Regeling toezichtkosten Wet financiële dienstverlening

Regeling toezichtkosten Wet financiële dienstverlening

De Minister van Financiën,

Besluit:

§

1

Begripsbepalingen

§

2

Overleg

Artikel

2

§

3

Bijdragen kosten eenmalige toezichthandelingen

Artikel

3

Artikel

4

De toezichthouder kan aan de betrokken financiële dienstverlener een bedrag in rekening brengen ter vergoeding van de kosten die hij maakt bij de toepassing van artikel 71 van de wet.

Artikel

5

§

3a

Rekening en verantwoording

Artikel

5a

Artikel

5b

Artikel

5c

§

4

Bijdragen kosten doorlopende toezicht

Artikel

6

De toezichthouder brengt jaarlijks een bedrag in rekening aan een financiële dienstverlener ter vergoeding van kosten ter uitvoering van aan hem opgedragen taken of toegekende bevoegdheden, voor zover deze kosten niet reeds op grond van de artikelen 3 tot en met 5 in rekening worden gebracht.

Artikel

7

Artikel

8

De in artikel 7, tweede lid, bedoelde categorieën van financiële dienstverleners zijn:

Artikel

9

De in artikel 7, tweede lid, bedoelde subcategorieën van financiële dienstverleners zijn:

Artikel

10

§

5

Vaststelling bedragen en tarieven

Artikel

11

De minister stelt jaarlijks voor 15 januari op voorstel van de toezichthouder de hoogte van de onderscheiden eenmalig in rekening te brengen bedragen, bedoeld in artikel 3 vast.

Artikel

12

Artikel

13

De minister stelt jaarlijks voor 1 juli, op voorstel van de toezichthouder, per categorie of subcategorie een tarief vast op basis van de maatstaf, bedoeld in artikel 10. De minister kan daarbij bandbreedtes bepalen, en per bandbreedte een tarief vaststellen.

Artikel

14

Artikel

15

Artikel

16

§

6

Verstrekking gegevens en betaling

Artikel

18

Artikel

19

Artikel

20

Indien een financiële dienstverlener het vermogen heeft verkregen van een financiële dienstverlener die in het lopende jaar heeft opgehouden onder een categorie of subcategorie te vallen, wordt het bedrag ter vergoeding van de kosten, bedoeld in artikel 6, die door de toezichthouder ten aanzien van laatstbedoelde financiële dienstverlener zijn gemaakt, in rekening gebracht bij de verkrijgende financiële dienstverlener, voor zover deze kosten niet reeds bij de laatstbedoelde financiële dienstverlener in rekening zijn gebracht.

§

7

Slotbepalingen

Artikel

21

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2006.

Artikel

22

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling toezichtkosten Wet financiële dienstverlening.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Financiën, G.Zalm