-
a.
Startpunt is de som van de totale gehonoreerde productieafspraken 2005 ten laste van de contracteerruimte 2005 en de niet benutte contracteerruimte over het jaar 2005.
-
b.
Het College schaalt de productieafspraken betrekking hebbend op in de loop van 2005 in gebruik genomen of uitgebreide capaciteit van intramurale AWBZ-voorzieningen op naar jaarbasis.
-
c.
Het College brengt in mindering de bedragen die in het jaar 2005 incidenteel aan de contracteerruimte 2005 zijn toegevoegd (€ 166,0 mln.), en bedragen die samenhangen met relevante overhevelingen van de AWBZ naar elders.
-
d.
Het College verhoogt het resultaat van c. met de bedragen die in het jaar 2005 geen onderdeel waren van de ongeoormerkte contracteerruimte maar landelijk, of op het niveau van de zorgkantoorregio waren gemaximeerd. Het gaat om AIV-verpleging (€ 28,5 mln.), het extra geld voor de justitiële jeugdinrichtingen (€ 8,8 mln.), en de methadonbehandeling (€ 10,8 mln.). Tevens voegt het College middelen toe voor de kosten van methadon waarvoor in het jaar 2005 nog subsidie beschikbaar is (€ 2,6 mln.).
-
e.
Het College indexeert de uitkomst van d. naar het definitieve prijspeil 2005.
-
f.
Het bedrag voortvloeiend uit e. wordt vermeerderd met een bedrag van € 413,0 mln. dat voor het jaar 2006 beschikbaar is voor kwaliteit en extra productie.
-
g.
Van het bedrag voortvloeiend uit f. brengt het College in mindering de geraamde exploitatiegevolgen van nieuw in gebruik genomen voorzieningen waarvoor contracteerplicht bestaat (€ 150,0 mln.).
-
h.
Van het bedrag voortvloeiend uit g. brengt het College in mindering het geld dat uit de groeiruimte is gereserveerd voor de bestemmingen genoemd in Artikel 6, onder 1 en 2 (€ 117,0 mln.), de kosten van zorginfrastructuur (€ 30 mln.), de kosten behorend bij de beleidsregel dwang en drang (€ 5 mln.), en de extra middelen voor kleinschalig wonen (€ 14 mln.).
-
i.
Het College indexeert de uitkomst na toepassing van h. naar het prijspeil 2006.