Artikel
1
Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
-
a.
minister: de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en, voor zover het betreft het voorbereidend beroepsonderwijs op het gebied van landbouw en natuurlijke omgeving de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
-
b.
vbo: voorbereidend beroepsonderwijs als bedoeld in artikel 10a van de wet;
-
c.
school voor praktijkonderwijs: school of afdeling voor praktijkonderwijs als bedoeld in artikel 10f van de Wet op het voortgezet onderwijs;
-
d.
AOC: agrarisch opleidingscentrum als bedoeld in 1.3.3. van de Wet educatie en beroepsonderwijs;
-
e.
Vbo-groen in een AOC: voorbereidend beroepsonderwijs in de sector landbouw, verzorgd in een AOC;
-
f.
praktijkgerichte leeromgeving:
praktijklokalen en bijbehorende inventaris, inclusief de eventueel daarin opgenomen magazijnen, ruimten voor theorie en docentenwerkplekken;
-
g.
project: een activiteit in de vorm van:
-
–
een aanpassing: ingrepen in een bestaand gebouw ten behoeve van een praktijkgerichte leeromgeving,
-
–
vervangende nieuwbouw: realiseren van een nieuw gebouw, tenminste bestaande uit een praktijkgerichte leeromgeving, of het uitbreiden van een bestaand gebouw, tenminste bestaande uit een praktijkgerichte leeromgeving, onder het afstoten van ten minste evenveel vierkante meters aan praktijklokalen, of
-
–
nieuwe inrichting voor de praktijkgerichte leeromgeving, bestaande uit het vernieuwen van inventaris, inclusief apparatuur, vloerafwerking, stoffering, in samenhang met aanpassing of vervangende nieuwbouw;
-
–
-
h.
meetellende leerling: de per 1 oktober 2004 ingeschreven leerling die voor het bepalen van de hoogte van de standaardbijdrage als volgt meetelt:
-
–
voor praktijkonderwijs en vbo-groen de leerlingen van alle leerjaren;
-
–
voor de basis- (BBL), kader- (KBL) en gemengde leerweg (GL) de leerlingen in leerjaar 3 en 4 per vestiging en per sector;
-
–
leerlingen in de leerjaren 1 en 2 tellen mee naar rato van het aandeel BBL plus KBL plus GL in leerjaar 3 en 4 op schoolniveau
-
–
Voor alle meetellende leerling geldt dat wordt uitgegaan van de door de accountant gevalideerde leerlinggegevens als bedoeld in artikel 14a lid 2 sub c van het Bekostigingsbesluit W.V.O. en dat het gaat om leerlingen in die vestigingen en die sectoren waarvoor de praktijklokalen worden aangepast.
-
–
-
i.
bevoegd gezag: het bevoegd gezag van een school voor vbo, het bevoegd gezag van een school voor praktijkonderwijs of van een school met een afdeling voor praktijkonderwijs, het bevoegd gezag van een scholengemeenschap waarin het vbo of praktijkonderwijs is opgenomen, het bevoegd gezag van een AOC, of het bevoegd gezag van een school waar onderwijs wordt gegeven in de gemengde leerweg, bedoeld in artikel 10d van de Wet op het voortgezet onderwijs.