Subsidieregeling leerlinggebonden financiering MBO

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
Mede namens de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

Besluit:

Paragraaf

1

Algemene bepalingen

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Artikel

2

Doelomschrijving

Het doel van deze regeling is het invoeren van een leerlinggebonden budget voor deelnemers aan een beroepsopleiding die de leeftijd van 30 jaar nog niet hebben bereikt, voor zover de commissie voor de indicatiestelling heeft besloten dat deze deelnemers in aanmerking komen voor een leerlinggebonden budget.

Paragraaf

2

Aanvraag subsidie

Artikel

3

Subsidieaanvrager

Subsidie wordt verleend aan instellingen ten behoeve van een samenwerkingsverband van die instelling en een regionaal expertisecentrum of een school voor vso.

Artikel

4

Subsidieaanvraag

Paragraaf

3

Overige subsidieverplichtingen

Artikel

5

Handelingsplan

Artikel

6

Samenwerkingsovereenkomst

Artikel

7

Inlichtingen

De instelling werkt mee aan door of namens de minister ingestelde onderzoeken die erop gericht zijn de minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling, monitoring en evaluatie van het beleid in verband met deze regeling.

Paragraaf

4

Besluit, bedrag, uitkering en verantwoording subsidie

Artikel

8

Besluit op de aanvraag

Artikel

9

Subsidiebedrag

Artikel

10

Uitkering subsidie

Artikel

11

Besteding, wijziging van de subsidie en verantwoording

Paragraaf

5

Wet op de Expertisecentra, Regionaal expertisecentrum, Commissie voor de indicatiestelling, ministeriële commissie voor de indicatiestelling en Landelijke commissie toezicht indicatiestelling

Artikel

12

Algemeen

De artikelen 8a, 28b, 28c met uitzondering van het derde lid, 28d en 28e van de Wet op de expertisecentra zijn van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat:

  • a.

    onder ‘leerling’ wordt verstaan ‘deelnemer’;

  • b.

    onder ‘een school als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs of de Wet op het voortgezet onderwijs’ wordt verstaan ‘een instelling als bedoeld in artikel 1, onder e, van de subsidieregeling leerlinggebonden financiering BVE’;

  • c.

    wanneer in één van de in de aanhef genoemde artikelen wordt verwezen naar taken, bevoegdheden of verplichtingen in een ander, in de aanhef genoemd artikel, daaronder mede wordt verstaan de taken, bevoegdheden of verplichtingen die zijn toegekend op grond van deze regeling, en

  • d.

    het bepaalde in de artikelen 13 tot en met 15 in acht wordt genomen.

Artikel

13

Mandaat

Paragraaf

6

Slotbepalingen

Artikel

15*

Invoeringsbepaling

In afwijking van artikel 8, eerste lid, eerste volzin, kan subsidie die is aangevraagd voor 1 maart 2006 worden verleend met ingang van 1 januari 2006.

Artikel

16

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2006.

Artikel

17

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling leerlinggebonden financiering MBO.

Deze regeling zal met de bijlagen en de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, M.Rutte

Bijlage

A

Ligt ter inzage bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

Bijlage

B

Bijlage

C

Bij de Subsidieregeling leerlinggebonden financiering MBO

Andere begrippen

Zoals is bepaald in artikel 15 van de Subsidieregeling leerlinggebonden financiering MBO zijn de criteria aan de hand waarvan de commissie voor de indicatiestelling moet beoordelen of een deelnemer in het mbo in aanmerking komt voor een leerlinggebonden budget, de criteria die zijn opgenomen in de Regeling indicatiecriteria en aanmeldingsformulier leerlinggebonden financiering.

Voor een goed begrip wordt nog opgemerkt, dat de Regeling indicatiecriteria en aanmeldingsformulier leerlinggebonden financiering begrippen hanteert die in het mbo niet gebruikt worden. Dat betekent:

  • a.

    waar in de regeling wordt gesproken van ‘een leerling is toelaatbaar tot cluster ..’ of ‘de leerling die voor cluster.. is aangemeld’ of woorden van gelijke strekking, gaat het bij de indicatiestelling in het mbo om deelnemers voor wie beoordeeld moet worden of zij recht hebben op leerlinggebonden financieringmet ambulante begeleiding vanuit het onderwijs uit een bepaald cluster.

  • b.

    als er wordt gesproken over ouders, voogden of verzorgers dan, gaat het hier om de deelnemer of diens ouders, voogden of verzorgers;

  • c.

    voor kinderpsychiatrische voorziening of Jeugdbescherming dient een psychiatrische voorziening te worden gelezen en voor jeugdzorg dient GGZ te worden gelezen.

2

Vervallen.

3

Tenslotte

Tenslotte wordt nog aandacht gevraagd voor het aanmeldingsformulier voor de indicatiestelling. De MBO sector dient hiervoor het formulier te gebruiken dat is opgenomen als bijlage B bij de subsidieregeling leerlinggebonden financiering MBO. Het formulier dat nu is bijgevoegd bij de Regeling indicatiecriteria en aanmeldingsformulier leerlinggebonden financiering geldt dus niet voor de MBO sector.