 (b.w. Stb. 1962, 257); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 29 vijfde lid, vernummerd (Stb. 1953, 117) art. 20 vijfde lid; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 23, 25 en 65 gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 34, 36 en 74; Algemene Weduwen- en wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 21 twaalfde lid, 40 en 85a; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 21 vierde lid, vernummerd (Stb. 1980, 1) art. 24 vierde lid; gewijzigd (Stb. 1990, 128) art. 22 derde lid; gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 29a derde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Toeslagenwet (Stb. 1987, 91; Stb. 1986, 562) art. 26 derde lid; Ziektewet (Stb. 1929, 374) art. 63 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 91 derde lid, 96 derde lid (b.w. Stb. 1997, 706), 97 tweede en vierde lid en 113 en gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 79 tweede lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 76 vierde en vijfde lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175) art. 76 derde lid en gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 76f zesde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 72 tweede lid, 73 zevende lid en 100 (b.w. Stb. 1989, 127); Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) zoals gewijzigd (Stb. 1990, 316) art. 26 derde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 32 tweede en vierde lid, 35 derde lid, 36 tweede en vierde lid, 41 en 45 eerste lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 69 zesde lid, 70, 71, 73 tweede lid en 76 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 67, 68, 70 tweede lid, 71a derde lid en 72 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 51 achtste lid
Periode: 1945–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling tijdelijke middelenoverheveling en leningen centrale fondsen (Stcrt. 1997, 41)
Opmerking: Tot het beheer van de sociale verzekeringsfondsen wordt ook het beheer van reserves, wachtgeldfondsen en afdelingskassen door bedrijfsverenigingen gerekend.
Waardering: B 1
(1227)
Handeling: Het goedkeuren van het maximum zoals dat door het Lisv/het UWV is vastgesteld.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 793), art. 116 derde lid;
Opmerking: Hiermee wordt het maximum van handeling 1226C bedoeld.
Waardering: B 5
(998)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels met betrekking tot de overheveling van gelden uit het Arbeidsongeschiktheidsfonds naar de Arbeidsongeschiktheidskas.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 79;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1228)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de overgang van vermogensbestanddelen van het Algemeen Arbeidsongeschiktheidsfonds naar het Arbeidsongeschiktheidsfonds en het Arbeidsongeschiktheidsfonds zelfstandigen.
Grondslag: Invoeringswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen (Stb. 1997, 178), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art.VIII eerste lid;
Periode: 1997–
Product: Regeling, o.a.:
– Vermogensoverdracht van het AAf over 2001 (Stcrt. 2002, 241)
Waardering: B 5
(1229)
Handeling: Het aanwijzen van fondsen waarop de Wet geïntegreerd middelenbeheer gedurende een bepaalde periode niet van toepassing is.
Opmerking: Dit gebeurt in overeenstemming met de SVb, het Lisv/UWV en de Ziekenfondsraad.
Waardering: B 4
(1230)
Handeling: Het stellen van regels over de wijze waarop en de voorwaarden waaronder de afdracht van gelden plaatsvindt aan de fondsen die geheel of gedeeltelijk door het Rijk worden gefinancierd.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Wijziging regeling SUWI en enige andere regelingen (Stcrt. 2002, 66);
– Aanpassingsregeling arbeid en zorg (Stcrt. 2002, 171);
Handeling: Het bij AMvB bepalen wanneer andere bedragen uit een fonds betaald kunnen worden dan bij de wet bepaald.
Grondslag: Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 35 derde lid;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Dit kan o.a. bij het Algemeen Arbeidsongeschiktheidsfonds.
Waardering: B 1
(1234)
Handeling: Het bepalen van de kosten en baten die gebruikt worden als een middel tot dekking van de uitgaven van het Arbeidsongeschiktheidsfonds en die verkregen worden door de reïntegratiewerkzaamheden naar de Arbeidsvoorzienings-organisatie over te plaatsen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1987, 89), gewijzigd (Stb. 1998, 290), art. 76c, onder i, art. 76d onder h;
Periode: 1998–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1006)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de uitgaven die ten laste komen van het Reïntegratiefonds.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 43 derde lid;
Periode: 2002–
Product: Ministeriële regeling
Opmerking: Hieronder vallen ook de uitgaven ten laste van het Reïntegratiefonds die verband houden met de invoering van de Wet REA.
Waardering: B 5
(999)
Handeling: Het verlenen van toestemming aan het Lisv/UWV voor het doen van uitgaven ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175; Stb. 2001, 625), art. 76d tweede lid, 76f vijfde lid;
Periode: 1997–
Product: Toestemmingsbesluit
Waardering: B 5
(1237)
Handeling: Het voeren van overleg met de minister over de toerekening van de uitvoeringskosten die ten laste komen aan diverse fondsen.
Product: Verslag, nota, notulen
Periode: 2002–
Grondslag: Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2) art. 5.1 vierde lid
Opmerking: Sinds de invoering van de Wet SUWI stelt de Raad van Bestuur de begroting vast, waarna de Minister van SZW deze moet goedkeuren.
Waardering: V 7 jaar
(992)
Handeling: Het vaststellen van de verdeelsleutel ter bepaling van de bijdragen die de verschillende fondsen hebben in te brengen in het Reïntegratiefonds.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 41, gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 42 tweede en derde lid, art. 44 eerste lid;
Handeling: Het vaststellen van de rijksbijdrage aan het Algemeen Werkloosheidsfonds en het Uitvoeringsfonds voor de overheid voor trajecten die gericht zijn op de reïntegratie in het arbeidsproces van WW-gerechtigden van 23 jaar of ouder
Handeling: Het (jaarlijks) vaststellen van de bijdrage in de kosten van de heffingskortingen van het Ouderdomsfonds, het Nabestaandenfonds en het Algemeen Fonds Bijzondere Ziektekosten.
Grondslag: Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), gewijzigd (Stb. 2000, 570), art. 44a derde lid, 53 tweede lid;
Periode: 2000–
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Vaststelling geraamde totale kosten voor heffingskortingen (Stcrt. 2003, 48)
Waardering: V 7 jaar
(1020)
Handeling: Het prognosticeren en vaststellen van het bedrag dat als rijksbijdrage ten gunste van het Ouderdomsfonds komt.
Grondslag: Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), gewijzigd (Stb. 1998, 262), art. 10a tweede lid, art. 10b eerste en tweede lid, art. 29a;
Periode: 1998–
Product: Besluit
Waardering: V 7 jaar
(1021)
Handeling: Het verstrekken van een bijdrage aan het Ouderdomsfonds.
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van een regels voor het vaststellen van een percentage voor dat deel van de premie dat ten gunste komt aan het wachtgeldfonds.
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot uitgaven ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 76f zesde lid;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1246)
Handeling: Het stellen van regels betreffende de omvang van de financiële middelen die de (uitvoerings-)organisaties of de Ziekenfondsraad buiten de rekening-courant bij het Ministerie van Financiën mogen houden.
Opmerking: Dit gebeurt in overleg met het Lisv/UWV, het SVB, of de Ziekenfondsraad.
Waardering: B 5
(1247)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de financiële middelen onder het beheer van het Lisv/het UWV en de Sociale Verzekeringsbank.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 67 zevende lid (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1997–2001
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1248)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de rente die over het saldo van de rekening-courant wordt vergoed of in rekening wordt gebracht.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 68 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 negende lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a negende lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 51 tweede lid;
Periode: 1997–
Product: Regeling
Opmerking: Dit gebeurt in overleg met het UWV en de SVb.
Waardering: B 5
(1252)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het verstrekken van informatie aan en door de Minister van Financiën omtrent de rekening-courant.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 71a derde lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 tiende lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a tiende lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 51 zevende lid;
Periode: 1997–
Product: Regeling
Opmerking: Dit gebeurt na overleg met het Lisv/het UWV, de SVB of de Ziekenfondsraad.
Waardering: B 5
(1253)
Handeling: Het stellen van nadere regels omtrent de financiële middelen van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen en de Sociale Verzekeringsbank die in rekeningen-courant bij de Minister van Financiën worden gehouden.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 50 zevende lid
Waardering: B 5
(604)
Handeling: Het verstrekken van leningen (voorschotten) en bijdragen aan de sociale verzekeringsfondsen.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) zoals gewijzigd (Stb. ) art. 65; gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 74 (b.w. Stb. 1989, 127); Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) zoals gewijzigd (Stb.1976, 235) art. 21 twaalfde lid en (Stb. 1987, 629) art. 85a tweede en vierde lid (b.w. Stb. 1989, 127); Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 100; Wet herziening aanpassingsmechanismen en vaststelling regelen hoogte sociaal minimum (Stb. 1979, 711) art. VII, IX eerste lid en XI eerste lid; Wet van 14 september 1978 (Stb. 1978, 465) art. X vijfde lid, XI vijfde lid en XIII derde lid; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) zoals gewijzigd (Stb. 1979, 709) art. 22–23 (b.w. Stb. 1983, 677); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) zoals gewijzigd (Stb. 1987, 629) art. 97 eerste lid (b.w. Stb. 1994, 916); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 32 eerste en derde lid en 36 eerste en derde lid; Liquiditeitsregeling Centrale Sociale Verzekeringsfondsen (Stcrt. 1989, 240) art. 2; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) zoals gewijzigd (Stb. 1994, 916) art. 69 negende lid; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 67 zesde lid
Periode: 1976–1997
Product: beschikking
Opmerking: De hoogte van de bijdrage of het voorschot werd in overleg met de Minister van Financiën vastgesteld. Wanneer de vaststelling in de loop van het jaar plaatsvond, of herzien werd gebeurde dit bij Koninklijk besluit.
Waardering: V 5 jaar
(612)
Handeling: Het geven van toestemming en/of aanwijzingen aan een bedrijfsvereniging of het AWf/ Tica/Lisv voor uitgaven ten laste van de reserve.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1994, 916) art. 63 tweede lid (b.w. Stb. 1996, 134); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 50, gewijzigd (Stb. 1953, 117) art. 41 eerste lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 96 tweede lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1994, 916) art. 76 vierde lid, vernummerd (1995) vijfde lid
Periode: 1953–1997
Product: beschikking
Waardering: V 3 jaar
Organisatie van de uitvoering
(615)
Handeling: Het instellen, wijzigen en opheffen van organisatie-eenheden op het beleidsterrein sociale verzekeringen.
Periode: 1940–
Product: (organisatie)besluiten
Waardering: B 4
(1451)
Handeling: Het geven van sturing aan de interne bedrijfsvoering van (uitvoeringsorganisaties).
Bron: interview
Periode: 1945–
Product:
Opmerking: Dit betreft situaties waarin de minister aan de (uitvoerings-)organisaties kan vragen om bepaalde onderwerpen intern te regelen, zoals bijvoorbeeld integriteitbeleid.
Waardering: V 5 jaar
(618)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels voor de samenwerking tussen de uitvoeringsorganen van de sociale verzekeringen, de Arbeidsvoorzieningsorganisatie, gemeenten en andere diensten en instellingen in verband met de inschakeling van uitkeringsgerechtigden in het arbeidsproces.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 26 tweede lid en 45 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: algemene maatregel van bestuur
– Samenwerkingsbesluit SWI (Stb. 1997, 804)
Waardering: B 1
(621)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels voor het vervullen van andere taken door uitvoeringsorganen dan de wettelijk voorgeschreven.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 25 vijfde lid en 50 derde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit toetsingskader andere taken (Stb. 1997, 98)
Waardering: B 1
(622)
Handeling: Het verlenen van toestemming aan uitvoeringsorganen voor het verrichten van andere taken dan de wettelijk voorgeschreven taken.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 49 en 54 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 25 derde en vierde lid, 50 (b.w. Stb. 2001, 625); Besluit toetsingskader andere taken (Stb. 1997, 98) art. 2–4
Periode: 1995–2001
Product: beschikking
Waardering: B 5
(623)
Handeling: Het bij AMvB treffen van tijdelijke voorzieningen waarmee wordt bevorderd dat zo min mogelijk beroep behoeft te worden gedaan op de werknemersverzekeringen.
Opmerking: Een dergelijke voorziening heeft betrekking op samenwerking tussen het Tica/Lisv met één of meer Regionale Besturen voor de Arbeidsvoorziening, één of meer gemeenten of één of meer diensten of instellingen die werkzaamheden verrichten verband houdende met de werkzaamheden van het Tica/Lisv.
Waardering: B 1
(624)
Handeling: Het verdelen van het bedrijfs- en beroepsleven in onderdelen voor de uitvoering van de sociale verzekering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 342) art. 16 eerste lid (b.w. Stb. 1953, 117), gegwijzigd (Stb. 2001, 625), art. 97k eerste en tweede lid; Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 3; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 39 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 51 eerste lid (Stb. 2001, 625)
Periode: 1949–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van de Minister van Sociale Zaken van 31 december 1949 (Stcrt. 1950, 8)
– Beschikking van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 8 december 1952 (Stcrt. 1952, 242)
– Regeling indeling bedrijfs- en beroepsleven in sectoren (Stcrt. 1997, 41)
Waardering: B 1
(626)
Handeling: Het stellen van regels inzake de aansluiting van werkgevers bij een bedrijfsvereniging/sector en de overgang van vermogen bij overgang van één of meer werkgevers naar een andere bedrijfsvereniging/sector.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 105 derde lid (b.w. Stb. 1952, 343); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 19 zevende lid (b.w. Stb. 1953, 117)
Periode: 1945–1952
Product: algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Voor 1952 werden de regels bij amvb vastgesteld.
Waardering: V 5 jaar (na vervallen)
(630)
Handeling: Het goedkeuren van een besluit van de SVr inzake de vaststelling van het deel van de fondsen van een bedrijfsvereniging dat bij de overgang van een of meer werkgevers naar een andere bedrijfsvereniging mede overgaat.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) zoals gewijzigd (Stb. 1953, 120) art. 7 vierde lid; gewijzigd (Stb. 1961, 150) art. 7 vierde en vijfde lid
Periode: 1953–1994
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(632)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van de vestigingsplaats van de uitvoeringsorganisaties.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 1 en 2 (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 2, 21 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 3, 17 en 30 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 2 tweede lid, art.16 eerste t/m zevende lid;
Periode: (1933) 1945–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling tot vaststelling van de zetel van het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Stcrt. 1997, 41)
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(633)
Handeling: Het – tot 1952 bij AMvB, vanaf 1952 gehoord de SER – aanwijzen van centrale en representatieve organisaties van werkgevers en werknemers, die een bepaald aantal leden van de Raad van Toezicht LTOW, de Sociale Verzekeringsraad, het bestuur van de Sociale Verzekeringsbank en van het Landelijk instituut sociale verzekeringen mogen aanwijzen of die betrokken dienen te zijn bij de oprichting/instandhouding van een bedrijfsvereniging, het Tica of een sectorraad.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 33 derde lid; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 342) art. 24 vijfde lid, vernummerd (Stb. 1953, 117) art. 14 vijfde lid; Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 6a, 35 zesde lid; Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 6 derde lid (b.w., Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 24, 31 eerste lid, 40 en 41 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 20, 33 en 56 (b.w. Stb. 2001, 625); Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 66 (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1940–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Aanwijzing organisatie overheidswerkgevers als representatieve organisatie in de zin van art. 56 Osv 1997 (Stcrt. 1997, 41)
Waardering: B 4
(637)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van nadere regels ten aanzien van de onverenigbaarheid van lidmaatschap van de Sociale Verzekeringsraad, het bestuur van het Ctsv, van de Sociale Verzekeringsbank, het Lisv en de centrale fondsen met andere functies.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 36 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 7 tweede lid (b.w. Stb. 1994, 917); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 72 vierde lid, vernummerd (Stb. 1974, 509) zesde lid (b.w. Stb. 1976, 473); Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 66 zesde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 655) art. 103 zesde lid (b.w. Stb. 1994, 916) Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 6, 21, 34 (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1952–1994, 1997–2001
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit Onverenigbaarheid lidmaatschap Sociale Verzekeringsraad met andere functies (Stb. 1966, 537)
– Regeling tot wijziging van de Regeling onverenigbare functies Ctsv, SVB en Lisv (Stcrt. 1997, 47)
Waardering: B 4
(638)
Handeling: Het verlenen van ontheffing voor de bepaling in de OSV inzake de onverenigbaarheid van het lidmaatschap van de Sociale Verzekeringsraad met andere functies.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 36 tweede lid (b.w. Stb. 1962, 24)
Periode: 1952–1962
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(639)
Handeling: Het vaststellen van de rechtspositie van de leden van Raad van bestuur en de Raad van advies van de (uitvoerings-)organisaties.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 7 eerste lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 7 eerste lid, 22 eerste lid en 35 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 5 eerste en derde lid;
Periode: 1995–
Product: rechtspositieregeling, o.a.:
– Rechtspositieregeling lid Raad van bestuur SVB (Stcrt. 2003, 21)
– Regeling vergoedingen voorzitter en leden Raad van asdvies SVB (Stcrt. 2003, 106)
Opmerking: Dit houdt ook het vaststellen van de aanspraken op vergoeding van kosten die verband houden met de functie in.waardering: V 10 jaar
(1259)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de (onderlinge) samenwerking tussen de CWI, het UWV, de Sociale Verzekeringsbank, B&W van gemeenten of andere diensten en instellingen alsmede het aanwijzen van werkzaamheden van het UWV, de Sociale Verzekeringsbank of gemeenten die worden verricht in een of meer CWI’s.
Product: AMvB
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 8 tweede lid
Waardering: B 1
(1262)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van één of meer gemeenten die bevorderen dat periodiek overleg over de regionale arbeidsmarkt wordt gevoerd.
Product: Algemene maatregel van bestuur
Periode: 2004–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 23 tweede lid
Opmerking: De AMvB kan pas 2 jaar na het inwerking treden van artikel 23 Wet SUWI ingaan.
Waardering: B 1
(1263)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de verzekerdenadministratie en informatieverstrekking door het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 63 tweede lid, gewijzigd (Stb. 2001, 692), art. 63 derde lid, art. 71
Waardering: B 5
(1265)
Handeling: Het geven van een aanwijzing (van algemene aard) met betrekking tot de uitoefening van de taken aan de (uitvoerings-)organisaties.
Product: Aanwijzing
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 78 eerste lid
Waardering: B 5
(1266)
Handeling: Het treffen van voorzieningen indien de (uitvoerings-)organisaties hun taken ernstig verwaarlozen.
Product: Voorzieningen
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 81 eerste t/m derde lid
Waardering: B 4 & 5
(1267).
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels die noodzakelijk zijn in verband met de goede uitvoering door (uitvoerings-)organisaties van hun wettelijke taken.
Product: Algemene maatregel van bestuur
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 82 eerste t/m derde
Waardering: B 1
(1269)
Handeling: Het bij AMvB bepalen van de tijdstippen waarop de Inspectie Werk en Inkomen een verslag dient op te stellen over de naleving en effectiviteit van de non-discriminatiecode van de Centrale organisatie voor werk en inkomen en het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen.
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit taakuitoefening Inspectie werk en inkomen (Stb. 2001, 683)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 38 derde lid
Waardering: B 1
(1273)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van andere onderwerpen die ook in de regeling
cliëntenparticipatie dienen te worden opgenomen.
Product: AMvB
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 10 vijfde lid
Waardering: B 1
(1274)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de cliëntenparticipatie.
Handeling: Het voeren van overleg over cliëntenparticipatie.
Product: Notulen, verslagen, afspraken
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 12 derde lid onder a
Opmerking: Overleggen over cliëntenparticipatie vinden plaats intern binnen de SVB/UWV en periodiek met de Landelijke cliëntenraad. De Landelijke cliëntenraad heeft bovendien eenmaal per jaar een overleg met de Raad van bestuur van de SVB/UWV.
Waardering: B 5
(1277)
Handeling: Het bij AMvB stellen van nadere regels met betrekking tot de taak van de Landelijke Cliëntenraad.
Product: AMvB
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 12 zevende lid
Waardering: B 1
(640)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels voor de SVr omtrent
– het aantal leden en plaatsvervangende leden;
– de zetel van de Raad;
– de organisatie en taak:
– de kennisgeving aan de minister van genomen besluiten;
– Regels betreffende de Sociale Verzekeringsraad (Stcrt. 1953, 69)
– Regels betreffende de Sociale Verzekeringsraad (Stcrt. 1962, 140)
– Regeling toerekening uitvoeringskosten SVr, van 15 augustus 1969, nr. 53 374, Publ. SV 1969, nr. 31
Waardering: B 4
(642)
Handeling: Het doen van een voordracht aan de Kroon voor de benoeming van de voorzitter van de SVr, gehoord de Sociaal-Economische Raad.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 35 derde lid
Periode: 1952–1994
Product: voordracht
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(643)
Handeling: Het benoemen van een deel van de leden en plaatsvervangende leden van de SVr en het aanwijzen van een deel van de plaatsvervangende voorzitters, leden en plaatsvervangende leden van het dagelijks bestuur.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 35 vierde tot en met zesde lid en 39 eerste lid
Periode: 1952–1994
Product: beschikking
Opmerking: Voor de aanwijzing van de plaatsvervangende voorzitters werd de SVr gehoord.
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(649)
Handeling: Het aanwijzen van personen die namens hem, met raadgevende stem, vergaderingen van de SVr, zijn kamers of commissies bijwonen.
Handeling: Het (bij amvb) vaststellen van regels voor de werkzaamheden van de Raad van Toezicht RVB, Raad van Toezicht LTOW en het College van Toezicht (ZW).
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 15 vierde lid (b.w. Stb. 1953, 121); Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 34 eerste lid; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 120
Periode: 1945–1953
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit van 29 november 1923 (Raad van Toezicht LTOW) (Stb. 1923, 528)
– Besluit van 9 juli 1929 (College van Toezicht) (Stb. 1929, 383)
Opmerking: Voor de vaststelling werden de organen zelf gehoord.
Waardering: B 4
(653)
Handeling: Het (bij Koninklijk besluit) benoemen van de leden en voorzitter van het College van Toezicht, de Raad van Toezicht RVB en de Raad van Toezicht LTOW.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 33; Besluit van 9 juli 1929 (Stb. 1929, 383) art. 1 tweede lid
Periode: 1945–1952
Product: Koninklijk besluit
Waardering: V 10 jaar na beëindiging functie
Opmerking: De leden van de Raad van Toezicht bij de RVB werden bij ministerieel besluit benoemd, de anderen bij Koninklijk besluit. De colleges waren tripartiet samengesteld en de benoeming van de werkgevers- en werknemers leden gebeurde op voordracht van door de minister als representatief aangewezen werkgevers- en werknemersorganisaties.
(655)
Handeling: Het bij Koninklijk besluit benoemen en ontslaan en bij ministerieel besluit schorsen van de bestuursleden van het Ctsv.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 4 (b.w. Stb. 1997, 96); Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 916) art. III (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 5 (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1994–2001
Product: Koninklijk besluit, beschikking
Opmerking: Alvorens een voordracht voor benoeming of ontslag te doen, wordt de SER in de gelegenheid gesteld hierover advies uit te brengen. De minister heeft de bevoegdheid de bestuursleden te schorsen.
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(660)
Handeling: Het (gezamenlijk) vaststellen van meerjarige toezichtsplannen en jaar- en meerjarenplan van werkzaamheden.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 11 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 38 eerste lid
Periode: 2002–
Product: jaarplan, meerjarenplan
Opmerking: Over de plannen wordt overleg gevoerd met de Minister van Sociale Zaken. De plannen betreffen het onderzoekprogramma voor zowel het doelmatigheidsonderzoek (welke aspecten van de doelmatigheid onderzocht zullen worden) als het doeltreffendheidsonderzoek.
Waardering: B 1
(1280)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de overgang van de werknemers van het College van toezicht sociale verzekeringen (Ctsv) als ambtenaar in dienst van het Rijk.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Invoeringswet Wet SUWI (Stb. 2001, 625) art. 22 tweede lid
Waardering: B 4 & 5
(661)
Handeling: Het vaststellen van voorschriften voor gemeenschappelijke regelingen tussen twee of meer Raden van Arbeid.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 41 derde lid
Periode: 1945–1988
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar
(666)
Handeling: Het (bij Koninklijk besluit) benoemen van bestuursleden, plaatsvervangende bestuursleden en (wiskundig) adviseurs van de Sociale Verzekeringsbank en de voorzitters en leden van de Raden van Arbeid en (tot 1953) van de Raad van Toezicht.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 6, 7, 11, 13, 20 en 29 eerste lid (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 22–24 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 18–20 (b.w. Stb. 2001, 625)
Opmerking: De benoeming van de bestuursleden van de Sociale Verzekeringsbank gebeurde tot 1956 bij Koninklijk besluit. Sinds wetswijziging van 31 mei 1956 werd een derde deel van de bestuursleden door de minister benoemd, een derde deel door daartoe aangewezen organisaties van werkgevers en een derde deel door daartoe aangewezen organisaties van werknemers. De voorzitters van de Raden van Arbeid en van de Raad van Toezicht werden door de Kroon benoemd, de leden van deze Raden door de minister.
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(673)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de vergoedingen voor de leden van de Raden van Arbeid.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 32 en 36
Periode: 1945–1988
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 10 november 1934 (Stb. 1934, 574)
– Besluit van 14 april 1949 (Stb. 1949, J 176)
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(674)
Handeling: Het geven van toestemming aan een voorzitter van een Raad van Arbeid om nevenfuncties te bekleden.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 30 tweede lid
Periode: 1945–1988
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(678)
Handeling: Het erkennen of intrekken van de erkenning van het Tijdelijke instituut voor coördinatie en afstemming en goedkeuren van de statuten.
– Besluit tot erkenning van het Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming (Stcrt. 1994, 246)
Opmerking: Inzake de intrekking van de erkenning worden het Ctsv en de Ser in de gelegenheid gesteld advies uit te brengen. Op grond van art. 35 van de nOsv had de minister de mogelijkheid om zelf een rechtspersoon in te stellen dat als Tijdelijk instituut zou fungeren als de organisaties van werkgevers en werknemers niet tot oprichting van het instituut zouden zijn gekomen.
Waardering: B 4
(679)
Handeling: Het bij Koninklijk besluit benoemen van de voorzitter van het Tica.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 31 eerste lid onder b
Periode: 1994–
Product: Koninklijk besluit
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(1288)
Handeling: Het bepalen van het aantal leden (waaronder de voorzitter) van de Raad van bestuur en de Raad van advies van de Sociale Verzekeringsbank, alsmede het benoemen, schorsen en ontslaan van die leden.
– Benoemingsbesluit voorzitter en leden Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank (Stcrt. 2003, 21)
– Benoeming voorzitter en leden Raad van advies van de Sociale verzekeringsbank en benoeming leden Raad van advies van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Stcrt. 2003, 106)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 3 tweede en derde lid
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(1289)
Handeling: Het behandelen van een verzoek tot het vervullen van een nevenfunctie van een lid van de Raad van bestuur of Raad van advies Sociale Verzekeringsbank.
Product: Besluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 4 tweede en derde lid;
Waardering: V 10 jaar
(686)
Handeling: Het benoemen, schorsen en ontslaan van de voorzitter en de leden van het bestuur van het Landelijk instituut sociale verzekeringen.
Opmerking: Inzake het schorsen en ontslaan van de voorzitter van het Lisv dient het Ctsv gehoord te worden. De leden worden benoemd op voordracht van representatieve organisaties van werkgevers en werknemers.
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(693)
Handeling: Het stellen van regels voor de overgang van vermogensbestanddelen van de bedrijfsverenigingen en het GAK op het Lisv.
Grondslag: Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 96) art. 5 vierde t/m zesde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 20 jaar
(696)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels waaraan bedrijfsverenigingen moeten voldoen.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 13, 17, 19 derde lid, 22, 25 sub b en 26, 31; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 54 eerste lid (b.w. Stb. 1952, 342)
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 19 oktober 1922 (Stb. 1922, 566)
– Besluit van 26 januari 1923 (Stb. 1923, 25)
– Besluit van 17 april 1923 (Stb. 1923, 143)
– Besluit van 30 juli 1923 (Stb. 1923, 385)
– Besluit van 21 september 1923 (Stb. 1923, 458)
– Besluit van 27 juni 1953 (Stb. 1953, 324)
– Besluit van 25 april 1940 (Stb. 1940, 851)
Waardering: B 1/4
(697)
Handeling: Het erkennen en intrekken van de erkenning van een bedrijfsvereniging en (tot 1995) goedkeuren van de (wijziging van de) statuten.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 13, 26 (b.w. Stb. 1952, 343); Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 89 eerste lid, art. 107–110 (b.w. 1952, 343); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 39–47, 54–56a (b.w. Stb. 1952, 342); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 342) art. 16 tweede lid, 17, 20 vierde lid en 23 tweede en vierde lid (b.w. Stb. 1953, 117) en art. 37 eerste lid, vernummerd (Stb. 1953, 117) 28 eerste lid; Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 4–5, 6a, 10 derde lid en 14 eerste t/m vierde lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 40, 48 en 50; Besluit benoeming vereffenaar liquidatie fondsen bedrijfsvereniging (Stcrt. 1986, 59) art. 1
Periode: 1945–1997
Product: beschikking
Opmerking: Voor de OSV van 1952 waren er nog geen verplichte bedrijfsverenigingen. Voor de iedere sociale verzekeringswet moest een bedrijfsvereniging apart erkend worden, bij de LTOW gebeurde dit bij Koninklijk besluit. Vooraf werden de toezichthoudende colleges gehoord.
De op grond van de OSV verplichte bedrijfsverenigingen zijn erkend bij beschikkingen van 30 december 1952 (Stcrt. 1953, 1, 2 en 3), de Nieuwe Industriële Bedrijfsvereniging bij besluit van 20 december 1990 (Stcrt. 1990, 253) en de Bedrijfsvereniging voor de Tabakverwerkende en Agrarische Bedrijven bij besluit van 22 maart 1991 (Stcrt. 1991, 61). De twee laatste bedrijfsverenigingen zijn samenvoegingen van oudere bedrijfsverenigingen die tegelijkertijd of al eerder opgeheven zijn. Voor een overzicht van de bedrijfsverenigingen zij verwezen naar bijlage ...
Alvorens een bedrijfsvereniging te erkennen of de erkenning in te trekken, hoorde de minister de SVr (sinds 1995 het Ctsv, maar alleen bij intrekking) en de SER. De minister kon ontheffing verlenen van de verplichting van een bedrijfsvereniging om een organisatie van werkgevers of werknemers, die op het terrein van die bedrijfsvereniging werkzaam is, te betrekken in haar werkzaamheden en bestuur (art. 6a). Wanneer de erkenning van een bedrijfsvereniging ingetrokken wordt benoemt de minister op voordracht van de SVr een vereffenaar voor de liquidatie van de door de bedrijfsvereniging beheerde fondsen.Op de afhandeling van de liquidatie wordt toezicht gehouden door de SVr die ook de vereffenaar decharge verleent.
Waardering: B 4
(700)
Handeling: Het bij amvb bepalen dat de taken van een bedrijfsvereniging door een hoofdbedrijfschap, een bedrijfschap of een door hen ingesteld orgaan worden uitgevoerd.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 2 tweede en derde lid; vernummerd (Stb. 1986, 300) derde en vierde lid
Periode: 1952–1994
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 4
(701)
Handeling: Het voorzien in de instelling van een bedrijfsvereniging of bepalen dat de uitvoering van de sociale verzekeringswetten door een aan te wijzen bedrijfsvereniging gebeurt, indien voor een onderdeel van het bedrijfs- en beroepsleven geen bedrijfsvereniging is erkend.
Product: algemene maatregel van bestuur, beschikking
Opmerking: In het geval dat er voor een gedeelte van het bedrijfs- of beroepsleven geen bedrijfsvereniging was (of geen algemene bedrijfsvereniging) dan was de minister bevoegd een (algemene) bedrijfsvereniging op te richten en de bestuursleden daarvan te benoemen. Voor deze handeling konden bij amvb nadere regels gesteld worden. Van deze bevoegdheid heeft de minister geen gebruik hoeven maken; door werkgevers en werknemers werd immers de Nieuwe Algemene Bedrijfsvereniging opgericht.
Waardering: B 4
(702)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB vaststellen van regels voor de aanmelding, weigering, overgang en opzegging van het lidmaatschap van een werkgever bij een kinderbijslagfonds van een bedrijfsvereniging of het Rijkskinderbijslagfonds
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) art. 101 derde lid (b.w. Stb. 1952, 443); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 42 derde lid, 53 derde lid, 65 eerste lid (b.w. Stb. 1952, 342)
Periode: 1945–1952
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 10 juli 1929 (Stb. 1929, 387)
– Besluit van 25 april 1940 (Stb. 1940, 849)
– Beschikkingen van de waarnemend Secretaris-Generaal van Sociale Zaken van 22 november 1940, nr. 4301 en 4302 (Stcrt. 1940, 238)
– Besluit van 19 maart 1951 (Stb. 1951, 81)
– Besluit van 5 juni 1951 (Stb. 1951, 204)
Opmerking: Ten tijde van de Tweede Wereldoorlog werden de regels niet bij amvb uitgevaardigd maar bij besluit van de Secretaris-Generaal.
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(703)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de overgang van rechten en verplichtingen van de bedrijfsverenigingen en Raden van Arbeid ingevolge de Ziektewet op de (nieuwe) bedrijfsverenigingen na de inwerkingtreding van de OSV.
Grondslag: Wet van 12 juni 1952 tot nadere wijziging van de Ziektewet (Stb. 1952, 343) art. XXXVI tweede lid en XXXVII vierde lid
Periode: 1952–1958
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 20 jaar
(713)
Handeling: Het treffen van een voorziening in geval de SVr een verklaring van geen bezwaar voor het zelfstandig voeren van de administratie weigert of intrekt.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 25 derde lid, vernummerd (Stb. 1990, 656) vierde lid
Periode: 1952–1994
Product: beschikking
Waardering: B 5
(714)
Handeling: Het (bij AMvB) geven van voorschriften voor afdelings- of plaatselijke kassen.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 20 tweede lid; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 123 derde lid (b.w. Stb. 1952, 343)
Periode: 1945–1997
Product: ministeriële regeling/algemene maatregel van bestuur
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(719)
Handeling: Het, in overeenstemming met de Ministers van Binnenlandse Zaken, Verkeer en Waterstaat en Defensie, bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de gelijkstelling van overheidspensioenlichamen met bedrijfsverenigingen terzake van de toepassing van bepaalde artikelen van de nOsv.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 68 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1994–2001
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Waardering: B 1
(720)
Handeling: Het (bij AM) stellen van regelen betreffende de zekerheid van een bedrijfsvereniging of een daarbij ondergebracht kinderbijslagfonds.
Handeling: Het schriftelijk verlenen van toestemming aan de stichting, zodat deze kan instemmen met een besluit tot vervreemding of bezwaring van aandelen in de uitvoeringsinstelling door de houdstermaatschappij of een wijziging van de statuten van de houdstermaatschappij.
Opmerking: Dit betreft de stichting die aandelen houdt in een houdstermaatschappij, die op haar beurt aandelen houdt in een uitvoeringsinstelling.
Waardering: B 5
(1294)
Handeling: Het toestemming verlenen aan de (vennootschap-)uitvoeringsinstelling om A-aandelen in de houdstermaatschappij te vervreemden of te bezwaren.
Handeling: Het verlenen van schriftelijke toestemming aan een vennootschap-uitvoeringsinstelling tot het vervullen van andere taken alsmede het schriftelijk toestemmen in het nemen van majeure ondernemingsbeslissingen van stichtingen die aandelen houden in uitvoeringsinstellingen.
Grondslag: Besluit voorwaarden erkenning uitvoeringsinstellingen (Stb. 1997, 803), art. 3 eerste lid, 12, 13 tweede lid en 14;
Periode: 1998–
Product: Toestemmingsbesluit
Waardering: B 5
(1296)
Handeling: Het verlenen van toestemming aan de houdstermaatschappij om aandelen te beheren van rechtspersonen die activiteiten verrichten die verwant zijn aan de uitvoering van verzekeringen met uitzondering van arbeidsbemiddeling.
Grondslag: Besluit voorwaarden erkenning uitvoeringsinstelling (Stb. 1997, 803), art. 15 eerste lid onder c;
Periode: 1997–
Product: Toestemmingsbesluit
Waardering: B 5
(730)
Handeling: Het erkennen of intrekken van een erkenning van een administrateur of uitvoeringsinstelling en het verbinden van voorwaarden aan die erkenning.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 23 derde, vierde en achtste lid; gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 23b derde, vierde en achtste lid en (sinds Stb. 1990, 656) art. 24a (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 51–53, 55 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 59–64 (b.w. Stb. 2001, 625); Besluit voorwaarden erkenning uitvoeringsinstelling (Stb. 1997, 803), art. 3
Periode: 1952–2001
Product: beschikking, onder andere:
– Beschikking van de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van 30 december 1952, nr. 7538 (Stcrt. 1953, 1)
– Erkenning en goedkeuring statuten USZO B.V. (Stcrt. 1998, 4)
– Toestemming tot het verrichten van andere taken door USZO (Stcrt. 1998, 4)
Opmerking: Tot de voorwaarden voor erkenning behoort ook de goedkeuring van de statuten. Indien een wijziging niet of niet tijdig aan de minister wordt voorgelegd kan de minister overgaan tot intrekking van de erkenning. In het besluit tot intrekking worden tevens de gevolgen voor de uitvoering van de sociale verzekeringen geregeld. In een voorkomend geval is de minister bevoegd om zelf een uitvoeringsinstelling op te richten.
De minister kan aan de (vennootschaps-)uitvoeringsinstelling schriftelijk toestemming verlenen om bepaalde taken uit te voeren.
Waardering: B 4
(731)
Handeling: Het aanwijzen van sociale voorzieningen die door een gezamenlijk administratiekantoor kunnen worden geadministreerd.
Opmerking: Voorbeelden van bedoelde sociale voorzieningen zijn regelingen voor vervroegde uittreding (vut-regelingen) en (bedrijfs)pensioenfondsen.
Waardering: V 10 jaar
(738)
Handeling: Het vaststellen van de termijn waarbinnen het Ctsv zijn oordeel over de jaarovereenkomsten en de kosten van uitvoering van die overeenkomsten aan het Lisv dient mee te delen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 75 derde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling oordeel jaarovereenkomsten op grond van artikel 43 Osv 1997 (Stcrt. 1997, 41)
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(739)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de uitbesteding van werkzaamheden door uitvoeringsinstellingen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 42 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling uitbesteding door uitvoeringsinstellingen (Stcrt. 1997, 41)
Waardering: B 4
(741)
Handeling: Het erkennen van een gemeenschappelijke medische dienst en het verbinden van voorwaarden en regels aan de erkenning.
Product: beschikking van de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van 27 december 1966 , nr. 61 204 (Stcrt. 1966, 253)
Opmerking: Ten aanzien van de erkenning en de voorwaarden of regels, die de minister aan de erkenning verbond, diende de SVr gehoord te worden.
Waardering: B 4
(743)
Handeling: Het goedkeuren van het (mede) oprichten en (mede) instandhouden van revalidatie-inrichtingen door de GMD.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) zoals gewijzigd (Stb. 1966, 86) art. 22a tweede lid
Periode: 1966–1994
Product: beschikking, onder andere:
– Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van 14 april 1967 (Stcrt. 1967, 78)
Opmerking: Alvorens gebruik te besluiten diende de SVr, de Ziekenfondsraad en de Centrale Raad voor de Volksgezondheid gehoord te worden.
Waardering: V 5 jaar
(745)
Handeling: Het geven van toestemming aan de GMD om werkzaamheden te verrichten, die voortvloeien uit andere sociale voorzieningen ten behoeve van een orgaan die die voorziening uitvoert.
Handeling: Het (tot 1952 bij K.b.) benoemen van de leden van het bestuur van het Kinderbijslagvereveningsfonds en aanwijzen van de voorzitter en plaatsvervangend voorzitter.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 76 tweede lid; vernummerd (Stb. 1952, 475) art. 33 tweede lid; Besluit van 20 april 1951 (Stb. 1951, 125) art. 1
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(750)
Handeling: Het aanwijzen van de zetel van het AWf, Aof, AAf en het Tf en het vaststellen van nadere regels inzake de samenstelling, taken en bevoegdheden van het bestuur en het beheer van het fonds.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 24–26 en 28, vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 14 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 103; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 72, 74 eerste lid, 75 derde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 66, 70 eerste lid en 71 derde lid; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 31, 33 eerste lid
Handeling: Het benoemen van de (plaatsvervangende) voorzitter(s) en een deel van de leden en plaatsvervangende leden van het Algemeen Werkloosheidsfonds, het Arbeidsongeschiktheidsfonds, het Algemeen Arbeidsongeschiktheidsfonds en het Toeslagenfonds.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 24 derde tot en met vijfde lid vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 14 derde tot en met vijfde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 72 tweede lid, gewijzigd (Stb. 1974, 509) derde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 66 derde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 103 vierde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 31 derde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Statuten AWF
Periode: 1949–1995
Product: beschikking
Opmerking: De Stichting van de Arbeid werd (tot 1953) vooraf in de gelegenheid gesteld haar mening kenbaar te maken. Onder de handeling valt ook het bepalen van het aantal leden.
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(752)
Handeling: Het aanwijzen van personen die met raadgevende stem de vergaderingen van het AWf, Aof of het AAf bijwonen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1974, 509) art. 72a; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 67 (b.w. Stb. 1994, 916); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 103 negende lid (b.w. Stb. 1994, 916); Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 35 (b.w. Stb. 1994, 916)
Periode: 1974–1994
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(1297)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot het sluiten van overeenkomsten met de uitvoeringsinstellingen over de uitvoering van werknemersverzekeringen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 66 zevende lid;
Periode: 1997–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1298)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels omtrent de taak van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen te laten uitvoeren door een reïntegratiebedrijf.
Opmerking: De taak van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen is het bevorderen in de arbeid van werknemers die een uitkering hebben.
Waardering: B 1
(1299)
Handeling: Het bij AMvB bepalen dat, op verzoek van een gemeente die aan een werknemer een uitkering verstrekt, de taak van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen niet van toepassing is op aangewezen categorieën van werknemers.
Opmerking: De taak van het UWV is het bevorderen in de arbeid van werknemers die een uitkering hebben.
Waardering: B 1
(1300)
Vervallen
(1303)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de overdracht van een taak van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen aan een overheidswerkgever.
– Goedkeuring Uitkeringsreglement WW 2002 van het UWV (Stcrt. 2002, 229)
– Goedkeuring Besluit registratie CWI van het UWV (Stcrt. 2002, 229),
– Goedkeuring van door UWV vastgestelde wachtgeldpremies 2003 (Stcrt. 2002, 238)
Waardering: B 5
(1306)
Vervallen
(1307)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de overgang van de verantwoordelijkheid van de reïntegratietaak van de werkgever of op het UWV of op de gemeenten alsmede voor het geval dat voor een bepaalde arbeidsgehandicapte werknemer meerdere werkgevers verantwoordelijk zijn.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 278), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 14 tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit SUWI (Stb.2001, 688)
Waardering: B 1
(1319)
Handeling: Het bepalen van het aantal leden (waaronder de voorzitter) van de Raad van bestuur en de Raad van advies van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen, alsmede het benoemen, schorsen en ontslaan van die leden.
– Benoeming leden van de Raad van bestuur UVW en Centrale organisatie voor werk en inkomen alsmede de leden en plv. leden Raad voor Werk en Inkomen (Stcrt. 2002, 3)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 3 tweede en derde lid
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(1321)
Handeling: Het behandelen van een verzoek tot het vervullen van een nevenfunctie van een lid van de Raad van bestuur of Raad van advies Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen.
Product: Besluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 4 tweede en derde lid
Waardering: V 10 jaar
(1322)
Handeling: Het vastleggen van de werkwijze die bij het verlenen van diensten in het Centrale organisatie voor werk en inkomen richtinggevend is.
Grondslag: Tijdelijk besluit samenwerking CWI (Stb. 2001, 151), art. 2 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 682);
Periode: 2001–2002
Product: Referentiewerkproces
Opmerking: Hiermee wordt het referentiewerkproces bedoeld.
Waardering: V 5 jaar na wijzing
(1323)
Handeling: Het wijzigen van de spreiding van de Centrale organisatie voor werk en inkomen.
Grondslag: Tijdelijk besluit samenwerking CWI (Stb. 2001, 151), art. 3 derde lid (b.w. Stb. 2001, 682);
Periode: 2001–2002
Product: Besluit
Waardering: B 4
(1324)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de uitvoering van het Tijdelijk besluit samenwerking CWI.
Handeling: Het stellen van regels omtrent de inrichting, instandhouding, werkwijze en de financiering van de Centrale organisatie voor werk en inkomen.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 24 derde lid
Waardering: B 5
(1326)
Handeling: Het bepalen van de wijze waarop de door belanghebbende verstrekte gegevens en bewijsstukken aan de Centrale organisatie voor werk en inkomen juist, volledig en consistent zijn.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 28 tweede lid
Waardering: B 5
(1327)
Handeling: Het bepalen van het aantal leden (waaronder de voorzitter) van de Raad van bestuur en de Raad van advies van de Centrale organisatie voor werk en inkomen, alsmede het benoemen, schorsen en ontslaan van die leden.
– Benoeming leden van de Raad van bestuur UVW en Centrale organisatie voor werk en inkomen alsmede de leden en plv. leden Raad voor Werk en Inkomen (Stcrt. 2002, 3)
– Benoemingsbesluit leden Raad van de Centrale organisatie voor werk en inkomen (Stcrt. 2002, 85)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 3 tweede en derde lid
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(1328)
Handeling: Het behandelen van een verzoek tot het vervullen van een nevenfunctie van een lid van de Raad van bestuur of Raad van advies Centrale organisatie voor werk en inkomen.
Product: Besluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 4 tweede en derde lid
Waardering: V 10 jaar
(1329)
Handeling: Het instellen, benoemen en ontslaan van de leden van een ontslagcommissie voor de toetsing van het voornemen van de Centrale organisatie voor werk en inkomen tot opzegging van de arbeidsovereenkomsten van personeelsleden.
Product: Instellingsbesluit
Periode: 2001–
Grondslag: Invoeringswet Wet SUWI (Stb. 2001, 625) art. 41 eerste, derde t/m vijfde lid, art. 42 derde en zesde lid
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(1330)
Handeling: Het benoemen, schorsen en ontslaan en het regelen van de schadeloosstelling van de leden van de Raad voor Werk en Inkomen.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Benoeming leden van de Raad van bestuur Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen en Centrale organisatie voor werk en inkomen alsmede de leden en plv. leden Raad voor Werk en Inkomen (Stcrt. 2002, 3)
– Rechtspositieregeling voorzitter Raad voor Werk en Inkomen (Stcrt. 2001, 249)
– Regeling vergoedingen leden Raad voor Werk en Inkomen (Stcrt. 2001, 249)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 16 eerste t/m zevende lid
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(1331)
Handeling: Het aanwijzen van organisaties van werknemers, werkgevers en gemeenten die voordrachten doen voor leden van de Raad voor Werk en Inkomen.
Product: Besluit, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 16 derde lid
Waardering: B 4
(1332)
Handeling: Het voeren van overleg over de voorstellen van de RWI.
Product: Vergaderstukken
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 17 eerste lid
Opmerking: De RWI heeft tot taak overleg te voeren met de Minister van SZW over voorstellen van de Raad betreffende:
– beleid met betrekking tot werk en inkomen;
– arbeidsmarktbeleid;
– omvang en verdeling van gelden;
– besteding van ESF-gelden;
– bevordering van de kwaliteit en transparantie van de reïntegratiemarkt;
– beleid met betrekking tot de premiepercentages voor een wachtgeldfonds;
– indeling van het bedrijfs- en beroepsleven in sectoren;
– beleidsvoornemens die aanmerkelijke administratieve consequenties kunnen hebben voor werkgevers.
Waardering: B 1
(1334)
Handeling: Het beoordelen van het beleidskader, beleidsstukken en beleidsvoornemens van de Raad voor Werk en Inkomen.
Product: Besluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 17 tweede lid
Waardering: B 2 & 3
(1336)
Handeling: Het goedkeuren van het besluit van de Raad voor Werk en Inkomen tot het instellen van een commissie.
Product: Goedkeuringsbesluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 694) art. 18 derde lid
Waardering: V 5 jaar na opheffing commissie
(1445)
Handeling: Het verstrekken van mandaat voor het nemen van besluiten omtrent verstrekking van subsidie voor de ondersteuning van sectorale, regionale en bedrijfsinitiatieven op het gebied van reïntegratie van uitkeringsgerechtigden en werkzoekenden.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 20 eerste lid; Stimuleringsregeling Vacaturevervulling door Werklozen en met werkloosheid bedreigde Werknemers (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Product: Mandaat, besluit
Waardering: B 3
(1338)
Vervallen
(1342)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de taakuitoefening, de inrichting en het beheer van de Inspectie Werk en Inkomen alsmede met betrekking tot de positie van de Inspectie Werk en Inkomen binnen de departementale organisatie.
Product: Algemene maatregel van bestuur, o.a.:
– Besluit taakuitoefening Inspectie werk en inkomen (Stb. 2001, 683)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 44 eerste en tweede lid
Waardering: B 4
(1433)
Handeling: Het geven van schriftelijke toestemming aan het Inlichtingenbureau om andere taken te vervullen dan welke wettelijk voorgeschreven zijn.
Grondslag: Besluit Inlichtingenbureau gemeenten (Stb. 2001, 686), zoals gewijzigd (Stb. 2003, 388), art. 2 tweede lid;
Periode: 2001–
Product: Toestemmingsbesluit
Waardering: B 5
(1434)
Handeling: Het stellen van (nadere) regels omtrent de taken die door het Inlichtingenbureau worden uitgevoerd.
Grondslag: Besluit Inlichtingenbureau gemeenten (Stb. 2001, 686), zoals gewijzigd (Stb. 2003, 388), art. 3 tweede lid, art. 4 tweede lid, art. 5 eerste lid, art. 7 derde lid, art. 9 tweede lid, art. 10, art.11;
Periode: 2001–
Product: Ministeriële regeling
Opmerking: Deze regels betreffen onder andere:
– het tijdelijk verstrekken van opgaven en inlichtingen door het Inlichtingenbureau aan andere instanties dan bij wet genoemd.
– de wijze en het tijdstip waarop een elektronische gegevensuitwisseling plaatsvindt tussen B&W en het Inlichtingenbureau.
– het ontwerp van de elektronische gegevensuitwisseling.
– het mededelen door het UWV en/of het CWI aan het Inlichtingenbureau van wijzigingen in eerder opgevraagde opgaven en inlichtingen
– het verwerken van (persoons-)gegevens door het Inlichtingenbureau.
– de inhoud en de indiening van de begroting, het jaarplan, het jaarverslag, de jaarrekening en de accountantsverklaring.
– het tijdstip vanaf wanneer de gegevensverstrekking tussen B&W en instanties door tussenkomst van het Inlichtingenbureau geschiedt.
– het tijdstip waarop het Inlichtingenbureau de begroting en het jaarplan voor het komende kalenderjaar ingediend dient te hebben,.
– de vaststelling en indiening van de begroting en het jaarplan, alsmede de vaststelling van het budget voor het kalenderjaar 2002.
Waardering: B 3 & 5
(1436)
Handeling: Het goedkeuren van een regeling die getroffen is tussen het Inlichtingenbureau en een andere instantie.
Handeling: Het toekennen van een rijksbijdrage aan het Inlichtingenbureau
Grondslag: Besluit Inlichtingenbureau gemeenten (Stb. 2001, 686), zoals gewijzigd (Stb. 2003, 388), art. 9 eerste lid;
Periode: 2001–
Product: Financiële bescheiden
Waardering: B 5
(1438)
Handeling: Het vaststellen van het tijdstip waarop het Inlichtingenbureau de begroting en het jaarplan voor het komende kalenderjaar ingediend dienen te hebben.
Grondslag: Besluit Inlichtingenbureau gemeenten (Stb. 2001, 686), zoals gewijzigd (Stb. 2003, 388), art. 9 tweede lid;
Periode: 2001–
Product: Besluit
Waardering: V 7 jaar
(1439)
Handeling: Het vaststellen van het budget voor de uitvoeringskosten van het Inlichtingenbureau
Grondslag: Besluit Inlichtingenbureau gemeenten (Stb. 2001, 686), zoals gewijzigd (Stb. 2003, 388), art. 9 derde lid
Periode: 2001–
Product: Besluit
Waardering: B 5
(1440)
Handeling: Het verstrekken van een eenmalige subsidie aan gemeenten als bijdrage voor de technische en organisatorische voorbereiding op de invoering van het Inlichtingenbureau.
Grondslag: Regeling Invoering Inlichtingenbureau door gemeenten (Stb. 2001, 250), art. 3 eerste lid;
Periode: 2001–
Product: Besluit
Opmerking: Onder deze handeling valt ook het vaststellen van de subsidie, nadat door de gemeenten aan alle voorwaarden is voldaan.
Waardering: B 5
(1441)
Handeling: Het benoemen van de voorzitter van het bestuur van het Inlichtingenbureau.
Grondslag: Nota van toelichting bij Besluit Inlichtingenbureau gemeenten (Stb. 2001, 686);
Periode: 2001–
Product: Benoemingsbesluit
Waardering: V 10 jaar
(1442)
Handeling: Het vervangen van het bestuur of individuele bestuursleden van het Inlichtingenbureau bij wanbeheer.
Grondslag: Nota van toelichting bij Besluit Inlichtingenbureau gemeenten (Stb. 2001, 686);
Periode: 2001–
Product: Besluit
Waardering: B 4
(1443)
Handeling: Het goedkeuren van een wijziging van de statuten van de Stichting Inlichtingenbureau.
Grondslag: Nota van toelichting bij Besluit Inlichtingenbureau gemeenten (Stb. 2001, 686);
Periode: 2001–
Opmerking: Goedkeuringsbesluit
Waardering: B 4
(756)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de informatievoorziening door de SVB en het Lisv aan de minister.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 87 derde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Opmerking: Deze regeling bevat opdracht tot aanleveren van kwartaalbericht AOW, Anw en AKW, kwartaalverslagen fondsen, kroniek, kwartaalrapportages uitvoeringskosten, kerncijfers en enkele elektronische bestanden.
Waardering: B 5
(758)
Handeling: Het, eventueel in overeenstemming met de Minister van Economische Zaken, (bij AMvB) stellen van regels inzake het verstrekken van (persoons)gegevens aan derden in verband met wetenschappelijk onderzoek of statistiek.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 12 vierde lid, gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 50g derde lid en 50n; Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 21 derde lid en 28 tweede en derde lid
Periode: 1952–1994
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van 14 juni 1955, no. 3452 (Stcrt. 1955, 117)
Opmerking: Ten aanzien van de regels voor het verstrekken van statistische gegevens aan het Centraal Bureau voor de Statistiek werd de Centrale Commissie voor de Statistiek gehoord.
Waardering: B 5
(761)
Handeling: Het verlenen van ontheffing van het verbod om (persoons)gegevens aan derden door te geven in verband met wetenschappelijk onderzoek of statistiek.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 50g derde lid; Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598); zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 21 derde lid
Periode: 1989–1994
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(763)
Handeling: Het jaarlijks vaststellen van een wetenschappelijke balans van het Ongevallenfonds.
Product: Wetenschappelijke Balans van het Ongevallenfonds
Waardering: B 3
(765)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van voorschriften voor de gegevensverstrekking tussen uitvoeringsorganen onderling en/of andere publiekrechtelijke organen.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 79 tweede lid; vernummerd (Stb. 1952, 342 en 475) art. 35; gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 37 tweede lid (b.w. Stb. 1979, 709); Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 39 tweede lid, gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 51 (b.w. Stb. 1988, 655); Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 51 tweede lid (b.w. Stb. 1988, 655); Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 32 tweede lid; vernummerd (Stb. 1980, 1) art. 29 tweede lid; Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1962, 257) art. 23 vijfde lid (b.w. Stb. 1979, 709); Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 50n tweede lid; Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 20 vijfde lid; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 62; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 103; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 102
Periode: 1945–1994
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling/circulaire, onder andere:
– Beschikking van de Secretaris-Generaal van Sociale Zaken van 13 februari 1941, nr. 598 (Stcrt. 1941, 31)
– Circulaire van de Ministers van Sociale Zaken en Binnenlandse Zaken van 6 december 1956, afd. Soc. Verzekering nr. 5410, Directie B.B. afd. Bestuurszaken nr. 19119
Opmerking: Bij de invoering van het sofi-nummer in 1988 zijn de bepalingen in de verschillende sociale verzekeringswetten vervangen door bepalingen in de Organisatiewet Sociale Verzekeringen (art. 50a–51a) en de Wet op de Sociale Verzekeringsbank art. 19–28. De overheidsorganen worden limitatief opgesomd en hun bevoegdheden of plichten worden weergegeven. Deze bepalingen zijn vervolgens overgenomen in de nOsv en de Osv 1997. Een deel van de nadere regelingen wordt vastgesteld in overleg met de Minister van Binnenlandse Zaken.
Waardering: B 5
(770)
Handeling: Het verstrekken van inlichtingen aan (de Commissie van de Verzoekschriften van) de Staten-Generaal naar aanleiding van klachten van burgers betreffende de sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Product: inlichtingen, verslag
Waardering: B 3
(771)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van voorlichtingscampagnes.
Opmerking: Het betreft hier bijvoorbeeld campagnes om de aandacht te vestigen op de inwerkingtreding van een nieuwe wettelijke regeling (bijv. Wulbz), op de mogelijkheden tot vrijwillige verzekering (bijv. campagnes voor de vrijwillige ouderdomsverzekering door de Raden van Arbeid) of op aspecten van het beleid (bijv. de campagne ‘Zwartwerk is broodroof’ van het Lisv).
Waardering: B 5
(772)
Handeling: Het uitvoeren van voorlichtingsactiviteiten op het terrein van de sociale verzekeringen.
Periode: 1940–
Waardering: V 3 jaar
(773)
Handeling: Het beantwoorden van vragen van individuele burgers, bedrijven, instellingen en (bestuurs)organen betreffende de sociale verzekeringen.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 63 tweede lid, gewijzigd (Stb. 2001, 692), art. 63 derde lid, art. 71
Waardering: B 1
(1344)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de meldingen door de werkgevers en verzekerden aan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen en de verzekerdenadministratie van de werkgevers.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 77 eerste lid
Waardering: B 5
(1345)
Handeling: Het stellen van regels voor (uitvoerings-)organisaties om de gegevens die verkregen worden uit de wettelijke taken te gebruiken bij de uitvoering van andere taken dan de wettelijke taken.
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels met betrekking tot de verstrekking van gegevens door de (uitvoerings-)organisaties aan bestuursorganen, instellingen en bedrijven.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 73 vijfde lid
Waardering: B 1
(1351)
Handeling: Het stellen van nadere regels omtrent de verstrekking van inlichtingen en het verlenen van inzage in gegevens en bescheiden door de (uitvoerings-)organisaties aan de minister en de Inspectie Werk en Inkomen.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 77 derde lid
Waardering: B 5
(1353)
Handeling: Het inrichten en in stand houden van een elektronische infrastructuur waarvan de CWI, het UWV en B&W van de gemeenten, in het kader van de Wet SUWI, gebruik dienen te maken.
Product: Elektronische infrastructuur
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 62 tweede en derde lid
Waardering: V 5 jaar na wijzing
(1354)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels omtrent het gebruik van de infrastructuur
in het kader van de Wet SUWI door de minister en de Inspectie Werk en Inkomen.
Product: Algemene maatregel van bestuur
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 62 derde lid
Waardering: B 1
(1355)
Handeling: Het van toepassing verklaren voor B&W om gegevens te verstrekken en gebruik te maken van de elektronische infrastructuur voor de uitvoering van andere wetgeving dan die in de Wet SUWI genoemd staat.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 62 vierde lid
Waardering: B 5
(1356)
Handeling: Het vaststellen van het Gegevensregister Suwi.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aard, definities, de structuur en de schrijfwijze van het gegevensverkeer tussen het UWV en B&W enerzijds en de reïntegratiebedrijven anderzijds
Handeling: Het aanwijzen van een rechtspersoon die beheertaken ten behoeve van het Suwinet uitvoert alsmede het toekennen van een rijksbijdrage aan deze rechtspersoon voor de uitvoering van deze taken.
Product: Aanwijzingsbesluit, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 67 eerste lid
Waardering: B 4
(1360)
Handeling: Het stellen van nadere regels met betrekking tot de organisatie (van onderdelen) van het beheer van Suwinet door de gebruikers alsmede over de aangewezen rechtspersoon die de beheertaken uitvoert.
Handeling: Het beoordelen van het jaarverslag van de (uitvoerings-)organisaties over de aard en frequentie van de uitwisseling van gegevens met behulp van Suwinet.
Product: Beoordeling
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 68 eerste lid
Waardering: B 2 & 3
(1363)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het (jaar)verslag over de aard en frequentie van de uitwisseling van gegevens met behulp van Suwinet.
Handeling: Het stellen van regels omtrent de toerekening van de kosten van de inrichting, de instandhouding en het gebruik van Suwinet aan de gebruikers.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het van toepassing verklaren op de Sociale Verzekeringsbank van het gebruik van het Gegevensregister Suwi en het Suwinet.
Handeling: Het verzoeken om of het ontvangen van gegevens en inlichtingen in het kader van de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Product: Correspondentie, elektronische berichten
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 54 eerste t/m zesde lid, 62 eerste lid
Waardering: V 3 jaar
(1367)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de verstrekking van gegevens en inlichtingen door de (uitvoerings-)organisaties voor de uitoefening van de taak.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 54 zevende lid
Waardering: B 5
(782)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels inzake het sluiten van leningen door de Raden van Arbeid ten behoeve van de aankoop van terreinen en de aankoop, bouw en verbouw van gebouwen.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 52 eerste lid
Periode: 1945–1988
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit van 29 augustus 1934 (Stb. 1934, 491)
– Besluit van 22 oktober 1957 (Stb. 1957, 421)
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(785)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van regels voor de rechtspositie van het personeel van de uitvoeringsorganen van de sociale verzekeringswetten.
Grondslag: o.a.: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 102) 60 vierde lid, vernummerd (Stb. 1967, 102) vijfde lid, 60a en 65 (b.w. Stb. 1997, 96); Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 47 (b.w. Stb. 1985, 695); en zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 10 (b.w. Stb. 1985, 695; hersteld Stb. 1988, 623; b.w. Stb. 1994, 917); Ambtenarenwet 1929, art. 134 eerste lid; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1953, 117) art. 15 derde lid; Wet houdende wijziging bepalingen inzake de Rijksverzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1956, 297) art. VIII; Liquidatie invaliditeitswetten (Stb. 1964, 488) art. 24 eerste lid, vernummerd (Stb. 1967, 307) art. 56; Liquidatiewet Ouderdomswet 1919 (Stb. 1977, 671) art. 10; gewijzigd (Stb. 1979, 673) art. 21; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) zoals gewijzigd (Stb. 1995, 691) art. 116b eerste lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 116 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1945–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene regels
– Arbeidsovereenkomstenbesluit Raden van Arbeid (Stb. 1934, 386)
– Besluit van 30 mei 1949 (Stb. 1949, J 221)
– Beschikking van de Staatssecretaris van Sociale Zaken van 25 juli 1956, nr. 3757 (Stcrt. 1956, 145)
Handeling: Het voorbereiden van instructies voor het bestuur en de ambtenaren van de Sociale Verzekeringsbank.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 7 tweede lid
Periode: 1945–1956
Product: algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Bij de voorbereiding van het besluit werd de Raad van Toezicht gehoord.
Waardering: V 7 jaar (na vervallen)
(798)
Handeling: Het overeenstemmen met het desbetreffende uitvoeringsorgaan over de benoeming van directieleden of een algemeen secretaris.
Grondslag: o.m. Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598); zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 8; Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 40; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 25 tweede lid, vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 15 tweede lid
Periode: 1949–1994
Product: beschikking
Opmerking: Het betrof onder andere de directieleden van de Sociale Verzekeringsbank (tot 1989), de algemeen secretaris van de SVr en de directeur van het AWf.
Waardering: V 5 jaar
(1369)
Handeling: Het bepalen van het budget dat ten laste komt van het Algemeen Werkloosheidsfonds en wat gebruikt wordt voor de uitvoering van vergoedingen aan de gemeenten ten behoeve van voorzieningen aan werklozen die de gemeenten in het kader van de Wet Inschakeling Werkzoekenden kunnen verstrekken alsmede het stellen van nadere regels in verband met de besteding.
– Wijziging Regeling SUWI en enige andere regelingen (Stcrt. 2002, 66; gewijzigd Stcrt. 2003, 114)
Waardering: V 7 jaar
(1371)
Handeling: Het bepalen van het budget dat ten laste van fondsen komt voor de uitvoering van de reïntegratietaak van het UWV door derden.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 130 tweede lid, art. 130c tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Wijziging Regeling SUWI en enige andere regelingen (Stcrt. 2002, 66; gewijzigd Stcrt. 2003, 114)
Opmerking: Dit betreft de volgende fondsen: het Algemeen Werkloosheidsfonds, de wachtgeldfondsen en het Uitvoeringsfonds voor de overheid.
Waardering: V 7 jaar
(1372)
Handeling: Het stellen van nadere regels in verband met de besteding van het budget voor de uitvoering van de reïntegratietaak van het UWV door derden.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 130 tweede lid, art. 130c tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Wijziging Regeling SUWI en enige andere regelingen (Stcrt. 2002, 66; gewijzigd Stcrt. 2003, 114)
Opmerking: Het budget komt ten laste van de volgende fondsen: het Algemeen Werkloosheidsfonds, de wachtgeldfondsen en het Uitvoeringsfonds voor de overheid.
Waardering: B 5
Toezicht
(799)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van regels voor het toezicht van de SVB op de Raden van Arbeid, zoals
– het aanwijzen van de rechtshandelingen waarvoor de Raden van Arbeid voor het verrichten ervan goedkeuring van de SVB dienen te vragen;
– het aanwijzen van de besluiten van de Raden van Arbeid waarvan zij geen afschrift aan de SVB hoeven te sturen.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 43 eerste lid onder d, 44 onder b, art. 66 derde lid
Periode: 1945–1988
Product: algemene maatregel van bestuur, ministeriële regeling
Waardering: B 1
(800)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van regels voor de toezichtstaak van het AWf, de SVr of het Ctsv.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 53 eerste lid (b.w. Stb. 1953, 117); Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 47 eerste lid (b.w. Stb. 1997, 96);
Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 16 eerste lid (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 89 vierde lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 11 derde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1949–2001
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit van 15 november 1954 (Stb. 1954, 521)
– Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van 15 november 1966, nr. 59 867 (Stcrt. 1966, 226)
Handeling: Het goedkeuren van uitvoeringsregelingen van uitvoeringsorganen
Grondslag: o.a.: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 43 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 65 eerste lid, 85 vijfde lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 53 eerste lid, 54 derde lid en 58 derde lid (b.w. Stb. 2001, 625); Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) zoals gewijzigd (Stb. 1953, 578) art. 7 derde lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 23; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 65, 85, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 8a vierde lid, 15, 16, 29, 37 tweede lid, 54, 57 eerste lid, 67 eerste lid, 71, 72a en 103; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 37, vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 28 en 9 achtste lid, gewijzigd (Stb. 1953, 578) art. 9a tweede lid, vernummerd (Stb. 1967, 396) art. 12a vierde lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 116 eerste lid en 124; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 71a en zoals gewijzigd (Stb. 1993, 412) art. 34 zevende lid en 36 derde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 65 en (Stb. 1993, 412) art. 24 zesde lid, 26 derde lid; Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 6, 7 en 9; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 6 eerste lid, art. 7 derde lid, art. 16 eerste t/m zevende lid, art. 24 vierde lid, art. 30 vierde lid, art. 34 vierde lid, art. 63 tweede lid;
Periode: 1945–
Product: beschikking
Opmerking: Hieronder wordt o.a. bedoeld: ziekengeld- of wachtgeldreglement, dagloonregels, toezichtsregelingen, enz.
Tevens wordt hiermee het goedkeuren van de door het Lisv opgestelde regels bedoeld.
Waardering: B 5 voor de besluiten die goedkeuring behoeven
V 5 jr voor de besluiten die geen goedkeuring behoeven
(1373)
Handeling: Het stellen van regels binnen welke termijn besluiten van (uitvoeringsorganisaties) ter kennis van de Inspectie Werk en Inkomen worden gestuurd.
Handeling: Het bepalen voor welke besluiten van de CWI, het UWV, de Sociale Verzekeringsbank, de RWI en het Inlichtingenbureau geen goedkeuring is vereist.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 6 tweede lid
Waardering: B 4 & 5
(804)
Handeling: Het goedkeuren van bestuursreglementen en organisatieregelingen van uitvoeringsorganen.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 36 derde lid, 38 en 40 derde lid (art. 40 b.w. Stb. 1985, 695); Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 28 en zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 9 (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 8 vierde lid, 22 tweede lid, 23 vijfde lid, 35 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 3 zesde lid
Opmerking: Hieronder worden ook verstaan de bestuursreglementn van de Raden van bestuur en van advies van een uitvoeringsorgaan.
Waardering: V 10 jaar
(806)
Handeling: Het goedkeuren van besluiten van de Sociale Verzekeringsbank en de bedrijfsverenigingen inzake het intrekken of weigeren van vergunningen aan fondsen en instellingen om uitkeringen ingevolge de AOW, de AWW, de WAO, de AAW en de IW uit te betalen.
Grondslag: Regeling van de Minister, c.q. Staatssecretaris van Sociale Zaken van 2 januari 1957, nr. 5640; Regeling van 1 oktober 1959, nr. 3790 (Stcrt. 1959, 192)
Periode: 1957–1968
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(807)
Handeling: Het goedkeuren van besluiten van het Aof, het AAf of de GMD inzake toekenning van subsidies aan instellingen of organisaties die ten doel hebben het nemen of bevorderen van maatregelen, welke strekken tot behoud, herstel of ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 73a; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 69
Periode: 1967–1992
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(818)
Handeling: Het beoordelen van de meerjaren-beleidsplannen en jaarplannen van het Ctsv, de SVB en het Lisv en het vergezeld van zijn oordeel ter kennis brengen daarvan aan de Staten-Generaal.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 89 vijfde en zesde lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 11 tweede en vijfde lid, 25 tweede lid, 38 vierde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1989–2001
Waardering: B 3
(819)
Handeling: Het beoordelen van de jaarverslagen, jaarrekeningen, verklaringen van rechtmatigheid en doelmatigheidsrapportages van het College van toezicht sociale verzekeringen en het vergezeld van zijn oordeel ter kennis brengen daarvan aan de Staten-Generaal.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 89 vijfde en zesde lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 11 vierde en vijfde lid en 84 vijfde en zesde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1995–2001
Waardering: B 3
(823)
Handeling: Het geven van aanwijzingen aan de SVr/het Ctsv met betrekking tot de uitoefening van zijn taak.
Opmerking: Van deze aanwijzingsbevoegdheid heeft de minister weinig gebruik gemaakt. Ten tijde van de SVr slechts twee maal; in de beide gevallen betrof het onderwerpen die te maken hadden met de wens van de minister te komen tot een actiever beleid ten aanzien van de fraudebestrijding. De aanwijzingen hadden betrekking op totstandkoming en inrichting van de Verzekerdenadministratie (VZA) bij de bedrijfsverenigingen en de Generale Verwijsindex (GVI) bij de VZA.
Waardering: B 5
(830)
Handeling: Het voorbereiden van Koninklijke besluiten ter schorsing of vernietiging van besluiten van de algemene vergadering of het bestuur van een bedrijfsvereniging, de Sociale Verzekeringsraad, het bestuur van het Ctsv, de SVB, een Raad van Arbeid of de voorzitter daarvan, het bestuur van het AWf, het Aof, het AAf, het Tf, het Tica, het Lisv, het UWV of een uitvoeringsinstelling indien deze in strijd zijn met de wet of het algemeen belang.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 28, 44 en 49 (b.w. Stb. 1997, 96); Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 73–76 (b.w. Stb. 1994, 917); Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 118 derde lid (b.w. Stb. 1952, 343); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 342) art. 26 tweede lid, vernummerd (Stb. 1953, 117) art. 16 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 655) art. 105; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 74 tweede lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 70 tweede lid; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 33 tweede lid (b.w. Stb. 1994 916); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 106–107 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 105–106 (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1945–
Product: Koninklijk Besluit
Opmerking: Een dergelijk besluit is met redenen omkleed en regelt tevens de gevolgen van de schorsing of vernietiging.
Waardering: B 1
(832)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de procedure wanneer een Raad van Arbeid in beroep wil gaan tegen het besluit van de Sociale Verzekeringsbank inzake de begroting van de Raad.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 57
Periode: 1945–1988
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar (na vervallen)
(833)
Handeling: Het beslissen in geschillen waarbij een Raad van Arbeid tegen een besluit van de Sociale Verzekeringsbank in beroep is gegaan.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 40 derde lid, 41 vierde lid, 43 derde lid, 57 eerste lid en 64 eerste lid
Periode: 1945–1988
Product: beschikking
Opmerking: In een aantal gevallen was advisering door de Raad van Toezicht, later de Sociale Verzekeringsraad over het geschil voorgeschreven.
Waardering: B 3
(835)
Handeling: Het beslissen in geschillen tussen Raden van Arbeid.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 65 derde lid
Periode: 1945–1988
Product: beschikking
Waardering: B 3
(837)
Handeling: Het (bij AMvB) treffen van voorzieningen indien een uitvoeringsorgaan zijn taak niet naar behoren en in overeenstemming met bij of krachtens de wet gestelde regelen vervult.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 342) art. 23 zesde lid (b.w. Stb. 1953, 117); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 655) art. 107 (b.w. Stb. 1994, 916); Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 16, 45 en 60 eerste lid (b.w. Stb. 1997, 96); Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598); zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 17 (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 115 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 113 (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1949–2001
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit houdende een tijdelijke voorziening met betrekking tot het bestuur van het College van toezicht sociale verzekeringen (Stb. 1996, 216)
Opmerking: Bij de voorbereiding van een dergelijke AMvB werd onder de OSV de Sociale Verzekeringsraad gehoord. In de Osv 1997 is de mogelijkheid opgenomen dat de minister een voorziening treft voor ten hoogste zes maanden, terwijl wanneer het een langere periode betreft de voorziening bij AMvB getroffen dient te worden.
Waardering: B 5
(978)
Handeling: Het aanwijzen van ambtenaren die belast zijn met het houden van toezicht op de naleving van de sociale verzekeringswetten.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 9 derde lid;
Periode: 1998–
Product: Aanwijzingsbesluit
Waardering: V 10 jaar
(839)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van nadere regels inzake de verantwoording en rekenplichtigheid van het bestuur van de Sociale Verzekeringsbank aan de Sociale Verzekeringsraad en de minister.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 15 tweede lid
Periode: 1956–1994
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(840)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de inrichting van de (jaar)verslagen, jaarrekeningen en periodieke balansen van de uitvoeringsorganen inzake de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) 12 derde lid, 46 derde lid en zoals gewijzigd (Stb. 1966, 86) art. 22d tweede lid; Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598); zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 11 zesde lid, 46 tweede lid, 50, 60 tweede lid en 78 tweede lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 63 tweede lid, 87 derde en zesde lid en 90 derde lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1997, 95) art. 82 derde en zesde lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 107 derde lid; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 122; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 35 tweede lid, 51 tweede lid en 63 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 22 derde lid (b.w. Stb. 1953, 117) en art. 28 derde lid, vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 19 derde lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 108 derde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 36 derde lid (b.w. Stb. 1994, 916); Beschikking van de waarnemend Secretaris-Generaal van Sociale Zaken van 22 november 1940, nr. 3762 (Stcrt. 1940, 238) art. 14 tweede lid; Besluit van 20 april 1951 (Stb. 1951, 125) art. 14 tweede lid; Besluit bestuur Kinderbijslagvereveningsfonds (Stb. 1953, 64) art. 12 tweede lid;
Opmerking: Onder de nOsv (1995–1997) werden de regels voor jaarverslagen en jaarrekeningen door het Ctsv vastgesteld, in de Osv 1997 werd is deze bevoegdheid weer bij de minister gelegd.
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(1380)
Handeling: Het stellen van regels wanneer de begroting, het jaarplan en/of het meerjarenbeleidplan van de (uitvoerings-)organisaties moeten worden aangeboden.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 46 eerste t/m derde lid
Opmerking: Dit omvat ook het vaststellen van een datum waarop de begroting of de plannen aangeboden moeten worden.
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(1381)
Handeling: Het vaststellen van het tijdstip waarop de (uitvoerings-)organisaties de financiële rapportage met betrekking tot de sociale verzekeringsfondsen aan de minister gezonden dient te worden, alsmede het stellen van regels omtrent de aard en inrichting van die rapportage en de begroting van uitgaven.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2)
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 52 eerste en tweede lid
Waardering: V 3 jaar na vervanging
(1382)
Handeling: Het beoordelen en goedkeuren van de meerjarenbeleidplannen, jaarplannen, jaarverslagen, begrotingen, jaarrekeningen en besluiten van de Raad van bestuur Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen, de Raad van bestuur Centrale organisatie voor werk en inkomen of de Raad van bestuur Sociale Verzekeringsbank.
Product: Goedkeuringsbesluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 3, lid 9, art. 6 eerste lid, art. 13 eerste lid, art. 46 eerste en tweede lid, art. 49 zevende en tiende lid;
Waardering: B 3
(1383)
Handeling: Het beoordelen van de meerjarige toezichtplannen, (jaarlijkse)plannen van de werkzaamheden, rapportages en jaarverslagen van de Inspectie Werk en Inkomen.
Product: Beoordelingsbesluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 38 eerste t/m vierde lid
Waardering: B 3
(844)
Handeling: Het jaarlijks uitbrengen van een verslag aan de Kroon en de Kamers van de Staten-Generaal omtrent de staat en werkzaamheden van de Sociale Verzekeringsbank, de Raden van Arbeid en andere uitvoeringsorganen op het terrein van de volksverzekeringen.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 78; gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 78 eerste lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 35, 51 en 63;
Periode: 1945–1994
Product: jaarverslag
Opmerking: Vanaf 1956 werd het verslag niet meer door de minister opgesteld, maar werd het door de Sociale Verzekeringsbank opgestelde verslag door de minister ter kennis gebracht aan de Kroon en de Staten-Generaal.
Waardering: B 3
Aanvullende pensioenregelingen
(848)
Handeling: Het vaststellen van beleid ten aanzien van aanvullende pensioenvoorzieningen, vervroegde uittreding en flexibele pensionering.
Periode: 1945–
Product: beleidsplan, beleidsnota, onder andere:
– Nota aanvullende pensioenen (Pensioennota), Kamerstukken II, 1990–1991, 22 167, nr. 1–2
– Brief franchises in pensioenregelingen, Kamerstukken II, 1999–2000, 25 694, nr. 7
Waardering: B 1
(849)
Handeling: Het (doen) verrichten van onderzoek op het gebied van aanvullende pensioenvoorzieningen, vervroegde uittreding en flexibele pensionering.
Grondslag: o.a.: Wet gelijke behandeling van slapers en gepensioneerden (Stb. 1991, 445) art. III tweede lid
Periode: 1949–
Product: rapport
Waardering: B 1
(1384)
Handeling: Het bij AMvB regelen over welke gegevens de minister of de SER moet kunnen beschikken m.b.t. de door de Pensioen- & Verzekeringskamer verzamelde gegevens.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592) art. 25 vijfde lid
Opmerking: Het betreft de in handeling 850 verzamelde gegevens.
Waardering: B 1
(1385)
Handeling: Het opdragen aan een derde om inlichtingen of gegevens, welke door de Pensioen- & Verzekeringskamer zijn verstrekt, te onderzoeken en daarover verslag uit te brengen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592) art. 20a derde en zesde lid; Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592), art. 18b derde en zesde lid;
Periode: 2000–
Product: Opdracht, verslag
Opmerking: De minister mag de uit deze gegevens of inlichtingen ontleende bevindingen en de daaruit getrokken conclusies aan de Staten-Generaal mededelen. Tevens kan hij de conclusies in algemene zin openbaar maken.
Waardering: B 2 & 3
(851)
Handeling: Het voorbereiden van de vaststelling, wijziging of intrekking van wetgeving op het gebied van aanvullende pensioenen.
Periode: 1945–
Product: wetten, o.a.:
– Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121), vervallen Stb. 2000, 628
– Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275; opnieuw gepubliceerd Stb. 1981, 18)
– Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400)
– Wet tot bevriezing van het kinderbijslagbedrag voor het eerste kind, alsmede oprichting van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering (Stb. 1972, 702)
– Wet regelende het heffen van een tijdelijke bijdrage ten behoeve van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering als nacalculatie van de lonen over 1972 (Stb. 1973, 339)
– Wet houdende bijdrage over 1974 ten behoeve van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering als nacalculatie van de lonen over 1972 (Stb. 1973, 671)
– Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259)
– Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (Stb. 1994, 342)
– Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628)
Waardering: B 1
(854)
Handeling: Het vaststellen van regels met betrekking tot de door werkgevers te sluiten verzekeringsovereenkomsten inzake pensioenvoorzieningen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) art. 2 vierde lid
Periode: 1952–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Algemene eisen verzekeringsovereenkomsten pensioen- en spaarfondsenwet (Stcrt. 1953, 236)
– Algemene eisen verzekeringsovereenkomsten pensioen- en spaarfondsenwet (Stcrt. 1973, 31)
– Algemene eisen schadeverzekeringsovereenkomsten pensioen- en spaarfondsenwet (Stcrt. 1973, 197)
– Regelen verzekeringsovereenkomsten Pensioen- en spaarfondsenwet (Stcrt. 1987, 143)
Waardering: B 1
(855)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van de uitvoering van de Pensioen- en spaarfondsenwet en de Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds en Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) art. 15 (b.w. Stb. 2000, 628); Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) art. 28; Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 63), art. 25;
Periode: 1949–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit staten pensioenfondsen (Stb. 1998, 545)
Waardering: B 1
(856)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels inzake het begrip ‘toezegging omtrent pensioen’ zoals dat in de Pensioen- en spaarfondsenwet wordt gehanteerd.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1997, 65) art. 2 achtste lid
Periode: 1996–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit pensioentoezegging (Stb. 1997, 36)
Waardering: B 1
(857)
Handeling: Het vaststellen van regels en voorwaarden voor toezeggingen aan direct en indirect grootaandeelhouders.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1981, 17) art. 2 derde lid onder c
Periode: 1981–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling voorwaarden voor pensioentoezeggingen aan grootaandeelhouders (Stcrt. 1981, 31)
– Besluit vaststelling regels en voorwaarden voor pensioentoezeggingen aan direct en indirect grootaandeelhouders (Stcrt. 1994, 136)
– Regeling van voorwaarden voor pensioentoezeggingen aan direct- en indirect-grootaandeelhouders (Stcrt. 1994, 251)
Waardering: B 1
(858)
Handeling: Het vaststellen van regels en voorwaarden voor werkgevers inzake het doen van toezeggingen omtrent pensioen aan oudere personen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1994, 496) art. 2 derde lid onder d
Periode: 1994–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 15 juli 1994, nr. SZ/SV/P/94/3026 (Stcrt. 1994, 136)
Waardering: B 1
(859)
Handeling: Het vaststellen van regels omtrent de begrippen ‘gewezen deelnemer’ en ‘toeslagen’ in de Pensioen- en spaarfondsenwet.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1987, 340) art. 8 zevende lid; vernummerd (Stb. 1991, 445) negende lid
Handeling: Het vaststellen van regels in welke gevallen de afkoop van een pensioen of de aanspraak op een pensioen mogelijk is.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1987, 340) art. 32 vierde lid
Periode: 1987–
Product: ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling aanwijzing van gevallen waarin afkoop van pensioen of een aanspraak op pensioen mogelijk is (Stcrt. 1987, 143)
– Regeling aanwijzing van gevallen waarin afkoop van pensioen of een aanspraak op pensioen mogelijk is (Stcrt. 1994, 136)
Waardering: B 1
(861)
Handeling: Het vaststellen van de maximum-hoogte van het pensioen, waarbij zowel het pensioenfonds of de verzekeraar als de rechthebbende zonder toestemming van de ander kan overgaan tot afkoop van het pensioen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1994, 496) art. 32 zesde lid
Periode: 1994–
Product: ministeriële regeling, o.a.:
– Regeling tot herziening bedrag genoemd in art. 32, vijfde lid, van de Pensioen- en spaarfondsenwet (Stcrt. 1997, 240)
– Regeling tot herziening bedrag afkoop pensioenbedragen genoemd in art. 32, vijfde lid, Pensioen- en spaarfondsenwet (Stcrt. 1997, 249)
– Regeling herziening bedrag genoemd in artikel 32 vijfde lid, Pensioen- en spaarfondsenwet (Stcrt. 1998, 233)
Waardering: B 1
(1386)
Handeling: Het aanwijzen van een instelling waaraan eerder opgebouwde pensioenaanspraken kunnen worden overgedragen
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 1994, 496) art. 32b eerste lid onder c;
Handeling: Het (bij of krachtens AMvB) vaststellen van regels ten aanzien van de berekening van de waarde van af of in te kopen aanspraken op pensioen en de te volgen procedure daarbij.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1987, 340) art. 32a derde lid; gewijzigd (Stb. 1994, 496) art. 32b derde lid; Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (Stb. 1994, 342) art. 7 vierde lid; Besluit reken- en procedureregels recht op waarde-overdracht (Stb. 1994, 647) art. 8 vierde lid, 9 eerste lid en 12 tweede lid
Periode: 1994–
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit reken- en procedureregels recht op waarde-overdracht (Stb. 1994, 647)
ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling berekening van een aan één van de Europese Gemeenschappen af te dragen afkoopsom (Stcrt. 1987, 143)
– Besluit van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 19 augustus 1994, nr. AZ/SV/P/94/3485 (Stcrt. 1994, 170, gewijzigd Stcrt. 1998, 118)
– Regels voor berekening in geval van waarde-overdracht (Stcrt. 1995, 83)
Opmerking: Ten aanzien van de AMvB op grond van art. 32b PSW gold tot de Wet afschaffing adviesverplichtingen (Stb. 1995, 355) de verplichting van de minister de Stichting van de Arbeid en de PVK te horen. Sindsdien geldt dat de minister bevoegd is de beide organen om advies te vragen.
Waardering: B 1
(863)
Handeling: Het vaststellen van regels met betrekking tot de voorwaarden waaronder het sluiten of afwikkelen van overeenkomsten van verzekering voor eigen rekening door pensioen- of ondernemingsfondsen niet tot de uitoefening van het verzekeringsbedrijf wordt gerekend.
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van het uitruilen van mogelijkheden van nabestaandenpensioen tegen een hoger of eerder ingaand ouderdomspensioen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1994, 496; Stb. 2000, 625) art. 2b vijfde lid;
Periode: 1995–
Product: algemene maatregel van bestuur:
– Besluit gelijke behandeling bij pensioenen (Stb. 2002, 101)
Opmerking: Artikel 2b van de wet met deze uitruilmogelijkheid, treedt op 1 januari 2000 in werking.
Waardering: B 1
(1387)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels inzake de afkoopsom van een pensioen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 2000, 625) art. 32 negende lid
Periode: 2000–
Product: algemene maatregel van bestuur
– Besluit gelijke behandeling bij pensioenen (Stb. 2002, 101)
Waardering: B 1
(1388)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels ten aanzien van het uitruilen van mogelijkheden tussen pensioenen, anders dan een ouderdoms- of nabestaandenpensioen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 2000, 625) art. 2c tweede lid
Periode: 2002–
Product: algemene maatregel van bestuur, o.a.:
–
Besluit gelijke behandeling bij pensioenen (Stb. 2002, 101)
Waardering: B 1
(1389)
Handeling: Het aanwijzen van verenigingen welke niet hoeven te voldoen aan de eisen zoals vermeldt in artikel 6a eerste en vierde lid van de Pensioen- en spaarfondsenwet.
Grondslag: Wet van 20 mei 2000 (Stb. 2000, 256), art. III eerste lid
Periode: 2000
Product: Aanwijzingsbesluit:
– Aanwijzing van verenigingen die niet aan de representativiteitseisen Pensioen- en Spaarfondsenwet hoeven te voldoen (Stcrt. 2000, 124)
Opmerking: Het betreft de volgende drie eisen:
– de vereniging moet volledige rechtsbevoegdheid bezitten;
– de vereniging moet mede het behartigen van de belangen van haar leden als belanghebbenden als statutair doel hebben;
– de vereniging moet minimaal 1% van het aantal belanghebbenden bij een fonds georganiseerd hebben.
De wet is per 1 januari 2001 vervallen.
Waardering: B 4
(1390)
Handeling: Het bij ministeriële regeling aanwijzen van een instelling die onderzoek verricht naar ontbrekende aanvullende pensioenvoorzieningen voor werknemers.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 1994, 496), art. 25a;
Periode: 1994–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 4
(1393)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels omtrent de meldingsplicht van de accountant of actuaris van een fonds, de beleggingen door een fonds en/of de actuariële en bedrijfstechnische nota van een fonds.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592), art. 9c en 9d;
Periode: 2000–
Product: Algemene maatregel van bestuur:
– Besluit actuariële en bedrijfstechnische nota (Stb. 2000, 502)
Waardering: B 1
(1395)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels omtrent de eisen waaraan de financiële opzet van een (beroeps-)pensioenfonds moet voldoen in relatie tot het draagvlak van het fonds.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592), art. 10 tweede lid
Periode: 2000–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1396)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels m.b.t. de verplichtingen omtrent het boekjaar, jaarrekening, jaarverslag, actuarieel verslag en overige gegevens waarin een volledig beeld van de financiële toestand van het fonds wordt gegeven.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592), art. 10b achtste lid
Periode: 2000–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 1
(1399)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de bevoegdheden van de Pensioen- en Verzekeringskamer om sanctiemaatregelen op te leggen aan fondsen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), gewijzigd (Stb. 1999, 592), art. 23a derde lid, art. 23b derde lid;
Periode: 2000–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 1
(865)
Handeling: Het verplicht stellen van het deelnemen in een bedrijfs(tak)pensioenfonds voor alle of bepaalde groepen van bedrijfsgenoten.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) art. 3–5 en 7 (b.w. Stb. 2000, 628); Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 2 eerste lid, 10 eerste lid, 11 eerste t/m derde lid, 12 eerste, vierde, vijfde en zevende lid;
Periode: 1949–
Product: besluit van algemene strekking
–
Verplichtstelling tot deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds voor deelneming in de Stichting ‘De samenwerking’pensioenfonds voor het Slagersbedrijf (Stcrt. 1951, 10) gewijzigd Stcrt. 1996, 131 en Stcrt. 2002, 244
–
Verplichtstelling tot deelneming in bedrijfstakpensioenfonds voor deelneming in de Stichting Prepensioenfonds voor het Beroepsgoederenvervoer over de Weg en de Verhuur van Mobiele Kranen (Stcrt. 2003, 34)
–
Verplichtstelling tot deelneming in bedrijfstakpensioenfonds voor deelneming in de Stchting Prepensioenering Vleeswaren- en Gemaksvoedingindustrie (Stcrt. 2003, 72)
Opmerking: De verplichtstelling gebeurt op verzoek van een representatief deel van het georganiseerde bedrijfsleven in een bedrijfstak. Bij wijziging van de financiële opzet van het bedrijfspensioenfonds of van de statuten en reglementen kan de verplichtstelling ingetrokken worden tenzij de minister een verklaring van geen bezwaar afgeeft.
Van de aanvraag tot, de wijziging van of (het voornemen tot) intrekking van de verplichtstelling, of de verplichtstelling zelf doet de minister mededeling in de Staatscourant.
Hieronder valt ook de behandeling van de aanvraag tot verplichtstelling.
Waardering: B 5
(1400)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de aanvraag tot ontheffing van verplichte deelname in een bedrijfstakpensioenfonds.
Grondslag: Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 15 tweede lid;
Periode: 2001–
Product: Ministeriële regeling
Opmerking: Hieronder vallen ook de regels tot vrijstelling voor een persoon die slechts tijdelijk in Nederland werkzaam is.
Waardering: B 1
(1401)
Handeling: Het op aanvraag verlenen van ontheffing verplicht deel te nemen in een bedrijfstakpensioenfonds.
Grondslag: Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 15 eerste lid;
Periode: 2001–
Product: Ontheffingsbesluit
Opmerking: Hieronder valt ook de ontheffing aan een persoon die slechts tijdelijk in Nederland werkzaam is.
Waardering: V 10 jaar
(866)
Handeling: Het verplicht stellen van het deelnemen in een beroepspensioenregeling voor alle of bepaalde groepen van beroepsgenoten.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400) art. 2–5
Periode: 1972–
Product: besluit van algemene strekking
Opmerking: De verplichtstelling gebeurt op verzoek van een representatief organisaties van beroepsgenoten. Bij wijziging van de financiële opzet van het bedrijfspensioenfonds of van de statuten en reglementen kan de verplichtstelling ingetrokken worden tenzij de minister een verklaring van geen bezwaar afgeeft.
Van de aanvraag, de verplichtstelling en de intrekking, evenals de verklaring van geen bezwaar tegen wijzigingen van statuten of reglementen van de rechtspersoon wordt door de minister mededeling gedaan in de Staatscourant.
De bevoegdheden kunnen gemandateerd worden.
Waardering: B 5
(1402)
Handeling: Het houden van een representativiteitstoets met betrekking tot het voortzetten van een verplichting.
Grondslag: Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 12;
Periode: 2001–
Product: Toets
Opmerking: Op verzoek van de minister toont het georganiseerde bedrijfsleven dat het voorzetting van de verplichting wenst. Indien het georganiseerde bedrijfsleven niet binnen acht weken na het verzoek aantoont dat het (de voortzetting van) de verplichting wenst, doet de minister hiervan mededeling in de Staatscourant. Binnen twee jaar na deze mededeling doet de minister opnieuw een verzoek. Indien het georganiseerde bedrijfsleven dan wederom niet aantoont dat het de verplichtstelling wenst, wordt de verplichtstelling door de minister ingetrokken. Bij de intrekking kunnen door de minister voorschriften worden gegeven m.b.t. de rechten en verplichtingen van de (gewezen) deelnemers of hun werkgevers.
Waardering: V 5 jaar na afsluiting toets
(869)
Handeling: Het vaststellen van richtlijnen en/of regels waaraan bedrijfs(tak)- of beroepspensioenregelingen waarvoor een verplichtstelling is verzocht, moeten voldoen.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) art. 5 derde lid (b.w. Stb. 2000, 628); Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400) art. 5 tweede lid en 8 tweede lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 63), art. 5 tweede lid; Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 2 vierde lid, 10 tweede lid, 11 tweede, derde en zevende lid;
Periode: 1949–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van de Minister van Sociale Zaken van 13 mei 1949, nr. 978 (Stcrt. 1949, 94)
– Besluit van de Minister van Sociale Zaken van 17 december 1949 (Stcrt. 1949, 249)
– Richtlijnen voor vrijstelling van deelneming in een bedrijfspensioenfonds wegens bijzondere pensioenvoorzieningen (Stcrt. 1953, 1)
– Richtlijnen gemoedsbezwaren tegen verzekering (Stcrt. 1973, 17)
– Richtlijnen betreffende vrijwillige voorzieningen in beroepspensioenregelingen (Stcrt. 1983, 23)
Opmerking: Dit betreft ook regels met betrekking tot de bij de aanvraag toe te voegen bescheiden.
Bij intrekking van een verplichtstelling kan de minister voorschriften geven ter bescherming van de rechten van de (gewezen) deelnemers.
Waardering: B 5
(870)
Handeling: Het – gehoord de Pensioen- en Verzekeringskamer – vaststellen van regels voor het in rekening brengen door het uitvoeringsorgaan van de kosten voor verevening van een pensioen na scheiding.
Grondslag: Wet verevening pensioenrechten na scheiding (Stb. 1994, 342) art. 6 tweede lid
Periode: 1994–
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar
(871)
Handeling: Het bij AMvB aanwijzen van uitkeringen ingevolge enigerlei rekening die als pensioen in de zin van de Wet verevening pensioenrechten na scheiding worden aangemerkt.
Waardering: V 5 jaar na vaststelling nieuwe regeling
(873)
Handeling: Het – gehoord de Pensioen- en Verzekeringsraad – vaststellen van regels voor de berekening van pensioenrechten na scheiding die betrekking hebben op deelnemingsjaren gelegen voor de datum van inwerkingtreding van de Wet verevening pensioenrechten na scheiding.
– Regeling pensioenberekening bij scheiding voor 27 november 1981 (Stcrt. 1994, 252)
– Regeling pensioenberekening over deelnemingsjaren voor 1 mei 1995 (Stcrt. 1994, 252)
Waardering: B 5
(988)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels omtrent de gevallen waarin en de voorwaarden waaronder het bedrijfstakpensioenfonds vrijstelling van verplichtingen mag verlenen.
Grondslag: Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 13 derde lid;
Opmerking: Het bedrijfstakpensioenfonds kan de vrijstellingen van de verplichtingen verlenen en intrekken. Aan de vrijstelling kan het fonds voorschriften verbinden.
Waardering: B 1
(989)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de vrijstelling van de verplichtstelling bij gemoedsbezwaren, alsook de gevolgen van deze vrijstelling.
Grondslag: Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 14 tweede lid;
Periode: 2001–
Product: Ministeriële regeling
Opmerking: Dit betreft ook regels omtrent de intrekking van de vrijstelling.
Waardering: B 5
(1404)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels omtrent de inhoud van de mededeling, de aard en inhoud van de te verstrekken inlichtingen en de over te leggen stukken met betrekking tot hoofdelijke aansprakelijkheid.
Grondslag: Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 23 tweede lid;
Periode: 2001–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Dit betreft ook de termijnen waarbinnen het doen van de mededeling, het verstrekken van de inlichtingen en het overleggen van de stukken dienen te geschieden.
Waardering: B 1
(875)
Handeling: Het (tot 1981 in overeenstemming met de Minister van Justitie) op voordracht van daartoe aangewezen organisaties van werkgevers en werknemers, toevoegen van personen aan de Verzekeringskamer en de Pensioenraad van de Verzekeringskamer.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) art. 14 eerste lid (b.w. Stb. 1952, 275); Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) art. 27 (b.w. Stb. 1992, 372); Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400) art. 24 (b.w. Stb. 1992, 372); Statuten van de Stichting Verzekeringskamer (1992) art. 8
Periode: 1952–1992
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar na bereiken 75-jarige leeftijd of overlijden
(876)
Handeling: Het (bij K.b.) aanwijzen van organisaties van werkgevers en werknemers die voordrachten mogen doen voor de door de Minister van Sociale Zaken toe te voegen leden van de Verzekeringskamer of de Pensioenraad van de Verzekeringskamer.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1972, 774) art. 27 eerste lid (b.w. Stb. 1992, 372);
Periode: 1972–1992
Product: Koninklijke besluit/ministeriële regeling, onder andere:
– Koninklijk besluit van 29 april 1976 (Stcrt. 1976, 91)
– Koninklijk besluit van 18 februari 1981 (Stcrt. 1981, 40)
Waardering: B 4
(877)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de taak en de vergoeding van de door de minister(s) benoemde leden van de Verzekeringskamer.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) art. 14 eerste lid (B.w. Stb. 1952, 275); Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) art. 27 tweede lid (b.w. Stb. 1992, 372); Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400) art. 24
Periode: 1949–1992
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(879)
Handeling: Het goedkeuren van beleidsregels van de Pensioen- en Verzekeringskamer voor werkzaamheden betreffende de aanvullende pensioenen.
Grondslag: Besluit van 17 augustus 1949 (Stb. 1949, J 395) art. 5 en 7; Besluit van 17 december 1953 (Stb. 1953, 574) art. 5–6 (b.w. Stb. 1972, 758); Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1990, 29) art. 6c tweede lid
Periode: 1949–
Product: beschikking
Waardering: B 5
(881)
Handeling: Het vaststellen van regels voor het door de pensioen- en spaarfondsen vergoeden van de kosten voor de uitvoering van de pensioenwetten door de Pensioen- en Verzekeringskamer.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) art. 12 (b.w. Stb. 1952, 275); Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) art. 26; Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400) art. 23
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de bepalingen welke opgenomen worden in de statuten en reglementen van de rechtspersoon.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 510), art. 8 derde lid;
Periode: 1997–
Product: Ministeriële regeling
Opmerking: De rechtspersoon zal als beroepspensioenfonds de beroepspensioenregeling uitvoeren.
Waardering: B 5
(883)
Handeling: Het beslissen op beroepschriften van pensioen- en spaarfondsen op besluiten van de Verzekeringskamer ten aanzien van bezwaarschriften tegen aanslagen inzake de kosten van de uitvoering van de Pensioen- en spaarfondsenwet.
Grondslag: Kostenbeschikking Pensioen- en spaarfondsenwet (Stcrt. 1953, 251) art. 12 tweede lid; Kostenbeschikking Pensioen- en spaarfondsenwet (Stcrt. 1973, 139) art. 12 tweede lid; Kostenbeschikking Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stcrt. 1974, 74) art. 12 tweede lid
Periode: 1953–1987
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(884)
Handeling: Het, – tot 1972 gehoord de Verzekeringskamer –, goedkeuren van statuten en reglementen van pensioen- en spaarfondsen en de wijzigingen daarvan.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) art. 4 (b.w. Stb. 1981, 17); Wet van 21 januari 1981 tot wijziging van de Pensioen- en spaarfondsenwet en enkele andere wetten (Stb. 1981, 17) art. IV
Periode: 1952–1983
Product: beschikking (gepubliceerd in de Staatscourant)
Opmerking: Door de ministeriële goedkeuring van de statuten kreeg het fonds rechtspersoonlijkheid, voor zover het nog geen rechtspersoonlijkheid bezat. Na de inwerkingtreding van de Boek 2 (nieuw) BW zijn de fondsen op grond van de Overgangswet voor het nieuwe Burgerlijke Wetboek stichtingen in de zin van Boek 2 BW geworden. Nu dient een fonds op grond van Boek 2 BW volledige rechtspersoonlijkheid te bezitten alsvorens het als pensioen- of spaarfonds werkzaam kan zijn.
Waardering: V 10 jaar wordt bewaard bij de Verzekeringskamer (zie aldaar nr. 888)
(885)
Handeling: Het vaststellen van formulieren voor de aanmelding van pensioen- en spaarfondsen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) art. 20; gewijzigd (Stb. 1981, 17) art. 4 tweede lid (gewijzigd Stb. 1994, 496)
Periode: 1952–1994
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking van de Minister van Sociale Zaken van 5 juli 1954, nr. 570 (Stcrt. 1954, 131)
Handeling: Het ten behoeve van het toezicht registreren van aanmeldingen van pensioen- en spaarfondsen en het doorzenden van een exemplaar van de daarbij ontvangen statuten en reglementen en de wijzigingen daarvan aan de Verzekeringskamer.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1981, 17) art. 4 tweede en derde lid (b.w. Stb. 2000, 628);
Periode: 1981–2000
Product: beschikking
Opmerking: Sinds 1994 (Stb. 1994, 496) geldt de verplichte inzending van (wijzigingen van) statuten en reglementen aan de minister alleen nog voor de bedrijfspensioenfondsen.
Waardering: B 5
(1412)
Handeling: Het bij AMvB stellen van regels voor een rechtspersoonlijkheid bezittend lichaam indien dat lichaam niet tot betaling aan het bedrijfstakpensioenfonds in staat is.
Grondslag: Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 23 tweede lid;
– de inhoud van de melding van de betalingsonmacht;
– de aard en de inhoud van de te verstrekken inlichtingen;
– de over te leggen stukken;
– de termijnen waarbinnen het doen van de mededeling, het verstrekken van de inlichtingen en het overleggen van de stukken dienen te geschieden.
Waardering: B 1
(892)
Handeling: Het – op voorstel van de Verzekeringskamer – vaststellen van de modellen van de staten waarop pensioen- en spaarfondsen gegevens dienen te verstrekken aan de Pensioen- en Verzekeringskamer.
Grondslag: Besluit van 17 augustus 1949 (Stb. 1949, J 395) art. 3 (b.w. Stb. 1953, 574); Besluit van 17 december 1953, (Stb. 1953, 574) art. 3 (b.w. Stb. 1993, 578); Besluit van 26 juni 1973 (Stb. 1973, 331) art. 2 (b.w. Stb. 1998, 577); Besluit van 26 oktober 1993 (Stb. 1993, 577) art. 2 (b.w. Stb. 1998, 545); Besluit van 26 oktober 1993 (Stb. 1993, 578) art. 2 (b.w. Stb. 1998, 545)
Periode: 1949–1998
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Beschikking staten pensioen- en spaarfondsen (Stcrt. 1953, 254)
Handeling: Het stellen van regels omtrent het opleggen van een bestuurlijke boete door de Pensioen- en Verzekeringskamer.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592), art. 23b derde lid; Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 19 derde lid; Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592), art. 21b derde lid;
Periode: 2000–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1422)
Handeling: Het bij AMvB wijzigen van de bijlage(n) bij de Pensioen- en Spaarfondsenwet, of de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 of de Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592), art. 23c; Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 20 derde lid; Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592), art. 21c derde lid;
Periode: 2000–
Product: Algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Het bedrag van de boete wordt bepaald op de wijze zoals voorzien in de bijlage.
Waardering: B 1
(894)
Handeling: Het bij K.b. beslissen op het beroep van een pensioen- of spaarfonds tegen het besluit van de Verzekeringskamer om de misstanden bij het fonds openbaar te maken.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) art. 11 derde lid (b.w. Stb. 1952, 275); Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) art. 23 vierde lid; vernummerd (Stb. 1972, 774) vijfde lid (b.w. Stb. 1993, 650); Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400) art. 21 vierde lid (b.w. Stb. 1993, 650)
Periode: 1949–1993
Product: Koninklijk besluit (tot de inwerkingtreding van de Pensioen- en spaarfondsenwet in 1952: ministerieel besluit)
Waardering: B 3
(895)
Handeling: Het bij K.B. aanwijzen van centrale en andere organisaties van werkgevers en werknemers, die door de Pensioen- en Verzekeringskamer op de hoogte gebracht kunnen worden van aanwijzingen van de Pensioen- en Verzekeringskamer aan fondsbesturen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) zoals gewijzigd (Stb. 1972, 774) art. 23 tweede lid (b.w. Stb. 1999, 592)
Periode: 1972–2000
Product: Koninklijk besluit, onder andere:
– Koninklijk besluit van 25 februari 1981 (Stcrt. 1981, 40; gewijzigd Stb. 2000, 630)
Waardering: B 5
(1426)
Handeling: Het goedkeuren en publiceren van de regels van de Pensioen- & Verzekeringskamer omtrent onevenwichtige behartiging van de belangen.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 2000, 256), art. 6d eerste lid
Periode: 2000–
Product: Goedkeuringsbesluit
Opmerking: Publicatie vindt plaats in de Staatscourant.
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(897)
Handeling: Het, gehoord de Verzekeringskamer, controleren van wetenschappelijke balansen, verlies- en winstrekeningen en actuariële verslagen en de jaarlijkse door een accountant gecontroleerd verslagen van bedrijfspensioenfondsen.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) art. 8 (b.w. Stb. 1952, 275)
Periode: 1949–1952
Product: mededelingen
Waardering: V 20 jaar
(899)
Handeling: Het beslissen op beroepen van pensioen- en spaarfondsen tegen door de Verzekeringskamer ingebrachte bezwaren tegen de aanwijzing van een actuaris door een fonds.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) art. 12 derde lid (b.w. Stb. 1993, 690); Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400) art. 11 (b.w. Stb. 1993, 690)
Periode: 1952–1993
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(900)
Handeling: Het, gehoord de Pensioen- en Verzekeringskamer, verlenen van ontheffing of (sinds 1997) vrijstelling aan pensioen- en spaarfondsen, werkgevers of beroepsgenoten van bepalingen in de wetten inzake aanvullende pensioenen.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) art. 16 (b.w. Stb. 2000, 628); Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275) art. 29 (b.w. Stb. 1994, 496); Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 63), art. 26; Richtlijnen betreffende vrijwillige voorzieningen in beroepspensioenregelingen (Stcrt. 1983, 23) art. 5;
Periode: 1949–
Product: beschikking
Opmerking: De adviesverplichting van de Pensioen- en Verzekeringskamer voor de Wet Bpf en de Wet Bpr is in respectievelijk 1995 en 1997 vervangen door een inlichtingenplicht indien de minister daar om verzoekt.
Waardering: V 10 jaar bij weigering ontheffing
50 jaar bij verlening ontheffing
(906)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB vaststellen van regels inzake de meldingsplicht van het bestuur van een rechtspersoon, indien de rechtspersoon niet in staat is tot betaling van zijn bijdrage aan het bedrijfspensioenfonds.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) zoals gewijzigd (Stb. 1986, 276) art. 18b eerste lid, vernummerd (Stb. 1990, 222) tweede lid (b.w. Stb. 2000, 628)
Periode: 1986–2000
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit meldingsregeling Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1986, 582)
Waardering: B 5
(909)
Handeling: Het – gehoord de Stichting van de Arbeid – bij AMvB vaststellen van nadere regels inzake het bestuur en het beheer van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering.
Grondslag: Wet van 13 december 1972 (Stb. 1972, 702) art. 4 en 8 (b.w. Stb. 1998, 457);
Periode: 1972–1999
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
Opmerking: De adviseringverplichting van de Stichting van de Arbeid is in 1995 vervallen.
Waardering: B 4
(912)
Handeling: Het goedkeuren van het besluit van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering inzake
– het reglement voor de werkzaamheden van het bestuur van het Fonds
– regels voor een schadeloosstelling en de vergoeding voor reis- en verblijfkosten van de leden en plaatsvervangende leden van het bestuur van het Fonds.
Handeling: Het aanwijzen van vertegenwoordigers die met raadgevende stem de vergaderingen van het bestuur van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering bijwonen.
Handeling: Het stellen van regels voor de vergoeding door het FVP van de onkosten van de administratieve werkzaamheden van de Sociale Verzekeringsbank.
Grondslag: Wet van 13 december 1972 (Stb. 1972, 702) art. 6 derde lid (b.w. Stb. 1998, 457);
Periode: 1972–1999
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(920)
Handeling: Het controleren van het jaarverslag, de jaarrekening, het accountantsrapport en andere verslagen en verantwoordingen van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering.
Grondslag: Wet van 13 december 1972 (Stb. 1972, 702) art. 4 derde lid (b.w. Stb. 1998, 457); Besluit Fonds Voorheffing Pensioenverzekering (Stb. 1974, 532) art. 16
Periode: 1972–1999
Product: (controle)rapport
Waardering: B 3
(922)
Handeling: Het, eventueel in overeenstemming met de Minister van Financiën, (bij amvb) vaststellen van regels voor de uitvoering van de wetten inzake tijdelijke bijdragen aan het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering.
Grondslag: Wet van 13 december 1972 (Stb. 1972, 702) art. 2 derde lid; Wet regelende het heffen van een tijdelijke bijdrage ten behoeve van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering als nacalculatie van de lonen over 1972 (Stb. 1973, 339) art. 5 tweede lid en 7; Wet houdende bijdrage over 1974 ten behoeve van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering als nacalculatie van de lonen over 1972 (Stb. 1973, 671) art. 5 tweede lid en 7
Periode: 1973–1974
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling
Waardering: B 5
(927)
Handeling: Het – tot 1995 gehoord de Stichting van de Arbeid – goedkeuren van bijdrageregelingen van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering voor voortzetting van pensioenvoorzieningen van werkloze werknemers of verwerving van pensioenaanspraken van vrouwelijke werknemers.
Grondslag: Wet van 13 december 1972 (Stb. 1972, 702) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 557) art. 4b derde tot en met negende lid (b.w. Stb. 1998, 457)
Periode: 1988–1999
Product: beschikking, o.a.:
– Goedkeuring Besluit tot wijziging Bijdrageregeling inhaalpensioen (Stb. 1997, 160)
Opmerking: De adviseringverplichting van de Stichting van de Arbeid is in 1995 vervallen.
Waardering: B 1
(928)
Handeling: Het doen van een voordracht voor een Koninklijk besluit waarbij
– een besluit genomen wordt ter zake van het beroep van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering tegen het besluit van de Ministers van Sociale Zaken en Financiën hun goedkeuring aan de bijdrageregelingen van het Fonds te onthouden (tot en met 1993)
– bijdrageregelingen van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering vernietigd worden ingeval deze regelingen er toe leiden dat het eigen vermogen van het Fonds beneden een bepaald bedrag daalt.
Grondslag: Wet van 13 december 1972 (Stb. 1972, 702) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 557) art. 4b vijfde (b.w. Stb. 1993, 650) en zevende lid (b.w. Stb. 1998, 457)
Periode: 1988–1999
Product: (voordracht voor) Koninklijk besluit
Waardering: B 1
(1427)
Handeling: Het aanwijzen van een stichting voor het verstrekken van aanvullende pensioenvoorzieningen.
Grondslag: Wet privatisering FVP (Stb. 1998, 457), art. 2 eerste en vijfde lid;
Opmerking: Per 16 december 1998 is de Stichting Financiering Voorzetting Pensioenverzekering (Stichting FVP) aangewezen.
Waardering: B 4
(1428)
Handeling: Het – op verzoek van de Sociaal-Economische Raad – voorzien van de stichting in bijdragen ter financiering van onderzoeken inzake aanvullende pensioenen.
Opmerking: Het betreft de Stichting Financiering Voortzetting Pensioenverzekering.
Waardering: V 7 jaar
(1432)
Handeling: Het geven van aanwijzingen van algemene aard aan de Pensioen- & Verzekeringskamer voor de uitoefening van haar taak.
Grondslag: Pensioen- en spaarfondsenwet (Stb. 1952, 275), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592) art. 20 tweede lid; Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400), zoals gewijzigd (Stb. 1999, 592), art. 18a tweede lid; Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Stb. 2000, 628), art. 17;
Periode: 2000–
Product: Aanwijzing van algemene aard
Waardering: B 5
(941)
Handeling: Het geven van aanwijzingen aan de Pensioenkamer voor de uitoefening van de opgedragen taken.
Grondslag: Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259) art. 6
Periode: 1984–1994
Product: aanwijzingen, richtlijnen
Waardering: B 5
(942)
Handeling: Het aanwijzen van personen die met raadgevende stem de (commissie)vergaderingen van de Pensioenkamer mogen bijwonen.
Grondslag: Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259) art. 12
Periode: 1984–1994
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(943)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels inzake de vestigingsplaats van de Pensioenkamer, het aantal leden en de organisaties van werkgevers en werknemers die de leden aanwijzen, de bekostiging en de begroting van de Pensioenkamer.
Grondslag: Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259) art. 2 derde lid, 8 eerste en derde lid, 15 eerste lid en 17 zesde lid
Periode: 1984–1994
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regeling tot uitvoering van de Wet op de Pensioenkamer (Stcrt. 1984, 155)
Waardering: B 4
(944)
Handeling: Het bij amvb vaststellen van regels inzake de onverenigbaarheid van het lidmaatschap en plaatsvervangend lidmaatschap van de Pensioenkamer met andere functies.
Grondslag: Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259) art. 9
Periode: 1984–1994
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(945)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de bezoldiging van de voorzitter van de Pensioenkamer en de vergoedingen voor de leden.
Grondslag: Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259) art. 14 eerste en tweede lid
Periode: 1984–1994
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(946)
Handeling: Het benoemen van de voorzitter van de Pensioenkamer.
Grondslag: Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259) art. 8 tweede lid
Periode: 1984–1994
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar na bereiken van de 75-jarige leeftijd of overlijden
(948)
Handeling: Het goedkeuren van het reglement van werkzaamheden van de Pensioenkamer en de regels met betrekking tot de indienstneming, het ontslag, de bezoldiging en de andere arbeidsvoorwaarden van het personeel.
Grondslag: Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259) art. 10 en 13 derde lid
Periode: 1984–1994
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar na vervanging wordt bewaard bij de Pensioenkamer
(954)
Handeling: Het goedkeuren van de begroting van de Pensioenkamer.
Grondslag: Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259) art. 17 tweede tot en met zesde lid
Periode: 1984–1994
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(957)
Handeling: Het vaststellen van de jaarrekening van de Pensioenkamer.
Grondslag: Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259) art. 18 tweede lid
Periode: 1984–1994
Product: jaarrekening
Waardering: V 7 jaar
(959)
Handeling: Het geven van aanwijzingen aan de Pensioenkamer omtrent de inrichting van het jaarverslag.
Grondslag: Wet op de Pensioenkamer (Stb. 1983, 259) art. 20 eerste lid
Periode: 1984–1994
Product: aanwijzing, richtlijn
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(960)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de toekenning van een uitkering aan vervroegd uittredende ex-mijnwerkers.
Grondslag: Perspectievennota Zuid-Limburg (Kamerstukken II, 1977–1978, 13 969) p. 20
Opmerking: De Regeling vervroegde uittreding ex-mijnwerkers is financieel afgewikkeld. Per 1 januari 2000 zijn alle rechthebbenden uitgestroomd, zodat alleen nog nabetalingen worden betaald (TK II, 2002–2003, nr. 28 600, XV, nr. 2, pagina 140-SZW-begroting 2002–2003).
Waardering: B 1 & 5
(961)
Handeling: Het toekennen van uitkeringen aan vervroegd uittredende ex-mijnwerkers
Opmerking: Deze handeling wordt uitgevoerd door A.Z.L. Beheer onder mandaat van de minister.
De Regeling vervroegde uittreding ex-mijnwerkers is financieel afgewikkeld. Per 1 januari 2000 zijn alle rechthebbenden uitgestroomd, zodat alleen nog nabetalingen worden betaald (TK II, 2002–2003, nr. 28 600, XV, nr. 2, pagina 140-SZW-begroting 2002–2003).
(962)
Handeling: Het vergoeden van de kosten van de uitkeringen en uitvoering ingevolge de Regeling vervroegde uittreding ex-mijnwerkers aan A.Z.L. Beheer.
Bron: Rijksbegrotingen 1979–1996
Periode: 1980–2000
Product: beschikking
Opmerking: Door A.Z.L. Beheer worden maandelijks rapportages ingediend over het aantal uitkeringen en de uit te keren bedragen. Aan de hand hiervan worden door de minister voorschotten en verrekeningen gedaan.
De Regeling vervroegde uittreding ex-mijnwerkers is financieel afgewikkeld. Per 1 januari 2000 zijn alle rechthebbenden uitgestroomd, zodat alleen nog nabetalingen worden betaald (TK II, 2002–2003, nr. 28 600, XV, nr. 2, pagina 140 – SZW-begroting 2002–2003).
Waardering: V 5 jaar
(965)
Handeling: Het beoordelen van jaarrapportages van A.Z.L. Beheer over de uitvoering van de VVU-regeling.
Bron: interview
Periode: 1980–2000
Product: jaarraportage A.Z.L. Beheer, beoordeling
Opmerking: De Regeling vervroegde uittreding ex-mijnwerkers is financieel afgewikkeld. Per 1 januari 2000 zijn alle rechthebbenden uitgestroomd, zodat alleen nog nabetalingen worden betaald (TK II, 2002–2003, nr. 28 600, XV, nr. 2, pagina 140 – SZW-begroting 2002–2003).
Waardering: B 3
(966)
Handeling: Het beschikbaar stellen van gelden voor eenmalige uitkeringen aan oud-mijnwerkers met silicose.
Bron: Rijksbegroting 1995–1996
Periode: 1994–
Product: beschikking
Opmerking: De Silicoseregeling mijnwerkers is financieel afgewikkeld. Per 1 januari 2000 zijn alle rechthebbenden uitgestroomd, zodat alleen nog nabetalingen worden betaald (TK II, 2002–2003, nr. 28 600, XV, nr. 2, pagina 140 – SZW-begroting 2002–2003). Eventuele nabetalingen vallen ook onder deze handeling.
Waardering: B 1 & 5
Actor: Minister van Financiën
(111)
Handeling: Het (bij of krachtens AMvB) vaststellen van regels voor de afwikkeling van ongevallenrenten en afkoopsommen.
Grondslag: Liquidatiewet ongevallenwetten (Stb. 1967, 99) art. 19, 26, 33 tweede lid, 35 derde lid en 36
Periode: 1967–1975
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit uitvoering afwikkeling liquiditeitsuitkeringen en voorzieningen (Stb. 1967, 453)
Waardering: B 1
(114)
Handeling: Het verrekenen van gelden, overdragen van contante waarden van verplichtingen ingevolge de Liquidatiewet Ongevallenwetten en het overdragen van vermogensoverschotten van de ongevallenfondsen.
Grondslag: Liquidatiewet ongevallenwetten (Stb. 1967, 99) art. 25 tweede lid, 28, 29 en 30; Besluit overdracht contante waarde verplichtingen ongevallenverzekering aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 339) art. 13–26; Besluit overdracht contante waarde gehandhaafde bijslagen op ongevalsuitkeringen aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 431)
Periode: 1967–1975
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 5 jaar
(193)
Handeling: Het afgeven van een verklaring aan een persoon of lichaam dat hij ten aanzien van artiesten als werkgever geldt.
Grondslag: Aanwijzing werkgever en verzekeringsplicht musici en artiesten (Stcrt. 1969, 11) art. 1; Aanwijzing werkgever en uitzondering verzekeringsplicht W.A.O., Z.W. en W.W. (Stcrt. 1974, 17) art. 1; Aanwijzing werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringswetten (Stcrt. 1981, 42) art. 1 tweede lid onder a; Aanwijzing als werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringen (Stcrt. 1986, 251) art. 1 tweede lid onder a (b.w. 1991); Aanwijzing als werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringen (Stb. 1986, 251), art. 1 derde lid;
Periode: 1967–
Product: beschikking
Opmerking: De Minister van Financiën geeft deze beschikkingen af in het kader van de Uitvoeringsregeling Loonbelasting. De Minister van Sociale Zaken volgde de voorstellen voor een dergelijke verklaring. In 1991 is de bepaling dat de Minister van Sociale Zaken mede de beschikking moet ondertekenen vervallen. Het ministerie ontvangt nog wel een afschrift van de verklaring.
Waardering: Voor waardering zie BSD 65 ‘Heffing der rijksbelastingen’.
(194)
Handeling: Het afgeven van zelfstandigheidsverklaringen aan artiesten.
Grondslag: Aanwijzing werkgever en verzekeringsplicht musici en artiesten (Stcrt. 1969, 11) art. 2; Aanwijzing werkgever en uitzondering verzekeringsplicht W.A.O., Z.W. en W.W. (Stcrt. 1974, 17) art. 3; Aanwijzing werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringswetten (Stcrt. 1981, 42) art. 1 tweede lid onder b; Aanwijzing als werkgever en uitzondering verzekeringsplicht werknemersverzekeringen (Stcrt. 1986, 251) art. 1 tweede lid onder b (b.w. 1991)
Periode: 1967–
Product: beschikking
Opmerking: De Minister van Financiën geeft deze beschikkingen af in het kader van de Uitvoeringsregeling Loonbelasting. De Minister van Sociale Zaken volgde de voorstellen voor een dergelijke verklaring. In 1991 is de bepaling dat de Minister van Sociale Zaken mede de beschikking moet ondertekenen vervallen. Het ministerie ontvangt nog wel een afschrift van de verklaring.
Waardering: Voor waardering zie BSD 65 ‘Heffing der rijksbelastingen’.
(1186)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot premie-inkomen, premieheffing en premiepercentage.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 72 tweede lid, 73 eerste lid, 77;
Periode: 1997–
Product: Ministeriële regeling, o.a.
– Regeling premieheffing WAZ (Stcrt. 1997, 248)
Waardering: B 5
(1210)
Handeling: Het aanwijzen van een overheidswerkgever welke ontheven wordt van de verplichting tot het overleggen van een schriftelijke garantie.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 75 eerste lid;
Periode: 1997–
Product: Aanwijzing,
– Regeling ontheffing garantieplicht WAO overheidswerkgevers (Stcrt. 1997, 249)
Opmerking: Het betreft de schriftelijke garantie die werkgevers moeten overleggen als zij het risico van de betaling van de arbeidsongeschiktheidsverzekering zelf willen dragen.
Waardering: V 5 jaar na vervallen aanwijzing
(532)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van nadere regels met betrekking tot de heffing en afdracht van premies en vervangende belastingen ingevolge de volksverzekeringen.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 26, 30–33; gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 37, 41–43; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 41, 43–45, 46 (b.w. Stb. 1986, 656) en (sinds Stb. 1986, 656) art. 48 negende lid; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 20–23, 25–29 (b.w. Stb. 1988, 631); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 31 en 33 (b.w. Stb. 1979, 709); Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 73 zesde lid en 75; Wet van 28 maart 1985 (Stb. 1980) art XIX; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 11, 17, 44
Periode: 1956–
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling, onder andere:
algemene maatregel van bestuur
– Besluit premieheffing artiesten en thuiswerkers (Stb. 1965, 519)
Handeling: Het vergoeden van het bedrag aan niet-invorderbare premies ingevolge de AOW en AWW aan de Sociale Verzekeringsbank.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 44; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 46; Beschikking van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en de Minister van Financiën van 27 april 1961 nr. 1076 en 30 mei 1961, nr. A1/6035; Beschikking van de Staatssecretarissen van Sociale Zaken en Financiën van 3 juli 1985, nr. 85/2245 (Stcrt. 1985, 233) art. 2–5; Beschikking van de Staatssecretarissen van Sociale Zaken en Financiën van 28 januari en 10 februari 1987, nr. 87/00528 (Stcrt. 1987, 38) art. 2–5
Periode: 1956–
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar na vergoeding
(549)
Handeling: Het vaststellen van regels en uitvoeringsvoorschriften inzake het toekennen van AOW-uitkeringen aan personen die wegens gemoedsbezwaren geen premie maar verhoogde belasting hebben betaald.
– Regeling tot wijziging van een tweetal ministeriële regelingen gemoedsbezwaarden Algemene Ouderdomswet (Stcrt. 1997, 82)
Waardering: B 5
(555)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de vergoeding van de kosten van sociale verzekeringswetten die geheel of gedeeltelijk door het Rijk worden gefinancierd.
Grondslag: o.a.: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 35 derde lid; Kinderbijslagwet voor invaliditeits-, ouderdoms- en wezenrentetrekkers (Stb. 1948, I 309) art. 16 derde lid; Kinderbijslagwet voor kleine zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 20 derde lid, gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 24 derde lid (b.w. Stb. 1979, 709); Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 37 tweede en derde lid; Liquidatiewet invaliditeitswetten (Stb. 1964, 488) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 307) art. 40 derde lid en 52 derde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 73 zesde lid; Wet van 14 september 1978 (Stb. 1978, 465) art. X zesde lid, XI zesde lid en XIII vierde lid; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 26 tweede lid (b.w. Stb. 1995, 691); Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 631) art. 22 tweede lid; gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 29a tweede lid (b.w. Stb. 1994, 916); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 65a tweede lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 74 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 71 (b.w. Stb. 2001, 625); Besluit van 29 september 1942 (Vb.1942, 109) art. 3 lid 2 (b.w. Stb. 1950, K664)
Periode: 1947–
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Financieringsregeling Algemene Kinderbijslagwet en Toeslagenwet (Stcrt. 1997, 41)
Opmerking: Voorbeelden van wetten die geheel door het Rijk worden gefinancierd zijn de Noodwet Ouderdomsvoorziening, de Kinderbijslagwetten voor rentetrekkers en kleine zelfstandigen, de Toeslagenwet en (sinds 1989) de Algemene Kinderbijslagwet.
Waardering: B 5
(563)
Handeling: Het jaarlijks storten van bijdragen in het Invaliditeits(- en Ouderdoms)fonds en Interim-invaliditeitsfonds.
Opmerking: Dit gebeurt in overeenstemming met de SVb, het Lisv/UWV en de Ziekenfondsraad.
Waardering: V 10 jaar na afloop aanwijzing
(1230)
Handeling: Het stellen van regels over de wijze waarop en de voorwaarden waaronder de afdracht van gelden plaatsvindt aan de fondsen die geheel of gedeeltelijk door het Rijk worden gefinancierd.
Product: Ministeriële regeling, o.a.:
– Wijziging regeling SUWI en enige andere regelingen (Stcrt. 2002, 66);
– Aanpassingsregeling arbeid en zorg (Stcrt. 2002, 171);
Handeling: Het stellen van regels betreffende de omvang van de financiële middelen die de (uitvoerings-)organisaties of de Ziekenfondsraad buiten de rekening-courant bij het Ministerie van Financiën mogen houden.
Opmerking: Dit gebeurt in overleg met het Lisv/UWV, het SVB, of de Ziekenfondsraad.
Waardering: B 5
(1247)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de financiële middelen onder het beheer van het Lisv/het UWV en de Sociale Verzekeringsbank.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 67 zevende lid (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1997–2001
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1248)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de rente die over het saldo van de rekening-courant wordt vergoed of in rekening wordt gebracht.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 68 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 negende lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a negende lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 51 tweede lid;
Periode: 1997–
Product: Regeling
Opmerking: Dit gebeurt in overleg met het UWV en de SVb.
Waardering: B 5
(1250)
Handeling: Het dagelijks informeren van het Lisv/het UWV, de Sociale Verzekeringsbank of de Ziekenfondsraad over de stand van hun rekening-courant.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 71a eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 zesde lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a zesde lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 51 vijfde en zesde lid;
Periode: 1997–
Product: Rekeningafschrift
Opmerking: Het betreft onder andere slotstanden, transacties en mutaties.
Waardering: V 5 jaar
(1252)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het verstrekken van informatie aan en door de Minister van Financiën omtrent de rekening-courant.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 71a derde lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 tiende lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a tiende lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 51 zevende lid;
Periode: 1997–
Product: Regeling
Opmerking: Dit gebeurt na overleg met het Lisv/het UWV, de SVB of de Ziekenfondsraad.
Waardering: B 5
(1253)
Handeling: Het stellen van nadere regels omtrent de financiële middelen van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen en de Sociale Verzekeringsbank die in rekeningen-courant bij de Minister van Financiën worden gehouden.
Product: Ministeriële regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 50 zevende lid
Waardering: B 5
(1344)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de meldingen door de werkgevers en verzekerden aan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen en de verzekerdenadministratie van de werkgevers.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 77 eerste lid
Waardering: B 5
(863)
Handeling: Het vaststellen van regels met betrekking tot de voorwaarden waaronder het sluiten of afwikkelen van overeenkomsten van verzekering voor eigen rekening door pensioen- of ondernemingsfondsen niet tot de uitoefening van het verzekeringsbedrijf wordt gerekend.
Handeling: Het aanwijzen van vertegenwoordigers die met raadgevende stem de vergaderingen van het bestuur van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering bijwonen.
Handeling: Het – tot 1995 gehoord de Stichting van de Arbeid – goedkeuren van bijdrageregelingen van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering voor voortzetting van pensioenvoorzieningen van werkloze werknemers of verwerving van pensioenaanspraken van vrouwelijke werknemers.
Grondslag: Wet van 13 december 1972 (Stb. 1972, 702) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 557) art. 4b derde tot en met negende lid (b.w. Stb. 1998, 457)
Periode: 1988–1999
Product: beschikking, o.a.:
– Goedkeuring Besluit tot wijziging Bijdrageregeling inhaalpensioen (Stb. 1997, 160)
Opmerking: De adviseringverplichting van de Stichting van de Arbeid is in 1995 vervallen.
Waardering: B 5
(928)
Handeling: Het doen van een voordracht voor een Koninklijk besluit waarbij
– een besluit genomen wordt ter zake van het beroep van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering tegen het besluit van de Ministers van Sociale Zaken en Financiën hun goedkeuring aan de bijdrageregelingen van het Fonds te onthouden (tot en met 1993)
– bijdrageregelingen van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering vernietigd worden ingeval deze regelingen er toe leiden dat het eigen vermogen van het Fonds beneden een bepaald bedrag daalt.
Grondslag: Wet van 13 december 1972 (Stb. 1972, 702) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 557) art. 4b vijfde (b.w. Stb. 1993, 650) en zevende lid (b.w. Stb. 1998, 457)
Periode: 1988–1999
Product: (voordracht voor) Koninklijk besluit
Waardering: B 5
Actor: Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
(35)
Handeling: Het (mede) voorbereiden en vaststellen van het beleid met betrekking tot internationale aspecten van de sociale zekerheid.
Periode: 1945–
Product: beleidsnota, beleidsplan
Waardering: B 1
(36)
Handeling: Het voorbereiden van, deelnemen aan en rapporteren over vergaderingen van overleg- en bestuursorganen van internationale organisaties inzake sociale zekerheid.
Periode: 1945–
Product: verslagen, notulen, notities, rapporten
Opmerking: Voorbeelden van bedoelde internationale organisaties zijn de International Labour Organisation (ILO), de Raad van Europa (RvE), de Europese Unie (EU), de Verenigde Naties (VN), de Benelux en de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO).
Waardering: B 1
(37)
Handeling: Het aanwijzen van regeringsvertegenwoordigers in de Administratieve Commissie en het Raadgevend Comité van de Europese Unie.
Grondslag: Verordening inzake de sociale zekerheid van migrerende werknemers, nr. 3/58 (PB EG 1958, 30) art. 44; Verordening van de Raad (EU) betreffende de toepassing van de sociale zekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen, nr. 1408/71 (PB EG 1971, L 149) art. 80 eerste lid en 82 eerste lid
Periode: 1958–
Product: aanwijzingsbesluit
Waardering: V 10 jaar na einde aanwijzing
(39)
Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van (bilaterale en multilaterale) verdragen en bijbehorende akkoorden met andere mogendheden inzake sociale zekerheid.
– Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Nieuw-Zeeland (Stb. 2003, 80)
Waardering: B 1
(40)
Handeling: Het leveren van bijdragen aan de totstandkoming van multilaterale verdragen met administratieve akkoorden (ILO, Raad van Europa, VN) of verordeningen en regelingen (EU) van internationale organisaties inzake sociale zekerheid
Periode: 1945–
Product: verdragen, administratieve akkoorden
Opmerking: Hieronder worden ook verstaan de bijdragen aan de besluiten van de Administratieve Commissie van de EU.
Waardering: B 1
(44)
Handeling: Het (beleidsmatig) beoordelen van mogelijke interventies in zaken die voorkomen bij internationale hoven.
Grondslag: o.a. Protocol betreffende het Statuut van het Hof van Justitie, art. 20
Periode: 1958–
Product: rapport/nota, ministerraadformulier
Opmerking: Met internationale hoven wordt o.a. bedoeld: het Hof van Justitie te Luxemburg, het Europese Hof voor de Rechten van de Mens te Straatsburg en de Commissie Rechten van de Mens van de VN.
Waardering: B 1
(45)
Handeling: Het deelnemen aan (technische) commissies die nadere uitvoeringsregels stellen of toezien op de goede uitvoering van een verdrag.
Grondslag: (Administratieve) Akkoorden ter uitvoering van verdragen; Verdrag betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden, gesloten te Genève op 27 juli 1950 (Trb. 1953, nr. 76) art. 24
Opmerking: Er zijn onder andere verscheidene Nederlands-Belgische Technische Commissies, bijvoorbeeld voor de geneeskundige verzorging en voor de uitkeringen en een Nederlands-Franse Technische Commissie. De Verdragen betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden voorzien in de instelling van het Administratief Centrum, waaraan deelgenomen wordt door regeringsvertegenwoordigers en vertegenwoordigers van de werkgevers en de Rijnvarenden uit elk van de verdragsluitende staten.
Waardering: B 1
(46)
Handeling: Het rapporteren over de implementatie van internationale regels in bestaande of nieuwe wet- en regelgeving op nationaal niveau.
Grondslag: o.m. Statuut van de ILO art. 22; Verdragen van de ILO, bijv. Verdrag betreffende minimumnormen van sociale zekerheid (Verdrag nr. 102) (Trb. 1953, 69) art. 76; Europese Code inzake sociale zekerheid (Trb. 1965, 47) art. 74 en 76; EG-richtlijnen; Wet van 21 juni 2001 tot wijziging van de Pensioen- en spaarfondsenwet en enige andere wetten ter uitvoering van richting nr. 98/49/EG van de Raad van de Europese Unie van 29 juni 1998 betreffende de bescherming van de rechten op aanvullendpensioen van werknemers en zelfstandigen die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen;
Periode: 1945–
Product: rapport
Waardering: B 3
(47)
Handeling: Het geven van aanwijzingen aan uitvoeringsorganen inzake de toepassing van internationale verdragen of verordeningen.
Periode: 1945–
Product: circulaires, correspondentie
Waardering: B 5
(50)
Handeling: Het aangaan van overeenkomsten met andere EU-lidstaten inzake de vergoeding van op grond van EU-Verordeningen verleende geneeskundige verstrekkingen.
Grondslag: Toepassingverordening 4/58 (PB EG 1958, 30) art. 74 en 75; Verordening van de Raad (EU) tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening nr. 1408/71, nr. 574/72 (PB EG 1972, L 74) art. 93–105
Periode: 1958–
Product: afrekeningsovereenkomst
Waardering: B 5
(115)
Handeling: Het vaststellen van het bedrag dat door het Arbeidsongeschiktheidsfonds wordt overgedragen aan de Ziekenfondsraad wegens de afwikkeling van geneeskundige behandeling van ongevallen.
– Beschikking van 2 januari 1975, nr. 87369 (Stcrt. 1975, 7)
Waardering: V 5 jaar
(985)
Handeling: Het aanwijzen van een buitenlandse verpleeginrichting waar verzekering op grond van de volksverzekeringen van toepassing is voor tijdelijk daarin verblijvende Nederlanders.
Grondslag: Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 (Stb. 1998, 746) art. 8, tweede lid;
Periode: 1999–
Product: Aanwijzingsbesluit
Waardering: V 10 jaar na wijziging of intrekking
(306)
Handeling: Het vaststellen van een regeling inzake een tegemoetkoming in de kosten van verzorging van thuiswonende meervoudig gehandicapte of ernstig lichamelijk gehandicapte kinderen.
Grondslag: Rijksbegroting 1997 art. U 1310; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 916) art. 28 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 25 eerste lid onder f, 28 vijfde lid en 86 (b.w. Stb. 2001, 625)
– Regeling indexering TOG-bedragen januari 1998 (Stcrt. 1997, 249)
– Regeling indexering TOG-bedragen juli 1998 (Stcrt. 1998, 118)
– Regeling indexering AKW- en TOG-bedragen januari 1999 (Stcrt. 1998, 243)
– Regeling indexering AKW- en TOG-bedragen juli 2003 (Stcrt. 2003, 122)
Waardering: B 5
(430)
Handeling: Het instemmen met de organisatie die de Sociale Verzekeringsbank van (medisch) advies dienst bij de vaststelling of een kind meervoudig dan wel ernstig lichamelijk gehandicapt is.
Handeling: Het aanwijzen van organisaties voor ontwikkelingssamenwerking of volkenrechtelijke organisaties waarnaar een gewezen verzekerde is uitgezonden of waar hij/zij werkzaam is en waarop de periode van maximaal 10 jaar waarop hij/zij zich vrijwillig kan verzekeren niet van toepassing is ingevolge de Algemene Ouderdomswet en de Algemene nabestaandenwet.
Grondslag: Algemene ouderdomswet (Stb. 1956, 281) gewijzigd Stb. 2001, 212 art. 35, lid 3 onder b en c; Algemene nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) gewijzigd Stb. 2001, 212 art. 63a, lid 3 onder b en c;
Opmerking: Dit gebeurt in overeenstemming met de SVb, het Lisv/UWV en de Ziekenfondsraad.
Waardering: V 10 jaar na wijziging of intrekking
(1248)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de rente die over het saldo van de rekening-courant wordt vergoed of in rekening wordt gebracht.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 68 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 negende lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a negende lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 51 tweede lid;
Periode: 1997–
Product: Regeling
Opmerking: Dit gebeurt in overleg met het UWV en de SVb.
Waardering: B 5
Actor: Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu
(913)
Handeling: Het aanwijzen van vertegenwoordigers die met raadgevende stem de vergaderingen van het bestuur van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering bijwonen.
Handeling: Het aanwijzen van woningen en woongebouwen, waarvoor de leningen uit het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering voorgefinancierd mogen worden.
Grondslag: Besluit Fonds Voorheffing Pensioenverzekering (Stb. 1974, 532) art. 13 tweede lid (b.w. Stb. 1998, 708)
Periode: 1974–1999
Product: beschikking
Waardering: V 6 jaar
Actor: Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties
(61)
Handeling: Het (bij AMvB) vaststellen van nadere regels voor de uitvoering van de regelingen betreffende de ongevallenverzekering van de vrijwillige brandweer.
Grondslag: Besluit van de Secretarissen-Generaal van de Departementen van Sociale Zaken en van Binnenlandse Zaken betreffende ongevallenverzekering van de brandweer (Stcrt. 1941, 153) art. 7; Wet betreffende ongevallenverzekering van de vrijwillige brandweer (Stb. 1953, 560) art. 6 en 8
Periode: 1945–1965
Product: algemene maatregel van bestuur/ministeriële regeling
Waardering: B 1
(271)
Handeling: Het bij of krachtens AMvB vaststellen van nadere regels voor de Wet plaatsing van minder-valide arbeidskrachten of de Wet arbeid gehandicapte werknemers.
Grondslag: Wet plaatsing van minder-valide arbeidskrachten (Stb. 1947, H 283) art. 13; Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1986, 300) art. 1 onder b en d, 3 zesde lid, vernummerd (Stb. 1995, 355) vijfde lid, 5 tweede en derde lid, 6 vijfde lid, 10, 11 tweede en vierde lid en 28 (b.w. Stb. 1998, 290); Besluit ter uitvoering van de Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1988, 294) art. 2
Periode: 1947–1998
Product: algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Besluit ter uitvoering van de Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1988, 294)
ministeriële regeling, onder andere:
– Besluit tot aanwijzing van scholingsinstituten (Stcrt. 1991, 210)
Waardering: B 1
(272)
Handeling: Het bij AMvB vaststellen van regels omtrent de verhouding tussen het aantal werknemers en het aantal gehandicapte werknemers voor bepaalde ondernemingen.
Grondslag: Wet plaatsing van minder-valide arbeidskrachten (Stb. 1947, H 283) art. 3 tweede en derde lid; Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1986, 300) art. 3 (b.w. Stb. 1998, 369); Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 5 eerste t/m vierde lid;
Periode: 1947–
Product: algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Het derde lid van art. 3 van de WAGW bepaalde dat de SVr/het Tica en organen van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds en het Spoorwegpensioenfonds tot het vaststellen van een dergelijk AMvB advies uitgebracht moeten hebben. De advisering kon desgevraagd of uit eigen beweging plaatsvinden. Alvorens advies uit te brengen diende de SVr/het Tica te overleggen met de betrokken bedrijfsvereniging en de GMD. Voor de Raden van Toezicht van het ABP en het SPF gold dat zij dienden te overleggen met de betrokken bedrijfsvereniging en het bestuur of de directie van dat fonds.
Tot nu toe (1997) is een AMvB op grond van de WAGW niet tot stand gekomen. Derhalve zijn uitvoerende handelingen die hiermee samenhangen niet opgenomen, zoals het verlenen van vrijstelling van de quotumverplichting door de Minister van SZW, eventueel in overeenstemming met de Minister van Binnenlandse Zaken en de Minister van Defensie (art. 4 WAGW) en het innen van boetes bij en toekennen van vergoedingen aan werkgevers door de bedrijfsverenigingen en het ABP (art. 5 en 11 WAGW).
Waardering: B 1
(284)
Handeling: Het bepalen dat de Commissie van Onderzoek moet worden ingesteld door twee gemeenten tezamen, of per deel van een gemeente of voor een bepaalde groep van de bevolking.
Grondslag: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 25 tweede en derde lid
Periode: 1947–1956
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(294)
Handeling: Het bij K.b. goedkeuren van provinciale kindertoelageregelingen voor gepensioneerden.
Grondslag: Kindertoelagewet voor gepensioneerden (Stb. 1950, K 501) art. 15 tweede lid
Periode: 1950–1962
Product: Koninklijk besluit
Waardering: B 1
(296)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels voor de toepassing van de Kindertoeslagregeling overheidspersoneel.
Grondslag: Kindertoeslagregeling overheidspersoneel (Stb. 1963, 219) art. 5 vijfde lid, 10 en 12 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1963–1980
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 1
(404)
Handeling: Het geven van uitvoeringsvoorschriften voor de Kindertoelagewet voor gepensioneerden.
Grondslag: Kindertoelagewet voor gepensioneerden (Stb. 1950, K 501) art. 13
Periode: 1950–1962
Produkt: ministeriële regeling
Waardering: V 10 jaar
(1043)
Handeling: Het verlenen van ontheffing aan een werkgever om aan de verplichting te voldoen dat een bepaald percentage werknemers arbeidsgehandicapt moet zijn.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290) art. 6 eerste en derde lid;
Periode: 1998–
Product: Ontheffingsbesluit
Opmerking: Het betreft hier de quotumverplichting.
Waardering: V 5 jaar na einde ontheffing
(1192)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de vaststelling van loon.
Grondslag: Wet premiedifferentiatie en marktwerking bij arbeidsongeschiktheids-verzekeringen (Stb. 1997, 175), art. VI vierde lid, vervallen (Stb. 1997, 768);
Periode: 1997
Product: Regeling
Opmerking: Dit betreft de vaststelling overeenkomstig de toepassing van de artikelen 77 t/m 77e van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
Waardering: B 5
Actor: Minister van Buitenlandse Zaken
(35)
Handeling: Het (mede) voorbereiden en vaststellen van beleid met betrekking tot internationale aspecten van de sociale verzekeringen.
Periode: 1940–
Product: beleidsnota, beleidsplan
Waardering: B 1
(39)
Handeling: Het voorbereiden van de totstandkoming, wijziging en intrekking van (bilaterale en multilaterale) verdragen en bijbehorende akkoorden met andere mogendheden inzake sociale zekerheid.
– Verdrag inzake sociale zekerheid tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Nieuw-Zeeland (Stb. 2003, 80)
Waardering: B 1
(44)
Handeling: Het (beleidsmatig) beoordelen van mogelijke interventies in zaken die voorkomen bij internationale hoven.
Grondslag: o.a. Protocol betreffende het Statuut van het Hof van Justitie, art. 20
Periode: 1958–
Product: rapport/nota, ministerraadformulier
Opmerking: Met internationale hoven wordt o.a. bedoeld: het Hof van Justitie te Luxemburg, het Europese Hof voor de Rechten van de Mens te Straatsburg en de Commissie Rechten van de Mens van de VN.
Waardering: B 1
(1206)
Handeling: Het aanwijzen van organisaties voor ontwikkelingssamenwerking of volkenrechtelijke organisaties waarnaar een gewezen verzekerde is uitgezonden of waar hij/zij werkzaam is en waarop de periode van maximaal 10 jaar waarop hij/zij zich vrijwillig kan verzekeren niet van toepassing is ingevolge de Algemene Ouderdomswet en de Algemene nabestaandenwet.
Grondslag: Algemene ouderdomswet (Stb. 1956, 281) gewijzigd Stb. 2001, 212 art. 35, lid 3 onder b en c; Algemene nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) gewijzigd Stb. 2001, 212 art. 63a, lid 3 onder b en c;
Handeling: Het vaststellen van nadere regels voor de toepassing van de Kindertoeslagregeling overheidspersoneel.
Grondslag: Kindertoeslagregeling overheidspersoneel (Stb. 1963, 219) art. 5 vijfde lid, 10 en 12 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1963–1980
Product: ministeriële regeling
Waardering: B 1
(404)
Handeling: Het geven van uitvoeringsvoorschriften voor de Kindertoelagewet voor gepensioneerden.
Grondslag: Kindertoelagewet voor gepensioneerden (Stb. 1950, K 501) art. 13
Periode: 1950–1962
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 10 jaar
(1043)
Handeling: Het verlenen van ontheffing aan een werkgever om aan de verplichting te voldoen dat een bepaald percentage werknemers arbeidsgehandicapt moet zijn.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290) art. 6 eerste en derde lid;
Periode: 1998–
Product: Ontheffingsbesluit
Opmerking: Het betreft hier de quotumverplichting.
Waardering: B 5
(1192)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de vaststelling van loon.
Grondslag: Wet premiedifferentiatie en marktwerking bij arbeidsongeschiktheids-verzekeringen (Stb. 1997, 175), art. VI vierde lid, vervallen (Stb. 1997, 768);
Periode: 1997
Product: Regeling
Opmerking: Dit betreft de vaststelling overeenkomstig de toepassing van de artikelen 77 t/m 77e van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
Waardering: V 10 jaar
Actor: Minister van Verkeer en Waterstaat
(404)
Handeling: Het geven van uitvoeringsvoorschriften voor de Kindertoelagewet voor gepensioneerden.
Grondslag: Kindertoelagewet voor gepensioneerden (Stb. 1950, K 501) art. 13
Periode: 1950–1962
Produkt: ministeriële regeling
Waardering: V 10 jaar
Actor: Minister voor Ontwikkelingssamenwerking
(528)
Handeling: Het – tot 1991 in overeenstemming met de Minister van Sociale Zaken – vaststellen van nadere regels inzake de toelating tot de vrijwillige verzekering voor de ZW, de WAO of de AAW van personen die werkzaamheden verrichten in een ontwikkelingsland
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1971, 422) art. 72a, gewijzigd (Stb. 1986, 567) art. 64 vierde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1971, 422) art. 86a, gewijzigd (Stb. 1986, 567) art. 81 derde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 77 eerste lid, gewijzigd (Stb. 1989, 127) art. 59a derde lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 53 tweede lid, zoals gewijzigd (Stb. 1992, 675) art. 53 eerste lid
Periode: 1971–
Product: ministeriële regeling/algemene maatregel van bestuur, onder andere:
– Regelen betreffende vrijwillige verzekering ZW en WAO van Nederlanders werkzaam in ontwikkelingsland (Stcrt. 1971, 135; vervangen Stcrt. 1978, 83)
Waardering: V 10 jaar
(986)
Handeling: Het aanwijzen van organisaties voor ontwikkelingssamenwerking waarop het Besluit afwijkende regels beperking export uitkeringen van toepassing is
Handeling: Het aanwijzen van organisaties voor ontwikkelingssamenwerking of volkenrechtelijke organisaties waarnaar een gewezen verzekerde is uitgezonden of waar hij/zij werkzaam is en waarop de periode van maximaal 10 jaar waarop hij/zij zich vrijwillig kan verzekeren niet van toepassing is ingevolge de Algemene Ouderdomswet en de Algemene nabestaandenwet.
Grondslag: Algemene ouderdomswet (Stb. 1956, 281) gewijzigd Stb. 2001, 212 art. 35, lid 3 onder b en c; Algemene nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) gewijzigd Stb. 2001, 212 art. 63a, lid 3 onder b en c;
Actor: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
(211)
Handeling: Het bij AMvB (gehoord de Sociale Verzekeringsraad) vaststellen van regels inzake de bevoegdheid van de Sociale Verzekeringsbank om de kinderbijslag te verrekenen met de Minister van Onderwijs en Wetenschappen, na 1 januari 1994 de Informatie Beheer Groep, indien kinderbijslag tegelijk met studiefinanciering of een tegemoetkoming in de studiekosten is uitgekeerd.
Grondslag: Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) zoals gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 25 tweede lid (b.w. Stb. 1995, 220); Wet op de studiefinanciering (Stb. 1986, 252) zoals gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 150 (b.w. Stb. 1995, 220)
Periode: 1991–1995
Produkt: algemene maatregel van bestuur
Opmerking: Een dergelijke amvb is niet tot stand gekomen. De bevoegdheid van de SVB en de Informatie Beheer Groep (IBG) om gelijktijdig verleende kinderbijslag en studiefinanciering of tegemoetkoming in de studiekosten met elkaar te verlenen is in 1995 (Stb. 220) direct in de wetten (en in de Wet tegemoetkoming studiekosten, Stb. 1995, 676) opgenomen.
Waardering: V 5 jaar
Actor: Vakminister
(596)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake het toekennen van een uitkering uit het Algemeen Arbeidsongeschiktheidsfonds aan uitkeringverlenende rechtspersonen in verband met het ontbreken of beperken van het recht op uitkering of voorzieningen (de zogeheten fictieve uitvoering van de AAW).
Grondslag: Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 8 derde lid (b.w. Stb. 1998, 369)
Periode: 1976–1998
Product: ministeriële regeling, onder andere:
– Regelen inzake een uitkering uit het AAf (Stcrt. 1976, 208)
Opmerking: De bij de vaststellen van de regeling betrokken ministers zijn de Ministers van Binnenlandse Zaken, Defensie en Verkeer en Waterstaat.
Waardering: V 5 jaar
(867)
Handeling: Het adviseren van de Minister van Sociale Zaken over de verplichtstelling tot deelname in een bedrijfspensioenfonds of een beroepspensioenregeling.
Grondslag: Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (Stb. 1949, J 121) art. 3 eerste lid (b.w. Stb. 2000, 628); Wet betreffende verplichte deelneming in een beroepspensioenregeling (Stb. 1972, 400) art. 2 eerste lid (b.w. Stb. 1997, 63)
Periode: 1949–2000
Product: advies
Waardering: V 5 jaar
(870)
Handeling: Het – gehoord de Pensioen- en Verzekeringskamer – vaststellen van regels voor het in rekening brengen door het uitvoeringsorgaan van de kosten voor verevening van een pensioen na scheiding.
Grondslag: Wet verevening pensioenrechten na scheiding (Stb. 1994, 342) art. 6 tweede lid
Periode: 1994–
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 5 jaar
(1450)
Handeling: Het verzoeken aan het UWV om het risico van betaling van de arbeidsongeschiktheidsverzekering of het ziekengeld zelf te dragen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 75 eerste lid;
Ziektewet (Stb. 1913, 204), zoals gewijzigd (Stb. 2002, 584), art. 63 eerste lid;
Periode: 1997–
Product: Verzoekschrift
Opmerking: Dit doet de minister in zijn hoedanigheid als werkgever.
Waardering: V 5 jaar na geldigheidsduur
5.2. Adviesorganen en -commissies
Actor: Advies- en overlegcommissies
(27)
Handeling: Het uitbrengen van advies aan de minister over aspecten van het beleid ten aanzien van de sociale verzekeringen.
Grondslag: instellingsbeschikkingen
Periode: 1940–
Product: advies, secretariaatsarchief
Waardering: B 1
5.3. Toezichthoudende organen
Actor: Arbeidsinpectie
(335)
Handeling: Het adviseren van de minister over het toekennen van subsidies aan ondernemingen of wachtgeldfondsen die een wachtgeldregeling uitvoeren.
Handeling: Het stellen van eisen aan individuele werkgevers inzake de naleving van de WAGW.
Grondslag: Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1986, 300) art. 6 tweede en derde lid (b.w. Stb. 1998,290)
Periode: 1986–1998
Product: beschikking
Opmerking: Werkgevers zijn verplicht de samenstelling en de toewijzing van het werk, de inrichting van arbeidsplaatsen, de bij het werk te gebruiken gereedschappen en toestellen aan te passen aan de in dienst zijnde gehandicapte. Over de naleving van deze verplichting kan de Arbeidsinspectie eisen stellen. De Arbeidsinspectie pleegt overleg met de betrokken Bedrijfsvereniging en het ABP. Het stellen van eisen kan gebeuren op eigen initiatief van de Arbeidsinspectie, maar ook na een verzoek van de werknemer die een geschil met de werkgever heeft over de arbeidsplaatsaanpassing.
Waardering: V 5 jaar
(439)
Handeling: Het opsporen van in de Wet plaatsing van minder-valide arbeidskrachten en de WAGW strafbaar gestelde feiten.
Grondslag: Wet plaatsing van minder-valide arbeidskrachten (Stb. 1947, H 283) art. 10; Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1986, 300) art. 17 (b.w. Stb. 1998, 290)
Periode: 1947–1998
Product: opsporingsdossier
Waardering: V 10 jaar
(1131)
Handeling: Het houden van toezicht op de naleving van de verplichting voor de werkgever tot het aanbrengen van zodanige aanpassingen dat een arbeidsgehandicapte werknemer de arbeid kan blijven verrichten.
Grondslag: Aanwijzingsregeling toezichthoudende ambtenaren en ambtenaren met specifieke uitvoeringstaken op grond van SZW-wetgeving (Stcrt. 2002, 203), art. 1.1 onder j;
Periode: 2002–
Product: Processen-verbaal, rapporten
Waardering: V 10 jaar
Actor: College van Toezicht Sociale Verzekeringen
Algemene handelingen
(9)
Handeling: Het voeren van overleg met ministers en vertegenwoordigers van andere uitvoeringsorganen over aangelegenheden betreffende de sociale verzekeringen.
Periode: 1995–2001
Product: verslag, notulen, akkoord
Waardering: V 5 jaar Indien een hoger orgaan (minister, SER) betrokken was bij het overleg worden de stukken daar bewaard
B 1 Indien het betreffende orgaan het hoogst betrokken orgaan is
(23)
Handeling: Het op verzoek van de minister toetsen van wet- en regelgeving op toezichtbaarheid (T-toets).
Opmerking: Het toetsen op toezichtbaarheid (de zogeheten T-toets) wil zeggen dat de wet- of regelgeving zodanig is dat de toezichthouder naar behoren zijn wettelijke taak kan uitoefenen. Onder de nOsv was geen enkele adviserende taak aan het Ctsv opgedragen. De T-toets in de Osv 1997 geschiedt alleen op verzoek van de minister.
(29)
Handeling: Het deelnemen aan advies- en overlegcommissies waarvan het voorzitterschap en/of secretariaat niet bij de eigen instelling berust.
Periode: 1995–2001
Product: lidmaatschapsarchief
Waardering: V 5 jaar, tenzij voorzitterschap B 1
Internationale aspecten
(38)
Handeling: Het deelnemen aan internationale overlegstructuren op het gebied van de uitvoering van de sociale verzekeringen.
Periode: 1995–2001
Product: lidmaatschapsarchief
Opmerking: Als belangrijkste internationale organisaties kunnen genoemd worden de International Social Security Association (ISSA).
Waardering: V 10 jaar
Werknemers- en volksverzekeringen
(323)
Handeling: Het vaststellen van voorschriften voor de administratie en registratie van verzekerden voor de werknemersverzekeringen en de uitwisseling van gegevens.
Handeling: Het beslissen op bezwaren tegen door uitvoeringsinstanties voorgestelde medische behandelingen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 28 derde lid
Periode: 1995–1997
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
Financiering
(567)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de verrekening van premies en uitkeringen en inzake de begroting, de verdeling en de verrekening van de uitvoeringskosten van de sociale verzekeringen door de uitvoeringsorganen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 81 tweede lid en 85 vijfde lid; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 43 vierde lid onder d,
Periode: 1995–2001
Product: regeling, onder andere:
– Circulaire richtlijnen kostentoerekening en kostenverdeling door bedrijfsverenigingen (Stcrt. 1995, 37)
– Regeling inrichting begroting bedrijfsverenigingen voor 1996 (Stcrt. 1995, 100)
– Besluit verrekeningen tussen centrale fondsen en bedrijfsverenigingen (Stcrt. 1996, 60)
– Regeling toerekening uitvoeringskosten bedrijfsverenigingen aan de fondsen (Stcrt. 1996, 67)
– Regeling inrichting begroting Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming voor 1997 (Stcrt. 1996, 121)
– Besluit verrekeningen tussen de door het Lisv beheerde fondsen en de UVI’s en afdrachten UVI’s aan de Zfr en SER (Stcrt. 1997, 119)
Opmerking: De regeling inzake de toerekening van uitvoeringskosten aan de fondsen behoeft de goedkeuring van de minister.
Waardering: B 5
(570)
Handeling: Het vaststellen van een begroting van de uitvoeringskosten.
Grondslag: o.a.: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 79 en 80 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 75 en 76 (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1995–2001
Product: begroting
Waardering: V 10 jaar na vaststelling jaarrekening
(572)
Handeling: Het beoordelen van de begrotingen en vaststellen van de budgetten voor de uitvoeringskosten van de Sociale Verzekeringsbank en het Tica/het Lisv.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 82 tweede lid en 83 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 77 tweede lid en 78 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1995–2001
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(584)
Handeling: Het betalen van een bijdrage aan de minister terzake van de kosten van de onderzoeken van de Nationale ombudsman.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 80 vijfde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(603)
Handeling: Het vaststellen van regels ten aanzien van het beheer en de belegging van gelden uit de sociale verzekeringsfondsen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 69 vierde, achtste en twaalfde lid; Regeling beleggingsvoorschriften sociale verzekeringsfondsen (Stcrt. 1995, 49) art. 3, 4, 5; Regeling beleggingsvoorschriften sociale verzekeringsfondsen 1996 (Stcrt. 1996, 19) art. 6; Besluit Bijzondere Beleggingsvoorschriften in verband met de ontvlechting bedrijfsverenigingen–uitvoeringsinstellingen per 1 januari 1996 (Stcrt. 1995, 248; vervangen Stcrt. 1997, 125)
Periode: 1995–1997
Product: regeling, onder andere:
– Besluit tot het stellen van regels inzake aanhouden van gelden bij banken (Stcrt. 1995, 71)
– Besluit rentedragende leningen in verband met ontvlechting bedrijfsverenigingen–uitvoeringsinstellingen (Stcrt. 1997, 207)
Opmerking: Tot het beheer van de sociale verzekeringsfondsen wordt ook het beheer van reserves, wachtgeldfondsen en afdelingskassen door bedrijfsverenigingen gerekend.
Waardering: B 1
(608)
Handeling: Het toezien op beleggingen van gelden door de besturen van de sociale verzekeringsfondsen en het geven van toestemming aan deze besturen bepaalde besluiten te nemen.
Grondslag: Beleggingsvoorschriften; Regeling tijdelijke middelenoverheveling leningen Centrale fondsen (Stcrt. 1996, 62) art. 3 en 6; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 69 zevende lid, 78; Ziektewet (Stb. 1929, 374)zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 114 tweede lid; vernummerd (Stb. 1952, 474) art. 63 tweede lid (b.w. Stb. 1994, 916); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 42 eerste en tweede lid gewijzigd (Stb. 1953, 117) art. 33 eerste lid; Wet van 27 juni 1990 (Stb. 1990, 404) art. IV
Periode: 1995–1997
Product: beschikking, aanwijzing
Waardering: V 5 jaar
(610)
Handeling: Het uitbrengen van verslag aan de minister omtrent de stand van de middelen en beleggingen van de fondsen.
Grondslag: Beleggingsvoorschriften
Periode: 1995–1997
Product: verslag
Waardering: B 3
Organisatie van de uitvoering
(635)
Handeling: Het adviseren van de minister over
– de erkenning of intrekking van de erkenning van uitvoeringsorganen (bedrijfsverenigingen, uitvoeringsinstellingen, Tica) en de goedkeuring van (wijzigingen van) statuten en reglementen;
– de goedkeuring van zekerstellingen van bedrijfsverenigingen;
– als representatief te beschouwen organisaties van werkgevers en werknemers.
Opmerking: De adviesbevoegdheid van het Ctsv is sinds de Osv 1997 beperkt tot het gevraagd adviseren bij intrekking van een erkenning.
Waardering: B 4
(636)
Handeling: Het adviseren van de minister over het benoemen schorsen of ontslaan van de voorzitter van het bestuur van de Sociale Verzekeringsbank en van het Lisv.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 23 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 19 tweede lid en 32 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1995–2001
Product: advies
Opmerking: Het Ctsv heeft niet de formele adviesbevoegdheid ten aanzien van de benoeming van de voorzitter van het bestuur van het Lisv.
Waardering: V 5 jaar wordt bewaard bij de minister
(656)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van een reglement voor de werkzaamheden van het bestuur.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 8, 9 tweede lid en 20 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 8 en 9 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1994–2001
Product: reglement
Waardering: B 4
(657)
Handeling: Het vaststellen van (interne) regels ten aanzien van de organisatie en werkwijze.
Periode: 1994–2001
Product: handboeken, richtlijnen, regeling, onder andere:
Opmerking: Het betreft hier onder meer regels ten aanzien van:
– klachtenbehandeling
– vergoedingsregelingen voor bestuurs- en commissieleden
– werkwijze commissies
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(658)
Handeling: Het instellen van commissies ter advisering over of uitvoering van bepaalde taken.
Handeling: Het vaststellen van het algemeen beleid van het Ctsv.
Periode: 1994–2001
Product: notulen (en vergaderstukken)
Opmerking: Hierbij wordt gedacht aan de neerslag van de vergaderingen van het bestuur van het Ctsv en door het bestuur ingestelde commissies of kamers. Met name in deze vergaderingen worden beleidsbepalende beslissingen genomen.
Waardering: B 1
(660)
Handeling: Het vaststellen van een jaar- en meerjarenplan van werkzaamheden.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 11 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1995–2001
Product: jaarplan, meerjarenplan
Opmerking: Over de plannen wordt overleg gevoerd met de Minister van Sociale Zaken. De plannen betreffen het onderzoekprogramma voor zowel het doelmatigheidsonderzoek (welke aspecten van de doelmatigheid onderzocht zullen worden) als het doeltreffendheidsonderzoek.
Waardering: B 1
(681)
Handeling: Het schorsen of ontslaan van leden van het bestuur van het Tica.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 31 eerste lid onder e
Periode: 1995–1997
Product: beschikking
Opmerking: Het schorsen of ontslaan van bestuursleden door het Ctsv gebeurt alleen in bijzondere omstandigheden in het kader van het toezicht.
Waardering: B 6
(685)
Handeling: Het goedkeuren van regels van het Tica inzake de overgang van vermogensbestanddelen, rechten en verplichtingen en civielrechtelijke of administratiefrechtelijke procedures van de GMD, het AWf, het Aof, het AAf en het Tf naar het Tica bij de inwerkingtreding van de nOsv.
Opmerking: Onder de instellingen worden o.a. de uvi’s verstaan, maar ook pensioenfondsen, stichtingen tot uitvoering van een regeling inzake vervroegd uittreden (vut) of andere collectieve voorzieningen voor werknemers, na machtiging door de verzekerde, uitkeringsgerechtigde of werkgever.
Waardering: V 3 jaar
(774)
Handeling: Het beantwoorden van vragen van individuele burgers, bedrijven en instellingen betreffende de uitvoering van de sociale verzekeringen.
Grondslag: Wet Openbaarheid van Bestuur (Stb. 1991, 703); Regeling uitvoering Wet Openbaarheid van Bestuur (Stcrt. 1993, 246) art. 5–8
Periode: 1995–2001
Product: brieven aan burgers en instanties
Waardering: V 3 jaar
(776)
Handeling: Het voeren van het financieel beheer.
Periode: 1995–2001
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(779)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van het huisvestingsbeleid.
Periode: 1995–2001
Product: beleidsplan, beleidsnota
Waardering: B 4
(780)
Handeling: Het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen.
Periode: 1995–2001
Product: overeenkomsten
Waardering: V 20 jaar
(781)
Handeling: Het uitvoeren van het huisvestingsbeleid.
Bron: jaarverslagen
Periode: 1995–2001
Opmerking: Onder deze handeling wordt verstaan:
– het huren of verhuren van gebouwen en ruimten
– het verzorgen en begeleiden van bouwkundige activiteiten en onderhoudswerkzaamheden
– het verstrekken, in stand houden en inrichten van technische bedrijfsbenodigdheden, installaties, ruimtes en netwerken
– het nemen van maatregelen op het gebied van beveiliging van mensen, gebouwen, bedrijfsruimten, middelen en goederen
Waardering: V 10 jaar bouw- en technische tekeningen blijven bewaard zolang een
gebouw, installatie, ruimte, netwerk e.d. in gebruik is.
(793)
Handeling: Het vaststellen van regels voor indienstneming en ontslag, loon en arbeidsvoorwaarden van het personeel.
Periode: 1995–2001
Product: regeling
Waardering: B 4
(797)
Handeling: Het uitvoeren van het arbeidsvoorwaarden- en personeelsbeleid.
Periode: 1995–2001
Product: beschikking
Opmerking: Onder deze handeling vallen zowel rechtshandelingen zoals het aanstellen, bevorderen en ontslaan van personeel, het toekennen van vergoedingen voor reis- en verblijfkosten en studiekosten etc. als feitelijke handelingen als het betalen van salaris.
Waardering: V stukken betreffende de rechtspositie: 75 jaar na geboortedatum
V overige stukken: 5 jaar
Toezicht
(801)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake welke besluiten de uitvoeringsorganen ter goedkeuring of informatie aan de SVr/het Ctsv moeten voorleggen.
Handeling: Het beoordelen en in voorgeschreven gevallen goedkeuren van uitvoeringsregelingen (algemeen verbindende voorschriften en beleidsregels) van uitvoeringsorganen (SVB, bedrijfsverenigingen, centrale fondsen, Tica en Lisv).
Grondslag: o.a.: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 15 en 66 derde lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 13 tweede en derde lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 27, 28 tweede lid, 79 en 85 tweede lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 18, 19 tweede lid en zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 59n zevende lid; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 27 derde lid en 30 (b.w. Stb. 1997, 96); Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 6 en 16a; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 248) art. 15 eerste lid; Algemene nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 36 eerste lid; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) zoals gewijzigd (Stb. 1991, 669) art. 16 eerste lid en (sinds Stb. 1994, 916) art. 17 tweede lid; Regeling voorlegging besluiten uitvoeringsinstanties (Stcrt. 1995, 5); Regeling voorlegging besluiten Ctsv (Stcrt. 1997, 41)
Periode: 1952–2001
Product: beschikking
Opmerking: Het aantal besluiten dat vooraf goedkeuring van het Ctsv behoeft is onder de Osv 1997 sterk afgenomen. Besluiten die voorafgaand aan hun inwerkingtreding ter kennis van het Ctsv worden gebracht, worden door het Ctsv beoordeeld en vervolgens wordt dit oordeel aan het uitvoeringsorgaan meegedeeld.
Waardering: B 5 voor de besluiten die goedkeuring behoeven
V 10 jaar voor de besluiten die geen goedkeuring behoeven
(811)
Handeling: Het verrichten van onderzoek naar en het houden van toezicht op de rechtmatigheid, doelmatigheid en doeltreffendheid van de uitvoering van de sociale verzekeringen door de uitvoeringsorganen en hun samenwerking.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 12 onder a en 78 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 10 en 74 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening havens (Stb. 1995, 685) art. 7; Regeling rechtmatigheidsverklaring uitvoering sociale verzekeringen (Stcrt. 1995, 57)
Periode: 1995–2001
Product: onderzoeksgegevens
Opmerking: Met uitvoeringsorganen wordt bedoeld: SVb, Tica, Lisv, bedrijfsverenigingen, uitvoeringsinstellingen, GMD en fondsen.
Waardering: B 5 voor de eindproducten
V 10 jaar voor de overige neerslag
(812)
Handeling: Het opstellen van rapportages en afgeven van rechtmatigheidsverklaringen ingevolge het rechtmatigheids- en doelmatigheidsonderzoek.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 12 onder a en 78 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 10 en 74 (b.w. Stb. 2001, 625); Regeling rechtmatigheidsverklaring sociale verzekeringen
Periode: 1995–2001
Product: rechtmatigheidsverklaring, rapport van bevindingen, doelmatigheidsrapportage
Waardering: B 3
(813)
Handeling: Het uitbrengen van verslag aan de minister over de uitvoering van de sociale verzekeringen door de uitvoeringsorganen.
Grondslag: o.a. Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 89 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 11 eerste lid en 84 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1995–2001
Product: verslag
Waardering: B 3
Opmerking: Met de uitvoeringsorganen wordt bedoeld: de bedrijfsverenigingen, de SVB, de centrale fondsen, het Lisv en de Uvi’s.
Het Ctsv biedt de jaarverslagen en jaarrekeningen van de uitvoeringsorganen aan de minister aan en geeft tevens een verklaring van de rechtmatigheid van uitgaven en ontvangsten af aan de minister. Van de Rijksbelastingdienst ontvangt het Ctsv een verklaring omtrent de rechtmatigheid van de ontvangen premies van de AOW, AWW/Anw, en AAW.
(820)
Handeling: Het verrichten van (wetenschappelijk) onderzoek naar de doeltreffendheid van de uitvoering van de sociale verzekeringen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 12 onder d (b.w. Stb. 1997, 96)
Periode: 1995–1997
Product: verslag, effectrapportage
Waardering: B 1 het vaststellen van het rapport/verslag
V 10 jaar het uitvoeren van het onderzoek (onderzoeksgegevens)
(821)
Handeling: Het toezien op de naleving van de WAGW door de bedrijfsverenigingen, de GMD en het GAK en het Algemeen Arbeidsongeschiktheidsfonds.
Waardering: B 5 het vaststellen van het rapport/verslag
V 10 jaarhet uitvoeren van het onderzoek (onderzoeksgegevens)
(822)
Handeling: Het opdracht geven tot het doen van onderzoek naar de toekenning, herziening, intrekking of heropening van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen door personeel van een bedrijfsvereniging/het Lisv of een uitvoeringsinstelling.
Opmerking: Het Ctsv doet een verzoek aan de bedrijfsvereniging of een uitvoeringsinstellingen uitgaan om personeel ter beschikking te stellen en vergoedt de kosten van deze terbeschikkingstelling.
Waardering: B 2 het vaststellen van het rapport/verslag
V 10 jaar het uitvoeren van het onderzoek (onderzoeksgegevens)
(826)
Handeling: Het geven van aanwijzingen aan de Bank, het Tica, de bedrijfsverenigingen en de uitvoeringsinstellingen.
Handeling: Het besluiten dat bepaalde betalingen aan uitvoeringsinstellingen die ten laste van het Awf, Aof, Aaf of het Tf komen uit hoofde van onaanvaardbaarheid niet ten laste van het betreffende fonds komen of geheel of gedeeltelijk worden opgeschort.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 17 eerste lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 74 derde en vierde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1995–2001
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(831)
Handeling: Het aan de Kroon ter vernietiging of schorsing voordragen van besluiten van algemene strekking van de besturen van uitvoeringsorganen of het adviseren daarover.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 106 negende lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 105 negende lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1995–2001
Product: voordracht
Waardering: B 1
(1377)
Handeling: Het houden van toezicht op de uitvoering van de wet- en regelgeving door het Landelijk instituut sociale verzekeringen.
Grondslag: Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening (Stb. 1995, 685), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 7 eerste lid;
Periode: 1997–2000
Product: Correspondentie
Waardering: V 10 jaar
(840)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de inrichting van de (jaar)verslagen, jaarrekeningen en periodieke balansen van de uitvoeringsorganen inzake de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 63 tweede lid, 87 derde en zesde lid en 90 derde lid
Periode: 1995–1997
Product: regeling, onder andere:
– Besluit inzake de jaarrekening van bedrijfsverenigingen (Stcrt. 1995, 100)
– Besluit jaarrekening en jaarverslag uitvoeringsinstanties (Stcrt. 1995, 251)
Opmerking: Onder de nOsv (1995–1997) werden de regels voor jaarverslagen en jaarrekeningen door het Ctsv vastgesteld, in de Osv 1997 werd is deze bevoegdheid weer bij de minister gelegd.
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(842)
Handeling: Het opstellen, vaststellen en uitbrengen van een jaarverslag en jaarrekening, of meerjarenbeleidsplan aan de minister en/of het toezichthoudende orgaan.
Opmerking: Hieronder worden ook verstaan jaarverslagen van commissies en kamers. Sinds de inwerkingtreding van de nOsv worden het jaarverslag en de jaarrekening van de SVB en het Tica/Lisv aan het College van toezicht sociale verzekeringen uitgebracht. Deze brengt vervolgens verslag uit aan de minister.
(843)
Handeling: Het geven van opdracht tot een accountantsonderzoek van de jaarrekeningen.
Handeling: Het verslag uitbrengen aan de minister omtrent de stand van zaken van de verschillende sociale verzekeringen
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 12 onder c
Periode: 1995–1997
Product: verslag, onder andere:
Opmerking: Door het Ctsv zijn rapportages opgesteld die soms per wet zijn ingedeeld soms over verschillende wetten gaan, die per kwartaal of jaar zijn opgesteld en die veelal een grote hoeveelheid statistisch materiaal bevatten. Vanaf 1992 is een aantal malen als totaaloverzicht de ‘Kroniek van de sociale verzekeringen’ uitgebracht.
Waardering: B 3
5.4. Uitvoerende organen
Actor: Sociale Verzekeringsbank
Algemene handelingen
(9)
Handeling: Het voeren van overleg met ministers en vertegenwoordigers van andere uitvoeringsorganen over aangelegenheden betreffende de sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Product: verslag, notulen, akkoord
Waardering: V 5 jaar Indien een hoger orgaan (minister, SVr, SER) betrokken was bij het overleg worden de stukken daar bewaard
B 1 Indien het betreffende orgaan het hoogst betrokken orgaan is
(24)
Handeling: Het desgevraagd of uit eigen beweging adviseren van of het verstrekken van inlichtingen aan de minister over de uitvoering van de sociale verzekeringswetten door de Sociale Verzekeringsbank [en de Raden van Arbeid].
Grondslag: o.a.: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 28 eerste lid onder c (b.w. Stb. 1997, 95); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 25 onder d (b.w. Stb. 2001, 625); Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 226 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 624); Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 6 zesde lid, art. 37 tweede lid (b.w. Stb. 1952, 343); Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 32 tweede lid (b.w. 1986, 656); Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 46 tweede lid (b.w. Stb. 1986, 656); Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 29 tweede lid (b.w. 1986, 656); Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 34 eerste lid onder c
Periode: 1940–
Product: advies
Opmerking: De adviestaak van de SVB strekte zich ook uit over de uitvoering van de sociale verzekeringen door de Raden van Arbeid. Daarnaast werd ook door de Vereniging van Raden van Arbeid advies uitgebracht aan de minister of de SVB.
Waardering: B 1
(29)
Handeling: Het deelnemen aan advies- en overlegcommissies waarvan het voorzitterschap en/of secretariaat niet bij de eigen instelling berust.
Periode: 1945–
Product: lidmaatschapsarchief
Waardering: V 5 jaar, tenzij voorzitterschap B 1
(32)
Handeling: Het oprichten en in stand houden van privaatrechtelijke instellingen op het gebied van de sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Product: oprichtingsakte, statuten, verslaglegging naar de oprichters bijv. jaarverslagen
Opmerking: Voorbeelden van dergelijk rechtspersonen zijn de Stichting Bureau voor Duitse Zaken, de Stichting Bureau voor Belgische Zaken, het Voorlichtingscentrum Sociale Verzekering (VSV) en de Stichting Opleiding Sociale Verzekering (SOSV).
Waardering: B 4
(34)
Handeling: Het verlenen van subsidies (of bijdragen voor de instandhouding) aan instellingen die een adviserende of uitvoerende taak hebben op het terrein van de sociale verzekeringen.
Opmerking: Onder andere aan de door de uitvoeringsorganen opgerichte rechtspersonen (bijv. het Voorlichtingscentrum Sociale Verzekering) worden instandhoudingsbijdragen verstrekt. Het SVB is ook medesponsor van het International Sociale Security Association (ISSA) te Genève.
Er kunnen ook subsidies verstrekt worden voor (wetenschappelijk) onderzoek.
Waardering: V 10 jaar
Internationale aspecten
(38)
Handeling: Het deelnemen aan internationale overlegstructuren op het gebied van de uitvoering van de sociale verzekeringen.
Bron: interview W.L.G. Franssen
Periode: 1940–
Product: lidmaatschapsarchief
Opmerking: Als belangrijkste internationale organisaties kunnen genoemd worden de International Social Security Association (ISSA) en het Europees Instituut voor Sociale Zekerheid.
Waardering: V 10 jaar
(41)
Handeling: Het adviseren van de Ministers van Sociale Zaken en/of van Volksgezondheid over de totstandkoming van verdragen met bijbehorende akkoorden of regelingen.
Handeling: Het opstellen van protocollen met buitenlandse zusterorganisaties die bindende afspraken bevatten betreffende de uitvoering van verdragen en akkoorden inzake sociale zekerheid
Grondslag: Internationale verdragen en administratieve akkoorden
Periode: 1945–
Product: protocol
Waardering: B 5
(43)
Handeling: Het maken van afspraken met instellingen en zusterorganisaties in (voormalige) rijksdelen over de uitvoering van de sociale zekerheidswetgeving.
Bron: interview W.L.G. Franssen
Product: afspraken, correspondentie
Opmerking: De afspraken die met instellingen en zusterorganisaties in (voormalige) rijksdelen gemaakt worden, berusten niet op verdragen of akkoorden en zijn niet bindend. Zij komen voort uit de bijzondere verhouding die er tussen de rijksdelen bestaat en de bijzondere positie van betrokkenen (bijv. geremigreerden).
Waardering: B 5
(48)
Handeling: Het aansturen van sociaal attachés.
Bron: interview W.L.G. Franssen
Periode: 1993–
Product: aanstelling, instructies
Opmerking: In enkele landen (Marokko, Turkije, Zuid-Afrika, Suriname en Spanje) zijn bij de Nederlandse ambassades attachés aangesteld die ter plaatse taken vervullen op het gebied van de uitvoering van sociale verzekeringen. Na de scheiding van beleid en uitvoering bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is de aansturing van deze attachés overgenomen door de Sociale Verzekeringsbank. Andere uitvoeringsorganen kunnen gebruik maken de diensten van de attachés.
Waardering: B 4 & 5
(51)
Handeling: Het verrekenen van verleende uitkeringen en geneeskundige verstrekkingen met uitvoeringsorganen in andere EU-lidstaten en andere verdragsstaten.
Grondslag: Toepassingverordening 4/58 (PB EG 1958, 30) art. 74 en 75; Verordening van de Raad (EU) tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening nr. 1408/71, nr. 574/72 (PB EG 1972, L 74) art. 93–105; bi- en multilaterale verdragen
Periode: 1958–
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 10 jaar
(53)
Handeling: Het verstrekken van detacheringsbewijzen op verzoek van een werknemer of zijn werkgever of een zelfstandige en het ten behoeve van detacheringsbewijzen (voor Nederlanders en buitenlanders) sluiten van overeenkomsten met buitenlandse autoriteiten of instellingen.
Grondslag: o.a.: Verordening van de Raad (EEG) betreffende de toepassing van de sociale zekerheidsregelingen op werknemers en zelfstandigen, alsmede hun gezinsleden, die zich binnen de Gemeenschap verplaatsen, nr. 1408/71 (PB EG 1971, L 149) art. 14–14ter en 17; Verordening van de Raad (EEG) tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening nr. 1408/71, nr. 574/72 (PB EG 1972, L 74) art. 11, 11bis en 13; bi- en multilaterale verdragen; Besluit internationale taken SVB (Stcrt. 1995, 197) art. 1 en 2
Periode: 1995–
Product: beschikking, overeenkomst
Opmerking: Onder detacheringsbewijs wordt verstaan: een verklaring dat een werknemer of zelfstandige aan Nederlandse sociale zekerheidsregelingen onderworpen blijft bij detachering in het buitenland.waardering: V 5 jaar na bereiken van de 65-jarige leeftijd of overlijden
(54)
Handeling: Het afgeven van verklaringen voor diplomatiek en consulair personeel.
Grondslag: bi- en multilaterale verdragen
Periode: 1995–
Product: verklaring
Waardering: V 5 jaar na bereiken van de 65-jarige leeftijd of overlijden
(55)
Handeling: Het geven van voorlichting over de verstrekking van detacheringsbewijzen en over het daarvoor sluiten van overeenkomsten met buitenlandse instanties inzake toepasselijke wetgeving op het gebied van de sociale zekerheid.
Grondslag: Besluit internationale taken SVB (Stcrt. 1995, 197) art. 1 onder c
Periode: 1995–
Product: voorlichtingsmateriaal, inlichtingen
Waardering: V 5 jaar, een exemplaar van het voorlichtingmateriaal blijft bewaard
Ongevallenwetten
(68)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de vaststelling van het dagloon voor toepassing van de Ongevallenwetten.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) zoals gewijzigd (Stb. 1939, 803) art. 7a tweede lid, gewijzigd (Stb. 1953, 578) art. 7 achtste lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) zoals gewijzigd (Stb. 1939, 804) art. 6 tweede lid, gewijzigd (Stb. 1953, 578) art. 7 achtste lid
Periode: 1945–1965
Product: regeling, ‘Dagloonbesluiten’
Waardering: B 5
(74)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels voor procedures en van formulieren voor de uitvoering van de ongevallenwetten
Grondslag: o.m.: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 32 tweede lid, 44 tweede lid en 66 vierde lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 53, 55 tweede lid, 61 derde lid, 62 tweede lid en 82 tweede lid (b.w. Stb. 1953, 578); Besluit van 15 juli 1922 (Stb. 1922, 451) art. 39; Besluit van 27 mei 1924 (Stb. 1924, 267) art. 1 en 2; Besluit tijdelijke uitkering bij bijzondere werktijdregeling (Stb. 1961, 299) art. 5 en 6
Periode: 1945–1967
Product: regeling
Waardering: V 5 jaar
(75)
Handeling: Het opstellen van beleidsregels en geven van voorschriften aan de Raden van Arbeid omtrent de uitvoering van de Ongevallenwet 1921.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 111 tweede lid; Besluit van 15 juli 1922 (Stb. 1922, 451)
Periode: 1945–1967
Product: voorschriften
Waardering: B 5
(80)
Handeling: Het vaststellen van voorschriften voor de geneeskundige controle van arbeidsongeschikten.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 27 tweede lid; Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 50 tweede lid
Periode: 1945–1967
Product: controlevoorschriften onder andere
– Controle-voorschriften (Stcrt. 1950, 158)
– Besluit van 10 maart 1956 (Stcrt. 1956, 66)
Waardering: V 5 jaar
(83)
Handeling: Het registreren van deskundigen die genees- en heelkundige hulp kunnen verlenen bij bedrijfsongevallen en van apothekers en handelaars in heel- en verbandmiddelen.
Grondslag: Besluit van 3 september 1921 (Stb. 1921, 1043) art. 2–5, 18–21; Besluit van 12 maart 1923 (Stb. 1923, 63) art. 3–6, 17–21
Periode: 1945–1967
Product: registers
Waardering: V 5 jaar
(87)
Handeling: Het indelen van een verzekeringsplichtig bedrijf in een bepaalde gevarenklasse.
Opmerking: Veel van het controleonderzoek van de door het verzekeringsplichtige bedrijf verstrekte gegevens werd door de Raden van Arbeid verricht.
Waardering: V 5 jaar
(89)
Handeling: Het verlenen van machtiging aan werkgevers het ongevallenrisico zelf te dragen dan wel dit over te dragen aan een verzekeringsmaatschappij of andere rechtspersoon.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 54 eerste lid; Besluit van 21 januari 1922 (Stb. 1922, 26) art. 12b onder 2, art. 22 en 23
Periode: 1945–1965
Product: beschikking
Opmerking: Als voorwaarde voor het verkrijgen van de machtiging diende de werkgever of de verzekeringsmaatschappij of andere rechtspersoon aan de Bank een pand in de vorm van gelden of fondsen in bewaring te geven.
Waardering: V 5 jaar
(95)
Handeling: Het toekennen van geneeskundige hulp, uitkeringen en renten ingevolge de Ongevallenwet en registreren van bedrijfsongevallen.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 14–17, 19, 25, 27–27d, 28a, 68 en 70–75; Besluit van 3 september 1921 (Stb. 1921, 1043) art. 8 e.v.; Wetten tot verhoging van (ongevals)uitkeringen
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Opmerking: Een medisch onderzoek kan onderdeel zijn van de toekenning. Het onderzoek werd gedaan door de medisch adviseur of controlerend-geneeskundigen van de Bank. Zij konden de getroffene oproepen voor onderzoek en voorschriften geven, waaraan de getroffene zich diende te houden (ter bespoediging van de genezing).
Waardering: V 5 jaar
(96)
Handeling: Het toekennen van geneeskundige hulp, uitkeringen en renten ingevolge de Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 en registreren van bedrijfsongevallen.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 35–41, 50–50c en 66–73; Besluit van 12 maart 1923 (Stb. 1923, 63) art. 9, 15–16 en 24–26; Wetten tot verhoging van (ongevals)uitkeringen
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Opmerking: Een medisch onderzoek kan onderdeel zijn van de toekenning. Het onderzoek werd gedaan door de medisch adviseur of controlerend-geneeskundigen van de Bank of de bedrijfsvereniging. Zij konden de getroffene oproepen voor onderzoek en voorschriften geven, waaraan de getroffene zich diende te houden (ter bespoediging van de genezing).
Handeling: Het aangaan van overeenkomsten met werkgevers en ondernemingen inzake de geneeskundige behandeling aan werknemers en de vergoeding daarvoor.
Grondslag: Besluit van 3 september 1921 (Stb. 1921, 1043) art. 28
Periode: 1945–1967
Product: overeenkomst
Waardering: V 10 jaar
(102)
Handeling: Het vaststellen en innen van verschuldigde schadeloosstellingen en administratiekosten van werkgevers die het ongevallenrisico zelf dragen, dan wel overgedragen hebben aan een verzekeringsmaatschappij of andere rechtspersoon.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 57, 60 tweede en vijfde lid en 62 tweede en derde lid
Periode: 1945–1967
Product: beschikking, financiële bescheiden
Waardering: V 5 jaar
(104)
Handeling: Het uitoefenen van toezicht op de naleving van de voorschriften van de Ongevallenwet bij de werkgevers.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 88 eerste lid; Besluit van 15 juli 1922 (Stb. 1922, 451) art. 2; Besluit van 9 januari 1923 (Stb. 1923, 3); Besluit van 3 september 1921 (Stb. 1921, 1043) art. 14
Periode: 1945–1967
Product: bezoekrapporten
Waardering: V 5 jaar
(106)
Handeling: Het afgeven van een verklaring van erkenning van de geneeskundige dienst van een onderneming.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) zoals gewijzigd (Stb. 1928, 166) art. 80a, 80b, 80c eerste lid en 80n eerste lid
Periode: 1945–1967
Product: verklaring van erkenning
Opmerking: Een geneeskundige dienst kon verbonden zijn aan meer dan één onderneming.
Waardering: V 5 jaar
(107)
Handeling: Het geven van aanwijzingen aan ondernemingen in verband met de uitvoering van de Ongevallenwet door de aan de onderneming verbonden geneeskundige dienst.
Grondslag: Besluit van 21 november 1928 (Stb. 1928, 425) art 1a, 2 en 5; Besluit van 21 november 1928 (Stb. 1928, 426) art. 5
Periode: 1945–1967
Product: aanwijzingen
Waardering: V 5 jaar
(108)
Handeling: Het beslissen op bezwaarschriften van werknemers tegen onvoldoende behandeling van een aan de onderneming verbonden geneeskundige dienst.
Handeling: Het verrekenen van gelden, overdragen van contante waarden van verplichtingen ingevolge de Liquidatiewet Ongevallenwetten en het overdragen van vermogensoverschotten van de ongevallenfondsen.
Grondslag: Liquidatiewet ongevallenwetten (Stb. 1967, 99) art. 25 tweede lid, 28, 29 en 30; Besluit overdracht contante waarde verplichtingen ongevallenverzekering aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 339) art. 13–26; Besluit overdracht contante waarde gehandhaafde bijslagen op ongevalsuitkeringen aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 431)
Periode: 1967–1975
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 5 jaar
Invaliditeitswetten
(134)
Handeling: Het (bij amvb) vaststellen van modellen van formulieren, kaarten, zegels en andere administratieve zaken ten behoeve van de uitvoering van de Invaliditeitswet.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 18 vierde lid, 34, 230 derde en vierde lid, 231 eerste lid 243, 255; Koninklijk besluit van 10 juni 1919 (Stb. 1919, 324) art. 1, 3, 4, 6, 11, 14, 17, 19, 21, 24, 25, 27 en 28 (gewijzigd Stb. 1950, 292)
Periode: 1945–1990
Product: regeling
Waardering: B 5
(136)
Handeling: Het opstellen van beleidsregels en geven van voorschriften aan de Raden van Arbeid ten aanzien van de uitvoering van de invaliditeitswetten.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 23; Koninklijk besluit van 22 november 1951 (Stb. 1951, 507) art. 2
Periode: 1945–1988
Product: regeling
Waardering: B 5
(141)
Handeling: Het toekennen van invaliditeits-, ouderdoms-, weduwen- of wezenrente ingevolge de Invaliditeitswetten.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 136, 168 eerste lid, 169 derde lid, 170, 172, 294 en 311; Wet tot aanvulling van renten krachtens de Invaliditeitswet (Stb. 1948, I 308) art. 1–10; Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 11–14, 26; Wetten tot verhoging van (invaliditeits)uitkeringen
Periode: 1945–1996
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(144)
Handeling: Het geven van toestemming voor geneeskundige behandeling van een verzekerde ingevolge de Invaliditeitswet.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 99–107; Besluit van 17 september 1921 (Stb. 1921, 809) art. 6–10
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(149)
Handeling: Het vergoeden van reis- en verblijfkosten en kosten voor tijdverlies aan personen die door de Bank of de Raad van Arbeid als getuige zijn opgeroepen.
Grondslag: Koninklijk besluit van 11 oktober 1919 (Stb. 1919, 599) art. 4–6
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(150)
Handeling: Het verlenen van toelagen aan instellingen voor de verpleging van zieken.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 122 eerste lid
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(153)
Handeling: Het toezien op de invaliditeits- en ouderdomsfondsen van publiekrechtelijke lichamen en van ondernemingen.
Grondslag: Koninklijk besluit van 28 november 1919 (Stb. 1919, 791; herplaatst Stb. 1938, 879b) art. 29–45
Periode: 1945–1967
Product: rapportage
Waardering: V 5 jaar
(157)
Handeling: Het uitkeren van afkoopsommen ingevolge de Liquidatiewet invaliditeitswetten.
Grondslag: Liquidatiewet invaliditeitswetten (Stb. 1964, 488) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 307) art. 24–29 en zoals gewijzigd (Stb. 1976, 296) art. 32c–32e en zoals gewijzigd (Stb. 1990, 145) art. 32p; Besluit afkoop verzekeringen Invaliditeitswet (Stb. 1967, 337) art. 2–3; Regeling aanwijzing uitvoeringsorgaan uitbetaling afkoopsommen invaliditeitswetten (Stcrt. 1976, 142)
Periode: 1967–1996
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(159)
Handeling: Het overdragen van contante waarden van verplichtingen ingevolge de Liquidatiewet invaliditeitswetten.
Grondslag: Besluit overdracht contante waarde verplichtingen invaliditeitsverzekering aan het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Stb. 1967, 430) art. 3–12
Periode: 1967–1990
Product: beschikkingen, financiële bescheiden
Waardering: V 5 jaar
Ouderdomswet 1919
(161)
Handeling: Het vaststellen van de modellen van formulieren, kaarten, registers enz. voor de uitvoering van de Ouderdomswet 1919.
Grondslag: onder meer: Tariefbesluit V.O.V. (Stb. 1921, 538) art. 4, 5, 6, 8, 9, 10, 12, 13, 19, 23, 24, 27, 35, 41, 43 en 46; Besluit van 16 januari 1920 (Stb. 1920, 23) art. 6; Besluit van 18 januari 1921 (Stb. 1921, 32) art. 6
Periode: 1945–1990
Product: regeling
Waardering: B 5
(162)
Handeling: Het opstellen van beleidsregels en geven van voorschriften aan de Raden van Arbeid ten aanzien van de uitvoering van de Ouderdomswet 1919.
Grondslag: onder andere: Tariefbesluit V.O.V. (Stb. 1921, 538) art. 73
Periode: 1945–1990
Product: regeling
Waardering: B 5
(166)
Handeling: Het verlenen van ontheffing van de verplichtingen tot premiebetaling aan een invalide verzekerde.
Grondslag: Ouderdomswet 1919 (Stb 1919, 628) art. 19 eerste lid
Periode: 1945–1990
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(167)
Handeling: Het toekennen en uitbetalen van renten en afkoopsommen.
Handeling: Het goedkeuren van regelingen en beschikkingen van de Raden van Arbeid inzake de beloning van agenten van de Vrijwillige Ouderdomsverzekering.
Grondslag: Besluit van 9 april 1938 (Stb. 1938, 881) art. 3, 6 en 9
Periode: 1945–1987
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(170)
Handeling: Het vaststellen van het bedrag dat door een Raad van Arbeid aan extra-afsluitprovisie uitgekeerd kan worden aan agenten van de Vrijwillige Ouderdomsverzekering.
Grondslag: Besluit van 9 april 1938 (Stb. 1938, 881) art. 3
Periode: 1945–1987
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(180)
Handeling: Het overdragen van afkoopsommen ingevolge de Liquidatiewet Ouderdomswet 1919 aan de Stichting Dienstverlening VOV.
Grondslag: Liquidatiewet Ouderdomswet 1919 (Stb. 1977, 671) zoals gewijzigd (Stb. 1987, 364) art. 17e
Periode: 1987–1990
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
Werknemers- en volksverzekeringen
(200)
Handeling: Het vervallen verklaren van de aanwijzing door een werkgever van een administratiekantoor.
Grondslag: Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 15 vierde lid
Periode: 1945–1952
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(329)
Handeling: Het goedkeuren en registreren van besluiten van Raden van Arbeid of bedrijfsverenigingen inzake de vrijstelling van personen van de ziekteverzekering.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 31 derde en vijfde lid, gewijzigd (Stb. 1952, 474); Besluit van 30 maart 1935 (Stb. 1935, 165) art. 2;
Periode: 1945–1952
Product: beschikking
Opmerking: Het betrof hier met name personen met een slepende ziekte en lichamelijk of verstandelijke gehandicapte personen. De Sociale Verzekeringsbank c.q. de Sociale Verzekeringsraad hield een register bij.
Waardering: V 5 jaar na overlijden of het bereiken van de 65-jarige leeftijd
(364)
Handeling: Het toekennen van voorzieningen tot behoud, herstel of ter bevordering van arbeidsgeschiktheid, genees- en heelkundige voorzieningen en voorzieningen tot verbetering van de levensomstandigheden aan personen die deze voorzieningen genoten op grond van de invaliditeits- of ongevallenwetten en op grond van de Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering hier niet langer recht op hebben.
Grondslag: Besluit uitvoering afwikkeling liquidatieuitkeringen en voorzieningen (Stb. 1967, 453) art. 16–17 en 20
Periode: 1967–1976
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(386)
Handeling: Het vaststellen van de hoogte van de jaarlijkse bijdrage van de Raden van Arbeid en de bedrijfsverenigingen aan het Profylaxefonds.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 125 derde lid; Besluit van 3 januari 1931 (Stb. 1931, 2) art. 3
Periode: 1945–1950
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(979)
Handeling: Het verlenen van vrijstelling (met terugwerkende kracht) aan een ingezetene, die aanspraak heeft op een uitkering ingevolge een buitenlandse wettelijke regeling inzake sociale zekerheid of ingevolge een regeling van een volkenrechtelijke organisatie, van de verzekeringsplicht ingevolge de volksverzekeringen.
Grondslag: Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1989 (Stb. 1989, 164) art. 24 eerste lid en 4;
Periode: 1989–
Product: vrijstelling
Waardering: V 10 jaar
(1099)
Handeling: Het behandelen van een verzoek van een onverzekerbaar persoon om voor een nabestaandenuitkering in aanmerking te komen.
Grondslag: Besluit ex artikel 66a ANW (Stb. 1998, 378), art. 3 eerste t/m vierde lid, art. 4 eerste lid, art. 7 eerste lid;
Periode: 1998–
Product: Correspondentie
Waardering: V 10 jaar
(405)
Handeling: Het opstellen van beleidsregels over de uitvoering van de volksverzekeringen.
Grondslag: o.a.: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 5 derde lid (b.w. Stb. 1987, 533); Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 6 derde lid (b.w. Stb. 1987, 533); Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 5 derde lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 16 derde lid; Algemene wet bestuursrecht (Stb. 1992, 315) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 333) art. 4:81
Periode: (1956) 1994–
Product: beleidsregels, voorschriften, aanwijzingen, onder andere:
Opmerking: Beleidsregels hebben betrekking op de wijze van uitvoering van discretionaire bepalingen, maar ook op de uitleg van wettelijke bepalingen en jurisprudentie. Bij een aantal sociale verzekeringen functioneerde een adviescommissie die bestond uit vertegenwoordigers van de verschillende organen.
De beleidsregels werden daadwerkelijk pas vanaf 1994 door de SVB gebun-deld gepubliceerd. De laatste jaren worden zij uitgegeven in boekvorm en in de handel gebracht i.s.m. uitgeverij Koninklijke Vermande.
Waardering: B 5
(406)
Handeling: Het geven van aanwijzingen en voorschriften aan de Raden van Arbeid inzake de toepassing van bepalingen uit de verschillende sociale verzekeringswetten.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 69; Beschikking van de waarnemend Secretaris-Generaal van Sociale Zaken van 26 september 1940, nr. 3539 (Stcrt. 1940, 188); Beschikking van de Minister van Sociale Zaken van 3 juni 1947, nr. 6197 (Stcrt. 1947, 108) art. 2–3
Periode: 1945–1988
Product: voorschriften, circulaires
Opmerking: Voor het geven van de voorschriften werd de Raad van Toezicht, na 1953 de Sociale Verzekeringsraad om advies gevraagd.
Waardering: B 5
(408)
Handeling: Het vaststellen van modellen van formulieren voor registratie, aanvraag en toekenning van uitkeringen, enz.
Grondslag: o.a.: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 8; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 12 tweede lid, vernummerd (Stb. 1980, 1) art. 14 tweede lid, vernummerd (Stb. 1991, 669) derde lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 23 tweede lid (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1947–
Product: model-formulier
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(412)
Handeling: Het vrijstellen van verzekering ingevolge de AOW, AWW/Anw en de AAW van personen die een uitkering ontvangen ingevolge een buitenlandse wettelijke regeling inzake sociale zekerheid of ingevolge een regeling van een volkenrechtelijke organisatie.
Grondslag: Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1989 (Stb. 1989, 164) art. 24 (b.w. Stb. 1998, 746);
Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 (Stb. 1998, 746), art. 18 eerste lid en 22 eerste lid;
Periode: 1989–
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar na overlijden
(413)
Handeling: Het registreren van verzekerden ingevolge de volksverzekeringen.
Product: VZA-register
Opmerking: Men gaat bij de volksverzekeringen uit van een negatieve registratie; via het bevolkingsregister is iedereen te traceren. Personen die echter voor een bepaalde tijd in het buitenland wonen en werken zullen gedurende die periode niet verzekerd zijn. In veel gevallen zijn zij dan verzekerd door een sociale verzekering van het desbetreffende land. Zij kunnen zich echter via de vrijwillige verzekering bijverzekeren. Mededelingen hierover worden geregistreerd bij afdeling basisadministratie verzekerden (BAV) van de Sociale Verzekeringsbank in het VZA-register, zodat bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd, of in geval van overlijden van de partner het recht op pensioen of uitkering vastgesteld kan worden.
Waardering: V 5 jaar na overlijden
(414)
Handeling: Het aanmerken van personen als verzekerde of vrijgestelde van de verplichte verzekering uit billijkheidsoverwegingen.
Grondslag: Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1989 (Stb. 1989, 164) art. 25 (b.w. Stb. 1998, 746);
Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 (Stb. 1998, 746), art. 24 eerste lid;
Periode: 1989–
Product: beschikking
Opmerking: De besluiten van de Sociale Verzekeringsbank worden in de Staatscourant gepubliceerd.
Waardering: B 5
(416)
Handeling: Het herzien van beschikkingen van Raden van Arbeid inzake de toekenning, weigering of intrekking van ouderdomsuitkeringen ingevolge de Noodwet Ouderdomsvoorziening.
Grondslag: Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 11 derde lid en 31 tweede lid
Periode: 1947–1956
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(417)
Handeling: Het toekennen, weigeren, herzien en intrekken van pensioenen en uitkeringen ingevolge de AOW.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 11 en 13–15, gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 14, 16–18, gewijzigd (Stb. 1998, 742; 2001, 67) en 19a; Wet van 16 december 1965 (Stb. 1965, 648) art. 5; Wet van 8 december 1966 (Stb. 1966, 545) art. 5; Wet van 12 november 1969 (Stb. 1969, 537) art. 5; Wet van 12 november 1969 (Stb. 1969, 537), art. 5
Handeling: Het beslissen op verzoeken van zelfstandigen om herziening van een beslissing van de Raden van Arbeid inzake het recht op kinderbijslag.
Grondslag: Noodwet Kinderbijslag Kleine Zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 18 tweede lid
Periode: 1951–1962
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(421)
Handeling: Het bemiddelen bij Nederlandse en buitenlandse organisaties in geval van kennelijke onredelijkheid bij een gevalsbehandeling waarbij buitenlandse organisaties betrokken zijn.
Bron: interview W.L.G. Franssen
Product: bemiddelingsdossier
Waardering: B 5
(422)
Handeling: Het betaalbaar stellen van pensioenen en uitkeringen ingevolge de volksverzekeringen.
Handeling: Het verlenen van vergunningen aan fondsen en instellingen om pensioenen ingevolge de AOW en AWW en renten ingevolge de IW uit te betalen.
Grondslag: Regeling van de Minister, c.q. Staatssecretaris van Sociale Zaken van 2 januari 1957, nr. 5640; Regeling van 1 oktober 1959, nr. 3790 (Stcrt. 1959, 192); Regeling van 28 februari 1968, nr. 51.086 (Stcrt. 1968, 53); Regeling van 16 september 1976, nr. 54 348 (Stcrt. 1976, 192); Regeling van 20 juni 1985, nr. SV/85/1335 (Stcrt. 1985, 123)
Periode: 1957–
Product: vergunning
Opmerking: Ten aanzien van de intrekking of weigering van een vergunning was de goedkeuring van de minister, vanaf 1968 de Sociale Verzekeringsraad vereist.
Waardering: V 10 jaar
(424)
Handeling: Het sluiten van contracten met buitenlandse banken en instellingen inzake de uitbetaling van uitkeringen ingevolge de sociale zekerheidswetgeving aan gerechtigden die in het buitenland wonen.
Periode: 1945–
Product: contracten
Waardering: V 10 jaar
(426)
Handeling: Het verhalen van kosten die op grond van de Algemene nabestaandenwet gemaakt worden op degene, die door zijn onrechtmatig handelen er de oorzaak van is dat een nabestaande of wees een beroep moet doen op de Anw.
Opmerking: Het recht van de Sociale Verzekeringsbank tot verhaal zoals hier omschreven wordt het regresrecht genoemd.
Waardering: V 5 jaar
(427)
Handeling: Het verrichten van onderzoek bij klanten naar dienstverlening door de Sociale Verzekeringsbank.
Bron: interview
Periode: ca. 1980–
Product: rapporten
Opmerking: Door de Sociale Verzekeringsbank worden onder andere tevredenheidsonderzoeken verricht naar de dienstverlening door de Sociale Verzekeringsbank en communicatieonderzoeken waarin de brochures, formulieren en mailings op hun inhoud en effectiviteit worden getoetst.
Waardering: V 5 jaar het verrichten van onderzoek (onderzoeksgegevens)
B 3 het opstellen van het rapport
(428)
Handeling: Het verstrekken van tegemoetkomingen aan ouders of verzorgers van thuiswonende meervoudig of ernstig gehandicapte kinderen.
Handeling: Het – met instemming van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport – sluiten van een contract met een landelijk opererende onafhankelijke en deskundige organisatie die van advies dient bij de vaststelling of een kind meervoudig dan wel ernstig lichamelijk gehandicapt is.
Handeling: Het vaststellen van controlevoorschriften voor de uitvoering van de volksverzekeringen.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 248; Stb. 1997, 96) art. 15 eerste lid; Algemene Nabestaandenwet (Stb. 1995, 690) art. 36 eerste lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 15 eerste lid; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) zoals gewijzigd (Stb. 1991, 669 en Stb. 1997, 96) art. 16 eerste lid en (sinds Stb. 1994, 916) art. 17 tweede lid (b.w. Stb. 1996, 248)
Opmerking: Hieronder valt ook het melden of gemeld worden van onrechtmatigheden van belanghebbenden en/of verzekerden in het kader van de Wet SUWI. Het opsporingsbeleid werd pas vanaf 1994 gestructureerd ter hand genomen in het kader van het Handhavingsbeleid. Tot 1994 vonden slechts incidenteel opsporingsonderzoeken plaats.
Het opsporingsonderzoek wordt verricht door sociaal rechercheurs en afgesloten met een aangifte bij het openbaar ministerie of het melden dat een het onderzoek afgesloten wordt zonder aangifte.
De fraudeonderzoeken worden door de Sociale Verzekeringsbank in het ROF-kaartsysteem geregistreerd. Vanaf 2002 worden de fraudeonderzoeken geregistreerd in het systeem FRES (Fraude Registratie Systeem).
Waardering: V 8 jaar na afsluiten dossier
(441)
Handeling: Het maken van bindende afspraken met buitenlandse uitvoeringsorganisaties over internationale rechtshandhaving ingevolge de sociale zekerheidswetgeving.
Opmerking: Vanaf ca. 1960 werden met veel landen sociale zekerheidsverdragen gesloten, als gevolg waarvan incidenteel met de buitenlandse verbindingsorganen werd samengewerkt op het gebied van fraude en opsporing. Pas na 1994 kwamen meer bindende afspraken tot stand en werd de internationale rechtshandhaving gestructureerd aangepakt, als gevolg van het Handhavingsbeleid. Vanaf 2000 werden met veel landen specifieke handhavingsverdragen gesloten, in het ka-der van de Wet Beperking Export Uitkeringen (Wet BEU).
Waardering: B 5
(1178)
Vervallen
Rechtsbescherming
(452)
Handeling: Het beslissen op bezwaarschriften en het behandelen van beroepszaken met betrekking tot de uitvoering van de sociale verzekeringswetten/werknemers-verzekeringen.
Grondslag: o.a.: Ziektewet (Stb. 1913, 204), gewijzigd (Stb. 2001, 695), art. 73a; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 40; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 52; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 33; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 38; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd Stb. 2001, 695), art. 87g eerste en tweede lid;Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 695), art. 127b eerste en tweede lid; Algemene wet bestuursrecht (Stb. 1992, 315); Organisatiewet Sociale Verzekeringen (Stb. 1997, 95), art. 55 (b.w. St. 2001, 625); Wet premieregime bij marginale arbeid (Stb. 1997, 96), art. 9, art. 9a; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 50 tweede en derde lid;
Periode: 1956–
Product: beschikking, beroepschrift, bezwaar- en beroepsdossiers
Opmerking: In veel gevallen sluit deze handeling aan op de toekenning c.q. weigering van de uitkering of het opleggen van een premienota.
Waardering: V 5 jaar na beëindiging recht
(453)
Handeling: Het beslissen op bezwaren tegen door uitvoeringsinstanties voorgestelde medische behandelingen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 32 derde lid, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 28 derde lid
Periode: 1945–1997
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(454)
Handeling: Het beslissen op door bedrijven ingediende bezwaren tegen het verstrekken van inlichtingen met betrekking tot de uitvoering van de Ziektewet.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 12 vierde lid (b.w. Stb. 1952, 343)
Periode: 1945–1952
Product: besluit
Waardering: V 7 jaar
(466)
Handeling: Het aangaan van een overeenkomst met een vereniging van apothekers of handelaars in geneesmiddelen inzake het instellen van een scheidsgerecht voor het beslechten van geschillen tussen partijen.
Grondslag: Besluit van 3 september 1921 (Stb. 1921, 1043) zoals gewijzigd (Stb. 1927, 28) art. 27a; Besluit van 12 maart 1923 (Stb. 1923, 63) art. 27b
Periode: 1945–1967
Product: overeenkomst
Waardering: B 5
(471)
Handeling: Het behandelen van klachten over gedragingen van (het personeel van) het uitvoeringsorgaan bij de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Opmerking: Indien de klager over de afhandeling van de klacht door het uitvoeringsorgaan niet tevreden is kan hij zijn beklag doen bij de klachtencommissie van de Sociale Verzekeringsraad, sinds 1995 bij de Nationale ombudsman. Jaarlijkse evaluaties van de klachtenbehandeling worden gebruikt als basis voor het beleid en zijn terug te vinden bij handeling nr. 669.
Waardering: V 5 jaar
(1184)
Handeling: Het instellen van beroep bij de Centrale Raad van beroep tegen een besluit genomen door de minister met betrekking tot de vaststelling van het budget uitvoeringskosten en de budgetdiscipline.
Product: Beroepsschrift
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 83
Waardering: B 5
Financiering
(480)
Handeling: Het aan bedrijven of ondernemingen verlenen van ontheffing van de wettelijke bepalingen ten aanzien van de vaststelling van lonen of de loonadministratie.
Handeling: Het vaststellen van de hoogte van de premie voor de Land- en Tuinbouwongevallenverzekering.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 85–87
Periode: 1945–1953
Product: beschikking
Waardering: B 5
(486)
Handeling: Het vaststellen en innen van de door de werkgever verschuldigde premies en het verrekenen van te veel of te weinig betaalde premie.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 48, 50 (b.w. Stb. 1953, 578); Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 84; Besluit van 15 juli 1922 (Stb. 1922, 451) art. 16–25
Periode: 1945–1953
Product: beschikking
Opmerking: De hoogte van de premie werd vastgesteld aan de hand van de door de werkgever ingediende loonlijsten. Deze lijsten werden bij de Raden van Arbeid ingediend, die ook de controle uitoefende.
Waardering: V 5 jaar
(487)
Handeling: Het toelaten van een werkgever tot de vrijwillige ongevallenverzekering.
Grondslag: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 87; Besluit van 15 juli 1922 (Stb. 1922, 451) art. 33–37; Besluit van 20 augustus 1928 (Stb. 1928, 337) art. 7 en 8; Besluit van 20 augustus 1928 (Stb. 1928, 338) art. 7 en 8
Periode: 1945–1965
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(496)
Handeling: Het verlenen van vergunningen aan bedrijfsverenigingen om de premie ingevolge de Invaliditeitswet voor werknemers die een uitkering ingevolge de Ziektewet of de Werkloosheidswet genieten door de bedrijfsverenigingen te laten voldoen.
Grondslag: Koninklijk besluit van 1 oktober 1953 (Stb. 1953, 470) art. 2
Periode: 1953–1965
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(497)
Handeling: Het vaststellen van de kosten van de premiebetaling ingevolge de Invaliditeitswet door bedrijfsverenigingen.
Grondslag: Koninklijk besluit van 2 oktober 1953 (Stb. 1953, 470) art. 10
Periode: 1953–1965
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(499)
Handeling: Het adviseren van de minister over de vaststelling van het premiepercentage voor de uitvoering van de Interimwet invaliditeitsrentetrekkers.
Grondslag: Interimwet invaliditeitsrentetrekkers (Stb. 1962, 534) art. 35 tweede lid
Periode: 1962–1965
Product: ministeriële regeling
Waardering: V 3 jaar
(504)
Handeling: Het doen van voorstellen aan de SVr voor regels inzake het al dan niet toerekenen van inkomsten uit fooien en dergelijke aan het loon.
Handeling: Het, in overeenstemming met de SVr, vaststellen van voorschriften voor de loonadministratie van werkgevers.
Grondslag: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 10 (b.w. Stb. 1987, 477); Beschikking tot vaststelling van regelen ten aanzien van de loonadministratie (Stcrt. 1954, 1)
Periode: 1953–1966
Product: voorschriften
Opmerking: Van verschillende voorschriften m.b.t. de loonadministratie, zoals het bijhouden van de verschillende loonstaten, kon door de inspecteur der belastingen in overeenstemming met de uitvoeringsorganen ontheffing verleend worden.
Waardering: B 5
(533)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen en vanaf 2002 adviseren over het vaststellen van het premiepercentage voor de AOW, de AWW/Anw en (tot en met 1989) de kinderbijslagverzekeringen.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 28; gewijzigd (Stb. 1985, 181) art. 39 (b.w. Stb. 1989, 127); Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 42 (b.w. Stb. 1989, 127); Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 24 tweede lid; vernummerd (Stb. 1980, 1) art. 27 tweede lid (b.w. Stb. 1988, 631); Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 31 derde lid (b.w. Stb. 1979, 709); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 11 eerste lid
Periode: 1956–
Product: beschikking
Waardering: B 1
(539)
Handeling: Het schuldig nalatig verklaren van verzekerden die nalatig zijn geweest de premie voor de volksverzekeringen te betalen.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 33 eerste lid (b.w. Stb. 1989, 127) Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 18
Periode: 1956–
Product: beschikking
Opmerking: Het gevolg van het schuldig nalatig verklaren is een korting van de AOW-uitkering wegens het niet betalen van premie. De korting bedraagt 2% per jaar dat men nalatig is geweest.
Waardering: V 5 jaar na bereiken 65-jarige leeftijd of overlijden van verzekerde
(542)
Handeling: Het vaststellen en innen van premie van personen die vrijwillig verzekerd zijn ingevolge de AOW en de AWW/Anw.
Grondslag: Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281), gewijzigd (Stb. 2001, 212), art. 36 eerste en tweede lid, 37; Algemene Nabestaandenwet (STb. 1995, 690), gewijzigd (Stb. 2001, 212), art. 63b eerste en tweede lid, 63c; Besluit vrijwillige premiebetaling AOW (Stb. 1961, 56) art. 7; Besluit vrijwillige premiebetaling AOW en AWW (Stb. 1971, 798) art. 4 en 9; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 26 eerste lid onder a; Besluit vrijwillige verzekering AOW, AWW en AAW (Stb. 1990, 38) art. 4 en 10; Besluit vrijwillige verzekering AOW en ANW 2001 (Stb. 2001, 224), art. 2 t/m 7 en 9;
Periode: 1961–
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar na bereiken 65-jarige leeftijd of overlijden van verzekerde
(544)
Handeling: Het, onder goedkeuring van de minister, vaststellen van een premiepercentage voor de berekening van de overhevelingstoeslag als bedoeld in de Wet overhevelingstoeslag opslagpremies.
Grondslag: Wet aanpassing uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies (Stb. 1989, 127) art. 2 eerste lid
Periode: 1989–1995
Product: besluit
Waardering: B 1
(551)
Handeling: Het verlenen van ontheffing van de verplichtingen ingevolge sociale verzekeringswetten wegens gemoedsbezwaren.
Opmerking: De verzoeken konden aanvankelijk alleen bij de Raden van Arbeid ingediend worden, na 1952 (OSV) bij de bedrijfsverenigingen of de Raden en vanaf 1971 in principe bij de Raden. Na de opheffing van de Raden van Arbeid wordt deze handeling door (de districtskantoren van) de SVB uitgevoerd. De Raad van Arbeid, sinds 1988 de SVB, onderzoekt de verklaring en reikt de uiteindelijke beschikking uit. Het besluit tot vrijstelling wordt genomen door het uitvoeringsorgaan dat voor de uitvoering van de bedoelde sociale verzekering verantwoordelijk is, eventueel in overleg met andere betrokken organen.
Waardering: V 5 jaar na overlijden gemoedsbezwaarde
(553)
Handeling: Het bijhouden van spaarrekeningen van de verhoogde belasting van gemoedsbezwaarden.
Grondslag: Beschikking van de Minister van Sociale Zaken en de Staatssecretaris van Financiën van 2 juli 1962, nr. 3492 (Stcrt. 1962, 135) art. 2–5; Beschikking van de Staatssecretarissen van Sociale Zaken en Financiën van 23/24 april 1985, nr. SZ/SV/VV/85/914 (Stcrt. 1985, 87) art. 2–4
Periode: 1962–
Product: spaarrekeningen
Waardering: V 5 jaar na overlijden gemoedsbezwaarde
(559)
Handeling: Het periodiek opstellen van ramingen of begrotingen van de kosten voor sociale verzekeringswetten die geheel of gedeeltelijk door het Rijk gefinancierd worden in verband met de bevoorschotting.
Grondslag: o.a.: Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 26 derde lid; Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 12 december 1947, nr. 5661 (Stcrt. 1947, 245) art. 2; Regels inzake de afdracht van gelden (Stcrt. 1987, 63) art. 2, 3 en 7; Financieringsbesluit kinderbijslag (Stcrt. 1988, 254) art. 3; Financieringsregeling Algemene Kinderbijslagwet 1995 (Stcrt. 1995, 216) art. 2; Financieringsregeling Toeslagenwet 1995 (Stcrt. 1995, 216) art. 2 en 5; Financieringsregeling Algemene Kinderbijslagwet en Toeslagenwet (Stcrt. 1997, 41) art. 2, 8 en 12; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 49 achtste lid
Periode: 1947–
Product: ramingen, begroting, kwartaalverslag
Opmerking: Vanaf de invoering van de SUWI-wetgeving wordt door de organisatie driemaandelijks een kwartaalverslag opgesteld. Daarin worden de begroting en de uitgaven van de afgelopen periode geëvalueerd en legt de organisatie daarover verantwoording af.
Waardering: V 5 jaar wordt bewaard bij de minister
(560)
Handeling: Het vaststellen van de begroting en de jaarrekening van het Algemeen Kinderbijslagfonds.
Opmerking: De begroting en jaarrekening behoeven de goedkeuring van de minister.
Waardering: B 1 & 3
(570)
Handeling: Het vaststellen van een begroting van de uitvoeringskosten.
Grondslag: o.a.: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 50 (b.w. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 79 en 80 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 75 en 76 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 46 eerste lid;
Periode: 1940–
Product: begroting
Opmerking: Sinds de invoering van de Wet SUWI stelt de Raad van bestuur de begroting vast, waarna de Minister van SZW deze moet goedkeuren.
Waardering: V 10 jaar na vaststelling jaarrekening
(576)
Handeling: Het vergoeden van de kosten van de Sociale Verzekeringsbank, (tot 1989) de Raden van Arbeid, (tot 1994) de Sociale Verzekeringsraad en (tot 2001) het College van toezicht sociale verzekeringen uit de door de Bank beheerde sociale verzekeringsfondsen.
Grondslag: Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 24 eerste lid; Organisatiewet Sociale Verzekeringen (Stb. 1952, 344) art. 51 in samenhang met de Beschikking van de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van 15 augustus 1969 nr. 53 374 art. 2 en 3; Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598); zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 62; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 33; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 85 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 80 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1945–
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(1237)
Handeling: Het voeren van overleg met de minister over de toerekening van de uitvoeringskosten die ten laste komen aan diverse fondsen.
Product: Verslag, nota, notulen
Periode: 2002–
Grondslag: Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2) art. 5.1 vierde lid
Opmerking: Sinds de invoering van de Wet SUWI stelt de Raad van Bestuur de begroting vast, waarna de Minister van SZW deze moet goedkeuren.
Waardering: V 5 jaar
(579)
Handeling: Het indienen van declaraties (namens de Raden van Arbeid) bij het Algemeen Arbeidsongeschiktheidsfonds voor de verstrekte kinderbijslagen en de gemaakte administratiekosten op grond van de Kinderbijslagwet voor loontrekkenden.
Grondslag: Ministerieel besluit van 7 april 1964, nr. 56432a (Stcrt. 1964, 71) art. 1, 3; Ministerieel besluit van 2 augustus 1978, nr. 171.287 (Stcrt. 1978, 153) art. 1, 3 en 6
Periode: 1963–1980
Product: declaraties
Waardering: V 10 jaar
(594)
Handeling: Het vaststellen van de wiskundige reserve die het AMF bij overgang van een aangesloten mijnwerker naar het IOF moet overmaken aan de SVB.
Grondslag: Mijnwerkersinvaliditeitswet (Stb. 1933, 181) art. 6 derde lid; Beschikking van 19 december 1935, nr. 3253 (Stcrt. 1935, 248) art. 2
Periode: 1945–1967
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(605)
Handeling: Het vaststellen van beleidsplannen voor het beheer van de sociale verzekeringsfondsen.
Opmerking: Pas sinds de jaren ’90 is het vaststellen van een beleidsplan ten aanzien van de beleggingen geïnstitutionaliseerd.
Waardering: B 1
(606)
Handeling: Het beleggen en financieren van de middelen van de sociale verzekeringsfondsen
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 17; gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 12; Kinderbijslagwet (Stb. 1939, 806) art. 58; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 24; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 39; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 21 eerste lid; vernummerd (Stb. 1980, 1) art. 24 eerste lid; gewijzigd (Stb. 1988, 631) art. 29a; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 31 achtste lid (b.w. Stb. 1979, 709); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 28; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) zoals gewijzigd (Stb. 1994, 916) art. 69; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 67; Beleggingsvoorschriften
Periode: 1945–1997
Product: overeenkomsten
Waardering: V 5 jaar
(607)
Handeling: Het uitbrengen van verslag aan de Sociale Verzekeringsraad/het College van toezicht sociale verzekeringen omtrent het gevoerde beleggingsbeleid en de stand van de middelen en beleggingen van de fondsen
Opmerking: De rapportage en begroting dienen tevens als verantwoording van het door de SVB of het Tica/Lisv/UWV vastgestelde premiepercentage voor de verschillende sociale verzekeringen.
Waardering: B 1 & 3
(1245)
Handeling: Het houden van een rekening-courant bij het Ministerie van Financiën.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 67 vierde lid, 68 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a;
Periode: 1997–
Product: Financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1249)
Handeling: Het gebruik maken van de kredietfaciliteiten bij het Ministerie van Financiën.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 68 vierde lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 vijfde lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a vijfde lid;
Periode: 1997–
Product: Lening, krediet, financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1251)
Handeling: Het informeren van de Minister van Financiën ten aanzien van hun rekening-courant.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 71a tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 zevende lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a zevende lid;
Periode: 1997–
Product: Informatie
Waardering: V 3 jaar
Organisatie van de uitvoering
(619)
Handeling: Het aangaan van samenwerkingsverbanden met de Arbeidsvoorzieningsorganisatie gemeenten en andere instellingen in verband met de inschakeling van uitkeringsgerechtigden in het arbeidsproces.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 26, 38 eerste lid onder b en 45 (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Waardering: B 5
(636)
Handeling: Het adviseren van de minister over het benoemen schorsen of ontslaan van de voorzitter van het bestuur van de Sociale Verzekeringsbank en van het Lisv.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 23 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 19 tweede lid en 32 tweede lid (Stb. 2001, 625)
Periode: 1995–2001
Product: advies
Opmerking: De adviesbevoegdheid van de SVB betreft alleen de voorzitter van het bestuur van de eigen organisatie. Het Ctsv heeft niet de formele adviesbevoegdheid ten aanzien van de benoeming van de voorzitter van het bestuur van het Lisv.
Waardering: V 5 jaar wordt bewaard bij de minister
(1271)
Handeling: Het vaststellen van een regeling die gericht is op de realisatie en vormgeving van een adequate cliëntenparticipatie.
Product: Regeling, o.a.:
– Regeling cliëntenparticipatie op centraal niveau
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 10 eerste lid, 11 eerste lid;
Opmerking: De cliëntenparticipatie vindt zowel op centraal als op decentraal niveau plaatsvinden.
Waardering: B 5
(1272)
Handeling: Het voeren van overleg met betrokkenen in het kader van cliëntenparticipatie.
Product: Agenda’s, verslagen, notulen
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 10 tweede lid
Opmerking: Het overleg in het kader van de cliëntenparticipatie kan zowel op centraal als op decentraal niveau plaatsvinden.
Waardering: B 5
(1276)
Handeling: Het voeren van overleg over cliëntenparticipatie.
Product: Notulen, verslagen, afspraken
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 12 derde lid onder a
Opmerking: Overleggen over cliëntenparticipatie vinden plaats intern binnen de SVB/UWV en periodiek met de Landelijke cliëntenraad. De Landelijke cliëntenraad heeft bovendien eenmaal per jaar een overleg met de Raad van bestuur van de SVB/UWV.
Waardering: B 5
(662)
Handeling: Het opheffen van gemeenschappelijke regelingen van twee of meer Raden van Arbeid.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 43 derde lid
Periode: 1945–1988
Product: beschikking
Waardering: B 4
(663)
Handeling: Het instellen van districts-, hulpkantoren en vestigingen en het vaststellen van de werkzaamheden van de kantoren.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598); zoals gewijzigd (Stb. 1987, 533) art. 2 (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 29 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 27 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 34 tweede lid
Periode: 1985–
Product: instellingsbeschikking
Opmerking: Onder deze handeling wordt ook de voorbereiding van het samengaan van de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid verstaan.
Onder deze handeling wordt ook het zorgdragen voor de inrichting en instandhouding van vestigingen voor de uitvoering van de taken verstaan.
Het besluit of de regeling wordt in de Staatscourant gepubliceerd.
Waardering: B 4
(664)
Handeling: Het instellen van adviescolleges bij de districtskantoren van de Sociale Verzekeringsbank.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598); zoals gewijzigd (Stb. 1987, 533) art. 9; Reglement Adviescolleges (Stcrt. 1988, 190)
Periode: 1988–1994
Product: beschikking
Opmerking: Adviescolleges hebben gefunctioneerd van 1988 tot 1991, waarna zij opgeheven zijn. In het Reglement Adviescolleges waren de taken en werkzaamheden van de colleges vastgelegd.
Waardering: B 4
(667)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van reglementen voor de werkzaamheden van het bestuur, resp. Raad van Bestuur.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598); zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 9 (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 26 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 23 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 3 zesde lid;
Periode: 1956–
Product: (bestuurs-)reglement, onder andere:
– Reglement werkzaamheden bestuur der Sociale Verzekeringsbank 1972
Handeling: Het vaststellen van (interne) regels ten aanzien van de organisatie en werkwijze van de SVB.
Grondslag: o.a.: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 7 derde lid en (Stb. 1987, 533) art. 2 en 9 (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 25 en 26 (b.w. Stb. 1997, 96)
Periode: 1956–1997
Product: regeling, onder andere:
– Klachtenreglement SVB (Stcrt. 1992, 64)
– Reglement Adviescolleges (Stcrt. 1988, 190)
Opmerking: Het betreft hier onder meer regels ten aanzien van:
– klachtenbehandeling
– vergoedingsregelingen voor bestuursleden
– werkwijze commissies
Verschillende van dergelijke regelingen kwamen tot stand onder goedkeuring van de Sociale Verzekeringsraad/het College van toezicht sociale verzekeringen.
Waardering: V 10 jaar na vervallen
(669)
Handeling: Het vaststellen van het algemeen beleid van de Bank en de Raden.
Periode: 1940–
Product: notulen en vergaderstukken
Opmerking: Hierbij wordt gedacht aan de neerslag van de vergaderingen van het bestuur van de Bank en door het bestuur ingestelde commissies of kamers, de hoofddirectie en de directies van de verschillende kantoren [en van de Raden]. Met name in deze vergaderingen worden beleidsbepalende beslissingen genomen.
Als gevolg van de invoering van de SUWI-wetgeving werd de topstructuur van de SVB per 1 januari 2003 gewijzigd. Het tripartiete bestuur werd opgeheven en voor de dagelijkse leiding werd de hoofddirectie vervangen door een Raad van bestuur. Naast de Raad van bestuur functioneert een Raad van advies.
Waardering: B 1
(670)
Handeling: Het vaststellen van meerjaren-beleidsplannen en jaarplannen.
Grondslag: Reglement taak, taakuitvoering en werkwijze bestuur SVB (Stcrt. 1989, 242) art. I; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 25 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 46 eerste en tweede lid;
Periode: 1989–
Product: meerjarenbeleidsplan, jaarplan
Opmerking: Bij de meerjarenbeleidsplannen worden meerjaren-ramingen en investeringsplannen gevoegd. Sinds de invoering van de SUWI-wetgeving worden zij vastgesteld door de Raad van bestuur, en vervolgens ter goedkeuring aangeboden aan de Minister van SZW. De jaarplannen bevatten een taakstellende begroting, een investeringsplan en te realiseren prioriteiten op de onderscheidene beleidsgebieden.
Waardering: B 1
(671)
Handeling: Het instellen van commissies en kamers en overdragen van bevoegdheden (mandaat).
Grondslag: Bestuursreglementen; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 27 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 24 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (b.w. Stb. 2001, 624), art. 7 eerste en tweede lid;
Periode: 1940–
Product: instellingsbeschikking, mandaatbesluit
Opmerking: Commissies werden voorheen ingesteld door het bestuur, na invoering van de SUWI-wetgeving door de Raad van bestuur.
Waardering: B 4
(708)
Handeling: Het afhandelen van de financiële aangelegenheden wanneer de erkenning van een bedrijfsvereniging is ingetrokken.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 28
Periode: 1945–1967
Product: financiële bescheiden
Opmerking: Bij intrekking van de erkenning van een bedrijfsvereniging gaat de verzekering van de aangesloten arbeiders van rechtswege over naar de Bank, tenzij de bedrijfsvereniging met een andere is samengegaan.
Waardering: V 10 jaar
(723)
Handeling: Het in bewaring nemen van panden van bedrijfsverenigingen.
Grondslag: Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 17 en 25; Besluit van 26 januari 1923 (Stb. 1923, 25)
Periode: 1945–1967
Waardering: V 5 jaar
(1281)
Vervallen
(1282)
Handeling: Het bepalen dat een of meer wettelijke taken worden uitgevoerd in één of een beperkt aantal vestigingen.
Product: Mandaat
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 34 derde lid
Opmerking: Het mandaat wordt gepubliceerd in de Staatscourant.
Waardering: B 5
(1283)
Handeling: Het opstellen van een besluit ter uitvoering van taken anders dan in de Wet
SUWI genoemd.
Product: Besluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art.13 eerste lid
Waardering: B 5
(1284)
Handeling: Het verstrekken van informatie over de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Product: Informatie
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 34 eerste lid onder c
Waardering: V 3 jaar
(1285)
Vervallen
(1286)
Handeling: Het instellen van onderzoek met betrekking tot de wettelijke taken van de eigen organisatie.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 34 eerste lid onder f;
Opmerking: Dit gebeurt in opdracht van de minister of uit eigen beweging. De onderzoeken hebben meestal betrekking op de gevolgen van het vastgestelde beleid, of bijv. de effecten van premiewijzigingen.
Waardering: B 2 & 3
(1287)
Handeling: Het adviseren van de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank door de Raad van advies.
Product: Advies
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 3 eerste en achtste lid
Waardering: B 3 & 4
(757)
Handeling: Het (op verzoek) verstrekken van inlichtingen en gegevens aan of ten behoeve van de minister, de SER en/of de toezichthouder.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 15 en 42 (b.w. Stb. 1997, 96); Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 14 (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 917) art. 10 en 14 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 13, 15, 87 en 88 (b.w. Stb. 2001, 625); Regeling informatievoorziening sociale verzekeringen (Stcrt. 1997, 123) art. 4–7;
Periode: 1945–2001
Product: inlichtingen
Waardering: V 3 jaar
(760)
Handeling: Het verstrekken van gegevens aan het Centraal Bureau voor de Statistiek en/of de Sociale Verzekeringsraad ten behoeve van de statistiek.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 25; Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 50l; Wet op de Economische Statistieken (Stb. 1936, 639DD) art. 1; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 87 tweede lid; Regeling informatievoorziening sociale verzekeringen (Stcrt. 1997, 123) art. 7
Periode: 1988–1994
Product: gegevens
Waardering: V 5 jaar
(762)
Handeling: Het vaststellen van statistieken en balansen over de uitvoering van de verschillende verzekeringen.
Grondslag: o.a.: Ongevallenwet 1921 (Stb. 1921, 819) art. 40 zevende lid, vernummerd (Stb. 1953, 578) zesde lid; Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 10; gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 11 (b.w. Stb. 1994, 917); Ziektewet (Stb. 1929, 374) art. 142 eerste lid (b.w. Stb. 1952, 343)
Periode: 1945–1997
Product: statistiek, balans, onder andere
– Ongevallenstatistiek (1901–1965)
– Ongevallenbalans etc.
– ‘Kwartaalbericht AOW AWW/Anw AKW’
– Verslag van de stand der Ziekteverzekering (1930–1952)
Opmerking: De Wetenschappelijke Balans van het Ongevallenfonds werd jaarlijks door de SVB opgesteld en door de minister vastgesteld.
Waardering: B 3
(766)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de informatievoorziening.
Product: regeling, zoals het privacy-reglement, openbaarheidsreglement, archiefbeheersregels
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(767)
Handeling: Het verstrekken van informatie over verzekerden aan andere bestuursorganen en (uitvoerings)instellingen.
Grondslag: o.a.: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 121 en zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 62; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 53 tweede en derde lid; Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 42, 61; gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 50i, 50j, 50k en 50m (b.w. Stb. 1997, 96); Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 26 (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 101 en 102 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 101 en 102 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet van 21 december 1995 (Stb. 1995, 691) art. XXXVI vijfde lid (b.w. Stb. 2001, 690); Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 62 en 73;Besluit gegevensverstrekking sociale verzekeringen (Stb. 1995, 278) art. 2–11; Besluit gegevensverstrekking sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 99) art. 2–11; Besluit SUWI (Stb. 2001, 688), hoofdstuk 5
Periode: 1949–
Product: inlichtingen, gegevensverstrekking
Opmerking: Onder de instellingen worden o.a. de uvi’s verstaan, maar ook pensioenfondsen, stichtingen tot uitvoering van een regeling inzake vervroegd uittreden (vut) of andere collectieve voorzieningen voor werknemers, na machtiging door de verzekerde, uitkeringsgerechtigde of werkgever.
Waardering: V 3 jaar
(768)
Handeling: Het aangaan van samenwerkingsverbanden op het gebied van uitwisseling van persoonsgegevens.
Opmerking: Door de Sociale Verzekeringsbank en de bedrijfsverenigingen is in 1994 het Routerings Instituut voor Nationale Informatiestromen (Rinis) opgericht, dat in 1996 door de SVB, het Tica en de Arbeidsvoorziening Nederland in een stichting is ondergebracht. De stichting heeft tot doel ‘het doen van onderzoek en het (doen) verlenen van diensten aan afnemers op het gebied van elektronische uitwisseling van (persoons)gegevens’.
Waardering: B 4
(771)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van voorlichtingscampagnes.
Opmerking: Het betreft hier bijvoorbeeld campagnes om de aandacht te vestigen op de inwerkingtreding van een nieuwe wettelijke regeling (bijv. Wulbz), op de mogelijkheden tot vrijwillige verzekering (bijv. campagnes voor de vrijwillige ouderdomsverzekering door de Raden van Arbeid) of op aspecten van het beleid (bijv. de campagne ‘Zwartwerk is broodroof’ van het Lisv).
Waardering: V 3 jaar, van het voorlichtingsmateriaal wordt een exemplaar bewaard
(772)
Handeling: Het uitvoeren van voorlichtingsactiviteiten op het terrein van de sociale verzekeringen.
Periode: 1945–
Waardering: V 3 jaar
(774)
Handeling: Het beantwoorden van vragen van individuele burgers, bedrijven en instellingen betreffende de uitvoering van de sociale verzekeringen.
Grondslag: Wet Openbaarheid van Bestuur (Stb. 1991, 703); Regeling uitvoering Wet Openbaarheid van Bestuur (Stcrt. 1993, 246) art. 5–8
Periode: 1970–
Product: brieven aan burgers en instanties
Waardering: V 3 jaar
(1349)
Handeling: Het zorgdragen voor de technische en organisatorische voorzieningen ter beveiliging van gegevens.
Handeling: Het verzoeken om of het ontvangen van gegevens en inlichtingen in het kader van de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Product: Correspondentie, elektronische berichten
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 54 eerste t/m zesde lid, 62 eerste lid
Waardering: V 3 jaar
(776)
Handeling: Het voeren van het financieel beheer.
Periode: 1945–
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(777)
Handeling: Het geven van machtiging aan de Raden van Arbeid om buiten de begroting om bepaalde uitgaven te doen.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 58 en 59
Periode: 1945–1988
Product: machtiging
Waardering: V 10 jaar
(778)
Handeling: Het geven van aanwijzingen en voorschriften aan de Raden van Arbeid voor de inrichting van de administratie.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 68
Periode: 1945–1988
Product: voorschriften, circulaires
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(779)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van het huisvestingsbeleid.
Bron: jaarverslagen Sociale Verzekeringsbank
Periode: 1952–
Product: beleidsplan, beleidsnota
Waardering: B 4
(780)
Handeling: Het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen.
Periode: 1952–
Product: overeenkomsten
Waardering: V 20 jaar na vervallen van het belang
(781)
Handeling: Het uitvoeren van het huisvestingsbeleid.
Bron: jaarverslagen
Periode: 1945–
Opmerking: Onder deze handeling wordt verstaan:
– het huren of verhuren van gebouwen en ruimten
– het verzorgen en begeleiden van bouwkundige activiteiten en onderhoudswerkzaamheden
– het verstrekken, in stand houden en inrichten van technische bedrijfsbenodigdheden, installaties, ruimtes en netwerken
– het nemen van maatregelen op het gebied van beveiliging van mensen, gebouwen, bedrijfsruimten, middelen en goederen
Waardering: V 10 jaar bouw- en technische tekeningen blijven bewaard zolang een
gebouw, installatie, ruimte, netwerk e.d. in gebruik is.
(784)
Handeling: Het verstrekken van leningen aan de Raden van Arbeid ten behoeve van de aankoop van terreinen en de aankoop, bouw en verbouw van gebouwen.
Grondslag: Besluit van 28 augustus 1934 (Stb. 1934, 491) art. 1; Besluit van 22 oktober 1957 (Stb. 1957, 421) art. 2
Periode: 1945–1988
Product: leningsovereenkomsten
Waardering: V 10 jaar
(794)
Handeling: Het benoemen van de directieleden van de Sociale Verzekeringsbank.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598); zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 8 (b.w. Stb. 1994, 917);
Periode: 1956–1994
Product: beschikking
Opmerking: De vereiste overeenstemming met de minister is bij wetswijziging in 1989 (Stb. 1989, 127) komen te vervallen.
Waardering: V 10 jaar na bereiken 65-jarige leeftijd of overlijden
(795)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van het arbeidsvoorwaarden- en personeelsbeleid.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 10 (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 25 en 26 (b.w. Stb. 1997, 96);
Periode: 1956–1997
Product: beleidsplannen, rechtspositieregelingen
Waardering: B 4
(797)
Handeling: Het uitvoeren van het arbeidsvoorwaarden- en personeelsbeleid.
Periode: 1945–
Product: beschikking
Opmerking: Onder deze handeling vallen zowel rechtshandelingen zoals het aanstellen, bevorderen en ontslaan van personeel, het toekennen van vergoedingen voor reis- en verblijfkosten en studiekosten etc. als feitelijke handelingen als het betalen van salaris.
Waardering: V stukken betreffende de rechtspositie: 75 jaar na geboortedatum
V overige stukken: 5 jaar
Toezicht
(808)
Handeling: Het goedkeuren van besluiten van een Raad van Arbeid.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 43; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 123 eerste lid en 124 tweede lid (b.w. Stb. 1952, 343)
Periode: 1945–1988
Product: beschikking
Opmerking: In art. 43 van de Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid worden de besluiten opgesomd die vooraf goedkeuring behoefden. Op grond van de Ziektewet behoefden besluiten met betrekking tot de plaatselijke kassen de goedkeuring van de SVB.
Waardering: V 5 jaar
(814)
Handeling: Het houden van (financieel) toezicht op de uitvoering van de sociale verzekeringswetten door de Raden van Arbeid.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 12 tweede lid, 14 vierde lid, 31, 56 tweede lid, 124 eerste lid (b.w. Stb. 1952, 343); Besluit van 30 maart 1935 (Stb. 1935, 165) art. 2 eerste lid (b.w. Stb. 1952, 343); Noodwet Ouderdomsvoorziening (Stb. 1947, H 155) art. 31; Kinderbijslag voor kleine zelfstandigen (Stb. 1951, 212) art. 18 eerste lid, gewijzigd (Stb. 1962, 257) art. 22 (b.w. Stb. 1979, 709)
Periode: 1945–1988
Product: rapportage, verslag, besluiten
Opmerking: Hieronder valt ook het inwinnen van inlichtingen aangaande de uitvoering van de Ziektewet bij de Raden van Arbeid, bedrijfsverenigingen en bedrijven.
Waardering: V 10 jaar
(815)
Handeling: Het goedkeuren van de begroting en vaststellen van de jaarrekening van de Raden van Arbeid.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 54–56, 60–61
Periode: 1945–1988
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar na vaststelling jaarrekening
(817)
Handeling: Het jaarlijks opstellen van rapportages over de rechtmatigheid en over de doelmatigheid van de uitvoering van de sociale verzekeringen door de uitvoeringsorganen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 11 zesde lid en 84 derde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Handeling: Het beslechten van geschillen tussen Raden van Arbeid.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 65 derde lid; Invaliditeitswet (Stb. 1913, 205) art. 337
Periode: 1945–1988
Product: bemiddelingsdossier
Opmerking: Het betrof met name geschillen omtrent de vraag welke Raad van Arbeid door iemand moest worden aangesproken bij onduidelijkheden over de woonplaats van betrokkene.
Waardering: V 5 jaar
(1378)
Vervallen
(1379)
Vervallen
(842)
Handeling: Het opstellen, vaststellen en uitbrengen van een jaarverslag en jaarrekening, of meerjarenbeleidsplan aan de minister en/of het toezichthoudende orgaan.
Grondslag: o.a. Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 9, 10 en 46; gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 78 eerste lid (b.w. Stb. 1994. 917); Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 12 tweede lid, 22d eerste lid en 46 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 87 (b.w Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 82 (b.w. Stb. 2001, 625); Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 122 (b.w. Stb. 1952, 343); Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 34 tweede lid en 107 eerste lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 63; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 22 tweede lid (b.w. Stb. 1953, 117) en art. 28 tweede lid, vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 19 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 108 (b.w. Stb. 1994, 916); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 75 tweede lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 71; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 36 tweede lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 38 tweede lid, art. 46 eerste en tweede lid, art. 49 eerste t/m zevende lid;
Periode: 1945–
Product: jaarverslag, jaarrekening
Opmerking: Hieronder worden ook verstaan jaarverslagen van commissies en kamers. Sinds de inwerkingtreding van de nOsv worden het jaarverslag en de jaarrekening van de SVB en het Tica/Lisv aan het College van toezicht sociale verzekeringen uitgebracht. Deze brengt vervolgens verslag uit aan de minister.
Over de uitvoering van de LTOW diende jaarlijks tevens een ongevallenstatistiek vastgesteld te worden. De jaarverslagen, jaarrekeningen en statistieken dienden aan de minister en de centrale fondsen toegezonden te worden.
Waardering: B 3
(843)
Handeling: Het geven van opdracht tot een accountantsonderzoek van de jaarrekeningen.
Handeling: Het opstellen van liquidatiebalansen van de fondsen en verzekeringen ingevolge de Ongevallenwetten, Invaliditeitswet en de Ouderdomswet 1919 in verbinding met de desbetreffende liquidatiewetten.
Grondslag: Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1964, 488) art. 11 derde lid (b.w. Stb. 1994, 917); Liquidatiewet ongevallenwetten (Stb. 1967, 99) art. 31 en 34; Liquidatiewet Ouderdomswet 1919 (Stb. 1977, 671) zoals gewijzigd (Stb. 1987, 364) art. 25a; Wet houdende nadere wijziging van de Liquidatiewet invaliditeitswetten houdende een vierde, tevens afsluitende liquidatiefase (Stb. 1990, 145) art. VIII; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 90 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 85 (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1995–2001
Product: liquidatiebalans
Waardering: B 3
Aanvullende pensioenregelingen
(921)
Handeling: Het per kwartaal storten van het wettelijk bepaalde bedrag in het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering.
Grondslag: Wet van 13 december 1972 (Stb. 1972, 702) art. 2 eerste en tweede lid; Besluit Fonds Voorheffing Pensioenverzekering (Stb. 1974, 532) art. 9–12
Periode: 1974–1976
Product: beschikking, financiële bescheiden
Opmerking: Aan het begin van elk kwartaal schatte de SVB, na overleg met de Minister van Sociale Zaken, het bedrag dat in dat komende kwartaal voor het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering moest worden gestort. Aan het einde van het kwartaal werd het definitieve bedrag vastgesteld en vereffend met het eerder gestorte bedrag.
Waardering: V 10 jaar
(934)
Handeling: Het uitvoeren van administratieve werkzaamheden van het Fonds Voorheffing Pensioenverzekering.
Grondslag: Wet van 13 december 1972 (Stb. 1972, 702) art. 6 eerste lid (b.w. Stb. 1998, 457)
Periode: 1972–1999
Waardering: V 5 jaar
Actor: Landelijk Instituut Sociale Verzekeringen
Algemene handelingen
(9)
Handeling: Het voeren van overleg met ministers en vertegenwoordigers van andere uitvoeringsorganen over aangelegenheden betreffende de sociale verzekeringen.
Periode: 1997–2001
Product: verslag, notulen, akkoord
Waardering: V 5 jaar Indien een hoger orgaan (minister, SER) betrokken is bij het overleg worden de stukken daar bewaard
B 1 Indien het betreffende orgaan het hoogst betrokken orgaan is
(25)
Handeling: Het desgevraagd of uit eigen beweging adviseren van de minister over de uitvoering van de werknemersverzekeringen.
Grondslag: o.a.: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 38 eerste lid onder h (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1997–2001
Product: advies
Waardering: B 1
(29)
Handeling: Het deelnemen aan advies- en overlegcommissies waarvan het voorzitterschap en/of secretariaat niet bij de eigen instelling berust.
Periode: 1997–2001
Product: lidmaatschapsarchief
Waardering: V 5 jaar, tenzij voorzitterschap B 1
(32)
Handeling: Het oprichten en in stand houden van privaatrechtelijke instellingen op het gebied van de sociale verzekeringen.
Periode: 1997–2001
Product: oprichtingsakte, statuten, verslaglegging naar de oprichters bijv. jaarverslagen
Opmerking: Voorbeelden van dergelijk rechtspersonen zijn de Stichting Bureau voor Duitse Zaken, de Stichting Bureau voor Belgische Zaken, het Voorlichtingscentrum Sociale Verzekering (VSV) en de Stichting Opleiding Sociale Verzekering (SOSV).
Waardering: B 4
(34)
Handeling: Het verlenen van subsidies (of bijdragen voor de instandhouding) aan instellingen die een adviserende of uitvoerende taak hebben op het terrein van de sociale verzekeringen.
Opmerking: Onder andere aan de door de uitvoeringsorganen opgerichte rechtspersonen (bijv. het Voorlichtingscentrum Sociale Verzekering) worden instandhoudingsbijdragen verstrekt. Het SVB is ook medesponsor van het International Sociale Security Association (ISSA) te Genève.
Er kunnen ook subsidies verstrekt worden voor (wetenschappelijk) onderzoek.
Waardering: V 10 jaar
Internationale aspecten
(38)
Handeling: Het deelnemen aan internationale overlegstructuren op het gebied van de uitvoering van de sociale verzekeringen.
Bron: interview
Periode: 1997–2001
Product: lidmaatschapsarchief
Opmerking: Als belangrijkste internationale organisaties kunnen genoemd worden de International Social Security Association (ISSA) en het Europees Instituut voor Sociale Zekerheid.
Waardering: V 10 jaar
(41)
Handeling: Het adviseren van de Ministers van Sociale Zaken en/of van Volksgezondheid over de totstandkoming van verdragen met bijbehorende akkoorden of regelingen.
Bron: o.a.: jaarverslagen
Periode: 1997–2001
Product: advies
Waardering: B 1
(42)
Handeling: Het opstellen van protocollen met buitenlandse zusterorganisaties die bindende afspraken bevatten betreffende de uitvoering van verdragen en akkoorden inzake sociale zekerheid.
Grondslag: Internationale verdragen en administratieve akkoorden
Periode: 1997–2001
Product: protocol
Waardering: B 5
(51)
Handeling: Het verrekenen van verleende uitkeringen en geneeskundige verstrekkingen met uitvoeringsorganen in andere EU-lidstaten en andere verdragsstaten.
Grondslag: Verordening van de Raad (EU) tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening nr. 1408/71, nr. 574/72 (PB EG 1972, L 74) art. 93–105; bi- en multilaterale verdragen
Periode: 1997–2001
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 10 jaar
Werknemers- en volksverzekeringen
(976)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – stellen van regels waarbij afgeweken kan worden van één of meer categorieën verzekerden zoals in de wet vermeld staat.
Handeling: Het aanwijzen van de bedrijfsvereniging/sector waarbij personen aangesloten zijn die niet werken wegens werkloosheid of arbeidsongeschiktheid, en die ingevolge art. 7 WAO of art. 7 ZW wel als werknemer in de zin van de WAO en de ZW worden beschouwd.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 55 tweede lid, vernummerd (Stb. 1997, 96) derde lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 66 tweede lid, vernummerd (Stb. 1997, 96) derde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(983)
Handeling: Het buiten toepassing laten of afwijken van artikelen uit het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden Waz.
Grondslag: Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden Waz (Stb. 1997, 797), art. 5;
Periode: 1998–2001
Product: Besluit
Opmerking: Hiervan wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
Waardering: B 5
(209)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de samenloop van een uitkeringen met andere inkomsten (uit uitkeringen, arbeid, pensioenen).
Grondslag: o.a. Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 26a, 31 en 32; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 20 en 52d vierde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 20 tweede lid, 44 vijfde en zesde lid, 46a; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 7 tweede lid, 33 vijfde en zesde lid, 36a; Wet overgangsregeling Ziektewet (Stb. 1967, 103) art. 11 vierde lid
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Waardering: B 5
(216)
Handeling: Het vaststellen van algemene en bijzondere regels ten aanzien van het bepalen van de hoogte van de dagloon voor de berekening van de uitkeringen.
Grondslag: o.a.: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 9 zevende lid gewijzigd bij (Stb. 1953, 578) art. 9a eerste lid, gewijzigd bij (Stb. 1967, 396) art. 12a eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1967, 42); Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1953, 473) art. 8a, gewijzigd en vernummerd (Stb. 1967, 473) art. 15 (gewijzigd Stb. 1997, 96) en art. 16; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 14, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 14 tweede en derde lid; Wet aanpassing daglonen Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1967, 102) art. 3; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 45 tweede en derde lid en 52i en gewijzigd (Stb. 2001, 692), art. 58 derde lid; Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid (Stb. 1987, 94) art. 34 tweede, derde en zesde lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 34 derde en vierde lid; Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria (Stb. 1996, 93), art. 9 achtste lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 9 negende en zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 9 tiende lid; Invoeringswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen (Stb. 1997, 178), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. V tweede lid onder b en vijfde lid;
Periode: 1997–2001
Product: (ministeriële) regeling, onder andere:
–
Regeling vrijwillige WAO-verzekering voor groepen gewezen AAW-verzekerden en vrijwillig AAW-verzekerden (Stcrt. 1998, 43)
–
Aanpassingsregeling arbeid en zorg (Stcrt. 2002, 171)
Opmerking: Het Lisv/UWV kan – zo nodig in afwijking van de door de minister vastgestelde regels – regels stellen met betrekking tot de vaststelling van het dagloon voor één of meer categorieën werknemers. De regels van het Lisv/UWV behoeven dan wel de goedkeuring van de minister.
Waardering: B 1
(218)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – treffen van bijzondere bepalingen inzake de vaststelling van het dagloon ten aanzien (van groepen van) bij een bedrijfsvereniging/sector verzekerde werknemers
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van regels met betrekking tot de toepassing van de ZW en WW ten aanzien van werknemers die partieel leerplichtig zijn.
Grondslag: Besluit toepassing van de Werkloosheidswet ten aanzien van partieel leerplichtige werknemers (Stb. 1972, 749) art. 1; Besluit toepassing van de Ziektewet ten aanzien van partieel leerplichtige werknemers (Stb. 1972, 750) art. 1
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Waardering: B 5
(245)
Handeling: Het onder goedkeuring van de minister vaststellen van bovenwettelijke regelingen voor bepaalde groepen van personen ten aanzien van het ziekengeld.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 473) art. 87 eerste lid
Periode: 1945–2001
Product: regeling
Waardering: B 5
Opmerking: Het betreft hier onder meer regelingen met betrekking tot het uitkeren van ziekengeld over de eerste twee dagen van arbeidsongeschiktheid en regelingen met betrekking tot de bijzondere werktijdenregeling (bijv. een 4- of 6-daags uitkeringssysteem).
(1005)
Handeling: Het verstrekken van gegevens over ziekteverzuim van werknemers aan een daartoe aangewezen ambtenaar van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Opmerking: Het betreft gegevens uit de door de uitvoeringsinstelling gevoerde administratie.
Waardering: V 10 jaar
(1015)
Handeling: Het betalen, via verrekening met de arbeidsongeschiktheidsuitkering, van de AWBZ-bijdrage aan de Ziekenfondsraad/CVZ.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 57 eerste lid; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), zoals gewijzigd bij (Stb. 1997, 794), art. 49 eerste lid;
Periode: 1997–2001
Product: Financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1022)
Actor: het Landelijk instituut sociale verzekeringen
Handeling: Het op verzoek van een werkgever of werknemer instellen van een onderzoek naar en een oordeel geven over het bestaan van ongeschiktheid tot werken, indien de werknemer een geschil heeft met de werkgever over de ongeschiktheid tot werken.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), art. 38 eerste lid onder g (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1997–2001
Product: rapportage
Waardering: V 10 jaar
(253)
Handeling: Het stellen van nadere regels inzake het al dan niet recht hebben op een uitkering ingevolge de Werkloosheidswet.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 19 zesde lid, vernummerd (Stb. 1993, 744) vijfde lid, 20 zesde lid en 21 tweede lid, vernummerd (Stb. 1994, 955) vierde lid, gewijzigd (Stb. 1999, 596), art. 24 zevende lid, 26 derde lid en (Stb. 1997, 96) art. 100 tweede lid;
Periode: 1997–2000
Product: regeling
Waardering: B 1
(1029)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – stellen van regels met betrekking tot het verzekerd zijn van een persoon die op de eerste dag van werkloosheid 57,5 jaar of ouder was en die recht had op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet.
Handeling: Het ten aanzien van groepen van personen stellen van regels inzake de berekening van het verlies van arbeidstijd (referte-eis) bij het beslissen tot het toekennen van een werkloosheidsuitkering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 16 en 17 vijfde lid, gewijzigd (Stb. 1994, 955) art. art. 17a vierde lid
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Opmerking: De minister dient op grond van art. 116 Werkloosheidswet zijn goedkeuring te verlenen aan een dergelijke regeling.
Waardering: B 5
(1030)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de mededeling van de uitkeringsgerechtigde tot het verrichten van onbeloonde werkzaamheden met de mogelijkheid tot aansluitende dienstbetrekking.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag tot het behoud van het recht op WW-uitkering indien de uitkeringsgerechtigde werkzaamheden gaat verrichten in de uitoefening van een bedrijf of een beroep.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag om toepassing van het Tijdelijk besluit verlenging herlevingstermijn startende zelfstandigen WW.
Handeling: Het vaststellen van een traject gericht op inschakeling in het arbeidsproces voor werknemers die recht hebben op uitkering op grond van de Werkloosheidswet.
Opmerking: Het betreft een experiment dat ten doel heeft de inschakeling van werknemers, die recht hebben op uitkering op grond van de Werkloosheidswet, in het arbeidsproces te bevorderen.
Waardering: V 7 jaar
(1091)
Handeling: Het vaststellen van een traject voor een werknemer gericht op het ingeschakeld blijven in het arbeidsproces.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag van een werknemer om een traject vast te stellen gericht op het ingeschakeld blijven in het arbeidsproces.
Handeling: Het opdragen aan de Arbeidsvoorzieningsorganisatie (tot 2002) of derden van werkzaamheden die verbonden zijn aan de bevordering om bepaalde groepen werknemers ingeschakeld te laten blijven in de arbeid door middel van een experiment.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 1999, 307; Stb. 2001, 690), art. 130c eerste lid; Tijdelijk besluit sluitende aanpak WW (Stb. 1999, 380), art. 4 tweede lid; Tijdelijk besluit preventieve inzet wachtgeldfondsen (Stb. 2000, 190), art. 4 tweede lid;
Periode: 1999–2001
Product: Besluit
Waardering: B 4
(1108)
Handeling: Het sluiten van een overeenkomst met betrekking tot kinderopvang voor een werknemer of arbeidsgehandicapte.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 259) art. 74 eerste lid; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290) gewijzigd (Stb. 2001, 259) art. 22a eerste lid;
Periode: 2001
Product: Overeenkomst
Waardering: V 5 jaar
(1109)
Handeling: Het verstrekken van een tegemoetkoming aan een werkgever in de kosten voor de kinderopvang die hij maakt voor een werknemer of arbeidsgehandicapte.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 259), art. 74 tweede lid; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 259), art. 22a tweede lid;
Periode: 2001
Product: Financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1110)
Handeling: Het verrekenen van de eigen bijdrage die een werknemer of arbeidsgehandicapte is verschuldigd voor de kosten van kinderopvang.
Handeling: Het vaststellen van nadere regels inzake de aanvraag, toekenning, herziening, schorsing, intrekking en betaalbaarstelling van uitkeringen ingevolge de werknemersverzekeringen.
Grondslag: o.a.: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 29, 30 vijfde lid, 33b, 37 tweede lid, 38 zesde lid, 39b tweede lid, 40 eerste lid, 44, 45 vijfde lid, 45a zesde lid en 45c derde lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 37 (b.w. Stb. 2001, 625) en 77 derde lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 37 en gewijzigd (Stb. 2002, 584), art. 85 eerste lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 26, 28, 34, 36, 50 en 71a en gewijzigd (Stb. 2002, 584), art. 71b derde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 6, 19–24, 26 en 65; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 16; Wet op de uitkering-ineens (Stb. 1970, 667) art. 2 eerste lid; Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria (Stb. 1996, 93) art. 8 derde lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 38 (b.w. Stb. 1997, 96); Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 7 eerste lid;
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Opmerking: Voorbeelden van deze regelingen zijn (ZW): regels voor werknemers die nog partieel leerplichtig zijn; voor de vergoeding van reiskosten; voor kleine ondernemingen; voor een uitkering-ineens; voor de uitbetaling van ziekengeld aan anderen dan de verzekerde; voor de terugvordering van het ziekengeld door de bedrijfsvereniging bij een werkgever.
Hieronder wordt ook verstaan: het aanmerken van de eerste werkdag.
Waardering: B 5
(313)
Handeling: Het vaststellen van modellen voor formulieren, lijsten, kaarten voor de uitvoering van de sociale verzekeringen.
Grondslag: Besluit melding bedrijfsvereniging (Stcrt. 1989, 107) art. 2 eerste lid
Periode: 1997
Product: besluit
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(314)
Handeling: Het vaststellen van een ziekengeldreglement.
Handeling: Het vaststellen van een wachtgeld- en een werkloosheidsreglement (1986–1997) of een uitkeringsreglement werkloosheidsverzekeringen (vanaf 1997).
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 101 eerste lid
Periode: 1997–2001
Product: reglement
Waardering: B 5
(319)
Handeling: Het opstellen van beoordelingsnormen, beleidsregels en wetsinterpreterende regels over de uitvoering van de werknemersverzekeringen.
Opmerking: In verschillende artikelen in de werknemersverzekeringen is aan de uitvoeringsorganen (zowel de bedrijfsverenigingen, de fondsen, als het Tica/het Lisv/het UWV) een bepaalde beleidsvrijheid toegekend.
Het Functie-informatiesysteem (FIS) is een geautomatiseerd systeem dat wordt gebruikt als hulpmiddel bij het duiden van functies die een belanghebbende arbeidsongeschikte nog kan verrichten. In het Fis zijn een groot aantal functies opgeslagen. Het FIS moet representatief zijn qua hoogte van de beloning van een bepaalde functie, geografische spreiding van functies, opleiding die voor een bepaalde functie vereist wordt en de belasting die een bepaalde functie met zich meebrengt.
Waardering: B 5
(320)
Handeling: Het stellen van regels ten aanzien van de inschrijving van werkzoekenden bij het arbeidsbureau.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 248) art. 24 zesde lid en 26 derde lid
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Waardering: B 5
(324)
Handeling: Het ontwerpen/vaststellen van systemen voor de administratie en registratie van verzekerden en uitkeringsgerechtigden.
Grondslag: onder meer: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 47 tweede en vierde lid; Voorschriften verzekerdenadministratie
Periode: 1997–2001
Product: systeem
Opmerking: Het betreft zowel (papieren) registers als computersystemen met de bijbehorende gebruiksregels.
Waardering: V 10 jaar
(325)
Handeling: Het registreren van verzekerden en uitkeringsgerechtigden.
Grondslag:
Periode: 1997
Product: Verzekerdenadministratie (VZA)
Waardering: V 5 jaar na bereiken 65 jarige leeftijd of overlijden van de verzekerde
(326)
Handeling: Het beheren van de Gemeenschappelijke Verwijsindex (GVI).
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 38 eerste lid onder e (b.w. Stb. 2001, 625)
Opmerking: Het beheer van de Gemeenschappelijke Verwijsindex was tot 1 maart 1997 in handen van een coöperatieve vereniging van bedrijfsverenigingen (de IDSV–Indormatie Diensten Sociale Verzekeringen). De wetgever achtte het, gezien het publieke belang van de GVI, noodzakelijk dat het beheer van de GVI werd opgedragen aan een publiekrechtelijke instelling, in casu het Lisv.
Waardering: V 5 jaar
(330)
Handeling: Het verlenen van toestemming om wegens verblijf in het buitenland van verzekering vrijgesteld te worden.
Grondslag: Besluit van 23 augustus 1989 (Stb. 1989, 402) art. 15 eerste lid
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar na terugkeer
(331)
Handeling: Het verstrekken van overzichten aan verzekerden en uitkeringsgerechtigden van de over hen geregistreerde gegevens.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 48 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625); Besluit registratiebericht (Stcrt. 1989, 244); Besluit statusoverzicht (Stcrt. 1991, 217) art. 2–4
Periode: 1997–2001
Product: registratiebericht, statusoverzicht
Waardering: V 5 jaar
(333)
Handeling: Het toekennen, weigeren, herzien en intrekken van uitkeringen ingevolge de Ziektewet (ziekengeld).
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 12 tweede en derde lid, 32 tweede lid, 46 eerste lid en 53 eerste lid, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 28, gewijzigd (Stb. 1998, 742) 30 derde lid, 30a, 32 derde lid, 37 eerste lid, 39a (b.w. Stb. 2001, 628), 39c, 44, gewijzigd (Stb. 2001, 628), 53, 55 derde lid en 57 eerste lid
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Opmerking: Hieronder valt ook het inwinnen van informatie over de betrokkenen en het gelasten van medisch onderzoek. Indien de bedrijfsvereniging een afdelingskas heeft ingesteld voor een bedrijf of groep van bedrijven wordt het ziekengeld toegekend door het bestuur van de afdelingskas.
Het Lisv/UWV is bevoegd in bijzondere gevallen van het ziekengeld een hoger bedrag uit te keren dan in de wet bepaald is.
Waardering: V 5 jaar
(336)
Handeling: Het toekennen, weigeren, herzien, intrekken en terugvorderen van wachtgeld- en werkloosheidsuitkeringen ingevolge de Werkloosheidswet.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 22–23, 27, gewijzigd (Stb. 1998, 742), 27a, 30–33, 36, 52e, 52f, 63 tweede lid en 77 tweede lid; Wachtgeld- en werkloosheidsreglementen, Besluit sanctietoepassing Werkloosheidswet (Stcrt. 1994, 61) art. 1 en 4; Maatregelenbesluit Tica (Stcrt. 1996, 141) art. 2; Uitvoeringsregelingen
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Opmerking: Onder deze handeling valt ook het eventuele verstrekken van een voorschot en het intrekken, weigeren (sanctie) of herzien van een besluit tot toekenning van een uitkering. Het te veel uitgekeerde wordt dan door de bedrijfsvereniging teruggevorderd. Hieronder valt ook de bevoegdheid van de bedrijfsvereniging om af te wijken van de wettelijke verjaringstermijn van het recht op een uitkering of betaalbaarstelling, de betaling van vakantietoeslag en de aftrek van inkomsten wegens loonderving en ouderdomspensioen. Tevens valt hieronder het geven van toestemming voor het verrichten van onbeloonde activiteiten door werkloze werknemers en het verlenen van vrijstelling c.q. het opleggen van verplichtingen aan een werknemer in het kader van het vinden van passende arbeid.
Waardering: V 5 jaar
(1117)
Handeling: Het opstellen van nadere regels met betrekking tot het verrichten van onbeloonde activiteiten door werknemers.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96; Stb. 2001, 625), art. 77 derde en vierde lid;
Periode: 1997–2001
Product: Regeling
Waardering: B 5
(337)
Handeling: Het toekennen, weigeren, herzien, intrekken en terugvorderen van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en toelagen ingevolge de WAO, de AAW, de WAZ, de Wajong en de Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 19 zevende lid en art. 23–25, gewijzigd (Stb. 2001, 742), 29–29b, 34–44, en gewijzigd (Stb. 2001, 625) 48–49, 59d en zoals gewijzigd (Stb. 1995, 560) art. 63 (b.w. Stb. 1998, 290) en gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 65b, (Stb. 2001, 628) art. 71, 71a en 71b; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 14–16, 26–33 en 36–40; Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb 1967, 102) art. 53–59; Wet van 24 december 1970 (Stb. 1970, 667) art 1; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 40 derde lid, 55 eerste en tweede lid, 63; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 32; Besluit inkomenssuppletie (Stb. 1996, 187); Besluit loonsuppletie (Stb. 1996, 188)
Periode: 1997–2001
Product: beschikking, schriftelijke waarschuwing, plan van aanpak, reïntergratieverslag
Waardering: V 5 jaar
Opmerking: Op de uitkering wordt door de bedrijfsvereniging, later het Lisv/het UWV, de vereveningsbijdrage in gehouden. Onder deze handeling valt ook de overlijdensuitkering, welke na het overlijden van een verzekerde betaald wordt aan de rechthebbende(n).
Onder deze handeling valt ook het beoordelen van een persoon naar de mate van zijn arbeidsongeschiktheid.
(1118)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag van loonsuppletie.
Grondslag: Tijdelijk besluit loonsuppletie WW (Stb. 2000, 189), art. 8 eerste lid
Periode: 2000–2001
Product: Regeling
Waardering: B 5
(339)
Handeling: Het toekennen, weigeren, herzien, intrekken en terugvorderen van toeslagen op uitkeringen ingevolge de Toeslagenwet.
Opmerking: De toelage wordt in principe gelijk met de loondervinguitkering waarop deze een aanvulling is uitbetaald in één bedrag. Onder deze handeling wordt verstaan zowel het beoordelen van het recht op een toelage, het betalen van toelagen, vakantie- en overlijdensuitkeringen, het verstrekken van voorschotten, het terugvorderen van onverschuldigde betalingen en het doen van betalingen aan andere instellingen bij samenloop van uitkeringen.
Waardering: V 5 jaar
(343)
Handeling: Het bepalen of de bedrijfsvereniging/Lisv/UWV een uitkering toekent aan een werknemer, of een groep werknemers die ten gevolge van werkstaking, of uitsluiting werkloos is.
Handeling: Het ten aanzien van het bepalen van de lasten van het wachtgeldfonds, gelijkstellen van een verzekering/werkzaamheden van een andere bedrijfsvereniging/sector met die van de eigen bedrijfsvereniging/sector.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 90 derde lid, vernummerd (Stb. 1986, 639) tweede lid
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: B 5
(347)
Handeling: Het betaalbaar stellen van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en, op verzoek van andere organen, van invaliditeitsuitkeringen of pensioenen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 50; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 41, 45 eerste lid
Periode: 1997–2001
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(348)
Handeling: Het verlenen van vergunningen aan fondsen en instellingen om arbeidsongeschiktheidsuitkeringen uit te betalen.
Grondslag: Regeling van 20 juni 1985, nr. SV/85/1335 (Stcrt. 1985, 123)
Periode: 1997–2001
Product: vergunning
Waardering: V 10 jaar na intrekking vergunning
(349)
Handeling: Het verhalen van de kosten ingevolge de WAO, WAZ, Wajong of ZW op degene die arbeidsongeschiktheid veroorzaakt heeft.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 90;
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 69 eerste lid; Ziektewet (Stb. 1966, 85), zoals gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 52a, 52b; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 61; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 49 eerste en tweede lid
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(353)
Handeling: Het bepalen van de hoogte van een bijdrage en toekennen hiervan aan werkgevers die voor hun werknemers een loongarantieregeling hebben getroffen.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1977, 266) art. 42q eerste lid, 42r tweede lid en 42s tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 69 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625) en art. 70 tweede lid en 71 tweede lid (b.w. Stb. 1995, 685); Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening havens (Stb. 1995, 685), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 2–4, 6, 10–11
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(356)
Handeling: Het stellen van regels ten aanzien van het behoud van het recht op uitkering tijdens het volgen van opleiding of scholing.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 76 eerste en tweede lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 76 derde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Waardering: B 5
(359)
Handeling: Het beoordelen, motiveren en registreren van een individuele beslissing ten aanzien van scholing.
Grondslag: Besluit inzake behoud recht op uitkering bij noodzakelijke scholing (Stb. 1990, 252) art. 1 en 2a tweede lid
Periode: 1997–2001
Waardering: V 5 jaar
(360)
Handeling: Het opstellen van rapportages ten aanzien van de met scholing bereikte resultaten bij werknemers met een arbeidshandicap.
Grondslag: Besluit inzake behoud recht op uitkering bij noodzakelijke scholing (Stb. 1990, 252) art. 2a tweede lid
Periode: 1997–2001
Product: rapportage
Waardering: B 2
(361)
Handeling: Het vaststellen van het uurtarief voor doventolken die tolkdiensten verrichten, waarvan de kosten ingevolge de AAW vergoed worden.
Handeling: Het toekennen van voorzieningen tot behoud, herstel of ter bevordering van arbeidsgeschiktheid, genees- en heelkundige voorzieningen en voorzieningen tot verbetering van de levensomstandigheden.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 60–61 en zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 65 eerste en tweede lid; Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1967, 102) art. 43–45; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 57, 57a en 58; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 30 eerste t/m derde lid en gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 43 eerste en tweede lid;
Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 35 eerste en tweede lid; Besluit AAW-voorzieningenverstrekking (Stb. 1994, 150)
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(372)
Handeling: Het bemiddelen bij de arbeidsinschakeling van gehandicapte werknemers.
Handeling: Het, na advies van de GMD of het ABP, vaststellen van lagere beloningen dan het wettelijk voorgeschreven minimumloon voor gehandicapte werknemers.
Grondslag: Wet arbeid gehandicapte werknemers (Stb. 1986, 300) zoals gewijzigd (Stb. 1989, 403) art. 8 eerste lid (b.w. Stb. 1998, 290)
Periode: 1997–1998
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(376)
Handeling: Het innen van verschuldigde bedragen van werkgevers die zonder deugdelijke grond werknemers die recht hebben op een arbeidsongeschiktheidsuitkering niet in de gelegenheid stellen tot het verrichten van passende arbeid.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 46; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 35
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(380)
Handeling: Het toekennen (en terugvorderen) van loonkostensubsidies aan of van een werkgever die een dienstbetrekking aangaat met een persoon die door de GMD of de bedrijfsvereniging is bemiddeld.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1995, 560) art. 62
Periode: 1997
Product: beschikking
Waardering: V 20 jaar
(381)
Handeling: Het jaarlijks vaststellen en toekennen van het budget voor loonkostensubsidies.
Grondslag: Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 59n zevende lid
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: B 5
(1122)
Handeling: Het (jaarlijks) vaststellen van een budget ter financiering van de reïntegratiemaatregelen, en/of een experiment, en/of voor trajecten voor uitkeringsgerechtigden.
Opmerking: Het budget ter financiering van de reïntegratiemaatregelen komt ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
Het experiment heeft ten ten doel de inschakeling in het werkproces te bevorderen of bepaalde groepen in de arbeid ingeschakeld te laten blijven.
Waardering: V 7 jaar
(1123)
Handeling: Het toekennen van voorzieningen aan een jonggehandicapte die strekken tot behoud of herstel van arbeidsgeschiktheid, die de arbeidsgeschiktheid bevorderen of die een verbetering zijn van de leefomstandigheden.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 24 eerste en tweede lid;
Periode: 1997–2001
Product: Beschikking
Waardering: V 5 jaar
(1126)
Handeling: Het op grond van een medisch-arbeidskundige beoordeling vaststellen of een persoon arbeidsgehandicapt is.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 3 eerste t/m vierde lid; Arbeidsgehandicaptenbesluit (Stb. 1998, 488) art. 2 eerste lid;
Periode: 1998–2001
Product: Besluit
Opmerking: De vaststelling geschiedt in eerste instantie door het Lisv/het UWV. Als de persoon echter alleen recht heeft op een uitkering op grond van de Algemene Nabestaandenwet en de vaststelling niet is opgedragen aan het Lisv/gemeenten /UWV, dan geschiedt de vaststelling door de Arbeidsvoorzieningsorganisatie/
het gemeentebestuur van de gemeente waarin hij woonachtig is. In het laatste geval moet de persoon wel als werklooswerkzoekende bij de Arbeidsvoorzieningsorganisatie/CWI geregistreerd staan.
Waardering: V 10 jaar
(1127)
Handeling: Het, naar evenredigheid, verminderen van de hoogte van de aanspraak op een geldelijke beloning voor de verrichte arbeid voor een arbeidsgehandicapte werknemer.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 7 tweede lid;
Periode: 1998–2001
Product: Besluit, beschikking
Waardering: V 7 jaar
(1128)
Handeling: Het aan de hand van een reïntegratieplan vaststellen of een werkgever de inschakeling in de arbeid van zijn arbeidsgehandicapte werknemers voldoende bevordert.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 8 eerste lid;
Periode: 1998–2001
Product: Besluit
Waardering: V 10 jaar
(1130)
Handeling: Het overleggen met de minister over het stellen van een eis aan een werkgever betreffende de wijze waarop de inschakeling in de arbeid van zijn arbeidsgehandicapte werknemers wordt nageleefd
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 9 eerste en tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1998–2001
Product: Vergaderstukken
Waardering: V 5 jaar
(1132)
Handeling: Het tegen vergoeding verlenen van de opdracht aan de Arbeidsvoorzienings- organisatie en derden om diensten te verrichten voor arbeidsgehandicapten.
Waardering: V 7 jaar na beëindiging van de overeenkomst
(1135)
Handeling: Het verstrekken van subsidie, ten laste van het Reïntegratiefonds, aan scholingsinstituten en/of andere instellingen of organisaties die ten doel hebben de arbeidsintegratie van arbeidsgehandicapten te bevorderen.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 44;
Periode: 1998–2001
Product: Financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(392)
Handeling: Het toekennen van subsidies aan instellingen of organisaties die ten doel hebben het nemen of bevorderen van maatregelen, welke strekken tot behoud, herstel of ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 73a; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 69; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 87; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 67; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 44, eerste en tweede lid;
Periode: 1997–2001
Product: toekenningsbrief, financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1139)
Handeling: Het vaststellen van een subsidieplafond.
Handeling: Het verstrekken van subsidies voor tijdelijke projecten die ten doel hebben het beroep op een uitkering krachtens de Werkloosheidswet terug te dringen.
Handeling: Het jaarlijks opstellen van rapportages voor de minister van de subsidieverstrekkingen die in het kader van het terug dringen van het doen van een beroep op een WW-uitkering worden opgesteld.
Handeling: Het verstrekken, intrekken, wijzigen of terugvorderen van subsidies aan werkgevers of arbeidsgehandicapten voor de kosten van voorzieningen tot behoud, herstel of ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 15 eerste lid, art. 16 eerste lid, art. 17 eerste lid, art. 18 eerste lid, art. 20, art. 21, art. 22 eerste lid, art. 23 eerste lid, art. 28 eerste lid, art. 29, art. 30, art. 31 eerste lid, art. 32 eerste lid en art. 35 eerste lid, gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 44a;
Reïntegratie-instrumentenbesluit Wet REA (Stb. 1998, 293), art. 3 eerste lid, art. 5, art. 7 tweede lid, art. 12 eerste lid, art. 13, art. 14 eerste, tweede en veertiende lid, art. 15 eerste lid, art. 17 eerste lid; Besluit starterskrediet arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 489), art. 2 eerste lid, art.3 eerste lid, art. 4 eerste lid, art. 5;
Handeling: Het stellen van regels en/of voorwaarden met betrekking tot het verstrekken, intrekken, wijzigen of terugvorderen van subsidies aan werkgevers of arbeidsgehandicapten voor de kosten van voorzieningen tot behoud, herstel of ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 15, lid 5, art. 16, lid 4 en 5, art. 17, lid 4 en 5, art. 18, lid 6, art. 21, lid 7 en 8, art. 22, lid 6, art. 24, lid 5, art. 29, art. 30, art. 31, lid 6, art. 32, art. 33, lid 1, art. 35, lid 8 en 9, gewijzigd (Stb. 2001, 628) [Wet verbetering poortwachter] art. 15, lid 2, art. 16, lid 2, art. 18, lid 2
Periode: 1998–2001
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1148)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de uitvoering door de uitvoeringsinstellingen van de vaststelling of iemand arbeidsgehandicapt is.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 38 tweede lid, art. 39 zesde lid;
Periode: 1998–2001
Product: Regeling
Opmerking: Dit betreft de werkzaamheden die voor de vaststelling van de arbeidsongeschiktheid verricht moeten worden en de termijn waarbinnen en de wijze waarop een aanvraag om een reïntegratie-instrument moet worden ingediend.
Waardering: B 5
(433)
Handeling: Het vaststellen van voorschriften inzake controle en sancties op de toekenning de ziekengelden, werkloosheids- en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de voorzieningen ingevolge de AAW, de WAO, de WAZ en de Wajong.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1967, 473), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96) art. 39 tweede lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 25, 27 en 28; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 16, 18 en 19; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 13, 30; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 44; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 36;
– Controlevoorschriften WAO, WAZ en Wajong 1998 (Stcrt. 1997, 240)
Waardering: B 5
(435)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake het opleggen van maatregelen of boeten aan (ex-)uitkeringsgerechtigden.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 375) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 248) art. 45 vijfde lid en 45a zesde lid, 45c derde lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 27 vierde lid, gewijzigd (Stb. 1996, 248) art. 27 zevende lid, 27a zesde lid, 27c derde lid, 36 eerste lid, 36b; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 248) art. 29 vierde lid, 29a zesde lid, art. 29c derde lid en 57b; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 248) art. 20 vierde lid, 20a zesde lid, 20c derde lid en 48b; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 14 tweede lid; gewijzigd (Stb. 1996, 248) art. 14 vijfde lid, 14a zesde lid, 14c derde lid, 20b
Periode: 1997–2001
Product: regeling, onder andere:
Opmerking: Hieronder valt ook het terugvorderen van een onverschuldigd betaalde uitkering of andere bedragen.
Waardering: B 5
(1167)
Handeling: Het opleggen van een boete aan een werkgever indien de veplichting tot de opgave van het genoten loon van een werknemer niet wordt nagekomen.
Grondslag: Boetebesluit werkgevers Coördinatiewet sociale verzekering (Stb. 2000, 247), art. 2, 3 eerste lid, 4, 5 eerste lid;
Periode: 2000–2001
Product: Correspondentie, financiële bescheiden
Waardering: V 10 jaar
(1168)
Handeling: Het opleggen van een bestuurlijke boete aan een werkgever indien niet wordt voldaan aan de verplichting tot opgave van het door de werknemer genoten loon.
Grondslag: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577), gewijzigd (Stb. 1999, 550), art. 12 tweede en derde lid, art. 12a eerste lid;
Periode: 1999–2001
Product: Beschikking
Opmerking: Volgens art. 12 vijfde lid wordt de boete als premie beschouwd.
Waardering: V 10 jaar
(1170)
Handeling: Het opleggen van een maatregel bij het weigeren van een onderzoek of bij het niet navolgen van voorschriften.
Opmerking: Hieronder valt ook het melden of gemeld worden van onrechtmatigheden van belanghebbenden en/of verzekerden in het kader van de Wet SUWI. Het opsporingsbeleid werd pas vanaf 1994 gestructureerd ter hand genomen in het kader van het Handhavingsbeleid. Tot 1994 vonden slechts incidenteel opsporingsonderzoeken plaats.
Het opsporingsonderzoek wordt verricht door sociaal rechercheurs en afgesloten met een aangifte bij het openbaar ministerie of het melden dat een het onderzoek afgesloten wordt zonder aangifte.
De fraudeonderzoeken worden door de Sociale Verzekeringsbank in het ROF-kaartsysteem geregistreerd. Vanaf 2002 worden de fraudeonderzoeken geregistreerd in het systeem FRES (Fraude Registratie Systeem).
Waardering: V 3 jaar voor onderzoeken waarbij geen fraude is geconstateerd
V 10 jaar voor overige onderzoeken
(441)
Handeling: Het maken van bindende afspraken met buitenlandse uitvoeringsorganisaties over internationale rechtshandhaving ingevolge de sociale zekerheidswetgeving.
Opmerking: Vanaf ca. 1960 werden met veel landen sociale zekerheids-verdragen gesloten, als gevolg waarvan incidenteel met de buitenlandse verbindingsorganen werd samengewerkt op het gebied van fraude en opsporing. Pas na 1994 kwamen meer bindende afspraken tot stand en werd de internationale rechtshandhaving gestructureerd aangepakt, als gevolg van het Handhavingsbeleid. Vanaf 2000 werden met veel landen specifieke handhavingsverdragen gesloten, in het kader van de Wet Beperking Export Uitkeringen (Wet BEU).
Waardering: B 5
(1175)
Handeling: Het (doen) oproepen en (doen) ondervragen van een jonggehandicapte, ingezetene of verzekerde.
Handeling: Het vaststellen van regels voor de vergoeding van de reiskosten, verblijfkosten en tijdverlies voor een jonggehandicapte, ingezetene of verzekerde die wordt opgeroepen.
Opmerking: Dit geldt ook voor de eventuele geleiders.
Waardering: B 5
Rechtsbescherming
(452)
Handeling: Het beslissen op bezwaarschriften en het behandelen van beroepszaken met betrekking tot de uitvoering van de sociale verzekeringswetten/werknemers-verzekeringen.
Grondslag: o.a.: Ziektewet (Stb. 1913, 204), gewijzigd (Stb. 2001, 695), art. 73a; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 40; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 52; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 33; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 38; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd Stb. 2001, 695), art. 87g eerste en tweede lid;Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 695), art. 127b eerste en tweede lid; Algemene wet bestuursrecht (Stb. 1992, 315); Organisatiewet Sociale Verzekeringen (Stb. 1997, 95), art. 55 (b.w. St. 2001, 625); Wet premieregime bij marginale arbeid (Stb. 1997, 96), art. 9, art. 9a; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 50 tweede en derde lid;
Periode: 1997–2001
Product: beschikking, beroepschrift, bezwaar- en beroepsdossiers
Opmerking: In veel gevallen sluit deze handeling aan op de toekenning c.q. weigering van de uitkering of het opleggen van een premienota.
Waardering: V 5 jaar
(471)
Handeling: Het behandelen van klachten over gedragingen van (het personeel van) het uitvoeringsorgaan bij de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Opmerking: Indien de klager over de afhandeling van de klacht door het uitvoeringsorgaan niet tevreden is kan hij zijn beklag doen bij de Nationale ombudsman.
Waardering: V 5 jaar
Financiering
(1185)
Handeling: Het vaststellen van het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1987, 89), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 77e eerste lid;
Periode: 1997–2001
Product: Besluit
Waardering: V 7 jaar
(1187)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van het premiepercentage en het tijdvak waarvoor dat percentage geldt.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 77 tweede lid;
Opmerking: Indien de minister zijn goedkeuring onthoudt aan het vastgestelde percentage of aan het tijdvak, stelt hij het percentage of het tijdvak vast.
Waardering: V 7 jaar
(1189)
Handeling: Het stellen van regels wanneer wordt uitgegaan van de standaard premiepercentages.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 78 tweede lid;
Periode: 1997–2001
Product: Regels
Waardering: B 5
(503)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels omtrent het loonbegrip.
Grondslag: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 6, 7 en 9; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1953, 578) art. 8a, gewijzigd (Stb. 1967, 473) art. 15; Beschikking betreffende de waardering van loon in natura (Stcrt. 1962, 110) art. 1 lid 6; Nadere regelen maximumdagloon en franchise WAO (Stcrt. 1977, 37; vervangen Stcrt. 1985, 252) art. 5
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Opmerking: Het betreft regels ten aanzien van
– inkomsten die niet tot het loon worden gerekend;
– inkomsten uit fooien en dergelijke die al dan niet tot het loon moeten worden gerekend;
– afwijkende grondslagen en tijdvakken waarover voor bepaalde groepen werknemers premie wordt geheven;
– vaststelling van het loon van bepaalde groepen arbeiders in afwijking van de CSV voor de uitvoering van de Kinderbijslag voor loontrekkenden.
Waardering: B 1
(1190)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – bepalen voor groepen arbeidsongeschikten van geen of een afwijkend tijdvak.
Handeling: Het vaststellen van nadere regels voor de loonadministratie en de vaststelling en invordering van premies voor de werknemersverzekeringen.
Grondslag: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 11 eerste lid, 12 tweede lid, 16a tweede en derde lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 86 vijfde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1983, 697) art. 78 tweede lid; Loonadministratiebesluit (Stcrt. 1987, 252) art. 2, 9
Periode: 1997–2001
Product: regelingen
Waardering: B 5
(513)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van het premiepercentage voor de werkloosheidsverzekering en vanaf 1997 de vrijwillige ziekteverzekering.
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van het premiepercentage voor de WAO en de AAW.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 78; Wet aanpassing uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies (Stb. 1989, 127) art. 2 eerste lid onder b
Periode: 1997–2001
Product: besluit van algemene strekking
Waardering: B 5
(516)
Handeling: Het vaststellen van gemiddeld premiepercentage dat zal gelden voor een heel kalenderjaar, indien de herziening van het premiepercentage voor de WAO of WW niet op 1 januari ingaat.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1983, 697) art. 78 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 86 vijfde lid, vernummerd (Stb. 1994, 916) derde lid, vernummerd (Stb. 1997, 96) vierde lid
Periode: 1997–2001
Product: besluit van algemene strekking
Waardering: B 5
(1193)
Handeling: Het vaststellen van de minimale gedifferentieerde premie voor de kleine werkgever.
Grondslag: Besluit premiedifferentiatie WAO (Stb. 1997, 338), art. 9 derde lid (b.w. Stb. 2002, 585);
Periode: 1997–2001
Product: Besluit
Waardering: B 5
(1194)
Handeling: Het, aan de hand van de vaststelling van het premieplichtige loon en op aanvraag van een werkgever, wijzigen van de indeling ‘grote werkgever’ in die van ‘kleine werkgever’.
Grondslag: Besluit premiedifferentiatie WAO (Stb. 1997, 338) art. 1 tweede lid (b.w. Stb. 2002, 585);
Periode: 1997–2001
Product: Besluit
Waardering: V 7 jaar
(520)
Handeling: Het vaststellen van de premiepercentage voor de wachtgeldverzekering en de vrijwillige verzekering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 85 en 58 derde lid
Periode: 1997–2001
Product: besluit
Opmerking: Hieronder valt ook:
– het vaststellen van de opslag op de wachtgeldpremie, ter dekking van de lasten van de vangnetvoorziening ZW;
– het vaststellen van de wachtgeldpremie boven het lastenplafond bij een negatief dekkingssaldo;
– het vaststellen van een wachtgeldpremie lager dan het laagste percentage, voor zover daartoe een positief dekkingssaldo aanwezig is;
Waardering: B 5
(525)
Handeling: Het vaststellen en invorderen van premies voor de werknemersverzekeringen.
Opmerking: Tot deze handeling wordt ook gerekend het invorderen van voorschotpremies en premies voor afdelingskassen, het uitvaardigen van aanmaningen en het invorderen via dwangbevelen. Van verschillende voorschriften m.b.t. de loonadministratie, zoals het bijhouden van de verschillende loonstaten, kon door de inspecteur der belastingen in overeenstemming met de uitvoeringsorganen ontheffing verleend worden. Voor de handelingen van de inspecteur der belastingen verleend kan worden verwezen naar ‘Belastingver(h)effend’.
Waardering: V 7 jaar
(1197)
Handeling: Het bepalen welk premiepercentage ten gunste komt aan het wachtgeldfonds.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 85 eerste lid;
Periode: 1997–2001
Product: Besluit
Waardering: B 5
(1198)
Handeling: Het vrijstellen van een werkgever van de verplichting tot het betalen van de uitkeringsgerechtigde verschuldigde premies werknemersverzekeringen.
Grondslag: Wet premieregime bij marginale arbeid (Stb. 1997, 85), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 2 eerste lid, 3, 4 tweede lid en art. 5;
Periode: 1997–2001
Product: Vrijstellingsbesluit
Waardering: V 7 jaar
(1199)
Handeling: Het aanwijzen van categorieën werknemers in de Tabaksverwerkende en Agrarische sector waarvoor het Lisv de werkgever vrijstelling kan verlenen van de verplichting tot het betalen van verschuldigde premies.
Grondslag: Wet premieregime bij marginale arbeid (Stb. 1997, 85), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96; Stb. 2001, 625), 4 eerste lid;
Periode: 1997–2001
Product: besluit
Waardering: B 4
(1200)
Handeling: Het stellen van regels voor de aanvraag door een werkgever voor vrijstelling van premies werknemersverzekeringen.
Grondslag: Wet premieregime bij marginale arbeid (Stb. 1997, 85), zoals gewijzigd (Stb. 1998, 96), art. 3 vierde lid;
Periode: 1997–2001
Product: Regeling
Waardering: B 5
(529)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van nadere regels en formulieren inzake de vrijwillige verzekering voor de ZW, de WW en de WAO.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 473) art. 71; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 83 derde lid, 84 eerste en (sinds Stb. 1976, 473) derde lid, 85 eerste lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 55 eerste lid (b.w. Stb. 1997, 96), art. 59; Regelen betreffende vrijwillige verzekering WAO van Nederlanders werkzaam in ontwikkelingsland (Stcrt. 1978, 83) art. 4 tweede lid; Regels vrijwillige werkloosheidsverzekering 1993 (Stcrt. 1993, 95) art. 3 eerste lid en tweede lid
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Waardering: B 5
(531)
Handeling: Het vaststellen en innen van premie van personen die vrijwillig verzekerd zijn ingevolge de ZW, de WW en de arbeidsongeschiktheidsverzekeringen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 81 en (sinds Stb. 1971, 422; b.w. Stb. 1986, 567) 86a, (Stb. 1986, 567) 83 en 83a en (Stb 1992, 675) 83b; Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsuitkering (Stb. 1967, 102) art. 46; Regelen voor de vrijwillige verzekering WAO (Stcrt. 1967, 139); Regelen vrijwillige arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stcrt. 1986, 250); Besluit vrijwillige premiebetaling Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1976, 622) art. 3; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 53–58; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd art. 64–68; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 26 eerste lid onder b; Besluit vrijwillige verzekering AOW, AWW en AAW (Stb. 1990, 38) art. 18; Regels vrijwillige arbeidsongeschiktheidsverzekering 1993 (Stcrt. 1993, 95)
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(1207)
Handeling: Het stellen van regels waaruit blijkt welke uitvoeringsinstelling werkzaamheden verricht met betrekking tot het toelaten van personen tot de vrijwillige verzekering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 55 eerste lid; Ziektewet (Stb. 1987, 88), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 67;
Periode: 1997–2001
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1209)
Handeling: Het verlenen van toestemming aan de werkgever om het risico van betaling van de arbeidsongeschiktheidsverzekering of het ziekengeld zelf te dragen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1913, 204), gewijzigd (Stb. 2002, 584), art. 63 eerste en derde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 75 eerste, vierde en vijfde lid;
Periode: 1997–2001
Product: Toestemming
Opmerking: Hiervoor moet de werkgever een schriftelijke garantie overleggen, waaruit blijkt dat een kredietinstelling of een verzekeraar zich jegens het Lisv verplicht de verplichtingen na te komen, indien de verplichtingen die voortvloeien uit het zelf dragen van het risico niet worden nagekomen.
Waardering: V 10 jaar
(1211)
Handeling: Het verhalen van de niet-betaalde uitkering of ziekengeld en de eventuele verschuldigde premies op de eigen risicodrager, of garantstaande de kredietinstelling of verzekeraar.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1913, 204), gewijzigd (Stb. 2002, 584), art. 63a zesde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 75a vierde lid, 75b vijfde en zevende lid;
Periode: 1997–2001
Product: Financiële bescheiden
Opmerking: Als de eigen risicodrager de arbeidsongeschiktheidsverzekering of het ziekengeld niet betaalt, zal deze betaald worden door het Lisv/het UWV, waarna deze de uitkering en eventuele verschuldigde premies verhaalt op de eigen risicodrager.
Als de eigen risicodrager in staat van faillissement is verklaard of op houdt te bestaan, betaalt het Lisv/het UWV de arbeidsongeschiktheidsverzekering, waarna deze de uitkering en de eventuele verschuldigde premies verhaalt op de garantstaande kredietinstelling of verzekeraar.
Waardering: V 7 jaar
(1217)
Handeling: Het verrekenen van een afkoopsom met ‘kleine werkgevers’ indien zij eigenrisicodrager worden.
Grondslag: Besluit premiedifferentiatie WAO (Stb. 1997, 338), gewijzigd (Stb. 1998, 420), art. 4a eerste lid, art. 4b eerste lid (b.w. Stb. 2002, 585);
Waardering: V 5 jaar na overlijden gemoedsbezwaarde
(554)
Handeling: Het verstrekken van informatie aan inspecteur der belastingen over niet-inbare premies voor de werknemersverzekering vanwege verleende ontheffingen wegens gemoedsbezwaren.
Grondslag: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 17 tweede lid
Periode: 1997–2001
Product: informatieverstrekking
Waardering: V 5 jaar
(559)
Handeling: Het periodiek opstellen van ramingen of begrotingen van de kosten voor sociale verzekeringswetten die geheel of gedeeltelijk door het Rijk gefinancierd worden in verband met de bevoorschotting.
Grondslag: o.a.: Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 26 derde lid; Financieringsregeling Algemene Kinderbijslagwet en Toeslagenwet (Stcrt. 1997, 41) art. 2, 8 en 12
Periode: 1997–2001
Product: ramingen, begroting, kwartaalverslag
Waardering: V 5 jaar wordt bewaard bij de minister
(567)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de verrekening van premies en uitkeringen en inzake de begroting, de verdeling en de verrekening van de uitvoeringskosten van de sociale verzekeringen door de uitvoeringsorganen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 43 vierde lid onder d,
Periode: 1997–2001
Product: regeling, onder andere:
– Besluit verrekeningen tussen de door het Lisv beheerde fondsen en de UVI’s en afdrachten UVI’s aan de Zfr en SER (Stcrt. 1997, 119)
Waardering: B 5
(568)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake het aanhouden van een rekening-courant tussen het Lisv en de uitvoeringsinstellingen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 73 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: regeling, onder andere:
– Besluit aanhouden rekening-courant tussen Lisv en uitvoeringsinstellingen (Stcrt. 1997, 78)
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(570)
Handeling: Het vaststellen van een begroting van de uitvoeringskosten.
Waardering: V 10 jaar na vaststelling jaarrekening
(578)
Handeling: Het vergoeden van de administratiekosten van de bedrijfsverenigingen, de uitvoeringsinstellingen, de fondsen, het Tica, het Lisv, de SVr en het Ctsv uit de centrale fondsen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 80 eerste en derde lid
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(581)
Handeling: Het verrekenen van de premies, uitkeringen en administratiekosten.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) zoals gewijzigd (Stb. 1987, 629) art. 97 vijfde en zevende lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 76; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 73 vierde lid; Besluit vrijwillige premiebetaling Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1976, 622) art. 6; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 27 tweede lid (b.w.Stb. 1997, 96); Besluit verrekeningen tussen de door het Lisv beheerde fondsen en de UVI’s en afdrachten UVI’s aan de Zfr en SER (Stcrt. 1997, 119)
Periode: 1997–2001
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(582)
Handeling: Het vergoeden van de kosten ingevolge de Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria uit het Toeslagenfonds aan de bedrijfsverenigingen.
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van regels voor de vergoeding van kosten van scholing en arbeidsbemiddeling voor (moeilijk plaatsbare) werkloze werknemers door de Arbeidsvoorzieningsorganisatie.
Grondslag: Wet van 21 december 1995 (Stb. 1995, 691) art. XXXVI vierde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Waardering: B 5
(593)
Handeling: Het vergoeden van de kosten van scholing en arbeidsbemiddeling voor (moeilijk plaatsbare) werkloze werknemers aan de Arbeidsvoorzieningsorganisatie.
Grondslag: Wet van 21 december 1995 (Stb. 1995, 691) art. XXXVI (b.w. Stb. 2001, 690)
Periode: 1997–2001
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 10 jaar
(597)
Handeling: Het toekennen van een uitkering aan bepaalde uitkeringverlenende rechtspersonen in verband met het ontbreken of beperken van het recht op uitkering of voorzieningen in de door hen uitvoerde voorliggende voorziening (fictieve uitvoering AAW).
Grondslag: Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 8 derde lid (b.w. Stb. 1997, 178); Regelen inzake een uitkering uit het AAf (Stcrt. 1976, 208)
Periode: 1997–1998
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(598)
Handeling: Het afdragen van niet-betaalde arbeidsongeschiktheids- en vakantie-uitkeringen van personen die een plaats hebben gekregen in de sociale werkvoorziening aan het Rijk.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 412) art. 44 vierde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 412) art. 33 vierde lid
Periode: 1997–2001
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1223)
Handeling: Het instellen van een wachtgeldfonds.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 793; 2001, 625) art. 102 eerste en tweede lid;
Periode: 1997–2001
Product: Instellingsbesluit
Waardering: B 4
(603)
Handeling: Het vaststellen van regels ten aanzien van het beheer en de belegging van gelden uit de sociale verzekeringsfondsen.
Grondslag: Regeling beleggingsvoorschriften sociale verzekeringsfondsen 1996 (Stcrt. 1996, 19) art. 6; Besluit Bijzondere Beleggingsvoorschriften in verband met de ontvlechting bedrijfsverenigingen–uitvoeringsinstellingen per 1 januari 1996 (Stcrt. 1995, 248; vervangen Stcrt. 1997, 125)
Periode: 1997–2001
Product: regeling, onder andere:
– Besluit rentedragende leningen in verband met ontvlechting bedrijfsverenigingen–uitvoeringsinstellingen (Stcrt. 1997, 207)
Waardering: B 1
(1225)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de verrekening tussen het Algemeen Werkloosheidsfonds en de wachtgeldfondsen.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 76), art. 97 derde lid;
Periode: 1997–2001
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1226)
Handeling: Het jaarlijks per wachtgeldfonds vaststellen van het maximum dat in een boekjaar ten laste van een wachtgeldfonds komt.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 793), art. 94 eerste lid, art. 116 derde lid;
Opmerking: De minister dient het maximum goed te keuren. Indien de minister niet akkoord gaat, stelt hij het maximum zelf vast.
Waardering: V 7 jaar
(1231)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de uitgaven welke ten laste komen aan een fonds.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 65 derde lid, vernummerd (Stb. 1997, 794), tweede lid;
Periode: 1997–2001
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1233)
Handeling: Het stellen van nadere regels in verband met de besteding van de rijksbijdrage in het Reïntegratiefonds.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 42 tweede lid;
Periode: 1998–2001
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1235)
Handeling: Het beschikbaar stellen van gelden uit een fonds aan de uitvoeringsinstellingen ter financiering van de toeslagen en kosten die verbonden zijn aan de uitvoering van sociale verzekeringswetten.
Grondslag: Toeslagenwet (Stb. 1986, 562), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 27 tweede lid;
Periode: 1997–2001
Product: Financiële bescheiden
Opmerking: Dit kan o.a. ten laste van het Toeslagenfonds.
Waardering: V 7 jaar
(1236)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het betalen van kosten en toeslagen aan de uitvoeringsinstellingen ten laste van een fonds.
Grondslag: Toeslagenwet (Stb. 1986, 562), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 27 derde lid;
Periode: 1997–2001
Product: Regeling
Opmerking: Dit kan o.a. ten laste van het Toeslagenfonds.
Waardering: B 5
(992)
Handeling: Het vaststellen van de verdeelsleutel ter bepaling van de bijdragen die de verschillende fondsen hebben in te brengen in het Reïntegratiefonds.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 41, gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 42 tweede en derde lid, art. 44 eerste lid;
Handeling: Het uitbrengen van verslag aan de Sociale Verzekeringsraad/het College van toezicht sociale verzekeringen omtrent het gevoerde beleggingsbeleid en de stand van de middelen en beleggingen van de fondsen
Product: wekelijkse en maandelijkse rapportage, liquiditeitsbalansen
Waardering: V rapportages: 5 jaar
liquiditeitsbalansen: 10 jaar
(611)
Handeling: Het met betrekking tot de fondsen jaarlijks indienen van
– een rapportage van de ontwikkelingen;
– een begroting van de te verwachten uitgaven.
Grondslag: Regeling financiële rapportage fondsbeheerders (Stcrt. 1995, 224) art. 2–4; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 70 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–20001
Product: rapportage, begroting
Opmerking: De rapportage en begroting dienen tevens als verantwoording van het door het Lisv vastgestelde premiepercentage voor de verschillende sociale verzekeringen.
Waardering: B 1 & 3
(1245)
Handeling: Het houden van een rekening-courant bij het Ministerie van Financiën.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 67 vierde lid, 68 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a;
Periode: 1997–2001
Product: Financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1249)
Handeling: Het gebruik maken van de kredietfaciliteiten bij het Ministerie van Financiën.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 68 vierde lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 vijfde lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a vijfde lid;
Periode: 1997–2001
Product: Lening, krediet, financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1251)
Handeling: Het informeren van de Minister van Financiën ten aanzien van hun rekening-courant.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 71a tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 zevende lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a zevende lid;
Periode: 1997–2001
Product: Informatie
Waardering: V 3 jaar
Organisatie van de uitvoering
(616)
Handeling: Het rapporteren aan de minister over de voortgang van het veranderingsproces gericht op regionalisering van de uitvoeringsorganisatie.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 31 derde lid (b.w. Stb. 1997, 96); Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1997, 96), art. 69 (b.w. Stb. 2001, 625);
Periode: 1997–2001
Product: voortgangsrapportage
Waardering: B 3
(619)
Handeling: Het aangaan van samenwerkingsverbanden met de Arbeidsvoorzieningsorganisatie gemeenten en andere instellingen in verband met de inschakeling van uitkeringsgerechtigden in het arbeidsproces.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 26, 38 eerste lid onder b en 45 (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Waardering: B 5
(620)
Handeling: Het indelen van Nederland in regio’s als werkgebieden voor de uitvoeringsinstellingen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 38 tweede lid en 46 (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Opmerking: De indeling geschiedt zoveel mogelijk overeenkomstig de werkgebieden van de Regionale Besturen van de Arbeidsvoorziening in verband met de regionale samenwerking bij de inschakeling van uitkeringsgerechtigden in het arbeidsproces.
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(625)
Handeling: Het (adviseren van de minister met betrekking tot het) indelen van sectoren in sectoronderdelen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 51 tweede en vierde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Waardering: B 1
(626)
Handeling: Het stellen van (beleids)regels inzake de aansluiting van werkgevers sector en de overgang van vermogen bij overgang van één of meer werkgevers naar een andere sector.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 65 eerste lid en 66 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 53 eerste lid en 54 tweede lid; Algemene wet bestuursrecht (Stb. 1992, 315) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 333) art. 4:81
Periode: 1997–2001
Product: regeling, beleidsregels, onder andere:
Opmerking: Sinds 1995 behoeft een regeling van het Tica/Lisv de goedkeuring van de minister. Beleidsregels worden vastgesteld op grond van de Algemene wet bestuursrecht.
Waardering: B 1
(1254)
Handeling: Het stellen van een termijn waarbinnen een werkgever schriftelijk mededeling moet doen dat hij bij een sector is aangesloten of ophoudt bij een sector aangesloten te zijn.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 97m eerste lid; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), gewijzigd (Stb. 2000, 627), art. 53 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 2000–2001
Product: Regeling
Waardering: V 5 jaar
(627)
Handeling: Het registreren van de aansluiting van een werkgever bij een sector.
Opmerking: Een werkgever is van rechtswege aangesloten bij een bepaalde sector. De uitvoeringsinstelling stelt vast welke bedrijfsvereniging dit is. Indien de werkgever het daar niet mee eens is wordt door de het Lisv een uitspraak gedaan. Bij wijziging van werkzaamheden of ophouden te bestaan dient een werkgever zich schriftelijk af te melden.
Waardering: V 5 jaar na afmelding van de werkgever, indien voldaan is aan alle verplichtingen
(628)
Handeling: Het beslissen bij welke sector een werkgever aangesloten is.
Waardering: V 5 jaar na het ophouden van het bestaan van de werkgever
(629)
Handeling: Het vaststellen van het deel van de fondsen van een sector dat bij de overgang van een of meer werkgevers naar een andere sector mede overgaat.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 66 eerste lid (b.w. Stb. 1997, 96);
Periode: 1997
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(1260)
Handeling: Het aangaan van een overeenkomst met de Arbeidsvoorzieningsorganisatie.
Grondslag: Wet van 21 december 1995 (Stb. 1995, 691), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. XXXVI eerste lid (b.w. Stb. 2001, 690);
Periode: 1997–2001
Product: Overeenkomst
Opmerking: Dit betreft een overeenkomst voor de jaren 1997–1999 op grond waarvan de Arbeidsvoorzieningsoranisatie diensten verleent die er op gericht zijn moeilijk plaatsbare werkeloze werknemers geschikt te maken voor de inschakeling in het arbeidsproces.
Waardering: B 4
(1261)
Handeling: Het vaststellen van een (deel-)budget ten laste van het Algemeen Werkloosheidsfonds ter uitvoering van de overeenkomst met de Arbeidsvoorzieningsorganisatie.
Grondslag: Wet van 21 december 1995 (Stb. 1995, 691), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. XXXVI tweede, derde en vierde lid (b.w. Stb. 2001, 690);
Periode: 1997–2001
Product: Financiële bescheiden
Opmerking: Het Lisv stelt de minister in kennis van alle afspraken die met de Arbeidsvoorzieningsorganisaties zijn gemaakt over de inzet van de bedoelde budgetten.
Waardering: V 7 jaar
(687)
Handeling: Het vaststellen van een bestuursreglement.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 35 tweede lid, 36 en 37 (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: bestuursreglement
Opmerking: Het bestuursreglement behoeft de goedkeuring van de minister.
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(688)
Handeling: Het vaststellen van (interne) regels ten aanzien van de organisatie en werkwijze.
Grondslag: o.a.: Bestuursreglement
Periode: 1997–2001
Product: regeling, onder andere:
Opmerking: Het betreft hier onder meer regels ten aanzien van:
– klachtenbehandeling
– vergoedingsregelingen voor bestuursleden
– werkwijze commissies
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(689)
Handeling: Het vaststellen van het algemeen beleid.
Grondslag: Bestuursreglement art. 5–11
Periode: 1997–2001
Product: notulen (en vergaderstukken)
Opmerking: Hierbij wordt gedacht aan de neerslag van de vergaderingen van het bestuur van het Lisv en door het bestuur ingestelde commissies of kamers. Met name in deze vergaderingen worden beleidsbepalende beslissingen genomen.
Waardering: B 1
(690)
Handeling: Het jaarlijks opstellen van een plan van werkzaamheden.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 38 vierde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: jaarplan, (meerjarenplan?)
Opmerking: Over het plan wordt door het Lisv overleg gevoerd met de minister. Ook biedt het Lisv het plan aan aan het Ctsv.
Handeling: Het erkennen (en intrekken van de erkenning) van een rechtspersoon als sectorraad.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), gewijzigd (Stb. 1998, 670), art. 56 eerste en tweede lid en art. 57 (b.w. Stb. 2001, 625); Beleidsregels voorwaarden voor de erkenning als sectorraad (Stcrt. 1997, 47)
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: B 4
(725)
Handeling: Het vaststellen van beleidsregels voor de erkenning van sectorraden.
– Beleidsregels voorwaarden voor de erkenning als sectorraad (Stcrt. 1997, 47)
Waardering: B 4
(726)
Handeling: Het vaststellen van regels voor de vergoeding van de kosten van sectorraden voor het tot stand brengen van ontwerpen, adviezen en rapportages.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 58 derde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
periode: 1997–2001
Product: regeling, onder andere:
– Regels omtrent de vergoeding van de kosten van een sectorraad (Stcrt. 1997, 139)
Opmerking: De regels behoeven goedkeuring van de minister.
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(727)
Handeling: Het vergoeden van de kosten van sectorraden voor het tot stand brengen van ontwerpen, adviezen en rapportages.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 58 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(732)
Handeling: Het sluiten van overeenkomsten met de uitvoeringsinstellingen over de uitvoering van werknemersverzekeringen.
Opmerking: Het bestuur van het Lisv wordt hierbij geadviseerd door een vaste bestuurscommissie (‘de commissie als bedoeld in art. 37 van de Osv 1997’).
Waardering: B 5
(734)
Handeling: Het vaststellen van regels waaraan ontwerp-overeenkomsten van sectorraden dienen te voldoen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 44 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Opmerking: Deze regeling dient door de minister goedgekeurd te worden.
Waardering: B 1
(740)
Handeling: Het verlenen van toestemming aan uitvoeringsinstellingen voor het uitbesteden van werkzaamheden aan één of meer andere rechtspersonen of natuurlijke personen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 42 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625); Regeling uitbesteding door uitvoeringsinstellingen (Stcrt. 1997, 41) art. 2–3; Besluit (Lisv) toetsingsvoorwaarden uitbesteding door uitvoeringsinstellingen (Stcrt. 1997, 172)
Periode: 1997–2001
Product: algemene maatregel van bestuur
Waardering: B 4
(1446)
Handeling: Het sluiten van overeenkomsten tot inkoop van diensten, tot dienstverlening of overige goederen ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering.
Periode: 1997–2001
Product: Overeenkomst
Waardering: V 5 jaar na vervallen van het belang
(1447)
Handeling: Het uitvoeren van een aanbestedingsprocedure met betrekking tot het diensten, leveringen en werken ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering.
Product: regeling, zoals het privacy-reglement, openbaarheidsreglement, archiefbeheersregels
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(767)
Handeling: Het verstrekken van informatie over verzekerden aan andere bestuursorganen en (uitvoerings)instellingen.
Grondslag: o.a.: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 101 en 102 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet van 21 december 1995 (Stb. 1995, 691) art. XXXVI vijfde lid (b.w. Stb. 2001, 690); Besluit gegevensverstrekking sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 99) art. 2–11
Periode: 1997–2001
Product: inlichtingen, gegevensverstrekking
Opmerking: Onder de instellingen worden o.a. de uvi’s verstaan, maar ook pensioenfondsen, stichtingen tot uitvoering van een regeling inzake vervroegd uittreden (vut) of andere collectieve voorzieningen voor werknemers, na machtiging door de verzekerde, uitkeringsgerechtigde of werkgever.
Waardering: V 5 jaar
(768)
Handeling: Het aangaan van samenwerkingsverbanden op het gebied van uitwisseling van persoonsgegevens.
Opmerking: Door de Sociale Verzekeringsbank en de bedrijfsverenigingen is in 1994 het Routerings Instituut voor Nationale Informatiestromen (Rinis) opgericht, dat in 1996 door de SVB, het Tica en de Arbeidsvoorziening Nederland in een stichting is ondergebracht. De stichting heeft tot doel ‘het doen van onderzoek en het (doen) verlenen van diensten aan afnemers op het gebied van elektronische uitwisseling van (persoons)gegevens’.
Waardering: B 4
(771)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van voorlichtingscampagnes.
Opmerking: Het betreft hier bijvoorbeeld campagnes om de aandacht te vestigen op de inwerkingtreding van een nieuwe wettelijke regeling (Wulbz), op de mogelijkheden tot vrijwillige verzekering (campagnes voor de vrijwillige ouderdomsverzekering door de Raden van Arbeid) of op aspecten van het beleid (de campagne ‘Zwartwerk is broodroof’ van het Lisv).
Waardering: B 5
(772)
Handeling: Het uitvoeren van voorlichtingsactiviteiten op het terrein van de sociale verzekeringen.
Handeling: Het beantwoorden van vragen van individuele burgers, bedrijven en instellingen betreffende de uitvoering van de sociale verzekeringen.
Grondslag: Wet Openbaarheid van Bestuur (Stb. 1991, 703); Regeling uitvoering Wet Openbaarheid van Bestuur (Stcrt. 1993, 246) art. 5–8
Periode: 1997–2001
Product: brieven aan burgers en instanties
Waardering: V 3 jaar
(775)
Handeling: Het verzorgen van periodieke uitgaven op het gebied van de sociale verzekeringen.
Periode: 1997–2001
Product: tijdschriften, periodieke uitgaven
Waardering: tijdschriften en uitgaven B 5
administratie enz. V 5 jaar
Opmerking: Tot de te bewaren publicaties behoren niet die publicaties die de eigen organisatie betreffen.
(776)
Handeling: Het voeren van het financieel beheer.
Periode: 1997–2001
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(779)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van het huisvestingsbeleid.
Periode: 1997–2001
Product: beleidsplan, beleidsnota
Waardering: B 4
(780)
Handeling: Het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen.
Periode: 1997–2001
Product: overeenkomsten
Waardering: V 20 jaar na vervallen van het belang
(781)
Handeling: Het uitvoeren van het huisvestingsbeleid.
Bron: jaarverslagen
Periode: 1997–2001
Opmerking: Onder deze handeling wordt verstaan:
– het huren of verhuren van gebouwen en ruimten
– het verzorgen en begeleiden van bouwkundige activiteiten en onderhoudswerkzaamheden
– het verstrekken, in stand houden en inrichten van technische bedrijfsbenodigdheden, installaties, ruimtes en netwerken
– het nemen van maatregelen op het gebied van beveiliging van mensen, gebouwen, bedrijfsruimten, middelen en goederen
Waardering: V 10 jaar, bouw- en technische tekeningen blijven bewaard zolang een
gebouw, installatie, ruimte, netwerk e.d. in gebruik is.
(788)
Handeling: Het stellen van nadere regels inzake de bekostiging van de voorzieningen voor personeel van uitvoeringsorganen die een gevolg zijn van wijzigingen in sociale verzekeringswetten.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 116 derde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Waardering: V 20 jaar na vervallen van het belang
(796)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van het arbeidsvoorwaarden- en personeelsbeleid.
Periode: 1997–2001
Product: regeling
Waardering: B 4
(797)
Handeling: Het uitvoeren van het arbeidsvoorwaarden- en personeelsbeleid.
Periode: 1997–2001
Product: beschikking
Opmerking: Onder deze handeling vallen zowel rechtshandelingen zoals het aanstellen, bevorderen en ontslaan van personeel, het toekennen van vergoedingen voor reis- en verblijfkosten en studiekosten etc. als feitelijke handelingen als het betalen van salaris.
Waardering: V stukken betreffende de rechtspositie: 75 jaar na geboortedatum
V overige stukken: 5 jaar
V tijdelijke contractanten: 3 jaar
Toezicht
(817)
Handeling: Het jaarlijks opstellen van rapportages over de rechtmatigheid en over de doelmatigheid van de uitvoering van de sociale verzekeringen door de uitvoeringsorganen.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 11 zesde lid en 84 derde lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de terugvordering en de tenuitvoerlegging van besluiten tot terugvordering van een uitkering die onverschuldigd is betaald.
Handeling: Het opstellen, vaststellen en uitbrengen van een jaarverslag en jaarrekening, of meerjarenbeleidsplan aan de minister en/of het toezichthoudende orgaan.
Opmerking: Hieronder worden ook verstaan jaarverslagen van commissies en kamers. Sinds de inwerkingtreding van de nOsv worden het jaarverslag en de jaarrekening van de SVB en het Tica/Lisv aan het College van toezicht sociale verzekeringen uitgebracht. Deze brengt vervolgens verslag uit aan de minister.
(843)
Handeling: Het geven van opdracht tot een accountantsonderzoek van de jaarrekeningen.
Handeling: Het verslag uitbrengen aan de minister omtrent de stand van zaken van de verschillende sociale verzekeringen
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 38 eerste lid onder f (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 1997–2001
Product: verslag
Opmerking: Door achtereenvolgens de SVr, het Ctsv en het Lisv zijn rapportages opgesteld die soms per wet zijn ingedeeld soms over verschillende wetten gaan, die per kwartaal of jaar zijn opgesteld en die veelal een grote hoeveelheid statistisch materiaal bevatten. Vanaf 1992 is een aantal malen als totaaloverzicht de ‘Kroniek van de sociale verzekeringen’ uitgebracht.
Waardering: B 3
Aanvullende pensioenregelingen
(930)
Handeling: Het maandelijks aan het FVP melden van werkloze werknemers, die voor een bijdrage voor de voortzetting van hun pensioenvoorziening in aanmerking komen.
Opmerking: Formeel wordt de melding aan het FVP door de bedrijfsvereniging/het Lisv gedaan, praktisch gezien door de uitvoeringsinstellingen (GAK, GUO enz.).
Waardering: V 3 jaar
Actor: Commissie als bedoeld in artikel 37 OSV 1997
(735)
Handeling: Het adviseren van het bestuur van het Landelijk instituut sociale verzekeringen inzake administratie- en jaarovereenkomsten met uitvoeringsinstellingen voor niet sectorspecifieke aangelegenheden.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 37 vierde lid (b.w. Stb. 2001, 625);
Handeling: Het voeren van overleg met ministers en vertegenwoordigers van andere uitvoeringsorganen over aangelegenheden betreffende de sociale verzekeringen.
Periode: 2002–
Product: verslag, notulen, akkoord
Waardering: V 5 jaar Indien een hoger orgaan (minister, SER) betrokken was bij het overleg worden de stukken daar bewaard.
B 1 Indien het betreffende orgaan het hoogst betrokken orgaan is.
(29)
Handeling: Het deelnemen aan advies- en overlegcommissies waarvan het voorzitterschap en/of secretariaat niet bij de eigen instelling berust.
Periode: 2002–
Product: lidmaatschapsarchief
Waardering: V 5 jaar, tenzij voorzitterschap B 1
(32)
Handeling: Het oprichten en in stand houden van privaatrechtelijke instellingen op het gebied van de sociale verzekeringen.
Periode: 2002–
Product: oprichtingsakte, statuten, verslaglegging naar de oprichters bijv. jaarverslagen
Opmerking: Voorbeelden van dergelijk rechtspersonen zijn de Stichting Bureau voor Duitse Zaken, de Stichting Bureau voor Belgische Zaken, het Voorlichtingscentrum Sociale Verzekering (VSV) en de Stichting Opleiding Sociale Verzekering (SOSV).
Waardering: B 4
(34)
Handeling: Het verlenen van subsidies (of bijdragen voor de instandhouding) aan instellingen die een adviserende of uitvoerende taak hebben op het terrein van de sociale verzekeringen.
Opmerking: Onder andere aan de door de uitvoeringsorganen opgerichte rechtspersonen (bijv. het Voorlichtingscentrum Sociale Verzekering) worden instandhoudingsbijdragen verstrekt. Het SVB is ook medesponsor van het International Sociale Security Association (ISSA) te Genève.
Er kunnen ook subsidies verstrekt worden voor (wetenschappelijk) onderzoek.
Waardering: V 10 jaar
Internationale handelingen
(38)
Handeling: Het deelnemen aan internationale overlegstructuren op het gebied van de uitvoering van de sociale verzekeringen.
Bron:
Periode: 2002–
Product: lidmaatschapsarchief
Opmerking: Als belangrijkste internationale organisaties kunnen genoemd worden de International Social Security Association (ISSA) en het Europees Instituut voor Sociale Zekerheid.
Waardering: V 10 jaar
(41)
Handeling: Het adviseren van de Ministers van Sociale Zaken en/of van Volksgezondheid over de totstandkoming van verdragen met bijbehorende akkoorden of regelingen.
Bron: o.a.: jaarverslagen
Periode: 2002–
Product: advies
Waardering: B 1
(42)
Handeling: Het opstellen van protocollen met buitenlandse zusterorganisaties die bindende afspraken bevatten betreffende de uitvoering van verdragen en akkoorden inzake sociale zekerheid.
Grondslag: Internationale verdragen en administratieve akkoorden
Periode: 2002–
Product: protocol
Waardering: B 5
(51)
Handeling: Het verrekenen van verleende uitkeringen en geneeskundige verstrekkingen met uitvoeringsorganen in andere EU-lidstaten en andere verdragsstaten.
Grondslag: Verordening van de Raad (EU) tot vaststelling van de wijze van toepassing van Verordening nr. 1408/71, nr. 574/72 (PB EG 1972, L 74) art. 93–105; bi- en multilaterale verdragen
Periode: 2002–
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
Werknemers- en volksverzekeringen
(976)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – stellen van regels waarbij afgeweken kan worden van één of meer categorieën verzekerden zoals in de wet vermeld staat.
Handeling: Het buiten toepassing laten of afwijken van artikelen uit het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden Waz.
Grondslag: Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden Waz (Stb. 1997, 797), art. 5;
Periode: 2002–
Product: Besluit
Opmerking: Hiervan wordt mededeling gedaan in de Staatscourant.
Waardering: B 5
(216)
Handeling: Het vaststellen van algemene en bijzondere regels ten aanzien van het bepalen van de hoogte van de dagloon voor de berekening van de uitkeringen.
Grondslag: o.a.: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 9 zevende lid gewijzigd bij (Stb. 1953, 578) art. 9a eerste lid, gewijzigd bij (Stb. 1967, 396) art. 12a eerste en tweede lid (b.w. Stb. 1967, 42); Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1953, 473) art. 8a, gewijzigd en vernummerd (Stb. 1967, 473) art. 15 (gewijzigd Stb. 1997, 96) en art. 16; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 14, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 14 tweede en derde lid; Wet aanpassing daglonen Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1967, 102) art. 3; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 45 tweede en derde lid en 52i en gewijzigd (Stb. 2001, 692), art. 58 derde lid; Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid (Stb. 1987, 94) art. 34 tweede, derde en zesde lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 34 derde en vierde lid; Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria (Stb. 1996, 93), art. 9 achtste lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 9 negende en zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 9 tiende lid; Invoeringswet nieuwe en gewijzigde arbeidsongeschiktheidsregelingen (Stb. 1997, 178), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. V tweede lid onder b en vijfde lid;
Periode: 2002–
Product: (ministeriële) regeling, onder andere:
– Regeling vrijwillige WAO-verzekering voor groepen gewezen AAW-verzekerden en vrijwillig AAW-verzekerden (Stcrt. 1998, 43)
– Aanpassingsregeling arbeid en zorg (Stcrt. 2002, 171
Opmerking: Het Lisv/UWV kan – zo nodig in afwijking van de door de minister vastgestelde regels – regels stellen met betrekking tot de vaststelling van het dagloon voor één of meer categorieën werknemers. De regels van het Lisv/UWV behoeven dan wel de goedkeuring van de minister.
Waardering: B 1
(218)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – treffen van bijzondere bepalingen inzake de vaststelling van het dagloon ten aanzien (van groepen van) bij een bedrijfsvereniging/sector verzekerde werknemers
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 6 zesde lid, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 8 tiende lid, gewijzigd (Stb. 1953, 578) art. 8a derde lid, gewijzigd (Stb. 1966, 85) art. 15; Besluit Ziekengelduitkering bij bijzondere werktijdregeling (Stb. 1970, 293) art. 1–2; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 9 achtste en negende lid, gewijzigd bij (Stb. 1953, 578) art. 9a tweede en vierde lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), art. 45 derde lid (vervallen Stb. 2001, 625); Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid (Stb. 1987, 94) art. 34 vijfde lid; Algemene dagloonregels (Stcrt. 1987, 130) art. 7 derde lid
Handeling: Het onder goedkeuring van de minister vaststellen van bovenwettelijke regelingen voor bepaalde groepen van personen ten aanzien van het ziekengeld.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 37 tweede lid, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 8 tiende lid (b.w. Stb. 1966, 85) en 29 tweede lid, vernummerd (Stb. 1967, 473) derde lid (b.w. Stb. 1993, 750); Besluit ziekengeld bij bijzondere werktijdregeling (Stb. 1959, 321; vervangen Stb. 1961, 298; Stb. 1967, 360; Stb. 1970, 293)
Periode: 2002–
Product: regeling
Opmerking: Het betreft hier onder meer regelingen met betrekking tot het uitkeren van ziekengeld over de eerste twee dagen van arbeidsongeschiktheid en regelingen met betrekking tot de bijzondere werktijdenregeling (bijv. een 4- of 6-daags uitkeringssysteem).
Waardering: B 5
(1005)
Handeling: Het verstrekken van gegevens over ziekteverzuim van werknemers aan een daartoe aangewezen ambtenaar van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
Handeling: Het verrekenen van de kosten aan de werkgever of werknemer voor het op zijn/haar verzoek verrichten van onderzoek naar het bestaan van ongeschiktheid tot werken, over de aanwezigheid van passende arbeid en ten aanzien van de zieke werknemer voldoende en geschikte reïntegratie-inspanningen zijn verricht.
Product: Financiële bescheiden
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 32 eerste lid
Waardering: V 7 jaar
(1029)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – stellen van regels met betrekking tot het verzekerd zijn van een persoon die op de eerste dag van werkloosheid 57,5 jaar of ouder was en die recht had op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de mededeling van de uitkeringsgerechtigde tot het verrichten van onbeloonde werkzaamheden met de mogelijkheid tot aansluitende dienstbetrekking.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag tot het behoud van het recht op WW-uitkering indien de uitkeringsgerechtigde werkzaamheden gaat verrichten in de uitoefening van een bedrijf of een beroep.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag om toepassing van het Tijdelijk besluit verlenging herlevingstermijn startende zelfstandigen WW.
Handeling: Het betalen van de arbeidsongeschiktheidsverzekering indien de werknemer meer dan één werkgever heeft.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2001, 625) art 71 eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1041)
Handeling: Het aanwijzen van een deskundige voor het beoordelen van een persoon op zijn mate van arbeidsongeschiktheid.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 24 eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Aanwijzingsbesluit
Waardering: B 4
(1042)
Handeling: Het per werkgever openbaar maken van het instroomcijfer WAO.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2002, 647), art. 80a eerste lid;
Periode: 2003–
Product: Publicatie, rapportage
Opmerking: Het instroomcijfer WAO is het percentage werknemers van een werkgever die in een kalenderjaar recht heeft gekregen op een arbeidsongeschiktheids-uitkering.
Waardering: V 3 jaar
(1070)
Handeling: Het sluiten van een contract met een reïntegratiebedrijf of Arbo-dienst voor het verrichten van de reïntegratietaak van werknemers met een WW-uitkering of een arbeidshandicap.
Product: contract
Periode: 2002–
Grondslag: Besluit SUWI (Stb. 2001, 688) art. 4.1 eerste, tweede en derde lid
Waardering: V 5 jaar
(1449)
Handeling: Het uitvoeren van een aanbestedingsprocedure met betrekking tot de inkoop van reïntegratietrajecten.
Handeling: Het vaststellen van een traject gericht op inschakeling in het arbeidsproces voor werknemers die recht hebben op uitkering op grond van de Werkloosheidswet.
Opmerking: Het betreft een experiment dat ten doel heeft de inschakeling van werknemers, die recht hebben op uitkering op grond van de Werkloosheidswet, in het arbeidsproces te bevorderen.
Waardering: V 7 jaar
(1091)
Handeling: Het vaststellen van een traject voor een werknemer gericht op het ingeschakeld blijven in het arbeidsproces.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag van een werknemer om een traject vast te stellen gericht op het ingeschakeld blijven in het arbeidsproces.
Handeling: Het opdragen aan de Arbeidsvoorzieningsorganisatie (tot 2002) of derden van werkzaamheden die verbonden zijn aan de bevordering om bepaalde groepen werknemers ingeschakeld te laten blijven in de arbeid door middel van een experiment.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 1999, 307; Stb. 2001, 690), art. 130c eerste lid; Tijdelijk besluit sluitende aanpak WW (Stb. 1999, 380), art. 4 tweede lid; Tijdelijk besluit preventieve inzet wachtgeldfondsen (Stb. 2000, 190), art. 4 tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Besluit
Waardering: B 4
(1108)
Handeling: Het sluiten van een overeenkomst met betrekking tot kinderopvang voor een werknemer of arbeidsgehandicapte.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 259) art. 74 eerste lid; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290) gewijzigd (Stb. 2001, 259) art. 22a eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Overeenkomst
Waardering: V 5 jaar
(1109)
Handeling: Het verstrekken van een tegemoetkoming aan een werkgever in de kosten voor de kinderopvang die hij maakt voor een werknemer of arbeidsgehandicapte.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 259), art. 74 tweede lid; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 259), art. 22a tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1110)
Handeling: Het verrekenen van de eigen bijdrage die een werknemer of arbeidsgehandicapte is verschuldigd voor de kosten van kinderopvang.
Handeling: Het vaststellen van nadere regels inzake de aanvraag, toekenning, herziening, schorsing, intrekking en betaalbaarstelling van uitkeringen ingevolge de werknemersverzekeringen.
Grondslag: o.a.: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 29, 30 vijfde lid, 33b, 37 tweede lid, 38 zesde lid, 39b tweede lid, 40 eerste lid, 44, 45 vijfde lid, 45a zesde lid en 45c derde lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 37 (b.w. Stb. 2001, 625) en 77 derde lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 37 en gewijzigd (Stb. 2002, 584), art. 85 eerste lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 26, 28, 34, 36, 50 en 71a en gewijzigd (Stb. 2002, 584), art. 71b derde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 6, 19–24, 26 en 65; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 16; Wet op de uitkering-ineens (Stb. 1970, 667) art. 2 eerste lid; Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria (Stb. 1996, 93) art. 8 derde lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 38 (b.w. Stb. 1997, 96); Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 7 eerste lid;
Periode: 2002–
Product: regeling
Opmerking: Voorbeelden van deze regelingen zijn (ZW): regels voor werknemers die nog partieel leerplichtig zijn; voor de vergoeding van reiskosten; voor kleine ondernemingen; voor een uitkering-ineens; voor de uitbetaling van ziekengeld aan anderen dan de verzekerde; voor de terugvordering van het ziekengeld door de bedrijfsvereniging bij een werkgever.
Hieronder wordt ook verstaan: het aanmerken van de eerste werkdag.
Waardering: B 5
(314)
Handeling: Het vaststellen van een ziekengeldreglement.
Handeling: Het vaststellen van een wachtgeld- en een werkloosheidsreglement (1986–1997) of een uitkeringsreglement werkloosheidsverzekeringen (vanaf 1997).
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 101 eerste lid
Periode: 2002–
Product: Reglement
Waardering: B 5
(319)
Handeling: Het opstellen van beoordelingsnormen, beleidsregels en wetsinterpreterende regels over de uitvoering van de werknemersverzekeringen.
Opmerking: In verschillende artikelen in de werknemersverzekeringen is aan de uitvoeringsorganen (zowel de bedrijfsverenigingen, de fondsen, als het Tica/het Lisv/het UWV) een bepaalde beleidsvrijheid toegekend.
Het Functie-informatiesysteem (FIS) is een geautomatiseerd systeem dat wordt gebruikt als hulpmiddel bij het duiden van functies die een belanghebbende arbeidsongeschikte nog kan verrichten. In het Fis zijn een groot aantal functies opgeslagen. Het FIS moet representatief zijn qua hoogte van de beloning van een bepaalde functie, geografische spreiding van functies, opleiding die voor een bepaalde functie vereist wordt en de belasting die een bepaalde functie met zich meebrengt.
Medio 2002 is het FIS-systeem opgevolgd door het Claim Beoordelings Borging Systeem (CBBS).
Waardering: B 5
(320)
Handeling: Het stellen van regels ten aanzien van de inschrijving van werkzoekenden bij het arbeidsbureau.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 40 eerste lid, gewijzigd (Stb. 1953, 117) art. 31 eerste lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 26 tweede lid, 27 derde lid, gewijzigd (Stb. 1996, 248) art. 24 zesde lid en 26 derde lid
Periode: 2002–
Product: regeling
Waardering: B 5
(324)
Handeling: Het ontwerpen/vaststellen van systemen voor de administratie en registratie van verzekerden en uitkeringsgerechtigden.
Grondslag: onder meer: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 47 tweede en vierde lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 33; Voorschriften verzekerdenadministratie
Periode: 2002–
Product: systeem
Waardering: V 10 jaar
(325)
Handeling: Het registreren van verzekerden en uitkeringsgerechtigden.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 23 tweede lid en 26 tweede lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 59 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96) en (Stb. 1997, 95) art. 47 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 33;
Periode: 2002–
Product: Verzekerdenadministratie (VZA)
Waardering: V 5 jaar na bereiken 65 jarige leeftijd of overlijden van de verzekerde
(326)
Handeling: Het beheren van de Gemeenschappelijke Verwijsindex (GVI).
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 38 eerste lid onder e (b.w. Stb. 2001, 625); Regeling SUWI (Stcrt. 200, 2), art. 3.11 eerste lid;
Opmerking: Het beheer van de Gemeenschappelijke Verwijsindex was tot 1 maart 1997 in handen van een coöperatieve vereniging van bedrijfsverenigingen (de IDSV – Informatie Diensten Sociale Verzekeringen). De wetgever achtte het, gezien het publieke belang van de GVI, noodzakelijk dat het beheer van de GVI werd opgedragen aan een publiekrechtelijke instelling, in casu het Lisv/UWV.
Waardering: V 5 jaar
(330)
Handeling: Het verlenen van toestemming om wegens verblijf in het buitenland van verzekering vrijgesteld te worden.
Grondslag: Besluit van 23 augustus 1989 (Stb. 1989, 402) art. 15 eerste lid
Periode: 2002–
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(331)
Handeling: Het verstrekken van overzichten aan verzekerden en uitkeringsgerechtigden van de over hen geregistreerde gegevens.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 23 vierde en vijfde lid; vernummerd (Stb. 1993, 660) vijfde en zesde lid; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 59 vijfde en zesde lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 48 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 33 vierde lid; Besluit registratiebericht (Stcrt. 1989, 244); Besluit statusoverzicht (Stcrt. 1991, 217) art. 2–4; Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2), art. 3.1, art. 3.2;
Periode: 2002–
Product: registratiebericht, statusoverzicht
Waardering: V 5 jaar
(333)
Handeling: Het toekennen, weigeren, herzien, intrekken en terugvorderen van uitkeringen ingevolge de Ziektewet (ziekengeld).
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 12 tweede en derde lid, 32 tweede lid, 46 eerste lid en 53 eerste lid, gewijzigd (Stb. 1952, 474) art. 28, gewijzigd (Stb. 1998, 742) 30 derde lid, 30a, 32 derde lid, 37 eerste lid, 39a (b.w. Stb. 2001, 628), 39c, 44, gewijzigd (Stb. 2001, 628), 53, 55 derde lid en 57 eerste lid
Periode: 2002–
Product: beschikking
Opmerking: Hieronder valt ook het inwinnen van informatie over de betrokkenen en het gelasten van medisch onderzoek. Indien de bedrijfsvereniging een afdelingskas heeft ingesteld voor een bedrijf of groep van bedrijven wordt het ziekengeld toegekend door het bestuur van de afdelingskas.
Het Lisv/UWV is bevoegd in bijzondere gevallen van het ziekengeld een hoger bedrag uit te keren dan in de wet bepaald is.
Waardering: V 5 jaar
(336)
Handeling: Het toekennen, weigeren, herzien, intrekken en terugvorderen van wachtgeld- en werkloosheidsuitkeringen ingevolge de Werkloosheidswet.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 22–23, 27, gewijzigd (Stb. 1998, 742), 27a, 30–33, 36, 52e, 52f, 63 tweede lid en 77 tweede lid; Wachtgeld- en werkloosheidsreglementen, Besluit sanctietoepassing Werkloosheidswet (Stcrt. 1994, 61) art. 1 en 4; Uitvoeringsregelingen
Periode: 2002–
Product: beschikking
Opmerking: Onder deze handeling valt ook het eventuele verstrekken van een voorschot en het intrekken, weigeren (sanctie) of herzien van een besluit tot toekenning van een uitkering. Het te veel uitgekeerde wordt dan door de bedrijfsvereniging/Lisv/UWV teruggevorderd. Hieronder valt ook de bevoegdheid van de bedrijfsvereniging om af te wijken van de wettelijke verjaringstermijn van het recht op een uitkering of betaalbaarstelling, de betaling van vakantietoeslag en de aftrek van inkomsten wegens loonderving en ouderdomspensioen. Tevens valt hieronder het geven van toestemming voor het verrichten van onbeloonde activiteiten door werkloze werknemers en het verlenen van vrijstelling c.q. het opleggen van verplichtingen aan een werknemer in het kader van het vinden van passende arbeid.
Waardering: V 5 jaar
(337)
Handeling: Het toekennen, weigeren, herzien, intrekken en terugvorderen van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en toelagen ingevolge de WAO, de AAW, de WAZ, de Wajong en de Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 19 zevende lid en art. 23–25, gewijzigd (Stb. 2001, 742), 29–29b, 34–44, en gewijzigd (Stb. 2001, 625) 48–49, 59d en zoals gewijzigd (Stb. 1995, 560) art. 63 (b.w. Stb. 1998, 290) en gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 65b, (Stb. 2001, 628) art. 71, 71a en 71b; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 14–16, 26–33 en 36–40; Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb 1967, 102) art. 53–59; Wet van 24 december 1970 (Stb. 1970, 667) art 1; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 40 derde lid, 55 eerste en tweede lid, 63; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 32; Besluit inkomenssuppletie (Stb. 1996, 187); Besluit loonsuppletie (Stb. 1996, 188)
Periode: 2002–
Product: beschikking, schriftelijke waarschuwing, plan van aanpak, reïntergratieverslag
Opmerking: Op de uitkering wordt door de bedrijfsvereniging, later het Lisv/het UWV, de vereveningsbijdrage in gehouden. Onder deze handeling valt ook de overlijdensuitkering, welke na het overlijden van een verzekerde betaald wordt aan de rechthebbende(n).
Onder deze handeling valt ook het beoordelen van een persoon naar de mate van zijn arbeidsongeschiktheid.
Waardering: V 5 jaar
(1118)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag van loonsuppletie.
Grondslag: Tijdelijk besluit loonsuppletie WW (Stb. 2000, 189), art. 8 eerste lid
Periode: 2002–2004
Product: Regeling
Waardering: B 5
(339)
Handeling: Het toekennen, weigeren, herzien, intrekken en terugvorderen van toeslagen op uitkeringen ingevolge de Toeslagenwet.
Opmerking: De toelage wordt in principe gelijk met de loondervinguitkering waarop deze een aanvulling is uitbetaald in één bedrag. Onder deze handeling wordt verstaan zowel het beoordelen van het recht op een toelage, het betalen van toelagen, vakantie- en overlijdensuitkeringen, het verstrekken van voorschotten, het terugvorderen van onverschuldigde betalingen en het doen van betalingen aan andere instellingen bij samenloop van uitkeringen.
Waardering: V 5 jaar
(343)
Handeling: Het bepalen of de bedrijfsvereniging/Lisv/UWV een uitkering toekent aan een werknemer, of een groep werknemers die ten gevolge van werkstaking, of uitsluiting werkloos is.
Handeling: Het ten aanzien van het bepalen van de lasten van het wachtgeldfonds, gelijkstellen van een verzekering/werkzaamheden van een andere bedrijfsvereniging/sector met die van de eigen bedrijfsvereniging/sector.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 90 derde lid, vernummerd (Stb. 1986, 639) tweede lid
Periode: 2002–
Product: beschikking
Waardering: B 5
(347)
Handeling: Het betaalbaar stellen van arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en, op verzoek van andere organen, van invaliditeitsuitkeringen of pensioenen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 50; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 41, 45 eerste lid
Periode: 2002–
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(348)
Handeling: Het verlenen van vergunningen aan fondsen en instellingen om arbeidsongeschiktheidsuitkeringen uit te betalen.
Grondslag: Regeling van 20 juni 1985, nr. SV/85/1335 (Stcrt. 1985, 123)
Periode: 2002–
Product: vergunning
Waardering: V 10 jaar na intrekking vergunning
(349)
Handeling: Het verhalen van de kosten ingevolge de WAO, WAZ, Wajong of ZW op degene die arbeidsongeschiktheid veroorzaakt heeft.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 90;
Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 69 eerste lid; Ziektewet (Stb. 1966, 85), zoals gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 52a, 52b; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 61; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 49 eerste en tweede lid
Periode: 2002–
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(353)
Handeling: Het bepalen van de hoogte van een bijdrage en toekennen hiervan aan werkgevers die voor hun werknemers een loongarantieregeling hebben getroffen.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) zoals gewijzigd (Stb. 1977, 266) art. 42q eerste lid, 42r tweede lid en 42s tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 69 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625) en art. 70 tweede lid en 71 tweede lid (b.w. Stb. 1995, 685); Wet tijdelijke bijdrage herstructurering arbeidsvoorziening havens (Stb. 1995, 685), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 2–4, 6, 10–11
Periode: 2002–
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(361)
Handeling: Het vaststellen van het uurtarief voor doventolken die tolkdiensten verrichten, waarvan de kosten ingevolge de AAW vergoed worden.
Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), zoals gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 22 en 31;
Periode: 2002–
Product: regeling
Waardering: V 5 jaar na vervanging
(362)
Handeling: Het toekennen van voorzieningen tot behoud, herstel of ter bevordering van arbeidsgeschiktheid, genees- en heelkundige voorzieningen en voorzieningen tot verbetering van de levensomstandigheden.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 60–61 en zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 65 eerste en tweede lid; Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1967, 102) art. 43–45; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 57, 57a en 58; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 30 eerste t/m derde lid en gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 43 eerste en tweede lid;
Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 35 eerste en tweede lid; Besluit AAW-voorzieningenverstrekking (Stb. 1994, 150)
Periode: 2002–
Product: beschikking
Waardering: V 5 jaar
(1122)
Handeling: Het (jaarlijks) vaststellen van een budget ter financiering van de reïntegratiemaatregelen, en/of een experiment, en/of voor trajecten voor uitkeringsgerechtigden.
Opmerking: Het budget ter financiering van de reïntegratiemaatregelen komt ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
Het experiment heeft ten ten doel de inschakeling in het werkproces te bevorderen of bepaalde groepen in de arbeid ingeschakeld te laten blijven.
Waardering: V 7 jaar
(1123)
Handeling: Het toekennen van voorzieningen aan een jonggehandicapte die strekken tot behoud of herstel van arbeidsgeschiktheid, die de arbeidsgeschiktheid bevorderen of die een verbetering zijn van de leefomstandigheden.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 24 eerste en tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Beschikking
Waardering: V 5 jaar
(1125)
Handeling: Het buiten toepassing laten of het afwijken van het bepaalde dat het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering, om redenen van onbillijkheid, eindigt indien de jonggehandicapte buiten Nederland gaat wonen.
Handeling: Het op grond van een medisch-arbeidskundige beoordeling vaststellen of een persoon arbeidsgehandicapt is.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 3 eerste t/m vierde lid; Arbeidsgehandicaptenbesluit (Stb. 1998, 488) art. 2 eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Besluit
Opmerking: De vaststelling geschiedt in eerste instantie door het Lisv/het UWV. Als de persoon echter alleen recht heeft op een uitkering op grond van de Algemene Nabestaandenwet en de vaststelling niet is opgedragen aan het Lisv/gemeenten /UWV, dan geschiedt de vaststelling door de Arbeidsvoorzieningsorganisatie/ het gemeentebestuur van de gemeente waarin hij woonachtig is. In het laatste geval moet de persoon wel als werklooswerkzoekende bij de Arbeidsvoor-zieningsorganisatie/CWI geregistreerd staan.
Waardering: V 10 jaar
(1127)
Handeling: Het, naar evenredigheid, verminderen van de hoogte van de aanspraak op een geldelijke beloning voor de verrichte arbeid voor een arbeidsgehandicapte werknemer.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 7 tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Besluit, beschikking
Waardering: V 7 jaar
(1128)
Handeling: Het aan de hand van een reïntegratieplan vaststellen of een werkgever de inschakeling in de arbeid van zijn arbeidsgehandicapte werknemers voldoende bevordert.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 8 eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Besluit
Waardering: V 10 jaar
(1135)
Handeling: Het verstrekken van subsidie, ten laste van het Reïntegratiefonds, aan scholingsinstituten en/of andere instellingen of organisaties die ten doel hebben de arbeidsintegratie van arbeidsgehandicapten te bevorderen.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 44;
Periode: 2002–
Product: Financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1136)
Handeling: Het (laten) opstellen van een plan gericht op inschakeling in het arbeidsproces voor een arbeidsgehandicapte jonger dan 23 jaar.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 10a tweede lid, art. 13;
Periode: 2002–
Product: Reïntegratieplan, trajectplan
Waardering: V 5 jaar
(1138)
Handeling: Het verstrekken van een subsidie aan een arbeidsgehandicapte werknemer
in de vorm van een op zijn arbeidsinschakeling gericht persoonsgebonden reïntegratiebudget of het sluiten van een overeenkomst met een reïntegratiebedrijf voor de arbeidsinschakeling van de arbeidsgehandicapte werknemer.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 33a eerste lid; Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2), art. 4.1;
Periode: 2002–
Product: Subsidie, overeenkomst
Waardering: V 7 jaar
(392)
Handeling: Het toekennen van subsidies aan instellingen of organisaties die ten doel hebben het nemen of bevorderen van maatregelen, welke strekken tot behoud, herstel of ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 73a; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 69; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 87; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 67; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 44, eerste en tweede lid;
Periode: 2002–
Product: toekenningsbrief, financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1139)
Handeling: Het vaststellen van een subsidieplafond.
Handeling: Het verstrekken van subsidies voor tijdelijke projecten die ten doel hebben het beroep op een uitkering krachtens de Werkloosheidswet terug te dringen.
Handeling: Het jaarlijks opstellen van rapportages voor de minister van de subsidieverstrekkingen die in het kader van het terug dringen van het doen van een beroep op een WW-uitkering worden opgesteld.
Handeling: Het verstrekken, intrekken, wijzigen of terugvorderen van subsidies aan werkgevers of arbeidsgehandicapten voor de kosten van voorzieningen tot behoud, herstel of ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 15 eerste lid, art. 16 eerste lid, art. 17 eerste lid, art. 18 eerste lid, art. 20, art. 21, art. 22 eerste lid, art. 23 eerste lid, art. 28 eerste lid, art. 29, art. 30, art. 31 eerste lid, art. 32 eerste lid en art. 35 eerste lid, gewijzigd (Stb. 2001, 628), art. 44a;
Reïntegratie-instrumentenbesluit Wet REA (Stb. 1998, 293), art. 3 eerste lid, art. 5, art. 7 tweede lid, art. 12 eerste lid, art. 13, art. 14 eerste, tweede en veertiende lid, art. 15 eerste lid, art. 17 eerste lid; Besluit starterskrediet arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 489), art. 2 eerste lid, art.3 eerste lid, art. 4 eerste lid, art. 5;
Handeling: Het stellen van regels en/of voorwaarden met betrekking tot het verstrekken, intrekken, wijzigen of terugvorderen van subsidies aan werkgevers of arbeidsgehandicapten voor de kosten van voorzieningen tot behoud, herstel of ter bevordering van de arbeidsgeschiktheid.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 15, lid 5, art. 16, lid 4 en 5, art. 17, lid 4 en 5, art. 18, lid 6, art. 21, lid 7 en 8, art. 22, lid 6, art. 24, lid 5, art. 29, art. 30, art. 31, lid 6, art. 32, art. 33, lid 1, art. 35, lid 8 en 9, gewijzigd (Stb. 2001, 628) [Wet verbetering poortwachter] art. 15, lid 2, art. 16, lid 2, art. 18, lid 2
Periode: 2002–
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1148)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de uitvoering door de uitvoeringsinstellingen van de vaststelling of iemand arbeidsgehandicapt is.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 38 tweede lid, art. 39 zesde lid;
Periode: 2002–
Product: Regeling
Opmerking: Dit betreft de werkzaamheden die voor de vaststelling van de arbeidsongeschiktheid verricht moeten worden en de termijn waarbinnen en de wijze waarop een aanvraag om een reïntegratie-instrument moet worden ingediend.
Waardering: B 5
(1149)
Handeling: Het op aanvraag verlenen van subsidie aan een werkgever indien zijn werknemer arbeidsgehandicapte wordt en waarmee inschakeling in de arbeid buiten het bedrijf van die werkgever wordt bevorderd.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 16a eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Subsidie, financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar na einde subsidie
(1153)
Handeling: Het verstrekken van een subsidie aan een arbeidsgehandicapte niet-werknemer
in de vorm van een op zijn arbeidsinschakeling gericht persoonsgebonden reïntegratiebudget of het sluiten van een overeenkomst met een reïntegratiebedrijf voor de arbeidsinschakeling van een arbeidsgehandicapte niet-werknemer.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 33 eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Subsidie, overeenkomst
Waardering: V 7 jaar na einde subsidie
(1163)
Handeling: Het behandelen van de aanvraag of recht op loongerelateerde uitkering en vervolguitkering bestaat.
Handeling: Het vaststellen van voorschriften inzake controle en sancties op de toekenning de ziekengelden, werkloosheids- en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de voorzieningen ingevolge de AAW, de WAO, de WAZ en de Wajong.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1967, 473), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96) art. 39 tweede lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 25, 27 en 28; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 16, 18 en 19; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 13, 30; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 44; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 36;
Periode: 2002–
Product: controlevoorschriften, sanctiebesluiten
Waardering: B 5
(435)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake het opleggen van maatregelen of boeten aan (ex-)uitkeringsgerechtigden, verzekerden of toeslaggrechtigden.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 375) zoals gewijzigd (Stb. 1998, 278), art. 33b tweede lid, gewijzigd (Stb. 1996, 248) art. 45 vijfde lid en 45a zesde lid, gewijzigd (Stb. 1997, 96), 45c derde lid; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 14c derde lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 27 vierde lid, gewijzigd (Stb. 1996, 248; 1998, 278), art. 27 zevende lid, 27a zesde lid, 27c derde lid, 36 eerste lid, 36b, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 27c derde lid, 36b tweede lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 248; 1998, 278) art. 29 vierde lid, vernummerd (Stb. 2001, 625), vijfde lid, 29a zesde lid, gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 29c derde lid en 57b tweede lid en gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 57b; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 248; 1998, 278) art. 20 vierde lid, 20a zesde lid (b.w. Stb. 1997, 96), art. 20c derde lid en art. 48b tweede lid; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562), art. 14 tweede lid; gewijzigd (Stb. 1996, 248; 1998, 278) art. 14 vijfde lid, 14a zesde lid (b.w. Stb. 1996, 96), art. 14c derde lid, 20b tweede lid; Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Stb. 1997, 176), art. 47 vierde lid, 48 zesde en zevende lid en gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 50 derde lid en gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 65; Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177) art. 39 vierde lid, 40 zesde en zevende lid, 42 derde lid en gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 57;
Opmerking: Hieronder valt ook het terugvorderen van een onverschuldigd betaalde uitkering of andere bedragen.
Waardering: B 5
(1167)
Handeling: Het opleggen van een boete aan een werkgever indien de verplichting tot de opgave van het genoten loon van een werknemer niet wordt nagekomen.
Grondslag: Boetebesluit werkgevers Coördinatiewet sociale verzekering (Stb. 2000, 247), art. 2, 3 eerste lid, 4, 5 eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Correspondentie, financiële bescheiden
Waardering: V 10 jaar
(1168)
Handeling: Het opleggen van een bestuurlijke boete aan een werkgever indien niet wordt voldaan aan de verplichting tot opgave van het door de werknemer genoten loon.
Grondslag: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577), gewijzigd (Stb. 1999, 550), art. 12 tweede en derde lid, art. 12a eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Beschikking
Opmerking: Volgens art. 12 vijfde lid wordt de boete als premie beschouwd.
Waardering: V 10 jaar
(1170)
Handeling: Het opleggen van een maatregel bij het weigeren van een onderzoek of bij het niet navolgen van voorschriften.
Opmerking: Hieronder valt ook het melden of gemeld worden van onrechtmatigheden van belanghebbenden en/of verzekerden in het kader van de Wet SUWI. Het opsporingsbeleid werd pas vanaf 1994 gestructureerd ter hand genomen in het kader van het Handhavingsbeleid. Tot 1994 vonden slechts incidenteel opsporingsonderzoeken plaats.
Het opsporingsonderzoek wordt verricht door sociaal rechercheurs en afgesloten met een aangifte bij het openbaar ministerie of het melden dat een het onderzoek afgesloten wordt zonder aangifte.
De fraudeonderzoeken worden door de Sociale Verzekeringsbank in het ROF-kaartsysteem geregistreerd. Vanaf 2002 worden de fraudeonderzoeken geregistreerd in het systeem FRES (Fraude Registratie Systeem).
waardering: V 3 jaar voor onderzoeken waarbij geen fraude is geconstateerd
V 10 jaar voor overige onderzoeken
(441)
Handeling: Het maken van bindende afspraken met buitenlandse uitvoeringsorganisaties over internationale rechtshandhaving ingevolge de sociale zekerheidswetgeving.
Opmerking: Vanaf ca. 1960 werden met veel landen sociale zekerheids-verdragen gesloten, als gevolg waarvan incidenteel met de buitenlandse verbindingsorganen werd samengewerkt op het gebied van fraude en opsporing. Pas na 1994 kwamen meer bindende afspraken tot stand en werd de internationale rechtshandhaving gestructureerd aangepakt, als gevolg van het Handhavingsbeleid. Vanaf 2000 werden met veel landen specifieke handhavingsverdragen gesloten, in het kader van de Wet Beperking Export Uitkeringen (Wet BEU).
Waardering: B 5
(1175)
Handeling: Het (doen) oproepen en (doen) ondervragen van een jonggehandicapte, ingezetene of verzekerde.
Handeling: Het vaststellen van regels voor de vergoeding van de reiskosten, verblijfkosten en tijdverlies voor een jonggehandicapte, ingezetene of verzekerde die wordt opgeroepen.
Opmerking: Dit geldt ook voor de eventuele geleiders.
Waardering: B 5
(1178)
Vervallen
Rechtsbescherming
(452)
Handeling: Het beslissen op bezwaarschriften en het behandelen van beroepszaken met betrekking tot de uitvoering van de sociale verzekeringswetten/werknemers-verzekeringen.
Grondslag: o.a.: Ziektewet (Stb. 1913, 204), gewijzigd (Stb. 2001, 695), art. 73a; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 40; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 52; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 33; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 38; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd Stb. 2001, 695), art. 87g eerste en tweede lid;Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 695), art. 127b eerste en tweede lid; Algemene wet bestuursrecht (Stb. 1992, 315); Organisatiewet Sociale Verzekeringen (Stb. 1997, 95), art. 55 (b.w. St. 2001, 625); Wet premieregime bij marginale arbeid (Stb. 1997, 96), art. 9, art. 9a; Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), art. 50 tweede en derde lid;
Periode: 2002–
Product: beschikking, beroepschrift, bezwaar- en beroepsdossiers
Opmerking: In veel gevallen sluit deze handeling aan op de toekenning c.q. weigering van de uitkering of het opleggen van een premienota.
Waardering: V 5 jaar
(471)
Handeling: Het behandelen van klachten over gedragingen van (het personeel van) het uitvoeringsorgaan bij de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Opmerking: Indien de klager over de afhandeling van de klacht door het uitvoeringsorgaan niet tevreden is kan hij zijn beklag doen bij Nationale ombudsman.
Waardering: V 5 jaar
(1184)
Handeling: Het instellen van beroep bij de Centrale Raad van beroep tegen een besluit genomen door de minister met betrekking tot de vaststelling van het budget uitvoeringskosten en de budgetdiscipline.
Product: Beroepsschrift
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 83
Waardering: B 5
Financiering
(1185)
Handeling: Het vaststellen van het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1987, 89), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 77e eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Besluit
Waardering: V 7 jaar
(1187)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van het premiepercentage en het tijdvak waarvoor dat percentage geldt.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 77 tweede lid;
Opmerking: Indien de minister zijn goedkeuring onthoudt aan het vastgestelde percentage of aan het tijdvak, stelt hij het percentage of het tijdvak vast.
Waardering: V 7 jaar
(1189)
Handeling: Het stellen van regels wanneer wordt uitgegaan van de standaard premiepercentages.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 78 tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Regels
Waardering: B 5
(503)
Handeling: Het vaststellen van nadere regels omtrent het loonbegrip.
Grondslag: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 6, 7 en 9; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1953, 578) art. 8a, gewijzigd (Stb. 1967, 473) art. 15; Beschikking betreffende de waardering van loon in natura (Stcrt. 1962, 110) art. 1 lid 6; Nadere regelen maximumdagloon en franchise WAO (Stcrt. 1977, 37; vervangen Stcrt. 1985, 252) art. 5
Periode: 2002–
Product: regeling, o.a.:
– Aanpassingsregeling arbeid en zorg (Stcrt. 2002, 171)
Opmerking: Het betreft regels ten aanzien van
– inkomsten die niet tot het loon worden gerekend;
– inkomsten uit fooien en dergelijke die al dan niet tot het loon moeten worden gerekend;
– afwijkende grondslagen en tijdvakken waarover voor bepaalde groepen werknemers premie wordt geheven;
– vaststelling van het loon van bepaalde groepen arbeiders in afwijking van de CSV voor de uitvoering van de Kinderbijslag voor loontrekkenden.
Waardering: B 1
(1190)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – bepalen voor groepen arbeidsongeschikten van geen of een afwijkend tijdvak.
Handeling: Het vaststellen van nadere regels voor de loonadministratie en de vaststelling en invordering van premies voor de werknemersverzekeringen.
Grondslag: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 11 eerste lid, 12 tweede lid (b.w. Stb. 1999, 550), 16a tweede en derde lid; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 60 elfde lid (b.w. Stb. 1996, 134); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 86 vijfde lid (b.w. Stb. 1997, 794); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1998, 290), art. 77e eerste lid, gewijzigd (Stb. 1998, 742), art. 77d eerste lid en gewijzigd (Stb. 1983, 697) art. 78 tweede lid; Beschikking tot vaststelling van regelen ten aanzien van de loonadministratie (Stcrt. 1954, 1) art. 3, 8 en 15; Loonadministratiebesluit (Stcrt. 1987, 252) art. 2, 9; Besluit SVr Premiedifferentiatie Ziektewet (Stcrt. 1993, 251) art. 8
Periode: 2002–
Product: regelingen
Waardering: B 5
(515)
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van het premiepercentage voor de WAO en de AAW.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 78, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 77 tweede lid en 78 derde en vierde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 76 tweede lid (b.w. Stb. 1989, 127); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 11 derde lid; Wet aanpassing uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies (Stb. 1989, 127) art. 2 eerste lid onder b
Opmerking: Ingevolge de Wet aanpassing uitkeringsregelingen overheveling opslagpremies (WAUOO) werd naast het gewone premiepercentage voor de AAW tevens een fictief premiepercentage vastgesteld.
Hieronder valt ook het vaststellen van een opslag of korting waarmee het premiepercentage voor de WAO of WW wordt verhoogd of verlaagd.
Waardering: B 5
(516)
Handeling: Het vaststellen van een gemiddeld premiepercentage dat zal gelden voor een heel kalenderjaar, indien de herziening van het premiepercentage voor de WAO of WW niet op 1 januari ingaat.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1983, 697 en Stb. 1996, 96) art. 78 tweede lid, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 975 en 794), art. 77a eerste lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 86 vijfde lid, vernummerd (Stb. 1994, 916) derde lid, vernummerd (Stb. 1997, 96) vierde lid;
Periode: 2002–
Product: besluit van algemene strekking
Waardering: B 5
(1193)
Handeling: Het vaststellen van de minimale gedifferentieerde premie voor de kleine werkgever.
Grondslag: Besluit premiedifferentiatie WAO (Stb. 1997, 338), art. 9 derde lid (b.w. Stb. 2002, 585);
Periode: 2002
Product: Besluit
Waardering: B 5
(1194)
Handeling: Het, aan de hand van de vaststelling van het premieplichtige loon en op aanvraag van een werkgever, wijzigen van de indeling ‘grote werkgever’ in die van ‘kleine werkgever’.
Grondslag: Besluit premiedifferentiatie WAO (Stb. 1997, 338) art. 1 tweede lid (b.w. Stb. 2002, 585);
Periode: 2002
Product: Besluit
Waardering: V 7 jaar
(520)
Handeling: Het vaststellen van de premiepercentage voor de wachtgeldverzekering, het wachtgeldpremiepercentage en de vrijwillige verzekering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 41 eerste lid, vernummerd bij (Stb. 1953, 117) art. 32;
Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), art. 58 derde lid en zoals gewijzigd (Stb. 1997, 793), art. 85 en zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 86 tweede lid;
Besluit tijdelijke regeling vaststelling premie wachtgeldfondsen (Stb. 1986, 653) art. 3 vijfde lid en art. 12 (b.w. Stb. 1990, 447)
Besluit premievaststelling wachtgeldfondsen (Stb. 1997, 800), art. 2 (b.w. Stb. 1998,705); Besluit vaststelling premiepercentage wachtgeldfondsen (Stb. 1998, 705), gewijzigd (Stb. 2000, 489), art. 2 eerste en tweede lid;
Periode: 2002–
Product: besluit
Opmerking: De bedrijfsverenigingen stelden het Algemeen Werkloosheidsfonds van iedere premiewijziging in kennis.
Hieronder valt ook:
– het vaststellen van de opslag op de wachtgeldpremie, ter dekking van de lasten van de vangnetvoorziening ZW;
– het vaststellen van de wachtgeldpremie boven het lastenplafond bij een negatief dekkingssaldo;
– het vaststellen van een wachtgeldpremie lager dan het laagste percentage, voor zover daartoe een positief dekkingssaldo aanwezig is;
Waardering: B 5
(525)
Handeling: Het vaststellen en invorderen van premies voor de werknemersverzekeringen.
Grondslag: Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 11–16; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 71 en 72, vernummerd (Stb. 1952, 474) art. 61 en 62; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 64–68; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 34 en 35, vernummerd (Stb. 1953, 117) art. 25 en 26; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 79–83, gewijzigd (Stb. 2001, 644), art. 105; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 77, gewijzigd (Stb. 2001, 644), art. 79a eerste lid; Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 19; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 45 (b.w. Stb. 1997, 96); Beschikking tot vaststelling van regelen ten aanzien van de loonadministratie (Stcrt. 1954, 1)
Periode: 2002–
Product: beschikking
Opmerking: Tot deze handeling wordt ook gerekend het invorderen van voorschotpremies en premies voor afdelingskassen, het uitvaardigen van aanmaningen en het invorderen via dwangbevelen. Van verschillende voorschriften m.b.t. de loonadministratie, zoals het bijhouden van de verschillende loonstaten, kon door de inspecteur der belastingen in overeenstemming met de uitvoeringsorganen ontheffing verleend worden. Voor de handelingen van de inspecteur der belastingen verleend kan worden verwezen naar ‘Belastingver(h)effend’.
Waardering: V 7 jaar
(1197)
Handeling: Het bepalen welk premiepercentage ten gunste komt aan het wachtgeldfonds.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 85 eerste lid;
Periode: 2002–
Product: Besluit
Waardering: B 5
(1198)
Handeling: Het vrijstellen van een werkgever van de verplichting tot het betalen van de uitkeringsgerechtigde verschuldigde premies werknemersverzekeringen.
Grondslag: Wet premieregime bij marginale arbeid (Stb. 1997, 85), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 2 eerste lid, 3, 4 tweede lid en art. 5;
Periode: 2002–
Product: Vrijstellingsbesluit
Waardering: V 7 jaar
(1200)
Handeling: Het stellen van regels voor de aanvraag door een werkgever voor vrijstelling van premies werknemersverzekeringen.
Grondslag: Wet premieregime bij marginale arbeid (Stb. 1997, 85), zoals gewijzigd (Stb. 1998, 96), art. 3 vierde lid;
Periode: 2002–
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1201)
Handeling: Het heffen van premie bij overheidswerkgevers waarmee de dekking van de uitgaven en het vormen en instandhouden van een reserve van het Uitvoeringsfonds voor de overheid wordt bekostigd
Handeling: Het op aanvraag van een werkgever verlenen van vrijstelling van de verplichting tot het betalen van de door de werkgever en een uitkeringsgerechtigde en werknemer uit de Tabaksverwerkende en Agrarische sector, indien tussen beiden een dienstbetrekking bestaat, verschuldigde premies werknemersverzekeringen.
Grondslag: Wet premieregime bij marginale arbeid (Stb. 1997, 96), art. 2 eerste lid, art. 4 tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Beschikking
Waardering: V 10 jaar
(1203)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de aanvraag om vrijstelling van premies voor werknemersverzekeringen door de werkgever.
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – vaststellen van nadere regels en formulieren inzake de vrijwillige verzekering voor de ZW, de WW en de WAO.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) zoals gewijzigd (Stb. 1967, 473) art. 71; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 83 derde lid, 84 eerste en (sinds Stb. 1976, 473) derde lid, 85 eerste lid; Werkloosheidswet (Stb, 1986, 566) art. 55 eerste lid (b.w. Stb. 1997, 96), art. 59; Regelen betreffende vrijwillige verzekering WAO van Nederlanders werkzaam in ontwikkelingsland (Stcrt. 1978, 83) art. 4 tweede lid; Regels vrijwillige werkloosheidsverzekering 1993 (Stcrt. 1993, 95) art. 3 eerste lid en tweede lid
Periode: 2002–
Product: regeling
Waardering: B 5
(531)
Handeling: Het vaststellen en innen van premie van personen die vrijwillig verzekerd zijn ingevolge de ZW, de WW en de arbeidsongeschiktheidsverzekeringen.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 81 en (sinds Stb. 1971, 422; b.w. Stb. 1986, 567) 86a, (Stb. 1986, 567) 83 en 83a en (Stb 1992, 675) 83b; Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsuitkering (Stb. 1967, 102) art. 46; Regelen voor de vrijwillige verzekering WAO (Stcrt. 1967, 139); Regelen vrijwillige arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stcrt. 1986, 250); Besluit vrijwillige premiebetaling Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1976, 622) art. 3; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 53–58; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd art. 64–68; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 26 eerste lid onder b; Besluit vrijwillige verzekering AOW, AWW en AAW (Stb. 1990, 38) art. 18 (b.w. Stb. 1998, 650); Regels vrijwillige arbeidsongeschiktheidsverzekering 1993 (Stcrt. 1993, 95)
Periode: 2002–
Product: beschikking
Waardering: V 7 jaar
(1207)
Handeling: Het stellen van regels waaruit blijkt welke uitvoeringsinstelling werkzaamheden verricht met betrekking tot het toelaten van personen tot de vrijwillige verzekering.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 55 eerste lid; Ziektewet (Stb. 1987, 88), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 67;
Periode: 2002–
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1208)
Handeling: Het bepalen van het percentage van het dagloon dat als premie dient voor de vrijwillige werkloosheidsverzekering.
Handeling: Het verlenen van toestemming aan de werkgever om het risico van betaling van de arbeidsongeschiktheidsverzekering of het ziekengeld zelf te dragen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1913, 204), gewijzigd (Stb. 2002, 584), art. 63 eerste en derde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 75 eerste, vierde en vijfde lid;
Periode: 2002–
Product: Toestemming
Opmerking: Hiervoor moet de werkgever een schriftelijke garantie overleggen, waaruit blijkt dat een kredietinstelling of een verzekeraar zich jegens het Lisv verplicht de verplichtingen na te komen, indien de verplichtingen die voortvloeien uit het zelf dragen van het risico niet worden nagekomen.
Waardering: V 10 jaar
(1211)
Handeling: Het verhalen van de niet-betaalde uitkering of ziekengeld en de eventuele verschuldigde premies op de eigen risicodrager, of garantstaande de kredietinstelling of verzekeraar.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1913, 204), gewijzigd (Stb. 2002, 584), art. 63a zesde lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 794), art. 75a vierde lid, 75b vijfde en zevende lid;
Periode: 2002–
Product: Financiële bescheiden
Opmerking: Als de eigen risicodrager de arbeidsongeschiktheidsverzekering of het ziekengeld niet betaalt, zal deze betaald worden door het Lisv/het UWV, waarna deze de uitkering en eventuele verschuldigde premies verhaalt op de eigen risicodrager.
Als de eigen risicodrager in staat van faillissement is verklaard of op houdt te bestaan, betaalt het Lisv/het UWV de arbeidsongeschiktheidsverzekering, waarna deze de uitkering en de eventuele verschuldigde premies verhaalt op de garantstaande kredietinstelling of verzekeraar.
Waardering: V 7 jaar
(1215)
Handeling: Het vergoeden aan de eigenrisicodrager van de schade die deze heeft geleden als gevolg van het door hem ingestelde bezwaar of beroep.
Handeling: Het – onder goedkeuring van de minister – stellen van nadere regels met betrekking tot de werkzaamheden die de eigenrisicodrager verricht inzake ziekengelduitkering en verzuimbegeleiding.
Handeling: Het verrekenen van een afkoopsom met ‘kleine werkgevers’ indien zij eigenrisicodrager worden.
Grondslag: Besluit premiedifferentiatie WAO (Stb. 1997, 338), gewijzigd (Stb. 1998, 420), art. 4a eerste lid, art. 4b eerste lid (b.w. Stb. 2002, 585);
Handeling: Het verlenen van ontheffing van de verplichtingen ingevolge sociale verzekeringswetten wegens gemoedsbezwaren.
Grondslag: Besluit van 20 augustus 1928 (Stb. 1928, 339) art. 2 en 3 (b.w. Stb. 1953, 578); Besluit van 27 mei 1924 (Stb. 1924, 267) art. 2 en 3; Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 18 tweede lid en 21; Besluit van 21 februari 1930 (Stb. 1930, 46) art. 1–5; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 19, 21 en 22 (b.w. Stb. 1952, 342); Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 17; Voorschriften in zake vrijstelling wegens gemoedsbezwaren (Stb. 1953, 156) art. 3–5; Algemene Ouderdomswet (Stb. 1956, 281) art. 36; Algemene Weduwen- en Wezenwet (Stb. 1959, 139) art. 48; Algemene Kinderbijslagwet (Stb. 1962, 160) art. 30; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1962, 257) art. 35; Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Stb. 1967, 655) art. 32; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 75, gewijzigd (Stb. 1989, 127) art. 72; Besluit van 20 december 1956 (Stb. 1956, 626) art. 5, 6, 9 en 16; gewijzigd (Stb. 1971, 399) art. 4, 5, 9 en 16; Besluit van 17 juni 1980 (Stb. 1980, 358) art. 4–6, 10 en 17; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 19; Regeling gemoedsbezwaarden sociale verzekeringswetten (Stcrt. 1989, 252) art. 4–6, 9 en 16
Periode: 2002–
Product: beschikking
Waardering: V 10 jaar
(554)
Handeling: Het verstrekken van informatie aan inspecteur der belastingen over niet-inbare premies voor de werknemersverzekering vanwege verleende ontheffingen wegens gemoedsbezwaren.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 14 tweede lid vernummerd bij (Stb. 1953, 325) art. 12 tweede lid; Coördinatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1953, 577) art. 17 tweede lid
Periode: 2002–
Product: informatieverstrekking
Waardering: V 5 jaar
(559)
Handeling: Het periodiek opstellen van ramingen of begrotingen van de kosten voor sociale verzekeringswetten die geheel of gedeeltelijk door het Rijk gefinancierd worden in verband met de bevoorschotting.
Grondslag: o.a.: Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 26 derde lid; Regeling van de Minister van Sociale Zaken van 12 december 1947, nr. 5661 (Stcrt. 1947, 245) art. 2; Regels inzake de afdracht van gelden (Stcrt. 1987, 63) art. 2, 3 en 7; Financieringsbesluit kinderbijslag (Stcrt. 1988, 254) art. 3; Financieringsregeling Algemene Kinderbijslagwet 1995 (Stcrt. 1995, 216) art. 2; Financieringsregeling Toeslagenwet 1995 (Stcrt. 1995, 216) art. 2 en 5; Financieringsregeling Algemene Kinderbijslagwet en Toeslagenwet (Stcrt. 1997, 41) art. 2, 8 en 12; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 49 achtste lid
Periode: 2002–
Product: ramingen, begroting, kwartaalverslag
Opmerking: Vanaf de invoering van de SUWI-wetgeving wordt door de organisatie driemaandelijks een kwartaalverslag opgesteld. Daarin worden de begroting en de uitgaven van de afgelopen periode geëvalueerd en legt de organisatie daarover verantwoording af.
Waardering: B 3
(567)
Handeling: Het vaststellen van regels inzake de verrekening van premies en uitkeringen en inzake de begroting, de verdeling en de verrekening van de uitvoeringskosten van de sociale verzekeringen door de uitvoeringsorganen.
Grondslag: Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 51 derde lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 97; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 79, zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 76h; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 27 derde lid; Ziektewet (Stb. 1987, 88), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 39a zesde lid; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129) art. 37; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 81 tweede lid en 85 vijfde lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 43 vierde lid onder d (b.w. Stb. 2001, 625); Invoeringswet Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 96), art. 70 vierde lid;
Periode: 2002–
Product: regeling
Waardering: B 5
(581)
Handeling: Het verrekenen van de premies, uitkeringen en administratiekosten.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) zoals gewijzigd (Stb. 1987, 629) art. 97 vijfde en zevende lid; Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 76; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 73 vierde lid; Besluit vrijwillige premiebetaling Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1976, 622) art. 6; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 27 tweede lid (b.w.Stb. 1997, 96); Besluit verrekeningen tussen de door het Lisv beheerde fondsen en de UVI’s en afdrachten UVI’s aan de Zfr en SER (Stcrt. 1997, 119)
Periode: 2002–
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(582)
Handeling: Het vergoeden van de kosten ingevolge de Tijdelijke wet beperking inkomensgevolgen arbeidsongeschiktheidscriteria uit het Toeslagenfonds aan de bedrijfsverenigingen.
Handeling: Het afdragen van niet-betaalde arbeidsongeschiktheids- en vakantie-uitkeringen van personen die een plaats hebben gekregen in de sociale werkvoorziening aan het Rijk.
Grondslag: Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 412) art. 44 vierde lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) zoals gewijzigd (Stb. 1993, 412) art. 33 vierde lid
Periode: 2002–
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1223)
Handeling: Het instellen van een wachtgeldfonds.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 793; 2001, 625) art. 102 eerste en tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Instellingsbesluit
Waardering: B 4
(603)
Handeling: Het vaststellen van regels ten aanzien van het beheer en de belegging van gelden uit de sociale verzekeringsfondsen.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1959, 66) art. 63 tweede en vijfde lid en 63a (b.w. Stb. 1994, 916); Wet overgangsregeling Ziektewet (Stb. 1967, 103) art. 21 eerste lid; Besluit beleggingsvoorschriften sociale verzekeringsfondsen (Stcrt. 1982, 150) art. 1, 3, 4 en 5; Besluit tijdelijke regeling vaststelling premie wachtgeldfondsen (Stb. 1986, 653) art. 2 derde lid; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 31; Besluit beleggingsvoorschriften sociale verzekeringsfondsen (Stcrt. 1989, 204) art. 1, 3, 4 en 5; Besluit premievaststelling en reservevorming wachtgeldfondsen (Stb.1990, 447) art. 2 derde lid en art. 8 eerste en tweede lid; Besluit beleggingsvoorschriften sociale verzekeringsfondsen (Stcrt. 1991, 196) art. 1, 3, 4 en 5; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 69 vierde, achtste en twaalfde lid (b.w. Stb. 1997, 96); Regeling beleggingsvoorschriften sociale verzekeringsfondsen (Stcrt. 1995, 49) art. 3, 4, 5; Regeling beleggingsvoorschriften sociale verzekeringsfondsen 1996 (Stcrt. 1996, 19) art. 6; Besluit Bijzondere Beleggingsvoorschriften in verband met de ontvlechting bedrijfsverenigingen–uitvoeringsinstellingen per 1 januari 1996 (Stcrt. 1995, 248; vervangen Stcrt. 1997, 125); Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 1998, 742), art. 102 derde lid; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 67 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 175), art. 72, 73; Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1998, 262), art. 31 vijfde lid en gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 34; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 67 tweede lid; Wet arbeidsongeschiktheids-voorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 63;
Periode: 2002–
Product: regeling
Opmerking: Tot het beheer van de sociale verzekeringsfondsen wordt ook het beheer van reserves, wachtgeldfondsen en afdelingskassen door bedrijfsverenigingen gerekend.
Dit betreft o.a.:
– het Arbeidsongeschiktheidsfonds
– de Arbeidsongeschiktheidskas
– het Toeslagenfonds
– het Algemeen Arbeidsongeschiktheidsfonds
– het Arbeidsongeschiktheidsfonds jonggehandicapten
– het Reïntegratiefonds
– het Spaarfonds AOW
Waardering: B 1
(1225)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de verrekening tussen het Algemeen Werkloosheidsfonds en de wachtgeldfondsen.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 76), art. 97 derde lid;
Periode: 2002–
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1226)
Handeling: Het jaarlijks per wachtgeldfonds vaststellen van het maximum dat in een boekjaar ten laste van een wachtgeldfonds komt.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 793), art. 94 eerste lid, art. 116 derde lid;
Periode: 2002–
Product: Besluit,
Opmerking: De minister dient het maximum goed te keuren. Indien de minister niet akkoord gaat, stelt hij het maximum zelf vast.
Waardering: V 7 jaar
(1231)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de uitgaven welke ten laste komen aan een fonds.
Grondslag: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Stb. 1997, 177), art. 65 derde lid, vernummerd (Stb. 1997, 794), tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Regeling
Waardering: B 5
(1233)
Handeling: Het stellen van nadere regels in verband met de besteding van de rijksbijdrage in het Reïntegratiefonds.
Grondslag: Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten (Stb. 1998, 290), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 42 tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Ministeriële regeling
Waardering: B 5
(1235)
Handeling: Het beschikbaar stellen van gelden uit een fonds aan de uitvoeringsinstellingen ter financiering van de toeslagen en kosten die verbonden zijn aan de uitvoering van sociale verzekeringswetten.
Grondslag: Toeslagenwet (Stb. 1986, 562), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 27 tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Financiële bescheiden
Opmerking: Dit kan o.a. ten laste van het Toeslagenfonds.
Waardering: V 7 jaar
(1236)
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot het betalen van kosten en toeslagen aan de uitvoeringsinstellingen ten laste van een fonds.
Grondslag: Toeslagenwet (Stb. 1986, 562), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 96), art. 27 derde lid;
Periode: 2002–
Product: Regeling
Opmerking: Dit kan o.a. ten laste van het Toeslagenfonds.
Waardering: V 7 jaar
(1237)
Handeling: Het voeren van overleg met de minister over de toerekening van de uitvoeringskosten die ten laste komen aan diverse fondsen.
Product: Verslag, nota, notulen
Periode: 2002–
Grondslag: Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2) art. 5.1 vierde lid
Opmerking: Sinds de invoering van de Wet SUWI stelt de Raad van Bestuur de begroting vast, waarna de Minister van SZW deze moet goedkeuren.
Waardering: V 7 jaar
(611)
Handeling: Het met betrekking tot de fondsen jaarlijks indienen van:
– een rapportage van de ontwikkelingen;
– een begroting van de te verwachten uitgaven.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 642), art. 52 eerste lid;
Periode: 2002–
Product: rapportage, begroting
Opmerking: De rapportage en begroting dienen tevens als verantwoording van het door het UWV vastgestelde premiepercentage voor de verschillende sociale verzekeringen.
Waardering: B 1 & 3
(1245)
Handeling: Het houden van een rekening-courant bij het Ministerie van Financiën.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 67 vierde lid, 68 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a;
Periode: 2002–
Product: Financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1249)
Handeling: Het gebruik maken van de kredietfaciliteiten bij het Ministerie van Financiën.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 68 vierde lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 vijfde lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a vijfde lid;
Periode: 2002–
Product: Lening, krediet, financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(1251)
Handeling: Het informeren van de Minister van Financiën ten aanzien van hun rekening-courant.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1997, 95), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 71a tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet financiering volksverzekeringen (Stb. 1989, 129), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 41 zevende lid; Ziekenfondswet (Stb. 1992, 391), zoals gewijzigd (Stb. 1997, 706), art. 72a zevende lid;
Periode: 2002–
Product: Informatie
Waardering: V 3 jaar
Organisatie van de uitvoering
(625)
Handeling: Het (adviseren van de minister met betrekking tot het) indelen van sectoren in sectoronderdelen.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 97k eerste en derde lid, 97m eerste, derde en vierde lid;
Periode: 2002–
Product: Regeling, advies
Waardering: B 1
(626)
Handeling: Het stellen van (beleids)regels inzake de aansluiting van werkgevers bij een bedrijfsvereniging/sector en de overgang van vermogen bij overgang van één of meer werkgevers naar een andere bedrijfsvereniging/sector/wachtgeldfonds.
Grondslag: Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 105 derde lid (b.w. Stb. 1952, 343); Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 19 zevende lid (b.w. Stb. 1953, 117), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 97n eerste en tweede lid; Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 7 derde lid en 9; Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 65 eerste lid en 66 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 53 eerste lid en 54 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Algemene wet bestuursrecht (Stb. 1992, 315) zoals gewijzigd (Stb. 1996, 333) art. 4:81
Periode: 2002–
Product: algemene maatregel van bestuur, regeling, beleidsregels
Waardering: B 1
(1254)
Handeling: Het stellen van een termijn waarbinnen een werkgever schriftelijk mededeling moet doen dat hij bij een sector is aangesloten of ophoudt bij een sector aangesloten te zijn.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 97m eerste lid; Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95), gewijzigd (Stb. 2000, 627), art. 53 eerste lid (b.w. Stb. 2001, 625)
Periode: 2002–
Product: Regeling
Waardering: V 5 jaar
(1255)
Handeling: Het, indien werkgever(s) van een sector overgaan naar een andere sector, besluiten dat een deel van het vermogen van mede overgaat van het ene naar het andere wachtgeldfonds
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 97n eerste lid
Periode: 2002–
Product: Besluit
Waardering: V 7 jaar
(1256)
Handeling: Het stellen van regels die afwijken van de wettelijke regels met betrekking tot de aansluiting van een of meer categorieën van werkgevers bij een sector.
Actor: het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen
Handeling: Het behandelen van de schriftelijke melding van een werkgever dat hij bij een sector is aangesloten of ophoudt bij een sector aangesloten te zijn
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 10 eerste lid, 11 eerste lid;
Opmerking: De cliëntenparticipatie vindt zowel op centraal als op decentraal niveau plaatsvinden.
Waardering: B 5
(1272)
Handeling: Het voeren van overleg met betrokkenen in het kader van cliëntenparticipatie.
Product: Agenda’s, verslagen, notulen
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 10 tweede lid
Opmerking: Het overleg in het kader van de cliëntenparticipatie kan zowel op centraal als op decentraal niveau plaatsvinden.
Waardering: B 5
(1276)
Handeling: Het gezamenlijk voeren van overleg over cliëntenparticipatie.
Product: Notulen, verslagen, afspraken
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 12 derde lid onder a
Opmerking: Overleggen over cliëntenparticipatie vinden plaats intern binnen de SVB/UWV en periodiek met de Landelijke cliëntenraad. De Landelijke cliëntenraad heeft bovendien eenmaal per jaar een overleg met de Raad van bestuur van de SVB/UWV.
Waardering: B 5
(692)
Handeling: Het vaststellen van een mandaatregeling voor de uitvoering van de werknemersverzekering.
Handeling: Het – op verzoek van een overheidswerkgever – overdragen van de eigen taak aan die betreffende overheidswerkgever.
Grondslag: Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566), gewijzigd (Stb. 2001, 625), art. 72a eerste en tweede lid;
Periode: 2002–
Product: Overdrachtsbesluit
Opmerking: De taak van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen is het bevorderen in de arbeid van werknemers die een uitkering hebben.
Waardering: B 4
(1302)
Handeling: Het bepalen van de vergoeding voor de uitgaven die door de overheidswerkgever gemaakt zijn in verband met de overdracht van de aan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen opgedragen taak.
Opmerking: De taak van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen is het bevorderen in de arbeid van werknemers die een uitkering hebben.
Waardering: V 7 jaar
(1308)
Handeling: Het instellen van een commissie.
Product: Instellingsbesluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 7 eerste en tweede lid
Waardering: B 4
(1309)
Handeling: Het aanwijzen van een klantmanager als vast aanspreekpunt voor de werkzoekende en uitkeringsgerechtigde.
Product: Aanwijzingsbesluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 9
Waardering: V 5 jaar
(1310)
Handeling: Het opstellen van een besluit ter uitvoering van taken anders dan in de Wet
SUWI genoemd.
Product: Besluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art.13 eerste lid
Waardering: B 5
(1311)
Handeling: Het zorgdragen voor de inrichting en instandhouding van vestigingen voor de uitvoering van de taken.
Product: Besluit, regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 30 tweede lid
Opmerking: Het besluit of de regeling wordt in de Staatscourant gepubliceerd.
Waardering: V 10 jaar
(1312)
Handeling: Het bepalen dat een of meer wettelijke taken worden uitgevoerd in één of een beperkt aantal vestigingen.
Product: Mandaat
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 30 derde en vierde lid
Opmerking: Het mandaat wordt in de Staatscourant gepubliceerd.
Waardering: B 5
(1313)
Handeling: Het periodiek overleggen met de Centrale organisatie voor werk en inkomen over en aanpassen van de landelijk uniforme methode van de administratieve indeling van werkzoekenden.
Product: Verslag, nota, notulen
Periode: 2002–
Grondslag: Regeling SUWI (Stcrt. 2002, 2) art. 2.1 vijfde lid
Waardering: V 5 jaar
(1314)
Handeling: Het verstrekken van informatie over de uitvoering van de sociale verzekeringswetten en de sociale verzekeringsaspecten van arbeidsongeschiktheid en reïntegratie.
Product: Informatie
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 30 eerste lid onder d en l;
Waardering: V 3 jaar
(1315)
Handeling: Het verstrekken van inlichtingen aan de minister die nodig zijn voor de beoordeling van de uitvoerbaarheid van beleidsvoornemens en wettelijke voorschriften.
Product: Inlichtingen
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 30 eerste lid onder k;
Waardering: V 3 jaar
(1316)
Handeling: Het verstrekken van gegevens aan verzekerden en uitkeringsgerechtigden.
Product: Brieven, overzichten van cliëntengegevens, meldingen, statusoverzichten
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 33 vierde en vijfde lid
Waardering: V 5 jaar
(1446)
Handeling: Het sluiten van overeenkomsten tot inkoop van diensten, tot dienstverlening of overige goederen ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering.
Periode: 2002–
Product: Overeenkomst
Waardering: V 5 jaar na vervallen van het belang
(1447)
Handeling: Het uitvoeren van een aanbestedingsprocedure met betrekking tot het diensten, leveringen en werken ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering.
Product: regeling, zoals het privacy-reglement, openbaarheidsreglement, archiefbeheersregels
Waardering: V 5 jaar na vervallen
(767)
Handeling: Het verstrekken van informatie over verzekerden aan andere bestuursorganen en (uitvoerings)instellingen.
Grondslag: o.a.: Ziektewet (Stb. 1929, 374) zoals gewijzigd (Stb. 1935, 32) art. 121 en zoals gewijzigd (Stb. 1992, 82) art. 62; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 53 tweede en derde lid; Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 42, 61; gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 50i, 50j, 50k en 50m (b.w. Stb. 1997, 96); Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) zoals gewijzigd (Stb. 1988, 655) art. 26 (b.w. Stb. 1994, 917); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 101 en 102 (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 101 en 102 (b.w. Stb. 2001, 625); Wet van 21 december 1995 (Stb. 1995, 691) art. XXXVI vijfde lid (b.w. Stb. 2001, 690); Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 62 en 73;Besluit gegevensverstrekking sociale verzekeringen (Stb. 1995, 278) art. 2–11; Besluit gegevensverstrekking sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 99) art. 2–11; Besluit SUWI (Stb. 2001, 688), hoofdstuk 5
Periode: 2002–
Product: inlichtingen, gegevensverstrekking
Opmerking: Onder de instellingen worden o.a. de uvi’s verstaan, maar ook pensioenfondsen, stichtingen tot uitvoering van een regeling inzake vervroegd uittreden (vut) of andere collectieve voorzieningen voor werknemers, na machtiging door de verzekerde, uitkeringsgerechtigde of werkgever.
Waardering: V 5 jaar
(771)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van voorlichtingscampagnes.
Opmerking: Het betreft hier bijvoorbeeld campagnes om de aandacht te vestigen op de inwerkingtreding van een nieuwe wettelijke regeling, op de mogelijkheden tot vrijwillige verzekering of op aspecten van het beleid.
Waardering: V 3 jaar
(772)
Handeling: Het uitvoeren van voorlichtingsactiviteiten op het terrein van de sociale verzekeringen.
Handeling: Het stellen van nadere regels omtrent de inhoud van de gegevens of inlichtingen die op grond van de Wet SUWI aan het UWV worden verstrekt alsmede omtrent de vorm waarin en de wijze waarop die gegevens worden verstrekt.
Product: Regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 77 tweede lid
Waardering: B 5
(1352)
Handeling: Het in rekening brengen van de kosten voor de verstrekking van gegevens aan een derde en/of opdrachtgever.
Handeling: Het inrichten en in stand houden van een elektronische infrastructuur waarvan de CWI, het UWV en B&W van de gemeenten, in het kader van de Wet SUWI, gebruik dienen te maken.
Product: Elektronische infrastructuur
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 62 tweede en derde lid
Waardering: V 1 jaar na wijzing
(1361)
Handeling: Het vaststellen van een (jaar)verslag over de aard en frequentie van de uitwisseling van gegevens met behulp van Suwinet.
Product: (jaar)verslag
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 68 eerste lid
Waardering: B 3
(1366)
Handeling: Het verzoeken om of het ontvangen van gegevens en inlichtingen in het kader van de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Product: Correspondentie, elektronische berichten
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 54 eerste t/m zesde lid, 62 eerste lid
Waardering: V 3 jaar
(776)
Handeling: Het voeren van het financieel beheer.
Periode: 2002–
Product: financiële bescheiden
Waardering: V 7 jaar
(779)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van het huisvestingsbeleid.
Periode: 2002–
Product: beleidsplan, beleidsnota
Waardering: B 4
(780)
Handeling: Het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen.
Periode: 2002–
Product: overeenkomsten
Waardering: V 20 jaar na vervallen van het belang
(781)
Handeling: Het uitvoeren van het huisvestingsbeleid.
Bron: jaarverslagen
Periode: 2002–
Opmerking: Onder deze handeling wordt verstaan:
– het huren of verhuren van gebouwen en ruimten
– het verzorgen en begeleiden van bouwkundige activiteiten en onderhoudswerkzaamheden
– het verstrekken, in stand houden en inrichten van technische bedrijfsbenodigdheden, installaties, ruimtes en netwerken
– het nemen van maatregelen op het gebied van beveiliging van mensen, gebouwen, bedrijfsruimten, middelen en goederen
Waardering: V 10 jaar, bouw- en technische tekeningen blijven bewaard zolang een gebouw, installatie, ruimte, netwerk e.d. in gebruik is.
(796)
Handeling: Het voorbereiden en vaststellen van het arbeidsvoorwaarden- en personeelsbeleid.
Periode: 2002–
Product: regeling
Waardering: B 4
(797)
Handeling: Het uitvoeren van het arbeidsvoorwaarden- en personeelsbeleid.
Periode: 2002–
Product: beschikking
Opmerking: Onder deze handeling vallen zowel rechtshandelingen zoals het aanstellen, bevorderen en ontslaan van personeel, het toekennen van vergoedingen voor reis- en verblijfkosten en studiekosten etc. als feitelijke handelingen als het betalen van salaris.
Waardering: V stukken betreffende de rechtspositie: 75 jaar na geboortedatum
V overige stukken: 5 jaar
V tijdelijke contractanten: 3 jaar
(1370)
Handeling: Het stellen van regels omtrent de verrekening tussen enerzijds het Algemeen Werkloosheidsfonds en de wachtgeldfondsen en anderzijds het UWV van ontvangen premies en verstrekte uitkeringen.
Handeling: Het stellen van regels met betrekking tot de terugvordering en de tenuitvoerlegging van besluiten tot terugvordering van een uitkering die onverschuldigd is betaald.
Handeling: Het opstellen, vaststellen en uitbrengen van een jaarverslag en jaarrekening, of meerjarenbeleidsplan aan de minister en/of het toezichthoudende orgaan.
Grondslag: o.a. Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 9, 10 en 46; gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 78 eerste lid (b.w. Stb. 1994. 917); Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 12 tweede lid, 22d eerste lid en 46 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 87 (b.w Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 82 (b.w. Stb. 2001, 625); Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 122 (b.w. Stb. 1952, 343); Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 34 tweede lid en 107 eerste lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 63; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 22 tweede lid (b.w. Stb. 1953, 117) en art. 28 tweede lid, vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 19 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 108 (b.w. Stb. 1994, 916); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 75 tweede lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 71; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 36 tweede lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 38 tweede lid, art. 46 eerste en tweede lid, art. 49 eerste t/m zevende lid;
Periode: 2002–
Product: jaarverslag, jaarrekening
Opmerking: Hieronder worden ook verstaan de jaarverslagen van commissies en kamers.
Waardering: B 3
(843)
Handeling: Het geven van opdracht tot een accountantsonderzoek van de jaarrekeningen.
Handeling: Het beslissen op bezwaarschriften van subsidiedontvangers indien geen subsidie wordt verstrekt voor activiteiten die zijn gericht op de bevordering van inschakeling van uitkeringsgerechtigden en werkzoekenden in het arbeidsproces.
Product: Beslissing
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 20 derde lid
Waardering: B 3
(1161)
Handeling: Het – per kwartaal – rapporteren aan de minister over de uitvoering van de gemandateerde bevoegdheden
Product: Rapportage
Periode: 2002–
Grondslag: Mandaatbesluit Raad voor Werk en Inkomen (Stcrt. 2002, 2) art. 5
Waardering: B 3
(1184)
Handeling: Het instellen van beroep bij de Centrale Raad van beroep tegen een besluit genomen door de minister met betrekking tot de vaststelling van het budget uitvoeringskosten en de budgetdiscipline.
Product: Beroepsschrift
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 83
Waardering: B 5
(1275)
Vervallen
(1278)
Handeling: Het opstellen van een regeling met betrekking tot het overleg met betrokken cliënten bij de taakuitvoering.
Product: Regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 17 derde en vierde lid
Waardering: B 5
(1279)
Handeling: Het voeren van overleg met betrokken cliënten bij de taakuitvoering.
Product: Regeling
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 17 derde en vierde lid
Waardering: V 5 jaar
(1332)
Handeling: Het voeren van overleg over de voorstellen van de RWI.
Product: Vergaderstukken
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 17 eerste lid
Opmerking: De RWI De RWI heeft tot taak overleg te voeren met de Minister van SZW over voorstellen van de Raad betreffende:
– beleid met betrekking tot werk en inkomen;
– arbeidsmarktbeleid;
– omvang en verdeling van gelden;
– besteding van ESF-gelden;
– bevordering van de kwaliteit en transparantie van de reïntegratiemarkt;
– beleid met betrekking tot de premiepercentages voor een wachtgeldfonds;
– indeling van het bedrijfs- en beroepsleven in sectoren;
– beleidsvoornemens die aanmerkelijke administratieve consequenties kunnen hebben voor werkgevers.
Waardering: B 5
(1333)
Handeling: Het opstellen van een beleidskader voor de minister.
Product: Beleidskader
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 17 tweede lid
Waardering: B 5
(1335)
Handeling: Het instellen van een commissie.
Product: Instellingbesluit
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 18 eerste en tweede lid
Waardering: B 4
(1444)
Handeling: Het ontwikkelen van (de criteria voor) een subsidieregeling, die zich richt op de ondersteuning van sectorale, regionale en bedrijfsinitiatieven op het gebied van reïntegratie van uitkeringsgerechtigden en werkzoekenden.
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 20 eerste lid
Periode: 2002–
Product: Stimuleringsregeling Vacaturevervulling door Werklozen en met werkloosheid bedreigde Werknemers (Stcrt. 2002, 2)
Opmerking: Deze handeling wordt met mandaat van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid uitgevoerd.
Waardering: B 3
(1366)
Handeling: Het verzoeken om of het ontvangen van gegevens en inlichtingen in het kader van de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Product: Correspondentie, elektronische berichten
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 54 eerste t/m zesde lid, 62 eerste lid
Waardering: V 3 jaar
(842)
Handeling: Het opstellen, vaststellen en uitbrengen van een jaarverslag en jaarrekening, of meerjarenbeleidsplan aan de minister en/of het toezichthoudende orgaan.
Grondslag: o.a. Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 9, 10 en 46; gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 78 eerste lid (b.w. Stb. 1994. 917); Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 12 tweede lid, 22d eerste lid en 46 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 87 (b.w Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 82 (b.w. Stb. 2001, 625); Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 122 (b.w. Stb. 1952, 343); Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 34 tweede lid en 107 eerste lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 63; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 22 tweede lid (b.w. Stb. 1953, 117) en art. 28 tweede lid, vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 19 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 108 (b.w. Stb. 1994, 916); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 75 tweede lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 71; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 36 tweede lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 38 tweede lid, art. 46 eerste en tweede lid, art. 49 eerste t/m zevende lid;
Periode: 2002–
Product: jaarverslag, jaarrekening
Opmerking: Hieronder worden ook verstaan de jaarverslagen van commissies en kamers.
Waardering: B 3
(843)
Handeling: Het geven van opdracht tot een accountantsonderzoek van de jaarrekeningen.
Opmerking: Het toetsen op toezichtbaarheid (de zogeheten T-toets) wil zeggen dat de wet- of regelgeving zodanig is dat de toezichthouder naar behoren zijn wettelijke taak kan uitoefenen. Onder de nOsv was geen enkele adviserende taak aan het Ctsv opgedragen. De T-toets in de Osv 1997 geschiedt alleen op verzoek van de minister.
Waardering: B 1
(1270)
Handeling: Het opstellen van een verslag over de naleving en effectiviteit van de door de Centrale organisatie voor werk en inkomen en het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen vastgestelde non-discriminatiecodes.
Product: Verslag
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 38 derde lid
Waardering: B 3
(1337)
Vervallen
(660)
Handeling: Het (gezamenlijk) vaststellen van meerjarige toezichtsplannen en jaar- en meerjarenplan van werkzaamheden.
Grondslag: Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 11 tweede lid (b.w. Stb. 2001, 625); Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 38 eerste lid
Periode: 2002–
Product: jaarplan, meerjarenplan
Opmerking: Over de plannen wordt overleg gevoerd met de Minister van Sociale Zaken. De plannen betreffen het onderzoekprogramma voor zowel het doelmatigheidsonderzoek (welke aspecten van de doelmatigheid onderzocht zullen worden) als het doeltreffendheidsonderzoek.
Waardering: B 1
(811)
Handeling: Het verrichten van onderzoek naar en het houden van toezicht op de rechtmatigheid, doelmatigheid en doeltreffendheid van de uitvoering van de sociale verzekeringen door de uitvoeringsorganen en hun samenwerking.
Handeling: Het opstellen, vaststellen en uitbrengen van een jaarverslag en jaarrekening, of meerjarenbeleidsplan aan de minister en/of het toezichthoudende orgaan.
Grondslag: o.a. Wet op de Sociale Verzekeringsbank en de Raden van Arbeid (Stb. 1933, 598) art. 9, 10 en 46; gewijzigd (Stb. 1956, 297) art. 78 eerste lid (b.w. Stb. 1994. 917); Organisatiewet Sociale Verzekering (Stb. 1952, 344) art. 12 tweede lid, 22d eerste lid en 46 tweede lid (b.w. Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen (Stb. 1994, 790) art. 87 (b.w Stb. 1997, 96); Organisatiewet sociale verzekeringen 1997 (Stb. 1997, 95) art. 82 (b.w. Stb. 2001, 625); Ziektewet (Stb. 1935, 32) art. 122 (b.w. Stb. 1952, 343); Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 (Stb. 1922, 365) art. 34 tweede lid en 107 eerste lid; Kinderbijslagwet voor loontrekkenden (Stb. 1939, 806) art. 63; Werkloosheidswet (Stb. 1949, J 423) art. 22 tweede lid (b.w. Stb. 1953, 117) en art. 28 tweede lid, vernummerd (Stb. 1953, 325) art. 19 tweede lid; Werkloosheidswet (Stb. 1986, 566) art. 108 (b.w. Stb. 1994, 916); Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (Stb. 1966, 84) art. 75 tweede lid; Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (Stb. 1975, 674) art. 71; Toeslagenwet (Stb. 1986, 562) art. 36 tweede lid; Wet SUWI (Stb. 2001, 624), art. 38 tweede lid, art. 46 eerste en tweede lid, art. 49 eerste t/m zevende lid;
Periode: 2002–
Product: jaarverslag, jaarrekening
Opmerking: Hieronder worden ook verstaan de jaarverslagen van commissies en kamers.
Waardering: B 3
(1338)
Vervallen
(1339)
Handeling: Het voeren van overleg met de minister over het verrichten van werkzaamheden die niet in het jaarplan worden genoemd.
Product: Nota’s, notulen
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 39 eerste en tweede lid
Waardering: B 5
(1340)
Handeling: Het zorgdragen voor de verspreiding van het jaarplan, jaarverslag en rapportages aan derden alsmede het verzorgen van voorlichting over de daarin opgenomen bevindingen.
Product: Voorlichtingsmateriaal
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 40 eerste lid
Waardering: V 2 jaar
(1341)
Handeling: Het controleren van de gegevens die door de (uitvoerings-)organisaties zijn verstrekt.
Product: Rapportages, onderzoekgegevens
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 42
Opmerking: Deze handeling geldt in de situatie wanneer de IWI buiten de reguliere informatiestromen extra informatie van een uitvoeringsinstantie wil. Dit betreft mede het (nader) onderzoeken van informatie die door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan de IWI is verstrekt over reïntegratiebedrijven.
Waardering: V 7 jaar
(1448)
Handeling: Het vaststellen van het algemeen beleid van de IWI.
Periode: 2002–
Product: Notulen (en vergaderstukken)
Waardering: B 1
(1366)
Handeling: Het verzoeken om of het ontvangen van gegevens en inlichtingen in het kader van de uitvoering van de sociale verzekeringswetten.
Product: Correspondentie, elektronische berichten
Periode: 2002–
Grondslag: Wet SUWI (Stb. 2001, 624) art. 54 eerste t/m zesde lid, 62 eerste lid